CConstaterende datMoerdijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Kaders voor participatie 2.0 en gebiedsgericht werken 2.0 in Moerdijk

Commissievergadering 8 april 2021, gemeente MoerdijkBij agendapunt: Kaders participatie en gebiedsgericht werken in Moerdijk5.048 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Kaders voor participatie 2.0 en gebiedsgericht werken 2.0 in Moerdijk

“Samen invulling geven aan inwoner- en overheidsparticipatie”

Portefeuillehouder: Wethouder Jack van Dorst

Beste collegeleden en beste raadsleden, Voor u ligt de notitie “Kaders voor participatie 2.0 en gebiedsgericht werken 2.0 in Moerdijk. Daar waar deze opdrachten separaat begonnen en apart zijn genoemd in de het coalitieakkoord en de meerjarenbegroting, brengen we deze op dit moment bewust tegelijk en samen onder uw aandacht. Participatie en gebiedsgericht werken hebben namelijk alles met elkaar te maken. Ze hebben allebei tot doel om goed in contact met onze samenleving te staan en daar goed op aan te kunnen sluiten, de samenwerking met de samenleving te versterken en daarmee de legitimiteit van het lokaal bestuur te vergroten. Het eerste deel van de notitie is “Participatie” en geeft antwoord op de vraag wat onze uitgangspunten en doelen van participatie zijn. Verder is hier de weg uitgetekend hoe we participatie voor de gemeente Moerdijk verder willen ontwikkelen. Hierbij is aandacht voor verschillende vormen van participatie, de verschillende rollen die we daarbij kennen en aandacht voor houding en gedrag bij raad, college en organisatie. We kiezen voor een aanpak van doen en leren om met elkaar te ontdekken wat in Moerdijk goed werkt. Het tweede deel van deze notitie is “Gebiedsgericht werken”. Deze notitie gaat over de doorontwikkeling van gebiedsgericht werken. Een vorm van participatie die een aantal jaren geleden is ingezet.

In dit stuk maken we een analyse van de stand van zaken op dit moment en identificeren we verbeteropgaven om gebiedsgericht werken naar een hoger plan te trekken. We pakken participatie, gebiedsgericht werken, democratische vernieuwing, dienstverlening en de veranderopgave vanuit de omgevingswet gezamenlijk op. We voorzien de ontwikkelingen feitelijk van een programmatische aanpak, waardoor de ontwikkelingen elkaar gaan versterken en we onderwerpen veel krachtiger kunnen wegzetten dan vanuit losse onderdelen. Uitgangspunten ten aanzien van participatie hebben namelijk impact op hoe we bijvoorbeeld gebiedsgericht werken vormgeven. In de voorbereiding is de griffier nauw betrokken. In samenspraak met de portefeuillehouder en de griffier is een eerdere versie van deze gecombineerde notitie gelijktijdig voor gelegd aan het college en aan uw raad. Na deze consultatieronde is de notitie aangepast. Na vaststelling van deze kadernotitie zullen we samen met de samenleving met acties en experimenten aan de slag gaan om die stappen te zetten die we al lang met elkaar voor ogen hebben. Jack van Dorst en Ariëtte Goslings

Inhoud Participatie ......................................................................................................................................................4 Inleiding ......................................................................................................................................................4 Uitgangspunten participatie .......................................................................................................................4 Doelen van participatie...............................................................................................................................4 Enkele basis-platen .....................................................................................................................................5 Vormen en invalshoeken van participatie ..................................................................................................6 Tools voor participatie ................................................................................................................................7 Waar staan we met participatie? ...............................................................................................................8 Veranderstrategie: Leren door doen! .........................................................................................................8 Gebiedsgericht werken in

Moerdijk 2.0 .........................................................................................................9 Aanleiding en toelichting planopzet ...........................................................................................................9 De opgave ...................................................................................................................................................9 Gebiedsgericht werken nader verklaard ................................................................................................. 10 De kernbegrippen van gebiedsgericht werken ........................................................................................ 10 Waarom is het nodig (achtergrond van gebiedsgericht werken) ............................................................ 12 Evaluatie & Analyse ................................................................................................................................. 12 Ontwikkelopgaven ................................................................................................................................... 12

Participatie Inleiding Voor u ligt de notitie “Participatie in Moerdijk 2.0”. Deze notitie is opgesteld op basis van de ambtelijke opdrachtomschrijving Visie op participatie voor de gemeente Moerdijk. Met deze notitie geven we handen en voeten aan de opdrachtformulering. We kiezen voor weinig woorden en vooral doen. In de eerste paragrafen besteden we aandacht aan de uitgangspunten van participatie, de doelen van participatie en een tweetal modellen die helpen om het denken over en organiseren op participatie in de praktijk handen en voeten te geven. De uitgangpunten en ontwikkelstrategie is in meerdere interactieve bijeenkomsten tussen raad, college en organisatie tot stand gekomen en is daarmee een gezamenlijke ambitie. Het college werkt deze ambitie uit in een actieplan.

