Bijlage 4.8 Nota van inspraak en vooroverleg
Tekst van het document
Nota van Inspraak en overleg Bestemmingsplan ‘Wethouder Trompersstraat’ Voorontwerp, d.d. 28 september 2021
Gemeente Moerdijk
Opgesteld: januari 2022
1.
Inleiding
In deze Nota van Inspraak en Overleg worden de ingekomen overleg- en inspraakreacties in het kader van bestemmingsplan “Wethouder Trompersstraat” van de gemeente Moerdijk samengevat en beantwoord. Voordat inhoudelijk op de ontvangen overleg- en inspraakreacties wordt ingegaan, wordt eerst kort het verloop van de gevolgde procedure toegelicht (hoofdstuk 2). Daarna wordt een overzicht gegeven van de binnengekomen reacties (hoofdstuk 3). Vervolgens wordt inhoudelijk op de overleg- en inspraakreacties ingegaan (hoofdstuk 4 en 5). Als daartoe aanleiding is, is per reactie in de conclusie aangegeven of de reactie aanleiding geeft het voorontwerpbestemmingsplan aan te passen. Ten slotte zijn enkele ambtshalve wijzigingen doorgevoerd. Deze komen aan bod in hoofdstuk 6.
2.
Gevolgde procedure
Overleg Conform artikel 3.1.1. van het Bro moeten burgemeester en wethouders bij de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg plegen met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met de Rijks- en provinciale diensten die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. In het kader van het vooroverleg is het voorontwerpbestemmingsplan “Wethouder Trompersstraat” toegezonden aan de overleginstanties zoals bedoeld in artikel 3.1.1. van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Inspraak Het voorontwerpbestemmingsplan “Wethouder Trompersstraat” is tevens, conform de gemeentelijke inspraakverordening, voorafgaand aan de formele bestemmingsplanprocedure voor inspraak vrijgegeven. Gedurende de inspraaktermijn, die liep van 16 september 2021 tot en met 27 oktober 2021, is een ieder in de mogelijkheid gesteld schriftelijk en/of mondeling te reageren op het bestemmingsplan. De inspraak- en overlegreacties zijn in de voorliggende nota samengevat. Eventuele aanpassingen die volgen uit de overleg- en inspraakreacties worden verwerkt in het ontwerpbestemmingsplan. Ook worden er enkele ambtshalve aanpassingen doorgevoerd.
3.
Overzicht ontvangen reacties en ontvankelijkheid
In het kader van het voorontwerpbestemmingsplan zijn in totaal zes overlegreacties ontvangen: 1. Vooroverlegreactie: Waterschap Brabantse Delta, d.d. 1 november 2021; 2. Vooroverlegreactie: DNWG Infra BV d.d. 29 september 2021; 3. Vooroverlegreactie: Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, d.d. 29 september 2021 4. Vooroverlegreactie: Rijkswaterstaat Zuid-Nederland d.d. 29 september 2021; 5. Vooroverlegreactie: Brandweer Midden-Brabant d.d. 5 november 2021; 6. Vooroverlegreactie: Provincie Noord-Brabant, d.d. 15 november 2021;
Tijdens de termijn van ter inzage legging is één inspraakreactie ingediend. Onderstaand zijn de ingekomen vooroverlegreacties en de inspraakreactie nader uiteengezet en is aangegeven of deze aanleiding vormen tot een wijziging van het bestemmingsplan.
4.
Beantwoording vooroverlegreacties
#
Vooroverlegreactie
1.
Waterschap Brabantse Delta, d.d. 1 november 2021 In de plannen wordt aandacht besteed aan een b-waterloop in het gebied die in de legger van het waterschap staat aangegeven. Er wordt niet aangegeven hoe hier verder mee wordt omgegaan en welke gevolgen dit heeft voor het watersysteem. Dit zal wel moeten worden bekeken.
Klimaat adaptief bouwen en inrichten biedt een kans om van gebieden een aantrekkelijk leef- en vestigingslocatie te maken met meer groen en ruimte voor water in de bebouwde omgeving en voor meer innovatieve bouwvormen. Voor voorbeelden wordt verwezen naar de
Beantwoording
Conclusie
De beoogde bebouwing en verkeersbestemming valt over de huidige waterloop. In overleg met het waterschap wordt gekeken of de waterloop kan worden verplaatst naar het naastgelegen groengebied. In de toelichting, paragraaf 4.3.2 Water wordt nader ingegaan op de gevolgen van het plan op het watersysteem en de aanwezige b-waterloop.
De reactie leidt tot een aanvulling in paragraaf 4.3.2 (Water) van het bestemmingsplan.
