Beantwoording technische vragen PM - actieprogramma eenzaamheid
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief Onderwerp
:
Beantwoording technische vragen PM – actieplan
Datum
:
8 juni 2021
Portefeuillehouder
:
Zaaknummer
Behandelend ambtenaar
: :
eenzaamheid 1103109
Wethouder Lanser Menno Keller
Beste meneer Toonen, Op 7 juni jl. stelde u technische vragen over het actieplan eenzaamheid. Via deze raadsinformatiebrief worden uw vragen beantwoord. Toelichting:
In het actieplan worden percentages genoemd van eenzaamheid op landelijke, regionaal en MLL benoemd. Deze cijfers zijn van de GGD. Er is veel onzichtbare eenzaamheid.
Vraag 1:
Zijn deze cijfers representatief zijn en waarop zijn deze gebaseerd zijn? Antwoord: De eenzaamheidscijfers worden gemeten via de “Eenzaamheidsschaal van De Jong-Gierveld”. Dit is een vragenlijst1 rond elf uitspraken over emotionele en sociale eenzaamheid. De
eenzaamheidsschaal is valide, betrouwbaar en bedoeld voor onderzoek onder grote groepen mensen. De schaal wordt in meer dan vijftig landen gebruikt.
De elf items van de "Eenzaamheidsschaal van De Jong-Gierveld" zijn opgenomen in de vragenlijst
die is gebruikt bij de Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen. De vragenlijsten zijn uitgezet bij inwoners in Molenlanden (en ook in de rest van de gemeenten in Nederland) die zijn
geselecteerd middels een a-selecte steekproef. Voldoende inwoners hebben meegedaan aan het onderzoek en hebben de vragenlijst ingevuld; zodoende zijn de cijfers betrouwbaar op landelijk en gemeentelijk niveau.
Daarnaast heeft het RIVM cijfers over gezondheid en leefstijl berekend voor alle wijken en buurten in Nederland op basis van ruim 457.000 respondenten van de Gezondheidsmonitor volwassenen 2016 van GGD’en, CBS en RIVM. Omdat er vaak te weinig respondenten per wijk of buurt zijn, 1 Eenzaamheidsschaal van De Jong-Gierveld | Over eenzaamheid | Alles over eenzaamheid
2 gebruikt het RIVM een model waarmee de cijfers berekend kunnen worden. De cijfers op wijk- en buurtniveau moeten met voorzichtigheid worden gebruikt. Met het model wordt de werkelijkheid zo goed mogelijk benaderd, maar de cijfers blijven schattingen van de werkelijkheid.
Vraag 2:
Is er in het onderzoek duidelijk geworden waarom er zulke verschillen zijn t.w. landelijk, regionaal en gemeentelijk? Antwoord: Een exacte verklaring voor de verschillen zou aanvullend onderzoek vragen. In algemene zin kan gesteld worden dat verschillen in o.a. bevolkingssamenstelling en lokale cultuur die verschillen kunnen verklaren. Zo kunnen in sommige gebieden meer of minder mensen uit bepaalde risicogroepen wonen. Risicogroepen voor eenzaamheid zijn o.a.:
ouderen 75+;
mensen met een chronische aandoening en gehandicapten; mensen met een migratie-achtergrond; alleenstaanden; mantelzorgers;
laaggeletterden;
mensen in armoede; LHBTI-doelgroep.
Wij verwachten u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Molenlanden, De secretaris,
De burgemeester,
Leon Anink
Theo Segers
CC: de leden van de gemeenteraad Molenlanden