Getekend RV - 2e bestuursrapportage 2025
Tekst van het document
'VF
El MOERDIJK Raadsvoorstel Portefeuillehouder(s) Datum commissiebehandeling Datum raadsbehandeling Zaaknummer
wethouder E. Schoneveld 20 november 2025 4 december 2025 1755649
Onderwerp
2e bestuursrapportage 2025
Voorgesteld besluit 1. De begroting 2025 te wijzigen, waarbij de mutatie per programma overeenkomt met de toelichting per programma in de 2e bestuursrapportage 2025 en de programmatotalen na wijziging als volgt vast te stellen: Wijziging Begroting 2025 Bedragen x € 1.000 Begroting 2025 huidig (1-10-2025) 2e berap 2025 na wijziging (4- is voordelig) 306 1.129 Baten en lasten programma 1 823 33.997 Baten en lasten programma 2 34.595 -598 407 2.429 Baten en lasten programma 3 2.022 43.254 1.975 45.229 Baten en lasten programma 4 -5.547 -87.803 Baten en lasten programma 5 -82.255 -3.457 -1.562 -5.019 Saldo van baten en lasten -102 Reservemutaties programma 1 -6 -96 -477 -747 -270 Reservemutaties programma 2 82 -174 Reservemutaties programma 3 -255 672 Reservemutaties programma 4 2.246 -1.575 -257 234 -23 Reservemutaties programma 5 1.458 -1.832 -374 Saldo reservemutaties 1 Resultaat na bestemming -104 -5.289 -5.393 1 2. Onderstaande investeringskredieten aan te passen/ beschikbaar te stellen: a. Het krediet Roode Vaart (centrumplan Zevenbergen) met € 217.000 te verhogen en als gedeeltelijke dekking de bijdrage vanuit de risicodragende samenwerkingspartners van € 108.000 op te nemen. Per saldo levert dit een verhoging van € 109.000 op. b. Het krediet Markt (centrumplan Zevenbergen) met € 86.000 te verhogen.
Beide als gevolg van de kosten die volgen uit de procedures en afwikkeling daarvan. C. Een investeringskrediet van € 289.000 beschikbaar te stellen t.b.v. de aankoop van het pand Noordhaven 60 in Zevenbergen. 3. a. De door het Rijk toegekende middelen ten behoeve van de uitvoeringskosten van de Omgevingswet (€ 234.000) toe te voegen aan de reserve meerjarige uitgaven van incidentele aard. b. Het krediet implementatie omgevingswet te verhogen met € 234.000 met als dekking de bovenstaande aan de reserve meerjarige uitgaven van incidentele aard toegevoegde middelen.
A&
4. Vooruitlopend op de bestemming van het jaarrekeningresultaat 2025 de nog niet bestede budgetten van € 370.000 voor baggerwerkzaamheden in Klundert en € 120.000 t.b.v. het programma OKO, opnieuw beschikbaar te stellen in 2026 voor de verdere uitvoering van de onderliggende werkzaamheden. 5. Het in de toelichting opgenomen standpunt vast te stellen als norm wanneer een voorziening gevormd dient te worden voor diverse personeel gerelateerde verplichtingen en deze norm bij de eerstvolgende actualisatie van de nota reserves en voorzieningen daarin te verwerken. 6. Vanuit de reserve grondexploitaties € 252.000 over te hevelen naar de reserve bovenwijkse voorzieningen (€ 212.000) en ruimtelijke ontwikkeling (€ 40.000) t.b.v. de benodigde afdrachten van diverse grondexploitaties. 7. In te stemmen met de volgende reservemutaties bij het opstellen van de jaarrekening 2025: (a) Het saldo van lasten en baten van de meerjarige uitgaven van incidentele aard in 2025 te onttrekken uit/ toe te voegen aan de reserve meerjarige uitgaven van incidentele aard. (b) Het saldo van lasten en baten van het project geluidsmaatregelen HSL-Zuid in 2025 te onttrekken uit/ toe te voegen aan de reserve geluidsanering HSL-Zuid. (c) Het saldo van de geraamde toevoeging op basis van het onderwijshuisvestingsplan en de werkelijke kapitaallasten en overige uitgaven voor inrichting/tijdelijke huisvesting t.b.v.
