CConstaterende datMoerdijk
Koppel je AI →
Document · PDF

RV - Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2028 en de Lokale Educatieve Agenda

Raadsvergadering 12 september 2024, gemeente MoerdijkBij agendapunt: Onderwijsachterstandenbeleid en Lokale Educatieve Agenda 2024-20282.490 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Portefeuillehouder(s) Datum commissiebehandeling Datum raadsbehandeling Zaaknummer

Wethouder P.M. Joosten – Wesselius 22 augustus 2024 12 september 2024 1175658

Onderwerp Agenda

Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2028 en de Lokale Educatieve

Voorgesteld besluit 1. In te stemmen met het Onderwijsachterstandenbeleid (OAB 2024-2028 en het instrument de Lokale Educatieve Agenda (LEA) en deze vast te stellen en in zetten zodat doelen uit het Onderwijsachterstandenbeleid behaald kunnen worden; 2. De jaarlijks binnenkomende rijksgelden in te zetten voor de doelen die in het uitvoeringsplan Onderwijsachterstandenbeleid zijn opgenomen; Publiekssamenvatting Het gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid (GOAB) is erop gericht om ontwikkel- en onderwijskansen van kinderen, die een risico op achterstand hebben, te vergroten en zo kansengelijkheid te stimuleren. Dit kan door achterstanden zo vroeg mogelijk te signaleren, te voorkomen en terug te dringen. Op lokaal niveau hebben gemeenten en onderwijs voor het GOAB een wettelijke taak. Hiertoe ontvangt de gemeente Moerdijk een geoormerkt rijksbudget. Deze middelen worden grotendeels ingezet voor voorschoolse- en vroegschoolse educatie (VVE), met andere woorden voor kinderen op de peuteropvang, kinderopvang en de groepen 1 en 2 van de basisschool. Dit doet de gemeente niet alleen, maar samen met de educatieve en maatschappelijke partners. Met instemming van de nieuwe nota Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2028 wordt invulling gegeven aan de wettelijke verplichting.

De gemeente Moerdijk heeft hiervoor het instrument de Lokale Educatieve Agenda (LEA) opgesteld waarin samen met de educatieve en maatschappelijke partners gewerkt wordt om de gestelde doelen te realiseren. Inleiding Op lokaal niveau hebben gemeenten en onderwijs voor het GOAB een wettelijke taak. De vorige LEA dateert van november 2023 deze LEA heeft in principe geen einddatum en is een dynamisch document. In de verschillende overleggen wordt er ingespeeld op actuele thema’s en worden de afspraken constant tegen het licht gehouden. Mochten er andere keuzes gemaakt moeten worden, dan kan dit via de overlegstructuur bekrachtigd worden. Deze structuur is nu aangescherpt en voorzien van een basisdocument; het onderwijsachterstandenbeleid. De Lokale educatieve Agenda is opgesteld om samen met de educatieve en maatschappelijke partners te werken aan de gestelde doelen en deze te realiseren. In de gemeente Moerdijk zijn in 2023: 642 peuters. In Q4 2023 hebben 182 peuters een indicatie voor, voor -en vroegschoolse(vve) indicatie gekregen. Eén van de speerpunten in de LEA is o.a. om het aanbod om VVE in te kunnen zetten in alle kernen van de gemeente Moerdijk.

