Beantwoording politieke vragen CDA - Uitgangspunten Harmonisering Omgevingsplan - woningsplitsing
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief Onderwerp
:
Beantwoording politieke vragen CDA - Uitgangspunten
Datum
:
18 april 2023
Portefeuillehouder
:
Zaaknummer
Behandelend ambtenaar
: :
Harmonisering Omgevingsplan - woningsplitsing 1170391
Arco Bikker
Joris Wijnakker
Beste meneer Klink, Op 14 april 2023 stelde u politieke vragen aan het college conform artikel 55 van het Reglement van Orde. Via deze raadsinformatiebrief worden uw vragen beantwoord.
Vraag 1:
In uw beantwoording op de vraag van de SGP welke mogelijkheden u ziet om in onze gemeente
grote (niet historische) woningen te splitsen in 2 wooneenheden, schrijft u op 10 november 2022: ‘In de huidige bestemmingsplan ‘buitengebied Giessenlanden’ is de mogelijkheid opgenomen tot het splitsen van grote (niet historische) woningen. In de lijn van dit plan behandelen wij alle
aanvragen binnen de gemeente Molenlanden. Daarbij beoordelen wij ieder plan op passendheid in zijn omgeving.’
Waarom stelt u dan nu voor om ander beleid te gaan voeren, namelijk door de cultuurhistorische waarde van de te splitsen woning centraal te stellen? Antwoord:
Vooropgesteld gaat dit raadsvoorstel over het harmoniseren van bestaande
bestemmingsplanregels in het omgevingsplan, niet om het voeren van beleid. De regels zijn slechts een uitwerking van bestaande beleidsdoelen.
De beantwoording van 10 november 2022 waar u naar verwijst heeft betrekking op welke
mogelijkheden, in algemene zin, het college ziet om grote (niet historische) woningen te splitsen. De huidige bestemmingsplanregels van ‘Buitengebied Giessenlanden’ zijn een voorbeeld van hoe
dit nu al binnenplans gedaan kan worden. In de beantwoording is aangegeven dat het mogelijk is
om volgens die lijn dat in de hele gemeente toe te passen, maar daar hoort dan wel de nuance bij dat dit in gebieden die niet binnen het bestemmingsplan ‘Buitengebied Giessenlanden’ liggen dit met een buitenplanse omgevingsvergunning of bestemmingsplanprocedure zou moeten.
Bij de analyse van bestemmingsplanregels in het kader van harmonisering is het centraal stellen van de cultuurhistorische of karakteristieke waarde een grote component gebleken, waarbij het loslaten daarvan in het omgevingsplan voor het hele grondgebied juist het voeren van ander
2 beleid zou zijn. Het college is van mening dat het passender is om dit via de top de beleidscyclus te laten lopen, namelijk door te beginnen bij de omgevingsvisie.
Het gevolg van dit voorstel voor harmonisering zou dan zijn dat panden met een
cultuurhistorische of karakteristieke waarde al binnenplans gesplitst kunnen worden, door middel van een omgevingsplanactiviteit (OPA), wat een voortzetting van huidige splitsingsmogelijkheden
is voor het grootste deel van de gemeente. Bij grote panden die niet aan die voorwaarden kunnen voldoen is alsnog de mogelijkheid om deze te splitsen, maar dan zal dit in strijd zijn met het omgevingsplan en door middel van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) moeten lopen. In die procedure hoort een fase van omgevingsdialoog met betrokkenen, waaronder provincie en waterschap.
Vraag 2:
In de commissievergadering stelde u dat het zou indruisen tegen provinciaal beleid als we het splitsing buiten bestaand stads- en dorpsgezicht (BSD) toestaan van woningen die geen cultuurhistorische waarde hebben.
Houdt dat verband met uw eerdere beantwoording van vragen van de ChristenUnie op 16 februari: ‘Bij het permanent splitsen van reguliere woningen buiten Bestaand stads- en dorpsgebied is het noodzakelijk dat een verbetering van de ruimtelijke kwaliteit plaatsvindt, omdat een woning toegevoegd wordt.’? Antwoord:
Ja, dat houdt daar mee verband. Woningsplitsing heeft gevolgen voor hoe het erf eruit komt te
zien en de ruimte voor bijgebouwen. Daarmee heeft het een effect op ruimtelijke kwaliteit. Het provinciaal beleid ziet toe op de verbetering van ruimtelijke kwaliteit in het buitengebied. De
regeling voor woningsplitsing van cultuurhistorische gebouwen is een binnenplanse regeling, waardoor bij het toetsen daaraan de provincie niet wordt geraadpleegd. Als dit buitenplans gedaan wordt is de provincie wel een vaste vooroverlegpartner.
