Bijlage 2 - getekend Gemeentelijk Waterprogramma 2024-2027 Moerdijk - definitief
Tekst van het document
planontwikkeling inmiddels een gescheiden rioolstelsel aanwezig is). We gaan een kaart ontwikkelen die specifiek aangeeft welke gebieden in de gemeente dit zijn.
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
1 Inleiding
2 Beeld huidige situatie
3 Visie en ambitie
Afkoopregeling Waterbank Voor gevallen waarin de bergingsopgave aantoonbaar niet (volledig) inpasbaar is in het plangebied, onderzoeken we de komende planperiode een afkoopmogelijkheid. Dit is een financiële regeling waarmee de bergingsopgave wordt ondergebracht bij de gemeente Moerdijk en zij de opgave elders realiseert. In of in de nabijheid van de kernen gaan we onderzoeken of er “waterbanken” ontwikkeld kunnen worden. Projecten openbare ruimte De rekentool gaat ook gelden voor alle gemeentelijke projecten in de openbare ruimte. Als de waterbergingsmaatregelen niet voldoen aan de 60 mm bergingseis wordt er een bijdrage gedaan aan de waterbank regeling. Communicatie Om onze zorgplichten uit te voeren en onze speerpunten te realiseren, is interne en externe communicatie van belang. We blijven inzetten op communicatie met inwoners en externe organisaties over onder andere een duurzame omgang met hemelwater en klimaatadaptatie. Daarnaast is ons Waterloket beschikbaar voor de beantwoording van basisvragen rondom afval-, hemel-, grond- en oppervlaktewater. Intern communicatie helpt daarnaast onze collega’s in de gemeentelijk organisatie bij de noodzakelijke afstemming over de klimaatbestendige inrichting van het openbaar gebied.
Onderwerpen die bijvoorbeeld verder worden uitgewerkt zijn: ▪ bij wegreconstructies en herbestratingswerkzaamheden in parkeerplaatsen de verharding zoveel mogelijk te vervangen door zgn. “waterpasserende verharding” met berging in de fundering; ▪ de verharding zoveel mogelijk bovengronds afvoer naar de groenstroken in plaats van via kolken inzamelen en ondergronds afvoeren naar het riool; ▪ plantsoenen, grasvelden en bermen niet meer verhoogd aan te leggen maar juist lager om de berging van hemelwater te vergroten; ▪ Moerdijks wegprofiel wat (deels) kan functioneren als waterberging met maximaal enkel waterhinder al gevolg.
26
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
4 Strategie
5 Uitvoeringsprogramma
6 Middelen
Juridische verankering De komende periode volgt een vertaling van dit beleid in het Omgevingsplan om de waterbergingseis juridisch te verankeren. De komende planperiode gaan we ook verkennen welke aanvullende regels (naast de waterbergingseis) we eventueel willen opleggen in het kader van een duurzame omgang met hemelwater. Bijvoorbeeld normen voor hergebruik, het maximeren van bouwoppervlak, bevorderen van een klimaatbestendige inrichting, of het doorvoeren van een maximale afnameverplichting.
4.3
GRONDWATER
Het grondwaterbeleid is gericht op het zo min mogelijk verplaatsen van grondwater, ofwel een zogenaamde hydrologisch neutrale inrichting. Indien grondwater toch wordt verplaatst voeren we dit bij voorkeur niet af naar de RWZI, maar naar oppervlaktewater of in de bodem. Particulier gebied Op particulier terrein is de perceeleigenaar zelf verantwoordelijk voor het tegengaan van grondwateroverlast en/of –onderlast. Dit geldt ook voor funderingsproblemen. Ondergrondse gebruiksruimtes van panden, zoals een kelder of een souterrain, moeten volgens de bouwregelgeving vochtdicht zijn. Van de perceeleigenaar verwachten wij dat hij de vereiste (waterhuishoudkundige en/of bouwkundige) maatregelen neemt om grondwaterproblemen te voorkomen of te bestrijden, voor zover deze problemen niet aantoonbaar worden veroorzaakt door onrechtmatig handelen of nalaten van een ander; particulier of overheid. Dat geldt ook voor woningen/gebouwen met diepe kelders. Ontwateringsdiepte De streefwaarden voor ontwateringsdiepte (gedefinieerd als het verschil tussen maaiveld en de Gemiddeld Hoogste Grondwaterstand (GHG)) is afhankelijk van de aan de grond gegeven bestemming. De gemeente maakt onderscheid naar bestaande gebieden en nieuwbouw. In bestaand stedelijk gebied toetst de gemeente op structureel hoge grondwaterstanden in de openbare ruimte:
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
1 Inleiding
2 Beeld huidige situatie
3 Visie en ambitie
wegen en groenvoorzieningen. Voor nieuwbouwlocaties zijn ook de gewenste ontwateringseisen geformuleerd welke als randvoorwaarde dienen voor de ontwikkeling. De aan de grond gegeven bestemming heeft betrekking op het bovengrondse gebruik zoals wonen, werken, recreatie en verkeer. Ondergrondse bouwwerken als parkeergarages en tunnels moeten zo geconstrueerd zijn dat waterdichtheid gegarandeerd is. Dit geldt ook voor kelders en souterrains van woningen en bedrijven.
4 Strategie
5 Uitvoeringsprogramma
6 Middelen
Tabel 3 Ontwateringseisen nieuwbouw gemeente Moerdijk
Bestemming Woningen met kruipruimte Woningen zonder kruipruimte Groenvoorzieningen Secundaire wegen en woonstraten Primaire wegen Bedrijventerreinen
Streefwaarden ontwateringsdiepte (GHG t.o.v. maaiveld) 0,7 m 0,3 m 0,5 m 0,7 m 1,0 m 1,0 m
Afwijken van streefwaarden Voor de bestaande situatie bestaat het besef dat door natuurlijke geohydrologische omstandigheden de gewenste grondwaterstanden op sommige locaties niet gehaald kunnen worden. Voor deze bestaande situaties kunnen we afwijken van de streefwaarden. Bij een nieuwe ontwikkeling geven we in een dergelijk bestaand gebied aan wat daarbij de gewenste ontwateringsdiepten zijn. Figuur 3: Ontwateringsdiepte en drooglegging
Als gemeente hanteren we de streefpeilen (gewenste ontwateringsdiepten) in Tabel 2 voor de openbare ruimte in bestaand gebied en de ontwateringseisen in Tabel 3 voor nieuwbouw. Tabel 2 Gewenste ontwateringsdiepte openbare ruimte bestaand gebied
Bestemming Groenvoorzieningen Secundaire wegen en woonstraten Primaire wegen Bedrijventerreinen
27
Streefwaarden ontwateringsdiepte (GHG t.o.v. maaiveld) 0,5 m 0,7 m 1,0 m 0,7 m
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
Hinder of structurele overlast Bij incidenteel hoge grondwaterstanden heeft de gemeente geen taak; dit zal de perceeleigenaar moeten accepteren of zal zelf maatregelen moeten nemen om de hinder te beperken. De gemeentelijke zorgplicht treedt in werking als er sprake is van structurele nadelige gevolgen in stedelijk gebied. In Tabel 4 laten we zien hoe we concreet invulling geven aan de kwalitatieve begrippen in de zorgplicht grondwater.
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
1 Inleiding
2 Beeld huidige situatie
3 Visie en ambitie
Tabel 4: Concrete invulling zorgplicht grondwater
Term Structureel te hoge grondwaterstand Aantoonbare nadelige gevolgen
Doelmatige oplossing
Definitie De grondwaterstand is regelmatig gedurende een aaneengesloten periode van minimaal zes weken hoger dan de gewenste (gebiedsafhankelijke) grondwaterstand. We spreken van nadelige gevolgen als de gebruiksmogelijkheden en/of de waarde van een terrein of pand aantoonbaar worden verminderd door een te hoge of te lage grondwaterstand. Nadelige gevolgen kunnen zowel in de openbare ruimte als op particulier terrein optreden. Voorbeelden zijn gezondheidsklachten voor bewoners/gebruikers van panden, schade aan vloeren en/of wanden, schade aan wegconstructies of kabels en leidingen en funderingsschade, als gevolg van droogstand van houten funderingspalen. In de doelmatigheidsafweging voor maatregelen tegen structurele grondwateroverlast worden de volgende aspecten meegenomen: ▪ de kosten van de voorgenomen maatregel moet in verhouding staan tot de overlast/schade; ▪ de voorgenomen maatregel leidt niet tot nieuwe knelpunten (wateroverlast of –onderlast) elders; ▪ waar mogelijk worden maatregelen gecombineerd met andere werkzaamheden in de openbare ruimte; ▪ de kosten van de voorgenomen maatregel moeten passen binnen het geheel aan uitgaven van de gemeente aan de rioleringszorg.
