CConstaterende datMolenlanden
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijl. 2. Uitgangspunten en toelichting uitgangspunten beleid kleinschalige windturbines

Raadsvergadering 18 april 2023, gemeente MolenlandenBij agendapunt: 6a. Beleidskader kleinschalige windturbines986 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Uitgangspunten voor op te stellen beleid kleine windturbines Molenlanden Algemeen 1. Het op te stellen gemeentelijk beleid voor kleinschalige windturbines heeft een uitnodigend karakter én bevat tegelijkertijd de nodige spelregels en uitgangspunten waaraan voldaan moet worden. Het op te stellen beleid moet hiervoor de nodige handvatten bieden en beschrijven aan welke voorwaarden nieuwe initiatieven voor kleine windturbines moeten voldoen. Toelichting Initiatiefnemers worden uitgenodigd plannen in te dienen op basis van het beleid. Met het beleid beoogt de gemeente helderheid en sturing te geven aan initiatiefnemers om te komen tot een zorgvuldige (landschappelijke) inpassing van de windturbine. Het beleid maakt ook helder wanneer een aanvraag niet voldoet en de gemeente dus geen medewerking zal verlenen. Beleid provincie Zuid-Holland 2. De regels die de provincie Zuid-Holland voor kleine windturbines hanteert, vormen de bandbreedte waarbinnen het gemeentelijk beleid wordt opgesteld.

Toelichting Het beleid (herziening omgevingsbeleid module energietransitie, artikel 6.28 lid 3 omgevingsverordening wind op land) van de provincie Zuid-Holland bepaalt dat ‘een omgevingsplan voor een gebied buiten het bestaand stads-en dorpsgebied kleine windturbines met een ashoogte tot 15 meter kan toelaten en een omgevingsplan voor een gebied binnen het bestaand stads- en dorpsgebied kan kleine en middelgrote windturbines met een ashoogte tot 45 meter toelaten, voor zover dat passend is bij de lokale situatie.’ De provincie onderzoekt daarbij de mogelijkheden om voor kleine windturbines in het buitengebied een grotere hoogte dan 15 meter ashoogte toe te staan. Initiatiefnemers 3. Initiatiefnemers zijn lokale (agrarische)bedrijven, ondernemers op een bedrijventerrein, lokale energiecoöperaties en grondeigenaren die de molens op eigen terrein of het terrein van hun leden kunnen plaatsen. Toelichting Lokaal eigendom stellen we hiermee centraal. Particuliere woningeigenaren kunnen participeren via een lokale energiecoöperatie. Bijdrage aan opgave energietransitie 4. Kleine windturbines vormen een waardevol onderdeel van de duurzame energiemix in ons gebied en dragen daarmee bij aan de RES-opgave.

Toelichting Het beleid voor kleine windturbines is eigenstandig en als zodanig niet persé bedoeld als vervanging van grote windturbines. De gemeente Molenlanden stuurt daarom niet op de realisatie van aantallen kleine windturbines en een daaraan verbonden opgave. Het aantal gerealiseerde kleine windmolens telt wél mee in de realisatie van het RES bod. Combinatie van zon en wind op lokaal niveau 5. Een combinatie van zon en wind op het perceel van de initiatiefnemer of het werkgebied van initiatiefnemers (in geval van energiecoöperaties) is uitgangspunt, waarbij de mogelijkheden voor zon op daken moeten zijn verkend en waar mogelijk gecombineerd. Toelichting De gemeente ziet graag eerst zonnepanelen op daken, om de druk op het landschap en de leefomgeving te beperken. Over het algemeen blijkt dat zon en wind beiden nodig zijn om een gelijkmatige stroomproductie te leveren verdeeld over dag-nacht en zomer-winter bij (agrarisch) bedrijven, zodat optimaal in eigen stroom kan worden voorzien. Het beleid voor windturbines brengt op lokaal niveau dat evenwicht in. Opwek en gebruik zo dicht mogelijk bij elkaar 6. Opwek en afname van de opgewekte energie uit kleine windturbines houden we zo dicht mogelijk bij elkaar, waarbij we met Stedin en de initiatiefnemers zoeken naar mogelijkheden om zoveel als mogelijk buiten het net om te realiseren.

