CConstaterende datMoerdijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Overzicht van wijzigingen Afvalstoffenverordening

Commissievergadering 25 februari 2021, gemeente MoerdijkBij agendapunt: Vaststelling afvalstoffenverordening gemeente Moerdijk4.472 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Overzicht van wijzigingen – Afvalstoffenverordening Huidige tekst: Afvalstoffenverordening (2011) Nieuwe tekst: Afvalstoffenverordening (2021) Toelichting: In onderstaand schema worden de wijzigingen van de huidige en nieuwe afvalstoffenverordening in beeld gebracht. Omdat in sommige gevallen artikelen samengaan of op een andere manier worden vormgegeven, is 1-op-1 vergelijk niet helemaal mogelijk. Voor de overzichtelijkheid, is de volgorde van artikelen van de nieuwe versie aangehouden. Huidige tekst Hoofdstuk 1 Artikel 1 Begripsomschrijvingen In deze verordening wordt verstaan dan wel mede verstaan onder: a. wet: Wet milieubeheer; b. inzamelen: de activiteiten gericht op het ophalen of innemen van afvalstoffen die binnen de gemeente ter inzameling worden aangeboden en het feitelijk ophalen en innemen daarvan; c. ter inzameling aanbieden: de wijze van overdragen van afvalstoffen aan een inzamelende persoon of instantie, inclusief het achterlaten van afvalstoffen in daartoe door of vanwege de inzamelende persoon of instantie geplaatste inzamelmiddelen of -voorzieningen of op een daartoe aangewezen plaats; d. inzamelmiddel: een voor de inzameling van afvalstoffen bestemd hulp- of bewaarmiddel, bijvoorbeeld een duobak, minicontainer, citybin, kca-box, ten behoeve van één huishouden; e.

inzamelvoorziening: een voor de inzameling van afvalstoffen be-stemd(e) bewaarmiddel of -plaats, bijvoorbeeld een verzamelcontainer of brengdepot, ten behoeve van meerdere huishoudens; f. inzameldienst: de krachtens artikel 2, eerste lid, aangewezen inzameldienst, belast met de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen; g. andere inzamelaars: de krachtens artikel 2, tweede lid, aangewezen personen en instanties, belast met het afzonderlijk inzamelen van categorieën huishoudelijke afvalstoffen; h. gebruiker van een perceel: degene die in de gemeente feitelijk gebruik maakt van een

Nieuwe tekst Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen Artikel 1. Begrippen In deze verordening wordt verstaan dan wel mede verstaan onder: a. autowrak: wrak zoals bedoeld in artikel 1 onder a van het Besluit beheer autowrakken; b. bedrijfsafvalstoffen: afvalstoffen, niet zijnde huishoudelijke afvalstoffen of gevaarlijke stoffen; c. college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Moerdijk; d. fractie: een deel van een geheel bestanddeel huishoudelijke afvalstoffen, zoals bijvoorbeeld tuinafval als deel van het bestanddeel groente-, fruit- en tuinafval; e. huishoudelijke afvalstoffen: afvalstoffen afkomstig uit particuliere huishoudens, behoudens voor zover het ingezamelde bestanddelen van die afvalstoffen betreft, die zijn aangewezen als gevaarlijke afvalstoffen; f. inzamelen: de activiteiten gericht op het ophalen of innemen van afvalstoffen die binnen de gemeente ter inzameling worden aangeboden en het feitelijk ophalen en innemen daarvan; g. inzameldienst: de aangewezen inzameldienst, belast met de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen; h. inzamelmiddel: een voor de inzameling van afvalstoffen bestemd hulp- of bewaarmiddel, bijvoorbeeld een afvalzak, (mini)container, afvalemmer,

perceel ten aanzien waarvan ingevolge artikel 10.21 en artikel 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt; i. straatafval: huishoudelijke afvalstoffen van zeer beperkte omvang en gewicht, zoals proppen, papier, sigarettenpeuken, kauwgom, plastic bekertjes en blikjes, verpakkingsmateriaal, etenswaren, niet zijnde klein chemisch afval, ontstaan buiten een perceel; j. wegen: de wegen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b van de Wegenverkeerswet 1994; k. motorrijtuigen: alle voertuigen, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder c van de Wegenverkeerswet 1994.

