Bijlage 1 Budgetaanpassingen bestaand beleid
Tekst van het document
Bijlage 1: Budgetaanpassingen bestaand beleid -/- = voordeel Progr.
Onderwerp
Begrotingspost
Bijdrage gemeenschappelijke regeling OMWB Bijdrage gemeenschappelijke regeling OMWB Groenbeheer / bestek Bomen
Diversen/44334
280.000
Diversen/44334
120.000
-
-
657001 / 43825
50.000
50.000
50.000
Areaaluitbreiding onkruidbestrijding en groenbeheer Watertaken (baggerwerkzaamheden haven Willemstad)
621007 en 657001
54.000
54.000
54.000
657002/43820
-
150.000
-
2
Watertaken (baggerwerkzaamheden Klundert)
657002 / 43820
100.000
-
-
2
Bijdrage gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio (obv conceptbegroting 2025)
513.000-
513.000-
513.000-
1 1 2
2 2
2025
2026
2027
280.000
2028
280.000
2
Kapitaallasten wegbeheer
4
Armoedebeleid
663005 /div. kostensoorten
50.000
50.000
99.00050.000
4
Openbare bibliotheek / Budgetsubsidies
656000 /44384
115.000
115.000
115.000
Toelichting en onderbouwing
280.000 Op basis van de voorlopige begroting 2025 van de OMWB neemt de deelnemersbijdrage 2025 voor Moerdijk toe. Deze stijging bestaat uit een structurele en incidentele component . - Zie regel hierboven. 50.000 Jaarlijks wordt 1/3 van het boomareaal en alle attentiebomen gecontroleerd op conditie en vitaliteit. Hieruit komt een maatregelenpakket dat in het kader van de zorgplicht opgevolgd dient te worden. Naast deze maatregelen, ontvangen we ook met regelmaat verzoeken om snoei ivm overhangende of ander soort overlast gevende takken. Op basis van een raamovereenkomst worden deze werkzaamheden uitgevoerd. Vaak gaat het hierbij om maatregelen op basis van veiligheid. Gebleken is dat het huidige beheerbudget voor bomen niet voldoende is om deze werkzaamheden uit te kunnen voeren. Een aanvullend budget is benodigd om de maatregelen uit te kunnen voeren. 54.000 Financieel effect van areaaluitbreiding (2% uitbreiding) onkruidbeheersing en groenbeheer. - De gemeente is eigenaar van de haven van Willemstad en dient dan ook zorg te dragen voor de instandhouding hiervan. Het doorstroomprofiel van de Haven dient op diepte gebracht te worden. Metingen dienen nog plaats te vinden maar op basis van oppervlakte en ervaringcijfers is een inschatting gemaakt welke kosten dit met zich meebrengt. Daarnaast hebben wij niet alleen ontvangstplicht, maar staan wij aan de lat voor het gehele werk.
In 2025 worden metingen uitgevoerd. - Het waterschap is verantwoordelijk voor het groot onderhoud aan de binnengracht van Klundert aan de zuidzijde. Gebleken is na peiling dat de laag aanwezige baggerspecie te dik is en hierdoor het doorstroomprofiel belemmerd. Het waterschap heeft dan ook besloten deze watergang en de watergang in het centrum van Klundert in 2025 te gaan baggeren. De gemeente heeft hier als aanliggend eigenaar de ontvangstplicht van de baggerspecie en is verantwoordelijk voor de afvoer en verwerking hiervan. De laagdikte is fors en op basis van een grove raming dient het beschikbaar budget opgehoogd te worden met € 100.000 513.000- Op basis van een wijziging van de verdeelsleutel die gebaseerd is op de CEBEON-verdeelsleutel die toegepast wordt bij de verdeling van het gemeentefonds gaat de bijdrage voor Moerdijk tov 2024 aanzienlijk omlaag. Op basis van de meicirculaire 2023 wordt het aandeel van Moerdijk 3,29% (dit was 4,20%). De verlaging van de bijdrage voor Moerdijk loopt dan in de pas met de lagere vergoeding die Moerdijk uit de algemene uitkering ontvangt voor het subcluster Brandweer en rampenbestrijding. 99.000- Verlaging kapitaallasten jaarschijf 2027 en 2028. Dit m.b.t. verwerking 1e begrotingswijziging 2024 (wijzigingen bij vaststelling begroting) waarbij abusievelijk te hoge kapitaallasten waren verwerkt.