Toelichting: Eén van de leidende principes voor de energietransitie is om opwek en afname zo dicht mogelijk bij elkaar te houden, en zo mogelijk buiten het net om te regelen. Dit komt de netcapaciteit en de leveringszekerheid van onze energievoorziening ten goede. Landschappelijke inpassing en ruimtelijke kwaliteit 7. Bij de plaatsing van kleine windturbines bewaakt de gemeente Molenlanden de omgevingskwaliteiten. Om de kleine windturbines zo goed mogelijk in het landschap in te passen, verrommeling en een onrustig beeld te voorkomen dienen de windturbines een ruimtelijke eenheid te vormen met de overige bebouwing, landschappelijke contouren en beplanting op het perceel en terrein. In het beleid worden criteria voor een goede landschappelijke inpassing en ruimtelijke kwaliteit opgenomen. Bedrijventerreinen

8. Een gezamenlijk initiatief van bedrijven op een bedrijventerrein voor een opstelling van meerdere windmolens heeft de voorkeur boven individuele aanvragen. De opstelling van de windturbines dient de ruimtelijke structuur van het bedrijventerrein te versterken.

Toelichting We willen graag collectiviteit in de verduurzaming van de energievoorziening en de ruimtelijke kwaliteit van een bedrijventerrein bevorderen, voorkomen dat initiatieven van individuele ondernemers initiatieven van anderen in de weg staan of de ruimte hiervoor verminderen. Een gezamenlijk initiatief van bedrijven draagt hieraan bij. Woongebieden 9. Kleine (dak-)windturbines in woongebieden binnen de bebouwde kom zijn in beginsel niet toegestaan. Het beleid maakt wel maatwerk mogelijk voor collectieve initiatieven met lokaal eigendom, zoals een dorpsmolen aan de rand van een dorpskern. Door deze maatwerkbenadering te hanteren kunnen we verrommeling en mogelijke overlast binnen de bebouwde kom voorkomen. Initiatieven in beschermde stads- en dorpsgezichten worden van deze maatwerkbenadering uitgezonderd. 10. Het borgen van een goed woon- en leefklimaat door te voldoen aan normen voor geluid, slagschaduw en externe veiligheid en het voorkomen van mogelijke overlast als gevolg van trillingen is randvoorwaarde. Tot woonpercelen in de bebouwingslinten buiten de bebouwde kom wordt voldoende afstand gehouden. Toelichting In woongebieden binnen de bebouwde kom is het risico van verrommeling en negatieve effecten op de leefbaarheid sterker aanwezig.

Daarom willen we voor deze locaties de plaatsing van kleine windturbines, inclusief de verticale as turbines, de zogenaamde windwokkels, uitsluiten. Uit de participatie-avond van het Gebiedsplatform kwam de interesse in een collectieve dorpsmolen, geëxploiteerd door een energiecoöperatie. We willen deze als maatwerk in het nieuwe beleid mogelijk maken, maar hier wel voorwaarden als het benutten van de mogelijkheden van zon op dak en energie-opslag aan verbinden. Beschermde stads- en dorpsgezichten willen we vanwege cultuurhistorische waarde ten allen tijde uitsluiten van kleine windturbines. Daarnaast past een terughoudend beleid voor kleine windturbines in de nabijheid van monumenten. Maatschappelijk draagvlak 11. De initiatiefnemer betrekt omwonenden bij zijn initiatief en voert met hen een omgevingsdialoog voor het verkrijgen van draagvlak. Ecologie en natuur 12. De mogelijke gevolgen voor ecologie en natuur worden inzichtelijk gemaakt en er wordt voldaan aan de regelgeving die hiervoor geldt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Molenlanden&id=3cf034c6-1669-4017-94c5-49be9b0dfcb9