CConstaterende datMoerdijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 8 Memo toelichting technische vragen commissie 20 oktober 2022

Raadsvergadering 2 maart 2023, gemeente MoerdijkBij agendapunt: Toekomstbestendige gymaccommodaties Zevenbergen - fase 13.863 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

MEMO Aan Van Onderwerp Datum

: de leden van de gemeenteraad : college van burgemeester en wethouders : project 197. Toekomstbestendige gymaccommodaties Zevenbergen : 15 november 2022

Verantwoordelijke portefeuillehouder: G.J.M. Blom

Inleiding Bij de behandeling van het agendapunt Toekomstbestendige gymaccommodaties Zevenbergen in de meningsvormende commissie d.d. 20 oktober 2022 waren voor een aantal commissieleden nog niet alle zaken voldoende helder om een standpunt in te kunnen nemen. Zij adviseerden het voorstel terug te nemen. Daarnaast heeft Moerdijk Lokaal nog een groot aantal technische vragen ingediend. In deze memo worden de punten waarover nog vragen of opmerkingen zijn gemaakt nader toegelicht. De vragen van Moerdijk Lokaal en de insprekers (commissie d.d. 20 oktober 2022) zijn hierin betrokken. De naar voren gebrachte opmerkingen en vragen zijn per onderdeel uitgeschreven. Daaronder volgt per onderdeel de reactie. Toelichting 1. Omvang sporthal a. De sporthal is veel groter dan eerder gesuggereerd. b. Eerst zou er enkel een gymaccommodatie voor scholen komen, telkens kwamen er meer zaaldelen en functies bij, nu ook extra parkeerplaatsen, tribune, ruimere openingstijden, tribune voor 250 personen, in totaal kunnen 900 mensen op één moment terecht. c. Het sportzaaldeel is 63 x 26 x 7 meter, maar nergens is terug te vinden hoe tot de totale oppervlakte van circa 3000 m² wordt gekomen. De omschreven maten zijn misleidend en betreffen de binnenmaten voor de zalen. d.

Waarom wordt de gymaccommodatie nu 3000 m² in plaats van 1638 m²? Indien dit altijd al het plan was, waarom is er zoveel onduidelijkheid over de grootte van de gymaccommodatie? e. Waarom wordt de hal nu minimaal 9 meter hoog i.p.v. de eerdergenoemde 7 meter? Reactie: In het raadsbesluit d.d. 30 september 2021 is besloten te kiezen voor een ruime maatvoering voor de nieuwe sporthal in fase 1 en in nader onderzoek te bepalen welke optie het beste aansluit bij de wensen en behoeften van de scholen en verenigingen. Daarnaast is als één van de randvoorwaarden vastgelegd dat de (sport)verenigingen worden gefaciliteerd in de reële ruimtebehoefte. Optie 3 in de notitie behorende bij het raadsbesluit van 30 september 2021 gaat uit van een grote zaal van minimaal 44 x 24 x 7 meter plus een klein zaal van minimaal 26 x 14 x 7 meter. Indien wordt uitgegaan van 55 % bvo, komt de totale oppervlakte van de sporthal dan op minimaal 2400 m². Uit afstemming met de sportverenigingen en het Markland College Zevenbergen is naar voren gekomen dat de minimaal vermelde maatvoering niet toereikend is. Een sporthal verlengd met een gymzaal, zijnde een sporthal van 63 x 26 x 7 meter kan efficiënter worden gebruikt dan een sporthal welke wordt opgesplitst in een grote zaal met daarnaast een losse kleine zaal. Hiermee kan ook de verwachte groei van enkele verenigingen (o.a. handbal) worden opgevangen.

Bij communicatie over sportaccommodaties is het te doen gebruikelijk om over de binnenmaten te communiceren, gezien dit inzicht geeft in de mogelijkheden voor het gebruik van sport en bewegingsonderwijs.