50.000 Stichting Leergeld en het Jeugdfonds Sport & Cultuur zien beide een stijging in de aantallen aanvragen. In 2023 heeft Stichting Leergeld het tekort gedekt uit eigen middelen. In 2024 kunnen we via aanvullende middelen voor armoedebestrijding en schuldhulpverlening deze kosten incidenteel dekken. Ook is de zwemvergoeding bij het Jeugdfonds Sport & Cultuur geïndexeerd (de bijdrage dateerde uit 2011, zie collegevoorstel 23 januari zaaknr: 1034136). Dit brengt een grote kostenstijging met zich mee. Ook dit tekort kunnen we incidenteel dekken binnen het huidige armoedebeleid alsook de aanvullende middelen voor armoedebestrijding en schuldhulpverlening vanuit het Rijk. Vanaf 2025 is er structurele dekking nodig voor deze kosten. Indien deze dekking er niet is, betekent dit dat afwijzingen voor aanvragen zullen volgen wanneer het budget volledig is gebruikt en het einde van het jaar nog niet is verstreken. 115.000 Bibliotheek West-Brabant staat voor een aantal financiële uitdagingen. Het eigen vermogen van de bibliotheek daalt naar verwachting van € 1,3 miljoen in 2019 naar 0,3 miljoen in 2024. Daarmee verslechtert de weerstand van de bibliotheek aanzienlijk. Tegenvallers in het exploitatieresultaat kunnen niet langer opgevangen worden zonder in liquiditeitsproblemen te raken.
De negatieve resultaten in de afgelopen jaren (en 2024) worden veroorzaakt door cao stijgingen van ruim 4% tot wellicht zelfs 10% in 2024 en overige kosten met inflaties van minimaal 4% tot zelfs 14%. De subsidies (zowel basis als plus) groeien niet recht evenredig met het kostenniveau van de bibliotheek mee. In het vigerende regionale convenant is opgenomen dat de Bibliotheek voor loonkostenstijging de CAO volgt (zij kan niet anders). Voor 2023 was dit ruim 4%. Voor de overige kosten wordt uitgegaan van de consumentenprijs index (CPI). Voor 2023 was de gemiddelde CPI 3,9%. Echter de deelnemende gemeenten hanteren hun eigen indexeringsbeleid dat veelal (fors) lager uitpakt (2,8% voor de grote gemeentes en 7% voor de kleinere gemeentes) ten opzichte van de kostenstijgingen van de Bibliotheek. Gemeente Moerdijk heeft een index toegepast van 4,4%. De Bibliotheek West-Brabant heeft de kosten voor instandhouding van de bibliotheekvoorziening, zoals vastgelegd in het regionale convenant de afgelopen jaren te laag begroot en verzoekt daarom het basisbedrag per inwoner te verhogen met € 3. Dit houdt voor de gemeente Moerdijk in dat het basisbedrag vanaf 2025 dan verhoogd wordt met € 3 per inwoner van € 8,88 naar € 11,88, wat tot gevolg heeft dat de subsidie aan de bibliotheek verhoogd dient te worden met circa € 115.000 per jaar.
Neerwaarts de kosten bijstellen kan de bibliotheek nagenoeg uitsluitend doen door haar personeelsbestand neerwaarts bij te stellen. Dit is tegenstrijdig met de maatschappelijke ontwikkelingen waarbij steeds meer (plus)taken op de Bibliotheek afkomen. Een andere mogelijke oplossing is om de tekorten deels te dekken uit verlaging van de subsidies voor de plustaken, maar dit is niet wenselijk. Het gaat dan om beperken van de dienstverlening in de verschillende vestigingen, aanpassing van de programmering zoals Bibliotheek op school en Boekstart in de kinderopvang. Er zullen dit jaar gesprekken gevoerd worden tussen de Bibliotheek West-Brabant en de gemeente Moerdijk en op basis daarvan zal duidelijk worden wat er daadwerkelijk nodig is aan extra subsidieverstrekking aan de bibliotheek.