het onderwijs in 2025 te onttrekken uit/ toe te voegen aan de reserve huisvesting onderwijs. (d) Het saldo van lastenen baten in het kader van de opvang van nieuwkomers in 2025 te onttrekken uit/ toe te voegen aan de reserve opvang nieuwkomers. (e) De kosten voor geluidsaneringsmaatregelen in 2025 te dekken uit de reserve geluid sa neringsmaatrege[en. (f) De algemene reserve aan te wenden gelijk aan het bedrag dat in 2025 wordt besteed aan die specifieke onderwerpen waarvoor eerder door de raad in dekking vanuit de algemene reserve is voorzien. (g) De reserve sociaal domein aan te wenden gelijk aan het bedrag dat in 2025 wordt besteed aan die specifieke onderwerpen waarvoor eerder door uw raad in dekking vanuit de reserve sociaal domein is voorzien. (h) De reserve vitale centra aan te wenden gelijk aan het bedrag dat in 2025 wordt besteed aan die specifieke onderwerpen waarvoor eerder door uw raad in dekking vanuit de reserve vitale centra is voorzien. (i) De reserve afschrijvingslasten investeringen aan te wenden gelijk aan de afschrijvingslasten die in 2025 verantwoord worden voor die specifieke afgesloten investeringen waarvoor eerder door uw raad in dekking vanuit deze reserve is voorzien. (j) De aankoopkosten die boven de taxatiewaarde uitkomen, bijkomende kosten en sloopkosten van de strategische verwervingen in 2025 te dekken uit de reserve strategische verwervingen.
(k) De in 2025 ontvangen bijdragen voor bovenwijkse voorzieningen en ruimtelijke ontwikkeling te storten in de reserves bovenwijkse voorzieningen en ruimtelijke ontwikkeling. (t) Op basis van de werkelijke hoogte van de winstnemingen van de grondexploitaties het daarmee corresponderende deel te storten in de reserve Bovenwijkse voorzieningen en de reserve Ruimtelijke ontwikkeling.
Publiekssamenvatting Eind oktober 2025 is de 2e bestuursrapportage 2025 aan de gemeenteraad aangeboden. In de 2e bestuursrapportage wordt gerapporteerd over eventuele afwijkingen en/of ontwikkelingen, waarbij met name wordt gekeken naar de prestaties zoals deze in de begroting 2025 zijn genoemd en of deze nog steeds volgens planning gerealiseerd worden. In deze bestuursrapportage wordt voorgesteld een aantal mutaties ten opzichte van de huidige begroting 2025 door te voeren. De financiële mutaties laten een voordeel zien van € 5,3 miljoen. Afgezet tegen het huidige (verwachte) begrotingsresultaat van € 0,1 miljoen voordelig, leiden deze mutaties na vaststelling door de gemeenteraad tot een op dit moment geschat positief rekeningresultaat 2025 van € 5,4 miljoen. Bij de 2e bestuursrapportage 2025 wordt ook voorgesteld een aantal mutaties in (investerings)kredieten en reserves door te voeren, in te stemmen met de inzet van nog niet bestede budgetten in 2026 en een aantal algemene besluiten te nemen ten aanzien van de inzet (aanwendingen en toevoegingen) van reserves bij de jaarrekening 2025. Inleiding De Financiële verordening gemeente Moerdijk schrijft voor dat het college de gemeenteraad met de 2e bestuursrapportage informeert over de realisatie van de begroting over de eerste 8 maanden van het lopende boekjaar.
Hierbij wordt op programmaniveau, zowel beleidsmatig als financieel, gerapporteerd over ontwikkelingen en afwijkingen van de begroting. Beoogd effect Met deze 2e bestuursrapportage 2025 verstrekt het college aan de gemeenteraad inzicht in hoe de uitvoering van de begroting 2025 verloopt en hoe het jaar 2025 vermoedelijk financieel wordt afgesloten. Met een positief besluit op dit raadsvoorstel worden de in de 2e bestuursrapportage 2025 benoemde ontwikkelingen financieel vertaald in de begroting. De begroting 2025 wordt aangepast aan de actuele stand van zaken. Hiermee geeft de raad uitvoering aan zijn budgetrecht. Argumenten Toelichting bij de 2e bestuursrapportage 2025:
In de bestuurlijke samenvatting die in de 2e bestuursrapportage 2025 is opgenomen zijn de belangrijkste inzichten samengevat.
