05 - klimaat en duurzaamheid
Tekst van het document
Uitwerking Financiële Opgave 2026 e.v. Beleidsterrein Onderwerp
: :
Portefeuille Behandelend ambtenaar
: :
Duurzaamheid en Afval Uitvoering/bekostiging klimaat en duurzaamheidsvraagstukken vanuit externe middelen (geen eigen gemeentelijke middelen) Wethouder Jan Lock Jordy Venderbos, Willem van Valen, Francis Hendriks
Korte toelichting op het onderwerp en bijbehorende activiteiten De voorgestelde bezuiniging doelt op alle activiteiten die te maken hebben met de Energietransitie (Energiebesparing inwoners, Regionale Energiestrategie, Warmtetransitie en Energie-infrastructuur), Klimaatadaptatie, Circulaire economie en daarmee samenhangende onderwerpen. Deze onderwerpen zijn opgenomen in het Uitvoeringsprogramma duurzaamheid en klimaat dat periodiek wordt geactualiseerd. Voorbeelden van activiteiten die met deze onderwerpen samenhangen zijn: strategische inzet en verbetering energieinfrastructuur voor het vergroten van de netcapaciteit, inwoners helpen met hun woning te isoleren en energielasten te verlagen, energiearmoede bestrijden, gemeentelijk plan om woningen duurzaam te gaan verwarmen, vergroening van de kernen, klimaat robuuste inrichting van de gemeente (droge voeten houden) en stappen maken richting een meer circulaire samenleving. Voornoemde activiteiten spelen een rol in de nationale en gemeentelijke brede CO₂-reductieopgave richting 2050, specifiek binnen de sector gebouwde omgeving. De andere sectoren zijn: mobiliteit, landbouw en industrie. De CO₂reductieopgave voor de gebouwde omgeving is belegd in het uitvoeringsprogramma Duurzaamheid en Klimaat.
In de organisatie wordt verkend hoe toegewerkt kan worden naar een model waarbij de verschillende sectoren een onderlinge samenhang kennen en op collectieve wijze aangestuurd kunnen worden. De implementatie van dit model heeft ook een weerslag op de wijze waarop wordt omgegaan met de diverse (rijks)inkomsten van deze transitieopgaven in relatie tot inbedding in de begroting. Beoogd wordt de transitieopgaven qua financiering waar mogelijk te koppelen en hier op een meer dynamische wijze mee om te gaan en hiervoor een vorm te vinden binnen de begrotingssystematiek. Voornoemd Uitvoeringsprogramma is qua middelen niet structureel opgenomen in de begroting. Daardoor is er geen structurele bezuiniging vanuit de begrotingssystematiek te boeken op deze thema's. Bij ‘Mogelijke beleidsmatige keuzes’ beschrijven we een drietal scenario’s die bij kunnen dragen aan de bezuinigingsopgave.
Het wettelijke kader en mate van beleidsvrijheid •
• •
•
•
1
De Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw) geeft gemeenten de verplichting om een Warmteprogramma op te stellen en uit te voeren. Het warmteprogramma kent een samenhang met het energienet voor wat betreft de warmtetransitie en de energiebesparingsopgave. De Energiewet stelt o.a. regelgeving voor energie-infrastructuur en het (financieel) beschermen van de consument. Daarnaast zijn zowel de Regionale Energie Strategie (RES) als de Warmtetransitie nationale programma's die doorwerken tot de lokale overheid en waar de lokaal te verkrijgen middelen aan gekoppeld zijn. Op een aantal onderdelen zijn hier vanuit regionale samenwerkingen opgezet met regionaal vastgestelde doelen en visies (zoals: RES en de RAS). Klimaatadaptatie is vastgelegd in de Lokale Adaptatie Strategie (LAS) en in regionaal verband de Regionale Adaptatie Strategie (RAS). Ook klimaatadaptatie is gekoppeld aan Nationale opgaven, door middel van de Nationale Klimaatadaptatiestrategie en het Deltaprogramma. Het Deltaprogramma is vervolgens verankerd in de Deltawet. Circulaire economie volgt het Rijksbrede programma Nederland Circulair in 2050, Nationaal Programma Circulaire Economie 2023-2030 en de Wet Milieubeheer.