Uitgangspunten participatie Het werk van de gemeenten staat in dienst van de samenleving, bewoners, verenigingen, organisaties en ondernemers van Moerdijk en in het teken van het oplossen van maatschappelijke vraagstukken. Het formuleren van deze opgaves, het vormgeven van beleid, het uitvoeren ervan in de vorm van projecten en programma’s en het leveren van diensten gebeurt daarmee altijd in samenwerking met de maatschappij. In alle uiteenlopende rollen die we kennen en vervullen (regisseren, partneren en faciliteren). In Moerdijk doen we het samen. Dat is de manier waarop de samenleving tegemoet treden. Daarom is participatie is voor Moerdijk geen keuze, maar uitgangspunt. Participatie is geen instrument, maar een mind-set. Participatie is geen doel op zich, maar integraal onderdeel van ons werk omdat de vraagstukken en opgaven van vandaag ons allemaal aangaan. Tegelijkertijd is ons werk zo divers als de maatschappij is en zijn onze rollen als gemeente ook uiteenlopend. Er is dan ook niet één vorm van participatie. Participatie kent vele doelen, resultaten en vormen en iedere keer is het weer maatwerk. De mate van participatie moet passend zijn bij het onderwerp, daarop gaan we investeren. Soms kan een beperkte vorm volstaan. Soms is een uitgebreid traject wenselijk.

Raad, college en organisatie moeten zich eigen maken de context te lezen en daarop de manier van samenwerken met de omgeving aan te passen.

Tijd is nooit een reden om geen participatie toe te passen.

De vorm van participatie is afhankelijk van de aard en de omvang van het vraagstuk. De vorm van participatie bepalen we samen met de betrokkenen.

Doelen van participatie Doelen die we omarmen ontlenen we aan Hurenkamp en Tonkes (2020): Participatie vergroot draagvlak.

Met burgerparticipatie garanderen beleidsmakers de steun van burgers voor hun beleid. Door te participeren ervaren burgers immers hoe lastig het is om verschillende belangen en visies recht te doen. In de toelichting op het Ontwerp omgevingsregeling: ‘Het betrekken van burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en andere overheden bij plan- en besluitvorming zorgt voor meer draagvlak en betere besluitvorming. De initiatiefnemer wordt op grond van het aanvraagvereiste participatie gestimuleerd een participatieproces voorafgaand aan de aanvraag van een omgevingsvergunning vorm te geven’ (Ontwerp Omgevingswet 2019, p. 29).

Participatie vergroot de kwaliteit van beleid.

Andermaal de toelichting op het Ontwerp omgevingsregeling: ‘Vroegtijdig betrekken van de omgeving zorgt ervoor dat verschillende perspectieven, kennis en creativiteit snel op tafel komen. Dit levert winst op voor de omgeving, initiatiefnemers en bestuursorganen’ (Ontwerp Omgevingswet 2019, p. 29).

4

Participatie Doordat burgers zich onderdelen van het beleid toe-eigenen en zelf initiatieven nemen. In de vergroot toelichting op het Ontwerp omgevingsregeling wordt dat zo benoemd: ‘Binnen de verantwoordelijk stelselherziening is ervoor gekozen om de regels zo vorm te geven dat zij meer ruimte bieden heid. voor maatschappelijke initiatieven’ (Ontwerp Omgevingswet 2019, p. 69). Als burgers de hen geboden ruimte nemen, dan worden ze daarmee ook verantwoordelijk gemaakt voor de uitkomsten ervan. Participatie Met burgerparticipatie wil men in dat geval bereiken dat beleid niet over de hoofden van burgers vergroot invloed. gaat en dat ‘gewone’ burgers meer directe, daadwerkelijke invloed hebben, naast andere invloedrijke partijen zoals gekozen volksvertegenwoordigers, bedrijven, belangengroepen en lobbyisten. Dit is vanuit ons oogpunt de belangrijkste reden voor burgerparticipatie, maar de Omgevingswet noemt dit motief niet expliciet.