klein chemisch afval-box of big bag, ten behoeve van één huishouden; i. inzamelvoorziening: een voor de inzameling van afvalstoffen bestemd(e) bewaarmiddel of –plaats, bijvoorbeeld een verzamelcontainer (ondergrondse containers, bovengrondse containers, inpandige containers), wijkcontainer of (mobiel) milieustraat, ten behoeve van meerdere huishoudens; j. milieustraat: plaats binnen het grondgebied van de gemeente Moerdijk waar gebruikers verschillende bestanddelen van afvalstoffen kunnen aanbieden; k. perceel: perceel binnen het grondgebied van de gemeente Moerdijk waar geregeld huishoudelijke afvalstoffen kunnen ontstaan; l. wet: Wet milieubeheer.

Wijziging: diverse begrippen zijn toegevoegd/gewijzigd. Tevens zijn de begrippen in alfabetische volgorde geplaatst. Artikel 2. Doelstelling De toepassing van deze verordening is gericht op de bescherming van het milieu, met inbegrip van een doelmatig beheer van afvalstoffen. Wijziging: nieuw artikel.

Hoofdstuk 2 INZAMELING VAN HUISHOUDELIJKE AFVALSTOFFEN / HOOFDSTUK 3 TER INZAMELING AANBIEDEN VAN HUISHOUDELIJKE AFVALSTOFFEN Artikel 2 Aanwijzing inzameldienst en andere inzamelaars 1. Het college wijst de inzameldienst aan, die belast is met het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen. 2. Naast de inzameldienst kan het college andere inzamelaars aanwijzen die belast zijn met het afzonderlijk inzamelen van categorieën huishoudelijke afvalstoffen. 3. Het college kan aan het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen voorschriften en beperkingen verbinden in het belang van de bescherming van het milieu. 4. Paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing.

Hoofdstuk 2. Inzameling van huishoudelijke afvalstoffen

Artikel 3. Aanwijzing van de inzameldienst a) Het college wijst de inzameldienst aan, die belast is met het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen. b) Aan de aanwijzing kunnen voorschriften worden verboden en beperkingen worden gesteld. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing. c) Het college kan nadere regels stellen over de voorbereiding van de aanwijzing en over het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen. Artikel 4. Regulering van andere inzamelaars 1. Het is anderen dan de inzameldienst verboden huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen, tenzij de inzamelaar: a. daartoe is aangewezen door het college; b. bij nadere regels van het college van het verbod is vrijgesteld; of c. verplicht is tot inname, bedoeld in artikel 9.5.2, derde lid, aanhef en onderdeel b, of vierde lid van de Wet milieubeheer. 2. Op de aanwijzing van de inzamelaar, bedoeld in het eerste lid, onder a, is artikel 3, tweede lid, van overeenkomstige toepassing. Wijziging: twee aparte artikelen in plaats van één artikel. Artikel 3 gaat over de inzameldienst, artikel 4 over de andere inzamelaars.

Artikel 5. Aanwijzing van inzamelplaats Het college draagt zorg voor ten minste één daartoe ter beschikking gestelde plaats binnen de gemeente, waar in voldoende mate gelegenheid wordt geboden om huishoudelijke afvalstoffen, met inbegrip van grof huishoudelijk afval, achter te laten. Wijziging: nieuw artikel. Artikel 6 Inzamelverbod huishoudelijke afvalstoffen behoudens aanwijzing 1. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen. 2. Het verbod geldt niet voor de inzameldienst of andere inzamelaars. 3. Het verbod geldt niet voor personen of instanties die in het kader van 4. Producentenverantwoordelijkheid bij algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling een inzamelplicht hebben gekregen voor categorieën van huishoudelijke afvalstoffen.

Artikel 6. Algemene verboden Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen: a. ter inzameling aan te bieden aan een ander dan de inzameldienst of een inzamelaar als bedoeld in artikel 4, eerste lid; b. over te dragen aan een ander dan een inzamelaar als bedoeld in artikel 4, eerste lid; of c. achter te laten op een andere plaats dan de inzamelplaats, bedoeld in artikel 5.

