Raadsinformatiebrief- Septembercirculaire gemeentefonds 2022 (datum 26-10-2022)
Tekst van het document
RAADSINFORMATIEBRIEF Datum Zaaknummer Van Aan Onderwerp
25 oktober 2022 578336
: College van burgemeester en wethouders : de leden van de gemeenteraad : Septembercirculaire gemeentefonds 2022
Verantwoordelijke portefeuillehouder: C.J.A. van Dorst MBA
1.
Inleiding
Op 21 september, kort na Prinsjesdag, is door het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) de septembercirculaire gemeentefonds 2022 gepubliceerd. In deze raadsinformatiebrief wordt u geïnformeerd over het resultaat van de septembercirculaire zowel voor het lopende begrotingsjaar 2022 als de begroting voor volgend jaar. De raming van de uitkering gemeentefonds in de begroting 2023-2026 wordt – volgens een bestendige richtlijn – gebaseerd op de meicirculaire en we voldoen hiermee op dit punt aan de begrotingsrichtlijnen van de provincie als financieel toezichthouder. Ook tussentijds bij belangrijke ontwikkelingen in het gemeentefonds – zoals deze septembercirculaire – informeren wij u waarmee wij u in staat stellen de informatie uit deze raadsinformatiebrief te betrekken bij de behandeling van de begroting 2023-2026 De financiële effecten van de septembercirculaire voor wat betreft 2022 worden nog verwerkt in de 2de bestuursrapportage 2022. Voor wat betreft de jaren 2023 en verder zullen de effecten worden verwerkt in de 1ste bestuursrapportage 2023 en de Kadernota 2024-2027.
2.
Resultaten en analyse uitkomsten septembercirculaire gemeentefonds 2022
De septembercirculaire (SC2022) geeft - ten opzichte van de raming van de uitkering gemeentefonds op basis van de meicirculaire (MC2022) die in de begroting 2022 en begroting 2023-2026 is opgenomen - het volgende beeld. Hierbij is ook rekening gehouden met oormerkingen voor meer of minder uitgaven als gevolg van taakmutaties zoals de eenmalige energietoeslag in 2022 of andere stelposten zoals voor de loon- en prijscompensatie vanaf 2023. bedragen x € 1.000, (min) - is budgettair nadeel)
Tabel 1 Septembercirculaire t.o.v. Meicirculaire Uitkering gemeentefonds o.b.v. SC2022 Uitkering gemeentefonds o.b.v. MC2022 Verschillen
2022 65.132 63.522 1.610
2023 66.534 65.951 583
2024 68.534 67.885 648
2025 70.832 70.254 578
2026 66.996 64.511 2.484
Oormerking / stelposten
-907
-832
-981
-997
-1.111
Netto effect op begrotingsresultaat
702
-249
-332
-419
1.373
In de volgende tabel 2 ziet u in hoofdlijnen de verklaring voor de resultaten na de doorrekening van de septembercirculaire 2022. Onder de tabel staat per onderdeel een korte toelichting.
1
Septembercirculaire t.o.v. Meicirculaire Eenmalige rijksbijdrage Voorschot BCF-plafond 2022 Actualisatie verdeelmaatstaven, landelijk en lokaal Inkomstenderving gemeenten 2021 (covid-19) Overige kleinere mutaties Netto effect op begrotingsresultaat
2022 604 -59 161 -4 702
2023
2024
2025
2026 1.759
-270
-330
-392
-436
20 -249
-3 -332
-26 -419
50 1.373
2.1 Eenmalige rijksbijdrage Vanaf 2026 komt er een andere financierings- en normeringssystematiek tussen het Rijk en de provincies en gemeenten. Er wordt dan voor de bepaling van de hoogte van de accressen1 niet langer gebruik gemaakt van de ‘trap op-trap af’-methode. Het kabinet gaat samen met de provincies en gemeenten werken aan de uitwerking van de nieuwe financieringssystematiek, waarbij de mogelijkheid voor een groter eigen belastinggebied wordt betrokken. In aanloop naar deze nieuwe financieringssystematiek stelt het kabinet in 2026 eenmalig een extra bedrag voor gemeenten beschikbaar van € 1 miljard. Daarvan is € 76 miljoen bestemd voor het BTWcompensatiefonds en € 924 miljoen voor de algemene uitkering. Voor Moerdijk betekent dit een extra bijdrage van € 1,8 miljoen in 2026. De provinciaal toezichthouder staat toe om deze extra bijdrage – hoewel nu door het kabinet eenmalig toegekend – aan te merken als structurele opbrengst. Hierdoor heeft dit een positief effect op het structureel begrotingsresultaat 2026. 2.2 Voorschot BCF-plafond 2022 Als de gezamenlijke btw-declaraties van gemeenten onder het plafond van het BTW-compensatiefonds blijven wordt het verschil in het gemeentefonds gestort. Bij overschrijding van het plafond volgt een uitname. In de afgelopen jaren was er steeds sprake van een ruimte onder het BCF-plafond.