In de Ruimtestaat (zie bijlage in het Programma van Eisen) is uitgewerkt welke functies inclusief oppervlakte naast het daadwerkelijke sportdeel allemaal nog meer benodigd zijn in de sporthal en hoe de totale oppervlakte is berekend. In presentaties aan onder meer omwonenden en de raadswerkgroep is dit ook zo naar voren gebracht. Boven de hoogte van het sport- en tribunedeel van circa 7 meter, is ook ruimte nodig voor de constructie en zonnepanelen. Hiermee zal de gebouwhoogte van dit deel uitkomen op circa 9 meter. Technische installaties worden zoveel mogelijk inpandig of buiten het zicht geplaatst. 2. Hoofdopzet sporthal en inrichting buitenruimte a. Waarom wordt er een pad aan de westkant van de hal gerealiseerd? Wie gaat deze gebruiken? b. Is er ook gedacht aan de ijsbaan? Is de ijsbaan nog steeds toegankelijk voor hulpverlening? c. Komt er een doorgaande weg vanuit de gymaccommodatie naar de Kuringen? o Zo ja; waarom is deze noodzakelijk? o Zo ja; zijn er nog alternatieven mogelijk? d. Waarom zijn niet alle resultaten vanuit de initiatieffase meegenomen in het pakket van eisen? Onder meer de toepassing van zonnepanelen en de aanleg van een fietsenstalling dicht bij de sporthal worden niet teruggezien. e. Enkele suggesties van inwoners zijn overgenomen, maar geen van de toezeggingen zijn hard. Reactie: a.

De sporthal zal aan de noordzijde een hoofdingang krijgen, maar daarnaast is ook een nooduitgang noodzakelijk en is een ontsluiting van de toestellenberging wenselijk voor het incidenteel transporteren van bijvoorbeeld sporttoestellen. De exacte indeling en situering van de nieuwe sportaccommodatie en de buitenruimte wordt in de volgende fase (ontwerpfase) uitgewerkt. De noodzaak en de situering van een pad aan de westzijde van het gebouw komen daarbij aan bod. b. De ijsbaan is, op het moment dat deze kan worden gebruikt, in de huidige situatie bereikbaar via de ingang van het zwembad. De bezoekers worden via het zwembadterrein naar de ijsbaan geleid. Zowel in de huidige als de toekomstige situatie blijft het zwembadterrein en daarmee ook de ijsbaan bereikbaar voor hulpdiensten. c. Nee. d. De rapporten van de uitgevoerde onderzoeken, zoals de quickscan Wet natuurbescherming en het Verkennend bodemonderzoek, zijn niet aan de stukken toegevoegd. Om het overzichtelijk te houden zijn de resultaten van deze onderzoeken verwerkt in het rapport Resultaten initiatieffase, dat als bijlage aan het raadsvoorstel was toegevoegd. De rapporten zullen alsnog worden gekoppeld aan het raadsvoorstel op het moment dat dat opnieuw aan de gemeenteraad wordt voorgelegd.

Het fietsparkeren komt onder meer terug onder 3.1 en 6.2 van het Programma van Eisen en het toepassen van zonnepanelen komt terug onder 4.2 van het Programma van Eisen. e. Mede naar aanleiding van reacties van omwonenden zijn verschillende punten opgenomen in het Programma van Eisen en worden ook enkele punten meegenomen in de nog door het college vast te stellen Welstandsgebiedscriteria. Zie ook reactie onder 3.h. 3. Alternatieven a. Het realiseren van een sporthal op de locatie bij de Borgh is een goed alternatief. b. Het alternatief voor de bouw van de sporthal dichter bij het spoor is onvoldoende onderzocht. c. Waarom kunnen huizen, tennisbanen en het zwembad wel zo dicht bij het spoor worden gesitueerd en een sporthal niet? d. Het vervoer van gevaarlijke stoffen vindt toch enkel plaats als de sporthal gesloten is? e. De mogelijkheid van een ontsluitingsweg langs het spoor nader onderzoeken, er zijn genoeg mogelijkheden om daar een veilige ontsluiting te maken. f. Waarom is slechts 1 aangedragen alternatief terug te lezen in de stukken terwijl de bewoners ten minste 3 alternatieven hebben aangedragen?