Artikel 7 Verbod op het ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aan anderen Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling aan te bieden aan een ander dan de inzameldienst, andere inzamelaars of de personen of instanties die in het kader van producentenverantwoordelijkheid bij algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling een inzamelplicht hebben voor categorieën van huishoudelijke afvalstoffen Artikel 8 Verbod op het ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen door anderen dan de gebruikers van percelen Het is anderen dan gebruikers van percelen verboden om huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling aan te bieden.

Wijziging: dit artikel heeft een aantal artikelen samengevoegd.

Artikel 3 Afzonderlijke inzameling 1. Door de inzameldienst of andere inzamelaars worden de volgende categorieën huishoudelijke afvalstoffen afzonderlijk ingezameld: 1. groente-, fruit- en tuinafval; 2. huishoudelijk restafval; 3. luiers; 4. oud papier en karton; 5. textiel; 6. elektrische en elektronische apparatuur; 7. herbruikbare huisraad (kringloopgoederen); 8. grof tuinafval; 9. klein gevaarlijk/chemisch afval; 10. grof huishoudelijk afval; 11. glas; 12. kunststof verpakkingsmateriaal. 2. Bij het brengdepot als bedoeld in artikel 4 lid 1 onder d van de verordening kunnen naast de in lid 1 onder d tot en met l genoemde categorieën huishoudelijke afvalstoffen ook de volgende categorieën huishoudelijk afval gescheiden worden aangeboden: a. bouw- en sloopafval; b. asbest en asbesthoudend afval; c. b- en c-hout; d. brandbaar afval; e. onbrandbaar afval, inclusief vloerbedekking; f. olie en brandstof; g. tuingrond; h. gipsplaten; i. dakleer; j. harde kunststof; k. puin; l. vlakglas; m. metalen; n. kadavers. 3. Het college kan een omschrijving vaststellen van de categorieën huishoudelijke afvalstoffen als bedoeld in het eerste lid. Artikel 10 Ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen 1. Het is de gebruiker van een perceel, voor wie krachtens artikel 4, tweede lid een inzamelmiddel of inzamelvoorziening is aangewezen, verboden de huishoudelijke

Artikel 7. Afvalscheiding 1. Het college stelt nadere regels over de bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen die afzonderlijk door de inzameldienst worden ingezameld, over de frequentie van de inzameling van elk van deze bestanddelen, de inzamelmiddelen of inzamelvoorzieningen die bestemd zijn voor de inzameling van bepaalde bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen of fracties daarvan, bij of nabij een perceel en over de locaties van deze inzameling bij of nabij elk perceel. De regels kunnen voor verschillende bestanddelen, of fracties daarvan, verschillend worden vastgesteld en kunnen voorschriften bevatten omtrent het gebruik van de inzamelmiddelen en inzamelvoorzieningen. 2. In ieder geval de volgende bestanddelen huishoudelijke afvalstoffen worden afzonderlijk ingezameld: a. groente-, fruit en tuinafval; b. papier en karton; c. metaal; d. glas (verpakkingsglas); e. textiel en kleding; f. elektrische en elektronische apparatuur (wit- en bruingoed); g. plastic verpakkingen, blik en drankenkartons; h. medicijnen; i. luier- en incontinentiemateriaal; j. puin; k. asbest- en asbesthoudend afval; l. snoeiafval; m. piepschuim, tempex (EPS), polystyreen (verpakkings)materiaal; n. brandbaar afval; o. bouw- en sloopafval; p. harde kunststoffen; q. dakleer; r. grond en zand; s. verduurzaamd hout (geïmpregneerd hout); t. hout; u. gipsplaten; v. klein chemisch afval; w.

vlakglas; x. frituurvet en -olie;

2.

3.

4.

5.