Gemeente Molenlanden • Postbus 5 • 2970 AA Bleskensgraaf www.molenlanden.nl • info@molenlanden.nl • 088 75 15 000
De uitgangspunten van het huidige beleidsmatige kader Hierbij een opsomming van de beleidsmatige kaders die van toepassing zijn. Een uitgebreidere beschrijving met doelen per beleidskader is omschreven in bijlage 1. Regionale EnergieStrategie (RES). Warmte Transitievisie Lokale AdaptatieStrategie (LAS): Circulaire economie: Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid en Klimaat (.
Toetsing aan de vijf perspectieven uit de Toekomstvisie Molenlanden 2050 • Wij zijn in staat ons aan te passen aan de gevolgen ontstaan van klimaat-, energie- en wateruitdagingen We anticiperen op de gevolgen van extremer weer. Dit is opgenomen in de verschillende programmadoelen van de Lokale Adaptatie Strategie (LAS). Door snelle veranderingen in de samenleving waarin woningen en bedrijven in rap tempo worden verduurzaamd en het elektrisch rijden toeneemt krijgt het energienet het zwaar te voortduren. Door plannen te maken die bijdragen aan het ontlasten van het energienet door opwek, opslag en afname bij elkaar te organiseren kan het energienet ontlast worden. Bij alle transitieopgaven wordt er aansluiting gezocht bij een lokale circulaire economie. • Onze economie is bloeiend, duurzaam en circulair De onderwerpen die in het Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid en Klimaat zijn opgenomen zijn randvoorwaardelijk voor het behouden en verder laten bloeien van de lokale economie en het dagelijkse leven van inwoners. Doordat het energienet steeds voller wordt en er meer netcongestie ontstaat is dit een erg belangrijk onderwerp voor onze lokale ondernemers. Daarbij kijken we samen met ondernemers hoe we bedrijventerreinen toekomstbestendig kunnen maken op de onderdelen klimaatadaptatie en circulaire economie.
Zie bijlage 2 voor een uitgebreidere uitleg bij alle de vijf perspectieven die verband houden.
De meerjarenraming zoals opgenomen in de Begroting 2025 Samengevat: Er is geen structurele bezuiniging vanuit de begrotingssystematiek te boeken op deze thema's, omdat deze niet meerjarig in de begroting zitten. Een bezuiniging zou kunnen plaatsvinden via de jaarlijkse/twee jaarlijkse besluitvormingsmomenten rondom het Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid en Klimaat. Een bezuiniging zoals in het onderwerp van deze uitwerking is opgenomen door aan voornoemde thema’s en opgaven enkel nog te werken op basis van Rijksinkomsten levert geen structurele bezuiniging op en brengt grote onzekerheid met zich mee voor alle opgaven en doelstellingen. Voor de energietransitie opgaven, klimaatadaptatie en circulaire economie wordt tot op heden steeds een raming gemaakt aan de hand van de door de raad vastgestelde doelen en daaraan gekoppelde activiteiten. Dit alles is opgenomen in de Uitvoeringsprogramma's Duurzaamheid en Klimaat die u afgelopen jaren (bijna) jaarlijks heeft vastgesteld. Door deze handelingswijze werd het tot op heden als het ware gezien als een incidentele post en landde (op 2025 na) niet in de begroting. Voor de beeldvorming op basis van de cijfers over 2025: Er is € 376.992,- opgenomen in de begroting. Daarnaast is er € 400.000,- geraamd om vanuit de reserve duurzaamheid in te zetten.
