RV- 2e bestuursrapportage 2023
Tekst van het document
Raadsvoorstel Portefeuillehouder(s) Datum commissiebehandeling Datum raadsbehandeling Zaaknummer
wethouder C.J.A. van Dorst MBA 29 november 2023 14 december 2023 732578
Onderwerp
2e bestuursrapportage 2023
Voorgesteld besluit 1.
De begroting 2023 te wijzigen, waarbij de mutatie per programma overeenkomt met de toelichting per programma in de 2e bestuursrapportage 2023 en de programmatotalen na wijziging als volgt vast te stellen:
(Bedragen x € 1.000) (-/- is voordelig)
Begroting 2023 huidig (28-09-23)
Wijziging 2e Bestuursrapportage
Begroting 2023 na wijziging
Baten en lasten programma 1
424
333
757
Baten en lasten programma 2
29.524
33
29.557
Baten en lasten programma 3
1.530
975
2.505
Baten en lasten programma 4
37.460
-356
37.105
Baten en lasten programma 5
-68.698
-2.350
-71.048
Saldo van baten en lasten
241
-1.365
-1.125
Reservemutaties programma 1
-16
-10
-26
Reservemutaties programma 2
37
-1.940
-1.902
Reservemutaties programma 3
1.094
-388
706
Reservemutaties programma 4
-1.591
1.228
-363
Reservemutaties programma 5
-796
19
-777
-1.031
-2.456
-3.488
Resultaat na bestemming
2. Onderstaande eerder beschikbaar gestelde kredieten aan te passen: (a) Het krediet Nieuwbouw de Hoeksteen ZvbH te verhogen met € 130.000 als gevolg van de indexering van de normbedragen voor onderwijshuisvesting. (b) Het krediet vervanging vrachtauto 2021 te verhogen met € 25.000 als gevolg van de prijsstijgingen op voertuigen. (c) Het krediet vervanging pick-up 2023 te verhogen met € 33.000 als gevolg van de prijsstijgingen op voertuigen en de vervanging door een 4x4 vanwege de bredere inzetbaarheid bij de gladheidsbestrijding en de consignatiedienst.
3. De meerjarige effecten die voortkomen uit de actualisatie van de grondexploitaties voor de jaren 2024 (€ 134.000 nadelig), 2025 (€ 69.000 voordelig), 2026 (€ 16.000 voordelig) en 2027 (€ 87.000 voordelig) ten gunste / ten laste te brengen van het begrotingsresultaat in die jaren. 4. De eerder beschikbaar gestelde dekking van eenmalige middelen voor het project Zevenbergen-Oost vanuit de algemene reserve onder te brengen in de reserve meerjarige uitgaven van incidentele aard (€ 1.155.000). 5. De eerder beschikbaar gestelde dekking van de eenmalige middelen voor de omgevingswet in 2023 vanuit de exploitatie onder te brengen in de reserve meerjarige uitgaven van incidentele aard (€ 130.000). 6. De bestemmingsreserve energietransitie op te heffen. 7. Vooruitlopend op de bestemming van het jaarrekeningresultaat 2023 in te stemmen met het in 2024 inzetten van onderstaande niet bestede middelen: (a) € 150.000 Verbetering werkprocessen (b) € 90.000 Digitalisering archieven (c) € 65.000 Inrichting van het klimaatbos A17, met als gedeeltelijke dekking de bijdrage van waterpartners van € 49.000. (d) € 1.463.000 Huisvesting arbeidsmigranten, met als dekking de te ontvangen subsidie van € 1.463.000 (e) € 50.000 Pilot Wijk GGZ-er, met als dekking € 50.000 vanuit de reserve sociaal domein. 8.
In te stemmen met de volgende reservemutaties bij het opstellen van de jaarrekening 2023: (a) Het saldo van lasten en baten van de meerjarige uitgaven van incidentele aard in 2023 te onttrekken uit/ toe te voegen aan de reserve meerjarige uitgaven van incidentele aard. (b) Het saldo van lasten en baten van het project geluidsmaatregelen HSL-Zuid te onttrekken uit/ toe te voegen aan de reserve geluidsanering HSL-Zuid. (c) Het saldo van de geraamde toevoeging op basis van het onderwijshuisvestingsplan en de werkelijke kapitaallasten en overige uitgaven voor inrichting/tijdelijke huisvesting t.b.v. het onderwijs in 2023 te onttrekken uit/ toe te voegen aan de reserve huisvesting onderwijs. (d) Het saldo van lasten en baten in het kader van de opvang van nieuwkomers te onttrekken uit/ toe te voegen aan de reserve opvang nieuwkomers. (e) De algemene reserve aan te wenden gelijk aan het bedrag dat in 2023 wordt besteed aan die specifieke onderwerpen waarvoor eerder door uw raad in dekking vanuit de algemene reserve is voorzien. (f) Op basis van de werkelijke hoogte van de winstnemingen van de grondexploitaties het daarmee corresponderende deel te storten in de reserve Grondexploitaties.