Vraag 3:
Zo ja, waarom staat in het raadsvoorstel niet dat het vast te stellen beleid omtrent woningsplitsing uitsluitend om woningsplitsing in het buitengebied gaat? Antwoord:
Het voorstel gaat om het harmoniseren van bestaande regelingen in bestemmingsplannen. Het
beslispunt dat over woningsplitsing gaat heeft dan ook betrekking op de gebieden waar nu ook een regeling voor woningsplitsing bestaat in de bestemmingsplannen. Dat betreft het hele buitengebied en enkele locaties aan de dorpslinten van bestemmingsplan ‘Dorpskernen Graafstroom’.
Vraag 4:
3 Uit welk provinciaal beleid blijkt dat woningsplitsing buiten BSD niet is toegestaan? Het splitsen
van een woning buiten BSD lijkt mogelijk als de motivering voldoet aan de vereisten van art. 6.9a lid 1 en 2 van de Omgevingsverordening:
Artikel 6.9a Beschermingscategorie 3 Buitengebied
1. Een bestemmingsplan voor een locatie binnen buitengebied waarvan de plaats
geometrisch is verbeeld op kaart 14 in bijlage II kan voorzien in een ruimtelijke
ontwikkeling mits de openheid en het groene karakter van het landschap niet onevenredig
wordt aangetast, blijkens een afdoende motivering die tevens ingaat op de keuze voor een locatie buiten bestaand stads- en dorps gebied.
2. In de motivering worden de volgende kwaliteiten betrokken:
a. de openheid en de structuur van het landschap en de vergezichten daarin; b. de relatie tussen stad en buitengebied en het onderscheid daartussen;
c. het groene karakter, het type functies en de kenmerkende verschijningsvormen van het landschap;
d. de herkenbaarheid van de ontstaansgeschiedenis van het landschap. Antwoord:
Het provinciaal beleid schrijft instructieregels voor waar de gemeente bij het maken van
ruimtelijke plannen aan gehouden is. Een deel van de instructieregels heeft betrekking het buitengebied, waaronder het artikel dat u in uw vraagstelling aanhaalt. Anderen hebben
bijvoorbeeld betrekking op de bereikbaarheid van woningen en risico’s van klimaatverandering. Er is geen instructieregel die zo stellig is dat woningsplitsing buiten BSD niet is toegestaan, maar het
punt is dat een nieuwe regeling, die ruimer is dan de bestaande, wel langs alle instructieregels van de provincie gehouden moet worden. Woningsplitsing heeft direct effect op ruimtelijke kwaliteit (zie ook beantwoording vraag 2). Omdat Molenlanden zo’n groot buitengebied heeft kan een
ruimere splitsingsregeling ineens gevolgen voor een enorm aantal woningen met gevolgen voor de ruimtelijke kwaliteit. De mening van het college is dat een verruiming met deze potentiële impact
voor het buitengebied eerst een uitspraak op het niveau van de omgevingsvisie verdient en in dat verband ook met provincie wordt afgestemd.
Maar voordat die route via de omgevingsvisie (en vervolgens uitwerking in het omgevingsplan) is doorlopen, houden we met dit voorstel voor harmonisering in stand dat in die gevallen die nog niet op dat niveau met provincie zijn besproken een buitenplanse aanvraag van toepassing is, waarbij de provincie een vaste vooroverlegpartner is in het voortraject.
Vraag 5:
Als we in de omgevingsvisie een ruimer beleid voor woningsplitsing zullen aannemen dan nu in dit harmonisatievoorstel wordt voorgesteld, wanneer treedt dat ruimere beleid dan effectief in werking? Is dat in 2029 als het nieuwe omgevingsplan klaar zal zijn, of eerder al tijdens het tijdelijke omgevingsplan? Antwoord:
Als uit de omgevingsvisie een ruimer beleid voor woningsplitsing blijkt dan in het dan geldende
omgevingsplan dan is het mogelijk om een thematische omgevingsplanwijziging door te voeren in
4 het omgevingsplan. Dat wil zeggen dat voor het hele grondgebied enkel de
woningsplitsingsregeling aangepast kan worden. Dit zou dan relatief aan het begin van de transitiefase doorgevoerd kunnen worden en zeker niet pas in 2029.
Wij verwachten u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Molenlanden, De secretaris,
De burgemeester,
Leon Anink
Theo Segers
CC: de leden van de gemeenteraad Molenlanden