In de toelichting zal in paragraaf 4.15 Duurzaamheid het kader voor klimaatadaptief bouwen worden benoemd als inspiratiebron voor de verdere uitwerking van het gebied.
De reactie leidt tot een tekstuele aanvulling in paragraaf 4.15 van het bestemmingsplan.
Handreiking regelgeving Klimaatadaptief bouwen en inrichten. Voor het uitvoeren van werkzaamheden in of rondom oppervlaktewaterlichamen of waterkeringen en voor het onttrekken/infiltreren van grondwater, gebods- of verbodsbepalingen kunnen gelden op basis van de Keur. Veelal is voor werkzaamheden die consequenties hebben voor de waterhuishouding en het waterbeheer een vergunning van het waterschap benodigd. In sommige gevallen kan een werkzaamheid onder een Algemene regel vallen, waardoor er onder voorwaarden sprake kan zijn van een vrijstelling van de vergunningplicht. 2.
3.
4.
DNWG Infra, d.d. 29 september 2021 DNWG Infra B.V. heeft op basis van het toegezonden voorontwerpbestemmingsplan geconcludeerd dat de waterleiding van Evides op voldoende afstand van het plangebied ligt en op basis daarvan een verdere afweging niet noodzakelijk is. Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, d.d. 29 september 2021 De ruimtelijk belangenbehartiger van Defensie heeft op basis van het toegezonden voorontwerpbestemmingsplan geconcludeerd dat het bestemmingsplan woningbouw mogelijk maakt met de nodige beperkingen voor wat betreft de hoogte van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Daarmee zijn de belangen voor Defensie afdoende geborgd. Door het ministerie zal dan ook geen nadere reactie worden ingediend. Rijkswaterstaat Zuid-Nederland, d.d. 29 september 2021 Rijkswaterstaat Zuid-Nederland heeft op basis van het toegezonden voorontwerpbestemmingsplan geconcludeerd dat het plangebied daarvan niet ligt in het beheersgebied van Rijkswaterstaat Zuid Nederland en daarmee ook geen
In overleg met het waterschap is een watertoets uitgevoerd waarin de bestaande B-watergang is opgenomen als te compenseren waterinfiltratie. We zullen zorgen dat voor de uitvoering van het plan een vergunning voor de aanpassing van de B-watergang wordt aangevraagd bij het waterschap. Dit is tekstueel toegevoegd aan de waterparagraaf, onder het kopje ‘oppervlaktewater’.
De reactie leidt tot een tekstuele aanvulling in de waterparagraaf, onder het kopje ‘oppervlaktewater’.
Gelet op de inhoud van de van DNWG Infra B.V. verkregen reactie, behoeft deze geen verdere beantwoording.
De reactie leidt niet tot wijzigingen in het bestemmingsplan.
Gelet op de inhoud van de van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties verkregen reactie, behoeft deze geen verdere beantwoording.
De reactie leidt niet tot wijzigingen in het bestemmingsplan.
Gelet op de inhoud van de van Rijkswaterstaat Zuid Nederland verkregen reactie, behoeft deze geen verdere beantwoording.
De reactie leidt niet tot wijzigingen in het bestemmingsplan.
5.
6.
van hun belangen raakt. Door Rijkswaterstaat Zuid Nederland zal dan ook geen nadere reactie worden ingediend. Brandweer Midden Brabant d.d. 5 november 2021 In de van de Brandweer Midden Brabant verkregen reactie is aangegeven dat het plangebied voldoet aan de criteria van het standaardadvies. Daarnaast is het plangebied getoetst aan de beleidsregels bereikbaarheid en bluswater. Bluswater is voor de nieuwe woning aanwezig binnen 200 m van de geplande bebouwing. De bereikbaarheid is niet geheel conform de uitgangspunten, maar is in de uitwerking mogelijk wel te realiseren. Lange doodlopende wegen zijn niet toegestaan indien een TAS rond kan rijden in het rechter bouwdeel of kan doorrijden naar de onderliggende parkeerplaats dan wordt hier aan voldaan. Denk daarbij aan de minimale baanbreedte en de draaicirkels. Provincie Noord-Brabant De provincie heeft het bestemmingsplan “Veerstraat 3 te Standdaarbuiten” beoordeeld aan de hand van de provinciale belangen zoals die zijn verwoord in de Brabantse Omgevingsvisie en de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant (IOV). De ontwikkeling wordt mogelijk gemaakt op basis van artikel 3.43 IOV afwijkende regels verstedelijking afweegbaar. Het plan voldoet aan de in dit artikel gestelde voorwaarden.