(g) De reserve sociaal domein aan te wenden gelijk aan het bedrag dat in 2023 wordt besteed aan die specifieke onderwerpen waarvoor eerder door uw raad in dekking vanuit de reserve sociaal domein is voorzien. (h) De bruto reserves en de reserve maatschappelijk nut aan te wenden gelijk aan de afschrijvingslasten die in 2023 verantwoord worden voor die specifieke afgesloten
investeringen waarvoor eerder door uw raad in dekking vanuit deze reserves is voorzien. (i) De kosten voor geluidsaneringsmaatregelen in 2023 te dekken uit de reserve geluidsaneringsmaatregelen. (j) De aankoopkosten die boven de taxatiewaarde uitkomen van de strategische verwervingen in 2023 te dekken uit de reserve strategische verwervingen. (k) De in 2023 ontvangen bijdragen voor bovenwijkse voorzieningen en ruimtelijke ontwikkeling te storten in de reserves bovenwijkse voorzieningen en ruimtelijke ontwikkeling. Publiekssamenvatting Begin november 2023 is de 2e bestuursrapportage 2023 aan de gemeenteraad aangeboden. In deze bestuursrapportage wordt voorgesteld een aantal mutaties ten opzichte van de huidige begroting 2023 door te voeren. De financiële mutaties laten een voordeel zien van € 2,5 miljoen. Afgezet tegen het huidige (verwachte) begrotingsresultaat van € 1 miljoen voordelig, leiden deze mutaties na vaststelling door de gemeenteraad tot een op dit moment geschat voordelig rekeningresultaat 2023 van € 3,5 miljoen.
Bij de 2e bestuursrapportage 2023 wordt ook voorgesteld een aantal mutaties in kredieten en reserves door te voeren, de meerjarige effecten van de grondexploitatie te verwerken in de komende begrotingen, in te stemmen met de inzet van een aantal budgetten in 2024 en een aantal algemene besluiten te nemen ten aanzien van de inzet (aanwendingen en toevoegingen) van reserves bij de jaarrekening 2023.
Inleiding De Financiële verordening gemeente Moerdijk (art. 6 lid 1) schrijft voor dat het college de raad met de 2e bestuursrapportage informeert over de realisatie van de begroting over de eerste 8 maanden van het lopende boekjaar. Hierbij wordt op programmaniveau, zowel beleidsmatig als financieel, gerapporteerd over ontwikkelingen en afwijkingen van de begroting. Met deze 2e bestuursrapportage 2023 verstrekt het college aan de raad inzicht in hoe de uitvoering van de (beleids)begroting 2023 verloopt en hoe het jaar 2023 vermoedelijk financieel wordt afgesloten.
Beoogd effect De 2e bestuursrapportage geeft een actueel beeld van de uitvoering (beleids)begroting 2023 en het financiële verloop van deze (beleids)begroting.
van
de
Met een positief besluit op dit raadsvoorstel worden de in de 2e bestuursrapportage 2023 benoemde ontwikkelingen financieel vertaald in de begroting. De begroting 2023 wordt aangepast aan de actuele stand van zaken. Hiermee geeft de raad uitvoering aan zijn budgetrecht.
Argumenten
Toelichting bij de 2e bestuursrapportage 2023: In deze 2e bestuursrapportage 2023 rapporteren we over de ontwikkelingen en afwijkingen, aangevuld met de belangrijkste mijlpalen die tot nu toe zijn gerealiseerd. In het jaarverslag geven we een uitgebreidere terugblik op de gerealiseerde mijlpalen. Uitgangspunt van deze bestuursrapportage is de begroting 2023 en de daarin opgenomen doelen en prestaties.
Hieronder wordt eerst een samenvatting en nadere toelichting gegeven op de financiële uitkomst van de 2e bestuursrapportage 2023 (onderdeel A). Daarna volgt een globale duiding van dit financiële effect (onderdeel B).
A) Financiële uitkomsten Financiële mutaties 2e bestuursrapportage 2023 De benodigde wijzigingen in de exploitatiebudgetten leiden tot onderstaande netto effecten op het begrotingsresultaat (bedragen x € 1.000).
