Beantwoording technische vragen VVD - stimulering energiebesparing en bestrijding energiearmoede.pdf
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief Onderwerp
:
Beantwoording technische vragen VVD – stimulering
Datum
:
5 oktober 2022
Portefeuillehouder
:
Zaaknummer
Behandelend ambtenaar
: :
energiebesparing en bestrijding energiearmoede 1152929 Jan Lock
Jose Houtman/Anja Monster
Beste meneer Snoek, Op 3 oktober 2022 stelde u technische vragen. Via deze raadsinformatiebrief worden uw vragen beantwoord.
Regeling Energiearmoede. 1. Kunt u expliciteren (en qua omvang nader duiden) waarom de gemeente Molenlanden de door het Rijk aan haar beschikbaar gestelde gelden eventueel ook moet delen met de woningcoöperaties? Antwoord:
Voorwaarde van de regeling is dat gemeenten de middelen gericht dienen in te zetten om
huishoudens in een financieel kwetsbare positie vanwege de hoge energielasten te ondersteunen
bij het nemen van maatregelen om het energieverbruik te verminderen. Uit TNO data blijkt dat dit
landelijk voor meer dan 75% gaat om sociale huur. Avres heeft aangegeven dat in Molenlanden het om zo’n 92% sociale huur gaat (groep tot 120%) en 87% (groep tot 150%).
Op 23 september jl. heeft bestuurlijk overleg met de 3 woningcorporaties plaatsgevonden
(KleurrijkWonen, Lek en Waard Wonen en TablisWonen). De corporaties zijn met een versnelling bezig zijn, maar ze geven daarbij aan dat dit niet allemaal op korte termijn gerealiseerd kan
worden. Zeker gezien de krapte op de markt en de nood die hoog is bij hun huurders (er zijn nu meer huishoudens met een huurachterstand en dit aantal loopt verder op), dient alles gedaan te worden om deze groep ook te helpen bij het verlagen van hun energieverbruik en daarmee de kosten. Afgesproken is dat de woningcorporaties zich vooral richten op de uitvoering van hun verduurzamingsplannen en de grotere maatregelen (zie verder bij vraag 2) en dat voor de
uitvoering van de Regeling Energiearmoede de gemeente de lead heeft over het proces en de
verkregen middelen. Er wordt nauw samengewerkt met de woningcorporaties. Zij denken mee over de communicatie en zullen o.a. hun eigen kanalen inzetten om hun huurders hierover te informeren.
2 De woningcorporaties kennen daarnaast een aantal huurders die in het verleden om hun
moverende redenen niet hebben toegestaan dat de corporatie hun woning isoleert. Als de gemeente een aanvraag voor de Regeling Energiearmoede uit die groep krijgt, is daarom voorwaarde dat ze alsnog toestaan dat de corporatie de woning isoleert.
2. Ben u met onze fractie eens dat in het uitgangspunt moet zijn dat de eigenaar van de
huurwoningen (in coöperatieverband) de kosten, naar wij aannemen met name gericht op isolatie, als ‘goede verhuurder’ zelf dient te dragen? Antwoord:
De woningcorporaties richten zich op de bouwkundige en technische aanpassingen om hun woningen te verduurzamen. Deze kosten worden gedragen door de woningcorporaties. Daarnaast wordt door de corporaties extra maatregelen overwogen, zoals (eenmalige)
huurverlaging, huurbevriezing voor slechte energielabels, extra zonnepanelen aanbieden, cv-
ketels vervangen door duurzamere alternatieven, begeleiding bij huurbetalingsproblemen. De
bijdrage van 450 euro vanuit de regeling Energiearmoede kan door de huurders worden gebruikt voor quick wins om de energiekosten direct te verlagen, zoals aanschaf van energiezuiniger
witgoed. Dat soort maatregelen valt buiten de verantwoordelijkheid van de woningcorporatie als goede verhuurder.