In het systeem is opgenomen dat jaarlijks bij de septembercirculaire een voorschot wordt verstrekt op de verwachte onderschrijding van dat kalenderjaar. In de meicirculaire volgend op het kalenderjaar volgt dan de afrekening. De ruimte onder het plafond voor 2022 wordt nu geraamd op € 321 miljoen. Moerdijk ontvangt in 2022 een voorschot van circa € 600.000. 2.3 Actualisatie verdeelmaatstaven, landelijk en lokaal Bij elke circulaire worden de aantallen van de verdeelmaatstaven, zoals aantal inwoners, jongeren, bijstandsontvangers, WOZ-waarden geactualiseerd. Niet alleen in Moerdijk voor de eigen aantallen, maar ook bij het ministerie van BZK voor de landelijke aantallen. Dit zorgt ook altijd voor een effect op de hoogte van de algemene uitkering. Per saldo blijft landelijk hetzelfde bedrag aan algemene uitkering beschikbaar. Dus als de aantallen stijgen, dan daalt de algemene uitkering via een aanpassing van de uitkeringsfactor. Vooral de verwachte stijging in het (landelijk) aantal bijstandsontvangers leidt nu in de septembercirculaire tot een daling van de uitkeringsfactor. 2.4 Inkomstenderving gemeenten 2021 (covid-19) Aan Moerdijk is dit jaar € 161.000 toegekend vanwege gederfde inkomsten in 2021 als gevolg van de coronacrisis zoals op de toeristenbelasting en evenementenleges. 1
De ontwikkeling van de algemene uitkering wordt voor een belangrijk deel bepaald door de ontwikkeling van de rijksuitgaven. Volgens het systeem van ‘samen de trap op, samen de trap af’ hebben wijzigingen in de rijksuitgaven direct invloed op de omvang van het gemeentefonds. Dit betekent dat wanneer de rijksuitgaven stijgen, ook de omvang van het gemeentefonds stijgt en vice versa. De jaarlijkse toe- of afname van het gemeentefonds, voortvloeiend uit de ‘trap op-trap af’-methode wordt het accres genoemd.
2
2.5 Diverse kleinere mutaties Tot slot leveren een aantal kleinere mutaties een – per saldo – voor- of nadelig effect op de algemene uitkering. Dit betreft met name afrondingsverschillen in de uitkeringsfactor en mutaties als gevolg van taakmutaties die niet geoormerkt worden. 3 Stelpost voor loon- en prijsontwikkeling Met ingang van de meicirculaire gemeentefonds 2022 heeft het Rijk het accres van het gemeentefonds gesplitst in een volumecomponent en een loon-prijscomponent. Afgelopen juni heeft de VNG ingestemd met het voorstel van het kabinet om voor de jaren 2022 tot en met 2025 het volumedeel van het accres vast te zetten op de stand van de meicirculaire gemeentefonds 2022. Dit betekent dat gemeenten de komende jaren zekerheid hebben over dit deel van hun inkomsten. De afspraak tussen VNG en kabinet zorgt ook voor minder schommelingen in de algemene uitkering gedurende het jaar én gemeenten worden in de komende jaren ook niet meer na afloop van het jaar geconfronteerd met een verlaging van het gemeentefonds wanneer de uitgaven van het Rijk achterblijven bij de ramingen. Naast het volumedeel bestaat het accres ook uit een deel voor de loon- en prijsontwikkeling (LPO-deel). Dat LPO-deel van het accres zal in de komende jaren nog wel wijzigen als gevolg van loon- en prijsontwikkelingen zoals deze door het Centraal Planbureau (CPB) worden geraamd.
Zo is in de septembercirculaire gemeentefonds 2022 het LPO-deel van het accres aangepast op basis van de meest recente raming van de loon- en prijsontwikkeling van het CPB Dit resulteert in een verhoging van de loon- en prijscomponent van het accres voor 2023 die structureel doorwerkt. In de aanbiedingsnota behorende bij de beleidsbegroting 2023-2026 wordt voorgesteld om in de gemeentelijke begroting de ontwikkelingen in de loon- en prijscomponent van het accres af te zonderen van de overige ontwikkelingen in de algemene uitkering gemeentefonds. Hiermee houden we de buffer voor eventueel noodzakelijke aanpassingen van budgetten aan de loon- en prijsontwikkeling op peil en kan – in het geval het CPB de ramingen voor loon- en prijsontwikkelingen naar beneden bijstelt en als gevolg daarvan het LPO-deel van het accres krimpt – dit in eerste instantie worden opgevangen door de stelposten voor loonkostenontwikkeling en loon- en prijsontwikkelingen goederen en diensten te verlagen. In lijn met het voorstel in de aanbiedingsnota wordt de aanpassing van het LPO-deel van het accres in de septembercirculaire 2022 ook verwerkt in de stelposten voor loonkostenontwikkeling en loon- en prijsontwikkelingen goederen en diensten. Bijlagen: Geen Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.
Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Moerdijk, de loco-gemeentesecretaris, de burgemeester,
M.J.A. Hiel
A.J. Moerkerke
3