CConstaterende datMoerdijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Koersdocument Leerrecht en Doorstroompunt West Brabant 2024-2026

Commissievergadering 19 maart 2025, gemeente MoerdijkBij agendapunt: Regionaal Bureau Leren7.430 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Koersdocument Leerrecht en Doorstroompunt 2024-2026 Regio West-Brabant

Versie: 18 september 2024

1

Inhoudsopgave 1.

2.

3.

4.

5.

Inleiding en Leeswijzer .......................................................................................................................... 3 1.1

Inleiding......................................................................................................................................... 3

1.2

Leeswijzer...................................................................................................................................... 3

Organisatie van de regionale samenwerking........................................................................................ 4 2.1

Inleiding......................................................................................................................................... 4

2.2

Organisatie van de uitvoering ....................................................................................................... 4

2.3

Doelgroep en dienstverlening ....................................................................................................... 5

2.4

De governance van de samenwerking .......................................................................................... 6

Landelijke ontwikkelingen .................................................................................................................... 9 3.1

Inleiding......................................................................................................................................... 9

3.2

Maatschappelijke trends............................................................................................................... 9

3.3

Gevolgen voor de werklast van Leerplicht en het Doorstroompunt .......................................... 11

Herijking missie, visie en ambitie ........................................................................................................ 13 4.1

Inleiding....................................................................................................................................... 13

4.2

Welke beweging willen we maken? ............................................................................................ 13

4.3

Nieuwe missie en visie ................................................................................................................ 13

4.4

Gezamenlijke ambitie ................................................................................................................. 14

4.5

Stip op de horizon ....................................................................................................................... 16

4.6

Realisatie van de ambities .......................................................................................................... 17

Monitoring en evaluatie...................................................................................................................... 19

Bijlage 1: Basistaken en aanvullende taken Leerplicht en Doorstroompunt volgens Ingrado/Berenschot20

2

1.

Inleiding en Leeswijzer

1.1

Inleiding

In de regio West-Brabant werken zestien gemeenten samen op het terrein van leerplicht en de doorstroompuntfunctie. Met dit koersdocument wordt richting gegeven aan de visie, missie en ambitie van de gemeenten op het terrein van leerplicht en de doorstroompuntfunctie in de regio West-Brabant in de periode tot en met 2026. De titel van het koersdocument weerspiegelt de beweging die we samen beogen: van leerplicht naar leerrecht. Om deze reden wordt in het document vanaf hoofdstuk 4 niet meer de term ‘leerplicht’ gebruikt, maar wordt gesproken over ‘leerrecht’. Het koersdocument is de laatste inhoudelijke stap in het in 2022 ingezette doorontwikkelingsproces van RBL-West-Brabant. Voorafgaand aan dit koersdocument zijn belangrijke stappen gezet om de dienstverlening van het Regionaal Bureau Leren in de komende periode op orde te krijgen. Op het moment van schrijven van dit Koersdocument worden er nog een aantal keuzes voorbereid in de governance van RBL. Deze zullen worden verwerkt in een aangepaste gemeenschappelijke regeling RBL.

1.2

Leeswijzer

Het koersdocument kent de volgende opbouw: • In hoofdstuk 2 beschrijven we de organisatie van de regionale samenwerking. • In hoofdstuk 3 komen een aantal belangrijke maatschappelijke trends aan de orde die van sterke invloed zijn op de uitvoering van leerplicht- en de doorstroompuntfunctie. Daarbij gaan we ook in op wat dit volgens landelijk onderzoek betekent voor de werklast in de uitvoering. • In hoofdstuk 4 zetten we vervolgens de stap naar een nieuwe missie en visie voor de uitvoering van leerrecht en de doorstroompuntfunctie in West-Brabant en werken we de 5 speerpunten uit die we in de periode 2024-2026 centraal stellen. • Hoofdstuk 5 bevat een aantal afspraken over de monitoring en evaluatie van de gezamenlijke ambitie.

3

2.

Organisatie van de regionale samenwerking

2.1

Inleiding

In dit hoofdstuk geven we de organisatie van de regionale samenwerking weer. We staan achtereenvolgens stil bij: • De organisatie van de uitvoering in een aantal subregionale uitvoeringsclusters. • De doelgroep en de dienstverlening. • De governance van de regionale samenwerking.

2.2

Organisatie van de uitvoering

Kader: uitvoering Leerplicht en Doorstroompuntfunctie Binnen de regio West-Brabant werken zestien gemeenten samen op het gebied van leerplicht, het voorkomen van schooluitval en het begeleiden van uitgevallen jongeren terug naar een opleiding, of naar passende ondersteuning bij het vinden van werk of zorg. Het gaat daarbij om de uitvoering van twee belangrijke taken: 1. De uitvoering van de leerplichtwet: hierbij draait het in de kern om het controleren, begeleiden en handhaven bij schoolverzuim van kinderen met een leer- of kwalificatieplicht (5 tot 18 jaar). Ook het behandelen van verzoeken tot extra verlof of vrijstellingen is hier onderdeel van. 2. De uitvoering van de doorstroompuntfunctie: de (traject)begeleiding van leerlingen van 18-23 jaar die hun school zonder startkwalificatie verlaten naar een (andere) school/opleiding, werk en/of zorg. Aan deze twee taken zijn ook een aantal belangrijke administratieve- en rapportageverplichtingen verbonden, zoals de zorg voor een deugdelijke leerplicht- en doorstroompunt-administratie en het verzorgen van een aantal vanuit de wetgeving voortkomende rapportages: een statistisch en inhoudelijk jaarverslag, de doorstroompunt-effectrapportage en de verantwoording aan het Rijk per deelnemende gemeente.

Doel van de samenwerking binnen het RBL West-Brabant In 2012 zijn zes doelen geformuleerd die tot op heden de basis vormen onder de regionale samenwerking: 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Een volledige en eenduidige leerplicht- en doorstroompunt-registratie; Continuïteit van beschikbaarheid van de leerplicht- en doorstroompuntfunctie; Uniformiteit, bereikbaarheid en herkenbaarheid in uitvoering; Inzicht in de problematiek en afstemming in beleid; Deskundigheid bij medewerkers; Het adequaat en efficiënt oppakken zorg- en hulpvragen.

RBL West-Brabant In 2012 is voor de uitvoering van de regionale samenwerking het Regionaal Bureau Leren West-Brabant opgericht (RBL). RBL voert niet alle taken uit voor alle gemeenten.