Kadernota 2026
Jaarrekening zots
In deze 2e bestuursrapportage 2025 rapporteren we over de ontwikkelingen en afwijkingen, aangevuld met de belangrijkste zaken die tot nu toe zijn gerealiseerd. In het jaarverslag geven we een uitgebreidere terugblik op de gerealiseerde doelen. Uitgangspunt van deze bestuursrapportage is de begroting 2025 en de daarin opgenomen doelen en prestaties.
2e berap 2025
Begroting 2025
le berap 2025
Financieel effect De benodigde wijzigingen in de exploitatiebudgetten zijn als volgt samen te vatten (bedragen x € 1.000), waarbij achter ieder onderwerp is aangegeven binnen welk programma dit valt:
3
Be-
Onderwerp
.
Uitkering gemeentefonds (P5)
-3.471
V
Jeugd (P4)
794
N
Kapitaallasten (divers)
-867
V
Grondexploitatie (P3)
718
N
Treasury (P5)
-703
V
Centrumplan Zevenbergen (P2)
364
N
Wmo (P4)
-626
V
Afval
198
N
Stelpost nieuw beleid (p5)
-585
V
Verkeer en vervoer (P2)
174
N
Stelpost loonontwikkeling (p5)
-528
V
Openbare orde en veiligheid (P2)
119
N
Wonen en bouwen (P2)
-399
V
Economische zaken (P3)
104
N
Openbaar groen en (openlucht) recreatie (P2)
-298
V
Sportaccommodaties (P2)
-129
V
Overig
-154
V
Totaal voordelen
-7.760
V
2.471
N
Totaal effect 2e berap 2025
-5.289 V
Totaal nadelen
VIN :
dra
Onderwerp
De diverse ontwikkelingen hebben voor 2025 per saldo een voordelig effect van € 5,3 miljoen. Rekening houdend met de totale begrotingsomvang van de gemeente Moerdijk (ca € 170 miljoen) is dat een afwijking van ca. 3%. Dit effect komt voort uit diverse voor- en nadelen die elkaar deels opheffen. De voordelen ontstaan voornamelijk doordat de uitkering uit het gemeentefonds, als gevolg van bijstellingen door het Rijk, hoger uitvalt dan eerder geraamd (€ 3,5 miljoen voordeel). Via raadsinformatiebrieven is de gemeenteraad geinformeerd over de effecten van de meicirculaire en septembercirculaire. Daarnaast zijn de kapitaallasten lager, doordat diverse investeringen later zijn afgerond (€ 0,9 miljoen voordeel) en er sprake is van hogere rentebaten (€ 0,7 miljoen voordeel). Verder vallen er middelen vrij uit de stelposten nieuw beleid (€ 0,6 miljoen voordeel) en loonontwikkeling (€ 0,5 miljoen voordeel), omdat deze in 2025 niet meer worden ingezet. Andere grote voordelen doen zich voor binnen de Wmo als gevolg van een hogere teruggave vanuit de Gemeenschappelijke Regeling Beschermd Wonen (€ 0,6 miljoen voordeel) en er worden hogere legesopbrengsten verwacht m.b.t. het verstrekken van omgevingsvergunningen (€ 0,4 miljoen voordeel).
De nadelen doen zich met name voor binnen de jeugdzorg (€ 0,8 miljoen nadeel), wat nauw samenhangt met de raadsinformatiebrief die hierover medio 2025 aan de gemeenteraad is verzonden. Daarnaast resulteren ontwikkelingen binnen de grondexploitaties (€ 0,7 miljoen nadeel) en het Centrumplan Zevenbergen (€ 0,4 miljoen nadeel) in een nadelig effect. Inde 2e bestuursrapportage zijn alle verschillen >€ 50.000 toegelicht.
VA.
Verwachte be rotingsresultaat 2025 Op basis van de raadsbesluiten t/m 23 oktober 2025 werd voor 2025 een begrotingsresultaat verwacht van € 0,1 miljoen positief. De ontwikkelingen die in de 2e bestuursrapportage 2025 zijn toegelicht, leiden per saldo tot een voordeel van € 5,3 miljoen. Daarmee komt het verwachte begrotingsresultaat 2025 uit op € 5,4 miljoen positief. Rekening houdend met de totale begrotingsomvang van de gemeente Moerdijk (ruim € 170 miljoen) komt dat neer op ca. 3% van het begrotingstotaal.