6.

afvalstoffen anders aan te bieden dan via het betreffende inzamelmiddel of de betreffende inzamelvoorziening of het betreffende brengdepot. Het is verboden andere categorieën huishoudelijke afvalstoffen via een inzamelmiddel of inzamelvoorziening aan te bieden, dan de categorie waarvoor dit inzamelmiddel of deze inzamelvoorziening krachtens artikel 4, tweede lid is bestemd. Het college kan regels stellen omtrent het gebruik van een van gemeentewege verstekt inzamelmiddel. Het college kan regels stellen omtrent de plaats en wijze waarop huishoudelijke afvalstoffen moeten worden aangeboden. Het college kan categorieën huishoudelijke afvalstoffen aanwijzen die zonder inzamelmiddel ter inzameling kunnen worden aangeboden. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen op andere wijze ter inzameling aan te bieden dan krachtens dit artikel is bepaald.

Artikel 12 Het in bijzondere gevallen ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen In afwijking van hetgeen in deze paragraaf is bepaald kan het college regels stellen omtrent het in bijzondere gevallen ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aan de inzameldienst of andere inzamelaars.

y. restafval; z. matrassen; aa. bruikbare huisraad; bb. STORL (Stichting Opruiming Restanten van Landbouwbestrijdingsmiddelen); cc. kadavers (dode huisdieren zonder verpakkingsmateriaal); dd. autobanden. 3. Het college kan een omschrijving vaststellen van de bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen.

Wijziging: uitgebreidere lijst en diverse onderdelen van artikel 10 zijn opgenomen in lid 1. Artikel 8. Gescheiden aanbieding 1. Het is verboden de bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen, bedoeld in artikel 7, anders dan afzonderlijk: a. ter inzameling aan te bieden; b. achter te laten op een inzamelplaats, bedoeld in artikel 5. 2. Het college kan nadere regels stellen. Deze regels kunnen voor categorieën van gevallen of personen een vrijstelling inhouden van het verbod, bedoeld in het eerste lid.

Wijziging: een deel van het artikel is aangepast naar lid 2.

Artikel 11 Dagen en tijden voor het ter inzameling aanbieden 1. Het college stelt de dagen en tijden vast waarop categorieën huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling kunnen worden aangeboden. 2. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen op andere dagen en tijden ter inzameling aan te bieden dan krachtens het eerste lid is bepaald.

Artikel 9. Tijdstip van aanbieding Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling aan te bieden anders dan op de door het college daartoe bepaalde dagen en tijden. Deze kunnen voor verschillende bestanddelen verschillend worden vastgesteld.

Artikel 4 Inzamelmiddelen en -voorzieningen 1. De inzameling kan plaatsvinden via: a. een inzamelmiddel voor de gebruiker van een perceel; b. een inzamelvoorziening voor de gebruikers van een aantal percelen; c. een inzamelvoorziening op wijkniveau; d. een brengdepot op lokaal of regionaal niveau. 2. Het college kan aanwijzen via welk al dan niet van gemeentewege verstrekt inzamelmiddel of via welke inzamelvoorziening de inzameling van een bepaalde categorie huishoudelijke afvalstoffen ten behoeve van de gebruiker van een perceel plaatsvindt.

Artikel 10. Wijze en plaats van aanbieding

Wijziging: lid 1 en 2 zijn samengevoegd in een omschrijving.

1. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen of bestanddelen daarvan ter inzameling aan te bieden anders dan in overeenstemming met de door het college te stellen regels over het gebruik van: a. inzamelmiddelen voor het aanbieden ter inzameling bij een perceel; b. inzamelvoorzieningen voor het aanbieden ter inzameling nabij een perceel. 2. Het is verboden om een inzamelmiddel na afloop van de tijden, bedoeld in artikel 9, buiten een perceel te laten staan. 3. Wijziging: het artikel is in een andere vorm gegoten en lid 2 is toegevoegd.

