Bijlage Zienswijzen ontwerpbegrotingen Gemeenschappelijke Regelingen 2022
Tekst van het document
Bijlage bij raadsvoorstel: Zienswijzen ontwerpbegrotingen Gemeenschappelijke Regelingen 2022 Verbonden partij 1. Regio West-Brabant
Zienswijze Er wordt geen zienswijze ingediend maar wel aandacht gevraagd voor: - De doorwerking van transitieopgaven op gebied van klimaat en energie (o.a. vergroening chemie, circulaire economie, elektrificatie) in de regionale strategische agenda; - Een goede afstemming tussen bestaande en nieuwe overlegtafels om te voorkomen dat acties dubbel worden uitgezet of opgepakt door de verschillende samenwerkingsverbanden en om er voor te zorgen dat de juiste vragen op en bij de juiste samenwerkingsniveaus en -verbanden worden uitgezet (lokaal, (sub)regionaal, provincie en Rijk); - Het vroegtijdig en adequaat te betrekken van de raden bij de discussie over het ambitieniveau van de economische samenwerking in West-Brabant en de daarvoor benodigde menskracht en financiën.
2. Openbare Gezondheidszorg West-Brabant (GGD) 3. West Brabants Archief 4. Leerplicht- en regionale meld- en coördinatiefunctie vroegtijdig schoolverlaten 5. Belastingsamenwerking WestBrabant 6. Havenbedrijf Moerdijk
Er wordt geen zienswijze ingediend.
7. Nazorg gesloten stortplaatsen Verbonden Partijen 8. Regionale Ambulance Voorzieningen (RAV)
Er wordt geen zienswijze ingediend.
9. Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB)
Er wordt geen zienswijze ingediend. Er wordt geen zienswijze ingediend. Er wordt geen zienswijze ingediend. Er wordt geen zienswijze ingediend.
1.
De raad gaat er vanuit dat het bestuur de begroting vaststelt met inachtneming van deze zienswijze en dat de raad hierover wordt geïnformeerd, met daarbij een verantwoording aan welke onderdelen van zijn zienswijze is tegemoetgekomen en aan welke onderdelen niet en waarom. 2. De raad vraagt nogmaals aandacht bij het Dagelijks Bestuur en het Algemeen Bestuur voor de afgegeven beleidsmatige richtlijn waarin de RAV Brabant Midden-West-Noord wordt opgeroepen extra aandacht te besteden aan gemeenten waar de overschrijding van A1 ritten, op basis van de jaarstukken en cijfers over 2018, hoger ligt dan 12,5% en hierover in overleg te treden met de betreffende gemeenten. 1. In de begroting 2022 zijn posten verwerkt die voor het eerst op tafel van het Algemeen Bestuur komen, dit zijn: € 100.000 voor vitaliteit medewerkers en toekomstbestendige leeftijdsopbouw (structureel) € 100.000 voor een cultuur en leiderschapstraject (incidenteel) € 150.000 voor databeheer (structureel) € 250.000 investering voor kosteneffectiviteitsonderzoek (2022 en 2023) € 200.000 kosten voor een kwaliteitsmanagementsysteem n.a.v. kosteneffectiviteitsonderzoek (structureel)
2.
10. Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant
11. Werkvoorzieningsschap WestNoord-Brabant
Volgens de overgenomen financiële richtlijn dient de begroting te worden opgesteld op basis van ongewijzigd beleid, tenzij hierover eerder door het Algemeen Bestuur is besloten. Wij beschouwen bovengenoemde posten als een vorm van nieuw beleid waarover het Algemeen Bestuur (nog) geen besluit heeft genomen. Het opnemen van deze posten in de begroting is daarom voorbarig. Wij verzoeken u in 2022 pas tot besteding van deze budgetten over te gaan nadat het Algemeen bestuur een nadere toelichting en onderbouwing van deze posten heeft ontvangen.
Verzoek is om de zienswijze te verwerken in de definitieve versie van de begroting 2022. 1. De raad wordt voorts voorgesteld nog steeds aan de VR aandacht te vragen voor de financiële uitdagingen waar gemeenten mee kampen. Mede met name door bij de takendiscussie die in de planning staat geen zoekgebieden uit te sluiten en het gesprek zo open mogelijk in te gaan. 2. De raad wordt gevraagd de VR dringend te verzoeken, als gevolg van de aanpassing rapportagecyclus, om naast de enige rapportage in een kalenderjaar, zijnde na 6 maanden (30 juni) in het kort op verwachtte afwijkingen te rapporteren. Dit zijn de ‘soft-closures’ na 4,8 en 10 maanden. 3. De raad wordt gevraagd om de VR te verzoeken een toelichting te geven op de inhoudelijke aandachtspunten. 1. Kennis te nemen van de jaarrekening 2020 van de WVS. 2. De volgende zienswijze over de ontwerpbegroting 2022 naar voren te brengen: a. Van WVS wordt gevraagd in het najaar 2021 een herziene begroting 2022 en meerjarenraming op te stellen waarin de consequenties van de coronacrisis voor de WVS zijn verwerkt en inzichtelijk wordt gemaakt welke maatregelen WVS treft om de gevolgen van de coronacrisis te beperken. Tevens dient in deze herziene begroting in elk geval de actuele situatie verwerkt te worden van de: Rijksbijdrage. LIV (Lage Inkomens Voordeel).