Voor het uitvoeren van het GOAB ontvangt de gemeente Moerdijk een geoormerkt rijksbudget. Deze middelen worden grotendeels ingezet voor voorschoolse- en vroegschoolse educatie (VVE), met andere woorden voor kinderen op de peuteropvang, kinderopvang en de groepen 1 en 2 van de basisschool. Dit doet de gemeente niet alleen, maar samen met de educatieve en maatschappelijke partners. Met instemming van de nieuwe nota Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2028 wordt invulling gegeven aan de wettelijke verplichting. De gemeente Moerdijk heeft hiervoor het instrument de Lokale Educatieve Agenda (LEA) opgesteld waarin samen met de educatieve en maatschappelijke partners gewerkt wordt om de gestelde doelen te realiseren. Beoogd effect Onderwijsachterstandenbeleid Voorschoolse educatie is een programma voor kinderen van 2,5 tot 4 jaar dat hun ontwikkeling stimuleert op verschillende gebieden. Het wordt aangeboden op de peuterspeelzaal of bij de kinderopvang. Voorschoolse educatie is bedoeld voor kinderen die een achterstand hebben, bijvoorbeeld op het gebied van taal. Door het programma te volgen, kunnen zij hun achterstand inlopen en een goede start maken op de basisschool. In de gemeente Moerdijk beoordeelt het consultatiebureau of een kind extra ondersteuning kan gebruiken en daarvoor een vve-indicatie krijgt op basis van de doelgroep definitie.

Kinderen met die indicatie kunnen deelnemen aan een voorschoolprogramma. Vroegschoolse educatie is vergelijkbaar met voorschoolse educatie, maar dan voor kinderen uit groep 1 en 2 van de basisschool. Ook vroegschoolse educatie is bedoeld voor kinderen met een ontwikkelingsachterstand of een risico daarop. In een speciaal programma waar kinderen tijdens schooltijd aan meedoen, ontwikkelen zij door te spelen allerlei vaardigheden op het gebied van taal, rekenen, motoriek en met elkaar omgaan. Scholen zijn verantwoordelijk voor de vroegschoolse educatie. De doorgaande leerlijn en de overgang van de voorschoolse naar vroegschoolse educatie is een gezamenlijke verantwoordelijkheid met de gemeente en de maatschappelijke partners. De gemeente is wettelijk verplicht jaarlijks te overleggen met schoolbesturen en kinderopvangorganisaties om afspraken te maken over: • het bevorderen van integratie • het voorkomen van segregatie en daarmee kansengelijkheid bevorderen • het bestrijden van onderwijsachterstanden • de inschrijving en toelating tot voorzieningen Taken vanuit WPO en WVO 2020 Vanuit de WPO en de WVO 2020 heeft de gemeente als taak om minimaal een keer per jaar te overleggen met de schoolbesturen van het basisonderwijs en voortgezet onderwijs en de houders van de kinderopvangvoorzieningen.

Het doel hiervan is om gezamenlijk afspraken te maken over het bevorderen van integratie, het voorkomen van segregatie, het bestrijden van onderwijsachterstanden en het afstemmen van de inschrijvings- en toelatingsprocedures. Het is de bedoeling dat deze afspraken zoveel mogelijk meetbare doelen bevatten. Werken aan kansengelijkheid in het onderwijs is een grote opgave. De oorzaken van kansenongelijkheid verschillen en zijn bovendien met elkaar verbonden. De gemeente heeft de mogelijkheid om in beleid de verbinding te leggen tussen onderwijs, extra ondersteuning en jeugdhulp. Dat vraagt om een integrale aanpak in het jeugddomein, met een gemeenschappelijke visie en strategie. Een ander aangrijpingspunt voor integraal beleid is de onderwijshuisvesting. In het licht van de ontwikkeling Integrale Kindcentra (IKC) is het wenselijk om met een bredere blik naar

schoolgebouwen te kijken en de samenwerking tussen school en de kinderopvang. De IKC ontwikkeling heeft als doel om binnen de gebieden van Onderwijs, Opvang, Ondersteuning, Ontwikkeling en Ontspanning de kinderen alle vaardigheden mee te geven om zich te kunnen ontplooien tot de beste versie van zichzelf met gelijke kansen. In aanloop naar het Integraal Huisvestingsplan en de verordening onderwijshuisvesting zal de gemeentelijke IKC visie worden ontwikkeld en aangeboden in het najaar 2024. Beoogd effect: Lokaal Educatieve Agenda Het doel is om gezamenlijk afspraken te maken over het bevorderen van integratie, het voorkomen van segregatie, het bestrijden van onderwijsachterstanden en het afstemmen van de inschrijvings- en toelatingsprocedures. Wij zien dit overleg in de gemeente Moerdijk breder en zetten in op aanpalende beleidsterreinen zoals: o.a. Preventie, Taal, Armoedebeleid, Sport, Jeugd. Het is de bedoeling dat deze afspraken zoveel mogelijk meetbare doelen bevatten. Dit overleg heet in de wet ‘Overleg onderwijsachterstanden’, maar in de dit document spreken we voor de gemeente Moerdijk het overleg aan onder de naam Lokale Educatieve Agenda (LEA).