De Rijks-inkomsten vanuit meerdere regelingen (CDOKE, NPLW bijdrage, RES bijdrage en bijdrage Energiesysteem) voor 2025 bedragen bij elkaar € 987.607,-. Goed om te vermelden is dat er enkel uit de reserve onttrokken wordt wat nodig is op basis van de werkelijk gemaakte kosten. Enkel nog werken aan voornoemde opgaven op basis van te verkrijgen rijksinkomsten (CDOKE middelen) zou betekenen dat er een bedrag van € 776.992,- wegvalt. Ook moet er rekening gehouden worden met een mogelijke korting van 10% over de te ontvangen rijksinkomsten. Deze twee bezuinigingen samen zouden een reductie van middelen inhouden van 47%. Aandachtspunt is dat de RES en NPLW structuur per 1-1-2026 op de schop gaat, waardoor ook de inkomsten die we ontvangen vanuit deze nationale programma’s onzeker zijn. Tot slot geven wij u mee dat de rijksinkomsten voor 2026 en verder nog niet bekend zijn.
2
Gemeente Molenlanden • Postbus 5 • 2970 AA Bleskensgraaf www.molenlanden.nl • info@molenlanden.nl • 088 75 15 000
Mogelijke beleidsmatige keuzes Aan welke knoppen kunnen we draaien? De gemeente zal in ieder geval haar wettelijke taken in de energietransitie moeten opvolgen alsook die voor klimaatadaptatie het onderdeel dat het opgenomen in de Deltawet. Ook voor circulaire economie komt er in 2027 wetgeving aan waaruit opgaven voortkomen voor de lokale overheid. Daaruit kan geconcludeerd worden dat er gewerkt moet blijven worden aan deze opgaven. Het zit hem dus in de vraag hoe ver wil men temporiseren of nationale doelstellingen loslaten of naar beneden bijstellen en welke effecten en consequenties vindt men aanvaardbaar? Een belangrijk aandachtspunt hierbij is dat de landelijk te verkrijgen middelen gekoppeld zitten aan de nationale doelstellingen, het loslaten van de nationale doelstellingen kan daarmee invloed hebben op de te ontvangen middelen en daarmee de activiteiten die we lokaal kunnen verrichten. Hieronder vindt u een aantal keuzeopties in willekeurige volgorde: Optie A: De nationale doelen die Molenlanden heeft overgenomen loslaten of naar beneden bijstellen. Denk hierbij aan CO2 neutraal in 2050, woningen aardgasvrij in 2050, en een aandeel duurzaam opgewekte energie in 2030. Voor Klimaatadaptatie gaat het over het klimaatbestendig inrichten voor onze gebouwde omgeving en landelijke gebieden.
En tot slot circulaire economie daarvoor geld de nationale doelstelling om in 2050 een volledig circulaire economie te hebben. Een bezuiniging kan pas financieel in beeld worden gebracht als duidelijk is welke opgaven losgelaten wordt of naar beneden wordt bijgesteld. Consequenties: De Rijksmiddelen zijn gekoppeld aan de nationale opgaven, het is goed denkbaar dat als Molenlanden deze opgaven loslaat dit invloed heeft op de te ontvangen Rijksmiddelen. Daarnaast zijn er diverse negatieve neveneffecten, voor de samenleving en de lokale economie. Denk aan de capaciteit van het lokale energiesysteem en de toekomstbestendige keuzes die hierin gemaakt moeten worden en oplossingen voor netcongestie. Ook is de verwachting dat het aardgas de komende jaren in prijs zal gaan stijgen, waardoor de inwoners een achterstand in de warmtetransitie gaan voelen in hun portemonnee. Een effect van de keuze voor deze optie kan zijn is dat hogere overheden lokaal ingrijpen omdat lokaal niet aan de nationale of regionale opgaven wordt gewerkt en men achterblijft in de te behalen doelen. Optie B: Temporiseren; door te temporiseren op alle beleidsvelden kunnen kosten teruggebracht worden. Dit zal directe gevolgen hebben voor inzet op de exponentiele groei waar de afgelopen jaren aan gewerkt is en waarbij de tussendoelen in 2030 (met grote waarschijnlijkheid) niet meer kunnen worden gehaald.
