Beantwoording technische vragen Molenlanden - Jaarrekening 2025
Tekst van het document
Jaarrekening 2025 Beantwoording technische vragen
Partij
Volgnummer
Vraag
Antwoord
CDA
1
Begrotingsafwijking
Een gedeelte van het verschil
gerealiseerde saldo ten
ander gedeelte niet. Een
De afwijking van het
opzichte van de begroting is bijzonder groot. Na
reservemutaties een positief
saldo van € 12,6 miljoen. Welke maatregelen kunnen genomen worden om in de komende
is beïnvloedbaar en een
hogere algemene uitkering
dan begroot of afrekeningen van rijksmiddelen uit
voorgaande begrotingsjaren, zijn niet beïnvloedbaar.
jaren, als er scherper aan de
Maatregelen: Bij het opstellen
voor te zorgen dat ‘begroten’
nieuwe college hier goed naar
wind gevaren moet worden, er
van de begroting kijkt het
en ‘realiseren’ meer op elkaar
en houdt hier rekening mee.
Begraafrechten
In 2025 waren er meer
staat dat de kostendekkendheid
vooraf vanuit gegaan waren.
94% is uitgekomen. Veel hoger
ongeveer 40 hoger dan het
gaan lijken? CDA
2
Op pagina 70 van het jaarverslag begrafenissen dan waar we van de grafrechten in 2025 op dan de streefwaarde van 80%
maar dat wordt vooralsnog als incidenteel beschouwd.
A. Kunt u dat ‘vooralsnog
incidenteel’ nader toelichten?
B. In raadsvoorstel 1190945 (9 november 2023) stemde de gemeenteraad in met het
jaren. We gaan ervan uit dat dit éénmalig was en dat het
aantal vanaf 2026 weer rond het gemiddelde zit. Daarom beschouwen we dit als incidenteel.
De uitbreiding van de
uitbreiding van de begraafplaats
is nog niet afgerond. Er is
in Giessenburg. In dat
raadsvoorstel staat dat de
bijbehorende kapitaallasten van jaarlijks € 70.253,- vanaf 2025
in de begroting zouden worden verwerkt. Is dat ook gebeurd? 3
gemiddelde van de afgelopen
voorstel om een krediet
beschikbaar te stellen voor de
CDA
Dit waren er 294 en dat is
begraafplaats in Giessenburg daarom in 2025 niet
afgeschreven omdat we pas
afschrijven in het jaar na het
afronden van de investering, dus zijn deze kapitaallasten
niet in de jaarrekening 2025 opgenomen.
Rioolrechten
Het percentage is hoger
rioolrechten werd begroot op
lager zijn dan begroot. De
Kostendekkendheid
74%. Realisatie was 86%. De
gebruikersheffing wordt door
Oasen geheven door een opslag per m³ waterverbruik. Hoe is
omdat de werkelijke kosten opbrengst was ongeveer gelijk aan de begroting.
De lagere kosten komen voornamelijk omdat er
dat verschil tussen 74 en 86 te
minder BTW is toegerekend
gerechtvaardigd dat het
systematiek van de
verklaren? Is de conclusie
waterverbruik in Molenlanden fors toegenomen is?
dan begroot. In de
rioolheffing worden de
kosten verhoogd met de BTW, inclusief de BTW op
investeringen. Omdat de investeringen zijn
achtergebleven op de planning zijn de
toegerekende kosten lager dan begroot. CU
4
Raadsvoorstel: Betreft het
De reserve is ontstaan bij de
leefbaar Kinderdijk a 63.000
overgenomen bij de fusie. De
voornemen om de reserve
terug te storten in de Algemene reserve. Hoe verloopt de
toekenning vanuit deze reserve richting het dorp? Wie beslist hierover en wat is de laatste
jaren hiervoor gedaan om deze zoveel mogelijk tot nut van
gemeente Molenwaard en is
jaarlijkse kosten die we voor Kinderdijk maken zijn
inmiddels opgenomen in
onze meerjarenbegroting. Deze reserve is daarom in
feite overbodig geworden.
Kinderdijk te laten zijn? CU
5
Pagina 106,
De beschrijving op pagina
verenigingen of stichtingen die
rechtmatigheid van
subsidieverstrekkingen. Zijn er op basis van de aangescherpte procedure GEEN/MINDER
subsidie hebben ontvangen of deze hebben moeten retourneren?
En is het college reeds bezig om de regels in de
subsidieverordeningen te
actualiseren? En zo ja waar denkt het college dan aan?