g. Is er gedegen onderzoek gedaan naar de alternatieven? Zo ja, wat was hiervan de uitkomst? Zo nee, waarom niet? h. Welke aanpassingen heeft u allemaal gedaan n.a.v. inspraak van de direct omwonenden? i. Wat betekent het als de raad een besluit neemt dat de locatie van de gymaccommodatie toch aan het spoor gesitueerd zou moeten worden? o Wat betekent dit financieel? o Wat betekent dit technisch? o Wat betekent dit wettelijk? o Wat betekent dit maatschappelijk? o Wat betekent dit voor de risico’s? Reactie: a. De gemeenteraad heeft op 30 september 2021 besloten om voor fase 1 in te zetten op de locatie nabij zwembad de Bosselaar. Andere locaties zijn dan ook niet aan de orde. b. Het alternatief voor de bouw van een sporthal dichter bij het spoor is wel nader onderzocht. Zo zijn voor drie verschillende locaties aan de hand van aannames voor het gebruik van de sporthal doorrekeningen gemaakt van het groepsrisico (zie bijlage A). Het groepsrisico gaat over de impact van een calamiteit met veel dodelijke slachtoffers tegelijk. Geconcludeerd wordt dat de locatie die gelegen is dicht langs het spoor een forse toename veroorzaakt van het groepsrisico tot boven de oriënterende waarde. Op deze locatie is na realisatie van de sporthal het groepsrisico 1,005 * de oriënterende waarde. Door deze forse toename is deze locatie wat betreft externe veiligheid het minst geschikt. c.

De regelgeving hieromtrent is gewijzigd. De bestaande functies kunnen behouden blijven. De verschillende functies zijn ook niet zonder meer vergelijkbaar. Bij het bepalen van de kwetsbaarheid van een gebouw of locatie wordt onder meer gekeken naar het aantal personen dat gelijktijdig aanwezig is, de aanwezigheidsduur van de personen en de mate in hoeverre personen zichzelf in veiligheid kunnen brengen bij een incident. d. Het grootste deel van het transport van gevaarlijke stoffen vindt in de avond en nacht plaats, omdat het spoor overdag wordt gebruikt voor het personenvervoer. Er kan echter ook overdag vervoer van gevaarlijke stoffen plaatsvinden. N.B. Ook in de avonduren wordt de sporthal gebruikt. e. Ingeval de sporthal langs het spoor wordt gesitueerd en de sporthal moet worden ontsloten met een pad tussen het spoor en het zwembad door en waarvan ook het autoverkeer gebruik moet maken, dan betekent dit dat er een pad moet komen van circa 100 meter lang en minimaal 6 meter breed. Om deze ontsluiting te kunnen realiseren moet het groen (bomen en bosschages) ter plaatse grotendeels worden verwijderd. De groene afscherming tussen het zwembad en het spoor verdwijnt hierdoor. En dergelijk lang pad langs het spoor kan met goede verlichting een veiliger gevoel geven, maar het blijft een achterafplek, waar vanuit de nieuw te realiseren sporthal beperkt zicht op zal zijn. f.

Eén alternatief had betrekking op de locatie bij zwembad de Bosselaar, waarbij door bewoners twee opties voor dat alternatief zijn genoemd (parallel of haaks t.o.v. het spoor). De andere alternatieven hadden betrekking op andere locaties binnen Zevenbergen. Op 30 september 2021 heeft de gemeenteraad een locatiekeuze gemaakt en heeft het college de opdracht gekregen om de mogelijkheid voor een sporthal op de locatie bij zwembad de Bosselaar nader te onderzoeken en uit te werken. g. Het alternatief voor het verplaatsen van de sporthal dichter bij het spoor is verder in beeld gebracht. Zoals in de notitie “Resultaten initiatieffase” is omschreven (onder 4. Planopzet Situering sporthal) is het gebouw op de alternatieve locatie langs het spoor vanuit een aantal woningen gezien wat minder prominent aanwezig. Daar staat tegenover dat de sporthal ook voor de gebruikers een wat meer afgezonderde ligging heeft. Vanuit het oogpunt van sociale veiligheid is het wenselijk om een sporthal, die door jong en oud wordt bezocht, zo dicht mogelijk bij bestaande functies te situeren met een duidelijk zichtbare entree. Hoe dichter de sporthal bij het spoor wordt gesitueerd, hoe groter het groepsrisico als gevolg van de situering binnen het explosieaandachtsgebied van het spoortraject. Zie ook de reactie hierboven onder b.en e.

