Bijlage 1 Beeldvormende memo over het dilemma voor meer ruimte voor groen in de straten in relatie tot o.a. de bestaande parkeerdruk
Tekst van het document
Beelvormende memo over het dilemma voor meer ruimte voor groen in de straten in relatie tot o.a. de bestaande parkeerdruk. Gemeente Molenlanden, 16 mei 2023
1. Inleiding Aanleiding De gemeente Molenlanden is bezig met het opstellen van een omgevingsvisie 2030. In de omgevingsvisie staan onze opgaves en doelen waar we als gemeente aan (gaan) werken. Niet al onze opgaves passen in de fysieke leefomgeving. Daar waar het botst spreken we van dilemma’s. Om die dilemma’s te beslechten moeten er (politieke) keuzes gemaakt worden. Een van die dilemma’s is het inpassen van nieuwe opgaves als we onze straten opnieuw aan het inrichten zijn. Denk daarbij aan de volgende maatregelen: Het minimaliseren van de effecten van extreme regen, droogte en hitte. Dit vraagt om het toevoegen van meer groen, bomen en wateropvang. De transitie naar duurzame stroom en verwarming. Dit vraagt ruimte in de ondergrond en mogelijk ook bovengronds. Het bevorderen van de biodiversiteit. Dit vraagt om meer ruimte voor (aangesloten) groen en een gezonde bodem. Nieuwe concepten van Mobility as a Service. Deelauto’s moeten een plekje krijgen. Meer elektrische auto’s betekent ook meer laadpalen in de openbare ruimte. We zien nu al dat bewoners laden vanuit hun eigen huis. Dit is momenteel niet toegestaan in onze APV. Een gezonder leefomgeving. Dit vraagt om meer bewegen, ommetjes en buiten spelen. De strijd tegen eenzaamheid begint bij ontmoeten op straat. Dit vraagt om ontmoetingsplekken en zitmogelijkheden.
Deze nieuwe ruimteclaims botsen met de bestaande ruimteclaims waarbij voldoende parkeerplekken in de straat nog wel de grootste bestaande ruimteclaim is. Bij herstructureringsprojecten krijgt het beslechten van dit dilemma volop aandacht. Dat lukt soms wel, soms niet, soms half.
De (politieke) hoofdvraag Hoe maken we meer ruimte in onze bestaande straten om de opgaves op het gebied van vergroenen, klimaatadaptatie, duurzame mobiliteit en gezondheid te realiseren? En met welke bouwstenen vullen we die ruimte vervolgens in? Welke kaders geven we mee?
Afbakening
De gemeente Molenlanden kenmerkt zich door de vele dorpslinten waar vervolgens woonwijken aan zijn gebouwd. Bij dit onderwerp kijken we naar deze woonwijken. Hoe om te gaan met het ruimtegebrek op de originele lintwegen wordt apart behandeld (één van de zes onderwerpen waarop we in de omgevingsvisie participeren). We kijken niet naar het realiseren van nieuwe wijken. Het bepalen van duurzaamheidseisen bij deze ontwikkelingen wordt ook apart behandeld (één van de zes onderwerpen waarop we in de omgevingsvisie participeren). Het nemen van maatregelen in bestaande woonwijken gebeurt in basis pas als het riool en/of de weg wordt vervangen. Hierbij besparen we kosten en minimaliseren we de overlast voor bewoners. We spreken dan van een herstructurering.
2. Hoe kunnen we ruimte maken in onze bestaande straten? De verharding in een straat bestaat tussen de gevels van de woningen uit: voortuinen, trottoirs, parkeerplaatsen en de rijbaan. Per onderdeel is ruimte te winnen.
2.1 Smallere rijbaan De rijbaan is het gedeelte waar gereden kan worden met voertuigen. Veel van onze straten hebben een rijbaan van rond de 5,5 meter breed. Door de rijbaan te versmallen ontstaat ruimte. Bij het versmallen gelden wel regels inzake de hulpdiensten. Omdat brandweervoertuigen het grootst en het zwaarste zijn, worden deze als uitgangspunt gehanteerd. Voor de wijken waar het hier om gaat is van belang dat de minimale doorgangsbreedte 3,5 meter bedraagt (situatie 1 in het plaatje). Een eengezinswoning is voldoende bereikbaar wanneer een blusvoertuig de toegang tot op een afstand van ten hoogste 40 meter kan benaderen. Een doodlopende straat tot 40 meter hoeft dus niet geschikt te zijn voor brandweerauto’s (situatie 2 in het plaatje). Een doodlopende straat tot 80m is toegestaan mits de wegbreedte minimaal 4,5 meter bedraagt en er een keermogelijkheid aanwezig is (situatie 4 in het plaatje). Een doodlopende straat langer dan 80m moet breder zijn dan 5 meter (situatie 5 in het plaatje). Voor het versmallen van de rijbaan zijn de volgende opties denkbaar. Opties voor rijbaan Ruimtewinst Straat blijft tweerichtingsverkeer, Een strook van circa 1 maar wordt versmald naar 4,5 meter door de hele straat. meter breed. Ook invoeren 30km/u indien dit nog niet van toepassing is. Instellen van éénrichtingsverkeer. Rijbaan wordt 3,5 meter.