4

Voor zeven gemeenten voert RBL alle leerplicht-, kwalificatieplicht- en de doorstroompunttaken uit. Dat gaat om de volgende zeven gemeenten: Breda, Oosterhout, Moerdijk, Geertruidenberg, Drimmelen. Alphen-Chaam en Baarle-Nassau. De overige negen gemeenten hebben alleen de uitvoering van de aan leerplicht en doorstroompunt gerelateerde administratieve taken ondergebracht belegd bij RBL. De organisatie van de leerplicht- en doorstroompunttaken bij de overige negen gemeenten Negen van de zestien gemeenten verzorgen de uitvoering van de leerplicht- en doorstroompunttaken zelf. Deze dienstverlening wordt dus niet uitgevoerd door RBL, maar door leerplichtambtenaren en doorstroomcoaches van de betreffende gemeenten zelf. Daarin werken verschillende gemeenten samen met elkaar: •

• •

2.3

Netwerksamenwerking West-Brabant-West: De gemeenten Bergen op Zoom, Halderberge, Roosendaal, Steenbergen en Woensdrecht vormen een netwerksamenwerking en werken samen op basis van een convenant. Zij hebben eigen leerplichtambtenaren en doorstroomcoaches in dienst. De dagelijkse aansturing is belegd bij een coördinator. Gemeente Altena: Ook de gemeente Altena heeft eigen leerplichtambtenaren en doorstroomcoaches in dienst. De gemeenten Etten-Leur, Rucphen en Zundert: De gemeenten Etten-Leur, Rucphen en Zundert hebben op het moment van schrijven van dit koersdocument een tussenpositie. Zij voeren zelf de leerplicht-, kwalificatieplicht- en doorstroompuntfunctie uit voor kinderen en jongeren in het primair en voortgezet onderwijs. Dit doen zij in netwerkvorm. RBL voert de doorstroompunt- en kwalificatieplichttaken voor mbo-leerlingen uit voor deze drie gemeenten. Vanaf schooljaar 20252026 zullen deze gemeenten deze dienstverlening ook zelf uit gaan voeren. Zij hebben dus vanaf dat moment dezelfde positie als de gemeenten in de netwerksamenwerking West-Brabant-West en de gemeente Altena.

Doelgroep en dienstverlening

Doelgroep Tot de doelgroep van de regionale samenwerking op leerplicht en de doorstroompuntfunctie behoren alle kinderen en jongeren van 5 tot 23 jaar, voor zover zij hun startkwalificatie1 nog niet hebben behaald. In totaal gaat het in West-Brabant om bijna 110.000 kinderen en jongeren2. Ongeveer de helft van deze kinderen en jongeren vallen onder de verantwoordelijkheid van de leerplichtambtenaren en doorstroomcoaches van RBL. De andere helft wordt begeleid door de leerplichtambtenaren en doorstroomcoaches van de netwerksamenwerking West-Brabant-West (ongeveer 30%), Altena (ongeveer 10%) en de samenwerking Etten-Leur, Rucphen en Zundert (ongeveer 10%).

1

Een startkwalificatie is een diploma op het niveau van havo, vwo of mbo2+. Naar verwachting zal per 1 januari 2026 het wetsvoorstel ‘Van school naar duurzaam werk’ in werking treden. De doelgroep wordt dan uitgebreid naar alle kinderen en jongeren van 5 tot en met 27 jaar. 2

5

Verzuim, vrijstellingen en schooluitval Veruit de meeste kinderen en jongeren doorlopen hun schooltijd zonder dat daar extra ondersteuning bij nodig is van een leerplichtambtenaar of een doorstroomcoach. De leerplichtambtenaar of doorstroomcoach komt in beeld wanneer zij verzuimen, (dreigen) uit (te) vallen of (dreigen te) stoppen met hun opleiding. Ook is de leerplichtambtenaar verantwoordelijk voor de beoordeling van verzoeken tot vrijstelling van de leerplicht. In de meeste gevallen gaat dat om vrijstellingen omdat kinderen in het buitenland (vaak België) naar school gaan en om vrijstellingen vanwege medische of psychosociale oorzaken. Ter indicatie ging het in schooljaar 2022-2023 in een aantal belangrijke leerplicht- en doorstroompuntwerkprocessen in West-Brabant om: Verzuimmeldingen Vrijstellingen Doorstroompunt Werkprocessen Meldingen verzuim 18-plus

2.4

WB-Oost 2.604 462

WB-West 2.264 668

Altena 745 190

EL-R-Z 497 61

Totaal 6.110 1.381

779 885

728 595

188 198

94 157

1.789 1.835

De governance van de samenwerking

In deze paragraaf gaan we in op de governance in de regionale samenwerking op het gebied van leerplicht, kwalificatieplicht en doorstroompunt in West-Brabant. De gemeenschappelijke regeling (GR) Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten Regio West-Brabant De samenwerking tussen de 16 gemeenten is geformaliseerd in een gemeenschappelijke regeling: de ‘Gemeenschappelijke Regeling Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten Regio West-Brabant’. Het betreft een gemeenschappelijk orgaan. Dat betekent dat de gemeenschappelijke regeling geen eigen rechtspersoonlijkheid heeft. Daardoor kan de GR zelf geen personeel in dienst hebben. De GR heeft een enkelvoudig bestuur. Iedere gemeente heeft 1 stem in het bestuur van de GR. De gemeenschappelijke regeling kent twee uitvoeringsniveaus:3 • Niveau 1: Het voeren van de leerplicht- en doorstroompuntadministratie en alle daaraan gekoppelde taken. Alle 16 deelnemende gemeenten maken gebruik van dit uitvoeringsniveau. • Niveau 2: De uitvoering van de leerplicht- en doorstroomtaken door leerplichtambtenaren en doorstroomcoaches. Zeven gemeenten maken gebruik van dit uitvoeringsniveau. Door de colleges van de 16 gemeenten zijn, afhankelijk van het gekozen uitvoeringsniveau meer of minder bevoegdheden gemandateerd aan de GR. Dat betekent dat de bevoegdheden in juridische zin niet zijn overgedragen aan de GR.

De GR voert de gemandateerde taken uit namens de colleges van de 16 gemeenten. Per uitvoeringsniveau verschilt welke taken zijn gemandateerd.

3

Tot 1 augustus 2025 is er nog een derde uitvoeringsniveau (Niveau 2a) voor de tussenpositie van de gemeenten Etten-Leur, Rucphen en Zundert. Deze gemeenten schalen bij de start van schooljaar 2025-2026 af naar Niveau 1. Daarmee komt Niveau 2a als uitvoeringsniveau te vervallen.

6

De bestuursvergaderingen van de GR worden voorbereid door een ambtelijke klankbordgroep met beleidsadviseurs van iedere deelnemende gemeente. Uitvoeringsteam RBL West-Brabant De gemeente Breda is door de GR aangewezen als uitvoerende gemeente. De aan de GR gemandateerde taken worden dus uitgevoerd door de gemeente Breda in een uitvoeringsteam met de naam RBL West-Brabant. Het personeel van RBL is in dienst van gemeente Breda. Het uitvoeringsteam van RBL West-Brabant bestaat uit een aantal administratieve medewerkers, een kwaliteitsmedewerker en een secretaris die regiobrede taken uitvoeren voor alle 16 gemeenten en leerplichtambtenaren, doorstroomcoaches en een beleidsadviseur/projectleider voor de 7 gemeenten die alle dienstverlening bij RBL hebben ondergebracht. Ook heeft RBL een aantal medewerkers in dienst voor de coördinatie van projecten voortvloeiend uit het regionale VSV programma. Het team wordt aangestuurd door 2 teamleiders. Netwerksamenwerking West-Brabant-West De gemeenten Bergen op Zoom, Halderberge, Roosendaal, Steenbergen en Woensdrecht vormen een netwerksamenwerking en werken samen op basis van een convenant. Zij hebben eigen leerplichtambtenaren en doorstroomcoaches in dienst. De dagelijkse aansturing is belegd zij een coördinator. De werkwijze wordt zoveel mogelijk afgestemd met het Regionaal Bureau Leren.