Enkele basis-platen We onderscheiden in deze notitie drie basisvormen van samenwerken. Als gemeente spreken we veelal de taal van de eerste (regisseren) en dat repertoire beheersen we ook goed. Die andere twee komen er meer en meer bij en vragen iets nieuws namelijk optreden als partneren en faciliteren. Er komen dus rollen bij die we verder kunnen ontwikkelen.

In de bovenstaande plaat onderscheiden we drie rollen die we als overheid vervullen. De rol die we innemen hangt af van de aard van het onderwerp en de vraag waar het initiatief ligt. De onderstaande plaat maakt zichtbaar hoe de oorsprong van het initiatief en de rol van de overheid zicht tot elkaar verhouden. Deze twee platen gebruiken we in de verdere uitwerking.

5

In andere modellen is ook de rechtmatige rol van de overheid beschreven. Dit heeft betrekking op onder andere handhavende taken. Deze rol blijft in de notitie buiten beschouwing omdat op deze rol de minste ontwikkeling zit op het gebied van participatie. In de uitwerking krijgt deze uiteraard ook een plek.

Vormen en invalshoeken van participatie Op basis van de rollen van de overheid zoals in het bovenstaande model beschreven willen we concrete passende vormen van participatie benoemen. Dit doen we op onderstaande wijze. 1) We brengen per rol van de overheid voorbeelden van zaken, taken en opgaven in beeld. 2) Vervolgens brengen we globaal in kaart welke vormen van participatie horen bij die taken, zaken en opgaven. We doen dit door aan aantal (naar ambtelijk inzicht) passende participatievormen te ‘vermoerdijken’ en beschikbaar te stellen. Zie ter inspiratie de participatiewijzer: http://www.participatiewijzer.nl/De- Participatiewijzer. 3) Ten slotte brengen we de rollen in beeld van de raad, het college en de ambtelijke organisatie. We maken hierbij onderscheid tussen de rol van de gebiedscoördinator (proces) en de vakinhoudelijke collega’s. ILLUSTRATIE

We willen de inhoudelijke- en de procesfaciliterende en de vertegenwoordigende pet scheiden

In het bijzonder zullen we in de uitwerking van de ambitie op participatie aandacht hebben voor de rol van de gebiedscoördinator en inhoudelijke collega’s omdat we zien dat dit twee rollen zijn die nodig zijn in een goed participatieproces. Deze rollen (petten) moeten goed gescheiden zijn, zodat dit voor de buitenwereld ook helder is. In het verlengde hiervan zal het ook gaan over de rol van de stadsen gebiedstafels en de rol van portefeuillehouders en raadsleden aan deze tafels. 6

Ook de rol van de raad kan ook per procesfase verschillen. Zo kan bijvoorbeeld in de eerste stappen van het proces door raadsleden meer met een procespet gekeken terwijl richting besluitvorming ook de politiek gekleurde pet een rol speelt.

Tools voor participatie Ons uitgangspunt is dat we als gemeente pas daadwerkelijk aan de slag gaan met We maken een participatie op het moment dat we concrete handvatten hebben. We gebruiken concreet daarom modellen als uitgangspunten voor het te ontwikkelen beleid, maar in de instrument om praktijk faciliteren we de verschillende partijen met hands-on tools. Zo wordt de vraag, het participatie iets van ons allemaal. We gaan daarom concrete tools aanbieden doel en de waarin we collega’s, college en raad ondersteunen en motiveren om bewust met passende vorm participatie aan de slag te gaan. De eerste tool die we hebben ontwikkeld is een van participatie canvas met de naam stappenplan participatie. Gebruikmaken van het stappenplan te bepalen. participatie wordt verplicht bij alle beleidsinitiatieven en initiatieven die vanuit de samenleving op ons afkomen.

Onderdeel van het stappenplan participatie is een zogenaamde beslisboom die gebruikt wordt aan de start 7

van het initiatief. Deze beslisboom helpt bij het kiezen voor de mate van participatie (participatieladder) en dit maakt dat er een bewuste keuze wordt gemaakt. Het primaat voor het bepalen van de mate van participatie ligt niet primair bij de gemeente, bij voorkeur gebeurt dit in samenspraak met de betrokkenen en/of initiatiefnemer.