Verder is er positieve aandacht
106 e.v. gaat over de
subsidieverstrekkingen. Dit
betekent een oordeel over het juist volgen van de gestelde procedure cf. wet- en
regelgeving. Dit heeft geen
effect op het subsidiebedrag dat partijen al dan niet krijgen.
Bovenstaande geeft geen
aanleiding om de verordening aan te passen.
voor opleiding van de interne
De opleiding is een advies
voor de aanvragende partij voor
in de toekomst
organisatie, is er ook aandacht
wat betreft verbetering van hun proces?
aan de interne organisatie om onrechtmatigheden te voorkomen.
CU
6
pagina 5 en 16, onderhoud
Voor het uitvoeren van
dat er op minimaal vereist
elementenverharding
wegen en asfalteren. We zien niveau wordt geleverd, is dit
een tendens aangezien dit ook al zichtbaar was in de
najaarsnota? Hoe heeft het
college de externe partijen aangesproken op het niet
uitvoeren van het contract op
gewenst niveau, maar op deze minimale vereisten?
werkzaamheden aan
en asfaltverhardingen wordt gewerkt met
eenhedenbestekken.
Voordeel hiervan is dat op
basis van een variabel aanbod kan worden ingespeeld op de situaties die zich gedurende het jaar binnen het
wegenonderhoud voor
doen. Om aan beide partijen (gemeente/aannemer)
duidelijkheid en zekerheid te geven is binnen het bestek een minimale hoeveelheid aan werkzaamheden opgenomen. Deze
werkzaamheden worden dan ook gedurende het jaar
ingevuld en uitgevoerd. Op
basis van het bestek kunnen meer werkzaamheden
worden uitgevoerd. In het
afgelopen jaar is gebleken dat door diverse
omstandigheden (naast de minimale hoeveelheid) het
niet voldoende mogelijk was om alle geplande
werkzaamheden voor te
bereiden en tot uitvoering te
brengen (personeelstekorten
bij aannemers, ziekte binnen gemeente enz.). Het is juist dat dit al bij najaarsnota
zichtbaar was. Het is dan niet mogelijk om dit in de laatste maanden van het jaar in te
halen. Er wordt gezamenlijk
gekeken hoe we deze situatie in 2026 kunnen verbeteren.
Volgens het contract hebben de aannemers wel aan de
minimale verplichting van de
hoeveelheden binnen het contract voldaan.
Doe
Mee!
7
Raadsvoorstel:
Uitgangspunt is een juiste
Voorwaardencriterium:
en Aanbestedingsbeleid. Om
Rechtmatigheidsverantwoording onrechtmatige aanbesteding. - De vraag: hoe gaat college zorgen dat aanbestedingen, met name Europese,
rechtmatig plaatsvinden
toepassing van het Inkoop-
dit 'levend' te houden binnen de ambtelijke organisatie
worden meerdere keren per jaar inloopmomenten
georganiseerd, artikelen op het interne netwerk
gepubliceerd en een
lunchlezing gehouden. Vanuit de interne controle wordt gemonitord welke bestedingen de
aanbestedingsgrens naderen. Doe
Mee!
8
Bijlage 1 van de jaarrekening
De schuldquote is lager
- financiële kengetallen.
geldleningen zijn afgesloten
zelf:
Daarin zitten toch wat
essentiële verschillen tussen begroting en jaarrekening. - De vraag: Kan college
uitleggen waardoor deze verschillen ontstaan?
vb. schuldquote. In de
begroting werd de schuldquote veel hoger ingeschat.
Belastingcapaciteit meer dan
100%. De belastingdruk in de
gemeente is hoger dan landelijk gemiddeld. Veroorzaakt door Waardlanden?
- Vraag: Ziet het college een mogelijkheid om dit te verlagen?
omdat er minder
dan waar in de begroting
rekening mee gehouden is.
Dit komt omdat investeringen later uitgevoerd worden dan gepland. De
belastingcapaciteit wordt berekend door de OZB, rioolheffing en
afvalstoffenheffing te
vergelijken met het landelijke gemiddelde. De OZB is bij ons veel lager dan het
landelijke gemiddelde. De afvalstoffenheffing en
rioolheffing zijn hoger. Een
oorzaak is de relatief zwakke bodem in onze gemeente waardoor de kosten van
riolering hoger zijn. En omdat de kosten voor afval bij ons hoger zijn dan het landelijk gemiddelde is de
afvalstoffenheffing hoger.
Een mogelijkheid om dit te
verlagen zou kunnen zijn om
van het principe af te stappen dat de kostendekkendheid op 100% moet zitten. Doe
Mee!
