CConstaterende datMolenlanden
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording vervolgvragen CDA - Opvanglocatie Peursumseweg 93 Giessenburg

Raadsvergadering 28 januari 2025, gemeente MolenlandenBij agendapunt: 6c. Budgetaanvraag opvanglocatie Peursumseweg 93A te Giessenburg1.392 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Schriftelijke vragen aan het college (op basis van artikel 16 of artikel 55 Reglement van Orde) Datum

13-01-2025

Zaaknummer: 1229358 Steller van de vragen:

Wout de Jong

Politieke partij:

CDA

Raadsvoorstel:

Opvanglocatie Peursumseweg 93A te Giessenburg

Portefeuillehouder: Wethouder Bikker Behandelend ambtenaar: Harm Brandwijk/ Menno Keller Toelichting: Op 23 december 2024 heeft de CDA-fractie vragen gesteld over het raadsvoorstel

Opvanglocatie Peursumseweg 93A te Giessenburg. Dank voor de antwoorden, die u op 10 januari 2025 gaf. Naar aanleiding van de antwoorden, en met inachtneming van de

informatie van het feitenrelaas dat op 31 december 2024 beschikbaar kwam, heeft onze fractie nog een aantal aanvullende vragen.

Bij de vragen 4 en 5 horen bijlagen die afkomstig zijn uit de informatie die door het

college verstrekt n.a.v. een WOO verzoek dat uit Waal afkomstig was. Ook voegen we uw raadsinformatiebrief van 8 februari 2024 als bijlage toe, omdat we in de vragen 2 en 5 daarnaar verwijzen.

Vraag 1: U voert de kosten voor de bodemsanering als transitiekosten op. Uit het feitenrelaas blijkt dat u verschillende keren met het ministerie overlegd heeft over de hoogte van de Rijksbijdrage. U verwacht een Rijksbijdrage van € 1,2 miljoen voor de gemaakte

transitieskosten in Giessenburg. Hoeveel van die € 1,2 miljoen wordt beschikbaar gesteld in de tegemoetkoming van de bodemsanering? Antwoord 1:

Het NOO bepaalt de transitievergoeding door een periode tot 4-3-2027 te nemen en dan

per gerealiseerde opvangplaats een normbedrag per dag te rekenen. Met als maximum de te verwachten transitiekosten. Op basis van die uitgangspunten schatten we in dat we een

vergoeding van € 1,2 miljoen krijgen. Via e-mail heeft het NOO de transitiekosten al goedgekeurd, al hebben we nog geen definitieve beschikking.

Deze verwachte vergoeding van het NOO zal worden gebruikt voor de transitiekosten,

waaronder de bodemsanering. De verdeling van de vergoeding over de te maken kosten is nog niet bekend. Vraag R2: Uit het antwoord van vraag 3 van onze vragen van 23 december 2024 blijkt dat er een aanbestedingsprocedure moet worden doorlopen voor de aankoop van units in

Giessenburg. U schreef in uw raadsinformatiebrief van 8 februari 2024 dat de aannemer De Maatschap heet. U bedoelde daarmee De Maatschap Projecten te Den Haag. Heeft u voorafgaand aan de opdrachtverstrekking aan De Maatschap een aanbestedingstraject doorlopen? Indien dat niet het geval geweest is: waarom in Waal geen aanbestedingsprocedure en in Giessenburg wel? Antwoord 2: Bij de realisatie van de opvanglocatie in Waal is geen aanbestedingsprocedure doorlopen.

Dat is omdat er toentertijd een crisissituatie heerste in het land als het gaat om de opvang van Oekraïners. Om die reden moest er snel gehandeld worden, zodat op zo kort

mogelijke termijn de plekken aan het land aangeboden konden worden. Daarom is pragmatisch gehandeld. De Maatschap Projecten was in staat te handelen met een snelheid die paste bij de crisissituatie en had de nodige ervaring op dit vlak.

Ten tijde van de toekomstige realisatie van Giessenburg is de nood nog steeds hoog en is

het nog steeds van belang dat er zo spoedig als mogelijk wordt gehandeld, maar er is niet langer sprake van een crisissituatie. Daarom wordt voor de realisatie van Giessenburg wel een aanbestedingstraject doorlopen. Vraag 3. Uit het antwoord van vraag 5 van onze vragen van 23 december 2024 blijkt dat voor

iedere maand dat de locatie in Giessenburg later opengaat, er een lagere vergoeding van de transitiekosten zal komen. Dit is ongeveer € 20.000.

A. Betekent dit dat we om transitiekosten vergoed te krijgen niet alleen moeten kunnen aantonen dat we de kosten gemaakt hebben, maar ook dat binnen een bepaald tijdsbestek gedaan hebben? Antwoord vraag 3A: Het NOO rekent met een normbedrag per dag per gerealiseerde opvangplaats vanaf de opening tot 4-3-2027. Deze kosten worden gemaakt voordat de locatie wordt geopend.