Een strook van circa 2 meter door de hele straat.
Bij haaks parkeren de breedte van de rijbaan beperken en de stoeprand verlagen, zodat het uitrijden vergemakkelijkt wordt. Een straat van maximaal 80 meter lang halverwege afsluiten. Er ontstaan twee doodlopende wegen van 40 meter. Daarbij kun je de rijbaan bij het einde van de
Een strook van circa 1-1,5 meter.
Aandachtspunten Elkaar passeren voelt onveiliger. Men gaat rustiger rijden. Wat zijn de juridische risico’s als je afwijkt van de CROW (schrijft 4,8 meter voor) Mensen moeten mogelijk omrijden om de wijk te verlaten. Bij gebruik maken van stoep niet te hoog stoeprand.
Een strook van 5,5 meter over bijvoorbeeld een lengte van 10 meter lang.
Het is even de vraag of auto’s dan moeten draaien. Een draaicirkel vraagt ruimte.
straat met bijvb. 10 meter opheffen. Een straat langer dan 80-meter halverwege afsluiten met een paaltje. Daarbij kun je de rijbaan rondom het paaltje groen inrichten waarbij er wel een rijstrook met halfverharding voor de brandweerauto’s moet blijven.
Een strook van 5,5 meter over bijvoorbeeld een lengte van 10 meter lang.
Het is even de vraag of auto’s dan moeten draaien. Een draaicirkel vraagt ruimte.
2.2 Minder (brede) trottoirs Vrijwel alles bestaande straten hebben één of twee stoepen. Sommige zijn al smal vanwege ruimtegebrek. Veel zijn 1,20 tot 1,50 meter. Wettelijk gezien zijn er geen afmetingen voorgeschreven. In de Inclusie Agenda Molenlanden 2022-2024 staat dat wat betreft afmetingen aansluiten bij landelijke richtlijnen. Een trottoir is idealiter 1,80 meter breed zijn als rolstoelers elkaar makkelijk willen passeren. Zo staat het ook opgenomen in de HIOR (detail vrijlligend voetpad). Er moet in ieder geval een obstakelvrije doorgangsbreedte zijn van 1,50 meter met af een toe een breedte van 1,20 meter. Voor wat betreft trottoirs zijn de volgende opties denkbaar om ruimte te maken. Opties voor het trottoir Beide bestaande trottoirs versmallen tot max. 1,80 Beide bestaande trottoirs versmallen tot max. 1,50
Ruimtewinst Waarschijnlijk betekent dit juist ‘ruimteverlies’. Waarschijnlijk geen ruimtewinst.
Één van trottoirs versmallen tot 0,8
Een strook van 0,7-1 meter door de hele straat.
Één van de bestaande trottoirs versmallen tot een onverhard looppad van 50cm (groenstrook met een soort van schelpenpad). Één van de bestaande trottoirs weglaten.
Een strook van 1-1,3 meter door de hele straat.
Geen trottoirs. Alles inrichten als woonerf.
Een strook van 1,4 tot 3,0 meter door de hele straat afhankelijk hoeveel stoepen er waren.
Een strook van circa 1,5 meter door de hele straat.
Aandachtspunten
Dan gaan we er vanuit dat in deze wijken de kans dat rolstoelers elkaar moeten passeren zeer klein is. Er blijft dan één stoep over die breed genoeg is voor minder validen. Die moeten dan wel oversteken. Dit betekent dat elk huis aan één kant een toegangspad/oprit krijgt. Dit betekent dat elk huis aan één kant een toegangspad/oprit krijgt. Dit betekent dat elk huis een toegangspad/oprit krijgt.
2.3 Minder parkeerplaatsen in de straat In de Nota Parkeernormen Molenlanden 2020 staat per type woning hoeveel parkeerplekken er gerealiseerd moeten worden bij nieuwbouw (zie onderstaande tabel). Opvallend voor Molenlanden is dat de normen in de bebouwde kom vrijwel gelijk zijn als in het buitengebied. Dat komt omdat werk en voorzieningen vaak niet om de hoek zijn. Ook het openbaar vervoer is niet optimaal. Een
auto is dus voor velen een logische keuze. Verder valt op: hoe meer geld men besteedt aan een (huur)woning, hoe meer auto’s men gemiddeld heeft.