Netwerksamenwerking Etten-Leur, Rucphen en Zundert Ook de gemeenten Etten-Leur, Rucphen en Zundert vormen samen een netwerksamenwerking. Dit is al een groot aantal jaren het geval voor de uitvoering van taken gericht op het primair en voortgezet onderwijs. Vanaf het schooljaar 2025-2026 komen daar ook de taken gericht op het mbo bij. Het voornemen is dat de leerplichtambtenaren en doorstroomcoaches als één team hun werkzaamheden gaan uitvoeren. Gemeente Altena De gemeente Altena voert (op de administratie na) de leerplicht- en doorstroompuntfunctie zelfstandig uit in een gemeentelijk team. Regionaal portefeuillehoudersoverleg Leerrecht, Doorstroompunt en Vsv Om de regiobrede bestuurlijke beleidsmatige afstemming op het terrein van leerrecht, doorstroompunt en Vsv te versterken is in het najaar van 2024 gestart met een regionaal portefeuillehoudersoverleg. Dit overleg vindt twee keer per jaar plaats, gekoppeld aan het moment van de bestuursvergadering RBL. Doorstroompuntregio en Doorstroompuntcoördinator De uitvoering van de doorstroompunttaak is een regionale taak. Nederland is daarvoor verdeeld in doorstroompunt-regio’s met in iedere regio een doorstroompuntcoördinator. De gemeente Breda is vanuit het Rijk aangewezen als centrumgemeente voor de doorstroompuntfunctie voor voortijdig schoolverlaten voor de regio West-Brabant (regio 34).

De doorstroompuntcoördinator maakt geen onderdeel uit van het RBL, maar heeft een onafhankelijke en adviserende rol. De coördinator maakt regionaal afspraken over maatregelen om schooluitval tegen te gaan en over de begeleiding van jongeren in een kwetsbare positie (in afstemming met RBL en de uitvoeringsorganisaties van Altena en de netwerksamenwerking West-Brabant-West). Daarnaast is de

7

doorstroompunt-coördinator als programmamanager verantwoordelijk voor het regionaal programma VSV en de verbinding met de arbeidsmarktregio. Regionaal programma Voortijdig Schoolverlaten Het Rijk stelt jaarlijks middelen te beschikbaar voor het tegengaan van voortijdig schoolverlaten. Dat gebeurt op basis van regionale programma’s Voortijdig Schoolverlaten die in de doorstroompuntregio’s worden opgesteld. Deze programma’s kennen een looptijd van 4 jaar en worden opgesteld door de gemeenten en het onderwijs (vo en mbo) in de regio. Het programmamanagement in West-Brabant is belegd bij de doorstroompuntcoördinator van contactgemeente Breda en contactschool Curio. Het Vsv-programma kent een eigen governancestructuur waarin gemeenten en onderwijs samenwerken en het Vsv-programma aansturen en uitvoeren. Op het moment van schrijven van dit koersdocument wordt een nieuwe programmaperiode voor het Vsv-programma voorbereid (voor de periode 20252028). Daarbij wordt ook de governancestructuur van het programma herijkt.

8

3. Landelijke ontwikkelingen 3.1

Inleiding

In dit hoofdstuk gaan we in op de maatschappelijke trends die van invloed zijn op het werkveld van leerplicht, kwalificatieplicht en het doorstroompunt. Vervolgens staan we stil bij de verzwaarde werklast als gevolg van deze ontwikkelingen.

3.2

Maatschappelijke trends

Het werkveld van leerplicht, kwalificatieplicht en het doorstroompunt is sterk in beweging. Hieronder gaan we in op een aantal belangrijke trends. Toename complexiteit De afgelopen jaren is de rol van de leerplichtambtenaren en doorstroomcoaches veranderd naar een meer maatschappelijke rol. Leerplichtambtenaren en doorstroomcoaches hebben te maken met een toename van de complexiteit van achterliggende redenen voor schoolverzuim en schooluitval. Werkprocessen duren daardoor langer en het netwerk van partners die betrokken worden bij het oplossen en voorkomen van verzuim/schooluitval is daardoor ook complexer. De nasleep van Corona (o.a. toename mentale problematiek en lagere belastbaarheid van leerlingen), de toename van het aantal statushouders en een grote toestroom van nieuwkomers leggen extra druk op het werk. Introductie van de Methodische Aanpak Schoolverzuim Om de integrale aanpak van schoolverzuim te versterken is enige jaren geleden door Ingrado (de landelijke vereniging voor leerplicht en doorstroompunt), de Vereniging Nederlandse Gemeenten, het Openbaar Ministerie en Raad voor de Kinderbescherming en HALT de Methodische Aanpak Schoolverzuim (MAS) ontwikkeld. Deze aanpak is vervolgens landelijk uitgerold.

Door de introductie van de MAS is de rol van de leerplichtambtenaar verschoven van een meer handhavende rol naar een meer maatschappelijke en regisserende rol om jongeren die verzuimen in samenwerking met school en ketenpartners terug te leiden naar school, arbeid of zorg. De leerplichtambtenaar vervult een belangrijke schakelrol binnen het netwerk. Voor doorstroomcoaching is eenzelfde beweging naar een meer proactieve en preventieve methodische aanpak actueel. Brancheorganisatie Ingrado heeft in 2021 een routekaart uitgewerkt voor de doorstroomcoaching in lijn met de MAS. Van Leerplicht naar Leerrecht Landelijk is er een beweging te zien van leerplicht naar leerrecht. De ontwikkeling en de toekomst van de jongere staat daarbij voorop. Onderdeel hiervan is onder andere een beweging van sturen op afwezigheid, naar sturen op aanwezigheid. Hiervoor is meer maatwerk nodig, een brede kijk van de netwerkpartners om de jongere en de ouders heen en anders durven denken en doen. Voor de leerplichtambtenaren en doorstroomcoaches betekent dit zowel preventiever, meer proactief werken als ook meer aandacht voor nazorg. Thuiszitters Het Kabinet wil (meer) vaart maken met het beperken van het aantal kinderen dat niet naar school gaat, maar thuis zit. Inmiddels ligt er een wetsvoorstel ‘Terugdringen Verzuim’ dat de thuiszittersaanpak 9

verstevigt. Voor de leerplichtambtenaren betekent dit een preventieve rol gericht op het voorkomen van uitval. De inzet daarbij is om met meer maatwerkoplossingen te komen die leiden tot minder thuiszitters. Wetsvoorstel ‘Van school naar duurzaam werk’ In 2023 heeft het Rijk (ministerie OCW en SZW) de tekst van het wetsvoorstel ‘Van school naar duurzaam werk’ bekend gemaakt. Naar verwachting zal het wetsvoorstel per 1 januari 2026 in werking treden. Het wetsvoorstel brengt substantiële wijzigingen aan in taakvoering van het doorstroompunt en tegelijkertijd in de samenwerking en samenhang tussen de gemeentelijke beleids- en uitvoeringsterreinen van werk & inkomen en doorstroompunt en de afspraken met het onderwijs: •