De diverse ontwikkelingen hebben voor 2023 per saldo een voordelig effect van € 2,5 miljoen. Rekening houdend met de totale begrotingsomvang van de gemeente Moerdijk (ruim € 140 miljoen) is dat geen significante afwijking (1,8%). Wel geldt dat dit effect het saldo is van diverse voor- en nadelen die elkaar deels opheffen. •
•
Voordelen zijn voornamelijk ontstaan door hogere OZB opbrengsten (€ 1,2 miljoen V), lagere kapitaallasten door een combinatie van het later gereedkomen van diverse investeringen en hogere rentebaten (€ 1 miljoen V), lagere lasten binnen de WMO (€ 0,6 miljoen V) en de uitkering uit het gemeentefonds die op basis van bijstellingen vanuit het Rijk hoger uitvalt (€ 0,5 miljoen V). Nadelen zijn voornamelijk het gevolg van hogere overheadkosten (€ 0,4 miljoen N).
De grootste voor- en nadelen worden hieronder nader toegelicht. In de 2e bestuursrapportage zelf zijn alle financiële mutaties > € 50.000 toegelicht.
OZB-opbrengsten (€ 1,2 miljoen positief) Voornamelijk de OZB-opbrengsten voor de categorieën ‘eigenaar niet-woningen’ en ‘gebruikers niet-woningen’ vallen hoger uit. De hogere opbrengst komt voornamelijk voort uit aanslagen die alsnog opgelegd zijn over het jaar 2022. Bij de jaarrekening 2022 werd nog verwacht dat een vermindering over 2022 moest plaatsvinden van € 197.000. Echter blijkt nog € 434.000 te kunnen worden opgelegd. Het voordelige verschil over 2022 bedraagt daardoor € 631.000, wat logischerwijs ook doorwerkt in de aanslagen die voor 2023 worden opgelegd (waardoor het totale voordeel voor 2023 uitkomt op € 1,2 miljoen). Overigens wordt opgemerkt dat de gemeente Moerdijk in vergelijking met andere gemeenten een relatief grote omvang heeft van de categorie ‘niet woningen’. De totale verwachte OZB opbrengsten 2023 voor ‘niet woningen’ bedragen ruim € 16,8 miljoen. Hier komt bij dat de waardering van ‘niet woningen’ vaak complex(er) is, dit met grotere bedragen gepaard gaat en ook de afhandeling van bezwaarschriften een rol speelt. Kapitaallasten (€ 1 miljoen positief) Diverse geplande investeringen waren eind 2022 nog niet volledig afgerond. Dit zorgt ervoor dat de afschrijvingslasten voor 2023 lager uitvallen. Dit doet zich o.a. voor binnen het wegbeheer, groenbeheer en buitensportaccommodaties.
Naast de afschrijvingslasten bestaan de kapitaallasten ook uit rentelasten. De rentelasten en baten van de gemeente worden binnen programma 5 centraal verantwoord op het taakveld treasury. Vervolgens worden deze via de zogenaamde renteomslag toegerekend aan de diverse taakvelden en programma's. De werkelijke renteomslag voor 2023 (1,5 %) valt lager uit dan begroot (2%). Dit komt voornamelijk doordat er in 2023 als gevolg van de algemene renteontwikkelingen naar verwachting € 670.000 rente wordt ontvangen op de liquide middelen die we als gemeente verplicht moeten aanhouden bij het ministerie van Financiën. WMO (€ 0,6 miljoen positief) De begroting 2023 van de gemeenschappelijke regeling (GR) Beschermd wonen is in april 2022 vastgesteld. Sindsdien heeft het Rijk extra middelen voor Beschermd wonen beschikbaar gesteld, met name vanwege loon/prijs- en volume-indexeringen. Daarnaast blijven de subsidieaanvragen inzake de regeling regionale ambulantisering regio Breda achter bij de verwachting. Het verwachte resultaat 2023 van de GR valt hierdoor hoger uit en wordt uitgekeerd aan de deelnemende gemeenten (€ 660.000 V). De structurele effecten hiervan zijn verwerkt in de begroting 2024-2027. Uitkering gemeentefonds (€ 0,5 miljoen positief) Periodiek worden gemeenten door het Rijk via circulaires geïnformeerd over de hoogte van de uitkering uit het gemeentefonds.
In deze 2e bestuursrapportage 2023 worden de effecten verwerkt van de meicirculaire 2023 en septembercirculaire 2023. Over de uitkomsten van de septembercirculaire is de gemeenteraad via een raadsinformatiebrief geïnformeerd. Overhead (€ 0,4 miljoen negatief) De inhuurkosten bij ziekte vallen naar verwachting € 550.000 hoger uit. Voor een deel heeft dit betrekking op personeel wat onder de definitie van ‘overhead’ valt (€ 275.000 N). Het deel wat betrekking heeft op medewerkers in het ‘primaire proces’ wordt toegerekend aan de diverse programma’s en taakvelden. Ten aanzien van verzuimontwikkeling zien we dat landelijk het percentage behoorlijk is gestegen (2022: 6,7%, 2021: 5,8%). Ook bij Moerdijk zien we een stijging van het verzuim (2022; 5,9%, 2021; 5,8%), die zich in 2023 verder voortzet. Hierbij speelt ook dat de opgaven waar we voor staan en de urgentie van de werkzaamheden het nodig maken dat er bij ziekte snel geschakeld wordt. Verder is binnen de overhead sprake
van toenemende energiekosten (€ 145.000 N) en zijn binnen de overige overheadkosten diverse kleinere voor- en nadelen ontstaan die elkaar grotendeels opheffen.
