CConstaterende datMoerdijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Getekende bijlage 1 - Integrale gebiedsvisie Stationsgebied Zevenbergen

Raadsvergadering 26 juni 2025, gemeente MoerdijkBij agendapunt: Zevenbergen Oost Stationsgebied17.834 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

bouwblokken. Deze bewonersparkeerplaatsen worden ook ontsloten vanaf De

een goede zichtrelatie met het station.

Hil. De Hazeldonkse Zandweg ter hoogte van huisnummer 10-28 wordt ontlast,

Het valt nog te onderzoeken of de P+R-voorzieningen ook een eigen toegang

omdat de bus niet meer voorlangs rijdt. De weg wordt afgewaardeerd naar 30

tot de perrons kunnen krijgen.

km/uur en doorgaand verkeer wordt beperkt.

De Kiss+Ride ligt direct bij de stationsknoop. Aangezien men zo dicht mogelijk bij het station mensen willen afzetten kan je dat het beste goed faciliteren

Dubbelgebruik

zodat wildparkeren wordt voorkomen. De exacte locatie moet nader worden

Bij de ontwikkeling van het stationsgebied is voldoende ruimte om de P+R-

uitgewerkt en afgestemd op de bushaltes aan de oostzijde, zodat kruisende

plaatsen te combineren met een deel van het parkeren voor bestaande (sport)

stromen met de bus en de voetgangers worden voorkomen.

voorzieningen aan de centrumzijde en woningen aan de oostzijde. Op die manier wordt slim dubbelgebruik gemaakt van de parkeerplaatsen, wat weer

De ontsluiting van het spoorgericht parkeren aan de oostzijde, maar ook de

ruimte scheelt.

parkeerplaatsen van de nieuwe woningen, vindt plaats vanaf de promenade langs het Zwanengat en de Hazeldonkse Zandweg. Op die manier blijft

Er is in deze visie vooralsnog rekening gehouden met totaal circa 200

het aantal autobewegingen in het hart van het gebied en rondom het

parkeerplekken voor het station, waarvan de helft aan de centrumzijde en de

station beperkt tot de K+R. Voor de doorstroming en de verkeersveiligheid

andere helft aan de oostzijde. Er is daarbinnen voldoende ruimte aanwezig om

wordt de aansluiting van De Hil op de Hazeldonkse Zandweg verplaatst en

de gewenste deelmobiliteit te laten groeien.

gecombineerd met de Industrieweg aan de overzijde.

53

Faciliteiten: bestemming verrijkt

54

5.4 Faciliteiten: bestemming verrijkt Een goed stationsgebied is een plek waar mensen graag komen, graag verblijven en waar veel te zien en te beleven is. De plinten (de stad op ooghoogte) vervullen daarbij een cruciale rol. Met name langs de belangrijke openbare ruimtes en wandelroutes is het essentieel om een goede en levendige invulling van de begane grond-verdiepingen te realiseren. De bestaande horeca in het stationsgebouw moet gekoesterd worden en de stationsknoop zou verder versterkt kunnen worden met een terras, stationswinkeltje of een toeristisch informatiepunt. De bevoorrading hiervan en de eisen die hieraan worden gesteld zijn een aandachtspunt bij de verdere uitwerking. Aan de oostzijde, nabij het ontvangstdomein en direct aan het welkomstdomein, is in de visie bewust ruimte gemaakt voor bebouwing met op de verdiepingen wonen en in de plint mogelijkheden voor faciliteiten als horeca, een fietsenmaker, pakketmuur, leisurefuncties en/of werkruimtes en flexplekken. De woningen daarboven zorgen voor sociale veiligheid en levendigheid ‘s avonds. De bebouwing is buiten de contour van 50 meter geplaatst, in verband met de externe veiligheid. In het nieuwe stationsgebied is er in de plinten van de gebouwen ook nog ruimte voor ondersteunende dienstverlening (kapper, kinderopvang, zorg), werkplekken en bedrijvigheid, specifiek langs de Hazeldonkse Zandweg.

De precieze invulling moet nog worden bepaald.

55

Programma

56

5.5 Programma Zevenbergen en de regio staan voor een grote woningbouwopgave. Met de

Op basis van de huidige behoefte en woonbeleid wordt vooralsnog ingezet op

ontwikkeling van circa 1.000 woningen in Zevenbergen-Oost komt het station

de volgende verdeling:

midden in de stad te liggen en wordt het stationsgebied een belangrijkste schakel en interessant ontwikkelgebied voor stedelijk wonen. Met de

•

30% sociale huur

ontwikkeling van het station en stationsgebied kunnen verstedelijking en

•

10% middenhuur

mobiliteitstransitie elkaar versterken en versnellen.

•

27% betaalbaar

•

33% duur

Het nieuwe stationsgebied biedt een unieke kans voor de regio om

•

Waarvan minimaal 10% levensloopbestendig

doelgroepen aan te trekken die zich richten op openbaar vervoer en

•

Kleinschalige faciliteiten/voorzieningen waaronder leisurefuncties, horeca,

voorzieningen op loopafstand. Dat vraagt om een gebied met een eigen

een koffiebarretje, sportschool, fysio, fietsenmaker en flexwerkplekken

identiteit en onderscheidend woonprogramma. We denken hier aan betaalbaar, gestapeld en geschakeld wonen, appartementen, stadswoningen en

Er wordt nu uitgegaan van een programma van circa 150-300 woningen,

woonwerkunits. Hier zijn ook mogelijkheden voor bijzondere woonconcepten,

verspreid over meerdere bouwblokken in en aan het groen. De hoogte varieert

bijvoorbeeld op het gebied van zorg.

indicatief van 3-7 bouwlagen.

Zevenbergen is een stad voor en van iedereen, dat betekent dat we bij het

Het stationsgebied biedt daarnaast nog ruimte aan werken en leisure. En

woonprogramma rekening houden met alle doelgroepen. De woningbouw in

enkele kleinschalige functies ter ondersteuning van de reiziger, worden

het stationsgebied wordt gemengd, er komen zowel sociale huurwoningen als

versterkt om het gemak van de reiziger te vergroten en de ontmoetingen

koopwoningen in verschillende prijscategorieën. Met een gemengd programma

tussen de bezoekers van het gebied te stimuleren, zoals een koffiebar,

kan het plan inspelen op de steeds veranderende behoeften.

leisurefuncties, een fietsenmaker en flexwerkplekken. Gelaagdheid en functiestapeling is belangrijk bij een intensief gebruikt stationsgebied. Tuinen, openbare buitenruimtes en gedeelde buitenruimtes bevinden zich niet altijd op het maaiveld, maar ook op verdiepingen, boven andere functies, zoals parkeervoorzieningen en commerciële ruimtes. Dit zorgt ervoor dat woningen op hoogte ook in verbinding staan met de buitenruimte.

57

Groenblauw raamwerk

58

5.6 Groenblauw raamwerk Schakel tussen centrum, Oost en buitengebied

Bestaande en nieuwe groenstructuren kunnen worden verknoopt met elkaar

Het verouderde en versteende bedrijventerrein De Hil wordt omgevormd tot

tot een nieuw groenblauw raamwerk. Het landschap is daarbij leidend en de

een groen, open en dynamisch stationsgebied. Hiermee wordt dit deel van

buitenruimte is vormgegeven als een park met verschillende onderdelen en

de stad verzacht en worden Zevenbergen-Oost en het stadscentrum met

gebruik, en met een duidelijke indeling. Het groenblauw raamwerk van het

elkaar verbonden. De nieuwe interwijkverbinding vormt de ruggengraat van

stationsgebied wordt gevormd door verschillende groene plekken en ruimtes:

het gebied. Het vergroenen heeft een positief effect op de hittestress van de stad en de uitstraling en de verblijfskwaliteit rondom het station. Toevoegen

•

Een voornaam en groen stationsplein als de entree van de stad,

van bomen en groen verbetert het leefklimaat en bevordert de ecologie.

aantrekkelijk groen met een variatie aan bomen en groen gekoppeld aan

Het nieuwe stationsgebied krijgt een groenstedelijk karakter. Verdichting en

verblijven en ontmoeten.

verlevendiging van het stationsgebied gaat hand in hand met vergroening van

•

de openbare ruimte.