Duidingfinanciële uitkomsten_ Net als voorgaande jaren wordt het verwachte positieve resultaat voor 2025 vooral bepaald door enkele grote voordelen. Veel van deze voordelen liggen echter buiten de directe invloed van de gemeente. Zo zorgt een hogere uitkering uit het gemeentefonds, als gevolg van de mei- en septembercirculaire 2025 van het Rijk, voor een voordeel van ca. € 3,5 miljoen. Dit is ongeveer 66% van het totaal ontstane voordeel in deze 2e bestuursrapportage. Daarnaast blijven diverse budgetten voor eenmalige uitgaven in 2025 deels onbenut, omdat de bijbehorende activiteiten doorgaan of pas in 2026 starten. Om deze activiteiten te kunnen uitvoeren, wordt voorgesteld deze middelen (€ 0,5 miljoen) in 2026 opnieuw beschikbaar te stellen. Hoewel dit over 2025-2026 bezien budgettair neutraal is voor de gemeente, leidt deze verschuiving in 2025 tot een voordelig effect. Verder is in de begroting 2026-2029 al zo realistisch mogelijk rekening gehouden met de structurele effecten van deze voordelen. Zo zijn investeringen met een realistischere planning opgenomen, wat in 2026 en 2027 resulteert in lagere kapitaallasten.
Ook resteert er in de begroting 2026-2029 geen stelpost voor verwachte loonontwikkeling, is de stelpost nieuw beleid in beeld gebracht als mogelijke knop waar in de toekomst aan gedraaid zou kunnen worden en is in de begroting al rekening gehouden met toekomstige terug ontvangsten vanuit de GR Beschermd wonen. Concluderend is het positieve resultaat in deze bestuursrapportage fors, maar vooral toe te schrijven aan factoren waar de gemeente beperkte invloed op heeft, of die al zijn meegenomen in de meerjarenbegroting 2026-2029. Dit draagt bij aan een zo realistisch mogelijke inschatting van het begrotingsresultaat voorafgaand aan het begrotingsjaar. In de jaarrekening 2025 wordt het definitieve resultaat berekend waarbij eventuele afwijkingen van de inschatting in deze 2e bestuursrapportage worden toegelicht. Toelichting bij de voorgestelde beslispunten: 1. Aanpassing exploitatie Voorgesteld wordt om de begroting 2025 te wijzigingen. De mutaties per programma zijn toegelicht in de 2e bestuursrapportage 2025.
2. Aanpassingen beschikbaar stellen investeringskredieten Naast de exploitatiebudgetten zijn ook bijstellingen nodig in enkele (investerings)kredieten. a en b) Centrumplan Zevenbergen Zoals in de eerdere met uw raad gedeelde rapportages leiden de kosten die volgen uit de procedures en afwikkeling daarvan tot een tekort op het totale project. In de 2e bestuursrapportage van 2024 is reeds een deel van het aanvullend krediet gevoteerd vanuit de raad op basis van de kosten tot en met het tussenvonnis. Nu het eindvonnis onherroepelijk is en alle claims administratief zijn afgehandeld, is nog een aanvullend krediet en exploitatiebudget nodig. Daarbij wordt de overschrijding op de Roode Vaart voor 50% gedeeld met de risicodragende Samenwerkingspartners. Beide investeringskredieten worden over een periode van 40 jaar afgeschreven. Dit betekent dat de benodigde kredietbijstellingen de komende jaren resulteren in ca. € 5.000 hogere afschrijvingslasten. Doordat een deel van de kosten conform BBV-wetgeving niet geactiveerd mogen worden, levert dit in 2025 een incidentele kostenpost op. Deze aanvullende budgetbijstelling van netto € 364.000 is verwerkt in de mutaties van programma 3 van de 2e bestuursrapportage. In het 4e kwartaal van 2025 volgen het financiële eindverslag en de accountantscontrole en zal uw raad hier verder over worden geinformeerd.