Faciliteren bij grondwateroverlast Indien het vermoeden bestaat dat er grondwateroverlast is in gebieden waar de gewenste streefwaarde voor ontwateringdiepte niet behaald wordt, verrichten we als gemeente lokaal onderzoek.
28
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
4 Strategie
5 Uitvoeringsprogramma
6 Middelen
Wanneer blijkt dat een te hoge grondwaterstand structureel nadelige gevolgen geeft voor de functie van een gebied zullen er doelmatige maatregelen (zie ook Tabel 4) door de verantwoordelijke partij uitgevoerd worden. De regierol van de gemeente betekent niet dat de gemeente alle acties en/of maatregelen zelf moet uitvoeren. De gemeente voert alleen verbeteringsmaatregelen uit als: ▪ sprake is van structurele overlast veroorzaakt door afwijkende grondwaterstanden in openbaar gebied; ▪ niet een andere partij (waterschap, provincie, particulier) verantwoordelijk is voor het probleem; ▪ de mogelijke maatregel doelmatig is. Aandachtsgebieden grondwateroverlast We bepalen de aandachtsgebieden voor grondwateroverlast in Moerdijk op basis van meldingen en op basis van metingen en analyse van het grondwatermeetnet. Op deze locaties leggen we indien nodig en doelmatig drainage bij tijdens vervanging of herstructurering in bestaand gebied. Grondwatermeetnet Wijzigingen in grondwateronttrekkingen en/of het optreden van langdurig droge of natte perioden als gevolg van klimaatverandering kunnen het verloop van de grondwaterstand beïnvloeden. Het is daarom goed om een vinger aan de pols te blijven houden via ons gezamenlijke grondwatermeetnet. We streven naar een natuurlijke fluctuatie zonder dat hierdoor overlast wordt ervaren als gevolg van structureel te hoge of te lage grondwaterstanden.
De gemeente Moerdijk beschikt over een geautomatiseerd grondwatermeetnet. Brabant Water beheert het gemeentelijke grondwatermeetnet, leest en valideert de meetgegevens en beheert deze gegevens voor onze gemeente. Ons meetnet bestaat uit een groot aantal meetpunten, maar sommige peilbuizen zijn dusdanig verspreid dat een inzicht in de grondwaterproblematiek niet mogelijk is. Om een goede uitspraak over het grondwatersysteem te doen, willen we het grondwatermeetnet verbeteren en uitbreiden.
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
1 Inleiding
2 Beeld huidige situatie
3 Visie en ambitie
Ruimtelijke ontwikkeling Bij ruimtelijke ontwikkelingen zetten we in op water en bodem als sturend element. We werken vanuit de randvoorwaarden die het water- en bodemsysteem stellen. De grondwatervoorraad in Brabant staat al lange tijd onder druk, wat zich vertaalt in toenemende waterschaarste in droge tijden, afname van grondwaterstanden en diepte stijghoogten en droogvallende beeksystemen in de zomer.
4 Strategie
Bodemenergiesystemen Met de toenemende behoefte aan duurzame energiebronnen neemt het aantal warmte-koude opslagsystemen (WKO) in de bodem toe. Dit brengt een risico voor de bescherming van het grondwater met zich mee, als niet volgens de voorschriften wordt gewerkt, meldingen niet worden gedaan en hier ook geen controle op is. Hierdoor bestaat de kans dat afsluitende lagen niet goed worden afgedicht en schoon grondwater uittreedt of ondiep, mogelijk vervuild, grondwater intreedt in de watervoerende laag. Over open (vaak grote) WKO-systemen heeft de provincie bevoegdheid. Bij de gesloten (vaak kleine) WKO-systemen heeft de gemeente de mogelijkheid om de toepassing ervan op bepaalde locaties of dieptes uit te sluiten. Bijvoorbeeld omdat op een locatie een open systeem de voorkeur heeft of omdat er reeds te veel systemen zich dicht op elkaar bevinden. Omdat de invloed van WKO-systemen op de waterhuishouding (grondwater en riolering) nog relatief onbekend zijn, gaan we dit als gemeente in afstemming met de waterpartners onderzoeken. De komende planperiode gaan we in gesprek met onze waterpartners over een strategie ten aanzien van bodemenergiesystemen.
29
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
6 Middelen
In het kader van de gebiedsdossiers brengen we al gezamenlijk onze kennis en kunde in bij het inventariseren van locaties en het inschatten en signaleren van de eventuele risico’s. Bij onaanvaardbaar grote risico’s organiseren we een aanpak waarbij ook handhaving een belangrijke rol speelt.
4.4 Structurele grondwaterproblemen op nieuwbouwlocaties voorkomen we door de wijze van bouwen en bouwrijp maken. Bij nieuwbouw in Moerdijk zal zo min mogelijk gebruik worden gemaakt van ontwateringsmiddelen. Indien mogelijk verdiend ophogen de voorkeur. Dit wordt onderzocht door middel van geohydrologisch onderzoek.
5 Uitvoeringsprogramma
OVERIGE ZORGPLICHTEN IN DE WATERKETEN
Drinkwater De waterbedrijven Brabant Water en Evides zorgen ervoor dat er schoon water uit de kraan komt. Met het oog op een duurzame drinkwatervoorziening beschermen we onze bestaande zoetwaterbellen. Aangezien een groot deel van het hemelwater nog wordt afgevoerd, is de grondwaterstand en hiermee de waterwinning gebaat bij afkoppeling van verhard oppervlak en infiltratie van hemelwater in de bodem. In de gebiedsdossiers drinkwaterwinningen zijn risico’s in kaart gebracht om het grondwater (en hiermee het drinkwater) binnen de Waterkring West te beschermen. Oppervlaktewater De waterschappen hebben een zorgplicht voor het oppervlaktewater. Het waterschapsbeleid voor de waterkwaliteit en -kwantiteit leggen zij vast in regionale waterbeheerplannen. Projecten en andere werkzaamheden die uit de uitvoeringsprogramma’s van het waterschap en gemeente voortvloeien, worden op elkaar afgestemd. KRW Om eind 2027 aan de doelen voor de KRW (Kaderrichtlijn Water) te voldoen, heeft het waterschap Brabantse Delta de toekomstige knelpunten in het watersysteem die een belemmering zijn voor de waterkwaliteit in beeld gebracht door middel van de watersysteemanalyses. Welke inzet dit vervolgens vraagt van ons als gemeente, dient in overleg met de waterpartners verder te worden uitgewerkt. Voor de waterketen
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
1 Inleiding
2 Beeld huidige situatie
3 Visie en ambitie
betreft dit voornamelijk effluentstromen en overstorten. Het waterschap verzorgt het proces om samen tot een aanpak te komen.
Oppervlaktewater en de Omgevingswet Het Rijk stelt in het Besluit kwaliteit leefomgeving omgevingswaarden voor luchtkwaliteit, waterkwaliteit, zwemwaterkwaliteit en waterveiligheid. De gemeente kan ervoor kiezen om aanvullende of strengere omgevingswaarden vast te leggen, bijvoorbeeld voor de te behalen waterkwaliteit. Eventuele omgevingswaarden krijgen hun beslag in het Gemeentelijk Omgevingsplan. Uitgangspunt is dat de gemeente (of waterschap) verantwoordelijk is voor het opstellen van een programma bij dreigende overschrijding van de omgevingswaarde, ook als die waarde door het Rijk of de provincie is vastgesteld. Baggeropgave stedelijk water Waterschap Brabantse Delta heeft een meerjarenprogramma opgesteld voor het baggeren. De gemeente heeft hierin de wettelijke ontvangstplicht van het slib, het waterschap voert de baggerwerkzaamheden uit. Aangezien een deel van het slib afkomstig is van de lozingspunten riolering worden de extra benodigde baggerkosten deels gefinancierd vanuit de rioolheffing (20%).