In de bestaande wijken is bij de aanleg uitgegaan van veel lagere normen. Vandaar dat er op de meeste plekken een hoge parkeerdruk is. De hoeveelheid benodigde parkeerplekken in een bestaande straat wordt bepaald aan de hand van een parkeeronderzoek. Parkeerplaatsen op eigen terrein bij woningen worden momenteel niet volledig meegerekend in de gerealiseerde parkeerplaatsen (zie onderstaande tabel). Deze plaatsen worden immers vaak voor andere doeleinden gebruikt dan het parkeren van auto’s. Opvallend is dat vooral garages weinig gebruikt worden als parkeerplaats. Ook het achter elkaar parkeren van de auto’s op een lange oprit doet men vaak niet.
Verder zijn er acceptabele loopafstanden/looptijden bepaald in de CROW-richtlijn.
Bij een herinrichting van een wijk wordt de parkeerplaatsopgave bepaalt door de parkeerdruk te meten. Als deze boven de 80% is dan is er een opgave. Hierbij wordt binnen een straal van 100 meter gekeken, aangezien dat de maximale acceptabele loopafstand is . Voor wat betreft parkeerplekken zijn de volgende opties denkbaar om ruimte te maken. Opties voor parkeerplaatsen Parkeerplekken op eigen terrein 100% benutten (volgens bestemmingsplan of bouwvergunning).
Ruimtewinst Afhankelijk van hoeveel woningen een eigen parkeerplek hebben.
Verdwenen parkeerplekken op eigen terrein terugbrengen d.m.v. bepalingen in koopaktes. Gedogen of legaliseren van illegale parkeerplekken op eigen terrein.
Afhankelijk van hoeveel woningen een eigen parkeerplek hebben. Dit zorgt ervoor dat deze auto’s niet meer op de weg geparkeerd worden. Dit gaat heel veel ruimte schelen, want heel veel huishoudens hebben twee auto’s.
Parkeren van de 2de en 3de auto gebeurt buiten de wijk op max. 5 minuten lopen (400 meter).
Hoogte en breedte van voertuigen in APV aanpassen om busjes en campers te weren in deze wijken (nu 6 meter lang en 2,4 meter breed) Bedrijven vragen/verplichten om hun bedrijfsauto’s en busjes op eigen terrein te zetten (i.p.v. de wijk).
Deze voertuigen nemen veel ruimte in en komen vaak bovenop het hebben van één of twee eigen auto’s. Deze voertuigen nemen veel ruimte in en komen vaak bovenop het hebben
Aandachtspunten Dit kan eigenlijk alleen in combinatie met invoeren parkeervergunning. En dat vraagt meer capaciteit voor handhaving. De vraag is of dit juridisch kan. Vraagt ook veel capaciteit en doorlooptijd. We moeten nog wel uitzoeken wat zijn de juridische risico’s zijn. Dit kan eigenlijk alleen in combinatie met invoeren parkeervergunning. Ook moeten we ruimte vinden voor deze parkeerplaatsen buiten de wijk. Vaker lopen door je eigen wijk vergroot de kans op ontmoetingen. Combineren met oplaadpunten en zonnepanelen. Vraagt om handhaving
Het autobezit omlaag krijgen door het openbaar vervoer te stimuleren door flexibelere ketenmobiliteit. Het autobezit omlaag krijgen door meer deelauto’s aan te bieden.
van één of twee eigen auto’s. Hangt af van hoeveel mensen hier gebruik van gaan maken. Hangt af van hoeveel mensen hier gebruik van gaan maken.
Deelauto’s zijn vaak particuliere initiatieven, waarbij de gemeente soms een startsubsidie geeft.
2.4 De tuinen van particuliere erbij betrekken Een andere manier van ruimte realiseren in de openbare ruimte is door particuliere grond toe te voegen aan de openbare ruimte. Opties voor Aan één kant of beide kanten een strook van 1 tot 2 meter van de tuinen inrichten als groenstrook en in beheer laten bij bewoners of de woningcorporatie. Aan één kant of beide kanten een strook van 1 tot 2 meter van de tuinen in beheer nemen als gemeente en inrichten als groenstrook. Aan één kant of beide kanten een strook van 1 tot 2 meter van de tuinen kopen als gemeente.
.
Ruimtewinst Een strook van 2-4 meter door de hele straat.
Een strook van 2-4 meter door de hele straat.
Een strook van 2-4 meter door de hele straat.
Aandachtspunten Vraagt veel tijd om dit vast te leggen, waarbij het de vraag is of iedereen wilt meedoen. En vraagt ook om ‘handhaving’. Vraagt veel tijd om dit vast te leggen, waarbij het de vraag is of iedereen wilt meedoen. Bij woningcorporaties is dit eerder haalbaar dan bij particulieren. Bij particulieren kost veel capaciteit en budget om dit te realiseren, waarbij het maar de vraag is of iedereen hier aan mee wilt werken.