Verder constateren de woningcorporaties hoog energieverbruik als gevolg van houding en gedrag van de huurder. Advies en coaching kan in zulke gevallen helpen de energierekening omlaag te krijgen (ook in huizen met energielabel A en B).
Ter informatie: Veel van de woningvoorraad van de 3 woningcorporaties is gemiddeld op energielabel B gebracht. In het kader van de landelijke prestatieafspraken (vermindering
Verhuurderheffing) ligt de focus op versnelling van het uitvoeren van energiemaatregelen (mits de markt dit aankan) en worden daarbij de slechtst geïsoleerde woningen zoveel mogelijk als eerste aangepakt. Verder is bij de landelijke prestatieafspraken afgesproken dat er na 2028 geen
corporatiewoningen meer zijn met een slecht energielabel E, F of G. Als een woning na 2028 toch nog zo’n label heeft, krijgt de bewoner korting op de huur.
Toelichting (vragen 1 en 2).
-Uit het Rv komt naar voren dat (na afstemming/overleg) deze gelden mogelijk ook aan de
woningcorporaties (deels) verstrekt kunnen worden voor het treffen van maatregelen tbv hun huurders. 3.
Kunnen ook huurders in de particuliere sector gebruik maken van de regeling Energiearmoede? Antwoord:
Ja, ook huurders in de particuliere sector kunnen gebruik maken van de Regeling Energiearmoede, mits behorende tot de groep tot 120%. Aanvullend kunnen met behulp van het
3 Ondersteuningsfonds huurders in de particuliere sector uit de zogenaamde middengroep ook gebruik maken van hetzelfde aanbod, mits zij voldoen aan de voorwaarden.
4.
Op welke wijze is ingericht c.q. wordt aandacht besteedt aan de (periodieke)
verantwoordingsrapportages van zowel de maatschappelijke organisaties en het Energieloket? Antwoord:
Op verschillende momenten in de uitvoeringsperiode wordt de voortgang geëvalueerd. Hiervoor zullen de betrokken partijen gevraagd worden om een (tussentijdse) voortgangsrapportage.
De gemeente dient achteraf via de SiSa (Single Information Single audit) systematiek aan te geven
hoe de middelen zijn ingezet. De verantwoording vindt plaats in de jaarrekening van de gemeente en wordt gecontroleerd door de accountant. De indicatoren zijn in de beschikking aangegeven. Energiebesparing-abonnement. 5. Is het juist (onder verwijzing naar het Rv 1.4 en Kanttekeningen 1.4) dat het uitgangspunt van het college is dat de gemeente Molenwaard inzet om als ‘bankier’ (geldverstrekker) voor de nieuwe regelingen te gaan optreden maar daarbij expliciet inzet om bij een (externe)
uitvoeringsorganisatie alle taken van de regelingen te beleggen inclusief o.a. het budgetbeheer? Antwoord:
Dat is juist. De gemeente is van plan om een leningsfaciliteit op te zetten voor woningeigenaren, waarbij de uitvoerende taken worden belegd bij een of meer uitvoeringspartijen.
6.
Op welke wijze wordt daarbij aandacht besteedt aan de periodieke verantwoordingsrapportages? Antwoord:
Dit is momenteel nog niet besloten. In de uitwerking de komende maanden zullen met de mogelijke uitvoeringspartijen hierover afspraken gemaakt worden.
7.
Klopt het dat alle particuliere woningeigenaren in aanmerking kunnen komen voor een beroep op dit fonds? Ook degenen die hun woning verhuren? Antwoord:
Ja, alle woningeigenaren komen in aanmerking voor het energiebesparingsabonnement ook voor
diegenen die verhuren. Voor de laatste groep moet overigens nog wel uitgewerkt worden op welke
4 wijze de aspecten van het abonnement vorm gegeven moeten worden omdat de ontvanger van de lening niet dezelfde is als de ontvanger van de energierekening.
8.