4.5
BIJDRAGEN AAN KLIMAATBESTENDIGHEID
Strategie klimaatadaptatie Op basis van de in 2019 uitgevoerde klimaatanalyse (stresstesten) en de in 2020 gevoerde klimaatdialogen met strategische partners, is in 2021 de Klimaatstrategie. Deze strategie bevat voor Moerdijk de visie, doelen en (aanzet tot een) uitvoeringsplan op klimaatadaptatie langs drie strategische lijnen:
30
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
4 Strategie
▪
▪
▪
5 Uitvoeringsprogramma
6 Middelen
Gezond leef-, werk- en leerklimaat: We beschermen tegen de negatieven effecten van klimaatverandering en bevorderen en nemen initiatief bij de doorontwikkeling naar een gezond leef-, werk- en leerklimaat. Klimaat en het productielandschap 2.0: We faciliteren en promoten een transitie naar een nieuwe toekomstgerichte en klimaatbestendig manier van produceren zonder negatieve invloed op de omgeving. Samen met de natuur: We herstellen het evenwicht met de natuurwaarden en creëren ruimte voor natuur en biodiversiteit op elke schaal.
De Klimaatstrategie omschrijft hierbij de operationele doelen, rol van de gemeente en beoogde meekoppelkansen. Het uitvoeringsplan benoemt hierbij vervolgens concrete acties om onze ambities te realiseren, zowel via reguliere processen als door het maken van bestuurlijke afspraken (Klimaatdeals), vaststelling van specifieke beleidsnotities en beheer- onderhoudsplannen en borging in de meerjarenbegroting. Bestaande situatie Het voorkomen van toekomstige wateroverlast door het blijven verruimen van de ondergrondse riolering is geen optie, dat wordt uiteindelijk veel te kostbaar. We houden daarom bij de (her)inrichting van de openbare ruimte rekening met de verwerking van extreme neerslaghoeveelheden en accepteren dat er wat vaker water op straat zal optreden. Naast waterrobuust willen we de bestaande bebouwde omgeving droogtebestendiger maken. Daartoe zetten we de koers van afkoppelen van verhard oppervlak en infiltratie van hemelwater de komende planperiode door. We zorgen er ook voor dat droogte onderwerp van gesprek wordt bij het klimaatbestendig herinrichten van bedrijventerreinen en versterken de regie op de ondergrond. We gaan kritisch kijken hoe we ons eigen gemeentelijke waterbeleid, aansluitend op het waterbeleid van de waterbeheerders, verder kunnen verduurzamen. Bijvoorbeeld door beleid voor kleine onttrekkingen op te stellen (relevant voor o.a.
sportvelden en plantsoenen) en de waterbehoefte binnen de gemeente te verlagen. We gaan vanuit ons werkveld sterk(er) sturen op het minder bedekken van de bodem (ontharden).
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
1 Inleiding
2 Beeld huidige situatie
3 Visie en ambitie
Nieuwe ontwikkelingen Bij ruimtelijke planprocessen is een sectorgerichte aanpak vaak gangbaar. Om klimaatadaptatie in de verschillende sectoren te integreren beschouwen we het waterbelang in beleidsthema’s/plannen en ontwerpen. We verankeren dit belang waar mogelijk en houden oog voor de koppeling met andere thema’s zoals droogte, hittestress en biodiversiteit. Klimaatadaptatie is als wenselijk opgenomen in ons programma van eisen voor ruimtelijke ontwikkelingen. We verkennen de komende planperiode nog of en hoe we de bestaande Watertoets kunnen verbreden naar een Klimaattoets. Gezonde leefomgeving In de openbare ruimte creëren we ruimte voor hemelwater in de bodem, groen- en speelvoorzieningen en in het oppervlaktewater. We houden hierbij oog voor mogelijke gezondheidsrisico’s en stemmen ons beheer hierop af. Ook houden we bij de herinrichting van de openbare ruimte rekening met vitale infrastructuur zoals toegangswegen en regelinstallaties en kwetsbare objecten zoals ziekenhuizen en verzorgingstehuizen. De benodigde bovengrondse voorzieningen richten we zodanig in dat deze tevens een positieve bijdrage leveren aan het tegengaan van hittestress en positief bijdragen aan een gezonde leefomgeving.
We intensiveren via gerichte communicatie de samenwerking met andere partners (GGD’en, kennisinstellingen, onderwijs, woningcorporaties, etc.) rondom een klimaatbestendige en gezonde leefomgeving.
4.6
BIJDRAGEN AAN EEN GOEDE WATERBALANS
Kwaliteitsbescherming Voor een goede leefomgeving vormt gezond oppervlaktewater van een natuurlijke kwaliteit een vanzelfsprekende randvoorwaarde. Voor de drinkwatervoorziening is grondwater van goede kwaliteit een primaire behoefte in zuidwest Nederland. Oppervlaktewater voedt het grondwater en is hiermee indirect
31
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
4 Strategie
5 Uitvoeringsprogramma
6 Middelen
een buffer voor de drinkwatervoorziening. Bij het afkoppelen van verhard oppervlak houden we rekening met de aandachtspunten zoals benoemd in de provinciale Interim Omgevingsverordening (IOV). Gebiedsgericht grondwaterbeheer Via gebiedsgericht grondwaterbeheer spelen we in op langdurige perioden van droogte en beschermen we ons (toekomstige) drinkwater. Hiertoe sturen we op een goede balans tussen het regionale watersysteem en de gebouwde omgeving voor de opvang van extreme neerslaghoeveelheden. Dit betekent dat waterstromen afkomstig uit landelijk gebied niet leiden tot overlast in de gebouwde omgeving en vice versa. We beperken verdroging van hoge en droge zandgronden door zoveel mogelijk water in de bodem te infiltreren (hemelwater, effluentwater) en waterbergingsgebieden zodanig in te richten dat een bijdrage wordt geleverd aan gezonde en klimaatbestendige leefomgeving. Herstel grondwaterbalans Het herstel van de grondwaterbalans is een gedeeld belang van partijen. Het vraagstuk van droogte en verdroging zal in een brede maatschappelijke context moeten worden geplaatst, waar diverse sectoren, overheden en bedrijfsleven mee te maken hebben en/of zullen krijgen. Het probleem wordt als ernstig en urgent gezien in Brabant en daarbuiten. In de Droogteagenda maken partijen in Brabant afspraken over het vraagstuk van droogte en verdroging.
Waterlopen op orde We richten het beheer van retentievijvers zo doelmatig mogelijk in. Het aantal bovengrondse voorzieningen voor de opvang van overtollig hemelwater zal in de toekomst toenemen. We zien waterschap Brabantse Delta als logische partner om deze op te nemen in het totale beheerareaal conform het beleid ‘waterlopen op orde’. Het waterschap is gespecialiseerd in deze taak en op deze wijze is er één verantwoordelijke partij. Dit geeft duidelijkheid en is (kosten)efficiënt.
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
1 Inleiding
2 Beeld huidige situatie
4.7
3 Visie en ambitie
BIJDRAGEN AAN WAARDEVOL WATER
Als gemeente zamelen we afvalwater in en het waterschap transporteert en zuivert dit afvalwater en verwerkt het tot reststoffen. We kunnen bijdragen aan duurzaamheid en innovatie in de afvalwaterketen, door energie en grondstoffen terug te winnen en schoon water opnieuw te gebruiken in plaats van af te voeren. We volgen de landelijke ontwikkelingen op deze innovaties. Indien de gelegenheid zich voordoet, staan we open voor een bewezen of zeer gedegen onderbouwd alternatief. We investeren bij voorkeur op enkele strategisch gunstige locaties dan op meerdere minder geschikte locaties. Op die strategische locaties bevorderen we innovaties en reserveren daarvoor budget en tijd. Om zicht te krijgen op mogelijke locaties stellen we een kansenkaart op, op basis van het SSW. Concreet gaan we de komende planperiode binnen het samenwerkingsverband Waterkring West een verkennend onderzoek uitvoeren naar drinkwaterbesparingstechnieken door hergebruik van afvalwater (grijswatersystemen) en regenwater.