Verwachte begrotingsresultaat 2023 Op basis van de raadsbesluiten t/m 28 september 2023 werd voor 2023 een begrotingsresultaat verwacht van € 1 miljoen positief. De ontwikkelingen die in de 2e bestuursrapportage 2023 zijn toegelicht, leiden per saldo tot een voordeel van € 2,5 miljoen. Daarmee komt het verwachte begrotingsresultaat 2023 uit op € 3,5 miljoen positief. Rekening houdend met de totale begrotingsomvang van de gemeente Moerdijk (ruim € 140 miljoen) komt dat neer op ca. 2,5% van het begrotingstotaal. Verwacht begrotingsresultaat 2023
B) Duiding financiële uitkomsten In lijn met voorgaande jaren zijn het voornamelijk enkele omvangrijke voordelen die het verwachte resultaat positief beïnvloeden. Wel is het resultaat wat op basis van deze bestuursrapportage wordt verwacht (€ 3,5 miljoen positief) aanzienlijk lager dan vorig jaar. Toen werd op basis van de 2e bestuursrapportage 2022 een resultaat verwacht van € 7,4 miljoen, wat bij de jaarrekening 2022 uiteindelijk uitkwam op € 8,2 miljoen. Het voordelige effect in deze bestuursrapportage wordt deels veroorzaakt door meevallers of zaken waar we als gemeente beperkte invloed op hebben. Zo ontvangen we als gevolg van de Europese/Landelijke renteontwikkelingen bijna € 0,7 miljoen aan rente op de liquide middelen die we bij het Rijk aanhouden, verwacht de GR beschermd wonen o.a. als gevolg van extra Rijksmiddelen een positief resultaat wat wordt uitgekeerd aan de deelnemende gemeenten (€ 0,6 miljoen) en leiden tussentijdse bijstellingen vanuit het Rijk ook dit jaar tot een hogere uitkering uit het gemeentefonds (€ 0,5 miljoen). Verder zijn de OZB-opbrengsten voor niet woningen ca. 8,8% (€ 1,2 miljoen) hoger uitgevallen. Dit komt voornamelijk door aanslagen die over 2022 nog konden worden opgelegd en daardoor logischerwijs ’dubbel’ (aanslagen 2022 + 2023) doorwerken in 2023.
Resultaatbestemming Tot slot wordt opgemerkt dat enkele incidentele budgetten worden verlaagd doordat de uitvoering (deels) doorloopt in 2024. Dit betreft o.a. middelen t.b.v. de verbetering van werkprocessen, digitalisering van archieven en de inrichting van het klimaatbos A17. Deze aframingen (totaal ca. € 0,3 miljoen) dragen weliswaar bij aan het positieve resultaat, echter wordt voorgesteld om deze middelen opnieuw beschikbaar te stellen in 2024 voor de verdere uitvoering.
Toelichting bij de voorgestelde beslispunten: 1.
Aanpassing exploitatie
Voorgesteld wordt om de begroting 2023 te wijzigingen. De mutaties per programma zijn toegelicht in de 2e bestuursrapportage 2023.
2. Aanpassing kredieten (a) Voorgesteld wordt om het krediet Nieuwbouw de Hoeksteen ZvbH met € 130.000 te verhogen. Als gevolg van de indexering van de normbedragen voor onderwijshuisvesting dient het eerder beschikbaar gestelde krediet met € 130.000 te worden verhoogd. In de begroting 2024-2027 is reeds rekening gehouden met de kapitaallasten die hieruit voortkomen. Voorgesteld wordt om 2 (vervangings)kredieten voor tractie te verhogen met in totaal € 58.000: (b) Vanwege de prijsstijging afgelopen 2 jaar op voertuigen is het eerder beschikbaar gestelde krediet van € 150.000 voor de vervanging van een vrachtwagen niet meer voldoende. Er is een aanvullend bedrag van € 25.000 nodig. (c) Vanwege de flinke prijsstijgingen op voertuigen en de keus om een pick-up niet 1 op 1 te vervangen, maar deze te vervangen door een multi inzetbare 4x4 (vanwege een bredere inzetbaarheid bij de gladheidsbestrijding en de consignatiedienst) is het eerder beschikbaar gestelde krediet van € 42.000 niet meer voldoende. Er is een aanvullend bedrag van € 33.000 nodig. Rekening houdend met een afschrijvingstermijn van 10 jaar resulteren deze 2 verhogingen vanaf 2024 in ca. € 5.800 aan hogere afschrijvingslasten.