De nieuwe regeling 'Periodieke verstrekking systematische toezichtinformatie VVE en LEA' verplicht gemeenten om de minister jaarlijks informatie te verstrekken over de uitvoering van een aantal taken op het terrein van de Wet op het primair onderwijs (WPO) en de Wet voorgezet onderwijs 2020 (WVO 2020). Vanuit de WPO en de WVO 2020 heeft de gemeente als taak om minimaal een keer per jaar te overleggen met de schoolbesturen van het basisonderwijs en voortgezet onderwijs en de houders van de kinderopvangvoorzieningen. Kansenongelijkheid heeft niet één duidelijke oorzaak. Meerdere factoren beïnvloeden de uitgangspositie van kinderen en jongeren in het leven. De gemeente Moerdijk vindt het belangrijk om een samenhangende aanpak te ontwikkelen, omdat deze factoren zich binnen verschillende leefdomeinen kunnen afspelen, zoals thuis, op school en in de wijk. Het onderwijsachterstandenbeleid van de gemeente Moerdijk biedt een basis om de verbinding te leggen met al deze factoren. Hier komen onderwijs, kinderopvang en de maatschappelijke partners samen in de LEA. 

 

We werken als gemeente, kinderopvang en onderwijs integraal, vanuit één visie samen om gezamenlijk de kansengelijkheid van Moerdijkse kinderen en jongeren van 0-27 jaar te vergroten. (o.a. afspraken ter bevordering van taal in het basisonderwijs, nieuwkomersonderwijs, inzet van Jeugdprofessionals, regionale afspraken rondom thuiszitters en leerplicht) We zien elkaar als partner in deze opgave en realiseren ons dat we elkaar nodig hebben om dat doel te bereiken. We erkennen de ambities die de partijen hebben opgesteld om invulling te geven aan de gezamenlijke verantwoordelijkheden in hun eigen beleidsdocumenten en stemmen deze met elkaar af. We richten ons op het bevorderen van integratie, het voorkomen van segregatie, het bestrijden van onderwijsachterstanden (waaronder vve) en de inschrijving en toelating We versterken onze samenwerking door afspraken te maken over de gestelde doelen en de resultaten die we met elkaar willen behalen.

De drie werkgroepen van de LEA gaan aan de slag met de onderstaande brede thema's. De stuurgroep stelt de opdrachten per werkgroep vast en stelt zo nodig per uitvoeringsjaar deze opdrachten bij.

We ambiëren:  Gelijke onderwijskansen, integraal en inclusiever onderwijs en kinderopvang en doorgaande leerlijnen.  Gelijke kansen met aanvullende interventies voor (doelgroep)kinderen om de talenten van kinderen tot ontplooiing te laten komen ongeacht achtergrond en omgeving, denk bijvoorbeeld aan toegang tot sport en cultuur;  Een verbeterde ouderbetrokkenheid als onderdeel van het voorkomen van onderwijsachterstanden.  We investeren in deskundigheidsbevordering en maken de verbinding met andere relevante beleidsterreinen;  Een optimaal bereik van de doelgroepkinderen die gebruik mogen maken van het voor en vroegschoolse aanbod met daarbij de inzet van VVE in alle dorpskernen geborgd en opvang en ondersteuning van nieuwkomers en anderstaligen verkleinen 

Verbinding op de gebieden van Onderwijs, Opvang, Ondersteuning, Ontwikkeling en Ontspanning de kinderen alle vaardigheden mee te geven om zich te kunnen ontplooien tot de beste versie van zichzelf met gelijke kansen.