Artikel 5 Frequentie van inzamelen 1. Huishoudelijk restafval wordt ten Deze specifieke regels zijn opgenomen in de minste eenmaal per week afzonderlijk Nadere Regels Afvalstoffen. bij elk perceel ingezameld. 2. Groente-, fruit- en tuinafval wordt ten minste eenmaal per week afzonderlijk bij elk perceel ingezameld. 3. In afwijking van het eerste en tweede lid wordt restafval en groente-, fruiten tuinafval bij gestapelde woningbouw met een bijbehorende ondergrondse voorziening niet afzonderlijk bij elk perceel ingezameld. 4. Het college kan de frequentie van inzameling vaststellen van de overige categorieën huishoudelijke afvalstoffen die afzonderlijk worden ingezameld.

HOOFDSTUK 4 INZAMELING VAN BEDRIJFSAFVALSTOFFEN Artikel 13 Inzameling bedrijfsafvalstoffen door de inzameldienst Het college kan categorieën bedrijfsafvalstoffen aanwijzen die door de inzameldienst worden ingezameld.

Hoofdstuk 3. Bedrijfsafvalstoffen Artikel 11. Inzameling bedrijfsafvalstoffen door inzameldienst Het college kan bestanddelen van bedrijfsafvalstoffen aanwijzen die worden ingezameld door de inzameldienst die is aangewezen krachtens artikel 3, in gevallen waarin de voor deze inzameling krachtens de Verordening afvalstoffenheffing en reinigingsrechten gemeente Moerdijk verschuldigde heffing is voldaan. Wijziging: het artikel is uitgebreid en meer volledig.

Artikel 14 Ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen aan de inzameldienst 1. Het is verboden bedrijfsafvalstoffen aan te bieden aan de inzameldienst. 2. Het verbod geldt niet voor de krachtens artikel 13 aangewezen categorieën bedrijfsafvalstoffen, voor zover degene die gebruik maakt van de inzameling door de inzameldienst voldoet aan de daarmee ontstane belastingplicht op grond van de Verordening op de heffing en invordering van afvalstoffenheffing en reinigingsrechten. 3. Het college kan regels stellen omtrent de dagen, tijden, wijzen en plaatsen waarop de krachtens artikel 13 aangewezen bedrijfsafvalstoffen aan de inzameldienst ter inzameling kunnen worden aangeboden. 4. Het is verboden de krachtens artikel 13 aangewezen bedrijfsafvalstoffen ter inzameling aan te bieden in strijd met deze regels. Artikel 15 Het ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen aan een ander dan de inzameldienst 1. Het college kan regels stellen voor het ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen aan een ander dan de inzameldienst. 2. Het is verboden bedrijfsafvalstoffen ter inzameling aan te bieden in strijd met deze regels.

Artikel 12. Aanbieden ter inzameling van bedrijfsafvalstoffen Het is verboden anders dan in overeenstemming met artikel 11 bedrijfsafvalstoffen ter inzameling door de inzameldienst aan te bieden, aan de inzameldienst over te dragen of bij de inzamelplaats, bedoeld in artikel 5, achter te laten. Artikel 13. Regeling van inzameling van bedrijfsafvalstoffen 1. Het is verboden bedrijfsafvalstoffen ter inzameling aan te bieden anders dan in overeenstemming met de door het college te stellen regels over de dagen, tijden, wijzen en plaatsen van inzameling van de krachtens artikel 11 aangewezen bedrijfsafvalstoffen. 2. Het college kan nadere regels stellen over het aanbieden of overdragen van bedrijfsafvalstoffen. Deze regels kunnen mede worden vastgesteld voor anderen dan de inzameldienst. Deze regels kunnen een vrijstelling van het verbod, bedoeld in het eerste lid, inhouden.

Wijziging: artikel 14 en 15 zijn op een andere manier opgeschreven en hebben geresulteerd in artikel 12 en 13. De inhoud verandert niet.