Een groene inrichting van de esplanade in het nieuwe stationsgebied met een meer natuurlijke en bloemrijke esplanade aan de landschapszijde met ruimte voor waterberging, spelen en een aantrekkelijk adres om aan te

De ambitie is het stationsgebied te laten fungeren als een schakel in de grotere groenstructuren van Zevenbergen door de lommerrijke lanen, de groene

wonen. •

De voormalige kreek het Zwanengat ecologisch versterken en verrijken

spoorzone met de spoorsloten, de spooronderdoorgang en de waterrijke zone

met natuurlijke en biodiverse oevers, met ruimte om naast de bestaande

van het Zwanengat met elkaar te verbinden.

bomen nieuwe bomen toe te voegen in de oever en plekjes aan het water

Vanuit het stationsgebied is in de toekomst bovendien het recreatieve

te creëren voor ontmoeting en verkoeling.

landschap rond de Mark ook te bereiken, waar mogelijkheden liggen voor

•

De interwijkverbinding wordt ontspannen en groen ingericht met groene

fietsen, wandelen en waterrecreatie. Op twee plekken komen dan ook

taluds en (groene) trappen, met voldoende plek voor een diversiteit aan

bruggen over het Zwanengat, die het stationsgebied optimaal verbinden

vaste (klim)planten, heesters en bomen.

met Zevenbergen-Oost en via een nieuwe, recreatieve fietsroute met het

•

buitengebied.

De spoorzone met spoorsloten met kruidenrijke vegetaties en natuurlijke oevers.

•

De daken van bebouwing en parkeerdekken, deels ingericht als

Groenblauw raamwerk

verblijfsgebied, worden zoveel als mogelijk vergroend en ingericht op ‘slim

Bij de herinrichting en vergroening van het Stationsgebied Zevenbergen wordt

watergebruik’.

ingezet op het creëren van een aantrekkelijke, schaduwrijke openbare ruimte

•

De nieuwe bebouwing in het stationsgebied kan een bijdrage leveren

voor ontmoeting en ontspanning, waarbij de ambitie is om een bijdrage te

aan de biodiversiteit. De ambitie is natuurinclusief bouwen, met onder

leveren aan klimaatadaptatie en biodiversiteit.

andere ruimte voor verticaal groen, het inbouwen van nestgelegenheid en geveltuinen.

59

Inspiratiebeelden groeneblauw raamwerk

60

Klimaatadaptief Om het stationsgebied klimaat robuust te maken zal regenwater zoveel mogelijk worden vastgehouden, vertraagd worden afgevoerd en waar mogelijk geïnfiltreerd. De waterbergingsopgave bedraagt 60 mm per m² verharding, inclusief tuinen, waarbij groen, water en groene daken in mindering mogen worden gebracht. Het principe “groen, tenzij” is van toepassing, waarbij verharding tot een minimum wordt beperkt. Hierbij zal het natuurlijke hoogteverloop richting het Zwanengat worden benut. Bij de inrichting van de openbare ruimte en ontwikkeling van gebied is een comfortabel en prettig microklimaat steeds het uitgangspunt. Ingezet wordt op veel grote bomen, met name op en rondom de belangrijke verblijfsplekken en fiets- en wandelroutes. Groen zorgt voor een aantrekkelijke en gezonde leefomgeving, het verkoelt en houdt water vast. Waar mogelijk dragen ook de gebouwen en parkeerdekken in het stationsgebied hieraan bij middels het gebruik van groene en blauwe daken, groene gevels, en groene binnenterreinen. Een effectief voorbeeld zijn polderdaken: daken waar water tijdelijk opgeslagen wordt, zodat het later vertraagd afgevoerd kan worden en ook kan worden hergebruikt voor irrigatie, infiltratie of een grijswatersysteem.

61

62

5.7 Milieuaspecten Bij de transformatie van het bedrijventerrein De Hil naar een gebied met

Dat betekent dat het bij de verdere planuitwerking noodzakelijk is om een

de functie wonen, is het van belang om mogelijke hinder van bedrijven en

Verantwoording Groepsrisico/Onderzoek Groepsrisicoberekening op te

bijbehorende verkeersbewegingen te onderzoeken en te kijken in hoeverre

stellen. De nieuwe bebouwing wordt in ieder geval buiten de contour van

bedrijven die blijven worden gehinderd door de nieuwe ontwikkeling. Voor

50 meter geplaatst. Daarnaast is langs het spoor ruimte gemaakt voor een

de milieuaspecten is een QuickScan voor het stationsgebied uitgevoerd.

plasbrandsloot. In de verdere uitwerking zal goed gekeken worden naar goede

De tabel geeft inzicht in de planologische mogelijkheden voor wat betreft

vluchtroutes binnen de bebouwing en openbare ruimte.

de milieuaspecten. Indien er een vergunning verleend moet worden voor ontwikkelingen of activiteiten die in strijd zijn met het (vigerend)

Fysieke veiligheid

bestemmingsplan, is nader onderzoek noodzakelijk. Dan gaat het voornamelijk

De bereikbaarheid en de noodzakelijke verkeersruimte en -routes voor

om de effecten die te verwachten zijn op het milieu: luchtkwaliteit, geluid van

hulpdiensten zijn van groot belang bij de transformatie van het stationsgebied.

activiteiten/wegverkeerslawaai, milieuzonering, geur, trillingen (recent hebben

Wegen moet zoveel mogelijk een onbelemmerde doorgang bieden. Daarnaast

er verbeteringen aan het spoorbed plaatsgevonden), ecologie (houdbaarheid

moet elk adres voor hulpdiensten vanaf een doorgaande verkeersader in

onderzoek circa 2 jaar), bodem (houdbaarheid onderzoek circa 5 jaar) zoals in

principe via een tweede, onafhankelijke route bereikbaar zijn. Ook dienen

de tabel wordt uitgelicht. Voor de QuickScan wordt verwezen naar de bijlage.

er voldoende brandweeropstelplaatsen te worden voorzien in de verdere

Hieronder een beknopte samenvating.

planuitwerking.

Geluid

Binnen het plangebied dient rekening te worden gehouden met

Voor woningbouw in het gebied is geluid afkomstig van (vooral) het spoor een

bluswatervoorzieningen. De hoeveelheid bluswater wordt bepaald door

belangrijk aspect voor een goede woonomgeving. Initiële verkenningen tonen

de gebiedskenmerken, gebruiksfuncties en bouwhoogte. Bij de verdere

aan dat een goed leefklimaat voor woningen in het gebied goed mogelijk is.

planuitwerking is het belangrijk om inzicht te krijgen in de gebruiksfuncties per

De wettelijke voorkeurswaarden kunnen gehaald worden door enerzijds het

bouwlaag en de diepte bouwhoogte. Bij gebouwen met vijf bouwlagen of meer

geluid dicht bij het spoor af te schermen met lage geluidswering, anderzijds

geld extra eisen voor bluswater.

door de vorm van woningbouw zo te kiezen en vorm te geven dat een goed woonklimaat ontstaat. Het streven daarbij is om niet alleen de wettelijke

Bedrijven en milieuzonering

minimumnormen te halen, maar daar waar mogelijk een lager geluidsniveau te

De huidige bedrijven zullen bij deze stedelijke ontwikkeling gefaseerd

bereiken. Om die reden is gekozen voor de compacte, gesloten bouwblokken

verdwijnen. De mate waarop deze bedrijven tot belemmeringen leiden is

in het groen, op goede afstand van het spoor. De binnentuinen vormen oases

afhankelijk van de huidige activiteiten en de maatwerkvoorschriften uit het

van rust in dit dynamische gebied en bieden de woningen aan deze zijde een

omgevingsplan. Waar mogelijk wordt rekening gehouden met bestaande,

geluidsluwe gevel.

te behouden bedrijven en functies in de omgeving. Voor milieuzonering (onder de Omgevingswet landt dit met name in geluid door activiteiten en

Externe veiligheid

geur) zijn nog wat aandachtspunten. Nader onderzoek is gewenst zodra de

Binnen het plangebied is er een veiligheidsrisico (Externe Veiligheid) vanwege

uitwerkingsplannen voor het gebied concreet worden.

het vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor.

63

Overzicht sleutelprojecten

1.

Inpassing Pastoor van Kessellaan en kwaliteitsimpuls stationsplein

2.

Inpassing en transformatie omgeving Hazeldonkse Zandweg

3.

64

Wonen langs het Zwanengat

ONTWIKKELLOCATIES

06

Het Stationsgebied Zevenbergen is onderverdeeld in drie ontwikkellocaties, elk met hun eigen karakter. De transformatie van alle locaties wordt nauwkeurig op elkaar afgestemd. Elke ontwikkellocatie ondersteunt op zijn eigen manier de ambitie om een volwaardig en kwalitatief hoogwaardig groenstedelijk stationsgebied van de toekomst te garanderen.

