Bijlage 4.5 Zienswijze bewoner (geanonimiseerd)
Tekst van het document
Zienswijze Omgevingsvisie versie mei 2023 )d)rdD (geanonimiseerd) ereeseisimmi)idnrneoeosnimaineoengage(g(( o
cijk 27 juni 2023
Het is belangrijk om vooruit te kijken, de toekomst te duiden. De omgevingsvisie is een belangrijk document en geeft een inkijk hoe gemeente Moerdijk er in de toekomst uit gaat zien. De concept omgevingsvisie is geen vaag verhaal, maar de basis voor toekomstige plannen en regels. “Een verlangen naar het verleden gaat ons niet redden, evolutie kent maar een richting: vooruit.” Uit: De Toekomst van Nederland, Floris Alkemade, Rijksbouwmeester
De wereldwijde klimaatcrisis en de biodiversiteit die onder druk staat dwingen ons tot ander gedrag. Dit vraagt om andere keuzes dan we in het verleden maakten. (Vrije-markt denken, economische groei, terugtrekkende overheid, privatisering). In deze visie is uitgesproken dat de klimaatdoelen en het verbeteren van biodiversiteit belangrijke opgaven zijn. In beleidsnotities van Rijksoverheid en Provincie wordt dit ook uitgedragen. Oplossingen worden gezocht in verduurzaming, energietransitie, water en landschappelijk beheer. “Dankzij het observatievermogen van de wetenschap wordt duidelijk dat nu ook de levende natuur aan het eind van zijn latijn raakt. Het besef begint bij nagenoeg iedereen door te dringen dat de veerkracht van natuurlijke systemen eindig is en dat we er onverminderd van afhankelijk zijn” Uit: De Toekomst van Nederland, pag.31, Floris Alkemade, Rijksbouwmeester
Daarnaast moet er ruimte zijn voor economische groei van de bedrijven, de industrie en voor de landbouwers.
En dit alles in balans met het
leefbaar houden van alle dorpen en stadjes. Het stelselmatig nastreven van het bedrijfsbelang ís de grondslag van de markt. Het bijbehorende kortetermijndenken van het ‘return-on-investment’ laat maar weinig andere overwegingen toe. Sturen op bedrijfsbelang ten koste van andere belangen is van alle tijden. Toch is hier een verandering merkbaar. De huidige generatie CEO's is ervan doordrongen geraakt datze in hun jaarverslagen niet meer wegkomen met alleen een simpele winst- en verliesrekening. Hogere doelstellingen en ambities, het benoemen van de verantwoordelijkheid voor toekomstige generaties kleuren tegenwoordig de bedrijfsfilosofie groen. Uit: De Toekomst van Nederland, pag. 54, Floris Alkemade, Rijksbouwmeester
De visie spreekt uit dat ontwikkelingen altijd een meerwaarde moeten hebben voor de leefbaarheid van de kernen. Daar waar dit onmogelijk is, wordt de grootste pijn weggenomen door compenserende maatregelen.
“Dat neemt niet weg dat de essentiële verantwoordelijkheid van de overheid nog altijd ligt in het rechtvaardig afwegen van maatschappelijke belangen, voorbij de korte termijn, zorgvuldig en integraal. Het is en blijft aan de overheid daarvoor de juiste doelen te stellen” Uit: De Toekomst van Nederland, pag.55, Floris Alkemade, Rijksbouwmeester
De gemaakt keuzes in de concept omgevingsvisie zijn duidelijk, maar hebben serieuze consequenties. Als bewoners van dorp Moerdijk willen wij wijzen op een aantal ontwikkelingen die enkel economisch gericht zijn. Deze voorstellen werken klimaatdoelen en biodiversiteit juist tegen en zetten de leefbaarheid van de omgeving zwaar onder druk. Deze voorstellen gaan in tegen de uitgangspunten van de visie.
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) oo G
sinds begin 1900 in dorp Moerdijk
Ontwikkelingen
die geen
bijdrage
uitgangspunten
van
klimaatdoelen,
biodiversiteit en behoud
de concept
leveren
of ingaan tegen
Omgevingsvisie
belangrijke
waaronder
leefbaarheid.