•

•

Van regierol naar begeleidingsrol: Onderdeel van het wetsvoorstel ‘Van school naar duurzaam werk’ is dat de leeftijd van de begeleiding van jongeren door het doorstroompunt wordt verhoogd van 23 jaar naar 27 jaar. Met de leeftijdsgrens van 27 jaar wordt aangesloten bij de Participatiewet. De rol van het doorstroompunt verandert in het wetsvoorstel expliciet van regierol naar begeleidingsrol. Dit betekent voor de doorstroomcoach een nieuwe manier van preventief en outreachend werken om een sluitend vangnet voor jongeren te creëren. De begeleiding start bij verzuim en dreigende uitval vanaf 18 jaar op het mbo en loopt door tot 27 jaar. Uitbreiding doelgroep: Op basis van de huidige wetgeving heeft het doorstroompunt de taak om de doelgroep jongeren in een kwetsbare positie (jikp) te volgen. Dit zijn jongeren met een entreediploma, een schooldiploma vso in het uitstroomprofiel dagbesteding of arbeidsmarkt en een schooldiploma pro, werkzaam op grond van een arbeidsovereenkomst. De taak van het doorstroompunt verandert ten aanzien van deze doelgroep van ‘volgen’ naar ‘begeleiden’. Van het doorstroompunt wordt in het nieuwe wetsvoorstel dus voor de jikp-doelgroep in de toekomst een actieve begeleidingsrol verwacht.

Intensivering samenwerking Onderwijs, Doorstroompunt en Participatie: Wanneer het wetsvoorstel ‘Van school naar duurzaam werk wordt aangenomen zal de bestaande regionale aanpak voortijdig schoolverlaten worden verbreed met het arbeidsmarktdomein. Hierdoor zou de aanpak voor het tegengaan van voortijdig schoolverlaten en de overgang van school naar werk zich verder ontwikkelen naar één regionale aanpak voor jongeren van 12 tot 27 jaar. In de wettelijke taakomschrijving van onderwijs, doorstroompunt en participatie wordt met het wetsvoorstel de grondslag verschoven van het behalen van een startkwalificatie naar maatwerk op het gebied van ontwikkeling, arbeid en/of zorg.

Nieuwkomers De aanhoudende stroom van nieuwkomers zorgen voor een extra belasting voor gemeenten en het onderwijs. Dit vertaalt zich ook door naar leerplicht en het doorstrooompunt. Ouders en leerlingen spreken de Nederlandse taal onvoldoende en zijn niet goed bekend met de onderwijswetten en het Nederlandse onderwijssysteem. Bestaanszekerheid en kansengelijkheid Nog verder uitzoomend past het bovenstaande in de belangrijke maatschappelijke opgave om de kansengelijkheid, veerkracht en bestaanszekerheid van jongeren te versterken. Om iedere jongere een goede uitgangspositie te geven in de samenleving wordt door gemeenten en het Rijk breed geïnvesteerd in onder andere meer maatwerk in het onderwijs en meer passende ondersteuning en begeleiding voor jongeren via de Jeugdwet. 10

Bewegingen in het bredere sociaal domein Ook in aanpalende delen van het sociaal domein is er steeds veel in beweging. Met name de ontwikkelingen in de jeugdzorg en op het terrein van de arbeidsmarkt hebben duidelijke invloed. Bijvoorbeeld in de mogelijkheden om samen met partners kinderen/jongeren tijdig de juiste hulp te kunnen bieden (wachtlijsten) of ook dat er vanuit de arbeidsmarkt aan jongeren getrokken wordt om te gaan werken voordat zij hun opleiding hebben afgemaakt. Andersom zijn er ook ontwikkelingen die positief van invloed zijn, zoals de kansen die de inzet van collectieve jeugdhulp in het onderwijs biedt. Een ander positief voorbeeld is dat de krappe arbeidsmarkt ook kansen biedt om samen met sociale werkgevers jongeren een nieuw ontwikkelpad te bieden. Privacy Aanscherpingen op het terrein van de privacywetgeving, de Wet Politiegegevens (WPG) en de archiefwetgeving zorgen ook voor uitdagingen. Enerzijds om te voldoen aan de aangescherpte regelgeving en anderzijds om binnen deze context effectief samen te werken met netwerkpartners in het belang van de kinderen en jongeren.

3.3

Gevolgen voor de werklast van leerplicht en het doorstroompunt

Landelijk beeld: Werklast leerplicht 25% zwaarder geworden Adviesbureau Berenschot heeft eind 2022 in opdracht van de branchevereniging voor Leerplicht en Doorstroompunt Ingrado onderzoek gedaan naar de ontwikkeling van de werklast voor de leerplichtfunctie door bovenstaande ontwikkelingen. Het onderzoek was een actualisatie van de in het land zeer breed gedragen Ingrado-formatienorm voor Leerplicht uit 2007 (geactualiseerd in 2014). Deze norm is in het verleden ook in West-Brabant gebruikt om een inschatting te maken van het benodigde aantal leerplichtambtenaren. Berenschot concludeert dat de basistaken in de uitvoering van leerplicht in de afgelopen jaren zijn veranderd en verzwaard. Zij concluderen in de nieuwe Ingrado-formatienorm dat de werklast in de uitvoering van de leerplicht-basistaken ten opzichte van de in 2007 geformuleerd formatienorm met 25% is toegenomen.4 Voor de doorstroompuntfunctie is de formatienorm niet geactualiseerd. Wel signaleert Berenschot dat ook bij de uitvoering van de doorstroompuntfunctie op verschillende plaatsen in het land een disbalans wordt ervaren tussen de uitgevoerde taken en de beschikbare formatie. Om recht te doen aan de diversiteit van de uitvoering van leerplicht/doorstroompunttaken in het land maakt Ingrado een onderscheid in basistaken en aanvullende taken. In Bijlage 1 is hiervan een overzicht opgenomen.

Voor leerplicht geldt dat het werken volgens de Methodische Aanpak Schoolverzuim (MAS) en een aantal daarbij behorende preventieve taken inmiddels door Ingrado wordt gezien als de basistaak voor leerplicht. Bij doorstroompunt is de basistaak smaller geformuleerd (preventieve taken zijn geheel als aanvullend beoordeeld). 4

Berenschot, Formatietool Leerplicht, Productverantwoording, 16 november 2022.

11

Komende taakuitbreiding doorstroompunt In paragraaf 3.2 is uitgebreid stil gestaan bij de komende taakuitbreiding voor de doorstroompuntfunctie wanneer het wetsvoorstel ‘Van school naar duurzaam werk’ in werking treedt. Wat dat precies betekent voor de werklast van de doorstroomcoaches is nu nog niet goed in te schatten. Wel is duidelijk dat het Rijk aanvullende middelen ter beschikking zal stellen voor de uitvoering van deze aanvullende taken. We gaan er (als principe) voor nu van uit dat deze middelen, wanneer deze beschikbaar komen, door de gemeenten geheel beschikbaar worden gesteld voor de uitvoering van deze nieuwe taken en daarmee het uitgebreide takenpakket kan worden uitgevoerd.

12

4.

