Bijlage 1, verordening op de auditcommissie Moerdijk
Tekst van het document
VERORDENING AUDIT-COMMISSIE GEMEENTE MOERDIJK
De raad van de gemeente Moerdijk, in zijn vergadering van 10 maart 2022: gelezen het voorstel van de rekeningcommissie d.d. 9 december 2021. gelet op de artikelen 84, 108 lid 1, 147 lid 1 en 149 van de Gemeentewet, BESLUIT vast te stellen de : VERORDENING AUDIT-COMMISSIE GEMEENTE MOERDIJK
Hoofdstuk 1 Begripsbepaling Artikel 1
Begripsomschrijving
In deze verordening wordt verstaan onder: a)
b) c)
d) e)
lid: lid van de Auditcommissie; burgerlid: lid van de raadscommissie dat geen lid van de gemeenteraad is, zoals geregeld in de Verordening raadscommissie;
voorzitter: voorzitter van de Auditcommissie of diens vervanger; griffier: griffier van de raad of diens vervanger; vergadering: vergadering van de Auditcommissie
Hoofdstuk 2 Taken, lidmaatschap, voorzitterschap en ondersteuning Artikel 2 1.
Taken
De Auditcommissie adviseert de raad over: a.
de opdrachtverlening voor de accountantscontrole, zoals bedoeld in artikel 2 van de
b.
de rapportages van de accountant, zoals bedoeld in leden 1 en 4 van artikel 7 van de
c. d.
Controleverordening, inclusief de aanwijzing van speerpunten voor de controle; Controleverordening;
Het voorbereiden van de periodieke aanbesteding van de accountantsfunctie overeenkomstig het gestelde in de controleverordening gemeente Moerdijk.
de benoeming, het ontslag en het op non-actief stellen van de leden van de
Rekenkamer(commissie), zoals bedoeld in artikelen 4, 8 en 9 van de Verordening gemeentelijke Rekenkamer(commissie);
e.
het onderzoeksplan en verzoeken om onderzoek te doen, zoals bedoeld in artikel 14 en 15 van de
f.
het proces rond de uit te voeren rekenkameronderzoeken, waaronder de voortgang van het
g. 2.
Verordening gemeentelijke rekenkamercommissie;
onderzoek, het overleg met vertegenwoordigers uit de gemeenteraad , etc.
de opvolging van door de raad aangenomen aanbevelingen voortvloeiend uit rekenkameronderzoek.
De Auditcommissie adviseert de raad en voert overleg met het college over: a.
b. c.
d. e. f.
g.
het oordeel over de rechtmatigheid en doelmatigheid van de in de ontwerp jaarrekening en het ontwerpjaarverslag door het college afgelegde verantwoording over het gevoerde financieel beheer en beleid;
de kadernota, de begroting en meerjarenbegroting en de tussentijdse bestuursrapportages; de aanpassingen van de verordeningen ex artikel 212, 213 en 213a van de Gemeentewet; het risicomanagement en het risicomanagementinstrumentarium;
de financiële richtlijnen en de documenten uit de p. en c-cyclus van verbonden partijen; rapportages en verantwoording rond gegevensverwerking en gegevensuitwisseling en verantwoordingen die ook aan derden moeten worden verstrekt; rapportages in het kader van het Interbestuurlijk toezicht.
3.
De Auditcommissie fungeert voor de accountant en de Rekenkamer(commissie) als vertegenwoordiger
4.
De Auditcommissie kan voor de voorbereiding of de uitvoering van bijzondere taken of opdrachten uit
5.
van de gemeenteraad en is tevens klankbord van de accountant en de Rekenkamercommissie.
haar midden een subcommissie aanwijzen. De subcommissie rapporteert aan de Auditcommissie. De Auditcommissie laat zich informeren door het college, ambtenaren, inwoners, instellingen,
bedrijven of anderszins deskundigen over voorstellen en onderwerpen inzake de gemeentefinanciën
Artikel 3 1. 2. 3.
Samenstelling
De Auditcommissie bestaat uit hoogstens één lid namens elke raadsfractie.
De in het eerste lid genoemde leden worden door de raad op bindende voordracht van de raadsfracties benoemd.
Bij afwezigheid van een commissielid kan op zijn verzoek een raads- of burgerlid namens de fractie als toehoorder tot de vergadering worden toegelaten.
Artikel 4
Voorzitter
1.
De raad benoemt uit zijn midden de voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter van de
2.
Indien zowel de voorzitter als een plaatsvervanger verhinderd zijn, wordt het voorzitterschap
3.