h. Bij de uitwerking van het plan is vanwege een goede ruimtelijke ordening, maar ook naar aanleiding van de reacties van meerdere omwonenden, onder meer rekening gehouden met: • Ontsluiting voor autoverkeer enkel via de Vaandelweg, dus niet via Kuringen. • In het Programma van Eisen is opgenomen dat de afstand van de nieuwbouw tot de achtergevel van de dichtstbijzijnde woning minimaal 50 meter moet bedragen. • In het Programma van Eisen is opgenomen dat er een parkachtige groenstrook tussen de sporthal en woningen moet worden aangelegd, zonder openbaar wandelpad. • Er zijn welstandsgebiedscriteria voorbereid, waarin onder meer de insteek is dat: o in ieder geval aan de kant van de bestaande woningen het gebouw zoveel mogelijk met beplanting moet worden bedekt; o vanwege sociale veiligheid aan de voorkant van het gebouw wordt gewerkt met veel glas bij de entree en; o aan de kant van de nabijgelegen woningen geen ramen aanwezig mogen zijn, tenzij functioneel noodzakelijk. • De extra parkeerplaatsen sluiten zo dicht mogelijk aan op de bestaande parkeerplaats. • In het Programma van Eisen zijn criteria opgenomen voor een sociaal veilige accommodatie. Er moet onder meer een goed zichtbare entree komen en goede verlichting. i.

De hoofdopzet van de sporthal kan in principe behouden blijven, maar de inrichting van de buitenruimte en de technische eisen voor de gebouwschil wijzigen en zullen nader moeten worden bepaald. Een en ander betekent op hoofdlijnen: o Financieel: de inrichting van de buitenruimte wordt duurder, omdat extra verharding en dus ook extra waterberging en verlichting moet worden aangebracht. o Technisch: dit is niet nader onderzocht, maar het is aannemelijk dat er extra maatregelen genomen moeten worden om voor sport- en bewegingsonderwijs hinder als gevolg van geluid en trillingen door treinen te voorkomen (zie bijlage B). Daarnaast adviseert de veiligheidsregio mogelijk om aanvullende bouwkundige maatregelen te treffen aan de sporthal wanneer deze dicht langs het spoor gesitueerd wordt. o Wettelijk: de hal komt dichter bij het spoor, waardoor het groepsrisico toeneemt en mogelijk extra maatregelen moeten worden genomen. o Maatschappelijk: sociale veiligheid voor bezoekers is extra zorg. o Risico’s: indien er bouwwerkzaamheden nabij het spoor plaatsvinden, gelden er mogelijk aanvullende uitvoeringseisen om de veiligheid van het spoor te waarborgen. Hoger groepsrisico: hoe dichter op het spoor de sporthal wordt gesitueerd hoe hoger de kans dat een groep personen komt te overlijden. 4. Planning/procedures Opmerkingen: a.

Waarom is met de eigenaar van de Borgh voor het voortgezet gebruik slechts een termijn van 3 jaar vastgelegd, terwijl de eigenaar een langere termijn heeft voorgesteld? b. Is verlenging van de huidige overeenkomst die afloopt eind september 2025 met de Borgh nog bespreekbaar? o Zo ja; weet u tot uiterlijk wanneer dan? o Wat gebeurt er als de gymaccommodatie eind september 2025 nog niet gerealiseerd is? o Hoeveel kinderen kunnen dan mogelijk geen sport volgen omdat er geen accommodatie is? o Hoeveel verenigingen hebben dan geen onderdak? c. Wat kunnen we verwachten als er juridische procedures volgen? o Wat betekent dit voor de planning? o Wat betekent dit financieel voor de bouw van de nieuwe accommodatie? o Waar kunnen scholen en verenigingen dan terecht? d. Voor de bezwarenprocedure staat slechts één maand (juni) gepland.