3. Meerjarige effecten actualisatie grondexploitaties In de paragraaf grondbeleid (behorende bij de jaarrekening en begroting) wordt periodiek melding gemaakt van de voortgang en of wijzigingen in de grondexploitaties. Als gevolg van het dynamische karakter van de exploitaties treden de komende jaren enkele mutaties op. Zoals in de 2e bestuursrapportage 2023 is toegelicht, ontstaat voor 2023 een nadelig effect van € 149.000. Voor 2024 en verder ontstaan binnen de grondexploitaties onderstaande effecten: (-/- is voordelig) Afwijkingen grondexploitatie
2024
2025
2026
2027
134.000
-69.000
-16.000
-87.000
4. Dekking vanuit algemene reserve voor eenmalige middelen Zevenbergen-Oost onderbrengen in de reserve meerjarige uitgaven van incidentele aard Door de gemeenteraad zijn (in de raadsvergaderingen van 3 februari 2022, 2 maart 2023 en 28 september 2023) eenmalige middelen beschikbaar gesteld t.b.v. het project ZevenbergenOost, waarbij is besloten om deze te dekken uit de algemene reserve. Zoals gebruikelijk worden dergelijke middelen vanuit de algemene reserve overgeheveld naar de daarvoor ingestelde bestemmingsreserve meerjarige uitgaven van incidentele aard. Bij de betreffende besluiten was dat echter niet expliciet als besluitpunt opgenomen. Om de rechtmatige verwerking te borgen wordt alsnog voorgesteld om de resterende middelen (€ 1.155.000) over te hevelen naar de reserve Meerjarige uitgaven van incidentele aard. Per saldo heeft deze overheveling geen effect op het begrotingsresultaat.
5. Dekking vanuit de exploitatie voor eenmalige middelen omgevingswet onderbrengen in de reserve meerjarige uitgaven van incidentele aard Bij vaststelling van de begroting 2022 is € 130.000 beschikbaar gesteld voor het project invoering omgevingswet ten laste van de exploitatie 2023. Zoals gebruikelijk worden dergelijke middelen ondergebracht in de bestemmingsreserve meerjarige uitgaven van incidentele aard. Hierbij was dit echter niet expliciet als beslispunt opgenomen. Om de rechtmatige verwerking te borgen wordt alsnog voorgesteld om de dekking van € 130.000 vanuit de exploitatie onder te brengen in de reserve meerjarige uitgaven van incidentele aard. Per saldo heeft deze overheveling geen effect op het begrotingsresultaat omdat hiermee in de begroting al wel rekening was gehouden.
6. Opheffen reserve energietransitie Bij vaststelling van de begroting 2023 was de reserve energietransitie ingesteld. De reden daarvoor was dat naar verwachting de rijksbijdrage voor de energietransitie ontvangen zou worden via de algemene uitkering. Om te voorkomen dat niet uitgegeven middelen in een jaar onderdeel zouden worden van het jaarrekeningresultaat, was het de bedoeling deze middelen onder te brengen in de ingestelde reserve zodat ze beschikbaar zouden blijven voor de energietransitie. Ondertussen is bekend geworden dat de rijksbijdrage verstrekt wordt via een SPUK (specifieke uitkering). Vanwege de aanvullende voorschriften en bijbehorende administratieve verwerking is de grondslag voor de reserve energietransitie hiermee komen te vervallen en wordt voorgesteld om deze reserve op te heffen. Op dit moment zaten er nog geen middelen in deze reserve. Overigens is bij de SPUK aangegeven dat de uitkering in een bepaald jaar gedurende 3 jaar ingezet mag worden. Niet bestede middelen in het 1e jaar blijven dus beschikbaar voor de 2 volgende jaren.
7. Inzetten diverse budgetten in 2024 Een aantal (éénmalige) budgetten is in deze 2e bestuursrapportage verlaagd omdat de werkzaamheden niet meer in 2023, maar pas in 2024 zullen plaatsvinden. Om deze zaken in 2024 uit te kunnen voeren is het van belang dat de middelen die in 2023 niet zijn ingezet in 2024 opnieuw beschikbaar komen. Doorgaans worden dergelijke voorstellen bij de bestemming van het jaarrekeningresultaat (juli 2024) aan u voorgelegd. Om al direct in 2024 te kunnen starten met de werkzaamheden wordt voorgesteld om vooruitlopend daarop in te stemmen met het in 2024 inzetten van de volgende budgetten:
(a) € 150.000 Verbetering werkprocessen Voor de verbetering van de werkprocessen is € 245.000 beschikbaar. Dit jaar wordt hier een start mee gemaakt, maar zullen de werkzaamheden nog niet volledig worden afgerond en doorlopen in 2024. Daarom wordt voorgesteld om een bedrag van € 150.000 beschikbaar te stellen in 2024.