32
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
4 Strategie
5 Uitvoeringsprogramma
6 Middelen
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
1 Inleiding
2 Beeld huidige situatie
5
3 Visie en ambitie
UITVOERINGSPROGRAMMA
Het uitvoeringsprogramma in dit hoofdstuk geeft weer welke activiteiten en/of maatregelen we als gemeente Moerdijk al dan niet samen met onze waterpartners verrichten om invulling te geven aan de ambities en watertaken in dit GWP. Omdat maatregelen kunnen bijdragen aan meerdere opgaven hebben we deze gegroepeerd per type: planvorming en onderzoek, beheer en onderhoud, uitvoeringsmaatregelen en overig.
33
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
4 Strategie
5 Uitvoeringsprogramma
6 Middelen
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
1 Inleiding
2 Beeld huidige situatie
5.1
3 Visie en ambitie
GEZAMENLIJK PROGRAMMA
Binnen het samenwerkingsverband Water- en Klimaatkring West stellen we jaarlijks een programma vast met onderwerpen waarop we willen samenwerken. Zo ook het gezamenlijk uitvoeren van onderzoeken of ontwikkelen van beleid. De komende planperiode gaan we in de regio aan de slag met een aantal gezamenlijke activiteiten, waar bij de waterpartners een behoefte ligt om (verder) te verkennen of ontwikkelen. Het gaat om: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
5.2
Verkennend onderzoek naar de effecten van droogte en bodemdaling op het functioneren van ons watersysteem. Verkennend/experimenteel onderzoek naar drinkwaterbesparingstechnieken door hergebruik van afvalwater (grijswatersystemen) en regenwater. Verkennen van de impact van het toepassen van composietbuien voor het toetsen van de verwerkingscapaciteit van het watersysteem Verkenning naar het vervangen van de bestaande criteria voor IBA’s door een nieuw, transparant afwegingskader. Verkennend onderzoek naar het benutten van hemelwaterbergingsvoorzieningen als zoetwatervoorraad.
GEMEENTELIJK UITVOERINGSPROGRAMMA
Planvorming en onderzoek Plannen zijn onmisbare elementen in een doelmatig rioleringsbeheer. Om inzicht te behouden en verkrijgen in de toestand en het functioneren van het rioleringssysteem is onderzoek noodzakelijk. Als gevolg van ontwikkelingen en nieuwe inzichten kan behoefte aan planvorming en onderzoek ontstaan of wijzigen. Om deze reden reserveren we hiervoor een jaarlijks budget van € 90.000.
34
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
4 Strategie
5 Uitvoeringsprogramma
6 Middelen
De komende planperiode willen we in ieder geval aan de slag met: ▪ Juridische verankering van ons (hemelwater)beleid in het Omgevingsplan. ▪ Verkennen van en visie ontwikkelen op een doelmatigheidsafweging voor nieuwe lozingen van (huishoudelijk) afvalwater. ▪ (Verder) aan de slag met het Systeemoverzicht Stedelijk Water (SSW). ▪ Onderzoeksprogramma/bijdrage aan samenwerkingsverbanden Water- en Klimaatkring West en SWWB. ▪ (Richting het einde van de planperiode) actualiseren/herzien van het GWP en bijbehorend kostendekkingsplan. Ook blijven we structureel werken aan: ▪ Onderzoeksprogramma mechanische en vrijvervalriolering. ▪ Onderzoeksprogramma stedelijk grondwaterbeheer. ▪ Actualisatie revisiegegevens en mutaties rioolbeheerdata.
Beheer en onderhoud Onderhoudsinspanningen zijn afgestemd op het in stand houden en goed laten functioneren van het systeem, waarbij risico’s optimaal worden vermeden (assetmanagement). De activiteiten in de planperiode staan weergegeven in Tabel 5. De onderhoudskosten maken een significant deel uit van de totale exploitatie van de gemeente Moerdijk. Deze kosten bestaan grotendeels uit het jaarlijks onderhoud van rioleringen, gemalen en rand- en hemelwatervoorzieningen.
Uitvoeringsmaatregelen Voor het in stand houden en optimaliseren van het functioneren van het systeem zijn maatregelen nodig in de vorm van rioolverbetering, vervanging of renovatie. Het moment van vervangen wordt gebaseerd op de inspectieresultaten en/of optredende problemen. Ten behoeve van de verbetering van de afvoercapaciteit en/of een vermindering van de vuiluitworp worden verbeteringsmaatregelen uitgevoerd.
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
1 Inleiding
2 Beeld huidige situatie
3 Visie en ambitie
In Tabel 6 is een overzicht opgenomen van de geplande jaarlijkse budgetten voor uitvoeringsmaatregelen in de periode 2024-2027. Daarbinnen is sprake van zowel verbeter- als vervangingsmaatregelen. We programmeren maatregelen op de korte termijn (planperiode 2024-2027) op basis van risicosturing. Daarbij gaan we uit van beschikbare kwalitatieve gegevens ten aanzien van de toestand van de riolering (verkregen uit visuele inspecties). Voor de lange termijn (2025-2080) is het vervangingsschema bepaald op basis van levensduur, in combinatie met de praktijkervaring van de afgelopen jaren en waar mogelijk de gemeentelijke beheerplannen. Bij de lange termijn programmering is een jaarlijks stabiel investeringsvolume het uitgangspunt. Kosten voor rioolreparatie komen ten laste van het exploitatiebudget. Het vervangen en relinen van de riolering komt ten laste van het investeringsbudget. Voor rioolvervanging gaan we globaal uit van: ▪ 40% vervangen (oude buis vervangen door een nieuwe buis); ▪ 30% relining (sleufloze techniek d.m.v. kousmethode); ▪ 30% ombouw van gemengd naar gescheiden riolering;
Facilitair/overig Om het stedelijke watersysteem goed te beheren, worden ondersteunende activiteiten verricht en diensten afgenomen. Deze worden gegroepeerd onder ‘Facilitair/Overig’. Samen met andere ondersteunende aspecten die betrekking hebben op organisatie en financiën zijn deze opgenomen in Tabel 7.
4 Strategie
5 Uitvoeringsprogramma
Tabel 5 Overzicht beheer en onderhoud. Vermelde bedragen zijn op prijspeil 2023
Activiteit(categorie) Onderhoud vrijvervalriolering en putten (inclusief reiniging en inspectie/reiniging kolken) Onderhoud mechanische riolering Onderhoud stedelijk grondwaterbeheer (inclusief grondwatermeetnet) Bijdrage aan straatreiniging Bijdrage aan baggeren Bestek Groen plus
Jaarlijks budget € 635.000 € 242.500 € 21.500
Tabel 6 Overzicht uitvoeringsmaatregelen. Vermelde bedragen zijn op prijspeil 2023.
Activiteit(categorie) Vrijvervalriolering Mechanische riolering – bouwkundige delen* Mechanische riolering – elektromechanische delen** TOTAAL
2024 € 3.157.000 € 92.500
2025 € 2.820.000 € 72.000
2026 € 2.488.200 € 107.500
2027 € 2.805.650 € 107.500
€ 913.000
€ 913.000
€ 215.000
€ 215.000
€ 4.162.500
€ 3.805.000
€ 2.810.700
€ 3.128.150
*persleidingen, drukriolen etc. *gemalen, randvoorzieningen etc. Tabel 7 Overzicht facilitair/overig. Vermelde bedragen zijn op prijspeil 2023.
TOTAAL
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
€ 112.000 € 54.560 € 70.000 € 1.135.560
TOTAAL
Activiteit(categorie) Overige goederen en diensten Energie Publiekscommunicatie Software Abonnementen
35
6 Middelen
Jaarlijks budget € 2.500 € 140.000 € 20.000 € 40.000 € 4.000 € 206.500
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
1 Inleiding
2 Beeld huidige situatie
6
3 Visie en ambitie
MIDDELEN
De totale vervangingswaarde van en verbeteropgave voor het stedelijk watersysteem in de gemeente Moerdijk bedraagt ca. € 151,6 miljoen. Voor het beheer van dit systeem zijn goede mensen en financiële middelen nodig. In de aankomende periode geven we hieraan gemiddeld € 3,5 miljoen per jaar uit. Geld dat inwoners en bedrijven via de rioolheffing bijeenbrengen. In dit hoofdstuk gaan we in op de benodigde personele en financiële middelen om invulling te geven aan goede en doelmatige water- en rioleringszorg in Moerdijk.