Roodevaart reserve(95Ha), (LPM = 150 Ha)
Het meest opmerkelijke is het ontwikkelen van de Roodevaart reserve(95Ha) en het doortrekken van de Roodevaart. Dit is een puur economisch gedreven ontwikkeling die geen enkele waarde toevoegt aan de klimaatdoelen
of de biocliversiteit.
Een betere invulling is het gebied tussen Roodevaart en dorp Moerdijk een functie te geven voor waterberging en/of als groene buffer tussen Industrieterrein en dorp Moerdijk. Dit voldoet wel aan de uitgangspunten van de visie. Levert een bijdrage aan klimaatdoelen en is goed voor de biodliversiteit en de leefbaarheid. De motivatie voor de ontwikkeling van de vierde insteekhaven bij Roodevaart zou kunnen zijn duurzaamheid, maar uit discussies blijkt dat het hier gaat om geluidsruimte. Door de energietransitie wordt geluidsbelasting op het Industrieterrein verlaagd en die capaciteit wordt dan gebruikt bij het ontwikkelen van de Roodevaartreserve. Hier is dan geen sprake van geluidswinst, maar geluidsverplaatsing.
Ook werkgelegenheid is zeker op dit moment geen valide argument. Er is juist een tekort en arbeidskrachten worden van elders gehaald met alle huisvestigingsproblematiek die dit met zich meebrengt. Het statement dat deze ontwikkeling alleen doorgang kan vinden als nut en noodzaak zijn aangetoond valt ook buiten de uitgangspunten van de visie en is vaag. Wanneer zijn nut- en noodzaak aangetoond? Waar zit de klimaatwinst? Waar komt dit ten goede aan biodiversiteit en leefbaarheid?
De insteekhaven met verlading nadert het dorp Moerdijk tot 500 meter (huidige appelweg) en beslaat een gebied van 95 Ha netto. (LPM = 150Ha). Deze ontwikkeling veroorzaakt een enorme verslechtering van de leefbaarheid van dorp Moerdijk en omgeving. Behalve geluidsbelasting moet ook het effect van “comfort zone” niet worden onderschat. Ter illustratie; een situatie als bij Heiplaat Rotterdam is geen perspectief. Zelfs compenserende maatregelen (ooit werd gedacht aan
een geluidswal van 25 m hoog?) zetten de leefbaarheid eerder onder druk dan dat dit gaat helpen. Door deze Roodevaart reserve ’achter de hand te houden’; worden
ontwikkelingen in het betreffende gebied die wel een positief effect hebben op de klimaatdoelen en biodiversiteit en tevens de leefbaarheid van Moerdijk en omgeving kunnen verbeteren, geblokkeerd. Een betere invulling is het gebied tussen Roodevaart en dorp Moerdlijk een functie te geven voor waterberging en/of als groene buffer tussen Industrieterrein en dorp Moerdijk. Dit voldoet wel aan de uitgangspunten van de visie. Levert een bijdrage aan klimaatdoelen, goed voor de biodiversiteit en de leefbaarheid. Bedrijventerrein Station Lage Zwaluwe(20Ha) Ook de ontwikkeling van een bedrijventerrein(20Ha) bij station Lage Zwaluwe werkt klimaatdoelen en biodiversiteit juist tegen en zet de leefbaarheid van de omgeving zwaar onder druk.
Er is iets te zeggen voor het verbeteren van de spoorinfrastructuur in combinatie met kantoren, maar dit gebied reserveren voor bedrijven, logistiek tot 3Ha voegt geen enkele waarde toe aan de klimaatdoelen of de biodiversiteit.
Deze ontwikkeling is tevens in strijd met de visie van provincie NoordBrabant waar de ongebreidelde groei van “dozen” ter discussie staat. Het gebied station Lage Zwaluwe is te beschouwen als een nieuw industrieterrein en heeft niet de status van het LPM waarvoor Brabant
wel vergunningen heeft afgegeven voor vestiging van “Logistieke dozen”
Intensivering spoorlijn Station Lage Zwaluwe naar Industrieterrein Moerdijk, langs Moerdijk Zonder de aanleg van bedrijventerrein station Lage Zwaluwe zal het transport van gevaarlijke stoffen per spoor direct langs dorp Moerdijk sowieso toenemen. ProRail onderzoekt reeds mogelijkheden voor een dubbelspoor en om gevaren te minimaliseren denkt men aan een verdiept tracé. Intensiveren van vervoer over het spoor kan met enige moeite gemotiveerd worden als een duurzaamheidmaatregel, maar dit draagt zeker niet bij aan de veiligheid en leefbaarheid van de kernen.