e. Gevraagd wordt om toezegging dat uitwerkingen met de buurt worden afgestemd. f. Bent u, gaat u en blijft u in gesprek met de omwonenden om bezwaarprocedures te voorkomen op de komst van de nieuwe gymaccommodatie? g. De genoemde termijnen lijken niet haalbaar, onder meer de Europese inschrijving kost al veel tijd. Reactie: a. De eigenaar van de Borgh heeft een termijn van drie jaar voorgesteld. b. Ja, nieuwe afspraken zijn bespreekbaar. o Hierbij heeft de huidige eigenaar wel aangegeven vooralsnog een eventuele verlenging te zien in enkele maanden en niet in jaren. Uiteraard is dit mede afhankelijk van het verloop van de planvorming voor de nieuw beoogde ontwikkeling op de locatie van de Borgh. o Begin 2024 moeten we bezien wat de stand van zaken is met betrekking tot de nieuwe sporthal en een plan uitwerken ingeval de verwachting is dat de planning (ver) gaat uitlopen. o Het Markland College Zevenbergen maakt met ruim 1000 leerlingen gebruik van de sportaccommodatie in de Borgh van oktober t/m april. In overweging moet worden genomen of gymvervoer kan worden ingezet naar andere locaties, langer buiten wordt gesport of een andere tijdelijke oplossing moet worden gerealiseerd. Hiernaast maakt basisschool de Boemerang enkele uren per week gebruik van de sportaccommodatie in de Borgh. Deze uren zouden bij één van de andere gymzalen ondergebracht kunnen worden.

o Er maken ongeveer 10 verenigingen het hele seizoen gebruik van de sporthal, enkele verengingen sporten enkel in het winterseizoen binnen en een paar verenigingen maken incidenteel gebruik van de sporthal. Een aantal verenigingen kan mogelijk ondergebracht worden in een kleinere gymzaal zoals in de Neerhof of de Lindonk. Voor de hoofdgebruikers van de huidige sporthal moet een tijdelijk ander alternatief worden gezocht in geval dat de Borgh niet meer kan worden gebruikt en de nieuwe sporthal nog niet is gerealiseerd. c. De toe te passen planologische procedure is nog afhankelijk van de inwerkingstredingsdatum van de Omgevingswet. De insteek is om te werken met een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA). Aangezien er nog niet exact bekend is welke proceduretijd dit vergt, wordt hieronder de uitgebreide voorbereidingsprocedure beschreven. In de uitgebreide procedure beslist het bevoegd gezag binnen 6 maanden na een aanvraag. Onderdeel van deze procedure is de zienswijzeprocedure. Nadat het besluit is genomen is er nog beroep bij de rechtbank mogelijk. De ontwerp omgevingsvergunning gaat voor 6 weken ter visie voor eventuele zienswijzen. Ten aanzien van het besluit van het college m.b.t. de zienswijzen en verlenen van de definitieve omgevingsvergunning kan beroep worden ingesteld bij de rechtbank.

De omgevingsvergunning ligt dan 6 weken ter visie voor beroep bij de rechter. De uitspraak van de rechter kan worden aangevochten bij de Raad van State. Als de zitting is geweest bij de Raad van State streeft men ernaar om binnen 6 weken na de zitting uitspraak te doen. Deze procedure kan enorme vertraging opleveren. Bij de beantwoording van de technische vragen van BBM/BBB is aangegeven dat een jaar vertraging circa € 500.000 zal kosten. Hierbij is nog geen rekening gehouden met kosten die gepaard gaan met tijdelijke oplossingen indien sportaccommodatie de Borgh niet meer gebruikt kan worden. d. Er is geen sprake van dat stukken enkel in de maand juni gedurende 4 weken ter visie komen. Zie ook hiervoor onder c. e. Afstemming met de omgeving zal plaatsvinden, onder meer in de vorm van een omgevingsdialoog, welke onderdeel is van de omgevingsvergunningprocedure. f. Het is zeker wenselijk dat bezwaarprocedures worden voorkomen. We onderzoeken gedurende de uitwerking van de plannen de mogelijkheden om, waar mogelijk en redelijk, tegemoet te komen aan de wensen van de omwonenden. g. In de planning is rekening gehouden met een aanbestedingsfase (Europees niet openbaar) van circa 10 maanden.