4
Bijdrage gemeenschappelijke regeling Geweld In Afhankelijkheidsrelaties (GIA) (Veilig Thuis en Safegroup) en Meldpunt Crisiszorg West-Brabant
4
Inhuur jeugdproffesionals
662000 Algemene voorzieningen wmo en jeugd - 44320 667401 Crisis LTA deel met verblijf 43410 662006 / 43510
66.000
58.000
58.000
162.000
162.000
162.000
58.000 Aanvullende bijdrage GR GIA en Meldpunt Crisiszorg ten behoeve van het op pijl houden van de huidige structurele taken en activiteiten. De kosten vallen hoger uit, omdat er in eerdere ramingen rekening werd gehouden met lagere personeelskosten en energiekosten. Bovendien is in de bijdrage een inflatiecorrectie verwerkt, omdat daar in de Decentralisatie-uitkering Vrouwenopvang (DUVO) geen rekening mee werd gehouden. Uit de meicirculaire 2024 moet nog blijken of hiervoor wordt gecompenseerd. Daarnaast wordt het Meldpunt Crisiszorg doorontwikkeld. Met incidentele inzet wordt de basis op orde gebracht, maar er is structureel geld nodig voor structurele borging ( € 58.000. Voor het implementatietraject in 2025 zijn in 2025 ook incidentele middelen nodig ( € 8.000). 162.000 Spring heeft de prijs van een voltijds equivalent (FTE) jeugdprofessional in 2024 voorlopig geïndexeerd met 10% ten opzichte van 2023. Dit betekent dat de voorlopige FTE-prijs voor 2024 is gestegen naar € 108.775. De berekening is gemaakt aan de hand van het gemiddelde aantal jeugdprofessionals van 15,5 FTE’s per jaar. Er wordt verwacht dat in 2025 de prijzen verder worden geïndexeerd.
Progr.
Onderwerp
Begrotingspost
4
Crisis LTA deel met verblijf (jeugdwet)
667401/43412
2025 200.000
2026 200.000
2027 200.000
2028
200.000 Door een overgang van contractvorm van een jeugdhulp aanbieder vallen deze kosten nu onder LTA in plaats van RTA. In voorgaande jaren is juist afgeschaald op LTA door sturing op RTA. Dat wordt nu deels teruggedraaid voor een aantal specifieke jeugdhulp vormen. We zien een verschuiving van kosten van NVTZ-Gezinsgericht naar Crisis LTA deel met verblijf. Het uitvoeren van deze zorg is een wettelijke taak (Jeugdwet).
4
NVTZ- gezinsgericht (Jeugdwet)
667302/43412
522.000
522.000
522.000
522.000 Binnen deze begroting post valt de complexe zorg zonder verblijfs component. Toename van complexere zorg in de 2de helft van 2023 is duidelijk zichtbaar. Vanwege sturing op afschaling van gesloten jeugdhulp is ook op deze post een stijging van de kosten zichtbaar. Deze trend is al langer voelbaar maar komt nu ook duidelijk in de cijfers terug. Los daarvan staat dat 200.000 aan kosten zullen overgaan naar budget Crisis LTA deel met verblijf. Het uitvoeren van deze zorg is een wettelijke taak (Jeugdwet).
4
NVTZ- Jeugdhulp dagbesteding
667205/43412
400.000
400.000
400.000
400.000 Afgelopen tijd zien we een flinke toename in dit type zorg (profiel 7 en 10). Het gaat om zorg voor jeugdigen met een verstandelijke beperking, of behandelen van complexe problematiek bij 0-6 jarige. Zowel de omvang als de duur van deze trajecten nemen fors toe. De verwachting is dat de stijging in zowel aantallen als in zorgzwaarte zal aanhouden. Het uitvoeren van deze zorg is een wettelijke taak (Jeugdwet).
4
NVTZ-Jeugdhulp met verblijf overig
667303/43412
450.000
450.000
450.000
450.000 Binnen deze begrotingspost vinden we de complexere zorg met een verblijfscomponent Omdat deze tracjecten per stuk veel geld kosten en qua aantallen relatief laag zijn kunnen enkele jeugdige zorgen for een forse toenemame op dit budget. We zien een stijging qua aantallen jeugige welke lijkt door te zetten. Het uitvoeren van deze zorg is een wettelijke taak (Jeugdwet).