36
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
4 Strategie
5 Uitvoeringsprogramma
6 Middelen
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
1 Inleiding
2 Beeld huidige situatie
6.1
3 Visie en ambitie
PERSONELE MIDDELEN
4 Strategie
6.2
Voor de uitvoering van dit GWP hebben we als gemeente Moerdijk een formatie beschikbaar bestaande uit 6 fte. Eén fte op Klimaat en Water, 2 fte voor beheeradvies riolering (vrijverval en mechanisch), een fte operationeel beheer riolering en 2 fte voor servicemedewerker en toezichthouder. De komende planperiode behouden we deze formatie, inclusief inhuur en uitbesteding via aanbestedingscontracten.
▪
Activiteit(categorie) Personeelskosten rioleringszorg (Team Openbare Ruimte) Overhead (77,13%) TOTAAL
Jaarlijks budget € 520.600 € 401.000 € 921.600
In de financiële doorrekening van het kostendekkingsplan wordt op de loonkosten een deel in mindering gebracht. Dit betreft de toerekening van uren aan investeringen. Deze kosten worden dus vanuit door de rioolheffing gefinancierd, maar vanuit de projectkosten.
▪
6 Middelen
FINANCIËLE MIDDELEN
In het kostenoverzicht investeringsuitgaven.
De personeelskosten voor de bovengenoemde formatie gedurende de planperiode (2024 tot en met 2027) zijn weergegeven in Tabel 8. De overheadkosten die worden toegerekend aan de rioolheffing betreft 77,13% van de loonkosten. Tabel 8 Overzicht loonkosten en overhead. Vermelde bedragen zijn op prijspeil 2023.
5 Uitvoeringsprogramma
maken
we
onderscheid
in
exploitatiekosten
en
Exploitatiekosten zijn activiteiten zoals planvorming, onderzoek, beheer en facilitaire zaken. De kosten van deze uitgaven worden toegeschreven aan het boekjaar waarin deze worden uitgegeven. De onderhoudsactiviteiten betreffen een groot aandeel van de exploitatiekosten. Deze worden jaarlijks hoger door algemene prijsstijgingen, stijgingen van de lonen en vergroting van het areaal. Door efficiënter te werken kan de noodzakelijke prijsstijging zoveel als mogelijk worden beperkt. Investeringsuitgaven bestaan uit vervangingsinvesteringen (bijvoorbeeld rioolvervanging) en verbeteringsinvesteringen (bijvoorbeeld buisvergroting of afkoppelmaatregelen). Investeringen zijn uitgaven voor zaken die meerdere jaren meegaan en vaak worden gekapitaliseerd. De jaarlijkse kosten die daaruit voortkomen (kapitaallasten) bestaan uit rente en afschrijvingen.
In de gemeente Moerdijk werden investeringen voorheen gekapitaliseerd, maar tegenwoordig gefinancierd vanuit spaarbedragen (er ontstaan geen nieuwe kapitaallasten).
Uitgangspunten Om tot een kostendekkend tarief te komen hebben we een financiële doorrekening van de rioolheffing over de gemiddelde levensduur van de riolering gemaakt. Hierbij hebben we de volgende uitgangspunten gehanteerd:
37
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
1 Inleiding
2 Beeld huidige situatie
3 Visie en ambitie
5 Uitvoeringsprogramma
6 Middelen
Rioolheffing
Investeringen
▪ De riool- en waterzorgheffing per (equivalente) heffingseenheid voor het Beheersgebied riolering gemeente Moerdijk bedraagt in 2023 € 288,51. Dit komt overeen met het tarief voor een meerpersoonshuishouden. ▪ De rioolheffing mag op begrotingsbasis maximaal kostendekkend zijn: de geraamde opbrengsten mogen de geraamde lasten niet overstijgen (Gemeentewet artikel 229b). ▪ Reserveren voor tariefsegalisatie en/of toekomstige vervangingsinvesteringen – door dotaties aan de voorziening(en) – is toegestaan. ▪ Reserveren enkel voor uitbreiding van het voorzieningenniveau is niet toegestaan. ▪ De opbrengsten van de rioolheffing mogen niet voor andere doeleinden dan voor het gemeentelijk rioolstelsel (inclusief gronden hemelwatervoorzieningen) worden aangewend ofwel hebben een relatie met de verbrede watertaken.
▪ Het meerjarenplan voor vervanging/relinen van vrijvervalriolering is voor de korte termijn (2023-2027) bepaald op basis van kwalitatieve gegevens. Voor de lange termijn (2028-2082) is het vervangingsschema cyclisch en op basis van levensduur bepaald, waarbij een jaarlijks stabiel investeringsvolume het uitgangspunt is. Deze zijn gebaseerd op ervaringsgetallen uit afgelopen jaren. ▪ Vervangingsschema’s voor rioolgemalen, drukriolering, persleidingen en randvoorzieningen zijn gebaseerd op de kwalitatieve beheergegevens uit beheerplannen en gecombineerd met de technische levensduur. Ook hier is het uitgangspunt om te streven naar jaarlijks stabiele investeringsvolumes. ▪ We gaan uit van onderstaande technische levensduren en fiscale afschrijvingstermijnen per object:
Rente en inflatie ▪ De rente op nieuwe investeringen en boekwaarden bedraagt 2,0% in 2023 en 2,5% vanaf 2024. Deze rente wordt voor het eerst doorbelast aan het begin van het jaar volgend op de investering. ▪ We rekenen geen rente toe op positieve saldi van reserves en/of voorzieningen. ▪ We indexeren de uitgaven niet (als gevolg van inflatie). De rekenresultaten in dit GWP (vanaf 2024) zijn dus op vast prijspeil, exclusief indexatie.
BTW ▪ Jaarlijks belasten we 21% BTW door aan de rioolheffing, op basis van de directe exploitatiekosten.
38
4 Strategie
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
Onderdeel Vrijvervalriolering Persleidingen en drukriolering, bouwkundig Gemalen, bouwkundig Gemalen, mechanisch (pompen, afsluiters etc.) Gemalen, elektronisch en besturing
Technisch 70 jaar 60 jaar 60 jaar 15 jaar 15 jaar
Fiscaal 60 jaar 45 jaar 60 jaar 15 jaar 15 jaar
▪ De onderliggende kostenkengetallen zijn eigen kostenkengetallen. Deze zijn vanuit het voorgaande vGRP geïndexeerd om ze op prijspeil 2023 te brengen.
Voorzieningen ▪ Het saldo van de Tariefsegalisatievoorziening (BBV 44.2), bedraagt per 1 januari 2023 € 18.117.031. ▪ Het saldo van de Spaarvoorziening Rioolvervanging (BBV 44.1d), bedraagt per 1 januari 2023 € 4.078.181. ▪ Het saldo van de voorziening(en) mag gedurende de gehele beschouwde periode niet negatief zijn. ▪ Er is geen maximum gesteld aan het saldo dat gedurende de beschouwde periode in de voorziening(en) wordt begroot.
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
1 Inleiding
2 Beeld huidige situatie
3 Visie en ambitie
Heffingseenheden ▪ Het aantal (equivalente) heffingseenheden voor het Beheersgebied riolering gemeente Moerdijk bedraagt per 1 januari 2023: 15.311. Dit aantal eenheden is berekend door de totale opbrengsten uit de rioolheffing te delen door het standaardtarief van de rioolheffing in 2023. ▪ Het aantal heffingseenheden stijgt in 2023 en 2024 jaarlijks met 296 en in 2025 t/m 2027 jaarlijks met 222. De stijging zet in 2028 t/m 2042 door met jaarlijks 75 eenheden, tot een totaal van 17.694 in 2043.