5. Kosten a. Eerder werden de kosten van de gymaccommodatie geschat op 3 tot 5 miljoen. Nu kost deze gymaccommodatie 13,1 miljoen. A. Welke keuzemogelijkheden heeft de gemeenteraad wat van invloed is op dit totaalbedrag? B. Garandeert u met dit bedrag dat u de volledige accommodatie kunt realiseren en niet nogmaals terug naar de gemeenteraad hoeft te komen voor extra middelen? C. Hoe kunt u verantwoorden dat deze gymaccommodatie € 4000,- per m2 gaat kosten? b. Wat zijn de geschatte meerkosten nu het voorstel mogelijk een half jaar later wordt behandeld? Reactie: a. A. De gemeenteraad kan ervoor kiezen om niet in te stemmen met de voorgestelde hoofdopzet en een eenvoudige, sobere, kleinere sporthal te realiseren, waarmee enkel het gymonderwijs voor Markland College Zevenbergen wordt gefaciliteerd. Dit vraagt iets minder parkeervoorzieningen en verharding en dus ook een kleinere waterberging. In de bouwkosten zal dit een voordeel opleveren. Echter blijven de bijkomende kosten (prijs- en loonstijgingen, BTW, onvoorzien) een substantieel deel van de totale stichtingskosten bepalen. Een dergelijke keuze heeft wellicht financiële voordelen, maar daar tegenover ook nadelen ten aanzien van het maatschappelijk draagvlak. Zo zullen niet alle verenigingen meer gehuisvest kunnen worden en wordt minder tegemoetgekomen aan de wensen van de omgeving om tot een groene inpassing te komen. B.

In het bedrag van 13,1 miljoen is rekening gehouden met forse prijsstijgingen en mogelijke risico’s. De verwachting is niet dat we uw raad om extra krediet moeten vragen, maar we hebben geen grip op onder meer nog verdere prijsstijgingen en mogelijke personeelstekorten, dus een garantie kunnen we hiervoor niet afgeven. C. De werkelijk directe bouwkosten bedragen ca. € 6,7 mln (prijspeil september 2022). Dit is € 2180 per m². Middels een “second Opinion” via Bouwkostenkompas blijkt dat als kengetal € 2212 per m² BVO wordt berekend (zie bijlage C). Hierbij is gerekend met een hoog niveau, maar is geen rekening gehouden met projectspecifieke eisen, zoals de groene inpassing en duurzaamheidseisen (ENG in plaats van BENG) b. Zoals ook bij de beantwoording van de technische vragen van BBM/BBB is aangegeven, zal een jaar vertraging circa € 500.000 kosten, waarbij nog geen rekening is gehouden met kosten die gepaard gaan met tijdelijke oplossingen indien sportaccommodatie de Borgh niet meer gebruikt kan worden. Een indicatie van die kosten is moeilijk in te schatten. 6. Risico’s a. Is er een risicoplan? Zo ja kunnen bewoners dit dan inzien? b. Hoe zit het met het risico rondom de PFAS normen bij de bouw? c. Hoe zit het met het risico rondom de stikstof reductie bij de bouw? d. Hoe zit het met de risico’s rondom de fauna en flora? Is dit al onderzocht? e.