Waar staan we met participatie? Participatie is niet nieuw. Of het nu inwonersparticipatie of overheidsparticipatie betreft. We doen het al jaren. We zien de wens ten aanzien van participatie dan ook meer als een verlangen om de volgende stap te zetten. Dit geldt niet alleen voor het college maar ook voor de raad die vorig jaar de wens heeft uitgesproken om iets te willen doen met “Right to challenge”. Maar ook de landelijke coalitie heeft ambities. De consultatieronde van “Wet versterking participatie op decentraal niveau”, is onlangs afgerond. Met deze wet wil de wetgever de gemeentewet aanpassen en lokale overheden verplichten de inspraakverordening te verbreden naar een participatieverordening. Zoals gezegd participatie is niet nieuw. Tijdens de raadsinformatiebijeenkomst van 21 januari 2021 vroegen raadsleden aandacht voor het verwachtingsmanagement en het vooraf informeren van stakeholders

Veranderstrategie: Leren door doen! Deze notitie beoogt actie. Per onderdeel zal het college acties benoemen. Ondertussen zijn we ook allang gewoon aan de slag. We willen dingen doen, en handelingsperspectief bieden aan iedereen die met participatie te maken heeft. Dus met elkaar leren. Raad, college, organisatie en de samenleving. Dit sluit aan bij de veranderstrategie van de Omgevingswet, het strategisch HRM-beleid en de wens van de raad om ervaringen op te doen. Een belangrijk onderdeel van het leertraject voor raad, college en organisatie is het omgaan met veranderende rollen en spanning tussen belangen en opgaven maar ook het loslaten van bekende manieren van werken. De vraag is hoe we omgaan met deze spanning en de gezamenlijke verantwoordelijkheid om dit goed op te lossen. We kunnen veel opschrijven over participatie, de veranderende rol van de gemeente, de verschillende manieren van samenwerken, maar het gaat er vooral om met elkaar in gesprek te gaan, ervaringen te delen en te gaan oefenen. En daarbij de koppeling te maken met lopende sporen als dienstverlening, de Omgevingswet, democratische vernieuwing en gebiedsgericht werken. We werken die uit in een actieplan.

8

Gebiedsgericht werken in Moerdijk 2.0 Aanleiding en toelichting planopzet De gemeente Moerdijk is al geruime tijd bezig met het gebiedsgericht werken. Bij het gebiedsgericht werken ligt de focus op de inwoners en werken we integraal per kern met hen samen met als motto: “Met elkaar, voor elkaar”. De gebiedsplannen en de gebiedstafels spelen daarbij een belangrijke rol. Achterliggend doel hierbij is om het gemeentelijk handelen beter aan te laten sluiten bij wat er in een kern leeft. Zowel beleidsvorming als uitvoering krijgen daarmee een steviger verankering in de maatschappij en op die manier kunnen we beter doordringen tot de wortels van de samenleving en wordt ook de afstand tot de inwoners verkleind. De gemeente wil deze aanpak continueren en wil ook de nodige verbeteringen aanbrengen. Uiteraard in het besef dat gebiedsgericht werken een van de invullingen van participatie betreft en dat we ook zullen experimenteren met andere vormen van participatie. Op deze manierstaat deze doorontwikkeling niet alleen, maar vormt onderdeel van een bredere beweging, die inmiddels binnen de gemeente in gang is gezet.

Hiertoe hoort ook de implementatie van de Omgevingswet, hierbij zoeken we tevens naar manieren om de lokale democratie te vernieuwen, gaan we aan de slag met het opstellen van de visie Participatie en dagen we onszelf uit om de dienstverlening te verbeteren Deze notitie vormt de start van de verdere ontwikkeling voor het gebiedsgericht werken. De notitie is kaderstellend . Dit betekent, dat het document nog niet alle antwoorden en oplossingen bevat, maar wel de kaders en het proces die uiteindelijk tot die antwoorden en oplossingen moeten gaan leiden. Omdat het gaat om een integrale aanpak worden alle betrokkenen in de gelegenheid gesteld, zowel binnen als buiten het gemeentehuis, hier een bijdrage aan te leveren. De notitie opent met een algemeen hoofdstuk, waarin nader wordt in gegaan op de kaders en achtergronden van het gebiedsgericht werken, de positionering ervan in de organisatie en de samenhang met andere opgaven (sporen) . Vervolgens gaat de notitie in op de inmiddels opgedane ervaringen bij het gebiedsgericht werken aan de hand van de gebiedsplannen en de gebiedstafels. De gebiedscoördinatoren hebben ontwikkelacties geselecteerd en zijn hiermee alvast aan de slag gegaan

De opgave De bestuurlijke opgave voor de doorontwikkeling van het gebiedsgericht werken ligt verankerd in het “Coalitieakkoord 2018-2022” en is daarin verwoord in Programma 5: “Partnerschap in een veranderende samenleving”. De maatschappij verandert continu en de (ver)houding tussen inwoners, ondernemers, partners en gemeente verandert mee. Dit raakt alle lagen van de gemeente, en is daarmee een gemeentebrede opgave voor alle medewerkers, het bestuur en ook de raad. Het gebiedsgericht werken levert hieraan een bijdrage. 9

Als belangrijke (deel)opgaven noemt het coalitieakkoord hierbij: • een versterking van het ambtelijk apparaat; • een resultaatgerichte uitvoering van de gebiedsplannen; • aanpreekpunten binnen de gemeente die over voldoende doorzettingskracht beschikken om inwonersparticipatie op een goede manier gestalte te geven; • Integratie van de nog bestaande stads- en dorpsraden met de stads- en dorpstafels; Dit alles met als doel een betere aansluiting tussen gemeente en samenleving.