3. Hoe kunnen we de ruimte invullen? In het vorige hoofdstuk staan de draaiknoppen om ruimte te maken in bestaande straten. In dit hoofdstuk staat hoe we die ruimte kunnen invullen om aan de opgaves tegemoet te komen. Daarbij is het aandachtspunt meegegeven dat sommige wijzigingen aan de inrichting bovengronds ook kans geeft op wijzigingen ondergronds (aan kabels en leidingen). Met de ondergrond moet ten allen tijde rekening worden gehouden, want het verleggen van kabels en leidingen is over het algemeen erg duur en vaak ook erg lastig zijn.
3.1 Opgaves die geen tot nauwelijks ruimte vragen Opkomst van de deelauto Deelauto’s vragen misschien in het begin extra parkeerplaatsen, maar op termijn zou het autobezit omlaag moeten gaan.
Van het gas af Mocht de gemeente kiezen voor een warmtenet in een wijk om van het gas af te gaan dan vraagt dit ruimte in de ondergrond. Dit geeft beperkingen voor de bovengrond, zoals het planten van bomen op deze strook.
Ondergronds regenwateropvangen Een veel gebruikte methode is om de verharding infiltratiekratten te plaatsen. Hierdoor wordt het grondwater aangevuld en kan overtollig water tijdelijk geborgen worden. Deze toepassing is niet overal mogelijk. De grondwaterstand moet niet te hoog zijn. En het moet passen naast alle kabels en leidingen in de ondergrond.
3.2 . Opgaves die ruimte vragen Meer laadplekken nodig Bestaande parkeerplaatsen worden onttrokken aan het openbaar gebruik. Het lijkt erop dat laadpaalklevers gaan betalen als de accu vol is. Daarmee worden het echt laadplekken en geen parkeerplekken. Ze vragen dus extra ruimte. Ze worden nu geplaatst daar waar behoefte is.
3.3 Opgaves die ruimte vragen en ook goed te combineren zijn Opvangen van extreme regen Het minimaliseren van de effecten van extreme regen vraagt om ruimte in de straat om het tijdelijk te bergen, zodat het niet de huizen instroomt. Één van opties is de aanleg van verdiepte groenstroken ingericht als wadi’s of raingardens.
Voldoende koeling en schaduw tijdens hitte Het minimaliseren van de effecten van extreme hitte vraagt vooral om de aanleg van bomen die schaduw opleveren en verkoeling door evapotranspiratie (energie van de zon omzetten tot verdamping van water via blaadjes). Het doel is om 30% van de openbare ruimte te voorzien van schaduw. Bomen kunnen gaan concurreren met zonnepanelen. Voldoende grondwater bij droogte Het minimaliseren van de effecten van extreme droogte vraagt om groenstroken met een gezonde grond. Hierdoor kan meer water vastgehouden worden. Ook bomen (met voldoende ruimte ondergronds) dragen bij aan het vasthouden van water. Betere biodiversiteit Het bevorderen van de biodiversiteit vraagt om zoveel mogelijk aangesloten groenstroken. Een groenblauwe dooradering i.p.v. losse stukjes (snipper)groen. Hoe breder de strook, hoe robuuster de biodiversiteit kan worden. Ommetjes en spelen Inzake de ambitie van een gezonder leefomgeving kan de straat bijdragen door ruimte te maken voor aantrekkelijke wandelpaden die onderdeel zijn van een looproute (ommetje). Ook kan er ruimte worden gemaakt voor spelen, zoals speeltoestellen, klimbomen, etc.
Ontmoeten De strijd tegen eenzaamheid begint bij ontmoeten op straat. Er moet dus ruimte zijn waar het fijn verblijven is en waar ruimte is voor ontmoeting. Denk aan groene pleintjes met voldoende zitmogelijkheden. De maatregelen voor extreme regen, extreme droogte, extreme hitte en biodiversiteit komen samen in een verdiepte groenstrook met inheemse bomen en inheemse plantensoorten. Een strook van 1 tot 2 meter levert al heel veel meerwaarde op. Ook aantrekkelijke voetpaden, speelplekken en ontmoetingsplekken kunnen gecombineerd worden met deze groenstroken.
3.4 Rijbaan en parkeerplaatsen inzetten voor deze opgaves
Extreme regen opvangen op straat Waterbergen op straat door deze hol te leggen (i.p.v. bol). Ook behoud van trottoirbanden levert extra waterberging op.
Extreme regen afvoeren via de straat De straat gebruiken als afvoer voor het regenwater naar wadi’s of oppervlaktewater i.p.v. regenwaterriolen in de grond. Dit scheelt ook grondstoffen/materiaal en onderhoud(skosten).
Groene parkeerplaatsen Parkeerplaatsen groen inrichten door middel van halfverharding.