65

Impressie inpassing Pastoor van Kessellaan en kwaliteitsimpuls stationsplein

66

6.1 Inpassing Pastoor van Kessellaan en kwaliteitsimpuls stationsplein Aan de centrumzijde wordt de nieuwe interwijkverbinding zorgvuldig ingepast in de Pastoor van Kessellaan. Een ontspannen inpassing kan echter alleen ontstaan als een deel van de voortuinen van de naastgelegen bedrijven kunnen worden meegenomen, zodat de wandel- en fietsroute naar het stationsplein groen kan worden ingepast en de bomenlaan hersteld kan worden. Afstemming met pandeigenaren over de nieuwe stationsknoop en benodigde grondaankoop voor de interwijkverbinding heeft plaatsgevonden en zal nader worden uitgewerkt. Hierbij wordt speciale aandacht besteed aan de overgang tussen het openbare gebied en de voortuinen, zodat het stationsgebied ook voor de bedrijven een representatief visitekaartje wordt. Door de groenstructuur te herstellen en te versterken en weer continuïteit te geven wordt de interwijkverbinding en spooronderdoorgang een vanzelfsprekend onderdeel van de Pastoor van Kessellaan en een aantrekkelijke en representatieve verbinding voor mens, plant en dier en een fantastisch adres voor alle bestaande functies. Het vernieuwde stationsplein wordt een uitnodigende verblijfsruimte met volop gelegenheid om te wandelen, te zitten en te wachten. Voor het historische stationsgebouw komt een ruim terras voor de horeca, waar reizigers en bezoekers kunnen verblijven.

De groenstructuur wordt versterkt met enkele grote bomen, die op warme dagen voor verkoelende schaduw zorgen. De fietsenstalling wordt naast het historische stationsgebouw geplaatst, in een transparante stalling die naadloos aansluit op de fietsroutes. Vanaf daar leidt een korte, prettige wandeling over het stationsplein naar het ontvangstdomein en de perrons, waardoor een natuurlijke en comfortabele overgang tussen fiets, voetganger en trein ontstaat.

67

Impressie inpassing en transformatie Hazeldonkse Zandweg eo.

68

6.2 Inpassing en transformatie omgeving Hazeldonkse Zandweg In de rand van het bestaande bedrijventerrein De Hil, langs de Hazeldonkse

Het sluit aan op de landschappelijke kwaliteit van de esplanade, en is goed

Zandweg staan verschillende woningen, die nu het karakter van deze route

zichtbaar en bereikbaar van het stationsplein. Het is een multifunctioneel

bepalen. Deze woningen krijgen een plekje binnen het nieuwe stationsgebied

object met een bijzonder (groen) dak dat naast overdekte fietsenstalling

en worden zorgvuldig ingepast. Aan de voorzijde wordt de Hazeldonkse

ook dient als wachtruimte, zitelement en ontmoetingsplek en met een luifel/

Zandweg afgewaardeerd naar 30 km/uur en ook de bussen verdwijnen voor

overstek een aangename schaduwplek kan bieden. Het biedt ook kansen voor

de deur, aangezien die in de toekomst via het nieuwe busstation worden

aanvullende services, zoals ruimte voor een fietsenmaker, een buurtafhaalpunt

geleid. De achterzijden en tuinen die nu aan het bedrijventerrein grenzen

voor pakketten en verschillende vormen van deelmobiliteit, waardoor ook ‘het

worden voor de bewoners beter toegankelijk gemaakt, bedrijfsloodsen

einde van de reis’ duurzaam kan worden afgelegd.

verdwijnen en de tuinen kunnen op een aantal plekken eventueel nog iets uitbreiden (Hazeldonkse Zandweg nr. 10-20). Aan deze zijde komt ruimte voor

De bebouwing langs de royale, groene esplanade krijgt meer maat en schaal

parkeren voor de nieuwe woningen. Voor de sociale veiligheid en om overlast

dan de bebouwing aan de historische Hazeldonkse Zandweg, maar sluit

te voorkomen worden deze achterzijden en parkeerplaatsen niet openbaar

in hoogte en massa zorgvuldig aan en is zo georiënteerd en uitgevoerd

toegankelijk en zoveel mogelijk afgeschermd van de openbare esplanade.

dat de privacy van bestaande woningen is geborgd. De bouwblokken aan

De ontsluiting van het binnenterrein met de parkeervoorzieningen van de

de esplanade variëren indicatief in bouwhoogte van circa 8 meter tot 20

ontwikkeling aan de Hazeldonkse Zandweg/Stationsgebied vindt zo veel als

meter hoog op de hoek van de Hazeldonkse Zandweg – esplanade. Aan de

mogelijk plaats vanaf de Hazeldonkse Zandweg, om het stationsgebied zo

Hazeldonkse Zandweg sluit de nieuwe bebouwing zorgvuldig aan op de

autoluw mogelijk te houden.

bestaande woningen en kapvormen. Alle zijden van de bebouwing worden representatief vormgegeven. De oriëntatie van de appartementen is gericht

Rondom het bewonersparkeren komt een rand met nieuwe bebouwing,

op het stationsgebied voor sociale veiligheid en leefbaarheid en om de

met de voordeuren aan de esplanade. Hierin is plek voor nieuwe woningen,

privacy naar de bestaande woningen te borgen. Het beeld aan de straat wordt

maar ook leisure en ondersteunende functies voor het station, zoals een

gevormd door duidelijke entrees en levendige begane grond-verdiepingen van

fietsenmaker of flexwerkplekken. De bestaande bowling en bijbehorende

de gebouwen, die qua beeld vloeiend overlopen in het groen van de openbare

leisurevoorzieningen kunnen, op de hoek bij de nieuwe entree van de

ruimte. In de plinten van de bouwblokken is ruimte voor de leisure, werken

esplanade aan de Hazeldonkse Zandweg, een nieuwe plek krijgen en eventueel

en voorzieningen horend bij een stationsknoop. Op de verdiepingen is zoveel

nog wat uitbreiden. Zo ontstaat een aantrekkelijke entree voor het station aan

mogelijk wonen, voor de sociale controle.

deze zijde en zorgen de woningen en de andere functies voor sociale controle en leven in het stationsgebied.

Aan de spoorzijde sluiten de bestaande en nieuwe woningen aan op de nieuwe busroute, die ook beschikbaar is voor fietsers vanaf de Hazeldonkse Zandweg.

Het stationspaviljoen aan het spoor heeft een hoogwaardige uitstraling

Hier wordt ingezet op een stevige tuinmuur met een robuuste groene

naar alle zijden en is vormgegeven als een herkenbaar object met een eigen

inpassing, zodat de privacy wordt geborgd en de overlast zoveel mogelijk

karakter, uniek en onderscheidend.

wordt voorkomen. 69

Impressie wonen langs het Zwanengat

70

6.3. Wonen langs het Zwanengat Het Zwanengat vormt de natuurlijke overgang tussen stationsgebied en de

Bij de ontwikkeling van het stationsgebied is er ruimte gemaakt om de P+R-

nieuwe wijk de Markvelden en transformeert naar een prachtig verblijfsgebied,

plaatsen te combineren met een deel van de parkeerbehoefte van bewoners

een soort wandelpromenade langs het water, met natuurlijke oevers en plekjes

en bezoekers van de nabijgelegen woningen. Op die manier wordt slim

om de levendigheid van het stationsgebied even achter je te laten. Een fijne

dubbelgebruik gemaakt van de parkeerplaatsen en ruimte bespaard. Het

plek om te zijn, een groen welkom voor bezoekers en een aantrekkelijk adres

ligt voor de hand daarom de sociale huurwoningen te clusteren in de buurt

om aan te wonen in de toekomst. Langs De Hil transformeren de bedrijven

van de P+R, zodat deze een betaalbare parkeeroplossing kunnen krijgen. De

naar twee samengestelde woonblokken in het groen, met uitzicht op de

parkeervoorzieningen binnen de bouwvelden zijn voor de overige woningen en

esplanade en het stationsgebied aan de ene zijde en het groen en water

worden ontsloten vanaf de zuidzijde, via de straat De Hil. De parkeerplaatsen,

rond het Zwanengat aan de andere zijde. De insteek is ook hier een goede

bergingen en stallingen liggen uit het zicht van de openbare ruimte en kunnen

balans te vinden tussen wonen en vergroening. Daarom zetten we in op twee

verdiept, half verdiept of gebouwd op maaiveld, met een daktuin erboven,

ontwikkelvelden, omlijst door groen en gescheiden door een royale groene

worden gerealiseerd. Op enkele plekken in de openbare ruimte wordt er door

doorsteek tussen esplanade en Zwanengat, waarbinnen de fietsverbinding

de gemeente zones aangegeven langs De Hil voor laden/lossen, halen/brengen

vanuit de nieuwe woonbuurt een plek gaat krijgen. Komend vanuit Markvelden

en bezoekersparkeren. Deze worden meegenomen bij de inrichting van de

wordt zo een (groene) loper uitgelegd voor wandelaars en fietsers en komt er

openbare ruimtes.