4
Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming
500303 Team Jeugd / 43861 Externe adviseurs
120.000
100.000
-
Toelichting en onderbouwing
-
Voor de uitvoering van het toekomstscenario kind- en gezinsbescherming moeten we in 2026 sterke lokale teams hebben staan. Het lokale team is de infrastructuur van hulp en ondersteuning, vragen en advies. Het heeft brede basiskennis over alle thema's binnen het sociaal domein. Dit brengt een grote structuurwijziging teweeg. Vanuit de regionale programmaleider is het verzoek gedaan om lokaal een beleidsinhoudelijk aanspreekpunt naar voren te brengen, alsook een lokale projectleider. De taken van deze projectleider passen niet binnen de bestaande formatie en takenpakketten, waardoor het wenselijk is om een projectleider in te huren voor circa. 24-28 uur per week voor twee jaar (2025 en 2026). Deze uren zijn bepaald op basis van de grootte van de opgave (implementatie sterke lokale teams) en beschikare capaciteit op deze opgave bij andere gemeenten in de regio. Dit urenaantal wordt ook door de regionale programmaleider onderschreven. Op 26 maart besluit het college over het programmaplan toekomstscenario kind- en gezinsbescherming om commitment uit te spreken voor dit plan en lokaal te zorgen dat er binnen de gemeentelijke organisatie de benodigde personele inzet beschikbaar is voor de uitvoering van het programmaplan. Deze ontwikkeling op zichzelf is nóg geen wettelijke taak, maar betreft een bestuurlijke afspraak tussen de VNG, het JenV en VWS.
Als we dit doen dragen we bij aan de noodzaak voor verbetering en vereenvoudiging van de jeugdbeschermingsketen en het bieden van betere ondersteuning aan kinderen en volwassenen in onveiligheid om een duurzame veilige thuissituatie te creëren, in opdracht van de VNG en het ministerie van JenV. Zie hierover de kamerbrief van 30 maart 2021: Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming. En de kaderbrief van 31 januari 2024: Aanbieding rapport Adviescommissie Rechtsbescherming en Rechtsstatelijkheid in het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming. Lokaal betekent dit dat we vanaf 2026 sterke lokale teams hebben staan, die werken volgens de principes van het toekomstscenario kind- en gezinsbescherming: gezinsgericht, rechtsbeschermend en transparant, eenvoudig en lerend voor onze inwoners van 0 tot 100 jaar. In de kadernota / begroting 2024 is hier al 50.000 euro budget voor opgenomen voor 2024 en 2025 ( met dekking uit de reserve sociaal domein). De middelen die hiervoor beschikbaar zijn gesteld in 2024 worden in 2024 niet besteed, omdat we een regionale planning aanhouden en gelijktijdig met alle andere gemeenten uit de regio optrekken. De middelen uit 2024 worden daarom overgeheveld naar 2026. Effectief betekent dit dus een verschil in 2026 van 100.000 euro.
4
Jeugdbescherming (jeugd, veiligheid, reclassering en opvoeding)
668200 / 43412
338.000
338.000
338.000
4
Wmo begeleiding (uitkeringen in natura & uitkeringen PGB)
667100 / 43410 & 43411
112.000
112.000
112.000
338.000 Met ingang van 2024 zijn er nieuwe tarieven voor jeugdbescherming en jeugdreclassering vastgesteld. Deze tarieven gelden voor 2024 en 2025. Dit zorgt voor een gemiddelde stijging van 10% van de totaalkosten tov 2023. De actuele begroting staat op 527.000. Dit budget is in 2023 ruim overschreden door bijkomende kosten voor de GI's, zoals extra indexering en beschikbaarheidsfinanciering. In het nieuwe tarief 2024 en 2025 zitten deze bijkomende kosten in het tarief en worden niet meer apart doorberekend. Bij een relatief gelijkblijvend aantal beschermingsmaatregelen 2023 en de nieuwe tarieven van 2024, komen we op ingeschatte afwijking van € 338.000 voor 2025 en verder tov van de huidige begroting. - Onderbouwing: begroot: 527.000 / uitgegeven aan maatregelen 2023: ong. 679.000 = - 152.000 afwijking + 195.000 (inschatting 10% tariefsverhoging) = 347.000 (afgerond 338.000). 112.000 Aanpassing raming voor voorzieningen Wmo begeleiding op basis van recentere gegevens over de aantallen indicaties en de indexering van de tarieven. In 2023 was er een geleidelijke stijging te zien in het aantal indicaties voor begeleiding. We verwachten dat eind 2024 er 376 cliënten in begeleiding zullen zijn. Deze stijging verloopt geleidelijk en er wordt gestuurd op afschaling, normalisatie en het gebruik van voorliggende voorzieningen.