Op grond van artikel 3.9 IOV dient een plan dat een ruimtelijke ontwikkeling buiten bestaand stedelijk gebied mogelijk maakt gepaard te gaan met een kwaliteitsverbetering van het landschap. Deze kwaliteitsverbetering van het landschap dient financieel, juridisch en feitelijk te zijn geborgd. Hoewel de omvang en situering van de landschappelijke inpassing zijn opgenomen
Gelet op de inhoud van de van Brandweer Midden Brabant verkregen reactie, behoeft deze geen verdere beantwoording. In de nadere uitwerking van het plan wordt invulling gegeven aan de nadere uitgangspunten vanuit de Brandweer Midden Brabant. Dit valt buiten de scope van dit bestemmingsplan.
De reactie leidt niet tot wijzigingen in het bestemmingsplan.
Gelet op de inhoud van de van Provincie Noord Brabant verkregen reactie, behoeft deze geen verdere beantwoording.
De reactie leidt niet tot wijzigingen in het bestemmingsplan.
Met de provincie is inmiddels afgestemd dat deze gronden worden meegenomen in het landschapsplan voor de N285. Er wordt gekeken naar een passende ruimtelijke overgang naar het bebouwd gebied, met aandacht voor verkeersveiligheid,
De reactie leidt niet tot wijzigingen in het bestemmingsplan.
De reactie leidt niet tot wijzigingen in het bestemmingsplan.
in het plan, kan de kwalitatieve invulling nog niet worden beoordeeld. Graag ziet de provincie bij de uitwerking van de landschappelijke inpassing dat er rekening is gehouden met de gebiedskwaliteiten in en rondom de locatie. Door hier rekening mee te houden zal een duurzame afronding van het stedelijk gebied ontstaan.
Ook wordt verzocht om de landschappelijke inpassing te waarborgen middels een bijlage en een voorwaardelijke bepaling in de regels voor de uitvoering van de landschappelijke inpassing.
Daarnaast wordt gevraagd om de onderbouwing aan te vullen met een toelichting op de wijze waarop het groen langs de Langeweg invulling geeft aan het afsprakenkader op basis van een categorie 3 ontwikkeling. Daarmee vraagt de provincie ook om goed te kijken naar de vereiste investering van 1% van de uitgifteprijs.
groen, bomen en verblijfskwaliteit. Daarbij zijn ook afspraken gemaakt over de kosten. Een en ander wordt vastgelegd in een overeenkomst met de provincie. Deze overeenkomst valt buiten de scope van dit bestemmingsplan. Deze toelichting wordt opgenomen in de betreffende paragraaf (3.3.2). Zodra een landschappelijk inrichtingsplan beschikbaar is, wordt dit toegevoegd aan het bestemmingsplan. Het opnemen van een voorwaardelijke verplichting in het bestemmingsplan is echter niet nodig als het gemeentebestuur het zelf in zijn macht heeft de noodzakelijke maatregelen te treffen. Aangezien de gemeente hier eigenaar is van de gronden, is dit naar verwachting niet noodzakelijk. De toelichting wordt aangevuld met een toetsing aan het regionaal afsprakenkader voor een categorie 2 ontwikkeling. Daarbij wordt ook ingegaan op de benodigde investering in kwaliteitsverbetering.
De reactie leidt niet tot wijzigingen in het bestemmingsplan.
De reactie leidt tot een aanvulling in paragraaf 3.3.2 (Provinciaal beleid) van het bestemmingsplan.
5.
Beantwoording inspraakreacties
#
Vooroverlegreactie
1.
Inspreker 1 (geanonimiseerd) De inspreker is voorstander van nieuwbouw in Langeweg, maar heeft nog enkele discussiepunten De inspreker geeft aan dat het aantal geplande huizen door de bewoners als te veel en niet passend in het straatbeeld beschouwd, en vraagt zich af of hier inspraak op is. De inspreker geeft hierbij als onderbouwing aan dat gezien de bestaande huisnummers het logischerwijs al lange tijd vaststaat dat er minimaal 10 huizen moesten komen.
De inspreker geeft aan dat de samenwerking met de aanpassingen rondom de provinciale weg N285 meermaals is bevestigd, maar dat hier in het plan geen aanpassingen zijn gedaan. De inspreker maakt zich zorgen om de nieuwe grondgebonden woningen nabij het 80 km/u gedeelte van deze weg. Mogelijk zal ook overlast plaatsvinden op de smalle Zuidijk.
