Beantwoording technische vragen SGP - regels over geur in omgevingsvisie.docx
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief Onderwerp
:
Beantwoording technische vragen SGP - Regels over geur in
Datum
:
6 juni 2023
Portefeuillehouder
:
Zaaknummer
Behandelend ambtenaar
: :
de omgevingsvisie en -plan 1174203 Jan Lock
Wytse Dassen
Beste meneer De Groot, Op 6 juni 2023 stelde u technische vragen. Via deze raadsinformatiebrief worden uw vragen beantwoord. Toelichting: Vraag 1:
Onder beslispunt 2: het aanwijzen van Buitenschoolse Opvang (BSO = opvang voor schoolgaande
kinderen), kantoren en werkruimtes als geurgevoelige gebouwen. Valt een kinderdagopvang ook
onder deze categorie. Als de kinderopvang als geurgevoelig wordt aangemerkt (zie bijlage1 onder 3.3), hoe om te gaan met bestaande en nieuwe kinderdagopvang activiteiten bij Agrarische bedrijven?
Antwoord:
Kinderdagopvang, waar kleine niet schoolgaande kinderen komen en een slaapje doen, zijn door het Rijk al aangewezen als geurgevoelig gebouwen. Kinderdagopvang is onder de huidige
wetgeving ook al aangemerkt als geurgevoelige gebouwen. Daarmee verandert er in basis niets voor de bestaande en nieuwe kinderopvanglocaties. Deze locaties moeten net zoals nu op
voldoende afstand blijven van agrarische bedrijven. Hoeveel die afstand is hangt af van het type dieren en het aantal dieren en of het in een van de gebieden ligt die is aangewezen in de Geurverordening. Vraag 2
In bijlage 1 onder 3.3 besluit leefomgeving word wordt ook zorg genoemd als geurgevoelig
object. Heeft dit ook gevolgen voor nieuwe of bestaande boerderijen die ingepast zijn bij het agrarische bedrijf als neventak? Antwoord:
Gebouwen waarin zorg wordt verleend en mensen langdurig (meerdere uren) en frequent
verblijven zijn onder de huidige wetgeving aangemerkt als geurgevoelige objecten. Dit blijft zo na invoering van de Omgevingswet. Dit heeft dus geen gevolgen voor bestaande boerderijen. Voor
2 nieuwe boerderijen geldt in tegenstelling tot de huidige wetgeving dat al rekening gehouden moet worden met geurgevoelige objecten die al wel bestemd zijn, maar nog niet gebouwd zijn. Vraag 3
In de geurverordening is een afstand opgenomen vanaf de gevel stal tot een geurgevoelig object.
In de praktijk kan het voorkomen dat een geurgevoelig object (woning) wordt vervangen en op het kavel binnen het bouwvlak op een andere plaats dichter bij de stal wordt teruggebouwd. Wat zijn dan de gevolgen voor het Agrarische bedrijf, als de afstand tot geurgevoelig object niet aan de
gestelde afstand voldoet? Mocht dit gevolgen hebben, is het dan ook mogelijk om eisen te stellen aan de nieuw te bouwen woning, zodat de minimale afstand vanaf de woning tot gevel stal wordt gehaald?
Antwoord:
De afstanden in de Geurverordening gelden niet voor woningen die een functionele binding hebben of hadden met het agrarische bedrijf. In dat geval moet de gemeente bepalen of de
geurhinder acceptabel. Nieuwe woningen binnen het bouwvlak naast bestaande stallen worden beschouwd als woningen met een voormalige functionele binding. Hier gelden dus niet de afstanden in de Geurverordening.
Wij verwachten u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Molenlanden, De secretaris,
De burgemeester,
Leon Anink
Theo Segers
CC: de leden van de gemeenteraad Molenlanden