c) Noordhaven 60, Zevenbergen Aan de gemeenteraad wordt voorgesteld een investeringskrediet van € 289.000 beschikbaar te stellen voor de aankoop van dit pand in het centrum van Zevenbergen. Het pand is gekocht met de intentie om het te gebruiken voor coaching van leerlingen van het Markland College door jonge ondernemers. De aankoop volgde het protocol voor strategische verwervingen. Later bleek echter dat dit niet geldt voor panden die in gebruik worden genomen. Op basis de BBV-wetgeving dienen dergelijke panden die in gebruik worden genomen meerjarig afgeschreven te worden. Daarnaast is gebleken dat gebruik als onderwijslocatie niet wenselijk is i.r.t. de geldende verordening. Het college wil het pand daarom verkopen. Juridische ontbinding van de koop is niet mogelijk, maar volgens de makelaar is verkoop zonder verlies haalbaar. Vanuit het oogpunt van het budgetrecht van de gemeenteraad wordt voorgesteld een investeringskrediet beschikbaar te stellen voor de aankoop van het pand. 3. Rijksmiddelen uitvoeringskosten Omgevingswet onderbrengen in de reserve meerjarige uitgaven van incidentele aard en verhogen van het krediet implementatie omgevingswet In de meicirculaire 2025 heeft het Rijk € 234.000 toegekend ten behoeve van de uitvoeringskosten van de Omgevingswet.
Zoals ook in afgelopen jaren is gedaan wordt voorgesteld om deze middelen onder te brengen in de bestemmingsreserve meerjarige uitgaven van incidentele aard. Tegelijkertijd wordt het krediet voor de implementatie van de Omgevingswet met ditzelfde bedrag verhoogd, waarbij de in de reserve ondergebrachte middelen als dekking worden ingezet.
6
4. Opnieuw beschikbaar stellen budgetten in 2026 Het positieve effect in deze 2e bestuursrapportage 2025 is mede veroorzaakt doordat diverse budgetten voor (éénmalige) uitgaven niet (volledig) worden uitgegeven in 2025. Dit komt doordat de daarmee samenhangende activiteiten nog doorlopen of pas starten in 2026. Om deze zaken in 2026 uit te kunnen voeren is het van belang dat deze middelen in 2026 opnieuw beschikbaar komen. Doorgaans worden dergelijke voorstellen bij de bestemming van het jaarrekeningresultaat (juli 2026) aan de gemeenteraad voorgelegd. Om direct in 2026 te kunnen starten met de werkzaamheden wordt voorgesteld om vooruitlopend daarop in te stemmen met het in 2026 inzetten van deze budgetten. Het betreft de volgende budgetten: - Watertaken (€ 370.000) Het baggeren van het stedelijk water Klundert is in de planning verschoven naar 2026 vanwege de werkzaamheden in het centrum van Klundert. Hierdoor wordt het budget in 2025 (€ 370.000) afgeraamd. Voorgesteld wordt om deze middelen via resultaatbestemming opnieuw beschikbaarte stellen in 2026. Jeugdvoorzieningen (€ 120.000) Vanaf juni 2025, bij het aanstellen van de projectleider, is het programma `Opgroeien in een Kansrijke Omgeving' (OKO) gestart. Vanwege de start halverwege hetjaar is het niet gelukt om het budget van 2025 in zijn geheel te besteden.
Omdat er voor de uitvoering, vooral in de startfase, middelen nodig zijn om initiatieven te stimuleren stellen we voor om een bedrag van € 120.000 over te hevelen naar 2026. In 2026 verwachten we de middelen in te zetten voor een campagne en een activiteitenprogramma voor jongeren. 5. Standpunt (norm) ten behoeve het vormen van een voorziening voorpersoneel gerelateerde verplichtingen De gemeente heeft diverse personele verplichtingen, waaronder uitkeringen in het kader van WW en ZW, die voortvloeien uit gebeurtenissen uit het verleden en in de toekomst tot uitgaven zullen leiden. Conform de bepalingen van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) dient voor dergelijke verplichtingen een voorziening te worden gevormd, tenzij sprake is van jaarlijks terugkerende arbeidskostenverplichtingen van vergelijkbare omvang. In dat geval is het vormen van een voorziening juist niet toegestaan. De accountant heeft vanuit dit oogpunt geadviseerd om als gemeente een standpunt (norm) te bepalen wat we als gelijkblijvend volume zien. Vervolgens dient jaarlijks zichtbaar te worden getoetst of deze norm wordt overschreden en of een voorziening dient te worden gevormd. Voorgesteld wordt om onderstaande norm te hanteren: "Deze norm heeft betrekking op het instellen van mogelijke voorzieningen m.b.t.
arbeidsgerelateerde verplichtingen voor lasten die voortvloeien uit de WW en het bovenwettelijk verlof zoals benoemd in het BBV (artikel 44 lid 3). We sluiten hierin zoveel mogelijk aan bij de notitie "Het BBV & Arbeidskosten gerelateerde verplichtingen" van de commissie BBV. In deze notitie wordt duidinggegeven aan de term "arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume".