Herijking missie, visie en ambitie

4.1

Inleiding

In dit hoofdstuk werken we de nieuwe missie en visie uit van de 16 samenwerkende gemeenten. Deze is tot stand gekomen in nauw overleg tussen de betrokken gemeenten en RBL. De missie en visie wordt gedragen door alle deelnemende gemeenten en geldt dus als basis voor de uitvoering van leerrecht en de doorstroompuntfunctie in de regio West-Brabant (16 gemeenten).

4.2

Welke beweging willen we maken?

We staan een uitvoering van leerrecht/doorstroompunt voor die ook in de komende jaren goed geëquipeerd is om haar taken uit te voeren passend in de landelijke ontwikkelingen in het werkveld en de lokale behoefte in West-Brabant. Dat betekent dat we de volgende beweging nastreven:

4.3

Nieuwe missie en visie

Om deze beweging en ambitie kracht bij te zetten passen we de missie aan naar: Missie (waar staan we voor): Ieder kind en jongere verdient de kans zich te ontwikkelen op een voor hem of haar passende manier. Leren in het onderwijs is een belangrijke manier voor kinderen en jongeren om zich te ontwikkelen, maar soms lopen ze daarin vast. Kinderen en jongeren die (dreigen) uit (te) vallen op school kunnen rekenen op ondersteuning van leerrecht/doorstroompunt.

13

De herijkte visie luidt: Visie (waar gaan we voor): • Wij bieden kinderen en jongeren die (dreigen) uit (te) vallen in het onderwijs ondersteuning om weer op een passend ontwikkelpad te komen: onderwijs, of een ander passend alternatief. • Daartoe zien wij het kind en de jongere in zijn/haar omgeving (gezin, familie, sociaal netwerk, school, buurt). • Samen met onze partners in het onderwijs, zorg en arbeidsmarktnetwerk sluiten we aan bij de behoefte van het kind en de jongere. We denken en handelen vanuit kansen en mogelijkheden. • Met onze lokale en regionale partners hebben we kinderen en jongeren die (dreigen) uit (te) vallen zo snel mogelijk in beeld, waardoor escalatie voorkomen wordt. Ten opzichte van de oude missie en visie betekent dit een aantal belangrijke aanpassingen: • Van de focus op leerplicht naar een focus op het recht op ontwikkelen. • Van startkwalificatie naar passend ontwikkelpad. • Meer aandacht voor preventie, voor kinderen/jongeren die dreigen uit te vallen. • Behoefte van het kind/de jongere centraal (what can we do to help?) • Het kind/de jongere ‘zien’, binnen zijn/haar omgeving (gezin, familie, sociale netwerk, school, buurt) • Integraal werken in het onderwijs-, zorg en arbeidsmarktnetwerk -> gezamenlijke verantwoordelijkheid!

4.4

Gezamenlijke ambitie

We willen kinderen/jongeren waar zorgen over zijn zo vroeg mogelijk in beeld krijgen en daardoor tijdig een passende onderwijsvoorziening en/of hulp organiseren. Een deel van deze verantwoordelijkheid ligt bij de uitvoeringsteams leerrecht/doorstroompunt in de regio. Een ander deel ligt bij onze samenwerkingspartners: scholen, de samenwerkingsverbanden passend onderwijs, de stevige lokale teams (in oprichting), de centra voor jeugd en gezin, jeugdprofessionals, de jeugdartsen, het arbeidsmarkt gerelateerde netwerk en de Wmo-professionals. Alleen samen kunnen we er voor zorgen dat meer kinderen/jongeren hun kansen in het leven kunnen pakken. Ieder vanuit zijn of haar rol. Concreet zetten we in op zes speerpunten: Speerpunt 1: Inzet op preventie. Voorkomen van thuiszitters, (school)uitval en voortijdig schoolverlaten We zetten in op een verschuiving van curatief werken naar preventief werken. Met drie belangrijke aandachtspunten: Voorkomen van thuiszitters In 2023 zijn er regionaal met alle partners nieuwe afspraken gemaakt over de uitvoering van het regionale thuiszitterspact. Daarin wordt ingezet op het voorkomen van langdurig thuiszitten. Al bij zorgwekkend (nog niet wettelijk) verzuim gaan we met elkaar aan de slag. We beperken het aantal vrijstellingen op grond van artikel 5 lid a van de leerplichtwet (medische redenen) zo veel mogelijk.

14

Preventie schoolverzuim en schooluitval in de overgang naar vervolgonderwijs Onze ambitie is om samen met onze partners schoolverzuim en schooluitval verder te voorkomen. We zetten daarbij in op de overgangsmomenten naar vervolgonderwijs: • De overgang van groep 8 naar het voortgezet onderwijs; • De overgang van vmbo naar mbo; • De overgang van pro/vso naar het mbo. Voorkomen voortijdig schoolverlaten Om voortijdig schoolverlaten te voorkomen zetten we in op de ondersteuning van leerlingen op mboscholen bij verzuim van 18 plus en zorgelijk ziekteverzuim 18 plus. Door al in gesprek te zijn met jongeren voordat zij stoppen met hun opleiding voorkomen we uitval en borgen we een doorlopende begeleidingslijn. Speerpunt 2: Aansluiten op de ontwikkelbehoefte van het kind/de jongere Als een leerling uitvalt of uit dreigt te vallen zoeken we naar een passende oplossing. Ook hier is er een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de school, leerrecht/doorstroompunt en andere partners. De nadruk ligt hierbij op de omstandigheden creëren die nodig zijn om een passend ontwikkelpad voor de leerling te realiseren. Voor leerrecht/doorstroompunt vindt hierbij een verschuiving plaats van handhaving naar maatwerk en zorg. Als 18 plus leerlingen nog niet in het bezit zijn van een startkwalificatie worden deze actief benaderd voor een begeleidingstraject om zo alsnog de startkwalificatie te behalen.

We blijven contact zoeken met deze jongeren ook als zij in eerste instantie geen begeleiding willen of niet reageren op ons aanbod. Speerpunt 3: Zichtbaarheid van leerrecht/doorstroompunt op scholen en in het lokale netwerk We versterken de zichtbaarheid van leerrecht/doorstroompunt op scholen en in het lokale netwerk. Dat doen we bijvoorbeeld door in te zetten op: • • • •

•

•

Een sterke ketensamenwerking door heldere samenwerkingsafspraken met scholen, samenwerkingsverbanden en andere samenwerkingspartners te maken. Jaarlijkse startgesprekken te voeren met de scholen, passend bij de ondersteuningsstructuur van de school. De expertise van leerrecht (risicogericht) aan te laten sluiten bij multidisciplinaire overleggen. Op scholen met een hoog percentage kwetsbare leerlingen (pro, vso, mbo1, mbo 2) verzuimspreekuren te houden waar zowel jongeren, als hun ouders, als professionals gebruik van kunnen maken. De doorstroomcoach op het mbo aan te laten sluiten bij exitgesprekken van jongeren die stoppen met hun opleiding. Voor jongeren waar maatschappelijke uitval dreigt is het van belang een om een warme overdracht tussen mbo en Doorstroompunt te organiseren. Vaste contactpersonen vanuit leerrecht/doorstroompunt te koppelen aan de gemeenten.