Indien gekozen wordt voor temporiseren kan het uitgangspunt worden gehanteerd om enkel middelen en capaciteit te steken in activiteiten waarmee het grootste rendement verwacht wordt. Afhankelijk van de mate waarin men temporiseert is een bezuiniging te behalen op zowel het budgetdeel dat tot op heden jaarlijks wordt gevraagd aan uw raad als (desgewenst) de reserve- duurzaamheidsprojecten. Consequenties: Het is goed mogelijk dat rijksregelingen, zoals we die voor energiearmoede gehad hebben, niet meer of deels worden uitgevoerd. Deze kosten veel inspanningen en hebben weinig duurzaamheidsrendement terwijl het voor de doelgroep wel een groot verschil kan maken. Ditzelfde geldt voor het ondersteunen van lokale initiatieven, deze zullen in mindere mate gefaciliteerd of zelfs niet gefaciliteerd worden, wat een direct effect zal hebben op de initiatieven en op de exponentiele groei die verwacht wordt op basis van deze initiatieven, zodra ze de uitvoeringsfase in gaan. Optie C: Dit is ons inziens de meest voor de hand liggende optie.
Gelet op de onzekere financiële bijdrage vanuit het Rijk voor de Energietransitie en Circulaire economie zou gewerkt kunnen worden met een inspanningsverplichting om te komen tot een bezuiniging van het budgetdeel dat in de begroting voor 2025 is opgenomen/ het budgetdeel dat separaat aan uw raad gevraagd wordt om in te brengen aan eigen middelen voor het Uitvoeringsprogramma. Dat zou betekenen dat er nog aanspraak gemaakt kan blijven worden op de reserve-duurzaamheidsprojecten (voor zover toereikend) als de financiële puzzel gelegd wordt voor 2026 en verder voor de onderwerpen die in het Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid en klimaat zijn opgenomen. Het budgetdeel dat in de begroting is opgenomen voor 2025 is afgerond € 375.000,-. Dit geeft een beeld van het bedrag wat we tot op heden jaarlijks nodig hebben boven op de rijksinkomsten en benutting van een deel van de reserve-duurzaamheidsprojecten. Dit bedrag komt in deze optie in aanmerking om al dan niet deels op te bezuinigen. Consequenties: Een keuze voor deze optie maakt dat pas als het Rijk bekend heeft gemaakt welke Rijksinkomsten de gemeente voor 2026 en verder kan ontvangen, een nieuwe invulling, raming en planning van activiteiten gemaakt kan worden binnen het gekozen financiële kader.
Daarbij is het wenselijk om met enig lef te kijken naar het personeelsbestand en inhuur waar mogelijk om te zetten in (semi) vast dienstverband om kosten te besparen, ondanks de onzekere meerjarige rijksinkomsten. Ook bij dit scenario moet worden bezien welke activiteiten nog kunnen worden uitgevoerd en op welke onderdelen we (tijdelijk) minder inzet plegen. Met het maken van deze keuzes maken we ons afhankelijk van de inkomsten van het Rijk ook voor het behalen van ‘onze’ lokale doelstellingen. Ook deze optie zal een weerslag hebben op de te behalen doelen en het tijdspad, welke weerslag dit is in deze fase nog niet te voorspellen en is mede afhankelijk van de mate waarop bezuinigd wordt op voornoemd budgetdeel.
3
Gemeente Molenlanden • Postbus 5 • 2970 AA Bleskensgraaf www.molenlanden.nl • info@molenlanden.nl • 088 75 15 000
In bijlage 3 vindt u een algemene toelichting op de scenario’s.