een goed zicht op station en spooronderdoorgang. De daken en parkeerdekken worden deels ingericht als buitenruimte voor de In de bouwblokken worden appartementen gerealiseerd, met tussen de

bewoners. Het grootste deel van het dakoppervlak wordt groen ingericht,

bouwblokken ruimte voor verblijven en spelen. Alle zijden van de bebouwing

met oog voor biodiversiteit, die ondersteund wordt door het dakontwerp en

worden representatief en alzijdig vormgegeven. Voor de sociale veiligheid en

de beplantingskeuze. Door te kiezen voor een uitgekiende opbouw van het

leefbaarheid oriënteren de woningen en hoofdentrees zich op de openbare

dakpakket zullen de daken bijdragen aan een robuuste groenstructuur in het

ruimte van de esplanade, de P+R, De Hil en de Hazeldonkse Zandweg.

stationsgebied en een rol spelen in het waterbeheer.

De bouwblokken variëren indicatief in bouwhoogtes tot maximaal 6 bouwlagen hoog, met op één of twee prominente plekken een extra terugliggende

Bij de verdere uitwerking van de verschillende deelgebieden zal, in

laag. Het bouwblok aan het spoor heeft een geluidswerende werking voor

samenwerking met initiatiefnemers en bestaande bewoners, een nader

de gebouwen en de buitenruimte die daarachter liggen. De samengestelde

stedenbouwkundig uitwerkingsplan worden gemaakt voor de specifieke

bouwblokken kennen een gelaagde opbouw met een aaneenschakeling van

deellocatie, waarin de definitieve uitgangspunten en spelregels worden

smalle en bredere individuele panden. Gebouwen dienen zowel aan te sluiten

vastgelegd.

op de grote schaal van het stationsgebied als het kleinschalige straatniveau. Dit dient terug te komen in de volumeopbouw, materialisatie en detaillering. Op die manier wordt een kleinschalige en menselijke maat, schaal en korrel van de gevel gerealiseerd. 71

Mogelijke gefaseerde uitvoering integrale gebiedsvisie: van monofunctioneel werkgebied naar een gemengd stationsgebied Fase 1

Fase 2

Fase 3

Fase 4

72

FINANCIERING EN ONTWIKKELPLANNING

07

7.1 Mogelijke fasering en deelontwikkelingen

7.2 Investeringen

De ontwikkeling van de stationsomgeving Zevenbergen geeft mogelijkheden

Om de doorontwikkeling van het Stationsgebied Zevenbergen mogelijk te

voor gefaseerde ontwikkelingen. De voorkeursroute van de interwijkverbinding

maken en om het in de toekomst ook goed te kunnen laten functioneren, zijn

en de ontwikkeling van de stationsknoop laat voldoende ruimte voor de

investeringen nodig. De gemeente heeft hierbij een belangrijke regierol en

(toekomstige) transformatie/herontwikkeling van De Hil. Niet alles kan en hoeft

heeft al diverse gronden in eigendom.

in één keer gerealiseerd te worden. Tegelijkertijd is het ook nodig om over sommige zaken goede afspraken te maken en regie te voeren. Alleen dan kan

De gemeente is verantwoordelijk voor de langzaamverkeersverbinding in de

een kwalitatief goed nieuwe stukje stad rondom het stationsgebied ontstaan.

stationsomgeving en heeft dit in september 2023 aan haar Raad voorgelegd om daar de financiën voor te reserveren. Voor de langzaamverkeersverbinding

In het nieuwe stationsgebied is een aantal zaken essentieel om de

in de stationsomgeving is eind 2022 inmiddels ook 10 miljoen Euro (excl. BTW)

transformatie van het gebied op gang te helpen en aan te jagen. Het

(versnellingsbijdrage woningbouw Zevenbergen-Oost vanuit het Rijk (BO-

hart wordt gevormd door de interwijkverbinding en de stationsknoop.

MIRT)) beschikbaar gesteld.

Het streven is om in de periode 2025-2030 de stationsknoop en de langzaamverkeersroute te realiseren. In een nader te bepalen fasering kunnen

Ondanks de financiële bereidheid van de gemeente Moerdijk zijn financiële

de kavels aan de Hazeldonkse Zandweg en de route richting Markvelden

bijdragen vanuit andere overheden essentieel om de stationsomgeving in zijn

en Markzoom ontwikkeld worden. Vervolgens kan plotsgewijs langs het

geheel te ontwikkelen.

Zwanengat ontwikkeld worden. Er kunnen natuurlijk ook meerdere plots gelijktijdig ontwikkeld worden. De ontwikkeling is zodanig opgezet dat er binnen de overkoepelende gebiedsvisie ruimte is om variabel te zijn in losse ontwikkelingen. Dit betekent dat het geheel niet in een vooraf bepaalde volgorde ontwikkeld moet worden, maar dat het mogelijk is om flexibel te zijn wanneer kavels eerder vrij komen.

73

7.3 Lobby voor cofinanciering De afgelopen periode hebben ProRail, NS, Arriva, provincie Noord-Brabant

Op basis van de eerste studies en verkenningen is het Stationsgebied

en de gemeente Moerdijk samengewerkt aan de toekomst van station

Zevenbergen met zijn ambities een haalbaar plan en is er een goede basis om

Zevenbergen en omgeving.

over te gaan tot realisatie.

De provincie Noord-Brabant heeft, gezamenlijk met de samenwerkende

Samen met de provincie laat de gemeente een Witboek opstellen voor

partijen en het ministerie van IenW, het station Zevenbergen als

Stationsgebied Zevenbergen. Het Witboek wordt een wervende en

focusknooppunt op de actieagenda OV Toekomstbeeld gezet.

overtuigende propositie die in het jaarlijkse Bestuurlijk Overleg Leefomgeving

Focusknooppunten zijn knooppunten waar stakeholders een gezamenlijke

(BOL) in het voorjaar van 2025 of het Bestuurlijk Overleg Meerjarenprogramma

opgave zien, waarbij de partijen met elkaar in gesprek gaan en nagaan wat de

Infrastructuur, Ruimte en Transport (BO-MIRT) in het najaar van 2025 wordt

mogelijkheden zijn.

ingebracht namens de samenwerkende partners. Het doel is om het Witboek in het eerste kwartaal van 2025 op te stellen in een gezamenlijk proces met alle

Daarbij zijn de volgende stappen gezet en producten tot stand gekomen:

gebiedspartners.

•

Handelingsperspectief OV-knooppunt Station Zevenbergen, Goudappel,

In de volgende stap zal met de samenwerkingspartners de verdere

d.d. 24-06-2022.

voorbereidingen en planuitwerkingen worden opgepakt. Het streven is om in

Variantenstudie (conform eerste stap in de Tunnelalliantie), Witteveen+Bos

de periode 2025-2030 het stationsgebied te ontwikkelen en te realiseren met

in Q1 2023.

een treinvrijeperiode in 2029.

• •

Bouwstenen voor gebiedsvisie Stationsgebied Zevenbergen, KuiperCompagnons in Q2 2023.

•

Risicoanalyse spoorwegovergangen - concept Witteveen+Bos.

•

Integrale gebiedsvisie Stationsgebied Zevenbergen, KuiperCompagnons in Q1 2025.

•

Haalbaarheidsstudie Stationsgebied Zevenbergen, Witteveen+Bos in Q1 2025.

•

74

Witboek Stationsgebied Zevenbergen, APPM in Q1 2025.