9
P148: rente parameter is 1.5%,
De omslagrente waar we nu
deze op 2% gezet. Wat is het
Dit is de gemiddelde rente
maar in de kadernota (p5) is nu?
(2026) meerekenen is 1,5%. die we betalen over ons
vreemd vermogen. Doordat we meer gaan lenen en de rente aan het oplopen is
verwachten wij dat die rente
naar een gemiddelde van 2%
gaat. Dat is de verklaring. ( PS : 2% is dus niet de huidige kapitaallrente maar een
gemiddelde van de huidige
leningen en een doorrekening van de toekomstige leningen. PM
10
Op pagina 5 wordt aangegeven,
De monitoring en
onderbesteding door
om de prognose van de
dat er sprake is van
niet vervulde vacatures en dat betere monitoring en
sturingsinformatie zou
leiden tot een betere invulling. Hoe denkt het Collega die betere invulling
te kunnen bereiken? Kan nader worden uitgelegd, wat betere monitoring
en sturingsinformatie daarin bijdraagt?
sturingsinformatie is gericht loonkosten zo goed mogelijk te monitoren. Hier zijn voor 2026 stappen in gemaakt,
wat geresulteerd heeft in een vrijval in de Zomernota van € 430 K. Monitoring verbetert prognose én maakt
prioritering mogelijk; vacatures blijven
arbeidsmarktrisico, maar
college stuurt via werving,
prioritering, inhuurafweging en herijking taken.
PM
11
Op pagina 5 wordt ter zake
Voor het uitvoeren van
aangegeven dat
elementenverharding
onderhoud wegen/asfalteren dit heeft plaatsgevonden op
grond van minimale eisen en niet op wenselijk
niveau. Waarom is hiervoor
gekozen? Waarom wordt het onderhoud
doorgeschoven naar 2026? Aangegeven wordt dat de oorzaken “extern
werkzaamheden aan
en asfaltverhardingen wordt gewerkt met
eenhedenbestekken.
Voordeel hiervan is dat op
basis van een variabel aanbod kan worden ingespeeld op de situaties die zich gedurende het jaar binnen het
wegenonderhoud voor
moeten worden gezocht”. Wat
doen. Om aan beide partijen
omschrijving?
duidelijkheid en zekerheid te
wordt bedoeld met deze
(gemeente/aannemer)
geven, is binnen het bestek een minimale hoeveelheid aan werkzaamheden opgenomen. Deze
werkzaamheden worden dan ook gedurende het jaar
ingevuld en uitgevoerd. Op
basis van het bestek kunnen meer werkzaamheden
worden uitgevoerd. In het
afgelopen jaar is gebleken dat door diverse
omstandigheden (naast de minimale hoeveelheid) het
niet voldoende mogelijk was om alle geplande
werkzaamheden voor te
bereiden en tot uitvoering te
brengen (personeelstekorten
bij aannemers, ziekte binnen gemeente enz.). Het
onderhoud wordt gedurende
het gehele jaar uitgevoerd. Er zijn werkzaamheden
doorgeschoven naar 2026.
Deze werkzaamheden waren gepland in december 2025.
Door omstandigheden waren er meer werkzaamheden op diverse locaties in
Molenlanden nodig waardoor het geheel niet binnen de
planning van de aannemer kon worden uitgevoerd. In overleg zijn deze
werkzaamheden verplaatst
naar begin 2026. Het gevolg is dat de kosten voor de
werkzaamheden dan niet op de onderhoudsposten van 2025 geboekt worden,
waardoor er minder werk in 2025 is uitgevoerd.
PM
12
Op pagina 24 wordt gesteld, dat
Voor de aanleg van het
tussen
van ca. 110.000 euro
de aanleg van het struinpad
Nieuwpoort en Schoonhovense veer niet realiseerbaar is. Er is een grotere
investering nodig na flora- en
faunaonderzoek. Wat heeft dat onderzoek
opgeleverd? Wat is de omvang van die investering? Waarom wordt dit
project dan niet gerealiseerd?