4
Gemeente Molenlanden • Postbus 5 • 2970 AA Bleskensgraaf www.molenlanden.nl • info@molenlanden.nl • 088 75 15 000
Bijlage 1: De uitgangspunten van het huidige beleidsmatige kader -
-
-
5
Regionale EnergieStrategie (RES) -> lokaal opwekken duurzame energie en energiebesparing. Doel 1150 TJ opgewerkte energie in 2030 aan wind en zon. Warmte Transitievisie -> aardgasvrij maken woningen en bedrijfsgebouwen en energiebesparing. Doel ca. 20% aardgasvrij (ready) in 2030 en 100% in 2050 en energiebesparingdoelstelling van 22%. Lokale AdaptatieStrategie (LAS): Risico op: Overstromingen vanuit de Lek, de Merwede of de Noord (kans 1:10.000), Overstromingen vanuit het regionale watersysteem (kans 1:100 en 1:300), Extreme neerslag van 90 mm in één uur (kans 1:250), Extreme hittegolven (kans 1:10), Extreme droogte (kans 1:10) en Bodemdaling (Kans 1:1). Opgenomen in UVP op basis van LAS: opsomming programmadoelen (hieronder vallen meerdere doelen per programmaonderdeel): 1. klimaatadaptief handelen en reguleren in gemeentelijk beleid, 2. Meekoppelkansen benutten, 3. Klimaatrisicodialogen voeren, 4. Stimuleren en faciliteren inwoners en organisaties, 5. Stimuleren en faciliteren gem. Organisatie, 6. Doorvertalen calamiteitenplan naar fysieke maatregelen. Circulaire economie: 100% circulair in 2050. Opgenomen in het UVP: inzetten op circulariteit en afvalpreventie om afvalproductie te voorkomen, met het 'omgekeerd inzamelen' de hoeveelheid restafval laten dalen tot 100kg (2025), stimuleren/faciliteren van circulaire initiatieven in Molenlanden.
Opgenomen in Omgevingsvisie: circulair materiaalgebruik, gemeentelijk vastgoed verduurzamen, gemeentelijk inkoop meer circulair inrichten, optimale toepassing voor recycling en hergebruik en circulair ondernemen en produceren. Opgenomen in de Toekomstvisie: Meer ruimte geven aan circulaire initiatieven, zo min mogelijk verspillen, dubbel ruimtegebruik tijdens deze overgang is het resultaat hiervan. Dit leidt zowel tot kansen als tot uitdagingen in ons ruimtegebruik. Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid en Klimaat (UVP): hierin leggen we vast wat we per jaar doen aan voornoemde opgaven en welke capaciteit en middelen hiermee gepaard gaan. Ook is hierin de koppeling met de gemeente brede CO2-reductie opgave benoemd om in 2030 49% en 100% in 2050 reductie van CO2 te bewerkstelligen.
Gemeente Molenlanden • Postbus 5 • 2970 AA Bleskensgraaf www.molenlanden.nl • info@molenlanden.nl • 088 75 15 000
Bijlage 2: Toetsing aan de vijf perspectieven vanuit de toekomstvisie Molenlanden 2050 •
Onze dorpen en stad zijn divers en krachtig Een toegankelijk en veilig leefklimaat staat hierin centraal evenals het behouden en het versterken van de lokale economie. Een belangrijke randvoorwaarde voor beide is het voorhanden hebben van energie door middel van een stabiele energievoorziening. Vanuit de energietransitie wordt hier hard aan gewerkt om met partners de juiste strategische keuzes te maken en oplossing te vinden voor ontstane knelpunten. Dit is essentieel om fijn te kunnen wonen en voor de bedrijfszekerheid. Ook het in eigen beheer opwekken van energie draagt bij aan de bestaanszekerheid van bedrijven en kan direct bijdragen aan een lokale financiële kringloop. Een ander essentieel onderdeel is het kunnen hebben en houden van ‘droge voeten’. Vanuit klimaatadaptatie wordt gewerkt aan het bewust zijn van de samenleving voor het veranderende klimaat dat we allen hieraan een bijdrage moeten leveren om klimaatschade nu en in de toekomst zo veel mogelijk te voorkomen. Denk hierbij aan het groen inrichten van tuinen, parkeerplaatsen met grasbetontegels, meer groen en bomen om water vast te houden en schaduwwerking etc. Samen met de lokale economie worden stappen gemaakt in het toepassen van circulaire materialen om minder/geen aanspraak meer te maken op essentiële grondstoffen. De gemeente daagt ondernemers vanuit haar eigen projecten uit om hierin (mee) te bewegen.
