Bijlage 1 - Was-wordt-tabel
Tekst van het document
Bijlage 3 Was-wordt-tabel: Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Artikel Was
Wordt
3.1
Een raadslid dat lid is van de Onderzoekscommissie als bedoeld in artikel 155a, derde lid, van de Gemeentewet wordt voor de duur van de activiteiten van die commissie ten laste van de gemeente een toelage toegekend van € 120,00 per maand. De toelage is per jaar maximaal driemaal de maandelijkse vergoeding voor de werkzaamheden, bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
Een raadslid dat lid is van de Onderzoekscommissie als bedoeld in artikel 155a, derde lid, van de Gemeentewet wordt voor de duur van de activiteiten van die commissie ten laste van de gemeente een toelage toegekend van € 153,33 per maand (prijspeil 1 juli 2024). De toelage is per jaar maximaal driemaal de maandelijkse vergoeding voor de werkzaamheden, bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
3.2
Een raadslid dat lid is van de Rekeningcommissie en / of van de Werkgeverscommissie is lid van een bijzondere commissie als bedoeld in artikel 3.1.4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
Een raadslid dat lid is van de Auditcommissie en/of van de Werkgeverscommissie is lid van een bijzondere commissie als bedoeld in artikel 3.1.4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
3.3
Voor de duur van de activiteiten van de commissie als bedoeld in lid 2 wordt een toelage toegekend van € 27,50 per maand. De toelage is gebaseerd op de hoogte van de presentiegelden voor burgerleden van de Rekeningcommissie op basis van vier vergaderingen per jaar en wordt conform aangepast.
Voor de duur van de activiteiten van de commissie als bedoeld in lid 2 wordt een toelage toegekend van € 32,07 per maand (prijspeil 2024). De toelage is gebaseerd op de hoogte van de presentiegelden voor burgerleden van de Rekeningcommissie op basis van vier vergaderingen per jaar en wordt conform aangepast.
4
Voor reizen buiten het grondgebied van de gemeente ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur als bedoeld in artikel 97 Gemeentewet worden aan een raads- of commissielid vergoed:
1. Voor reizen als bedoeld in artikel 3.1 van de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.1.7 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke
Artikel Was
5
Wordt
de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer; bij gebruik van een eigen auto het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt . Voor reizen buiten het grondgebied van de gemeente, ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur, worden aan een raadslid of commissielid bij gebruik van eigen auto tevens de parkeer-, veer- en tolkosten vergoed; Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed. Als een raadslid of commissielid een tijdelijke functionele beperking heeft, kan voor reizen als bedoeld in het eerste lid, een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking gesteld. De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfkosten die een raadslid of commissielid maakt in verband met reizen buiten het grondgebied ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur worden ten laste van de gemeente vergoed.
ambtsdragers worden aan een raads- of commissielid vergoed: a. de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer; b. bij gebruik van een eigen vervoersmiddel het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt alsmede de parkeer- of stallingskosten, veerkosten en tolkosten;
Een raads- of commissielid dat wil deelnemen aan nietpartijpolitiek georiënteerde scholing in verband met de vervulling van zijn functie als bedoeld in artikel 3.3.3 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, dient daartoe vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de griffier. Deze aanvraag gaat vergezeld van stukken met inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie. Het presidium beslist op de aanvraag op basis van de overlegde stukken.
1. Een raads- of commissielid dat wil deelnemen aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing in verband met de vervulling van zijn functie als bedoeld in artikel 3.3.3 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, dient daartoe vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de griffier.
2. Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed. 3. Als een raadslid of commissielid een functionele beperking heeft, kan incidenteel een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking worden gesteld. 4. De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfkosten die een raadslid of commissielid maakt in verband met reizen, gemaakt voor de uitoefening van de functie, worden ten laste van de gemeente vergoed.
2. Deze aanvraag gaat vergezeld van stukken met inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie.
Artikel Was
6
Wordt
Uiterlijk 1 april 2020 vindt een evaluatie van deze regeling plaats.
3. Het presidium beslist op de aanvraag op basis van de overlegde stukken.
Een raads- of commissielid tekent een bruikleenovereenkomst wanneer hem ten laste van de gemeente voor de duur van de uitoefening van zijn functie informatie- en communicatievoorzieningen ter beschikking worden gesteld bedoeld in artikel 3.3.2 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast. Een raads- of commissielid levert na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde informatie- en communicatievoorzieningen in bij de gemeente. Een raads- of commissielid die reeds in 2018 op grond van de toenmalige rechtspositie een vergoeding voor ICT hulpmiddelen ontving, behoudt het recht op de bestaande vergoeding tot einde van de looptijd van de vergoeding dan wel einde van de functie.
1. Een raads- of commissielid tekent een bruikleenovereenkomst wanneer hem ten laste van de gemeente voor de duur van de uitoefening van zijn functie informatie- en communicatiemiddelen ter beschikking worden gesteld bedoeld in artikel 3.3.2 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast. 2. Een raads- of commissielid levert na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde informatie- en communicatiemiddelen in bij de gemeente. 3. In afwijking van lid 2 is overname van informatie- en communicatiemiddelen mogelijk onder de volgende voorwaarden: a. het ICT-middel is door of namens de gemeente geschoond met speciale software conform Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO); b. het raads- of commissielid betaalt de gemeente de resterende waarde in het economische verkeer van het ICT-middel.
10 11
De Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden gemeente Moerdijk vastgesteld d.d. 30 maart 2017 wordt ingetrokken. Deze verordening treedt in werking met ingang van [de dag na de datum van publicatie van het Gemeenteblad waarin deze verordening wordt geplaatst en werkt terug tot en met] 1 januari 2019.
De Verordening rechtspositie raads- en commissieleden 2019, vastgesteld op 6 juni 2019, wordt ingetrokken. Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 september 2024.
Artikel Was
Wordt
12
Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening rechtspositie raads- en commissieleden 2024.
Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Moerdijk 2019.