Gebiedsgericht werken nader verklaard Definitie Wat verstaan we eronder Gebiedsgericht werken is een manier van denken en werken van onze organisatie waarbij we de samenleving centraal stellen en per kern met hen samenwerken aan de hand van onder andere de gebiedsplannen en de gebiedstafels. Gebiedsgericht werken is hiermee een middel om de brede opgave van “dienstverlening en participatie” in de praktijk vorm te geven.

Visie Onze visie: met elkaar, voor elkaar De gemeente staat in dienst van de samenleving en in dienst van onze inwoners. Om die reden heeft de gemeente een positieve grondhouding ten aanzien van ideeën en initiatieven uit de maatschappij, we stimuleren deze en we werken met inwoners, organisaties en ondernemers samen om tot realisatie te komen. Onze inwoners hierbij steeds een eigen verantwoordelijkheid en gelden er steeds kaders, die we helder communiceren. Bij het opstellen van gemeentelijk beleid én bij de uitvoering ervan in plannen en programma’s stemmen we dit steeds af met onze inwoners, gericht op het bereiken van een zo breed mogelijk draagvlak. Op deze wijze werken we eendrachtig samen aan de leefbaarheidsopgaven in onze kernen.

Ambitie De ambitie De ambitie is dat het gebiedsgericht werken verder ontwikkeld wordt en dat deze wijze van werken en samenwerken aan de hand van onder andere de gebiedsplannen en de tafels gemeengoed wordt in de gemeente Moerdijk.

De kernbegrippen van gebiedsgericht werken De kernbegrippen bij het gebiedsgericht werken zijn: 1. Externe oriëntatie: de inwoner staat steeds centraal. Het is belangrijk om te weten wat er buiten speelt. Niet alleen om te zorgen, dat beleid van de gemeente daarbij aansluit, maar tevens om ervoor te zorgen dat er ook voor de uitvoering van dat beleid een breed draagvlak is. De samenleving beïnvloedt het gemeentelijk handelen en omgekeerd heeft veel van wat de gemeente (intern) doet direct of indirect, vroeg of laat, ook effect op de samenleving (buiten). Het besef hiervan is essentieel om steeds tot de juiste (gedragen) maatregelen te komen. 2. Samenwerking en integraliteit: de gemeente is niet meer overal verantwoordelijk voor. Daarom wordt er samenwerkt met partners, inwoners, verenigingen en instellingen en op deze wijze kan ook de aanwezige kennis in de samenleving beter worden gemobiliseerd. De rol en de positie van alle betrokkenen moeten 10

hierbij wel steeds duidelijk zijn en dit vergt heldere kaders, steeds met inachtneming van de eigen verantwoordelijkheden daarbij. Door bij die samenwerking te kiezen voor een geclusterde benadering (per gebied of kern) kan het beste worden aangesloten bij de bestaande sociale structuren en is dit ook het meest effectief. Gebiedsgericht of kerngericht werken is daarmee in feite ook steeds een vorm van integraal werken. Vanuit de gemeente gaat het hierbij ook om op ander wijze naar je werk te kijken. Daar waar dit nu nog vooral traditioneel sectoraal gebeurt, omdat we ook zo georganiseerd zijn, ligt er nu de uitdaging om vooral gebiedsgericht te denken en te werken. Dit is ook de basisgedachte van de Omgevingswet. De bewustwording van deze kernbegrippen (de juiste “mindset” in houding en gedrag) is een essentiële voorwaarde voor een succesvolle aanpak. De gebiedsplannen en de gebiedstafels vormen een belangrijk onderdeel van het gebiedsgericht werken. Niet alles hoeft echter via deze plannen en tafels te verlopen, maar zij bieden wel een solide structuur en basis voor de noodzakelijke verbreding. Deze bestaande structuur en de hiermee inmiddels opgedane ervaringen dienen gekoesterd te worden en bieden een goede basis om de participatiegedachte in de gemeente Moerdijk verder te brengen.