Voor de jaren 2026 en volgende gaan we vooralsnog uit van een gelijkblijvend aantal indicaties voor begeleiding. De doorgevoerde indexering van de tarieven voor de producten begeleiding Zorg in natura in 2023 en 2024 en de verwachte indexering vanaf 2025 leidt tot een kostenstijging van circa € 133.000. De kosten voor de PGB's begeleiding stijgen. Deze stijging wordt meer dan gecompenseerd door een wijziging in de mix van type indicaties voor begeleiding Zorg in natura dan waarmee in de raming voor de begroting 2024 rekening was gehouden. Bijvoorbeeld minder (duurdere) indicaties Begeleiding stabilisatie midden en hoog en meer (goedkopere) indicaties Begeleiding stabilisatie laag. Per saldo heeft dit een positief effect op de raming van circa € 21.000.
Progr. 4
Onderwerp
Begrotingspost
Wmo huishoudelijke hulp (uitkeringen in natura)
667101 / 43410
2025
2026
292.000
2027
359.000
2028
359.000
Toelichting en onderbouwing
459.000 Aanpassing raming voor voorzieningen Wmo huishoudelijke ondersteuning op basis van recentere gegevens over de aantallen indicaties en de indexering van de tarieven. In 2023 was er een toename van 49 voorzieningen voor huishoudelijke ondersteuning waarmee het totaal aantal voorzieningen eind 2023 945 bedraagt. De stijging bleef beperkter dan was verwacht. Een mogelijke verklaring hiervoor kan de inzet van reablement zijn geweest, waardoor veel aanvragen voor huishoudelijke ondersteuning zonder of met een lichtere Wmo-indicatie opgelost konden worden. De stijging in cliënten vond vooral plaats in de groep van HO-light, in plaats van de verwachte groep van HO-stabilisatie. De doorgevoerde indexering van de tarieven voor de producten Huishoudelijke ondersteuning Zorg in natura in 2023 en 2024 en de verwachte indexering vanaf 2025 leidt tot een kostenstijging van circa € 470.000. Daarnaast verwachten we in 2024 en 2025 een stijging van 60 indicaties voor huishoudelijke ondersteuning per jaar. Deze stijging is wel lager dan waarmee in de begroting 2024 rekening werd gehouden. Daarnaast wordt een kostenbesparing gerealiseerd door een andere mix van type indicaties voor huishoudelijke ondersteuning dan waarmee in de raming voor de begroting 2024 rekening was gehouden.
Bijvoorbeeld minder (duurdere) indicaties HO stabilisatie en meer (goedkopere) indicaties HO stabilisatie light. Vanaf 2027 is een aanname gedaan dat de te verwachten groei van het aantal actieve indicaties €100.000 per jaar extra kost. Omdat in deze Kadernota de jaarschijf 2028 wordt toegevoegd is dat de reden voor het grotere verschil ten opzichte van de jaren daarvoor.
5 4
4 4
Realisatie resterende taakstelling Mens en Maatschappij Bijdrage gemeenschappelijke regeling Werkplein (obv conceptbegroting 2025)
600801 / 43878
171.000
171.000
171.000
171.000 Zoals in de kadernota is toegelicht is de resterende taakstelling Mens en Maatschappij gerealiseerd en wordt daarme financieel ingeboekt.