Struinpad was een investering geraamd. Het natuurgebied
Veersedijk ligt buitendijks en is een ruig gebied met
mogelijk kwetsbare natuur, vandaar dat wij onderzoek hebben laten doen naar
beschermde potenties. Uit de verschillende onderzoeken bleek dat het gebied
verschillende beschermde diersoorten huisvest. Het betrof de volgende
diersoorten: Bever (zowel kernterritorium als foerageergebied)
• Verschillende roofvogels: Sperwer, Ransuil, Bruine Kiekendief en Torenvalk
• Steenmarter (moeder met jongen)
• Categorie 5 vogelsoorten
(rode lijst soorten): Spotvogel, Kneu, Blauwe Reiger, Koekoek • Broedvogels: Blauwborst,
Bosrietzanger, Cetti’s zanger, Kleine Karekiet, Rietgors,
Grauwe Gans, Rietzanger,
Grasmus, Groenling en Putter
Al deze soorten hebben ertoe geleid dat het Struinpad ingekort, versoberd en
aangepast moest worden om
bovenstaande soorten niet te verstoren. Door alle
aanpassingen kwam de
begroting als snel over de
200.000 euro en stond het
gebruik van het pad niet meer in verhouding met de aanlegkosten. PM
13
Op pagina 27 wordt
Provincie heeft nog geen
standpunt rond
mestvergisting. Provincie
aangegeven, dat het provinciale
standpunt ingenomen over
mestvergisting een
heeft een onderzoek
uitwerking van de
uitvoeren door de WUR.
belemmerende factor is voor de groengaspilot Bleskensgraaf-
Giessenburg. Kunt u dat nader verduidelijken?
monomestvergisting laten Standpunt rondom
mestvergisting zal ook een plaatsje krijgen in de
modulaire herziening
landbouw van de provincie
Zuid-Holland. Met betrekking tot mestvergisting heeft de provincie twijfels over de bijdrage hiervan aan het
verdienvermogen van de
boer. Zeer recent werd in de Provinciale Staten van Zuid-
Holland wel een amendement aangenomen die meer ruimte moet bieden voor de
productie van biogas en
collectieve mestvergisting in het landelijk gebied. PM
14
Op pagina 28 wordt
Voorafgaand aan de
generiek beleid is voor lokaal
windlocaties in onze RES-
aangegeven, dat er geen
eigendom en participatie in het kader van het vaststellen van beleid voor
lokaal eigendom en financiële participatie in grootschalige duurzame
energieprojecten, omdat
initiatieven voor grootschalige zonnevelden
ontbreken. Het komt PM voor,
dat er wel (andere) initiatieven voor de
opwek van duurzame energie
kunnen gaan komen. Waarom is daarop
vooruitlopend geen beleid
ontwikkeld? Hoe verhoudt zich uw opmerking
ten aanzien van projecten op het gebied van windenergie?
verkenning naar mogelijke regio hebben de
gemeenteraden van
Gorinchem en Molenlanden kaders vastgesteld,
waarbinnen de colleges de
verkenning konden uitvoeren. 1 van de kaders had
betrekking op lokaal
eigendom en financiële
participatie voor de projecten die op 1 of meerdere
vastgestelde windlocaties verder uitgewerkt en
gerealiseerd zouden worden. Onze opmerking ten aanzien van projecten op het gebied
van windenergie verwijst naar dit kader. De nieuwe
Energiewet maakt het
mogelijk voor burgers, bedrijven en lokale
overheden om samen te
werken in een zogeheten
energiegemeenschap. Het doel is niet om winst te
maken, maar om lokaal
duurzame energie op te
wekken, op te slaan, te delen of onderling te verhandelen. We verwachten dat hierdoor de vraag naar lokaal
opgewekte en lokaal
gebruikte duurzame energie zal toenemen en dat we
daarmee ook een stijging zullen zien in het aantal
initiatieven voor duurzame energie-opwek in onze
gemeente. Een generiek
beleidskader lokaal eigendom en financiële participatie is een belangrijke
randvoorwaarde om deze
ontwikkeling te faciliteren en
het realiseren van de ambities voor lokaal eigendom en
lokaal profijt van duurzame energie te borgen in beleid
en een verordening. We zijn daarom gestart met de voorbereiding van het
beleidskader. Vanuit de
Molenlandse manier van
werken stellen we de criteria voor het beleid op in samenwerking met Energiecoöperatie
Molenlanden. We verwachten eind 2026 aan uw raad een voorstel voor een
beleidskader te kunnen presenteren.' PM
15
Op pagina 34 wordt gesteld,
“Het waterbeleid was tot de
water eerst
Adviseur Water bij
dat ten aanzien van ruimte voor een position paper moet
worden opgesteld en dat er een visie/uitvoeringsprogramma
komst van de functie
verschillende personen, teams en domeinen
ondergebracht. De Adviseur
moet worden ontwikkeld.
Water vervult nu een
deze weg gekozen? Wat wordt
rol met betrekking tot water.