Uiteraard heeft de gemeente ook los van de gebiedstafels steeds een eigen verantwoordelijkheid daar waar het gaat om het zoeken en vinden van de aansluiting bij wat er in de samenleving speelt. Samenwerking is daarbij essentieel en vandaar het centrale motto voor deze opgave: “Met elkaar, voor elkaar”. Dit is een voorwaarde om uiteindelijk te komen tot een structurele succesvolle aanpak van de leefbaarheidsopgaven in de kernen en het buitengebied. Dit kan alleen maar als iedereen, zowel intern als extern, de noodzaak hiervan onderschrijft en er ook naar handelt. Zo wordt het gebiedsgericht denken en werken uiteindelijk geen extra opgave maar een reguliere manier van denken en werken.

Begrippen Gebiedsgericht werken Gebiedstafel

Gebiedsplan Gebiedscoördinator

De manier van werken van onze organisatie waarbij we inwoners centraal zetten en integraal per kern met hen samenwerken. Dit is het georganiseerde (overleg)platform per kern/gebied voor iedereen die een bijdrage wil leveren aan het behouden of verbeteren van de leefbaarheid in een kern. Het samen werken en verbinden van inwoners, ondernemers en professionele partners staat daarbij centraal. De gebiedstafel is een belangrijke partner bij participatie en wordt altijd minimaal geïnformeerd over initiatieven. Afhankelijk van de opgave worden andere stakeholders in een kern betrokken. Een plan om de leefbaarheid in een kern of gebied te verbeteren met daarin concrete maatregelen en actiepunten. Dit is de verbinder tussen de gebiedstafels en de gemeente. Begeleidt, ondersteunt, verbindt en faciliteert alle partijen bij het gebiedsgericht werken, zowel binnen de gemeentelijke organisatie als daarbuiten.

11

Waarom is het nodig (achtergrond van gebiedsgericht werken) Het gebiedsgericht werken, de doorontwikkeling daarvan en de aanpalende opgaven (zie hieronder) staan niet op zichzelf, maar hebben alles te maken met de veranderende samenleving en de daaruit voortvloeiende behoefte en noodzaak bij de overheid om daarin een nieuwe positie te bepalen. De gemeente Moerdijk staat daar dus niet alleen in. Elke gemeente in Nederland staat voor deze opgave en vult die voor zichzelf in. Als voorbeeld hiervoor zie onderstaand citaat: “Als de ambtelijke organisatie dienstbaar is, de dienstverlening vanuit de inwoner denkt en niet vanuit het systeem en raad en wethouders niet hun eigen politieke profiel laten gelden maar het belang van de inwoners voorop stellen en dat ook uitstralen dan kom je écht in verbinding met de samenleving en wordt je daarvoor beloond” (Citaat Binnenlands bestuur Interview burgemeester Dadema van Raalte als best bestuurder gemeente januari 2020)

Evaluatie & Analyse Om te komen tot de gewenste verdere ontwikkeling is inzicht in de bestaande situatie belangrijk. Een goede evaluatie en analyse van waar we nu staan, vormen immers de basis voor de verbeteropgave. Moerdijk is al circa tien jaar bezig is met het gebiedsgericht werken aan de hand van de gebiedsplannen en de gebiedstafels. Er is inmiddels heel veel ervaring opgedaan, betrokkenen weten elkaar inmiddels goed te vinden en er ligt via onder andere de gebiedsplannen en de tafels een structuur, die vorm en inhoud geeft aan de samenwerking met de inwoners, de verenigingen en onze partners. Het is belangrijk dit te koesteren en dit verder uit te bouwen. Dit vergt de inzet van alle betrokkenen. De inmiddels opgedane ervaringen met het gebiedsgericht werken zijn door de gebiedscoördinatoren geëvalueerd en hieruit is enen voorlopige lijst van ontwikkelopgaven gedestilleerd. Deze lijst vormt de basis van het te starten interactieve proces.