Speerpunt 4: Samen met scholen en netwerkpartners werken aan een omslag van leerplicht naar leerrecht voor 18 min en van startkwalificatie naar ontwikkelperspectief voor 18 plus. De rol van leerrecht, kwalificatieplicht en het doorstroompunt komt het beste tot zijn recht wanneer er sprake is van een goede samenwerking met het onderwijs en ketenpartners in het zorg- en arbeidsmarktveld. De opgave om kinderen en jongeren een zo goed mogelijk ontwikkelperspectief te geven is immers een brede maatschappelijke opgave, waarin leerrecht/doorstroompunt een van de 15

partijen is. We voorzien onze ketenpartners gevraagd en ongevraagd van advies om zo de best mogelijke omgeving te creëren waarin de kinderen/ jongeren zich zo optimaal mogelijk kunnen ontwikkelen. Ook willen we voor leerplichtige leerlingen verder bouwen aan de implementatie van de Methodische Aanpak Schoolverzuim en de Thuiszittersaanpak. Op deze manier bouwen we samen met partners verder aan de omslag van leerplicht naar leerrecht. Binnen de ketensamenwerking heeft de leerplichtplichtambtenaar voor de leer- en kwalificatieplichtige leerlingen in de meeste gevallen een adviserende en indien nodig een handhavende rol. In de meeste gevallen ligt de regierol bij de school of bij een zorgpartner. Soms ligt de (proces)regierol wel bij de leerlichtambtenaar/doorstroomcoach, bijvoorbeeld wanneer er geen schoolinschrijving is. Bij complexe gevallen waarin een doorbraak geforceerd moet worden kunnen we gebruik maken van een opschalingsroute om een doorbraak te creëren waarin het belang van het kind centraal staat. Voor jongeren vanaf 18 jaar werken doorstroomcoaches volgens de Doorstroom Routekaart van brancheorganisatie Ingrado. Dit betekent dat coaches werken gericht op het creëren van ontwikkelperspectief voor jongeren. Het behalen van een startkwalificatie wordt gestimuleerd, maar maatwerk en de ondersteuningsbehoefte van de jongeren staan centraal.

Dit betekent dat de doorstroomcoach ook expertise heeft op het gebied van mbo-certificaten, praktijkleren en maatwerkoplossingen bij ketenpartners op het gebied van ontwikkeling en mogelijkheden binnen het terrein van de arbeidsmarkt. Speerpunt 5: Nazorg We hebben de ambitie om meer te investeren in nazorg. Dat betekent dat in beeld wordt gebracht hoe de jongere en/of ouders/verzorgers de begeleiding hebben ervaren. Heeft de gekozen aanpak duurzaam resultaat of is er aanvullend nog iets nodig. Op deze manier willen we vormgeven aan nazorg deze ervaringen benutten voor ons eigen leerproces. Speerpunt 6: Dienstverlening Doorstroompunt uitbreiden naar 27 jaar Een belangrijke wijziging voor het doorstroompunt is dat met de Wet Van School Naar Duurzaam Werk de doelgroep wordt uitgebreid van 23 jaar naar 27 jaar. Als onderdeel daarvan wordt ook de aanpak voortijdig schoolverlaten verbreed met het arbeidsmarktdomein. De focus in de dienstverlening verschuift daarmee ook van het behalen van een startkwalificatie naar maatwerk op het gebied van ontwikkeling, arbeid en/of zorg. Het implementeren van deze verandering is een belangrijk speerpunt voor de komende jaren. Het is op dit moment niet mogelijk om de precieze hoogte van de extra middelen voor de uitvoering van de extra taken bedraagt. Datzelfde geldt voor de inschatting van de benodigde formatie voor deze veranderde taak.

4.5

Stip op de horizon

We zien het bovenstaande als een belangrijke tussenstap naar een uiteindelijk nog hoger gezamenlijk ambitieniveau waarin het accent verder verschuift naar een meer integrale preventieve rol, naar meer ruimte om waar nodig een procesregierol te pakken en naar een meer outreachende aanpak. In een deel van de uitvoeringsclusters is deze werkwijze in grotere of minder grote mate ook nu al de praktijk. In een deel van de regio zijn nog belangrijke stappen nodig om de speerpunten in de vorige paragraaf te realiseren. Daar geldt het onderstaande als stip op de horizon.

16

18-min/Leerrecht en kwalificatieplicht In deze stip op de horizon maakt leerplicht een integraal onderdeel uit van een lokale integrale preventieve jeugdaanpak. Leerrecht is goed zichtbaar in de lokale structuur en heeft verbindingen met onder andere het jongerenwerk en handhaving op straat. Ook op basis van signalen van deze partijen kan de leerplichtambtenaar, wanneer de schoolinschrijving onder druk staat, proactief en outreachend het contact zoeken met kind/jongere en ouders. De leerplicht/kwalificatieplicht-ambtenaar heeft de tijd en ruimte om, wanneer een doorbraak nodig is, de procesregierol te pakken om een doorbraak te forceren als dat in het belang van de het kind/jongere is. 18-plus-Doorstroompunt De doorstroomcoach is op het mbo vast aanspreekpunt op gebied 18 plus en begeleid jongeren in en naar school. De doorstroomcoach heeft expertise op het gebied van arbeid met ontwikkeling, integrale samenwerking met ketenpartners en het toepassen van de NEET methodiek (outreachend, maatwerk en relatiebeheer met ketenpartners). Binnen het doorstroompunt is er een specifieke aanpak voor jongeren vanuit het pro, vso, mbo1 en mbo 2. Op dit moment wordt deze aanpak ontwikkeld en uitgevoerd vanuit de regionale pilot voor 16 gemeenten door de vangnetcoördinator pro/vso en vangnetcoördinator mbo.

Het RBL ontvangt subsidie vanuit het regionaal programma VSV tot en met 2024 (verlenging tot augustus 2025). Met de ingang van het wetsvoorstel ‘Van school naar duurzaam werk’ wordt dit een verplichte wettelijke taak van het doorstroompunt. Binnen het doorstroompunt is er een specifieke aanpak voor oud voortijdig schoolverlaters. Op dit moment wordt deze aanpak ontwikkeld en uitgevoerd vanuit de regionale pilot voor 16 gemeenten met het NEET project. Met de NEET aanpak worden jongeren laagdrempelig en outreachend benaderd. Er volgt een integrale aanpak gericht op de ondersteunings- en ontwikkelbehoefte van de jongeren. De ondersteuningsvraag van deze jongeren is voornamelijk gericht op duurzame arbeid en/of zorg. Het RBL ontvangt subsidie vanuit het regionaal programma VSV tot en met 2024 (verlenging tot en met 2025) en regionale middelen voor jeugdwerkloosheid. Vanaf 1 januari 2026 wordt de leeftijdsgrens van het doorstroompunt verhoogd naar 27 jaar. We willen de NEET methodiek integreren in de reguliere werkwijze en uitbreiden naar 27 jaar.