De situatie met gevaarlijk transport langs de kernen in Brabant (Rotterdam-Antwerpen door onder andere Zevenbergen en Oudenbosch) staat al hoog op de provinciale agenda en is een hoofdpijndossier. Uit de Omgevingsvisie Provincie
Brabant pag. 46
Een veilige leefomgeving Bij het werken aan een veiligere leefomgeving gaat het om het terugbrengen van risico's tot een acceptabel niveau en het continu zo goed mogelijk voorbereid zijn op calamiteiten. Bijzondere aandacht gaat uit naar de veiligheid op en rondom grote industriële complexen als het haven- en industriegebied Moerdijk, het vervoer van gevaarlijke stoffen over met name de Brabantroute en de kwetsbaarheid van infrastructurele voorzieningen bij ongewone voorvallen. Beschadiging van hoogspanningsleidingen, defecten van bruggen in snelwegen en extreme weersomstandigheden leiden al gauw tot maatschappelijke ontwrichting.
Andere ontwikkelingen: 380KV hoogspanningsleiding, ontwikkeling tot een bovenregionaal energieknooppunt, uitbreiden van leidingstraat en het repoweren van windturbines Andere ontwikkelingen in de directe omgeving van dorp Moerdlijk zoals de ontwikkeling van 380KV hoogspanningsleiding, ontwikkeling tot een bovenregionaal energieknooppunt, uitbreiden van leidingstraat en het repoweren van windturbines kunnen bijdragen tot de klimaatdoelen, maar vragen kostbare ruimte en hebben grote impact op leefbaarheid.
Daar vallen wel een drietal kanttekeningen bij te maken. 1. Leefbaarheid Moerdijk en omgeving Het effect van nieuwe ontwikkelingen moet afgewogen worden tegen de huidige situatie en lopende projecten waar dorp Moerdijk en omgeving dagelijks mee wordt geconfronteerd. Huidige situatie - Emissies en geluidsoverlast van Industrieterrein Moerdijk - Geluidsoverlast van A16-A17, Moerdijkbruggen - Emissies van vrachtverkeer Hollandsdiep (Ruimen met chemisch residu worden gelucht) - Emissies en geluidsoverlast van vracht- en binnenvaartschepen in vluchthaven dorp Moerdijk Lopende projecten - Aanleg van het Logistiek Park Moerdlijk met infrastructuur. - Huisvesten van 1000 arbeidsmigranten nabij dorp Moerdijk, een verdubbeling van de kern - Truck parking met facility point en ruimte voor meer dan 1000 vrachtwagens
Het effect op de leefbaarheid van de ontwikkelingen in de concept omgevingsvisie mag niet los gezien worden van de huidige belasting op de leefbaarheid van de omliggende kernen. Maatregelen om overlast te voorkomen en leefbaarheid in stand te houden vragen een gedegen studie en afweging waarbij de cumulatieve effecten in beschouwing worden genomen. 2. Bijdrage bedrijfsleven Veel ontwikkelingen in de concept visie zijn erop gericht de energietransitie op Industrieterrein Moerdijk mogelijk te maken. Vooral de bedrijven zullen ervan profiteren. De ontwikkelingen kosten ruimte en hebben positieve, maar ook negatieve effecten op de leefbaarheid van het hele gebied. We praten hier over belastinggelden. Hier moet vanzelfsprekend een bijdrage van het bedrijfsleven worden afgesproken. Een taak voor zowel de landelijke, provinciale, maar ook de gemeentelijke overheid. Denk dan naast financiële bijdragen, vooral aan aanscherping van emissie en geluidsnormen, maar ook vergroening van de gemeente. Denk daarbij niet alleen aan de ontwikkeling van de blauwgroene zone en natuur op het industrieterrein, maar juist aan natuur compenserende maatregelen ten behoeve van de omliggende dorpen en stadjes. Het opzoeken van de wettelijke grenzen is in deze nieuwe tijden niet gepast en zeer ongewenst.