Toerekening van kosten ▪ Kosten voor straatreinigen rekenen we maximaal 20% toe aan de rioolheffing op basis van het totale jaarlijks budget vanuit het bestek Groen plus. ▪ Kosten voor maai- en baggerwerkzaamheden van retenties, waterpartijen en watergangen rekenen we voor 20% toe aan de rioolheffing indien deze objecten een functie hebben binnen de waterzorgplichten. ▪ De gemeente zet in op een klimaatbestendig Moerdijk en neemt daartoe klimaatadaptatie maatregelen. Veel van deze maatregelen hebben een relatie met de waterhuishouding. De gemeente draagt daarom vanuit de rioolheffing (binnen de kaders van de BBV) bij aan klimaatadaptatie, als dit functioneel bijdraagt aan het waterrobuust en klimaatbestendig maken van het stedelijk watersysteem. De hoogte van de financiële bijdrage wordt per project bepaald naar rato van het positieve effect
4 Strategie
5 Uitvoeringsprogramma
6 Middelen
invordering van rioolheffing onderscheid gemaakt tussen de percelen die binnen het beheersgebied van het Havenbedrijf liggen en de percelen die zijn aangesloten op de gemeentelijke riolering. Het Havenbedrijf Moerdijk heeft in 2022 een Assetmanagementplan riolering en water opgesteld waarin de meerjarenbegroting voor de riolering op het haven- en industrieterrein is opgenomen. De onderbouwing en verantwoording van de benodigde middelen is opgenomen het Assetmanagementplan Riolering en Water Havenbedrijf. Dit geeft invulling aan de borging en de verantwoording van rioleringszorg op haven- en industrieterrein Moerdijk door het Havenbedrijf Moerdijk.
Inkomsten en uitgaven De wettelijke waterzorgplichten en ambities bekostigen we uit de rioolheffing. De heffingsgrondslag in de gemeente Moerdijk bestaat uit een gebruikersheffing (vast bedrag per perceel) plus een tarief voor grootverbruik (501 m3 of meer).
Intreden riool- en waterzorgheffing Door de Vereniging van Nederlandse Gemeente (VNG) is de modelverordening Riool- en waterzorgheffing geïntroduceerd als opvolger van de rioolheffing. De uitvoering van de brede gemeentelijke watertaken gaat namelijk verder dan rioolzorg. Daarom heeft de modelverordening een benaming die meer recht doet aan het gehele takenpakket. Een adequate uitvoering van de zorgplichten is een collectief goed, waar alle percelen (ook zonder rioolaansluiting) hebben profijt.
Uitgangspunten Haven- en Industrieterrein Moerdijk De riolering op het haven- en industrieterrein Moerdijk is binnen de financiering van de gemeentelijke rioleringszorg een op zichzelf staand onderdeel met eigen inkomsten en uitgaven. De aanwezige riolering hier is in eigendom van het Havenbedrijf Moerdijk en voor de bekostiging van het beheer en onderhoud ontvangt het Havenbedrijf jaarlijks een deel van de inkomsten uit de gemeentelijke rioolheffing. Hiervoor wordt sinds de verzelfstandiging in 2017 in de gemeentelijke verordening voor de heffing en
39
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
De hiervoor beschreven uitgangspunten, voorziene planmaatregelen en jaarlijkse werkzaamheden leiden tot het verwachtte uitgavenpatroon in Figuur 4. De uitvoering van (verbeter)maatregelen hangen sterk samen met de planning en afstemming met andere boven- en ondergrondse werkzaamheden, de bedrijfsvoering van de gemeentelijke organisatie en de daaraan gekoppelde ambities. Dit zal uiteindelijk van invloed zijn op het werkelijke uitgavenpatroon.
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
1 Inleiding
2 Beeld huidige situatie
3 Visie en ambitie
4 Strategie
5 Uitvoeringsprogramma
6 Middelen
Figuur 5 Boekwaarden restinvesteringen in de periode 2023-2028. Bedragen op prijspeil 2023 (exclusief indexatie) Figuur 4 Verwacht uitgavenpatroon in de periode 2023-2082. Bedragen op prijspeil 2023 (exclusief indexatie)
Kostendekking In de aankomende planperiode (met doorkijk t/m 2082) financieren we alle investeringen vanuit de spaarvoorziening. Doordat we investeringen niet activeren, ontstaan geen nieuwe boekwaarden en geen nieuwe kapitaallasten (rente- en afschrijvingslasten). Er is alleen nog sprake van restboekwaarde en oude kapitaallasten uit reeds geactiveerde investeringen. Dit boekwaardeverloop is in Figuur 5 weergegeven. Het uitgavenpatroon in Figuur 4, in combinatie met het boekwaardeverloop in Figuur 5, leiden tot het lastenpatroon zoals weergegeven in Figuur 6. Hierin zijn ook de benodigde totale baten weergegeven. Figuur 6 Lastenpatroon versus inkomsten in de periode 2023 t/m 2082. Bedragen op prijspeil 2023 (exclusief indexatie)
40
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
1 Inleiding
2 Beeld huidige situatie
3 Visie en ambitie
De benodigde totale baten zijn in onderstaande grafiek (Figuur 7) vertaald naar de benodigde rioolheffing per eenheid. Tabel 9 geeft de heffingsontwikkeling in de planperiode weer in getallen (exclusief indexatie). De berekening naar heffing per eenheid betreft het basistarief (meerpersoonshuishouden, waterafvoer tot 501 m3).
Figuur 7 Verwacht heffingsverloop in de periode 2024-2082. Bedragen op prijspeil 2023 (exclusief indexatie) Tabel 9 Verwacht heffingsverloop gemeente Moerdijk in de planperiode. Bedragen op prijspeil 2023 (exclusief indexatie)
Jaar 2024 2025 2026 2027
41
Benodigde inkomsten uit rioolheffing € 4.934.926 € 5.028.521 € 5.098.718 € 5.168.914
Aantal (equivalente) heffingseenheden 15.607 15.903 16.125 16.347
Rioolheffing per eenheid € 316,20 € 316,20 € 316,20 € 316,20
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
4 Strategie
5 Uitvoeringsprogramma
6 Middelen
In het bepalen van de hoogte van de benodigde inkomsten (verloop van de heffing) is een evenwicht gezocht tussen het zo goed mogelijk aansluiten bij het lastenpatroon enerzijds, en het niet laten schommelen van het tarief anderzijds. Daarbij is ook de wettelijke regel in acht genomen dat het saldo in de egalisatievoorziening (BBV art. 44.2) in geen enkel jaar negatief mag zijn. Het verloop van de egalisatievoorziening is weergegeven in Figuur 8.
Figuur 8 Verwacht saldoverloop van de egalisatievoorziening en de spaarvoorziening in de periode 2023-2082. Bedragen op prijspeil 2023 (exclusief indexatie)
Analyse ontwikkeling rioolheffing en voorzieningen De rioolheffing kan de eerst periode (tot en met 2037) gelijk blijven. Beleidsmatig gezien (dus exclusief indexatie) zijn in deze jaren de inkomsten in combinatie met de voorzieningen voldoende om de lasten te dekken. Aan het einde van deze periode zakt de egalisatievoorziening terug naar een niveau van ca. 2 miljoen. Om de inkomsten en voorzieningen vanaf dan op peil te houden, is een geleidelijke stijging van de rioolheffing (jaarlijks + 1,0%) nodig gedurende een tijdelijke periode (2038-2042).
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
1 Inleiding
2 Beeld huidige situatie
3 Visie en ambitie
5 Uitvoeringsprogramma
6 Middelen
Na 2042 is volgens het huidige beeld geen (beleidsmatige) stijging van de rioolheffing meer nodig. Vanaf dan kan nog meer geprofiteerd worden van de voordelen van de spaarmethodiek. De jaarlijkse spaarbedragen zijn voldoende om de investeringen te financieren (geen nieuwe kapitaallasten). Tegelijktijdig blijven de oude kapitaallasten teruglopen. Door deze combinatie dalen de totale lasten (beleidsmatig gezien). De rioolheffing kan gelijk blijven (exclusief indexatie) en meermaals aanzienlijk verlaagd worden, om de egalisatievoorziening niet te hoog te laten oplopen.
Het Havenbedrijf zelf hanteert voorzieningen voor het egaliseren van de jaarlijkse onderhouds- en investeringslasten. De gemeente Moerdijk, als inner van de rioolheffing, kan hiernaast een tariefegalisatievoorziening voeren (art. 44.2 BBV). Het doel van deze voorziening is het opvangen van schommelingen in de jaarlijkse beheerslasten enerzijds, en in de verwachte jaarlijkse inkomsten anderzijds. Dit laatste kan fluctueren op basis van de verandering in aantallen en soorten aangesloten percelen.
De spaarvoorziening start in 2023 op 1,4 miljoen. Door in de eerste jaren minder aan de spaarvoorziening toe te voegen dan de jaarlijkse investeringsuitgaven, wordt de spaarvoorziening teruggebracht naar 0,4 miljoen vanaf 2025. Omdat hierna de spaarbedragen gelijk blijven aan de investeringsuitgaven, werkt de beschikbaarheid van deze 0,4 miljoen als een buffer.