HOOFDSTUK 5 ZWERFAFVAL Artikel 16 Voorkomen van diffuse milieuverontreiniging 1. Het is verboden buiten een daarvoor door het college bestemde plaats en buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer een afvalstof, stof of voorwerp op of in de bodem te brengen, te storten, te houden, achter te laten of anderszins te plaatsen op een wijze die aanleiding kan geven tot hinder of nadelige beïnvloeding van het milieu. 2. Het college kan van het verbod ontheffing verlenen. 3. Het verbod is niet van toepassing op: a. het overeenkomstig deze verordening ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen of bedrijfsafvalstoffen; b. het thuis composteren van groente-, fruit- en tuinafval; c. voor zover de (afval)stoffen tijdelijk op de weg geraken of worden gebracht als onvermijdelijk gevolg van het laden, lossen of vervoeren van afvalstoffen dan wel het verrichten van andere werkzaamheden op of aan de weg. 4. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor zover de Wet bodembescherming of het Besluit Bodemkwaliteit voorziet in de beoogde bescherming van het milieu.

Hoofdstuk 4. Zwerfafval en overige Artikel 14. Dumpingsverbod 1. Het is verboden zonder ontheffing van het college, buiten een inrichting, hinder of nadelige beïnvloeding van het milieu te veroorzaken, door een afvalstof, een stof of een voorwerp op of in de bodem te brengen, te storten, te houden, achter te laten of anderszins daar te plaatsen. 2. Het eerste lid is niet van toepassing op: a. het aanbieden, overdragen of achterlaten van huishoudelijke afvalstoffen of bedrijfsafvalstoffen in overeenstemming met deze verordening; b. het composteren van huishoudelijk groente-, fruit- of tuinafval op het perceel waar dit is ontstaan; c. het laden, lossen of vervoeren van afvalstoffen, met inbegrip van daarbij niet te vermijden plaatsing van afvalstoffen, stoffen of voorwerpen op de weg, bedoeld in artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994; d. handelingen die zijn verboden bij of krachtens de Wet bodembescherming, de Waterwet of het Besluit bodemkwaliteit. 3. Indien de overtreder van dit artikel onbekend is, wordt de persoon tot wie de aangetroffen afvalstof, stof of voorwerp kan worden herleid, geacht te hebben gehandeld in strijd met dit artikel. Wijziging: het artikel heeft een nieuwe titel gekregen. De inhoud van het artikel komt op hetzelfde neer.

Artikel 17 Achterlaten van straatafval 1. Het is verboden straatafval in de openbare ruimte achter te laten zonder gebruik te maken van de van gemeentewege of anderszins geplaatste of voorgeschreven bakken, manden of soortgelijke voorwerpen. 2. Het is verboden om andere afvalstoffen dan straatafval achter te laten in daartoe van gemeentewege of anderszins geplaatste of voorgeschreven bakken, manden of soortgelijke voorwerpen. Artikel 20 Wegwerpen van reclamebiljetten of ander promotiemateriaal Degene die in de openbare ruimte reclamebiljetten of dergelijke of ander promotiemateriaal onder het publiek verspreidt, is verplicht deze of de verpakking daarvan terstond op te ruimen of te laten opruimen, indien deze in de omgeving van de plaats van uitreiking op de weg of een andere voor het publiek toegankelijke plaats door het publiek worden weggeworpen.

Artikel 15. Zwerfafval in de openbare ruimte 1. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen van beperkte omvang en gewicht die zijn ontstaan buiten een perceel, achter te laten in de openbare ruimte, anders dan in daartoe bestemde afvalbakken of andere middelen ter inzameling van deze afvalstoffen. 2. Reclamedrukwerk, ander promotiemateriaal en de verpakking daarvan, die in weerwil van het eerste lid in de openbare ruimte wordt weggeworpen of achtergelaten, wordt terstond opgeruimd door degene die het in de betreffende omgeving onder het publiek verspreidde. 3. Het is verboden zwerfafval te veroorzaken door ter inzameling gereedstaande afvalstoffen of inzamelmiddelen te doorzoeken of te verspreiden, te stoten, te schoppen, omver te werpen of door deze anderszins te behandelen. Wijziging: het artikel heeft een nieuwe titel gekregen en is uitgebreid. Het artikel gaat nu specifiek over zwerfafval. Artikel 17 en 20 zijn samengevoegd in het nieuwe artikel 15.