Zo thuisnabij mogelijk passend onderwijs aan elk kind in het primair onderwijs, aansluitend op zijn of haar ontwikkeling en talenten en afgestemd op zijn of haar onderwijsbehoeften;

Jaarlijkse evaluatie en bijsturing voor de komende 4 jaren op de vastgestelde doelen maakt het meetbaar en geeft input voor de nieuwe beleidsperiode. Argumenten Ad1.1 Het vaststellen van het onderwijsachterstandenbeleid biedt de raad en het college

handvatten om doelen die gesteld zijn in het bredere sociale domein met elkaar te verbinden. In het uitvoeringsplan onderwijsachterstandenbeleid zijn enkele speerpunten uit

de Scan Mens en Maatschappij voor het sociale domein opgenomen, zoals inzet op preventie. De Lokale Educatieve Agenda is het instrument om uitvoering te geven aan het Onderwijsachterstandenbeleid Door het vaststellen van de LEA 2024-2028 bevestigen wij het gezamenlijk kader met onze partners om uitvoering te geven aan de speerpunten uit het onderwijsachterstandenbeleid en zijn deze geformuleerd in doelen. Ad1.2 Kansengelijkheid is een belangrijk thema in het onderwijs. Kinderen van hoogopgeleide ouders hebben meer kans op een succesvolle schoolloopbaan dan leeftijdsgenoten met een vergelijkbare aanleg of prestaties die hoogopgeleide ouders hebben. Het maakt voor je schoolcarrière nogal wat uit waar je wieg heeft gestaan, met welke taal je opgroeit of welk opleidingsniveau je ouders hebben. Met het inzetten van de hulpmiddelen uit het onderwijsachterstanden beleid geeft het college aan de verantwoordelijkheid te nemen om kansengelijkheid in het onderwijs te helpen verminderen.

Ad2.1 Het inzetten van de rijksgelden OAB hebben de kenmerken van een specifieke uitkering de raad geeft met instemming van het beleid invulling aan de vastgestelde budgettenconform wet- en regelgeving. In het uitvoeringsplan van het OAB is de basis gelegd voor de doelen en de verdieping en uitvoering is belegd in de LEA. Hiermee borgt het college dat in het maatschappelijke veld gezamenlijke draagkracht en commitment is bij de te behalen doelen en dat de middelen ingezet worden door alle betrokkenen partners voor een kwalitatief en hoogwaardig aanbod Vve in de gemeente. De verbinding met de onderwijsachterstandenbestrijding in de basisschool WPO art. 165 biedt daarin kansen om de middelen breder in te zetten.

Kanttekeningen en risico’s

1.1 Continuïteit uitvoering versus personeelstekorten

De maatschappelijke partners, het onderwijs en de kinderopvangorganisaties hebben grote opgaven. Zij geven uitvoering aan de gestelde doelen. Het hoge ambitieniveau baart zorgen maar is wel nodig om vast te stellen. De afstemming die zowel op uitvoering als directie en bestuurlijk niveau plaatsvindt vergt inspanning van alle partijen. Continuïteit is daarin een vereiste. Tegelijkertijd is deze vereiste ook een groot risico met het huidige personeelstekort.