Waarom is voor
dan het toekomstige traject?
coördinerende/strategische Het position paper Water
dient om het waterbeleid,
bestuurlijk en ambtelijk, op
een rij te zetten en geeft de
samenhang weer. Vanuit het
coalitieakkoord 2026-2030 is het de wens om een gerichte en samenhangende aanpak m.b.t. water en
klimaatadaptatie te hebben.
De aanpak blijft zoals die nu is, de uitvoering van de waterissues binnen de
verschillen domeinen/velden houden en integreren in de
uitvoeringsprogramma’s van de verschillen
domeinen/velden.
Overeenkomstig het
document jaarstukken 2025 wordt er dus geen aparte watervisie en
uitvoeringsprogramma opgesteld.” PM
16
Op pagina 36 wordt opgemerkt,
Vanaf begin 2026 wordt
onderbesteding van
budgetten en budgetbeheer
dat er sprake is van
groen onderhoud door
verkeerde prioritering, ruis etc. Hoe kan dit in de
toekomst worden voorkomen? Wordt dit in 2026 ingehaald? PM merkt
hierbij op, dat in de
burgerpeiling veel inwoners klaagde over gebrek aan groenonderhoud.
scherper op besteding van in zijn algemeenheid
gestuurd. Er is in 2025 geen sprake geweest van een
achterstand, dus hoeft er in 2026 niets te worden ingehaald. De
onderbesteding is namelijk
ook deels het gevolg geweest van lagere aanbestedingen dan de vooraf gemaakte
directieramingen. Om de
burgerpeiling waarbij veel inwoners klaagden over
gebrek aan groenonderhoud
te doorgronden en op waarde
te schatten is meer informatie
nodig. De ervaring is dat de meeste meldingen over
groenonderhoud vaak te relateren zijn aan de
weersomstandigheden. Bij vochtig weer ontstaat veel
onkruiddruk wat tijdelijk een
onverzorgd beeld kan geven.
Dit zijn de momenten dat het
beeldkwaliteitsniveau tijdelijk onder druk staat. Overall zijn er binnen vakteam BBR geen meldingen bekend dat het vastgestelde
beeldkwaliteitsniveau B te laag zou zijn. PM
17
In bijlage 2 worden de over te
Bij najaarsnota 2025 is al een
besproken. Het
1.941.682 vastgesteld.
hevelen middelen naar 2026
over te hevelen bedrag van €
gaat om een bedrag van totaal € 2.656.134. Wat is de verhouding tot het
bedrag, dat in paragraaf 3.1 van het Raadsvoorstel ad € 714.452 wordt genoemd?
Tijdens het opstellen van de
jaarrekening is gebleken dat
er nog meer overgeveld moet worden; € 2.656.134. In het
raadsvoorstel wordt verzocht het verschil tussen beide
bedragen ter hoogte van € 714.452 vast te stellen.
Aanvulling: Het jaarrekeningresultaat is € 12,6 miljoen. In de jaarrekening is het verschil toegelicht tussen de Najaarsnota en jaarrekening. Om inzicht te krijgen in de grootste verschillen tussen de oorspronkelijk vastgestelde begroting en de jaarrekening geeft deze tabel het volgende beeld: Onderwerp
Zomernota
Najaarsnota Jaarrekening
Algemene Uitkering uit het gemeentefonds
2.545.000
1.989.000
Serviceorganisatie Jeugd
2.445.000
146.000
Salarissen
-688.000
1.055.000
Beschermd Wonen Grondexploitaties en grondverkopen
1.162.000
Overige
Totaal 5.696.000 2.591.000
1.967.000
2.334.000
734.000
566.000
1.300.000
56.000
980.000
1.036.000
Kapitaallasten
854.000
854.000
Oekraïneopvang
852.000
852.000
Avres, afrekening 2024
750.000
750.000
I-domein Rente
620.000 440.000
86.000
620.000 526.000
Subsidie BTW-nadeel op Sport
372.000
Uitkoopregeling onder
hoogspanningsmasten Onderhoud wegen en gebouwen
-439.000
372.000 308.000
308.000
686.000
247.000
Energiekosten Openbare Verlichting
-226.000
-226.000
Huisvesting De Tuimelaar
-228.000
-228.000
Mensen met een migratieachtergrond
-230.000
Versterking handhaving Verrekening voorziening Riolering/afval
-405.000
-405.000
-1.334.000
-1.334.000
Pensioenvoorziening wethouders Leges omgevingsvergunningen en Leefomgeving
-230.000
-1.582.000
-1.582.000
-900.000
-743.000
-1.643.000
Mutaties < € 200.000
-1.306.000
938.000
1.067.000
64.000
763.000
Totaal
3.787.000
3.949.000
4.801.000
64.000 12.601.000