In de huidige tariefbepaling voor het beheersgebied Havenbedrijf Moerdijk is als uitgangspunt gehanteerd dat de eventueel aanwezige tariefegalisatievoorziening in een periode van 10 jaar wordt afgebouwd tot €0,-. Dit geeft voldoende weerstandsvermogen tegen onverwachte variaties, zonder dat het saldo te hoog oploopt. Aan het andere uiterste mag deze egalisatievoorziening geen negatief saldo ontwikkelen. Als uit tussentijdse evaluaties blijkt dat het ingezette tariefverloop niet langer passend is (te hoog of te laag) dan kan hier tijdig op gestuurd worden.
Risico’s Bij de interpretatie van de resultaten in dit hoofdstuk dient rekening te worden gehouden met de (actuele) onzekerheden die de rioolheffing zullen beïnvloeden, zoals kostenontwikkelingen van (bouw)materialen, energiekosten, en toenemende opgaven rondom klimaatadaptatie. Om een kostendekkende rioolheffing te behouden, dient deze telkens te worden geïndexeerd op basis van de optredende inflatie. Jaarlijks wordt, bij het vaststellen van de nieuwe programmabegroting, het te hanteren indexatiepercentage bepaald. Naast deze indexatie moet tenminste de beleidsmatige verhoging behouden blijven voor een rioolheffing die aansluit bij dit plan.
Kostendekking Haven- en Industrieterrein Moerdijk De gemeente Moerdijk int de rioolheffing voor het beheersgebied Havenbedrijf Moerdijk, als onderdeel van de totale inkomsten uit de gemeentelijke rioolheffing. De benodigde inkomsten voor dit deel van de heffing worden bepaald door de beheerbegroting van het Havenbedrijf, vermeerderd met een aandeel in de perceptie, loon- en bijkomende kosten gemaakt door de gemeente.
42
4 Strategie
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
Tabel 10 Verwacht heffingsverloop riolering Havenbedrijf periode 2024 t/m 2027. Vermelde bedragen zijn op prijspeil 2023 en exclusief inflatiecorrectie
Jaar
2024 2025 2026 2027
Benodigde inkomsten uit rioolheffing € 1.592.750 € 1.604.511 € 1.616.360 € 1.628.295
Aantal (equivalente) heffingseenheden 3.610 3.610 3.610 3.610
Rioolheffing per eenheid per 1/1
Stijging per 31/12
€ 441,16 € 444,42 € 447,70 € 451,01
+ 0,7% + 0,7% + 0,7% 0,0%
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
7
43
BIJLAGEN
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
BIJLAGE A WETTELIJK KADER
iv.
het beheer van watersystemen, voor zover toegedeeld bij omgevingsverordening als bedoeld in artikel 2.18, tweede lid, of bij ministeriële regeling als bedoeld in artikel 2.20, derde lid, (art. 2.18: als beheer van specifieke provinciale wateren niet aan waterschap, maar aan gemeente is toegewezen, art. 2.20: als beheer van specifieke rijkswateren aan gemeente is toegewezen)
v.
de zuivering van stedelijk afvalwater, in gevallen waarin toepassing is gegeven aan artikel 2.17, derde lid (als met waterschap is overeengekomen dat zuivering door gemeente doelmatiger is, bijvoorbeeld via een IBA)
In de Omgevingswet - Artikel 2.16 (gemeentelijke taken voor de fysieke leefomgeving) zijn de wettelijke watertaken van de gemeente opgenomen (cursief is door ons een korte toelichting opgenomen). 1.
Bij het gemeentebestuur berusten, naast de elders in deze wet en op grond van andere wetten aan dat bestuur toegedeelde taken voor de fysieke leefomgeving, de volgende taken: a.
op het gebied van het beheer van watersystemen en waterketenbeheer: i.
ii.
iii.
44
de doelmatige inzameling van afvloeiend hemelwater, voor zover de houder het afvloeiend hemelwater redelijkerwijs niet op of in de bodem of een oppervlaktewaterlichaam kan brengen, en het transport en de verwerking daarvan, (dit is de zorgplicht hemelwater) het treffen van maatregelen in het openbaar gemeentelijke gebied om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de op grond van deze wet aan de fysieke leefomgeving toegedeelde functies zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken, voor zover het treffen van die maatregelen doelmatig is en niet op grond van artikel 2.17, 2.18 of 2.19 tot de taak van een waterschap, een provincie of het Rijk behoort, (dit is de zorgplicht grondwater) de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater, (dit is de zorgplicht stedelijk afvalwater)
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
2.
b.
het behoeden van de staat en werking van openbare wegen, voor zover niet in beheer bij een waterschap, een provincie of het Rijk, voor nadelige gevolgen van activiteiten op of rond die wegen,
c.
de beheersing van geluid afkomstig van wegen in beheer bij de gemeente, lokale spoorwegen, voor zover deze niet zijn aangewezen op grond van artikel 2.13a, eerste lid, aanhef en onder b, en industrieterreinen, voor zover deze niet zijn aangewezen op grond van artikel 2.12a, eerste lid.
Op grond van het eerste lid, onder a, onder 3°, wordt stedelijk afvalwater ingezameld en getransporteerd naar een zuiveringtechnisch werk als dat vrijkomt: a.
op de percelen, gelegen binnen een bebouwde kom van waaruit stedelijk afvalwater met een vervuilingswaarde van ten minste tweeduizend inwonerequivalenten als bedoeld in de richtlijn stedelijk afvalwater wordt geloosd, door middel van een openbaar vuilwaterriool, (als een bebouwde kom al boven de drempel van 2000 VE zit moet elk nieuw perceel daarbinnen gerioleerd worden).
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
b.
3.
op andere percelen, voor zover dit doelmatig kan worden uitgevoerd door middel van een openbaar vuilwaterriool. (De landelijke afstands- en vervuilingscriteria komen vooralsnog in de bruidsschat terecht en blijven daarmee van kracht tot waterschap en gemeente(n) daar samen een eventuele nieuwe invulling aan geven)
In plaats van een openbaar vuilwaterriool en een zuiveringtechnisch werk kunnen andere passende systemen in beheer bij een gemeente, een waterschap of een rechtspersoon die door een gemeente of waterschap met het beheer is belast, worden toegepast, als daarmee hetzelfde niveau van het beschermen van het milieu wordt bereikt. (Dit biedt de mogelijkheid om alternatieve zuiveringen toe te staan).
Ad 2a. De Europese Commissie wil de richtlijn voor behandeling van stedelijk afvalwater aanscherpen. Naast aangescherpte lozingsregels bestaat het voornemen om gemeenten met 1.000 inwoners te verplichten om water te zuiveren (tegenover 2.000 inwoners nu). Nadere informatie over waterbeleid is te vinden op: www.helpdeskwater.nl www.infomil.nl www.riool.net www.stowa.nl www.wetten.overheid.nl www.samenwerkenaanwater.nl www.ruimtelijkeadaptatie.nl www.omgevingswet.nl www.iplo.nl
45
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
BIJLAGE B TAKEN EN BEVOEGDHEDEN Bij het uitvoeren van dit GWP hebben we te maken met verschillende taken en bevoegdheden van de diverse waterpartners en nieuwe uitdagingen en ontwikkelingen waar we op willen anticiperen. De zorg en verantwoordelijkheid voor de gehele waterketen is in handen van gemeenten, waterschappen, waterbedrijven, provincie en perceeleigenaren. Iedere partij heeft hierin zijn eigen verplichtingen en bevoegdheden, die zijn vastgelegd in wetgeving of beleid.
46
Actor
Taken bevoegdheden
Europa
Op 22 december 2000 is de Kaderrichtlijn Water (KRW) van kracht geworden. De KRW is een Europese richtlijn, die bedoeld is om de kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater op goed niveau te krijgen en te houden. In 2027 moeten alle EU-lidstaten voldoen aan de doelen die de Kaderrichtlijn Water (KRW) stelt. Provincies stellen de ecologische doelen en de begrenzing van de regionale KRW-waterlichamen vast en zijn daarnaast verantwoordelijk voor grondwater. Het beheer van regionale KRW-waterlichamen is in handen van de waterschappen.