(Voorlopige) conclusies naar aanleiding van de evaluatie: • Vanuit het gebiedsgericht is er jarenlange ervaring met het inrichten van het speelveld tussen gemeente en de inwoners in de kernen; • Op basis van de inmiddels opgedane ervaringen en de analyse daarvan is een voorlopige lijst met verbeteracties gedestilleerd; • Deze lijst vormt de basis voor het te starten interactieve proces • Hierbij wordt de relatie met de vier andere sporen bevestigd en de aanpak hiervan kan op die wijze een bijdrage leveren aan de organisatie brede verbeteropgave

Tijdens de raadsbijeenkomst van 21 januari 2021 zijn door raadsleden de onderstaande uitgangspunten genoemd ten aanzien van de doorontwikkeling van gebiedsgericht werken. -

De planning van stadstafels en raadsvergaderingen loopt niet synchroon (raadsleden kunnen hierdoor niet deelnemen als toehoorder) Bij aanvang gebiedstafels minimaal informeren over een opgave en aangeven welke rol de tafel heeft in het proces Altijd het geluid van de gebiedstafels ophalen, vervolgens helder communiceren wat er mee gebeurt De tafels moeten zich gehoord voelen Belangrijk om overeenstemming te vinden met tafel maar zal niet altijd kunnen

Ontwikkelopgaven 1. Zorgen voor een goede organisatiestructuur, De beoogde doorontwikkeling vergt een solide organisatiestructuur. Niet alleen binnen het spoor van het gebiedsgericht werken, maar ook daarbuiten. Doel moet zijn om nog meer samenhang te krijgen in de 12

gezamenlijke aanpak. Hierbij is het tevens belangrijk om het gebiedsgericht werken helder te positioneren in de organisatie en daarom gaan we in gesprek met de s-tafel en domeintafels over deze positionering en organisatiestructuur 2. Bewustwording gebiedsgericht denken en werken Een juiste mindset is essentieel voor het gebiedsgericht werken. Het besef dat onze inwoners steeds centraal staan en daar ook naar kunnen en willen handelen is een voorwaarde voor de doorontwikkeling. We moeten uiteindelijk toe naar de Moerdijkse ambtenaar 2.0 en hiervoor zijn trainingen en cursussen noodzakelijk. Hier is al een start mee gemaakt in de Moerdijk Academy via onder andere speciale leertrajecten voor het gebiedsgericht werken in combinatie met de Omgevingswet. 3. Actualisatie van de gebiedsplannen & opstellen kernkaarten We gaan aan de slag met het actualiseren van de gebiedsplannen en in relatie hiermee worden tevens dynamische kernkaarten opgesteld. Inmiddels is gestart met de concrete aanpak van de pilot-kernen Klundert, Willemstad en Zevenbergschen Hoek. Uiteindelijk willen we (her)ijken wat er speelt in een kern en bij inwoners, maar ook ondernemers, verenigingen en onze sociale partners mee laten denken over wat belangrijk is voor hun stad of dorp. Zo komen we gezamenlijk tot concrete en goed op elkaar afgestemde plannen om de leefbaarheid in een kern verder te verbeteren. 4.

Evalueren functioneren van de tafels De tafels en de gebiedsplannen spelen een belangrijke rol bij de afstemming tussen de opgaven die er in een kern zijn. Dit versterkt het gevoel van eenheid en samenwerking binnen die kern. Om te voorkomen, dat de opgaven die binnen de kern spelen louter wensen blijven is het daarnaast belangrijk dit te delen met de betrokken partners (gemeente, Woonkwartier, Surplus, etc.), zodat hiervoor een breed draagvlak ontstaat en er een realistisch plan ontstaat. Ook hiervoor zijn de gebiedstafels belangrijk en dus is het belangrijk te gaan onderzoeken hoe het functioneren ervan verder ontwikkeld kan worden Hierbij gaan we de tafels ook meer monitoren, niet alleen de opkomst (kwantitatief) maar ook hoe de betrokkenen dit ervaren (kwalitatief). Belangrijk hierbij is ook de (democratische) legitimiteit van de tafels. Op wat voor draagvlak mogen zij rekenen; wie vertegenwoordigen zij precies en hoe kunnen we tot een zo breed mogelijk consultatie geraken? Dit raakt ook de opgave van de kernendemocratie. De tafels zijn hiervoor een belangrijk instrument, maar in voorkomende gevallen kan een andere of bredere consultatie gewenst zijn; uitgangspunt hierbij is dan wel om dit dan steeds samen met de tafel te organiseren. Ook kijken we hoe we de tafels kunnen ombuigen van de vrij statische opzet nu naar nog meer dynamisch.