Diverse productnummers (bijdrage GR en Uitk. BUIG en Wet inburgering) 664000 / 44332
333.000
339.000
396.000
407.000 Op basis van de concept begroting 2025-2028 van de gemeenschappelijke regeling Werkplein Hart van West-Brabant zijn de ramingen geactualiseerd. Daarnaast zijn de ramingen geactualiseerd van de hiermee samenhangende opbrengsten, te weten de rijksbijdrage BUIG en de specifieke uitkering Wet inburgering. Ten slotte zijn de stelposten die in de begroting 2024 en de meerjarenraming 2025-2027 waren opgenomen voor de plustaak Voorzieningenwijzer en Verhoging van de bijstandsnorm ingezet ter dekking van de bijdrage aan het Werkplein.
17.000-
18.000
48.000
64.000 Op basis van de concept begroting 2025-2028 van de gemeenschappelijke regeling WVS zijn de ramingen van de gemeentelijke bijdrage in het exploitatietekort van WVS geactualiseerd. De concept-begroting wordt door WVS nog aangeboden voor de zienswijzeprocedure.
41.000
41.000
41.000
41.000 De gemeenschappelijke regelingen waaraan de gemeente deelneemt passen in hun meerjarenbegroting steeds vaker een meerjarige (cumulatieve) indexering van lonen en prijzen toe, waardoor de gemeentelijke bijdrage per jaar steeds verder oploopt. De gemeente past deze werkwijze in de eigen begroting niet toe, met name niet bij de raming van de algemene uitkering uit het gemeentefonds. Uitgangspunt voor de gemeentelijke begroting 2024 was om de bijdrage aan een GR die voor 2024 is berekend in de daaropvolgende jaren gelijk te houden.
Bijdrage gemeenschappelijke regeling WVS (obv conceptbegroting 2025) Bijdragen gemeenschappelijke regelingen Diverse ggd, Regionaal bureau leren productnummers bijdragen GR-en (WVS, regionaal bureau leren)
De loon- en prijsindexering voor 2025 - die de gemeenschappelijke regelingen al wel in hun meerjarenraming 2025-2027 bij de begroting 2024 hadden verwerkt - zal nu wel in de begroting 2025-2028 van de gemeente Moerdijk verwerkt gaan worden. Omdat de concept-begrotingen 2025 van de gemeenschappelijke regelingen nog niet zijn ingediend, wordt hiervoor nu gebruik gemaakt van de vastgestelde begrotingen 2024 en de daarin opgenomen meerjarenramingen 2025 e.v.In de voorbereiding op de Kadernota / begroting 2024 is het bedrag in beeld gebracht wat gemeenschappelijke regelingen aan loon- en prijsindexeringen vanaf 2025 in hun begrotingen 2024 hadden opgenomen. Voor het jaar 2025 betrof dit € 180.000. Nu voor de Kadernota 2025-2028 wordt € 180.000 aangehouden voor alle jaren. De oploop van het bedrag vanaf 2026 wordt nu niet aangemeld, omdat dat te maken heeft met de indexering voor 2026 en daarna, omdat gemeenschappelijke regelingen de indexeringen cumulatief in hun ramingen verwerken. 5
Bijdrage gemeenschappelijke regeling ICT 600465/ WBW (obv conceptbegroting 44330 2025)
5
OZB opbrengsten niet woningen
606201 en 606202
-
-
-
5
OZB opbrengsten woningen
606101/82210
-
-
-
3.582.000 340.000 3.242.000
3.592.000 250.000 3.342.000
3.326.000 3.326.000
TOTAAL waarvan incidenteel waarvan structureel
136.000
136.000
132.000
132.000 De bijdrage aan ICT WBW zal op basis van de voorlopige begrotingscijfers van deze GR in 2025 aanzienlijk gaan toenemen. De hogere kosten zijn een gevolg van kostenstijgingen op alle onderdelen van de begroting van ICT WBW. Zoals stijging loonkosten, kosten Microsoftlicenties en van de kosten bij de dienstverlenende bedrijven m.b.t. de gemeenschappelijke infrastructuur. Daarnaast is het aantal accounts bij de gemeente Moerdijk flink toegenomen, waardoor het procentuele aandeel van Moerdijk t.o.v. de andere deelnemers iets is verhoogd. 951.000- Raming jaarschijf 2028. Toename t.o.v. raming 2027 als gevolg van verwachte nieuwbouw 95.000- Raming jaarschijf 2028. Toename t.o.v. raming 2027 als gevolg van verwachte nieuwbouw 2.407.000 2.407.000