4.6

Realisatie van de ambities

Alle gemeenten in de regio West-Brabant onderschrijven de in dit hoofdstuk beschreven beweging en de uitgewerkte speerpunten. Dit in nauwe samenhang met het onderwijs en de samenwerkingsverbanden passend onderwijs. Iedere subregio in West-Brabant heeft vrijheid in hoe de ambities worden gerealiseerd. Voor alle subregio’s geldt dat een belangrijk deel van de realisatie van de speerpunten bij de uitvoeringsteams Leerrecht/Doorstroompunt ligt. Maar een deel van de realisatie van de ambities zal in alle subregio’s ook plaats vinden buiten de uitvoeringsteams Leerrecht/Doorstroompunt. De mate waarin en welke punten precies verschilt per subregio. Kansen vorming Sterke Lokale Teams Er liggen bijvoorbeeld kansen in de combinatie met de vanuit de Jeugdhulp opgave te vormen Sterke Lokale Teams (SLT’s). In 2025 en 2026 krijgt de vorming van deze SLT’s steeds meer vorm.

17

In het Strategieplan van de Jeugdhulpregio WBO worden de SLT’s als volgt beschreven: Een SLT is het formele netwerk van professionals vanuit het gemeentelijk sociaal domein, de sociale basis en de gespecialiseerde jeugdhulp. Vanuit hun eigen expertise en verantwoordelijkheid zorgen zij samen voor een preventieve, effectieve en efficiënte uitvoering en coördinatie van de jeugdhulp. Het SLT omvat alle relevante specialismen en levert hulp op maat. Afhankelijk van de casuïstiek schuiven de juiste professionals aan. De hulpverlener in het SLT zorgt er als procesregisseur voor dat de juiste partijen samenkomen en gezamenlijk een besluit nemen. De benodigde ondersteuning is vrij beschikbaar binnen de directe omgeving van de jeugdige. Veelvoorkomende vormen van jeugdhulp worden deel van het SLT en worden waar mogelijk preventiever, effectiever en efficiënter ingezet. De beoogde beweging in de vorming van de SLT’s is om veelvoorkomende vormen van geïndiceerde jeugdhulp vrij toegankelijk te maken in een SLT. Binnen een SLT werken het voorliggend veld (preventie), de gemeentelijke toegang en een jeugdhulpaanbieder samen. Daarnaast wordt een beweging gemaakt van individueel-curatief naar collectief preventief, onder andere door nauw samen te werken met het onderwijs.

Deze beweging en de vorming van de SLT’s biedt grote kansen om ook (dreigend) schooluitval van kinderen/jongeren eerder in beeld te krijgen en hier vanuit een integrale aanpak (in het SLT) tijdig op te handelen. Doordat leerlingen eerder worden gesignaleerd en geholpen, worden problemen minder groot en kan schooluitval voorkomen worden. Dat betekent wel dat jeugdprofessionals uit het SLT-oog moeten hebben voor de aanwezigheid op school, nog voordat er sprake is van wettelijk verzuim. Een van de velden waarop de SLT’s zich zullen gaan bewegen is de verbetering van de verbinding tussen jeugdhulp en onderwijs. Het SLT zal activiteiten gaan ontwikkelen die de samenwerking tussen onderwijsinstellingen en jeugdhulporganisaties bevorderen om de algemene ontwikkeling en welzijn van jongeren te ondersteunen. Doel is om een geïntegreerde aanpak te creëren die bijdraagt aan een veilige en stimulerende omgeving waarin jongeren zich optimaal kunnen ontwikkelen. Met het ontwikkelde aanbod wordt verzuim en schooluitval voorkomen. Kansen in een stevigere verbinding tussen Doorstroompunt, Onderwijs en Participatie Een belangrijk doel van de aankomende Wet van School naar Duurzaam Werk is om de samenwerking tussen (mbo-)scholen, doorstroompunt en de arbeidsmarktregio te intensiveren.

De nieuwe wet geeft grote kansen om vanuit deze drie partijen samen schooluitval te voorkomen en vanuit intensieve samenwerking jongeren outreachend te begeleiden in het (her)vinden van een passend ontwikkelpad. De ambities zullen dus in samenhang met andere partners gerealiseerd worden met de Wet van School naar Duurzaam Werk en de een nieuw regionaal VSV-programma als motor hierachter.

18

5. Monitoring en evaluatie Na twee jaar, in de 2e helft van 2026, wordt geëvalueerd in welke mate de beoogde beweging is gemaakt en in welke mate de afgesproken speerpunten zijn gerealiseerd. Het is echter ook van belang om tussentijds te blijven monitoren. Hiervoor gebruiken we de halfjaarlijkse momenten waarop het nieuw te vormen regionale portefeuillehoudersoverleg Leerrrecht/Doorstroompunt/Vsv. We vormen hiervoor een werkgroep met beleidsadviseurs uit iedere subregio die halfjaarlijks rapporteert over de voortgang. In de RBL-begroting 2025 is een eerste voorzet gegeven voor indicatoren waarop kan worden geëvalueerd: Speerpunt Onderwerp

Indicator

Thuiszitters Personen met vrijstelling 5 Elke jaarlijkse vrijstelling 5 sub a komt tot stand met advies sub a vanuit GGD en Samenwerkingsverband en wordt er een plan opgesteld hoe er gedurende het vrijgestelde jaar toch aan de ontwikkeling van de jongere wordt gewerkt. Leerplicht monitort de uitvoering van dit plan. Sluitend vangnet

Andere rol vanuit wet Van Met elke VSV’er die school verlaat, voert school een school naar duurzaam werk exitgesprek. De doorstroomcoach is bij voorkeur in zorgelijke casussen bij deze gesprekken aanwezig. Een verslag van het exitgesprek, in de vorm van een regionaal door het RBL ontwikkeld exitformulier, wordt bij iedere nieuwe VSV’er door school aangeleverd en door het doorstroompunt aan het dossier van de VSV’er toegevoegd.

In de komende periode zal dit uitgebreid worden om te kunnen komen tot een goede evaluatie. Daarvoor is het nodig om voor ieder van de 6 speerpunten indicatoren te benoemen waarmee gevolgd en geëvalueerd kan worden in hoeverre de ambities worden gerealiseerd. Naast de inhoudelijke monitoring en evaluatie is het ook van belang om te volgen hoe de aanpakken per subregio verschillen en of resultaten daardoor verschillen. Op deze manier kan van elkaar geleerd worden. Lukt het bijvoorbeeld om via aanpak van de Sterke Lokale Teams schoolverzuim en schooluitval te voorkomen? Levert de hechtere verbinding met Participatie op dat meer jongeren geholpen worden naar een passend ontwikkelpad? De evaluatie vormt vervolgens belangrijke input voor de beleidsvorming op leerrecht en de doorstroompuntfunctie na de gemeenteraadsverkiezingen van 2026.