Artikel 19 Afvalbakken in inrichtingen voor het verbruiken van eet- en drinkwaren De houder of beheerder van een inrichting waar eet- of drinkwaren worden verkocht die ter plaatse kunnen worden genuttigd, is verplicht: a. een afvalbak, -mand of soortgelijk voorwerp in of nabij de inrichting op een duidelijk zichtbare plaats aanwezig te hebben, waarin het publiek afval kan achterlaten; b. zorg te dragen dat deze afvalbak, mand of soortgelijk voorwerp van een zodanige constructie is dat het afval daarin deugdelijk geborgen blijft en dat die afvalbak, -mand of voorwerp steeds tijdig wordt geledigd; c. zorg te dragen dat dagelijks, uiterlijk een uur na sluiting van de inrichting, doch in ieder geval terstond op eerste aanzegging van een ambtenaar, belast met de toezicht op de naleving van dit artikel, in de nabijheid van de inrichting achtergebleven afval, voor zover kennelijk uit of van die inrichting afkomstig, wordt opgeruimd.

Artikel 16. Zwerfafval rondom inrichtingen 1. Degene die een inrichting drijft waar eet- of drinkwaren worden verkocht die ter plaatste kunnen worden genuttigd draagt zorg voor van de aanwezigheid in of nabij de inrichting, van een steeds voor gebruik door het publiek beschikbare en tijdig geleegde afvalbak of soortgelijk middel voor het houden van afval. 2. Degene die de inrichting drijft verwijdert zo vaak als nodig etenswaren, verpakkingen, afval of andere materialen die kennelijk uit de inrichting afkomstig zijn of voor de inrichting zijn bestemd binnen een straal van ten minste 25 meter van de inrichting. 3. De vorige leden gelden niet voor situaties waarin wordt voorzien door het Activiteitenbesluit milieubeheer.

Wijziging: het artikel heeft een nieuwe titel en is op een andere manier ingestoken.

Artikel 21 Zwerfafval bij vervoeren, laden en lossen of overige werkzaamheden 1. Het is verboden afvalstoffen, stoffen of voorwerpen zodanig te laden, te lossen of te vervoeren of andere werkzaamheden te verrichten dat de weg wordt verontreinigd of het milieu nadelig kan worden beïnvloed. 2. Indien bij het laden of lossen of vervoeren van afvalstoffen, stoffen of voorwerpen deze weg wordt verontreinigd of het milieu nadelig wordt beïnvloed, is degene die genoemde werkzaamheden verricht alsmede diens opdrachtgever verplicht deze weg te reinigen of te laten reinigen: a. direct na het ontstaan van de verontreiniging, indien de verontreiniging gevaar voor de veiligheid van het verkeer of beschadiging van het wegdek oplevert; b. direct na beëindiging van de werkzaamheden, indien de verontreiniging geen gevaar voor de veiligheid van het verkeer of beschadiging van het wegdek oplevert; c. indien de werkzaamheden langer dan een dag duren, elke dag direct na beëindiging van de werkzaamheden.

Artikel 17. Afval en verontreiniging op de weg 1. Het is verboden een weg, bedoeld in artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994, te verontreinigen of het milieu nadelig te beïnvloeden door afvalstoffen, stoffen of voorwerpen te laden, te lossen of te vervoeren of andere werkzaamheden te verrichten. 2. Degene die in strijd met het eerste lid de weg verontreinigt of het milieu nadelig beïnvloedt of diens opdrachtgever zorgt direct na de beëindiging van de werkzaamheden van die dag voor het reinigen van de weg, of zoveel eerder als nodig is om de veiligheid van het verkeer of de bescherming van het wegdek te verzekeren.

Wijziging: het artikel heeft een andere titel gekregen en is op een andere manier vormgegeven.

HOOFDSTUK 6 OVERIGE ONDERWERPEN DIE DE VERORDENING AANGAAN Artikel 22 Verbod opslag van afvalstoffen 1. Het is verboden afvalstoffen op voor het publiek zichtbare plaats in de open lucht en buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer op te slaan of opgeslagen te hebben. 2. Het college kan ontheffing verlenen van het in het eerste lid gestelde verbod. 3. Het verbod is niet van toepassing op het overdragen of ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aan de inzameldienst, andere inzamelaars of de personen of instanties die in het kader van producentenverantwoordelijkheid bij algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling een inzamelplicht hebben voor categorieën van huishoudelijke afvalstoffen. Artikel 23 Afgifte autowrakken afkomstig uit een huishouden Het is de eigenaar of kentekenhouder verboden zich te ontdoen van een autowrak, dat afkomstig is van een huishouden, anders dan door afgifte aan inrichtingen, genoemd in artikel 6 van het Besluit Beheer Autowrakken.