Impressie stationsknoop Zevenbergen

75

BIJLAGEN

76

Overzichtskaart huidige buslijnen

77

Mogelijk voorstel wijzigingen Buslijn 117 Zevenbergen - Fijnaart evenbergen - Fijnaart

Halte Zevenbergen, Prins Hendrikstraat vervalt alleen voor buslijn 117, niet voor de overige buslijnen

Halte Zevenbergen, Kristallaan

Halte Zevenbergen, Kasteeltuin nieuw Halte Zevenbergen, Jorisstraat vervalt Halte Zevenbergen, Station verplaatsen

Halte Zevenbergen, Sint Josephplein vervalt

Halte Zevenbergen, Westrand Halte ZevenbergenOost, nieuw

78

Mogelijk voorstel wijzigingen Buslijn 119 Prinsenbeek - Zevenbergen Prinsenbeek - Zevenbergen

Halte Zevenbergen, Kasteeltuin nieuw Halte Zevenbergen, Jorisstraat vervalt Halte Zevenbergen, Kristallaan

Halte Zevenbergen, Station verplaatsen

Halte Zevenbergen, Sint Josephplein vervalt

Halte ZevenbergenOost, nieuw

79

Pagina 1

zz

Quickscan aspecten fysieke leefomgeving Stationsgebied Zevenbergen de Hil

Quickscan aspecten fysieke leefomgeving Stationsgebied Zevenbergen en de Hil 13 maart 2025

Datum

17 april 2025

Projectnummer

623.110.71

Pagina 2

Inhoudsopgave 1.

Inhoud ................................................................................................................. 2

2.

Situatiebeschrijving ............................................................................................. 3

3.

Omgevingsplan gemeente Moerdijk .................................................................... 4

4.

Planologische (milieu)aspecten ............................................................................ 5

1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13.

Ladder voor duurzame verstedelijking Milieueffectrapportage Water Mobiliteit Geluid door wegen, spoorwegen en industrieterreinen Geluid door activiteiten Trillingen Luchtkwaliteit Omgevingsveiligheid Geur Landschap, archeologie en cultuurhistorie Natuur (en stikstof) Bodem

5.

5 5 6 6 6 7 9 10 11 11 12 13 13

Conclusie/samenvatting .................................................................................... 14

Quickscan aspecten fysieke leefomgeving Stationsgebied Zevenbergen en de Hil 13 maart 2025

Pagina 3

1. Situatiebeschrijving

Het voorliggende plangebied, ‘Stationsgebied Zevenbergen en de Hil’, ligt in het zuiden van de kern Zevenbergen, in de gemeente Moerdijk. Het stationsgebied van Zevenbergen verbindt Zevenbergen Oost (deelgebied de Hil) en het centrum met elkaar. Het plangebied grenst aan de Hazeldonkse Zandweg en de Prins Hendriksstraat. Centraal in het gebied bevindt zich het NS-station van Zevenbergen. Momenteel wordt er gewerkt aan een gebiedsvisie voor het stationsgebied. Het doel van de visie is het creëren van meer verbinding tussen de gebieden en het station meer op de kaart plaatsen. Afbeelding 1 toont de ligging van deze ontwikkellocaties in het gebied. Het voornemen is om in dit gebied 150 tot 300 woningen te bouwen. Het voorliggende document geeft in het kader van de beoogde planontwikkeling een globaal overzicht van de relevante planologische milieuaspecten.

Afbeelding 1: Plangebied Station Zevenbergen en de Hil (bron: KuiperCompagnons).

Quickscan aspecten fysieke leefomgeving Stationsgebied Zevenbergen en de Hil 13 maart 2025

Pagina 4

2. Omgevingsplan gemeente Moerdijk

Ter plaatse van het plangebied gelden de volgende bestemmingsplannen: Deze bestemmingsplannen zijn met de inwerkingtreding van de Omgevingswet (op 1 januari 2024) onderdeel geworden van het omgevingsplan (van rechtswege) van de gemeente Moerdijk.   

Bestemmingsplan Centrum Zevenbergen (Basisnet Spoor uitgesneden gebied) (2003); Bestemmingsplan Centrum Zevenbergen (vastgesteld op 8 oktober 2015); Bestemmingsplan Zevenbergen Oost (vastgesteld op 16 december 2010).

Het plangebied kent binnen deze bestemmingsplan diverse bestemmingen. Overheersend betreft dit de bedrijfsbestemming (zie afbeelding 2 en 3). 2003

Afbeelding 2 en 3: Geldende bestemmingsplannen (het plangebied is globaal rood omkaderd) (bron: Omgevingsloket – Regels op de kaart – omgevingsdocumenten).

Quickscan aspecten fysieke leefomgeving Stationsgebied Zevenbergen en de Hil 13 maart 2025

Pagina 5

3. Planologische (milieu)aspecten 1. Ladder voor duurzame verstedelijking Onder de Omgevingswet is in het Besluit kwaliteit leefomgeving de verplichting opgenomen om in het geval van een nieuwe stedelijke ontwikkeling in de toelichting een onderbouwing op te nemen van de nut en noodzaak van de nieuwe stedelijke ruimtevraag en de ruimtelijke inpassing, met het oog op het belang van zorgvuldig ruimtegebruik en het tegengaan van leegstand. Hierbij wordt gebruikgemaakt van de Ladder voor duurzame verstedelijking. In artikel 5.129g van het Bkl wordt de Ladder als volgt omschreven: 1. 2.

3.

4.

Dit artikel is van toepassing op een stedelijke ontwikkeling die bestaat uit de ontwikkeling of uitbreiding van een bedrijventerrein, een zeehaventerrein, een woningbouwlocatie, kantoren, een detailhandelsvoorziening of een andere stedelijke voorziening die voldoende substantieel is. Voor zover een omgevingsplan voorziet in een nieuwe stedelijke ontwikkeling, wordt met het oog op het belang van zorgvuldig ruimtegebruik en het tegengaan van leegstand in het omgevingsplan rekening gehouden met: a. de behoefte aan die stedelijke ontwikkeling; en b. als die stedelijke ontwikkeling is voorzien buiten het stedelijk gebied of buiten het stedelijk groen aan de rand van de bebouwing van stedelijk gebied: de mogelijkheden om binnen dat stedelijk gebied of binnen dat stedelijk groen aan de rand van de bebouwing van stedelijk gebied in die behoefte te voorzien. Voor de toepassing van het tweede lid, onder b, wordt tot het stedelijk gebied niet gerekend een stedelijke ontwikkeling waarvoor: a. op grond van het omgevingsplan een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit is vereist; en b. nog geen toepassing is gegeven aan het tweede lid.

Als een omgevingsplan voorziet in de vestiging van een dienst als bedoeld in artikel 1 van de Dienstenwet en de beoordeling van de behoefte aan een stedelijke ontwikkeling betrekking heeft op de economische behoefte, de marktvraag of de mogelijke of actuele economische gevolgen van die vestiging, heeft die beoordeling alleen tot doel na te gaan of de vestiging van een dienst in overeenstemming is met een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.

Uit jurisprudentie volgt dat het toevoegen van meer dan 11 woningen aangemerkt wordt als nieuwe stedelijke ontwikkeling. Het plangebied valt binnen het bestaand stedelijk gebied. Ten behoeve van de planologische procedure dient een ladderonderbouwing te worden opgesteld. Hiervoor kan gebruik worden gemaakt van regionale en lokale woningbehoefteramingen en informatie vanuit gemeentelijk beleid (omgevingsvisie). Naar verwachting vormt dit aspect geen belemmering. 2. Milieueffectrapportage Onder de Omgevingswet geldt een plan-m.e.r.-plicht wanneer een besluit wordt voorbereid dat het kader schept voor een m.e.r.-(beoordelings)plichtige activiteit of wanneer een besluit wordt voorbereid waarvoor een zogenaamde passende beoordeling is vereist. Het planMER brengt de milieugevolgen van een plan in beeld voordat er een besluit over is genomen en onderzoekt verschillende alternatieve oplossingen en maatregelen met het oog op het beperken van effecten op de leefomgeving. De omvang en het type van de ontwikkeling bepaalt de omvang en het detailniveau van de vormvrije m.e.r.-beoordeling. Op basis van de resultaten van de deelonderzoeken die voor het omgeivngsplan nodig zijn (zie hierna), zal bij een eventueel toekomstig omgevingsplan een vormvrije m.e.r.-beoordeling moeten worden geschreven. Het is op

Quickscan aspecten fysieke leefomgeving Stationsgebied Zevenbergen en de Hil 13 maart 2025

Pagina 6

dit moment nog ongewis of er wel of niet sprake is van ‘waarschijnlijk belangrijke gevolgen die de activiteit voor het milieu kan hebben’, maar wanneer er gekeken wordt naar de voorziene plannen en de hierna volgende milieuaspecten valt te verwachten dat er zich geen significante belemmeringen voordoen. 3. Water Het plangebied ligt op grondgebied van Waterschap Brabantse Delta. In de huidige situatie is het plangebied voor het grootste deel verhard. Bij eventuele ontwikkelingen zal de verharding naar verwachting afnemen, wat een positief effect zal hebben op het watersysteem. Verder zal moeten worden aangegeven welk effect de voorgenomen ontwikkeling heeft op de waterhuishouding. Naar verwachting zijn hier goede oplossingen voor te vinden of afspraken over te maken, en vormt dit aspect geen belemmering. 4. Mobiliteit Op basis van de Omgevingswet dient de aanvaardbaarheid van het effect van nieuwe ontwikkelingen op de verkeersafwikkeling, bereikbaarheid, leefbaarheid en verkeersveiligheid te worden onderbouwd. Parkeernormen worden gebruikt om vast te stellen hoeveel parkeerplaatsen voor auto's en fietsen nodig zijn bij nieuw- en verbouwinitiatieven. Ter waarborging van voldoende parkeervoorzieningen bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen heeft de gemeente Moerdijk heeft in 2021 de Nota Parkeernormen Gemeente Moerdijk vastgesteld.