7
Hierin blijkt dat er sprake moet zijn van: 1. Jaarlijks terugkerende 2. Arbeidskosten gerelateerde verplichtingen 3. Met een vergelijkbaar volume Om te bepalen of er sprake is van een vergelijkbaar volume wordtgekeken naar de begroting/meerjarenraming over een periode van 4 jaar. Het dient hierbij een vergelijkbaar volume te houden en derhalve behoeven trendmatige stijgende dan wel dalende bedragen geen voorziening. Ter bepaling van wanneergeen sprake is van een vergelijkbaar volume (en dus een voorzieninggevormd moet worden) houden we de volgende twee stelregels aan: 1. Over de periode van 4 jaar dient de percentuele mutatie van het individueel componentgroter te zijn dan 25% in opvolgende jaren; 2. Met dien verstande dat de mutatie absoluut gezien groter moet zijn dan 1% (in 2025: circa. € 300.000) van de personeelslasten van de gemeente. Deze bepaling is niet van toepassing op verplichtingen die ontstaan op basis van spaarverlof en pensioenverplichtingen. Wanneer bovenwettelijk verlof wordt omgezet in spaarverlof, wordt een bedrag ter grootte van het bijbehorende wettelijke verlof toegevoegd aan de voorziening voor spaarverlof. Voor de pensioenverplichtingen met betrekking tot wethouders wordt een storting in de voorzieninggedaan op basis van de meest recente actuariële berekeningen die zijn ontvangen van Visma." Bovenstaande bepaling is met de accountant afgestemd.
Op basis van bovenstaande norm hoeft er op dit moment geen voorziening te worden gevormd. Dit besluit heeft op dit moment dan ook geen financieel effect maar dient vooral om eventuele onduidelijkheden/discussies bij de jaarrekening te voorkomen. Bij de eerstvolgende actualisatie van de nota reserves en voorzieningen zal deze bepaling ook daarin worden verwerkt. 6. Overhevelen middelen vanuit reserve grondexploitaties naar de reserves bovenwijkse voorzieningen en ruimtelijke ontwikkeling Met betrekking tot diverse projecten en grondexploitaties leveren ontwikkelaars een bijdrage t.b.v. bovenwijkse voorzieningen en ruimtelijke ontwikkelingen. Deze bijdragen worden gestort in de daarvoor ingestelde bestemmingsreserves. Hierbij geldt op basis van (BBV) wetgeving dat stortingen in de reserves niet ten laste mogen worden gebracht van de grondexploitaties. Wel kunnen deze stortingen plaatsvinden als er bijvoorbeeld (tussentijdse) winstnemingen worden gedaan. Ten behoeve van onderstaande grondexploitaties zijn de volgende afdrachten nodig: - G153 Stoofstraat (€ 143.000) - G190 Wethouder Trompersstraat (Langeweg) (€ 76.000) - G110 Dorpshart Moerdijk (€ 33.000) Doordat binnen deze grondexploitaties geen winstnemingen meer worden verwacht, wordt voorgesteld om de benodigde afdrachten over te hevelen uit de reserve grondexploitatie.
In de reserve grondexploitatie zijn in het verleden stortingen gedaan vanuit winstnemingen bij grondexploitaties. Door deze afdrachten nu uit deze reserve te dekken ontstaat geen negatief effect op het begrotingsresultaat 2025.