Auditcommissie.
waargenomen door het langstzittende lid van de raad in de vergadering. Indien meer leden in de
vergadering even lang raadslid zijn, vindt de waarneming plaats door het oudste lid in jaren van hen. De voorzitter is belast met:
a.
het voorbereiden en afhandelen van de vergadering
c.
het handhaven van de orde in de vergadering;
b. d. e. f.
het leiden van de vergadering;
de communicatie die van de commissie uitgaat;
hetgeen hem door deze verordening verder wordt opgedragen; het doen naleven van deze verordening.
Artikel 5 1.
Zittingsduur en vacatures
De zittingsperiode van een lid eindigt in ieder geval aan het einde van de zittingsperiode van de raad.
2.
Op voorstel van de raadsfractie op wiens voordracht het lid is benoemd, besluit de raad tot het ontslag
3.
De Auditcommissie kan de raad verzoeken de voorzitter of zijn plaatsvervanger uit zijn functie te
4. 5.
van het betreffende lid. ontslaan.
Een lid kan altijd ontslag nemen. Hij doet daarvan schriftelijk mededeling aan de raad. Het ontslag gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of zoveel eerder als zijn opvolger is benoemd.
Indien een raadsfractie blijkend uit een schriftelijke verklaring aan de voorzitter van de raad niet langer vertegenwoordigd is in de raad, vervalt het lidmaatschap van het lid dat op voordracht van die raadsfractie is benoemd, van rechtswege.
Artikel 6 1.
2. 3. 4.
5.
Ondersteuning
De griffier dan wel een door hem aangewezen medewerker op de griffie adviseert de Auditcommissie over werkwijze, te behandelen onderwerpen en uit te brengen adviezen en ondersteunt de vergaderingen van de commissie.
De griffier of een door hem aangewezen medewerker op de griffie is in iedere vergadering aanwezig. De concerncontroller is aangewezen als adviseur om de Auditcommissie te ondersteunen bij zijn werkzaamheden.
In zijn hoedanigheid van adviseur van de Auditcommissie treedt de concerncontroller onafhankelijk op en is hij geen verantwoording schuldig aan het college van burgemeester en wethouders of de gemeentesecretaris.
De controlerend accountant of diens plaatsvervanger treedt op als adviseur van de Auditcommissie.
Hoofdstuk 3 Aanwezigheid college, burgemeester, gemeentesecretaris en overige ambtenaren Artikel 7
Burgemeester, wethouders en gemeentesecretaris
1.
De voorzitter kan de burgemeester, één of meer wethouders en de gemeentesecretaris uitnodigen in
2.
Indien de burgemeester, een wethouder of de gemeentesecretaris in een vergadering, waarvoor zij niet
3.
de vergadering aanwezig te zijn en aan de beraadslagingen deel te nemen.
zijn uitgenodigd, willen deelnemen aan de beraadslagingen, doen zij hiertoe, via de griffie, een verzoek aan de voorzitter. De Audit-commissie beslist op dit verzoek.
De burgemeester en de wethouders kunnen zich ambtelijk laten ondersteunen.
Hoofdstuk 4 Vergaderingen Artikel 8
Vergaderfrequentie en openbaarheid
1. De Auditcommissie vergadert volgens een jaarlijks vergaderschema. 2. De Auditcommissie vergadert voorts indien de voorzitter het nodig oordeelt of indien tenminste twee leden schriftelijk met opgaaf van redenen daarom verzoeken.
3. De voorzitter kan in bijzondere gevallen een andere dag of aanvangsuur bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen. De voorzitter voert hierover overleg met de griffier.
4. De vergaderingen van de Auditcommissie zijn niet openbaar
Artikel 9
Oproep
1. De voorzitter zendt ten minste vijf werkdagen vóór een vergadering aan de leden via e-mail een oproep onder vermelding van de dag, het tijdstip en de plaats van de vergadering.
2. De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken worden uiterlijk tegelijkertijd met de oproep aan de leden in het raadsinformatiesysteem geplaatst
3. Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld in artikel 10, tweede lid, worden deze
agenda en de daarop vermelde voorstellen of onderwerpen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48 uur vóór aanvang van de vergadering aan de leden gezonden.
4. Een afschrift van de agenda met bijbehorende stukken worden gelijktijdig beschikbaar gesteld aan de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders
Artikel 10 De agenda 1. Voordat de oproep wordt verzonden, stelt de voorzitter de agenda van de vergadering voorlopig vast. 2. In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden van de oproep tot uiterlijk 48 uur vóór de aanvang van een vergadering een aanvullende agenda opstellen.