1.2 Begroting versus subsidieregeling

Het grootste gedeelte van het bedrag onderwijsachterstandsmiddelen gaat naar de VE aanbieders om het VE aanbod te realiseren, zij krijgen de middelen met een inkoopcontract tot hun beschikking en verantwoorden dit achteraf. Bij het opstellen van de begroting zijn nog geen nieuwe aanvragen ingewilligd die voldoen aan de door het Rijk opgestelde spelregels. Hiervoor is een subsidieregeling nodig vanaf 1 januari 2025 (of met terugwerkende kracht vanaf 2024) voor de overige middelen om zo op een juiste wijze de middelen toe te kennen. Door de samenwerking in de werkgroepen is de verwachting dat de middelen worden aangevraagd met consensus van alle partijen. Het toetsen aan de spelregels is dan een formaliteit. Het is nu vaak onduidelijk wat in aanmerking komt. Ook zijn er middelen toegekend aan producten die niet afgenomen werden in het verleden. Dit willen we voorkomen door partijen met elkaar vraag en aanbod, nut en noodzaak af te wegen in het kader van onderwijsachterstanden. Middelen De jaarlijks binnenkomende rijksgelden voor onderwijsachterstand beleid

Financiële middelen

Aan de gemeente Moerdijk is voor 2024 een specifieke uitkering gemeentelijke onderwijsachterstandenbeleid toegekend van € 1.034.866. In oktober 2024 wordt duidelijk hoe hoog de uitkering voor 2025 zal zijn. Daarnaast is er in 2024 nog € 560.475 beschikbaar aan ontvangen onderwijsachterstandsmiddelen die in de afgelopen jaren niet zijn uitgegeven.

Subsidieregeling

De inzet van OAB middelen aan de organisaties die VE verzorgen gebeurt middels inkooptrajecten (bijlage). De middelen die over zijn na aftrek van deze toekenning worden middels een aanvraagprocedure toegekend. Deze regeling zal worden aangeboden na vaststelling van het voorliggende onderwijsachterstandenbeleid en LEA.

Personele middelen

n.v.t.

Communicatie Onderwijs, Kinderopvang en maatschappelijke partners betrokken bij het OAB beleid en de uitvoering van de LEA hebben input geleverd en consensus gegeven op de stukken en ontvangen de stukken na besluitvorming. De stukken zijn het basisstuk bij de uitvoeringsagenda en werkgroepen van de LEA. De jaarlijkse afstemming vindt meerdere malen per jaar plaats in een PDCA cyclus op verschillende tafels nl. uitvoerend, directie en bestuurlijk niveau.

Een netwerkbijeenkomst waar alle partijen zijn vertegenwoordigd en waarbij het college en de gemeenteraad worden uitgenodigd zal in het najaar plaatsvinden. Vervolg Er wordt een jaarlijkse evaluatie in februari/maart voorgelegd aan het college en de raad waarin de behaalde doelen van het voorgaande jaar worden beschreven. Met een doorkijk naar de nog te behalen doelen en ontwikkelingen die van invloed zijn op het onderwijsachterstandenbeleid. Bijlagen 1. Onderwijsachterstandenbeleid 2024-2028 2. Lokale Educatieve Agenda 2024-2028

Mocht u vragen hebben over dit voorstel, dan kunt u contact opnemen met de griffier via email griffie@moerdijk.nl. Zevenbergen, 18 juni 2024 Burgemeester en wethouders van Moerdijk, de gemeentesecretaris, de burgemeester,

drs. M.E. de Groot

A.J. Moerkerke

RAADSBESLUIT Raadsvergadering van 12 september 2024 De raad van de gemeente Moerdijk, gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 18 juni 2024 overwegende dat: • gelet op: • BESLUIT 1. In te stemmen met het Onderwijsachterstandenbeleid (OAB 2024-2028 en het instrument de Lokale Educatieve Agenda (LEA) en deze vast te stellen en in zetten zodat doelen uit het Onderwijsachterstandenbeleid behaald kunnen worden; 2. De jaarlijks binnenkomende rijksgelden in te zetten voor de doelen die in het uitvoeringsplan Onderwijsachterstandenbeleid zijn opgenomen. Vastgesteld in de raadsvergadering d.d. 12 september 2024, de griffier, de voorzitter,

H.M. Vonk-Schenkel

A.J. Moerkerke

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Moerdijk&id=476c779e-111d-47ba-9fbc-689059354648