B. U schat in dat we € 1,2 miljoen vergoeding krijgen. Iedere maand later dan 1 juli 2025 betekent volgens u € 20.000 minder vergoeding. Betekent dit dat we de opvang minimaal 60 maanden in stand moeten houden om de volledige transitievergoeding te kunnen krijgen? Antwoord vraag 3 B: Nee, de locatie moet tot 4-3-2027 open blijven. Maar als de locatie later opengaat dan 1 juli is de periode waarover het normbedrag berekend wordt, korter. C. Als de oorlog in Oekraïne niet tot 60 maanden na 1 juli 2025 duurt, en het daardoor niet nodig is om langer Oekraïense vluchtelingen in Giessenburg op te vangen: moeten we dan voor het aantal maanden dat de oorlog eerder afgelopen is dan juli 2029 € 20.000 per maand uit de algemene reserve halen omdat de Rijksbijdrage waarmee we rekenden deels niet uitgekeerd werd? Antwoord vraag 3C: Nee, de berekening van het NOO is vanaf de opening tot 4-32027. D. Bestaat er voor de reeds uitgekeerde vergoeding in Waal ook een regeling waarbij geldt dat voor de maanden dat er geen opvang is de Rijksbijdrage naar rato moet worden teruggestort? Antwoord vraag 3D: Als wij de locatie beschikbaar houden tot 4 maart 2027 dan hoeven we niks terug te storten aan het Rijk.

Vraag 4. In het antwoord van vraag 6 van onze vragen van 23 december 2024 geeft u aan dat er een selectieproces plaatsgevonden heeft, voorafgaand aan de aanwijzing van de opvanglocaties Waal en Giessenburg..

Uit het feitenrelaas blijkt niet dat er een selectieproces geweest is. Het feitenrelaas begint met de raadsinformatiebrieven van 30-5-2023 en 30-8-2023. Daarin geeft u geen

signaal af dat u actief op zoek was naar nog meer locaties. Drie weken later, op 19-92023, zo blijkt uit uw feitenrelaas, wees u de locaties Waal en Giessenburg aan.

Als bijlage voegen wij een geanonimiseerde ambtelijke gespreksnotitie mee, die op 23 augustus 2023 opgesteld is. Uit dit document blijkt dat voor 23 augustus 2023 reeds

contact geweest is met twee aanbieders van units ten behoeve van de locaties Waal en Giessenburg. Andere locaties worden niet genoemd.

Kunt u in uw antwoord bij vraag 6 nader omschrijven. Hoe heeft u die selectieprocedure, voorafgaand aan uw besluit van 19-9-2023, vormgegeven? Was de keuze op Waal en Giessenburg al gevallen vóór 23 augustus 2023?

Antwoord vraag 4: Een onderdeel van het maken van de keuze welke locaties het meest geschikt lijken, is het opstellen van een kosteninventarisatie. Naast de selectiecriteria als ruimte,

omgevingsfactoren en dergelijke is financiële haalbaarheid van belang. Voordat een keuze kan worden gemaakt over welke locaties het meest geschikt zijn, is daarom een

kosteninventarisatie nodig. Daartoe is contact geweest met twee aanbieders van units, zodat duidelijk werd met welke kosten we rekening moesten houden bij locaties waar units geplaatst zouden kunnen worden.

Zoals aangegeven in het feitenrelaas zijn locaties Waal en Giessenburg aangewezen op 19 september 2023. Vraag 5. Als bijlage voegen wij het Burgemeestersbesluit toe, dat in uw raadsinformatiebrief van 8 februari de ‘formele aanwijzing’ genoemd wordt.

A. Gaat de burgemeester voor de locatie Giessenburg een soortgelijk besluit nemen, als de gemeenteraad € 1,9 miljoen beschikbaar gesteld heeft?

Voor de opvanglocatie in Waal heeft een burgemeestersbesluit plaatsgevonden, aangezien tijdens de crisissituatie (crisisnoodwet) de primaire verantwoordelijkheid voor de opvang bij de burgemeester lag. Op 12 maart 2024 is de tijdelijke wet opvang ontheemden

Oekraine aangenomen. Het wetsvoorstel kent de opvangtaak van Oekraïners niet langer toe aan de burgemeester maar aan het college van burgemeester en wethouders. Het

portefeuillehouderschap van het dossier asiel en migratie is vervolgens, in lijn met de landelijke wetgeving, verplaatst van burgemeester naar wethouder (en daarmee voor Molenlanden van Burgemeester Segers naar wethouder Bikker). Het college heeft in november 2024 de opvanglocatie in Giessenburg definitief aangewezen.

B. Het burgemeestersbesluit is een openbaar document. Waarom worden de eurobedragen in het document verborgen als het een openbaar document is? C. Had de gemeenteraad kennis kunnen nemen van dit openbare document, en zo ja: waar hadden we dit document dan kunnen aantreffen? D. Uit het geel gearceerde stukje tekst blijkt dat op 8 februari 2024 in ieder geval bij de burgemeester bekend was dat de eerder gecommuniceerde kosten voor Waal

hoger uit zouden komen dan de begroting. Waarom heeft de burgemeester hier niets over gemeld in de raadsinformatiebrief van 8 februari 2024? De vragen B t/m D zijn niet van toepassing op de vragen rondom raadsvoorstel 1229358 aangaande het verstrekken van een voorfinanciering voor de realisatie van de

opvanglocatie in Giessenburg, maar hebben betrekking op het feitenrelaas en de opvanglocatie in Waal.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Molenlanden&id=d1d8986d-2ef2-45df-88b1-91b60cdc0d63