Wordt bij de uitvoering/aanvragen een BKR-toets uitgevoerd? Antwoord:
Dit wordt momenteel verkend. Wanneer de leningsfaciliteit valt onder de Wet Financieel Toezicht zal een BKR-toets verplicht zijn.
9.
Op welke wijze wordt invulling gegeven aan de risico-paragraaf zodat de regeling die uit dit fonds gefinancierd wordt, op een solide en juiste wijze bijdraagt aan het gestelde doel?
Antwoord:
Bij de verdere concretisering van het energiebesparingsabonnement hoort ook een risicoparagraaf. Die zullen we opstellen waarbij doelgerichtheid van de faciliteit voorop staat.
10.
De VVD Molenlanden vindt de term ‘abonnement’ verwarrend. In feite leent de inwoner geld en
kan dat besteden aan diverse besparingsvarianten. Energiebesparingsfonds is een meer logische term. Deelt u deze mening?
Antwoord:
Nee, de insteek is namelijk dat bewoners de lening als een abonnement terugbetalen, waarbij ook de kosten voor advies (deels), begeleiding, garantie en onderhoud van de investeringen zijn inbegrepen. Vandaar de naamkeuze: de faciliteit omvat meer dan alleen een lening.
11.
In het Rv 1.2., 6e zin wordt de term ‘variabel abonnement’ genoemd. Hier wordt waarschijnlijk een variabel (maand)contract bedoeld. Is dit correct? Antwoord:
Hier wordt inderdaad een variabel energiecontract bedoeld.
Ondersteuningsfonds. 12.
In welk beleidsdocument (van het Rijk) is expliciet vastgelegd dat de niet-bestede Coronagelden
5 ‘omgekat’ kunnen worden ten behoeve van vrije besteding door de gemeente Molenlanden en in dit specifieke geval voor het ondersteuningsfonds? Antwoord:
De van het Rijk ontvangen middelen voor Corona zijn onderdeel van de Algemene Uitkering. In
tegenstelling tot een Specifieke Uitkering hoeft een gemeente geen verantwoording aan het Rijk af te leggen over de besteding van deze gelden.
De gemeente Molenlanden heeft er voor gekozen om deze middelen extra comptabel bij te
houden. Hierdoor hebben we de kosten als gevolg van corona ten laste van deze middelen kunnen brengen, maar ook de besparingen als gevolg van Corona weer kunnen toevoegen. Hierover is uw raad geïnformeerd in de P&C cyclus.
Na de vorming van het Molenlands Ondersteuningsfonds worden deze middelen in een breder verband beschikbaar gesteld voor crisissituaties.
13.
Kunt u ten behoeve de Raad uw overzicht van de regelingen met de recente besluitvorming in de Tweede Kamer over het energieplafond uitbreiden/complementeren? Antwoord:
Dit antwoord vraagt iets meer tijd en zal worden nagezonden
Toelichting.
U stelt dat de Corona-gelden gebruikt kunnen worden voor het fonds.
Voor dit Ondersteuningsfonds gelden in principe dezelfde vragen zoals bij het Energiefonds i.c. de vragen 5, 6, 7, 8 en 9. Wellicht dat een gecombineerde beantwoording op onderdelen mogelijk is. Bedoeld is dat het Ondersteuningsfonds ook inzetbaar is bij een eventuele nieuwe Corona-crisis. Wij stellen voor om daarvoor nu nog geen bepalingen in een verordening / beleidsregel op te nemen. We moeten afwachten hoe Corona de komende tijd verloopt en of en hoe het Rijk
eventuele nieuwe regelingen opzet. Dit omdat ons lokaal beleid altijd aanvullend is aan het
Rijksbeleid. Mocht dit onverhoopt toch weer aan de orde komen, dan zullen we als dan regels
opstellen waarmee aanspraak kan worden gemaakt op een bijdrage uit het Ondersteuningsfonds.
Wij verwachten u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Molenlanden, De secretaris,
De burgemeester,
6
Leon Anink
Theo Segers
CC: de leden van de gemeenteraad Molenlanden