•
Wij zijn een betrokken en toegankelijke samenleving voor iedereen De verschillende opgaven vanuit klimaatadaptatie, circulaire economie, warmtetransitie en regionale energiestrategie raken iedereen en veel mensen tot achter de voordeur. Aan deze opgaven wordt in gezamenlijkheid gewerkt. Inwoners, bedrijven en gemeenten werken hierin nauw samen. Denk bijvoorbeeld aan: de bomenactie, bewonersinitiatieven voor een duurzame en toekomstige warmtevoorziening in Bleskensgraaf (BLES2032) en Giessenburg (EnergieGiessen). Het interactieve proces rondom de zoeklocatie voor windenergie en het alternatief voor grote windturbines, postcoderoosprojecten, klimaatadaptieve inrichting van de buitenruimte (bij en van gemeente maar ook van projectontwikkelingen) en maatwerk voor inwoners op het gebied van afval.
•
Wij zijn in staat ons aan te passen aan de gevolgen ontstaan van klimaat-, energie- en wateruitdagingen We anticiperen op de gevolgen van extremer weer. Dit is opgenomen in de verschillende programmadoelen van de Lokale AdaptatieStrategie (LAS). Door snelle veranderingen in de samenleving waarin woningen en bedrijven in rap tempo worden verduurzaamd en het elektrisch rijden toeneemt krijgt het energienet het soms zwaar te voortduren. Door plannen te maken die bijdragen aan het ontlasten van het energienet door opwek, opslag en afname bij elkaar te organiseren kan het energienet ontlast worden. Daarnaast wordt in strategische overleggen met de netbeheerder gewerkt aan het voorkomen van knelpunten, o.a. door afstemmen van gemeentelijke impactvolle plannen. Hiermee wordt gepoogd zo veel mogelijk problemen te voor te zijn. De transitieopgaven hebben soms een impact op de leefomgeving en in samenspraak met team ruimtelijke ordening wordt er gewerkt om de effecten van o.a. de energietransitie goed ruimtelijk in te passen, denk hierbij aan de extra transformatorhuisjes ed. Bij alle transitieopgaven wordt er aansluiting gezocht bij een lokale circulaire economie.
•
Ons (agrarisch) landschap is toekomstbestendig Vanuit het inwonersinitiatief Bles2032 dat is ontstaan vanuit de warmtetransitie is een koppeling gemaakt met de landbouwtransitie. Zo wordt er vanuit dit initiatief samen met de gemeente onderzocht of de lokale veehouderijbedrijven financieel versterkt kunnen worden door mest te gaan vergisten en groen gas te gaan produceren. Deze pilot draagt tevens bij aan een stukje circulaire (agrarische) economie. Daaraan is gekoppeld een plan om emissies op het veehouderijbedrijf flink te reduceren. Dit draagt bij aan een toekomstbestendige veehouderij. Ook het peilbeheer is onderwerp van gesprek waarin samen met het Waterschap bekeken en besproken wordt wat de beste opties zijn voor het (grond)waterpeil.
•
Onze economie is bloeiend, duurzaam en circulair Het is al bij de voorgaande punten aan bod gekomen. De onderwerpen die in het Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid en Klimaat zijn opgenomen zijn randvoorwaardelijk voor het behouden en verder laten bloeien van de lokale economie en het dagelijkse leven van inwoners. Doordat het energienet steeds voller wordt en er meer netcongestie ontstaat is dit een erg belangrijk onderwerp voor onze lokale ondernemers. Daarbij doen we er alles aan om te voorkomen dat het ook huishoudens gaat raken zoals dat al in de omgeving van Utrecht en Nijmegen het geval is, waar nieuwbouwwoningen geen aansluiting meer krijgen en de lampen soms knipperen. Ook kijken we samen met ondernemers hoe we bedrijventerreinen toekomstbestendig kunnen maken op de onderdelen klimaatadaptatie en circulaire economie. Klimaatadaptatie door de buitenruimte en hun eigen percelen te vergroenen en voor circulaire economie waarmee bedrijven geholpen zijn om verder te ontwikkelen.