3. Bij aanvang van de vergadering stelt de Auditcommissie de agenda vast. Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de Auditcommissie bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan de agenda toevoegen of van de agenda afvoeren.
Artikel 11 Opening vergadering; quorum 1. 2.
De voorzitter opent de vergadering indien meer dan de helft van het aantal zitting hebbende commissieleden tegenwoordig is
Wanneer een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het vereiste aantal leden aanwezig is, bepaalt de
voorzitter dag en uur van de volgende vergadering, op een tijdstip dat ten minste vierentwintig uur na het bezorgen van de schriftelijke oproep is gelegen.
Artikel 12 Verslaglegging en verantwoording 1.
Onder zorg van de griffier wordt van hetgeen in de vergaderingen is besproken en besloten een
2.
Het verslag bevat:
beknopt verslag opgesteld. a)
De namen van de aanwezige leden en van andere aanwezige personen, en in welke hoedanigheid
b)
De namen van de afwezige leden
c)
d) 3. 4. 5. 6.
e)
zij aan de vergadering deelnemen
De vermelding van de zaken die aan de orde zijn geweest Een zakelijke samenvatting van het besprokene De conclusie van de beraadslagingen
Een afschrift van het concept-verslag wordt aan de leden van de Auditcommissie, de gemeenteraad en van het college van burgemeester en wethouders gezonden Het verslag van de vergaderingen is niet openbaar.
De Auditcommissie stelt jaarlijks in het derde kwartaal een werkplan op voor het volgende jaar en legt dit plan voor aan de gemeenteraad.
De Auditcommissie legt jaarlijks in een verslag over zijn werkzaamheden verantwoording af aan de gemeenteraad.
Artikel 13 Inlichtingen en advies 1.
Het college van burgemeester en wethouders draagt er zorg voor de in artikel 2 genoemde stukken, voor zover deze onder verantwoordelijkheid van het college worden opgesteld tijdig, uiterlijk 5 werkdagen voorafgaand aan de vergadering, via de griffie, ter kennis aan de leden van de Auditcommissie worden gebracht.
2.
De Auditcommissie is bevoegd tot het opvragen en inzien van alle informatie die zij voor haar taken
3.
De Auditcommissie heeft in het kader van haar taak zoals bedoeld in artikel 2 van deze verordening de
nodig acht.
bevoegdheid tot het raadplegen van leden van het college, de accountant, gemeentelijke ambtenaren en derden, wanneer zij dat wenselijk acht. Deze personen kunnen worden uitgenodigd om tijdens de
4.
vergadering inlichtingen te verstrekken.
De Auditcommissie kan advies vragen aan de leden van het college, de accountant, gemeentelijke ambtenaren en derden, wanneer zij dat wenselijk acht.
Artikel 14 Voorstellen van orde 1.
De voorzitter en ieder lid kunnen tijdens de vergadering mondeling een voorstel van orde doen, dat
2.
Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de vergadering betreffen.
3.
kort kan worden toegelicht.
Over een voorstel van orde beslist de Auditcommissie terstond.
Artikel 15 Handhaving orde; schorsing 1.
De voorzitter roept een spreker tot de orde, indien deze: a)
zich beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen veroorlooft,
c)
een andere spreker herhaaldelijk interrumpeert,
b)
2. 3. 4.
d)
afwijkt van het in behandeling zijnde onderwerp, dan wel anderszins de orde verstoort.
Indien de spreker hieraan geen gevolg geeft, kan de voorzitter hem gedurende de vergadering, waarin zulks plaats heeft, over het aanhangige onderwerp het woord ontzeggen.
De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering voor een door hem te bepalen tijd
schorsen en – indien na de heropening de orde opnieuw wordt verstoord – de vergadering sluiten.
De voorzitter kan de Auditcommissie voorstellen aan een lid dat door zijn gedragingen de geregelde
gang van zaken belemmert, het verdere verblijf in de vergadering te ontzeggen. Over het voorstel
wordt niet beraadslaagd. Na aanneming daarvan verlaat het lid de vergadering onmiddellijk. Zo nodig doet de voorzitter hem verwijderen. Bij herhaling van zijn gedrag kan het lid bovendien voor ten 5.
hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering worden ontzegd.
Over een voorval als onder artikel 15 lid 4 van deze verordening, doet de voorzitter binnen 24 uur
mededeling aan de fractie die door het betreffende lid wordt vertegenwoordigd, de gemeenteraad en de voorzitter van de gemeenteraad.