Het is aan te bevelen hier een duidelijk standpunt over in te nemen in de omgevingsvisie, zodat in het vervolg (Opstellen omgevingsplan) plannen en regels hierop kunnen worden gebaseerd. 3. Shell
Shell is sinds 1970 gevestigd op het industrieterrein. Na veertig jaar behoort Shell Moerdijk, gelegen op Industrieterrein Moerdijk, de Port of Brabant bij de tien grootste vervuilers van Nederland. Dit is een bedroevende constatering. Shell heeft plannen gepresenteerd om klimaatneutraal te kunnen produceren. Er zijn plannen om in Moerdijk een fabriek te bouwen om plastic afval her-te-verwerken. Dit past wellicht in de omgevingsvisie, maar het blijven produceren van onder andere benzeen, op basis van fossiele grondstoffen past niet in de visie en ook niet bij landelijk en provinciaal beleid.
Het is wenselijk om in de omgevingsvisie een standpunt op te nemen aangaande productiebedrijven op basis van fossiele grondstoffen. Samenvattend
1. De Roodevaart reserve en ontwikkeling van een bedrijventerrein nabij station Lage Zwaluwe dragen niet bij aan de klimaatdoelen of biodiversiteit en gaan ten koste van de leefbaarheid. Deze ontwikkelingen zouden moeten worden heroverwogen. 2. Een alternatieve functie voor het gebied Roodevaart reserve is waterberging en/of groene buffer tussen Industrieterrein en dorp Moerdijk. Dit heeft namelijk wel een positief effect op de klimaatdoelen, biodiversiteit en versterkt de leefbaarheid van dorp Moerdijk en omgeving. 3. Intensivering van transport over het spoor langs Moerdijk heeft grote consequenties voor de veiligheid en leefbaarheid van het dorp. Dit vraagt om een zeer zorgvuldige afweging met alle partijen. Bij doorgaan moet rekening gehouden worden met serieuze maatregelen om veiligheid en leefbaarheid van bewoners dorp Moerdijk te consolideren. Als hier het uitgangspunt dat ontwikkelingen een bijdrage moeten leveren aan de leefbaarheid gestand wordt gedaan, ligt hier een enorme opgave. Zowel technisch als financieel.
4. De andere ontwikkelingen; de ontwikkeling van 380KV hoogspanningsleiding, ontwikkeling tot een bovenregionaal energieknooppunt, uitbreiden van leidingstraat en het repoweren van windturbines
hebben
vooral een meerwaarde
voor het
bedrrijfsleven gevestigd op industrieterrein Moerdijk en hebben grote impact op de leefbaarheid van dorpen en stadjjes. Dit vraagt om een passende en transparante bijdrage van het bedrijfsleven, aanscherping van emissie- en geluidsnormen en natuur compenserende maatregelen voor omliggende dorpen en stadjjes. 5. Het is wenselijk een standpunt in te nemen aangaande bedrijven en met name Shel/, waarvan de productie is gebaseerd of gerelateerd aan fossiele grondstoffen. Dit gaat in tegen landelijk beleid,
ó. Het effect op de leefbaarheid van de ontwikkelingen in de concept visie mag niet los gezien worden van de huidige belasting op de leefbaarheid van de omliggende kernen. Bij het vaststellen van maatregelen om overlast te voorkomen en leefbaarheid in stand te houden
moeten
de cumulatieve
effecten
worden
gewogen.
Het is wenselijk over bovenstaande punten duidelijke standpunten in te nemen. Een mooie kans om als gemeente Moerdlijk de urgentie van klimaatdoelen en het verbeteren van biodiversiteit op de agenda van de toekomst te zetten. En de gelegenheid om in alle openheid en transparantie de (gedurfde) keuzes te maken die het verschil maken. De wereld staat onder druk en het is nu de tijd om de juiste keuzes te maken.