(b) € 90.000 Digitalisering archieven Het project is vertraagd, de digitalisering zal starten in het najaar van 2023 en doorlopen in 2024. Voorgesteld wordt om een bedrag van € 90.000 beschikbaar te stellen in 2024.
(c) € 65.000 Inrichting Klimaatbos A17, met als gedeeltelijke dekking de bijdrage van € 49.000 van waterpartners. De onderhandelingen over de aankopen lopen momenteel nog. De verwachting is dat de notariële afronding dit jaar niet meer plaats zal vinden. Hierdoor kan het beschikbare budget voor de inrichting van het klimaatbos niet meer in 2023 ingezet worden.
Ook de bijdrage van de waterpartners van € 49.000 voor de inrichting van het klimaatbos schuift hierdoor door naar 2024. Voorgesteld wordt het budget van € 65.000 beschikbaar te stellen in 2024, met als gedeeltelijke dekking de bijdrage van € 49.000 van de waterpartners.
(d) € 1.463.000 Huisvesting arbeidsmigranten, met als dekking de te ontvangen subsidie van € 1.463.000. Dit bedrag betreft de doorbetaling van subsidie aan initiatiefnemers voor huisvesting van aandachtsgroepen. De verwachting is dat er in 2023 nog geen initiatief volledig gerealiseerd wordt. Daarom wordt voorgesteld een bedrag van € 1.463.000 beschikbaar te stellen in 2024 met als dekking de te ontvangen subsidie van € 1.463.000.
(e) € 50.000 Pilot Wijk GGZ-er, met als dekking € 50.000 vanuit de reserve sociaal domein. Op 1 juni 2022 is de Wijk GGZ’er in Moerdijk gestart. Voor deze pilot was voor 2022 en 2023 jaarlijks € 75.000 beschikbaar gesteld, gedekt uit de reserve sociaal domein. Daarnaast is voor dit project door ZonMw een subsidie beschikbaar gesteld van € 50.000 voor de duur van 1 jaar. Omdat de pilot met de Wijk GGZ’er in de loop van 2022 is gestart willen we de pilotperiode verlengen tot 1 juni 2024. Voorgesteld wordt om het bedrag van € 50.000 beschikbaar te stellen in 2024 voor de pilot Wijk GGZ’er en deze volledig te dekken uit de reserve sociaal domein.
8. Reservemutaties bij opstellen jaarrekening 2023 Naast hierboven genoemde wijzigingen in mutaties van reserves, wordt ook een aantal afzonderlijke besluiten voorgesteld met betrekking tot de verwerking van toevoegingen en/of onttrekkingen aan diverse specifieke reserves bij de jaarrekening 2023. Deze afzonderlijke besluiten zijn op dit moment algemeen geformuleerd. Het exacte bedrag kan pas bepaald worden bij het opstellen van de jaarrekening. De toevoegingen en/of onttrekkingen zullen nooit meer zijn dan waartoe uw raad eerder bij afzonderlijke voorstellen besloten heeft. Het betreft het verder formaliseren van onze bestendige werkwijze t.a.v. reserves. Wegens aangescherpte controlevoorschriften van de accountant zijn deze algemene besluiten nodig om te voorkomen dat dergelijke mutaties als fout en onrechtmatigheid moeten worden beoordeeld. De accountantscontrole op de recente jaarrekeningen heeft uitgewezen dat deze algemene besluiten voldoen aan de controlevoorschriften van onze accountant. Een aantal van deze besluiten wordt hieronder nog nader toegelicht. Onderdeel f (deel van de winstneming van de grondexploitaties storten in de reserve Grondexploitaties) is opgenomen n.a.v. het door de gemeenteraad vastgestelde uitgangspunt bij de bestemming van het jaarrekeningresultaat 2020 (raadsvergadering 08-07-2021).
Bij de herberekening van de winstnemingen in deze bestuursrapportage is rekening gehouden met de uit de diverse plannen af te dragen bijdragen aan de reserve bovenwijkse voorzieningen en ruimtelijke ontwikkeling en worden deze ondergebracht in de reserve Grondexploitaties. Door nu al rekening te houden met deze bijdragen aan de reserves wordt voorkomen dat bij afsluiting van een grondexploitatie, wanneer over het algemeen de winstnemingen al verplicht in eerdere jaren is genomen, de algemene reserve moet worden aangesproken om de bijdragen uit te bekostigen. De werkelijke hoogte van de winstnemingen in 2023 bepaalt uiteindelijk de werkelijke hoogte van het in de reserve Grondexploitaties te storten deel. Dit beslispunt maakt het mogelijk het juiste bedrag te storten bij het opstellen van de jaarrekening 2023.