Artikel 16 Beraadslaging 1. 2.
De Auditcommissie kan op voorstel van de voorzitter of een lid beslissen over één of meer onderdelen van een onderwerp of voorstel afzonderlijk te beraadslagen.
Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de Auditcommissie beslissen de beraadslaging voor een
door hem te bepalen tijd te schorsen ten einde het college of de leden de gelegenheid te geven tot
onderling nader beraad. De beraadslagingen worden hervat nadat de schorsingsperiode verstreken is.
Artikel 17 Deelname aan de beraadslaging door anderen 1. 2.
De Auditcommissie kan bepalen dat anderen mogen deelnemen aan de beraadslaging.
Een beslissing daartoe wordt op voorstel van de voorzitter of een lid genomen alvorens met de
beraadslaging ten aanzien van het aan de orde zijnde agendapunt een aanvang wordt genomen.
Artikel 18 Conclusie van de beraadslaging
1.
Wanneer de voorzitter vaststelt dat een onderwerp of een voorstel voldoende is behandeld, sluit hij de
2.
Nadat de beraadslaging is gesloten, beslist de Auditcommissie op voorstel van de voorzitter over de
3. 4.
beraadslaging, tenzij de Auditcommissie anders beslist. inhoud van de conclusie.
De conclusie bevat beknopt de standpunten van de aanwezige commissieleden.
Als de conclusie een advies aan de raad betreft om een voorstel in een raadsvergadering, of commissie
te behandelen, vermeldt de conclusie ook de standpunten van de aanwezige commissieleden, over de behandelwijze in de raad of commissie.
Artikel 19 Uitleg verordening
In gevallen waarin deze verordening niet voorziet of bij twijfel over de toepassing van de verordening, beslist de Auditcommissie op voorstel van de voorzitter
Artikel 20 Inwerkingtreding 1. 2. 3.
Deze verordening treedt in werking op 17 maart 2022
De verordening voor de Rekencommissie van de gemeente Moerdijk, vastgesteld op 21 augustus 2007, wordt ingetrokken met ingang van inwerkingtreding van deze verordening.
Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening Audit-commissie gemeente Moerdijk
Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad, gehouden op .
De griffier, A. Goslings,
De voorzitter, A.J. Moerkerke
Bijlage 1 Memorie van toelichting op Verordening Auditcommissie gemeente Moerdijk Inleiding De gemeenteraad heeft op voorstel van de tot nu toe bestaande Rekeningcommissie besloten tot het
instellen van een Auditcommissie. De keuze voor het instellen van een Auditcommissie is ingegeven door de behoefte de controlerende rol van de gemeenteraad te versterken en te verbreden. De taak van een
Auditcommissie, zoals hier bedoeld, is uitgebreider dan die van een Rekeningcommissie, die zich beperkt tot het financieel toezicht op de door het college gevoerde administratie en de weerslag daarvan in de jaarrekening.
De Auditcommissie houdt zich naast het financieel toezicht op de administratie bezig met zaken zoals de financiële aspecten in de kadernota, de begroting en de bestuursrapportages. Daarnaast is de
Auditcommissie belast met de advisering aan de gemeenteraad over de stand van het interbestuurlijk
toezicht, waarvan het de ontvangen rapportages bespreekt. Verder adviseert de Auditcommissie over de
aanstelling van de accountant, de samenstelling van de Rekenkamer(commissie), het risicomanagement, het onderzoeksprogramma van het college zoals genoemd in artikel 213a van de Gemeentewet en de financiële richtlijnen voor Verbonden partijen.
Bijzondere aandacht is er voor de relatie tussen de Auditcommissie en de Rekenkamer(commissie). Hierin vervult de Auditcommissie een vooraanstaande rol. Allereerst al omdat de Auditcommissie de
gemeenteraad adviseert over de samenstelling van de Rekenkamercommissie. Verder wordt de
Auditcommissie een voorname rol toegewezen waar het betreft het onderzoeksprogramma, het proces van uit te voeren onderzoeken en de opvolging van aanbevelingen die door de gemeenteraad zijn
overgenomen. Om invulling te geven aan de opdracht van de Auditcommissie is het wenselijk dat er
tenminste twee keer per jaar overleg tussen de Auditcommissie en de Rekenkamer(commissie) plaatsvindt.
Artikelsgewijze toelichting Artikel 1
begripsomschrijving
De begripsbepalingen spreken voor zich.