Welke risico’s onderkent u wanneer blijkt dat het niet mogelijk is om een grootverbruik aansluiting op het net aan te vragen? i. Welke beheersmaatregelen neemt u? ii. Wat is de financiële impact? iii. Vanaf wanneer kan de aanvraag gedaan worden? f. Bent u, gaat u en blijft u in gesprek met de omwonenden om bezwaarprocedures te voorkomen op de komst van de nieuwe gymaccommodatie? g. Een omwonende maakt zich zorgen om geluidsbelasting door o.a. geluidsinstallatie, parkeren en warmtepomp. Reactie:

a. Er is geen separaat risicoplan. Wel zijn in de notitie “Resultaten initiatieffase” mogelijke risico’s omschreven. Daarnaast zijn verschillende verkennende onderzoeken uitgevoerd om risico’s in beeld te krijgen. Op een aantal onderdelen moet nog nader (vervolg)onderzoek worden uitgevoerd. b. Er is een verkennend bodemonderzoek volgens de NEN 5740 uitgevoerd. Ten aanzien van PFAS is in de opgestelde rapportage opgenomen dat atmosferische depositie naar verwachting de enige (beperkte) bron van PFAS-verontreiniging op de locatie is. Van atmosferische depositie is bekend dat dit tot beperkt verhoogde PFAS-gehalten in bodem en water kan leiden. Indien bij het ontgraven of saneren sprake is van afvoer van de grond naar elders is een AP04 partijkeuring nodig. De parameter PFAS zal in die partijkeuring moeten worden onderzocht. c. Er is een quickscan Wet natuurbescherming uitgevoerd. In de opgestelde rapportage is geconcludeerd dat op basis van de huidige regelgeving voor de bouwwerkzaamheden geen onderzoek stikstofdepositie benodigd is en significant negatieve effecten uitgesloten worden op basis van tijdelijkheid van de emissies en eventueel bijbehorende stikstofdepositie op Natura2000-gebieden. Vervolgonderzoek ten aanzien van stikstof werd niet noodzakelijk geacht. Gelet op de uitspraak van de Raad van State d.d.

2 november 2022 met betrekking tot de bouwvrijstelling in het kader van de Wet natuurbescherming zal alsnog onderzoek moeten worden uitgevoerd naar de stikstofdepositie. d. In de quickscan wet Natuurbescherming zijn ook de aanwezige planten- en diersoorten in beeld gebracht en hoe hiermee om te gaan. Er zijn op basis van dit onderzoek geen bijzondere risico’s voorzien. e. Als geen grootverbruikaansluiting op het elektriciteitsnet kan worden verkregen heeft dat mogelijk een beperkend effect op de keuzevrijheid voor bepaalde installaties. Alleen totaaloplossingen die qua elektrisch vermogen passen binnen een kleinverbruikaansluiting zijn in dat geval toepasbaar. Voorbeeld: een lucht/water warmtepomp zal waarschijnlijk niet meer mogelijk zijn voor de volledige verwarmings- en koelingsvraag, maar een alternatief met een thermische seizoensopslag (met een aanzienlijk lager elektrisch vermogen) mogelijk wel. a. Beheersmaatregelen: zo snel mogelijk (na raadsbesluit) aanmelding indienen bij Enexis. Indien er geen mogelijkheid is om een grootverbruikaansluiting te verkrijgen, zal verder verkend moeten worden welke alternatieven wél haalbaar zijn. b. Financiële impact is niet bekend. c. Aanvraag kan al worden ingediend, maar wacht op raadsbesluit. f. We blijven in gesprek met de omwonenden.

Gedurende de uitwerking van de plannen onderzoeken we de mogelijkheden om, waar mogelijk en redelijk, tegemoet te komen aan de wensen van de omwonenden. g. De geluidseisen van installaties zijn geregeld in het Bouwbesluit 2012, afdeling 3.2. Het plan zal hieraan moeten voldoen of aan de rechtsopvolger van het Bouwbesluit namelijk ‘Besluit bouwwerken leefomgeving’ (BBL). Het geluid en luchtkwaliteit met betrekking tot de verkeersaantrekkende werking zal onderbouwd moeten worden in de ruimtelijke motivering als onderdeel van de te volgen planologische procedure. Dit vraagt bij de uitwerking nog nader onderzoek.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Moerdijk&id=544e20ba-c83c-41d8-9525-abf30d0b5793