Onderdeel h (aanwending van de bruto reserves en de reserve maatschappelijk nut voor de dekking van afschrijvingslasten van investeringen) is opgenomen om ook voor deze onttrekkingen over een actueel algemeen besluit te beschikken. De onttrekkingen zijn gebaseerd op eerdere raadsbesluiten om de lasten van specifieke investeringen uit deze reserves te dekken. Onderdeel j (dekking aankoopkosten strategische verwervingen). Strategische aankopen van onroerende zaken worden geactiveerd op de balans. De aankoopkosten bestaan uit de verkrijgingsprijs en de bijkomende verwervingskosten. Daar waar de aankoopkosten boven de marktwaarde (taxatiewaarde) van het onroerend goed uitkomen, mag dit meerdere niet geactiveerd worden op de balans. Het mag wel gedekt worden uit de reserve strategische verwervingen. De raad moet hiertoe besluiten. Voorgesteld wordt om de aankoopkosten die boven de taxatiewaarde uitkomen van de strategische verwervingen in 2023 te dekken uit de reserve strategische verwervingen. Onderdeel k (bijdragen bovenwijkse voorzieningen en ruimtelijke ontwikkeling ten gunste van de betreffende reserves). Ontwikkelaars zijn verplicht een bijdrage te leveren voor bovenwijkse voorzieningen en ruimtelijke ontwikkeling.
Wanneer er geen sprake is van een grondexploitatie, kunnen deze bijdragen meteen ten gunste van de reserves bovenwijkse voorzieningen en ruimtelijke ontwikkeling gebracht worden. De raad moet hiertoe besluiten. Voorgesteld wordt om de in 2023 ontvangen bijdragen voor bovenwijkse voorzieningen en ruimtelijke ontwikkeling te storten in de reserve bovenwijkse voorzieningen en ruimtelijke ontwikkeling. Kanttekeningen en risico’s Het alternatief is om de begrotingswijziging niet vast te stellen. De begroting 2023 wordt dan niet aangepast aan de actuele stand van zaken. Middelen Op dit moment wordt voor 2023 een begrotingsresultaat verwacht van ca. € 1 miljoen positief. Diverse ontwikkelingen in de 2e bestuursrapportage 2022 leiden per saldo tot een voordelig effect van € 2,5 miljoen, waardoor het verwachte begrotingsresultaat 2022 uitkomt op € 3,5 miljoen positief. In de 2e bestuursrapportage 2023 zijn alle financiële afwijkingen > € 50.000 nader toegelicht. Communicatie Over de uitkomsten van de 2e bestuursrapportage 2023 is via een persbericht gecommuniceerd. Vervolg Datum
Omschrijving
30 november
Commissie
14 december
Gemeenteraad
Bijlagen 2e bestuursrapportage 2023
Mocht u vragen hebben over dit voorstel, dan kunt u contact opnemen met de griffier via email griffie@moerdiik.nl.
Zevenbergen, 31 oktober 2023 Burgemeester en wethouders van Moerdijk, de gemeentesecretaris,
de burgemeester,
ir. J.C. Slagboom
A.J. Moerkerke
RAADSBESLUIT Raadsvergadering van 14 december 2023
De raad van de gemeente Moerdijk, gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 31 oktober 2023; gelet op: de bepalingen uit de financiële verordening van de gemeente Moerdijk;
BESLUIT 1. De begroting 2023 te wijzigen, waarbij de mutatie per programma overeenkomt met de toelichting per programma in de 2e bestuursrapportage 2023 en de programmatotalen na wijziging als volgt vast te stellen:
(Bedragen x € 1.000) (-/- is voordelig)
Begroting 2023 huidig (28-09-23)
Wijziging 2e Bestuursrapportage
Begroting 2023 na wijziging
Baten en lasten programma 1
424
333
757
Baten en lasten programma 2
29.524
33
29.557
Baten en lasten programma 3
1.530
975
2.505
Baten en lasten programma 4
37.460
-356
37.105
Baten en lasten programma 5
-68.698
-2.350
-71.048
Saldo van baten en lasten
241
-1.365
-1.125
Reservemutaties programma 1
-16
-10
-26
Reservemutaties programma 2
37
-1.940
-1.902
Reservemutaties programma 3
1.094
-388
706
Reservemutaties programma 4
-1.591
1.228
-363
Reservemutaties programma 5
-796
19
-777
-1.031
-2.456
-3.488
Resultaat na bestemming
2. Onderstaande eerder beschikbaar gestelde kredieten aan te passen: (a) Het krediet Nieuwbouw de Hoeksteen ZvbH te verhogen met € 130.000 als gevolg van de indexering van de normbedragen voor onderwijshuisvesting. (b) Het krediet vervanging vrachtauto 2021 te verhogen met € 25.000 als gevolg van de prijsstijgingen op voertuigen. (c) Het krediet vervanging pick-up 2023 te verhogen met € 33.000 als gevolg van de prijsstijgingen op voertuigen en de vervanging door een 4x4 vanwege de bredere inzetbaarheid bij de gladheidsbestrijding en de consignatiedienst.