Artikel 18. Geen opslag van afval in de open lucht Het is verboden afvalstoffen op een voor het publiek waarneembare plaats in de open lucht en buiten een inrichting als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet milieubeheer op te slaan of opgeslagen te hebben, anders dan door het in overeenstemming met paragraaf 2 van deze verordening aanbieden of overdragen van huishoudelijke afvalstoffen.

Wijziging: het artikel heeft een andere titel en is korter omschreven. Artikel 19. Ontdoen van autowrakken Het is verboden zich te ontdoen van een autowrak dat afkomstig is van een perceel, anders dan door afgifte aan een inrichting als bedoeld in artikel 6 van het Besluit beheer autowrakken. Wijziging: het artikel heeft een andere titel. De inhoud is gelijk gebleven.

HOOFDSTUK 7 SLOTBEPALINGEN Artikel 24 Strafbepaling Een gedraging in strijd met de volgende artikelen is een strafbaar feit in de zin van artikel 1a, onder 3º, Wet op de economische delicten: Artikel 6 Inzamelverbod huishoudelijke afvalstoffen behoudens aanwijzing Artikel 7 Verbod op het ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aan anderen Artikel 8 Verbod op het ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen door anderen dan de gebruikers van percelen Artikel 9 Afzonderlijk ter inzameling aanbieden Artikel 10 Ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen Artikel 11 Dagen en tijden voor het ter inzameling aanbieden Artikel 14 Ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen aan de inzameldienst Artikel 15 Het ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen aan een ander dan de inzameldienst Artikel 16 Voorkomen van diffuse milieuverontreiniging Artikel 17 Achterlaten van straatafval Artikel 18 Voorkomen van zwerfafval bij ter inzameling gereed staande afvalstoffen Artikel 19 Afvalbakken in inrichtingen voor het verbruiken van eet- en drinkwaren Artikel 20 Wegwerpen van reclamebiljetten of ander promotiemateriaal Artikel 21 Zwerfafval bij vervoeren, laden en lossen of overige werkzaamheden Artikel 22 Verbod opslag van afvalstoffen Artikel 23 Afgifte autowrakken afkomstig uit een huishouden

Hoofdstuk 5. Handhaving en toezicht Artikel 20. Strafbare feiten Overtreding van artikel 4, artikel 6 of van artikel 8 tot en met artikel 10 en artikel 12 tot en met artikel 19, is een strafbaar feit als bedoeld in artikel 1a, onderdeel 3 van de Wet op de economische delicten.

Artikel 25 Toezichthouders Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de krachtens artikel 5.10, derde lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht aangewezen ambtenaren.

Artikel 21. Toezichthouders Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de krachtens artikel 5.10, derde lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht aangewezen ambtenaren.

Wijziging: dit artikel is aangepast aan de nieuwe artikel nummering van de verordening.

Geen wijziging.

Hoofdstuk 6. Slotbepalingen Artikel 22. Overgangsrecht De intrekking van de verordening als bedoeld in artikel 24, tweede lid, heeft geen gevolgen voor de geldigheid van op basis van die verordening genomen nadere regels en aanwijzingsbesluiten, indien en voor zover de rechtsgrond waarop de aanwijzingsbesluiten zijn gebaseerd ook vervat is in deze verordening en voor zover zij niet eerder zijn vervallen of ingetrokken. Wijziging: nieuw artikel. Artikel 27 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als “Afvalstoffenverordening gemeente Moerdijk”.

Artikel 23. Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Afvalstoffenverordening gemeente Moerdijk. Geen wijziging

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Moerdijk&id=717f54e7-90a2-4240-9b2a-a0e58f5d9d7f