De inspreker vindt het onacceptabel dat het bestaande hondenuitlaatveld wordt opgeofferd voor de nieuwbouw, en dat bewoners zelf met een alternatieve locatie dienen te komen voor een nieuw uitlaatveld van maximaal 500 m2
Beantwoording
Conclusie
Gelet op de inhoud van deze reactie, behoeft deze geen verdere beantwoording. Dit woningbouwplan betreft een nieuwe ontwikkeling en staat los van de bestaande huisnummering. Het plan is gebaseerd op een actuele woonbehoefte in combinatie met de beschikbare ruimte en kwalitatieve inpassing. Het plan is hiertoe onder begeleiding van de stedenbouwkundig adviseur opgesteld. Tijdens de procedure van de wijziging van het bestemmingsplan is hier inspraak op mogelijk. De aanpassing van de N285 is een project van Provincie Noord Brabant. Wij zoeken afstemming voor wat betreft de invulling van het groen grenzend aan het groen dat eigendom van provincie is. Bij de toetsing van het woningbouwplan wordt uitgegaan van de huidige situatie van de provinciale weg. In het project is budget opgenomen om te zorgen voor een nieuw hondenlosloopterrein. De gemeente komt met een voorstel voor een
De reactie leidt niet tot wijzigingen in het bestemmingsplan. De reactie leidt niet tot wijzigingen in het bestemmingsplan.
De reactie leidt niet tot wijzigingen in het bestemmingsplan.
De reactie leidt niet tot wijzigingen in het bestemmingsplan.
(25% van wat het nu is). De gemeente kan dit niet aan bewoners overlaten, en dient dit in de plannen mee te nemen. De inspreker stelt dat met dit plan voor wat betreft de huurwoningen 55-plussers uit andere duurdere steden worden gelokt, waardoor geen doorstroming mogelijk is voor jongeren uit Langeweg. De inspreker ziet een oplossing in het toegankelijk maken van de huurwoningen voor álle leeftijden, of de huurprijzen voor de nieuwbouw gelijk houden aan waar de 55-plussers nu vandaan komen. De inspreker geeft aan dat ten noorden van de N285, ter hoogte van de Weth. Trompersstraat een “bomen-eiland” aanwezig is met aanzienlijk ruimtebeslag, en vraagt zich af of het mogelijk is om deze wek ca. 12 meter noordelijker te leggen, en het eiland te verplaatsen. Dit zou positieve gevolgen hebben voor de snelheid, inpassing van een hondenuitlaatveld, groenvoorzieningen, nieuwbouw en eventuele geluidhinder. Daarbij is wel samenwerking tussen de gemeente en provincie noodzakelijk.
alternatieve locatie. Dit voorstel wordt voorgelegd aan de inwoners van Langeweg. De huurprijzen zullen hoger liggen dan € 500,-/mnd, maar wel binnen de grens van sociale huur. Bovendien worden deze woningen energiezuinig gebouwd. De maandelijkse energielasten zullen dus beduidend lager liggen. Er ligt een stedenbouwkundig advies om het woningbouwplan op de voorgestelde wijze ruimtelijk in te passen. De huidige bestemmingsplanregeling biedt voldoende ruimte om hier binnen de plangrenzen invulling aan te geven. De eventuele bestemmingswijziging op de gronden ter plaatse van de herinrichting van de N285 worden te zijner tijd door de provincie geïnitieerd.
De reactie leidt niet tot wijzigingen in het bestemmingsplan.
De reactie leidt niet tot wijzigingen in het bestemmingsplan.
6.
Ambtshalve wijzigingen
Pagina/artikel
Regels Artikel 6.1 lid c Toelichting Paragraaf 6.2
Wijziging
In Artikel 6.1 (bestemming Wonen -1) zijn ‘groenvoorzieningen’ expliciet benoemd.
In paragraaf 6.2 (Opbouw regels) is onder de bestemming ‘Wonen – 1’ de volgende motivatie toegevoegd ten aanzien van de voorgenoemde ambtshalve wijziging in de regels: In de nadere planuitwerking worden de woningen op architectonisch niveau verder uitgewerkt. Mogelijk ontstaat er nog ruimte om, bijvoorbeeld door een smallere beukmaat te hanteren, extra groenstroken te realiseren aan de noord of zuidzijde (zijgevels) van de woningen. Door het specifiek opnemen van ‘groenvoorzieningen’ kunnen extra groenvoorzieningen worden ingepast, mocht dit aan de orde zijn.
Paragraaf 5.2
Doorlopend
Verbeelding Stempel
Deze paragraaf ziet toe op de procedure van het bestemmingsplan. Onder het kopje ‘Inspraak en overleg’ zijn de inspraak- en vooroverlegreacties toegelicht, met een verwijzing naar bijlage 8, te weten deze Nota inspraak en overleg. Doorlopend in de toelichting zijn enkele redactionele wijzigingen doorgevoerd. Deze wijzigingen omvatten onder meer de status van het bestemmingsplan, de datum op de kaft en in de voetnoten en het toevoegen van de Nota van inspraak als bijlage. De stempel op de verbeelding (pdf-versie) is voorzien van een actuele datum, planstatus en identificatiecode.