19

Bijlage 1: Basistaken en aanvullende taken Leerplicht en Doorstroompunt volgens Ingrado/Berenschot Leerplicht Beschrijving Basistaken Leerplicht Algemeen

Inzet relatief verzuim

Inzet luxe verzuim

Inzet absoluut verzuim

Geven van vrijstellingen

Rapporteren

Preventieve inzet

5

Het toezicht op de naleving van de leerplichtwet (1969) anders dan door de hoofden is opgedragen aan het college van burgemeester en wethouders. Het college van burgemeester en wethouders wijst daartoe een of meer ambtenaren aan. Daarom spreken we hier van taken van de leerplichtambtenaar (artikel 16 Leerplichtwet). Dit verzuim treedt op als een leerplichtige of kwalificatieplichtige zonder geldige reden (verlof) niet in de les aanwezig is. Relatief verzuim wordt ook wel spijbelen genoemd (artikelen 2, lid 1, 4a, 21, 21a en 22 Leerplichtwet). Als een leerplichtige of kwalificatieplichtige zonder geldige reden niet aanwezig is op school, aansluitend op een vakantieperiode, spreken we van luxe verzuim (artikel 22 Leerplichtwet). Hier is sprake van als een leerplichtige of kwalificatieplichtige niet ingeschreven staat op een school en geen vrijstelling heeft (artikelen 2, lid 1, 3, 4a en 4b Leerplichtwet). De leerplichtambtenaar kan een leerplichtige of kwalificatieplichtige een vrijstelling van onderwijs verlenen in bepaalde gevallen (artikelen 5-15a Leerplichtwet). Jaarlijks moet het college verslag indienen bij de raad over het gevoerde beleid over de handhaving van de leerplicht en kwalificatieplicht en de resultaten daarvan. Ook wordt er gerapporteerd aan het ministerie over de resultaten (artikel 25 Leerplichtwet).

Preventieve inzet is formeel geen wettelijke taak, maar maakt als onderdeel van de Methodische Aanpak Schoolverzuim wel deel uit van het basistakenpakket van de leerplichtambtenaar. Het gaat hierbij om het tijdig aanpakken van schoolverzuim om zo (langdurige) schooluitval te voorkomen. Vaak wordt, als onderdeel van de basistaken, ook ingezet op voorlichting op scholen, informeren van toekomstig leerplichtigen, preventieve gesprekken met jongeren als er nog geen wettelijk verzuim5 is en het houden van spreekuren op scholen.

Er is sprake van wettelijk verzuim wanneer een leerling met een school inschrijving langer dan 4 weken heeft verzuimd.

20

Beschrijving aanvullende taken Leerplicht: Aanvullende preventieve inzet

Thuiszittersaanpak6

Extra huisbezoeken

Regionale en lokale programma’s en projecten

Naast de preventieve inzet vanuit de basistaken kan er bijvoorbeeld worden ingezet op outreachend werken, domein overstijgend werken (bijvoorbeeld met werk en inkomen of jeugdzorg), brede ketensamenwerking op gebied van preventie, aanvullende voorlichting en educatie. Naast de reguliere verzuimaanpak wordt er vaak ingezet op een specifieke thuiszittersaanpak. Binnen deze (curatieve) aanpak worden er met de relevante ketenpartners samenwerkingsafspraken gemaakt. Zo kan er bijvoorbeeld een doorbraaktafel worden ingericht. Nadat deze structuur is ingericht wordt er op casusniveau integraal en intensief samengewerkt waarbij de partners doorgaans verder gaan om tot een doorbraak te komen dan in de reguliere verzuimaanpak. Binnen de basistaken worden er doorgaans alleen huisbezoeken uitgevoerd voor het controleren van luxe verzuim. Aanvullend kiezen sommige organisaties ervoor om huisbezoeken in te zetten op de andere vormen van verzuim, of preventief bij zorgen. Daarnaast zien we dat sommige gemeenten inzetten op samenwerking met jongerenwerk en handhaving op straat, waar huisbezoeken onderdeel van kunnen zijn. Binnen de verschillende regio’s en gemeenten zijn er talloze projecten en programma’s gericht op het welzijn van jongeren. Leerplicht draagt hier actief aan bij. Dat kan zijn in de vorm van trekker, of als samenwerkingspartner. De inzet varieert per project en programma.

Doorstroompunt Beschrijving Basistaken Doorstroompunt: In beeld brengen

Een sluitende melding en registratie van alle jongeren tussen 18 en 23 jaar die niet op school zitten en nog geen startkwalificatie behaald hebben.

Contact zoeken

Benaderen van jongeren die zijn uitgevallen.

Begeleiden

Zorgdragen voor begeleiding van jongeren die zijn uitgevallen, gericht op terugleiden naar school, naar werk of een combinatie daarvan.

6

Het oppakken en begeleiden van wettelijke thuiszitters (langer dan 4 weken aaneengesloten ongeoorloofd verzuim) en absoluut verzuim behoren tot de basistaken van RBL. Hier gaat het om een aanvullende thuiszittersaanpak. Daaronder valt bijvoorbeeld de aanpak gericht op jongeren die risico lopen op thuiszitten en die (nog) niet voldoen aan de wettelijk definitie van de thuiszitter, maar wel zorgelijk verzuim vertonen. Deze aanvullende taken omvatten ook de integrale en intensieve samenwerking met ketenpartners om thuiszitten te voorkomen en/of te bestrijden. Dit gaat namelijk vaak verder om tot een doorbraak te komen dan in de reguliere verzuimaanpak.

21

Doorverwijzen Monitoring jikp

Uitvoering regionaal vsvplan

Doorverwijzen van jongeren naar andere partijen in het sociaal domein, zoals werk en inkomen of zorg. Het monitoren van jongeren met een getuigschrift van het praktijkonderwijs of het speciaal onderwijs, dan wel een diploma van een entree-opleiding. Het maken van afspraken met ketenpartners over begeleiding en ondersteuning naar opleiding, (leer)werk of dagbesteding. Het opstellen van een regionaal programma samen met scholen, instellingen en organisaties voor de periode van 4 jaar, met daarin maatregelen ter voorkoming en bestrijding van voortijdig schoolverlaten van jongeren tussen de 12 en 23 jaar.

Beschrijving aanvullende taken Doorstroompunt: Verzuim 18+

Aanvullende preventieve inzet

Overstap vmbo-mbo

Regionale en lokale programma’s en projecten

Leerlingen en studenten die ouder zijn dan 18 jaar zijn niet meer leerplichtig/ kwalificatieplichtig. Vaak worden er binnen de regio wel afspraken gemaakt over het melden en terugdringen van dit verzuim. Verzuim wordt namelijk gezien als een indicator voor schooluitval en preventief ingezet vanuit doorstroompunt. Als onderdeel van de basistaken wordt er deels preventief gewerkt. De hierboven beschreven aanpak verzuim 18+ geldt ook als preventief om schooluitval te voorkomen. Hiernaast zetten regio’s soms ook in op outreachend werken, domein overstijgend werken (bijvoorbeeld met werk en inkomen of zorg), brede ketensamenwerking op gebied van preventie, aanvullende voorlichting en educatie. De overstap vanuit het vmbo naar mbo heeft in veel regio’s de aandacht. Dit wordt soms vanuit Leerplicht getrokken, maar soms ook vanuit doorstroompunt. Binnen de verschillende regio’s en gemeenten zijn er talloze projecten en programma’s gericht op het welzijn van jongeren. Doorstroompunt draagt hier actief aan bij. Dat kan zijn in de vorm van trekker of als samenwerkingspartner. De inzet varieert per project en programma. Deze taken moeten worden gezien als aanvullend op de inzet die er al wordt gepleegd vanuit het regionale vsv-plan.

22

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Moerdijk&id=df82a160-daba-4cd7-8cb0-1925d1753314