7. Reservemutaties bij opstellen jaarrekening 2025 Tot slot wordt een aantal afzonderlijke besluiten voorgesteld met betrekking tot de verwerking van toevoegingen en/of onttrekkingen aan diverse specifieke reserves bij de jaarrekening 2025. Deze afzonderlijke besluiten zijn op dit moment algemeen geformuleerd. Het exacte be drag kan pas bepaald worden bij het opstellen van de jaarrekening. De toevoegingen en/of onttrekkingen zullen nooit meer zijn dan waartoe uw raad eerder bij afzonderlijke voorstellen besloten heeft. Het betreft het verder formaliseren van onze bestendige werkwijze t.a.v. reserves. Wegens aangescherpte controlevoorschriften van de accountant zijn deze algemene besluiten nodig om te voorkomen dat dergelijke mutaties als fout en onrechtmatigheid moeten worden beoordeeld. De accountantscontrole op de recente jaarrekeningen heeft uitgewezen dat deze algemene besluiten voldoen aan de controlevoorschriften van de accountant. Met betrekking tot besluitpunt 7 l geldt voor de grondexploitatie Waterwijk Fijnaart specifiek het volgende: Ten tijde van het opstellen van de 2e bestuursrapportage wordt t.b.v. de grondexploitatie Waterwijk Fijnaart in 2025 een winstneming verwacht van ca. € 1,9 miljoen. Hiervan wordt voorgesteld om een bedrag van € 380.000 te storten in de reserve bovenwijkse voorzieningen (€ 320.000) en ruimtelijke ontwikkeling (€ 60.000).
Dit bedrag geldt als maximumbedrag, waarbij de te storten bedragen neerwaarts worden bijgesteld in het geval de daadwerkelijke winstneming lager uitvalt dan € 380.000. Kanttekeningen en risico's Het alternatief is om de begrotingswijziging niet vast te stellen. De begroting 2025 wordt dan niet aangepast aan de actuele stand van zaken. Middelen Op dit moment wordt voor 2025 een begrotingsresultaat verwacht van ca. € 0,1 miljoen positief. Diverse ontwikkelingen die in de 2e bestuursrapportage 2025 zijn toegelicht, leiden per saldo tot een voordelig effect van € 5,3 miljoen, waardoor het verwachte begrotingsresultaat 2025 uitkomt op € 5,4 miljoen positief. In de 2e bestuursrapportage 2025 zijn alle financiële afwijkingen > € 50.000 nader toegelicht. Communicatie Over de uitkomsten van de 2e bestuursrapportage 2025 is via een persbericht gecommuniceerd.
9
Vervolg Datum Omschrijving Do 20 november 2025 Commissie Do 4 december 2025 Raad Bijlagen 2e bestuursrapportage 2025
Mocht u vragen hebben over dit voorstel, dan kunt u contact opnemen met de griffier via email griffie moerdiik.nl.
Zevenbergen, 28-10-2025 Burgemeester en wethouders van Moerdijk,
S. Elseman Gemeentesecretaris
A.J. Moerkerke Burgemeester
10
RAADSBESLUIT Raad svergaderingvan 4 december 2025 De raad van de gemeente Moerdijk, gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 28 oktober 2025; gelet op: de bepalingen uit de financiële verordening van de gemeente Moerdijk; BESLUIT 1. De begroting 2025 te wijzigen, waarbij de mutatie per programma overeenkomt met de toelichting per programma in de 2e bestuursrapportage 2025 en de programmatotalen na wijziging als volgt vast te stellen: Begroting 2025 Wijziging Begroting 2025 Bedragen x € 1.000 na wijziging huidig (1-10-2025) 2e berap 2025 (-/- is voordelig) 1.129 306 823 Baten en lasten programma 1 33.997 -598 34.595 Baten en lasten programma 2 2.429 407 2.022 Baten en lasten programma 3 45.229 1.975 43.254 Baten en lasten programma 4 -5.547 -87.803 -82.255 5 Baten en lasten programma -3.457 -5.019 -1.562 Saldo van baten en lasten -102 -96 -6 Reservemutaties programma 1 -747 -477 -270 Reservemutaties programma 2 -174 82 -255 Reservemutaties programma 3 672 -1.575 2.246 4 Reservemutaties programma 234 -23 -257 Reservemutaties programma 5 -374 -1.832 1.458 Saldo reservemutaties -5.289 -5.393 -104 Resultaat na bestemming
1
2. Onderstaande investeringskredieten aan te passen/ beschikbaar te stellen: a. Het krediet Roode Vaart (centrumplan Zevenbergen) met € 217.000 te verhogen en als gedeeltelijke dekking de bijdrage vanuit de risicodragende samenwerkingspartners van € 108.000 op te nemen. Per saldo levert dit een verhoging van € 109.000 op. b. Het krediet Markt (centrumplan Zevenbergen) met € 86.000 te verhogen. Beide als gevolg van de kosten die volgen uit de procedures en afwikkeling daarvan. C. Een investeringskrediet van € 289.000 beschikbaar te stellen t.b.v. de aankoop van het pand Noordhaven 60 in Zevenbergen. 3. a. De door het Rijk toegekende middelen ten behoeve van de uitvoeringskosten van de Omgevingswet (€ 234.000) toe te voegen aan de reserve meerjarige uitgaven van incidentele aard. Het krediet implementatie omgevingswet te verhogen met € 234.000 met als dekking de bovenstaande aan de reserve meerjarige uitgaven van incidentele aard toegevoegde middelen.