3. De meerjarige effecten die voortkomen uit de actualisatie van de grondexploitaties voor de jaren 2024 (€ 134.000 nadelig), 2025 (€ 69.000 voordelig), 2026 (€ 16.000 voordelig) en 2027 (€ 87.000 voordelig) ten gunste / ten laste te brengen van het begrotingsresultaat in die jaren. 4. De eerder beschikbaar gestelde dekking van eenmalige middelen voor het project Zevenbergen-Oost vanuit de algemene reserve onder te brengen in de reserve meerjarige uitgaven van incidentele aard (€ 1.155.000). 5. De eerder beschikbaar gestelde dekking van de eenmalige middelen voor de omgevingswet in 2023 vanuit de exploitatie onder te brengen in de reserve meerjarige uitgaven van incidentele aard (€ 130.000). 6. De bestemmingsreserve energietransitie op te heffen. 7. Vooruitlopend op de bestemming van het jaarrekeningresultaat 2023 in te stemmen met het in 2024 inzetten van onderstaande niet bestede middelen: (a) € 150.000 Verbetering werkprocessen (b) € 90.000 Digitalisering archieven (c) € 65.000 Inrichting van het klimaatbos A17, met als gedeeltelijke dekking de bijdrage van waterpartners van € 49.000. (d) € 1.463.000 Huisvesting arbeidsmigranten, met als dekking de te ontvangen subsidie van € 1.463.000 (e) € 50.000 Pilot Wijk GGZ-er, met als dekking € 50.000 vanuit de reserve sociaal domein. 8.
In te stemmen met de volgende reservemutaties bij het opstellen van de jaarrekening 2023: (a) Het saldo van lasten en baten van de meerjarige uitgaven van incidentele aard in 2023 te onttrekken uit/ toe te voegen aan de reserve meerjarige uitgaven van incidentele aard. (b) Het saldo van lasten en baten van het project geluidsmaatregelen HSL-Zuid te onttrekken uit/ toe te voegen aan de reserve geluidsanering HSL-Zuid. (c) Het saldo van de geraamde toevoeging op basis van het onderwijshuisvestingsplan en de werkelijke kapitaallasten en overige uitgaven voor inrichting/tijdelijke huisvesting t.b.v. het onderwijs in 2023 te onttrekken uit/ toe te voegen aan de reserve huisvesting onderwijs. (d) Het saldo van lasten en baten in het kader van de opvang van nieuwkomers te onttrekken uit/ toe te voegen aan de reserve opvang nieuwkomers. (e) De algemene reserve aan te wenden gelijk aan het bedrag dat in 2023 wordt besteed aan die specifieke onderwerpen waarvoor eerder door uw raad in dekking vanuit de algemene reserve is voorzien. (f) Op basis van de werkelijke hoogte van de winstnemingen van de grondexploitaties het daarmee corresponderende deel te storten in de reserve Grondexploitaties.
(g) De reserve sociaal domein aan te wenden gelijk aan het bedrag dat in 2023 wordt besteed aan die specifieke onderwerpen waarvoor eerder door uw raad in dekking vanuit de reserve sociaal domein is voorzien. (h) De bruto reserves en de reserve maatschappelijk nut aan te wenden gelijk aan de afschrijvingslasten die in 2023 verantwoord worden voor die specifieke afgesloten
investeringen waarvoor eerder door uw raad in dekking vanuit deze reserves is voorzien. (i) De kosten voor geluidsaneringsmaatregelen in 2023 te dekken uit de reserve geluidsaneringsmaatregelen. (j) De aankoopkosten die boven de taxatiewaarde uitkomen van de strategische verwervingen in 2023 te dekken uit de reserve strategische verwervingen. (k) De in 2023 ontvangen bijdragen voor bovenwijkse voorzieningen en ruimtelijke ontwikkeling te storten in de reserves bovenwijkse voorzieningen en ruimtelijke ontwikkeling.
Vastgesteld in de raadsvergadering d.d. 14 december 2023 , de griffier,
de voorzitter,
H.M. Vonk-Schenkel
A.J. Moerkerke