Deze zijn per functie en per woontype onderverdeeld. Het uiteindelijke plan zal moeten voorzien in voldoende parkeerplaatsen, conform de parkeernomen uit de gemeentelijke parkeernota. Bij nieuwe ontwikkelingen moet deze verkeersgeneratie worden afgezet tegen de nieuwe situatie. Er zal moeten worden onderzocht of een eventuele verkeerstoename kan worden opgevangen door het huidige wegennet. Met de voorgenomen ontwikkeling wijzigen de verkeersstructuren in en rond het plangebied. Het is vooraf niet met zekerheid te voorspellen of hier knelpunten kunnen optreden. Dit is sterk afhankelijk van de inrichting van het wegennet en het aantal woningen en/of andere functies dat zal worden gerealiseerd. Ook zal de ontwikkeling in samenhang moeten worden bekeken met de aanleg van de Noordelijke randweg in Zevenbergen. 5. Geluid door wegen, spoorwegen en industrieterreinen Op grond van onder meer het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) moet in het omgevingsplan rekening worden gehouden met geluid dat door activiteiten op geluidgevoelige gebouwen en locaties wordt afgewenteld. Bij het opstellen van het omgevingsplan moet daarom rekening worden gehouden met de geluiduitstraling door individuele activiteiten, activiteiten op een industrieterrein, geluiduitstraling door gemeentewegen, waterschapswegen, provinciale wegen, snelwegen en spoorwegen.

De locatie is gelegen tussen de spoorlijn Antwerpen – Lage Zwaluwe en de Hazeldonkse Zandweg in een aandachtsgebied van lokaal spoor (zie afbeelding 3). Op voorhand is niet te zeggen wat deze geluidbelasting, en de eventuele voorwaarden uit het gemeentelijke geluidbeleid, precies betekenen voor woningbouw in het gebied. Daarnaast is ook niet uit te sluiten dat langs wegen met een lager verkeersintensiteit (zoals de omliggende 30 km/u-wegen) sprake kan zijn van geluid die de standaardwaarde overschrijdt. Geadviseerd wordt om in een zo vroeg mogelijk stadium een proefberekening te laten uitvoeren, zodat er in de verkaveling en situering van de woningen rekening kan worden gehouden met de geluidbelasting.

Quickscan aspecten fysieke leefomgeving Stationsgebied Zevenbergen en de Hil 13 maart 2025

Pagina 7

Afbeelding 4: Uitsnede kaart geluidregister (het plangebied is globaal zwart omkaderd) (bron: geluidgegevens.nl, 2025).

6. Geluid door activiteiten Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet vervallen de regels over geluid uit het Activiteitenbesluit milieubeheer. De gemeente dient ervoor te zorgen dat het omgevingsplan in ieder geval de regels staan die nodig zijn voor een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (artikel 4.2 Omgevingswet). Dit kan de gemeente onder andere bereiken door:  

de ordening van de locaties van activiteiten ten opzichte van elkaar(bijvoorbeeld afstand tussen een woning en een bedrijf) het stellen van regels aan activiteiten op een locatie (bijvoorbeeld via waarden voor geluidimmissie of preventieve maatregelen)

De regels aan activiteiten op een locatie in het omgevingsplan voldoen aan de instructieregels uit het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). Op basis van de instructieregels van paragraaf 5.1.4.2 Bkl bevat het gemeentelijk omgevingsplan regels die geluidgevoelige gebouwen beschermen tegen geluid door activiteiten. Het gaat om geluid van alle aan een locatie toe te delen activiteiten behalve het wonen. Bij elke aanpassing van het omgevingsplan houdt de gemeente rekening met het geluid door activiteiten op geluidgevoelige gebouwen (artikel 5.59, lid 1 Bkl). Het gaat hierbij om het geluid van alle activiteiten samen. In de afweging betrekt de gemeente de specifieke plaatselijke situatie en de (cumulatieve) gevolgen van activiteiten voor de gezondheid van haar burgers en het milieu. Door het opnemen van de standaardwaarden uit artikel 5.65 Bkl in het omgevingsplan voldoet de gemeente in principe aan de eis van aanvaardbaarheid van artikel 5.59, lid 2 Bkl. De standaardwaarden uit dit artikel zijn gebaseerd op de algemene geluidnormen uit het Activiteitenbesluit. Niet op alle locaties leiden de standaardwaarden voor een activiteit tot het gewenste evenwicht tussen beschermen en benutten. De gemeente kan dan gemotiveerd kiezen voor andere waarden. Daarnaast kan de gemeente kiezen Quickscan aspecten fysieke leefomgeving Stationsgebied Zevenbergen en de Hil 13 maart 2025

Pagina 8

voor afwijkende standaardwaarden voor bedrijventerreinen (5 dB hoger) en voor agrarische gebieden (5 dB lager). Eis hierbij blijft aanvaardbaar geluid op geluidgevoelige gebouwen. De gemeente kan het gewenste evenwicht ook bereiken door bijvoorbeeld het opleggen van preventieve maatregelen. Dit in aanvulling op de waarde of in de plaats van de waarde. In het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties is onderzocht welke bedrijven zich in en rondom het plangebied bevinden. Afbeelding 5 geeft de verschillende bedrijven in het plangebied weer. De bedrijven zullen bij deze stedelijke ontwikkeling gefaseerd verdwijnen. De onderste strook wordt het langst behouden. De mate waarop deze bedrijven tot belemmeringen leiden is afhankelijk van de huidige activiteiten en de maatwerkvoorschriften uit het omgevingsplan. Functiemenging In het stationsgebied en centrum – ten noorden en zuiden van het spoor – bevinden zich diverse functies. In het omgevingsplan van rechtswege zijn functies toegestaan als horeca, kantoren, detailhandel, dienstverlening, sport, bedrijven maar ook op veel locaties al woningen (al dan niet in combinatie met de eerder genoemde functies). Deze mate van functiemenging is kenmerkend voor een centrum- en stationsomgeving en gaat over het algemeen goed samen.

Bedrijven binnen het plangebied De huidige bedrijven in het plangebied zullen ten behoeve van de woningbouwontwikkeling gefaseerd verdwijnen. De onderste strook wordt het langst behouden. De mate waarop deze bedrijven tot belemmeringen leiden is afhankelijk van de huidige activiteiten en de maatwerkvoorschriften uit het omgevingsplan.

Afbeelding 5. Bedrijven in plangebied (bron: KuiperCompagnons, 2023). Quickscan aspecten fysieke leefomgeving Stationsgebied Zevenbergen en de Hil 13 maart 2025

Pagina 9

Op het bedrijventerrein zijn op dit moment bedrijven toegestaan tot en met categorie 3 van de Staat van bedrijfsactiviteiten, die in het ter plaatse geldende bestemmingsplan 'Zevenbergen Oost' wordt toegepast. Deze staat is gebaseerd op de in paragraaf 4.8.1 vermelde VNG-publicatie, maar anders dan in de VNG publicatie wordt in het bestemmingsplan geen onderverdeling gemaakt in bedrijven met een richtafstand van 50 meter en van 100 meter. Dat betekent dat voor de beoordeling van de milieusituatie moet worden uitgegaan van een richtafstand van 100 meter. Echter gelden de richtafstanden uit de VNG-publicatie niet meer onder de Omgevingswet. Er dient nader te worden beoordeeld of de bedrijven op het bedrijventerrein niet onevenredig in hun belangen worden geschaad door de te ontwikkelen woningen en tevens of er ter plaatse van de nieuwe woningen sprake is van een goed woon- en leefklimaat en de belangen. Wel kunnen in de fase van de visievorming de richtafstanden worden aangehouden. Bij concrete planvorming dient het nader te worden beschouwd. Onderstaand worden de richtafstanden beschreven. Er heeft in het kader van het naastgelegen bestemmingsplan ‘Markvelden Noord, Verlengde Zuidrand en Zuidrandtunnel’ een inventarisatie plaatsgevonden van de bestaande bedrijven aan De Hil 2-26 en de Hazeldonkse Zandweg 26-28.