Rijk
Het Rijk is verantwoordelijk voor het nationale beleidskader en de strategische doelen en maatregelen voor het waterbeheer in Nederland. Op grond van Europese regelgeving en de nationale Waterwet zijn iedere 6 jaar nationale plannen voor water nodig. In het NWP komen het oude Nationaal Waterplan (voor beleid) en het Beheeren ontwikkelplan voor de rijkswateren (voor beheer) samen. Daarnaast zijn het Programma Noordzee, de stroomgebiedbeheerplannen en de overstromingsrisicobeheerplannen onderdeel van het NWP. Hiermee geeft het programma invulling aan de Europese richtlijnen voor water. Volgens Omgevingsbesluit artikel 8.14 dient het Nationaal Waterprogramma elke zes jaar te worden geactualiseerd door het Rijk.
Provincie
De provincie is verantwoordelijk voor de vertaling van het rijksbeleid naar een regionaal beleidskader en voor strategische regionale opgaven. De provincie is opsteller van het Regionaal Water en Bodem Programma (RWP). Dit is de opvolger van het Provinciaal Milieu en Waterplan. Het is onderdeel van het planstelsel voor de wateropgaven in Nederland, samen met het Nationaal Waterprogramma (NWP) en de waterbeheerprogramma’s van de waterschappen. De provincie is tevens bevoegd gezag voor vergunningverlening, het toezicht en handhaving van onderstaande grondwateronttrekkingen en -infiltraties: • Grote industriële onttrekkingen • Grondwateronttrekkingen t.b.v. drinkwaterwinning • Bodemenergiesystemen Ten aanzien van het Gemeentelijk Waterprogramma (GWP) heeft de provincie een adviserende en toetsende rol. De provincie kan een aanwijzing geven indien er tegenstrijdigheden zijn tussen het GWP en de provinciale plannen. De provincie is opsteller van de Brabantse Omgevingsvisie (2018).
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
Actor
Taken bevoegdheden
Waterbeheerder
De waterbeheerder is verantwoordelijk voor het operationeel regionaal waterbeheer. De waterbeheerder draagt zorg voor droge voeten (veiligheid), schoon, voldoende en aantrekkelijk water. Conform artikel 3.7 uit de Omgevingswet stelt de waterbeheerder periodiek een Waterbeheerprogramma op, wat rekening houdt met het Regionale Waterprogramma. De waterbeheerder heeft een zorgplicht voor de zuivering van stedelijk afvalwater en is bevoegd gezag voor directe lozingen op de rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI) en (in)directe lozingen op het oppervlaktewater. Voor de regulering van lozingen op de riolering heeft de waterbeheerder een adviserende rol naar gemeenten. De waterbeheerder heeft ook een zorgplicht voor het beheer van regionale wateren en keringen. Handelingen in het oppervlaktewatersysteem reguleren waterschappen via de waterschapsverordening (keur). De waterbeheerder is verantwoordelijk vergunningverlening, toezicht en handhaving van grondwateronttrekkingen en infiltraties binnen het beheergebied (met uitzondering van de drie categorieën waarvoor de provincie verantwoordelijk is). Om de waterbelangen bij ruimtelijke ontwikkelingen veilig te stellen doorlopen waterschap en gemeente bij alle ruimtelijke ontwikkelingen de watertoetsprocedure. Ten aanzien van het Gemeentelijk Waterprogramma (GWP) heeft het waterschap een adviserende rol.
Drinkwater beheerder
Drinkwaterbedrijven zorgen voor schoon drinkwater. Overheden die (in)direct betrokken zijn bij de bescherming van drinkwater hebben een verantwoordelijkheid voor de invulling van de zorgplicht drinkwater. Deze zorgplicht is opgenomen in de Drinkwaterwet. De zorgplicht drinkwater geldt zowel voor de bescherming van bronnen van drinkwater als voor de infrastructuur. De gemeente heeft drie zorgplichten t.a.v. stedelijk waterbeheer: • Doelmatige inzameling en transport van stedelijk afvalwater naar een zuiveringstechnisch werk (Wm art. 10.33) • Doelmatige inzameling en verwerking van hemelwater dat perceeleigenaren redelijkerwijs niet zelf kunnen verwerken (Ww art. 3.5) • Treffen van doelmatige maatregelen om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming te voorkomen of zoveel mogelijk te beperken. Voorwaarde hierbij is dat de maatregelen doelmatig zijn en niet tot de zorg van het waterschap/provincie behoren.
Gemeente De gemeente is het loket te voor grondwatervraagstukken binnen haar beheersgebied (Ww art.3.6). Ook is de gemeente deels bevoegd gezag voor bodemenergiesystemen. Lozingen van (afval)water zijn per doelgroep geregeld via lozingenbesluiten. In de meeste gevallen is de gemeente hiervoor het bevoegd gezag. Bij de verwerking van (afval)water dient de gemeente rekening te houden met de wettelijke voorkeursvolgorde. De uitvoering van de gemeentelijke taken kan effecten hebben op de kwaliteit van het oppervlaktewater. Hoe gemeenten die plichten vervullen, leggen ze vast in het GWP. Omgevingsdienst
De Omgevingsdienst is een overheidsorganisatie die als primaire taak heeft om vergunningverlening, toezicht en handhaving uit te voeren op milieugebied (VTH-milieutaken).
Netwerkorganisatie, die als primaire taak heeft om invulling te geven aan een (meer) doelmatig waterbeheer. Een regionaal samenwerkingsverband bestaat meestal uit Regionaal vertegenwoordigers van gemeenten, waterschap(pen) en drinkwaterbedrijf/drinkwaterbedrijven. We hebben een Samenwerkingsovereenkomst Water- en Klimaatkring samenwerkingsverband West (WKW) met de gemeenten Bergen op Zoom, Halderberge, Moerdijk, Roosendaal, Steenbergen, Woensdrecht, waterschap Brabantse Delta, Brabant Water N.V., Evides N.V.
47
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
48
Actor
Taken bevoegdheden
Perceelseigenaar
De perceeleigenaar is verantwoordelijk voor de staat van zijn woning en perceel. Dit betekent dat hij zelf verantwoordelijk is voor het op eigen perceel treffen van maatregelen om de waterdichtheid te garanderen en voor de inzameling van stedelijk afvalwater en overtollig hemel- en grondwater. Pas als de perceeleigenaar zich redelijkerwijs niet kan ontdoen van het overtollige hemel- en grondwater, ligt er een taak voor gemeente of waterschap. De perceeleigenaar heeft ook een zorgplicht. Dit betekent dat hij geen handelingen mag verrichten waarvan hij of zij kan verwachten dat deze het doelmatige functioneren van (water)voorzieningen belemmeren.
Onze referentie: FEHY2XEU56JT-607627100-663:03 - Datum: 1 september 2023
GEMEENTELIJK WATERPROGRAMMA 2024-2027
BIJLAGE C REFERENTIESCHEMA STEDELIJK WATERBEHEER De referentielijn betreft de gezamenlijke visie vanuit de Water- en Klimaatkring West. Elke gemeente in de samenwerking onderschrijft deze visie maar heeft ook de ruimte om hier gemotiveerd van af te wijken. Lokale omstandigheden of interdisciplinaire afstemming binnen de gemeentelijke organisatie kunnen tot andere keuzes of aanvullingen leiden. De lokale beleidskeuzen zijn in onderstaand overzicht naast de regionale referentielijn weergegeven.
(STEDELIJK) AFVALWATER
Referentielijn gezamenlijke (lange termijn) visie
Beleidskeuzen gemeente Moerdijk
Visie op afvalwaterbeheer
De inzameling en transport van (afval-)water is van belang voor een gezonde, veilige en comfortabele leefomgeving.
Idem gezamenlijke visie
Gemeente heeft verbrede zorgplicht aanvaard. Alle percelen en woonschepen op het gemeentelijk grondgebied waar afvalwater vrijkomt, moeten zijn voorzien van een aansluiting op de riolering, uitgezonderd bij specifieke situaties waar lokale behandeling doelmatiger is. Een IBA-systeem (Individuele Behandeling van Afvalwater) is voor de lozing van huishoudelijk afvalwater niet toegestaan als binnen 40 meter van de erfgrens riolering ligt. Voor WMinrichtingen is het afstandscriterium gekoppeld aan de omvang van de lozing (conform activiteitenbesluit).