CConstaterende datMolenlanden
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording vragen PM - verordening jeugdhulp commissievergadering

Raadsvergadering 13 november 2025, gemeente MolenlandenBij agendapunt: Verordening Jeugdhulp gemeente Molenlanden 2026490 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Schriftelijke vragen aan het college (op basis van artikel 16 of artikel 55 Reglement van Orde)

Datum: 3 november 2025 Zaaknummer: 1254804 Steller van de vragen: Michel Blom Politieke partij: Progressief Molenlanden Onderwerp: agendapunt 7: Verordening Jeugdhulp gemeente Molenlanden 2026 Portefeuillehouder: Harmen Akkerman Behandelend ambtenaar: Marije Mulder Toelichting: ter voorbereiding besluitvorming

1. In artikel 4 lid 5 van de nieuwe verordening wordt bepaald, dat het college een besluit op een aanvraag voor een individuele voorziening binnen 10 weken na ontvangst van de aanvraag neemt. Hoe verhoudt zich dit tot de termijn van 8 weken in artikel 4,13 van de Algemene Wet Bestuursrecht? Waarom wordt van deze termijn afgeweken? Antwoord 1:

We hebben hierin de VNG modelverordening gevolgd. In de toelichting staat opgenomen

hoe tot die 10 weken is gekomen. Het is maximaal 10 weken, omdat jeugdigen en ouders

namelijk de gelegenheid hebben om tot 2 weken na de aanvraag een familiegroepsplan in te dienen (artikel 5 lid 3). Als er geen familiegroepsplan is dan loopt de termijn vanaf de

aanvraag: 6 weken onderzoek (artikel 5 lid 1) en 2 weken de tijd voor de beschikking (is 8 weken). Op het moment dat er wel een familiegroepsplan wordt ingediend dan wordt de termijn verlengd en start de 8 weken nadat dit plan binnen is. Hiermee wordt het dus maximaal 10 weken. Aanvragers worden over de route en termijnen duidelijk geïnformeerd.

2. In het raadsvoorstel staat op pagina 1, dat het gecontracteerde aanbod (Zorg in Natura) als uitgangspunt wordt genomen. Volgens PM staat dit niet in artikel 5, maar in artikel 3.2 van de nieuwe verordening. Is deze constatering juist? Antwoord 2:

In artikel 5, lid 7 staat opgenomen dat het gecontracteerde aanbod (uitsluitend bestaande uit Zorg in Natura) het uitgangspunt is. In artikel 3.2 gaat het erover dat we bij Zorg in Natura alleen gecontracteerde aanbieders vergoeden (behalve als er voldaan is aan de voorwaarden voor PGB).

3. In het raadsvoorstel stelt u op pagina 1 onder het kopje “groot onderhoud” dat artikelen vanuit nadere regels zijn overgeheveld naar de verordening (waaronder de begrippen draagkracht en draaglast). In het verantwoordingsdocument wordt dit gepresenteerd als technische/ redactionele aanpassingen in vergelijking met de vigerende verordening . In die verordening worden de begrippen draagkracht en draaglast naar onze mening toch wel afwijkend gedefinieerd, terwijl het gaat om een kernbepaling in de verordening, immers redengevend voor een eventuele afwijzing van de voorziening. Waarom is gekozen voor een andere definiëring van deze begrippen? In het verslag van de bijeenkomst van adviesraden worden door diverse gemeenten vragen gesteld over de praktische toepassing van deze begrippen. Dit wordt beantwoord door te stellen, dat dit uitwerking zal vinden in een beleidsregel. Waarom is voor deze weg gekozen? Antwoord 3:

Bij de formuleringen van draagkracht en draaglast is de rechtspraak betrokken. Hierdoor sluit het aan bij de jurisprudentie op dit punt. De praktische uitwerking hoort niet in de verordening. Er wordt nog gewerkt aan een implementatieplan (praktische uitwerking).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Molenlanden&id=c4f3d625-931f-435e-bafc-4d70cafa3a55