Beantwoording technische vragen CDA - voorbereidingsbesluit riolering
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief Onderwerp
:
Beantwoording technische vragen CDA –
Datum
:
5 april 2022
Portefeuillehouder
:
Zaaknummer
Behandelend ambtenaar
: :
voorbereidingsbesluit riolering 1136363
Johan Quik
Projectteam riolering
Beste meneer De Jong, Op 4 april 2022 stelde u technische vragen over het voorbereidingsbesluit riolering. Via deze raadsinformatiebrief worden uw vragen beantwoord.
Vraag 1:
Is er een goed beeld hoeveel water per streng in theorie (levering Oasen aan aangesloten
adressen) aangevoerd wordt, in relatie tot de hoeveelheid water die door de betreffende streng
afgevoerd wordt? Klopt de veronderstelling dat het verschil tussen deze getallen gelijk is aan de hoeveelheid hemelwater die via de streng moet worden afgevoerd? Antwoord:
Voor het verkrijgen van inzicht in de rioleringsproblematiek is het waterverbruik een indicatie maar onvoldoende nauwkeurig. Daarom worden nu verdiepende sessies uitgevoerd.
Vraag 2:
Is het technische probleem opgelost als er geen sprake meer zou zijn van lozing van hemelwater via de strengen? Antwoord:
Nee, dan is het technische probleem niet opgelost. Als er nergens regenwater zou zijn
aangesloten op de mechanische riolering, dan is er nog steeds een capaciteitsprobleem. De
indicatieve berekening door Kennis van Pompen, waarin geen rekening is gehouden met eventuele afvoer van hemelwater, laat dit zien.
Vraag3:
In het plan van aanpak staat dat de gemeente vanaf juni 2022 gaat starten met
handhavingstrajecten om foutieve rioolaansluitingen te beëindigen. Op basis waarvan gaat de
2 gemeente handhaven? Is in Molenlanden bij verordening vastgelegd dat lozing van hemelwater in de riolering in het buitengebied handhaafbaar is? Antwoord:
Er wordt in juni 2022 gestart met het onderzoek naar foutieve rioolaansluitingen. Mocht blijken
dat er foutieve aansluitingen aanwezig zijn, dan zal in overleg met de bewoners bekeken worden, hoe deze van de mechanische riolering gehaald kunnen worden en direct op een watergang
kunnen gaan lozen. Op basis van goede uitleg en door in gesprek te treden met inwoners zijn in andere gemeenten goede resultaten bereikt. Inwoners waren daardoor zelf bereid om de
rioolaansluitingen aan te passen. Die aanpak wordt ook toegepast in Molenlanden. De gemeente heeft evenwel geen verordening als juridische basis hiervoor.
Vraag4:
Onderdeel 3b van het raadsbesluit (als het gaat om alternatieve sanitatie) krijgt blijkbaar geen draagvlak van het waterschap. Waarom zou het waterschap geen draagvlak willen geven? Antwoord:
Bij alternatieve sanitatie is tot nu toe met Waterschap Rivierenland gesproken over een IBA
(individuele behandeling afvalwater) in de vorm van een septic tank of een helofytenfilter. Voor de werking is er een afhankelijkheid van het gedrag van de gebruikers van de IBA. Waterschap
Rivierenland heeft de ervaring dat dergelijke IBA’s een te kwetsbaar systeem zijn waardoor het
behalen van de doelstellingen in de Kaderrichtlijn water in gevaar komt. We zijn met Waterschap Rivierenland in gesprek over de rioleringsproblematiek in onze gemeente en mogelijke
oplossingen daarvoor. Het waterschap heeft aangegeven bereid te zijn mee te denken in dit proces.
Wij verwachten u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Molenlanden, De secretaris,
De burgemeester,
Leon Anink
Theo Segers
CC: de leden van de gemeenteraad Molenlanden