De inmiddels opgedane ervaringen met digitale overlegstructuren ook in de Coronatijd kunnen hierbij helpen, mogelijk in combinatie met lokale peilingen. Wellicht biedt dit ook kansen om de jeugd te laten aanhaken. 5. Aansluiting organisatie bij de tafels Het gebiedsgericht werken moet een logisch onderdeel worden van het reguliere denken en werken binnen de gemeente en in het verlengde hiervan liggen er uitdagingen om nog beter aan te sluiten bij wat er buiten leeft en speelt. De tafels spelen hierbij een belangrijke rol, maar niet alles hoeft persé via de tafels te lopen. De reeds ingezette gesprekken hierover met het sociaal domein verdienen voortzetting. Eenzelfde opgave ligt er voor het fysieke domein, waar binnen het team OR ook een start gemaakt is met deze ontwikkelopgaven. 6. Integratie stads- en dorpsraden aan de tafels De formele integratie van de stads- en dorpsraden aan de tafels is belangrijk en in de beleidsbegroting is dit ook als een apart actiepunt benoemd. Inmiddels is dit in de meeste kernen gelukkig al grotendeels gerealiseerd, maar blijvende aandacht is noodzakelijk om dit ook in de praktijk tot één geheel te smeden. 7. Helderheid over positie en rol gebiedscoördinatoren. De gebiedscoordinatoren hebben een belangrijke rol bij het gebiedsgericht denken en werken. Inmiddels weten vakambtenaren en gebiedscoordinatoren elkaar al vrij goed te vinden.

Het is nu tijd voor een volgende stap, 13

waarbij we op basis van de inmiddels opgedane ervaringen aan de slag gaan om samen te bepalen hoe de exacte invulling van de samenwerking en de rolverdeling daarbij in de praktijk eruit zien. 8. Bepalen positie college en raad bij het gebiedsgericht werken De rol en de positie van college en raad behoeven verduidelijking. In algemene zin hoe onderhouden we de relatie met de kernen? Hoeveel vrijheid wil het gemeentebestuur aan de inwoners geven. Wat is van de tafels en wat blijft van college en raad? Dit raakt ook het spoor van de Visie Participatie. 9. Evaluatie samenwerkingspartners We gaan de samenwerking met onze partners, zoals Surplus en Woonkwartier evalueren met als doel om uiteindelijk te komen tot een bekrachtiging van de samenwerking. 10. Kernbudget monitoren We gaan de besteding van het kernbudget monitoren om te kijken of dit voldoende aansluit bij de lokale behoeften. 11. Evaluatie regeling voor het opfleuren van de kernen De bestaande regeling is gedateerd en wordt geëvalueerd. Mede door de crisis kan deze evaluatie pas in de loop van 2021 worden afgrond. 12. Lokale communicatie verder ontwikkelen We gaan het reeds ingezette verbeteringsspoor verder uitdiepen om tot de juiste inzet van communicatiekanalen te komen. Extern maar ook intern.

Wanneer zetten we welke kanalen in en hoe liggen daarbij de verantwoordelijkheden, wie is daarvoor verantwoordelijk? De lopende evaluatie van METT vormt hiervan in elk geval een belangrijk onderdeel. Dit raakt ook de opgave onder 4. 13. Inzetten op meer kern-gerelateerde data Er is behoefte aan meer data op kernniveau. Niet alleen demografische cijfers maar vooral ook meer en tijdig inzicht in programma’s op kernniveau. Dit raakt ook de opgave van data gedreven werken. 14. Heldere procedures voor projecten en plannen We willen bewoners betrekken bij onze projecten en RO-plannen. In het verleden zijn daar instrumenten voor opgezet o.a. in de vorm van richtlijnen voor inspraak bij ruimtelijke initiatieven. De maatschappij is inmiddels sterk veranderd en om hierbij aan te kunnen blijven sluiten gaan we aan de slag om hiervoor nieuwe instrumenten te ontwikkelen. Dit vergt een nadere afstemming met onder andere de tafels, maar ook hier kunnen wellicht sessies los van de tafel georganiseerd worden als de situatie daar om vraagt. Dit raakt onder andere het spoor van de Omgevingswet en het participatie-spoor. 15. Evaluatie proces inwonersinitiatieven De gemeente is al jarenlang bezig om de kernen in de eigen kracht te zetten en ook om initiatieven uit de maatschappij te faciliteren. Dit onder andere door subsidieverstrekking hiervan vanuit het team MO.

We willen deze inwonersinitiatieven verder stimuleren en faciliteren en een heldere procesvoering en rolverdeling kunnen hierbij behulpzaam zijn Gelet op de ervaringen uit de tafels is het zinvol dit proces te evalueren. 16. Positioneren buurtpreventie We gaan onderzoeken hoe buurtpreventie beter kan aansluiten bij het gebiedsgericht werken. Dit sluit aan bij de reeds eerder ingezette lijn, waarbij boa’s en wijkagenten meedraaien aan de gebiedstafels.

14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Moerdijk&id=a05c7269-9f12-45f1-90ba-d918d027b912