Hoofdstuk 2 Taken, lidmaatschap, voorzitterschap en ondersteuning Artikel 2
Taken
De voornaamste taak van de Auditcommissie is de gemeenteraad te adviseren op de genoemde
onderwerpen. Deze zijn vastgelegd in het eerste lid van dit artikel. In het tweede lid zijn de onderwerpen opgesomd waarbij voor het opstellen van het advies overleg met het college nodig is.
Verder is in dit artikel vastgelegd dat de Auditcommissie gesprekspartner namens de raad is voor de accountant en de Rekenkamer(commissie) (zie ook hetgeen in de inleiding is verwoord).
Tenslotte is bepaald dat de commissie voor haar werkzaamheden subcommissies kan instellen en anderen kan raadplegen over zaken die aan haar worden voorgelegd.
Artikel 3
Samenstelling
Dit artikel bepaalt hoe de samenstelling tot stand komt. Iedere fractie kan een lid van de Auditcommissie
voordragen. Dit betekent niet automatisch dat iedere fractie ook een lid moet aanwijzen. Dit geeft ruimte
voor fracties om gezamenlijk een lid aan te wijzen, die meerdere fracties vertegenwoordigt. De voordracht van fracties is bindend. Dit houdt in dat de gemeenteraad geen andere kandidaat kan benoemen dan
degenen die worden voorgedragen. De kandidatuur moet wel door een meerderheid van de gemeenteraad worden gesteund.
Het kan voorkomen dat een lid van de commissie een vergadering niet kan bijwonen. In het 2e lid van dit artikel is bepaald dat hij in deze situatie een raads- of burgerlid namens de fractie als toehoorder bij de
vergadering aanwezig kan laten zijn.. Deze waarnemer is toehoorder, wat inhoudt dat hij het woord niet mag voeren en geen stemrecht heeft.
Om de leden van de Auditcommissie voldoende bagage mee te geven voor hun werkzaamheden zal in een training worden voorzien.
Artikel 4
Voorzitter
Het is de gemeenteraad die bepaalt welk raadslid het voorzitterschap, dan wel het plaatsvervangend
voorzitterschap bekleedt. Hiermee is verzekerd dat het voorzitterschap altijd bij een raadslid berust. Tevens is bepaald op welke wijze bij afwezigheid van de voorzitter en diens plaatsvervanger in het voorzitterschap van een vergadering wordt voorzien.
In het derde lid zijn de taken van de voorzitter opgesomd.
Artikel 5
Zittingsduur en vacatures
In dit artikel is bepaald dat de zittingsduur van de leden van de Auditcommissie is verbonden aan de
zittingsduur van de gemeenteraad. Bovendien is bepaald dat het lidmaatschap van de commissie moet worden gesteund door een voordracht van een fractie. Een commissielid dat deze steun verliest, wordt door de raad ontslagen.
Indien de Auditcommissie het vertrouwen in zijn voorzitter of diens plaatsvervanger verliest kan de commissie de gemeenteraad verzoeken hem uit zijn functie te ontheven.
In het laatste lid is vastgelegd dat indien een fractie niet langer deel uit maakt van de gemeenteraad, het lidmaatschap van de Auditcommissie automatisch komt te vervallen.
Artikel 6
Ondersteuning
In dit artikel wordt geregeld dat de griffie belast is met de advisering en ondersteuning van de
Auditcommissie. De griffier, of een door hem aangewezen medewerker is dan ook bij iedere vergadering
aanwezig. Tenslotte is bepaald dat de concerncontroller, naast de griffier, als adviseur van de commissie
optreedt. Ten aanzien van de concerncontroller is nadrukkelijk vastgelegd dat deze voor zijn adviezen aan de commissie geen verantwoording verschuldigd is aan het college van Burgemeester en wethouders. Evenmin is hij voor zijn adviezen aan de commissie verantwoording verschuldigd aan de gemeentesecretaris.
Hoofdstuk 3 Aanwezigheid college, burgemeester, gemeentesecretaris en ambtenaren Artikel 7
Burgemeester, wethouders en gemeentesecretaris
Het is geen automatisme dat het college, dan wel een van haar leden, of de gemeentesecretaris bij een
vergadering van de Auditcommissie aanwezig is. Het is de voorzitter die bepaald of de aanwezigheid van een lid van het college, dan wel van de gemeentesecretaris gewenst is. Als het college meent dat de
aanwezigheid van een van haar leden gewenst is kan een verzoek daartoe via de griffie aan de voorzitter worden voorgelegd. Deze legt het verzoek aan de rest van de commissie voor. Deze beslist daar uiteindelijk over. Eenzelfde werkwijze geldt in het geval de gemeentesecretaris meent dat zijn aanwezigheid gewenst is.