Hieruit blijkt dat nagenoeg alle gevestigde bedrijven op basis van zijn bedrijfsactiviteiten kunnen worden ingedeeld in milieucategorie 2 (of lager). Deze bedrijven hebben op grond van de eerdergenoemde VNG-publicatie ten opzichte van woningen in een rustige woonwijk een maximale richtafstand van 30 meter. Geluid is bij deze bedrijven maatgevend. Slechts 1 bestaand bedrijf is op basis van de verkregen informatie in te delen in maximaal milieucategorie 3.1, met een richtafstand van 50 meter ten opzichte van een rustige woonwijk. Planologisch zijn op deze gronden echter bedrijven toegestaan tot en met categorie 3. Dit betekent dat ook bedrijven uit milieucategorie 3.2 met een richtafstand van 100 meter zich kunnen vestigen. Deze bedrijven moeten dan wel voorkomen in de Staat van Bedrijfsactiviteiten zoals die is opgenomen als bijlage bij de Regels van het betreffende bestemmingsplan. Tegelijkertijd zijn binnen deze bestemming 'Bedrijventerrein' gronden aangegeven waarop bedrijfswoningen kunnen worden gerealiseerd. Op het bedrijventerrein De Hil zijn langs De Hil (openbare weg), aan de zuidzijde van het bedrijventerrein, een aantal bedrijfswoningen gebouwd en in gebruik, te weten De Hil 4, 6, 8a, 10a, 12, 14, 16, 22, 24. Bedrijven dienen bij hun bedrijfsactiviteiten rekening te houden met de bedrijfswoningen die niet tot hun eigen bedrijf (inrichting) behoren.

Indien er sprake is van nieuwvestiging en of uitbreiding van bedrijfsactiviteiten, dan zijn deze bedrijfswoningen van derden maatgevend voor de eventuele maatregelen (veelal geluidsmaatregelen), die moeten worden getroffen. Als in dat geval het woon-en leefklimaat ter plaatse van deze bestaande bedrijfswoningen van derden wordt gegarandeerd, dan is dat, gelet op de situering van de bedrijfswoningen aan de zuidzijde van De Hil, ook het geval bij de op grotere afstand geprojecteerde woningen in de rest van het plangebied. Zwembad ‘de Bosselaar’ Ten zuidwesten van het plangebied is het zwembad Bosselaar gelegen. Voor zwembad 'de Bosselaar' geldt op basis van de VNG-Publicatie 'Bedrijven en Milieuzonering' een richtafstand van 200 meter (SBI-2008 931) ten opzichte van een rustige woonwijk. Het aspect geluid is het maatgevende milieuaspect (200 m), het aspect geur kent een richtafstand van 30 m en het aspect gevaar 10 meter. Een klein deel van het plangebied ligt binnen de richtafstand voor geluid. Tussen het zwembad en het plangebied ligt echter de spoorlijn Lage Zwaluwe-Oudenbosch. Naar verwachting zal voor de aan de westrand van het plangebied gelegen woningen toch de wettelijke voorkeursgrenswaarde voor spoorweglawaai overschreden. Deze woningen hebben een afschermende werking voor de eventuele toekomstige woningen in de rest van het plangebied.

Het zwembad zal hierin niet extra belemmerend werken. 7. Trillingen Op grond van artikel 5.83 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) moet rekening worden gehouden met trillingen door activiteiten in trillingsgevoelige ruimten van trillingsgevoelige gebouwen; het plan moet erin voorzien dat deze trillingen aanvaardbaar zijn. Het toepassingsbereik van deze instructieregel omvat alle activiteiten die met het omgevingsplan zijn toegestaan, met uitzondering van de activiteit wonen. Quickscan aspecten fysieke leefomgeving Stationsgebied Zevenbergen en de Hil 13 maart 2025

Pagina 10

Er zijn geen wettelijke normen of richtlijn voor trillingen door rijdende treinen over het spoor. Het ontstaan van trillingen en de mogelijk te treffen maatregelen vragen om maatwerk en is afhankelijk van de bodem, rails en het type woningen. Gezien de ligging van de ontwikkellocaties op korte afstand van het spoor kan trillingshinder als gevolg van railverkeer niet op voorhand worden uitgesloten. Hiervoor zal een onderzoek moeten worden uitgevoerd. Er heeft in het kader van het naastgelegen bestemmingsplan ‘Markvelden Noord, Verlengde Zuidrand en Zuidrandtunnel’ een onderzoek naar trillingen plaatsgevonden. Hieruit is gebleken dat voor deze woningen wordt voldaan aan de geldende streef- en grenswaarden. De resultaten voor dit plangebied zullen hier naar verwachting niet veel van afwijken en het spoorbed is reeds onderhouden en daardoor verbeterd. Om met zekerheid te kunnen stellen dat er geen significante trillingshinder op de nieuwe woningen ontstaan is onderzoek benodigd. 8. Luchtkwaliteit De maximale concentraties van stoffen in de lucht zijn onder de Omgevingswet vastgelegd als omgevingswaarden. Daarnaast worden er aandachtsgebieden voor luchtkwaliteit aangewezen. Alleen in deze aandachtsgebieden (de agglomeraties van de grootste steden en enkele gebieden met veel veehouderijen) is extra aandacht nodig voor de luchtkwaliteit.

Het plan is niet gelegen binnen een van de aangewezen aandachtsgebieden voor luchtkwaliteit. Daarnaast is de ontwikkeling van minder dan 1500 woningen aan te merken als een ontwikkeling die ‘niet in betekende mate’ (NIBM) bijdraagt aan verslechtering van de luchtkwaliteit. Een aparte toetsing aan de luchtkwaliteitsnormen is naar verwachting niet nodig. De luchtkwaliteit rondom het plangebied inzichtelijk gemaakt aan de hand van de beschikbare informatie van het Centraal Instituut Monitoring Luchtkwaliteit. Op de afbeelding is de concentratie van N02 (stikstofdioxide) van wegverkeer voor het jaar 2025 weergegeven. De NO2-uitstoot is op deze locatie lager dan de advieswaarde van 10 μg/m³ en leidt daarmee niet tot negatieve gevolgen op de gezondheid van mensen.

Afbeelding 5: Uitsnede kaart receptoren wegverkeer NO2-concentratie, monitoringsjaar 2025 (bron: CIMLK).

De VNG gaat de publicatie 'Bedrijven en milieuzonering' onder de Omgevingswet niet meer actualiseren. In sommige gevallen is het verplicht geluid en geur te reguleren met regels, maar in andere gevallen kan de gemeente er zelf voor kiezen met welke regels ze zorgt voor een aanvaardbare situatie. Dat kan met extra milieunormen, maar ook Quickscan aspecten fysieke leefomgeving Stationsgebied Zevenbergen en de Hil 13 maart 2025

Pagina 11

met milieucategorieën of een beoordeling per geval. De gemeente kan dit in het omgevingsplan op verschillende manieren regelen, een van de mogelijkheden is de ‘Milieuzonering nieuwe stijl’. Daarbij wordt de geluidsruimte in een zone vastgelegd met geluidnormen per bedrijf op een vaste afstand van de terreingrens van dat bedrijf. Omdat op dit op dit moment nog niet (geheel) bekend is, gaan we ervanuit dat we deels kunnen volstaan met onderbouwing op basis van richtafstanden (zones onder de Milieuzonering nieuwe stijl) en deels op basis van de regels uit de bruidsschat die per (vooralsnog) 1 januari 2024 in het gemeentelijke omgevingsplan zullen landen.