11
4. Vooruitlopend op de bestemming van het jaarrekeningresultaat 2025 de nog niet bestede budgetten van € 370.000 voor baggerwerkzaamheden in Klundert en € 120.000 t.b.v. het programma OKO, opnieuw beschikbaar te stellen in 2026 voor de verdere uitvoering van de onderliggende werkzaamheden. 5. Het in de toelichting opgenomen standpunt vast te stellen als norm wanneer een voorziening gevormd dient te worden voor diverse personeel gerelateerde verplichtingen en deze norm bij de eerstvolgende actualisatie van de nota reserves en voorzieningen daarin te verwerken. 6. Vanuit de reserve grondexploitaties € 252.000 over te hevelen naar de reserve bovenwijkse voorzieningen (€ 212.000) en ruimtelijke ontwikkeling (€ 40.000) t.b.v. de benodigde afdrachten van diverse grondexploitaties. 7. In te stemmen met de volgende reservemutaties bij het opstellen van de jaarrekening 2025: (a) Het saldo van lasten en baten van de meerjarige uitgaven van incidentele aard in 2025 te onttrekken uit/ toe te voegen aan de reserve meerjarige uitgaven van incidentele aard. (b) Het saldo van lasten en baten van het project geluidsmaatregelen HSL-Zuid in 2025 te onttrekken uit/ toe te voegen aan de reserve geluidsanering HSL-Zuid. (c) Het saldo van de geraamde toevoeging op basis van het onderwijshuisvestingsplan en de werkelijke kapitaallasten en overige uitgaven voor inrichting/tijdelijke huisvesting t.b.v.
het onderwijs in 2025 te onttrekken uit/ toe te voegen aan de reserve huisvesting onderwijs. (d) Het saldo van lasten en baten in het kader van de opvang van nieuwkomers in 2025 te onttrekken uit/ toe te voegen aan de reserve opvang nieuwkomers. (e) De kosten voor geluidsaneringsmaatregelen in 2025 te dekken uit de reserve ge luid saneringsmaatregelen. (f) De algemene reserve aan te wenden gelijk aan het bedrag dat in 2025 wordt besteed aan die specifieke onderwerpen waarvoor eerder door de raad in dekking vanuit de algemene reserve is voorzien. (g) De reserve sociaal domein aan te wenden gelijk aan het bedrag dat in 2025 wordt besteed aan die specifieke onderwerpen waarvoor eerder door uw raad in dekking vanuit de reserve sociaal domein is voorzien. (h) De reserve vitale centra aan te wenden gelijk aan het bedrag dat in 2025 wordt besteed aan die specifieke onderwerpen waarvoor eerder door uw raad in dekking vanuit de reserve vitale centra is voorzien. (i) De reserve afschrijvingslasten investeringen aan te wenden gelijk aan de afschrijvingslasten die in 2025 verantwoord worden voor die specifieke afgesloten investeringen waarvoor eerder door uw raad in dekking vanuit deze reserve is voorzien. (j) De aankoopkosten die boven de taxatiewaarde uitkomen, bijkomende kosten en sloopkosten van de strategische verwervingen in 2025 te dekken uit de reserve strategische verwervingen.
(k) De in 2025 ontvangen bijdragen voor bovenwijkse voorzieningen en ruimtelijke ontwikkeling te storten in de reserves bovenwijkse voorzieningen en ruimtelijke ontwikkeling. (l) Op basis van de werkelijke hoogte van de winstnemingen van de grondexploitaties het daarmee corresponderende deel te storten in de reserve Bovenwijkse voorzieningen en de reserve Ruimtelijke ontwikkeling.
12
Vastgesteld in de raadsvergadering d.d. 4 december 2025,
13