Als het college vertegenwoordigd wordt, kan zij zich ambtelijk laten bijstaan. Gezien de rol en de positie van de concerncontroller binnen de Auditcommissie, is het niet wenselijk dat deze het college in de
vergadering bijstaat. Daarom is hier bepaald dat het college een andere medewerker aanwijst om bijstand te verlenen.
Hoofdstuk 4 Vergaderingen Artikel 8
Vergaderfrequentie en openbaarheid
Tijdig voorafgaand aan het nieuwe jaar stelt de Auditcommissie het vergaderschema voor het volgende jaar vast. De griffier doet hiervoor een voorstel, daarbij rekening houdend met de termijnen die gelden voor de behandeling van de verschillende documenten, zoals de jaarrekening, de kadenota, de begroting, de jaarstukken van verbonden partijen, etc. Tevens wordt het periodieke overleg met de Rekenkamercommissie in deze planning opgenomen.
Gelet op de inhoud van de te bespreken stukken is openbaarheid van de vergaderingen van de
Auditcommissie niet wenselijk. In een besloten vergadering is het mogelijk om wat dieper op de materie in te gaan.
Artikel 9, Artikel 10 en Artikel 11 Deze artikelen spreken voor zich en behoeven geen nadere toelichting
Artikel 12 Verslaglegging en verantwoording De griffier is verantwoordelijk voor de verslaglegging, die aan de in dit artikel geformuleerde vereisten moet voldoen. Aangezien de vergadering besloten is, is ook het verslag niet openbaar. Om de
gemeenteraad inzicht te geven in de voorgenomen werkzaamheden van de Auditcommissie is vastgelegd
dat de commissie jaarlijks in het derde kwartaal een werkplan voor het volgende jaar aan de gemeenteraad aanbiedt. In dat werkplan is ruimte voor het leggen van accenten. Tevens is vastgelegd dat de commissie
door middel van een jaarverslag aan de gemeenteraad verantwoording over de werkzaamheden aflegt. Het werkplan en het jaarverslag is wel openbaar, zodat ook buitenstaanders kennis kunnen nemen van de werkzaamheden van deze commissie.
Artikel 13 Inlichtingen en advies In dit artikel is vastgelegd dat het college verantwoordelijk is voor een tijdige aanlevering van de in artikel 2, lid 2 genoemde documenten, d.w.z. vijf werkdagen voorafgaand aan de vergadering.
Verder is in dit artikel vastgelegd dat de Auditcommissie uitgebreide bevoegdheden heeft om de voor hen noodzakelijk informatie te verkrijgen.
Artikel 14 Voorstellen van orde
Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.
Artikel 15 Handhaving orde; schorsing De voorzitter van de Auditcommissie heeft op grond van deze bepaling alle nodige instrumenten in handen om de orde in de vergadering te handhaven. Tevens is bepaald dat de voorzitter de fractie van een lid dat
hen vertegenwoordigd en van wie de commissie heeft geoordeeld hij zich zodanig heeft gedragen dat zijn
aanwezigheid niet langer op prijs wordt gesteld, daarover informeert. Tevens is bepaald dat in dat geval de voorzitter ook de gemeenteraad en de voorzitter van de gemeenteraad informeert
Artikel 16, 17 en 18 In de artikelen 16, 17 en 18 wordt nader ingegaan op de wijze waarop de commissie tot zijn conclusies komt. Daarbij kunnen onderwerpen gesplitst worden en kunnen anderen dan alleen de leden aan de
vergadering en de beraadslagingen deelnemen. Verder is vastgesteld dat de voorzitter kan constateren dat een onderwerp voldoende is besproken en formuleert hij een conclusie, welke door de Auditcommissie wordt goedgekeurd. Bij het formuleren van een conclusie wordt ook vastgesteld welk standpunt de
verschillende commissieleden innemen. Tevens kan de Auditcommissie advies uitbrengen over de wijze waarop een onderwerp in de raad of een commissie wordt besproken.
Artikel 19 Uitleg verordening
Deze bepaling behoeft geen nadere uitleg.
Artikel 20 Inwerkingtreding Voorgesteld wordt deze verordening in werking te laten treden vanaf het moment waarop de gemeenteraad na de verkiezingen van 16 maart 2022 de Auditcommissie heeft benoemd.