9. Omgevingsveiligheid Op grond van artikel 5.2 van het Besluit kwaliteit leefomgeving moet in het omgevingsplan rekening worden gehouden met het belang van het voorkomen, beperken, bestrijden, vluchten en geneeskundige hulpverlening van of in geval van branden, rampen en crises. In de instructieregel is voor zover deze branden, rampen en crises samenhangen met de opslag, productie, gebruik en vervoer van gevaarlijke stoffen, vuurwerk, explosieven en windturbines een gedetailleerde uitwerking gegeven. Dit gebeurt in de vorm van aandachtsgebieden (brandaandachtsgebied, explosieaandachtsgebied of gifwolkaandachtsgebied). Deze moeten in het omgevingsplan worden opgenomen. Op basis van de risicokaart is er een risicobron in de omgeving van de locatie aanwezig, namelijk de spoorlijn Antwerpen – Lage Zwaluwe. Over deze route worden gevaarlijke stoffen vervoerd. In het kader van het vigerende bestemmingsplan is onderzoek uitgevoerd naar het vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor. Uit dit onderzoek blijkt dat de PR 10-6-contour op maximaal 11 meter buiten het spoor is gelegen. Door de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant zijn er risicoberekeningen voor de transportroutes weg en spoor uitgevoerd (2016). In dit onderzoek is ook het spoortraject Zevenbergschenhoek - Roosendaal meegenomen. Hieruit blijkt dat het groepsrisico onder de oriëntatiewaarde is gelegen.

Ook heeft in het kader van het naastgelegen bestemmingsplan ‘Markvelden Noord, Verlengde Zuidrand en Zuidrandtunnel’ een onderzoek naar het groepsrisico plaatsgevonden. . Hieruit is gebleken dat de oriëntatiewaarde niet wordt overschreden en niet significant toeneemt. De resultaten voor dit plangebied zullen hier naar verwachting niet veel van afwijken. Om dit met zekerheid te kunnen stellen zal desondanks ook voor dit plangebied een onderzoek moeten worden uitgevoerd. Ten zuidwesten van het plangebied is het zwembad Bosselaar gelegen. Dit is aangemerkt als een inrichting vanwege de opslag van chloor. De dodelijke effectafstand bedraagt 90 meter. Het plangebied ligt op voldoende afstand. Daarnaast ligt in de wijdere omgeving een aantal risicobronnen. Het gaat hierbij om Gondrand Traffic B.V., Afvalstoffen Terminal Moerdijk B.V. en Shell Nederland Chemie B.V. Voor alle drie inrichtingen is in het kader van de vergunningverlening van deze bedrijven een QRA uitgevoerd. Het groepsrisico overschrijdt slechts bij Shell Nederland Chemie B.V. de oriëntatiewaarde. Het plangebied is echter op enkele kilometers gelegen van de inrichtingen. Daarnaast valt heel Zevenbergen en omgeving in de invloedsgebieden, waardoor de toevoeging van nieuwe woningen niet direct van invloed is op het groepsrisico.

Omdat het plangebied wel in de invloedsgebieden ligt, dient er in het kader van een planologische procedure wel een verantwoording van het groepsrisico te worden opgesteld. 10. Geur De kwaliteit van de fysieke leefomgeving kan worden beïnvloed door de geuruitstoot die samenhangt met activiteiten die in of om het plangebied zijn toegestaan. In een omgevingsplanwijziging moet daarom rekening worden gehouden met de geurbelasting die door activiteiten binnen en buiten het deelplangebied, ter hoogte van geurgevoelige gebouwen binnen en buiten het deelplangebied, optreedt. In hoofdstuk 5 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) is een instructieregel opgenomen, op grond waarvan in het omgevingsplan regels moeten worden opgenomen, die nodig zijn om ervoor te zorgen dat het geurhinderniveau binnen het plangebied aanvaardbaar is. In deze instructieregel zijn voor dat doel aanwijzingen opgenomen waaraan de regels voor waterzuiveringsinstallaties en het houden van landbouwhuisdieren moeten voldoen. Quickscan aspecten fysieke leefomgeving Stationsgebied Zevenbergen en de Hil 13 maart 2025

Pagina 12

In de directe omgeving liggen geen veehouderijen of andere bedrijven die geurhinder veroorzaken. Dit aspect vormt dan ook geen belemmering voor ontwikkelingen binnen het plangebied. 11. Landschap

Landschap, archeologie en cultuurhistorie

Onder de Omgevingswet zijn instructieregels opgenomen in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) in paragraaf 5.1.5: 'Beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed'. Daarnaast zijn er beleidskaders vastgelegd, zowel in de provinciale omgevingsvisie als in de gemeentelijke bestemmingsplannen. Op basis van deze documenten is een beschermingsregime opgenomen voor het behoud en versterken van kenmerkende landschapsstructuren en cultureel erfgoed. Rijksbeleid Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet is de Erfgoedwet deels opgegaan in de Omgevingswet. Het beschermen en beheren van cultureel erfgoed is ook een van de belangen van de Omgevingswet (art 1.2 Ow). In de Omgevingswet staan de regels voor de omgang met de fysieke leefomgeving geïntegreerd. Hierin staan bijvoorbeeld onderdelen uit de Monumentenwet 1988 die tot 1 januari 2024 in het overgangsrecht van de Erfgoedwet waren opgenomen. De bevoegdheden en beschermingsniveaus zijn in grote lijnen gehandhaafd. De vuistregel voor de verdeling tussen Erfgoedwet en Omgevingswet is als volgt: de duiding van cultureel erfgoed en de zorg voor cultuurgoederen in overheidsbezit staat in de Erfgoedwet, de omgang met het cultureel erfgoed in de fysieke leefomgeving is geregeld in de Omgevingswet.

Voor gebouwde of aangelegde monumenten betekent dit dat de vergunningverlening voor het wijzigen van rijksmonumenten is geregeld in de Omgevingswet. Ook aanwijzing en omgang met beschermde stads- en dorpsgezichten gebeurt op grond van de Omgevingswet. Datzelfde geldt voor de omgang met archeologie in de fysieke leefomgeving (vergunningverlening en integratie in de planvorming). In het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) zijn regels voor de bescherming van rijksmonumenten en archeologische monumenten. In het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) zijn regels over het bouwen, verbouwen, gebruiken en slopen van bouwwerken opgenomen. Archeologie In het vigerend bestemmingsplan Centrum Zevenbergen en het veegplan kernen 2017 komt de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 7’ voor. Binnen deze bestemming mogen geen ontwikkelingen plaatsvinden met een oppervlakte groter dan 250 m2 of waarvoor grondwerkzaamheden dieper dan 200 centimeter noodzakelijk zijn. Mochten er ook grondwerkzaamheden zijn voorzien waarbij deze criteria worden overschreden, moet een rapport worden overgelegd waarin de archeologische waarden van de gronden die blijkens de aanvraag zullen of kunnen worden verstoord in voldoende mate zijn vastgesteld.

Voor het opstellen van dit rapport moet een archeologisch (bureau)onderzoek plaatsvinden, eventueel gevolgd door een veldonderzoek met behulp van archeologische boringen. Voor zowel het bureauonderzoek als het veldbezoek zal een gespecialiseerd onderzoeksbureau moeten worden ingeschakeld.

Quickscan aspecten fysieke leefomgeving Stationsgebied Zevenbergen en de Hil 13 maart 2025

Pagina 13

12. Natuur (soorten- en gebiedsbescherming) Werkzaamheden als slopen of bouwen kunnen van invloed zijn op de aanwezige beschermde flora en fauna in het plangebied. In het kader van de Wet natuurbescherming dient hiervoor daarom in ieder geval een quickscan ecologie (en mogelijk aanvullend onderzoek) naar de aanwezigheid van beschermde natuurwaarden plaats te vinden. Ten noorden van de Oldegaarde bevinden zich enkele bomenstructuren, waar wellicht vleermuizen of andere beschermde diersoorten gebruik van maken. Wanneer deze bomen gekapt worden kan een ontheffing noodzakelijk blijken. Daarnaast is het voor ieder project nodig uit te sluiten dat negatieve effecten als gevolg van onder andere stikstofdepositie, op Natura 2000-gebieden optreden. Wanneer de plannen concreter worden is een AERIUS-berekening noodzakelijk om aan te kunnen tonen dat geen nadelige effecten optreden op omliggende Natura 2000-gebieden. Vanwege de ligging van de stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden worden hierin geen onoverkomelijke belemmeringen verwacht. 13. Bodem Op grond van de instructieregels uit paragraaf 5.1.4.5 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) moeten in het gemeentelijk omgevingsplan regels worden opgenomen die eisen stellen aan de kwaliteit van de bodem waaraan moet worden voldaan om bouwactiviteiten op een bodemgevoelige locatie toe te kunnen staan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Moerdijk&id=41082b55-07a8-4066-bc52-83909d5ac66a