6
Gemeente Molenlanden • Postbus 5 • 2970 AA Bleskensgraaf www.molenlanden.nl • info@molenlanden.nl • 088 75 15 000
Bijlage 3 nadere toelichting scenario’s Algemene nadere toelichting (geldt voor alle scenario's) Energietransitie: Als we kijken naar de nationale- en lokale opgaven voor de Regionale Energie Strategie en Warmtetransitie hebben wij een bod/doel te behalen in 2030. We liggen op dit moment nog niet op koers om deze te gaan halen. Althans we zetten in op een exponentiele groei waardoor we geen lineair beeld kunnen hanteren om bij deze opgaven uit te komen. Elke vorm van bezuinigen zet het kunnen behalen van deze doelstelling onder druk of maakt deze onhaalbaar. Gevolgen van temporiseren of bezuinigen op middelen en capaciteit zal direct voelbaar zijn in de (samenwerking met) samenleving. Niet onbelangrijk om te vermelden is dat lopende toezeggingen zijn waaraan gewerkt moet blijven worden, zoals die aan de Provincie over het uitwerken van een alternatief voor grote windturbines en voor zoekgebied S. Deze toezegging wordt in februari 2025 bekrachtigd met een samenwerkingsovereenkomst. De provincie heeft het nakomen van deze afspraken, waarvoor gemeentemiddelen en capaciteit moeten inzetten, nodig om af te zien van het aanwijzen van een nieuwe locaties voor grote windturbines. Een belangrijk risico dat benoemd moet worden is dat we de afgelopen 3 jaar veel tijd geïnvesteerd hebben in het op gang brengen van (inwoners)initiatieven en de begeleiding daarvan.
Als we die begeleiding en financiële bijdrage niet meer leveren kan het zijn dat de initiatieven noodgedwongen moeten stoppen en is het effect van wat de afgelopen 3 jaar is opgebouwd verloren. Daarbij kan gesteld worden dat het kunnen behalen van de opgaven/doelen buiten bereik komt te liggen. De gekozen en door de raad omarmde manier van werken met de samenleving wordt ingezet om een exponentiele groei te bewerkstelligen doordat steeds meer lokale initiatieven ontstaan of een van de initiatieven gekopieerd wordt naar andere kernen. Zo pakt de samenleving een (groot) deel van de opgave op en ontstaat er een belangrijke samenwerking tussen gemeente, inwoners en ondernemers. Een ander groot risico is als we niet of minder inzet kunnen plegen op het zetten van strategische stappen voor de (lokale) energievoorziening. De effecten op korte en langere termijn zijn merkbaar voor o.a. de bedrijfsvoering van lokale ondernemers (en daarmee werkgelegenheid) en in uiterst geval zelfs voor de energievoorziening voor woningen. Klimaatadaptatie en Circulariteit: Minder investeringen kunnen leiden tot het niet halen van de gestelde doelen voor 2030 en 2050, zoals CO₂-reductie en klimaatbestendigheid.
Uit een recente doorrekening blijkt dat de gemeente met het huidige beleid (lineair bezien) al achterloopt op haar CO₂-reductiedoelstellingen; verdere bezuinigingen zouden deze achterstand vergroten. De gemeente werkt samen met andere gemeenten en organisaties aan regionale strategieën voor klimaatadaptatie en duurzaamheid. Bezuinigingen kunnen deze samenwerkingen onder druk zetten en de effectiviteit van gezamenlijke inspanningen verminderen. Klimaatadaptatie: Minder aandacht voor klimaatadaptatie kan resulteren in onvoldoende voorbereiding op extreme weersomstandigheden, zoals hitte, droogte en overstromingen, wat de leefbaarheid en veiligheid van de gemeente negatief beïnvloedt. Terwijl (het onderwerp) klimaatschade steeds verder groeit. Circulaire economie: Het afremmen van de transitie naar een circulaire economie kan leiden tot gemiste kansen op het gebied van innovatie, werkgelegenheid en economische groei. Bovendien kunnen toekomstige kosten hoger uitvallen door het uitstellen van noodzakelijke maatregelen.
7
Gemeente Molenlanden • Postbus 5 • 2970 AA Bleskensgraaf www.molenlanden.nl • info@molenlanden.nl • 088 75 15 000