(Meerjarige) gevolgen van het besluit over de ombouw/afbouw van de diverse PMC’s, inclusief het effect hiervan op de bedrijfsvoering. De consequenties van de besluitvorming rond de PMC Groen te verwerken, voor zover deze besluitvorming dan al heeft plaatsgevonden. b.
In de begroting wordt beperkt ingegaan op de ketensamenwerking. Graag zien we in de begrotingswijziging 2022 een concrete beschrijving van de maatschappelijke doelen / resultaten die de WVS in de samenwerking met de Werkplein Hart van West-Brabant en ISD Brabantse Wal beoogd; hoe deze doelen worden bereikt en welke middelen daarvoor worden ingezet. Daarnaast verwachten we dat de WVS in de herziene begroting inzicht geeft in de mogelijkheden om synergievoordelen te realiseren door het samenvoegen van bedrijfsvoeringstaken binnen de ketensamenwerking.
12. Werkplein Hart van WestBrabant
13. ICT Samenwerking WestBrabant-West
Tenslotte: de raad gaat er vanuit dat het bestuur de begroting vaststelt met inachtneming van deze zienswijze en dat de raad hierover wordt geïnformeerd, met daarbij een verantwoording aan welke onderdelen van zijn zienswijze is tegemoetgekomen en aan welke onderdelen niet en waarom. 1. Wij verwachten van het Werkplein dat het plan van aanpak bestandsbeheersing in de begrotingswijziging 2022 wordt opgenomen, waarbij inzicht wordt gegeven op welke manier de inzet van de middelen bijdraagt aan de financiële zelfredzaamheid van onze inwoners (lees uitstroom). 2. In de begroting is het budget voor jobcoaching en nazorg bij inwoners met een garantiebaan verdubbeld. Gezien de forse extra inzet op deze doelgroep verwachten we dat het Werkplein de inzet en resultaten op dit vlak goed monitort en evalueert. We verwachten dat het Werkplein deze intensieve werkwijze na twee jaar heroverweegt. 3. Jongeren zijn door de coronasituatie zwaar getroffen. In de begroting geeft het Werkplein aan dat zij een specifieke aanpak heeft voor jongeren, maar deze wordt niet nader omschreven. In de herziene begroting 2022 verwachten we dat deze ondersteuning aan jongeren nader is gespecificeerd. 4. In de huidige begroting zijn de kosten als gevolg van de Nieuwe Wet Inburgering niet opgenomen. We verwachten van het Werkplein dat deze kosten in de begrotingswijziging 2022 zijn opgenomen. 5.
In de begroting wordt beperkt ingegaan op de ketensamenwerking. Graag zien we in de herziene begroting 2022 een concrete beschrijving van de maatschappelijke doelen / resultaten die het Werkplein in de samenwerking met de WVS en ISD Brabantse Wal beoogt, hoe deze doelen te bereiken en welke middelen daarvoor worden ingezet. Daarnaast verwachten we dat het Werkplein in de herziene begroting inzicht geeft in de mogelijkheden om synergievoordelen te realiseren door het samenvoegen van bedrijfsvoeringstaken binnen de ketensamenwerking. 6. Het Werkplein sluit met de organisatieontwikkeling aan bij de transformatie in het Sociaal Domein. Op dit moment is niet duidelijk wat de structurele financiële effecten hiervan zijn. Wij verwachten van het Werkplein dat eventuele structurele financiële effecten in de herziene begroting van 2022 worden opgenomen. 7. Tenslotte: de raad gaat ervan uit dat het bestuur de begroting vaststelt met inachtneming van deze zienswijze en dat de raad hierover wordt geïnformeerd, met daarbij een verantwoording aan welke onderdelen van zijn zienswijze is tegemoetgekomen en aan welke onderdelen niet en waarom. 1. In te stemmen met de conceptbegroting 2022 2. In het meerjarenperspectief stijgen de kosten voor de deelnemers.
Hierin dient een actieve planmatige aanpak vanuit ICT WBW te worden gevolgd, om het schaalnadeel voor de blijvende deelnemers (na het uittreden van Bergen op Zoom) te verminderen. ICT WBW moet zoeken naar mogelijkheden voor het aantrekken van nieuwe deelnemers en hoe richting de deelnemers naar behoefte aanvullende diensten kunnen worden geleverd. De overheadkosten (o.a. de verhouding management en ondersteuning ten opzichte van uitvoerende medewerkers)
binnen ICT WBW dient proportioneel te zijn. Het kostenniveau voor de deelnemers (met als bijzonder aandachtspunt de interne overhead binnen ICT WBW), afgezet tegen de kwaliteit van de dienstverlening dient goed gemonitord en marktconform te zijn. Na de te nemen maatregelen mag het uittreden van Bergen op Zoom geen kostenverhoging voor de deelnemers binnen ICT WBW met zich mee brengen. Verzoek om de zienswijze te verwerken in de definitieve versie van de begroting 2022