Dat dit geen populistisch standpunt is wordt door het boekje “De toekomst van Nederland’; van voormalig Rijksbouwmeester Floris Alkemade, onderschreven. Voor eenieder die zich inzet voor de
toekomst van gemeente Moerdijk is dit verplichte literatuur! “Nu een afnemende biodiversiteit en klimaatverandering om structurele ingrepen vragen, mag de burger verwachten dat de overheid staat voor een politiek waaruit ambîtie en daadkracht spreekt”. Uit: De Toekomst van Nederland, pag. 58, Floris Alkemade, Rijksbouwmeester
(geanonimiseerd) | (geanonimiseerd) (geanonimiseerd)
-30 juni 2023 Bijlage 1:
Uit Omgevingsvisie Provincie Noord-Brabant
Bijlage 1 Uit Omgevingsvisie Provincie Noord-Brabant Uit de Omgevingsvisie Provincie Brabant pag. 46 Een veilige leefomgeving Bij het werken aan een veiligere leefomgeving gaat het om het terugbrengen van risico's tot een acceptabel niveau en hef continu zo goed mogelijk voorbereid
zijn op calamiteiten. Bizondere aandacht gaat uit naar de veiligheid op en rondom grote industriële
complexen als het haven- en industriegebied Moerdijk, het vervoer van gevadrlijke stoffen over met name Brabontroute
en
de
kwetspaarheid
van
de
infrastructurele
voorzieningen bij ongewone voorvallen. Beschadiging van hoogspanningsleidingen, defecten van bruggen in
snelwegen en extreme weersomstandigheden leiden al
gauw tot maatschappelijke ontwrichting. Uit de Omgevingsvisie Provincie Brabant pag. 49 We zetten maximaal in op het terugdringen van de emissies van stikstof, fosfaat en overige stoffen die ten koste gaan van de kwaliteit van de
natuurgebieden. We stimuleren innovaties waardoor er minder emissies naar de Iucht optreden
vanuit bedrijfsgebouwen, bemeste percelen en verkeer. Dit draagt aanzienlijk bij aan een
verbetering van de luchtkwaliteit in stad en land, het tegengaan van geurhinder en het verminderen van neerslag van stoffen in nafuurgebieden.
+ We beschermen siiegebieden en gebieden met volop duisternis.
+ We pakken de resterende geluidsoverlast langs provinciale infrastructuur aan (wettelijk verplicht
programmdonderdeel). Uit de Omgevingsvisie Provincie Brabant pag. 50 De Omgevingswet verplicht voor drie onderwerpen
dat zijin een programma worden uitgewerkt. Dat betreft aspecten rondom water, natuurbeheer
en geluid. Wij bezien hoe wij deze (en wellicht andere} programma's vormgeven. Voor alle programma's geldt dat zij aandacht schenken aan de basisthema's ‘gezond, veilig en omgevingskwaliteit’. Uit de Omgevingsvisie Provincie Brabant pag. 51 Klimaatverandering heeft ny al een grofe impact op de
Brabantse leefomgeving en gaat in de toekomst nog meer van zich doen gelden. De verbranding van fossiele brandstoffen levert op landelik niveau een bijdrage van circa 75% aan de tofale uitstoot van broeikasgassen (door CO:-uitstoot]. Besparing n het gebruik van fossiele brandstoffen en grondstoffen en
het overschakelen
naar duurzame vormen van energieopwekking zijn de belangrijkste manieren om vanuit Brabant een bijdrage te leveren aan de beperking van de
CO-uitstoot.
Als Brabant koppelen wij ons beleid aan het Rijksbeleid en
nationale
doelen.
Daarmee
willen we
bereiken
dat we evenredig bijdragen aan de doelstelling van minder dan 2°C opwarming (klimaatakkoord]. Daarvoor is een
drastische
reduclie
van
uitstoot van
COzen
andere broeikasgassen
(waaronder methaan}
Het nationale doel is om
in 2050 80% tot 95%
noodzakelijk.
minder CO: uit te stoten ten opzichte van de uitstoot in
1990. De verwachting is dat dit door de Klimaatwet wordt aangepast tot 95% minder CO:. Nederland
heeft voor 2030 een tussendoel gesteld van 49% CO=reductie. In Brabant nemen wij deze ambitie voor 2030 over als nieuwe,
minimaal
te realiseren ambitie
van 50%. We vertalen dit naar een eigen ambitie voor duurzame energieopwekking, besparing en beperking van
COzuitstoot.
Dit laatste
ook
uit andere
bronnen
dan fossiele brandstoffen. Hoe we de tussendoelstelling
voor 2030 willen bereiken, wordt in het vervolgtraject uitgewerkt.