CConstaterende datMoerdijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording Technische Vragen VVD - Kadernota 2027-2030

Raadsvergadering 9 juli 2026, gemeente MoerdijkBij agendapunt: Kadernota 2027-2030 en financiële doorrekening bestuursakkoord1.005 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen VVD Mevrouw H.J. Ritsma Kenmerk Vergadering Datum

01285 TV Raadsvergadering van 9 juli 2026 1 juli 2026

Onderwerp

Kadernota 2027-2030

Geachte mevrouw Ritsma, Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Moerdijk biedt u hierbij de beantwoording van de volgende technische vragen aan. De fractie van de VVD heeft naar aanleiding van de Kadernota 2027-2030 de volgende technische vragen over zorgfraude: 1

Hoeveel fraudegevallen in de Jeugdhulp en Wmo heeft het college in 2025 gezien? Antwoord: In 2025 zijn binnen de Jeugdhulp en Wmo in de gemeente Moerdijk geen fraudegevallen vastgesteld. Dit betekent niet automatisch dat zich geen onrechtmatigheden hebben voorgedaan. Signalen en risico’s zijn de afgelopen periode nog niet voldoende systematisch gemonitord. Ook worden afwijkingen in de uitvoering niet altijd als mogelijke fraude herkend en doorgezet. Daarbij is onderscheid nodig tussen een fout, een onrechtmatigheid en fraude. Niet iedere fout of onjuiste declaratie is fraude. Een vermoeden moet eerst zorgvuldig worden onderzocht.

2. Welk bedrag is hiermee gemoeid? Antwoord: Omdat in 2025 geen fraudegevallen zijn vastgesteld, is ook geen bedrag vastgesteld dat met zorgfraude is gemoeid. Door het ontbreken van systematische monitoring kan mogelijke financiële schade niet volledig worden uitgesloten. 3. In hoeverre was de gemeente Moerdijk in staat om dit geld terug te halen? Antwoord: In 2025 hebben geen terugvorderingen plaatsgevonden op basis van vastgestelde zorgfraude. Om in toekomstige situaties eerder te kunnen handelen, moeten signalen beter worden herkend, geregistreerd en onderzocht. 4. In hoeverre is in het contractbeheer met de zorgaanbieders aandacht voor mogelijke frauderisico’s, specifiek gericht op hun integriteit en financiële achtergrond? Antwoord: In het contractmanagement wordt aandacht besteed aan rechtmatigheid, kwaliteit en integriteit van zorgaanbieders.

Dit gebeurt onder andere via: • toetsing bij contractering; • monitoring van prestaties en declaraties; • signalering van afwijkingen; • intensievere gesprekken bij financiële bijzonderheden. De gemeente werkt hiervoor samen met het regionaal ingerichte contractmanagement. Dat kan alleen gericht handelen wanneer signalen vanuit onze lokale uitvoering tijdig en volledig worden aangeleverd. Voor de verdere versterking kijken wij naar de landelijke Contractstandaarden Jeugdwet en Wmo van het Ketenbureau i-Sociaal Domein. Hierin zijn bepalingen opgenomen over onder andere fraude, integriteit, toezicht en handhaving. Samen met de regio onderzoeken wij in hoeverre deze bepalingen volledig en eenduidig kunnen worden ingevoerd en toegepast. Ook wordt bij een toekomstige aanbesteding onderzocht op welke wijze de Wet Bibob kan worden toegepast. In het najaar verzorgt het Informatie Knooppunt Zorgfraude daarnaast een presentatie aan team Jeugd om de bewustwording en signalering verder te versterken. 5. Hoeveel zorgaanbieders zijn er en hoeveel worden er jaarlijks afgewezen? Antwoord: Voor de Jeugdwet en Wmo gaat het momenteel om circa 250 gecontracteerde zorgaanbieders. Aanbieders worden bij de inkoop getoetst op kwaliteit, betrouwbaarheid en financiële risico’s. Aanbieders die niet aan de eisen voldoen, worden niet gecontracteerd.

Er wordt niet afzonderlijk bijgehouden hoeveel aanbieders jaarlijks worden afgewezen. Dit deel van de vraag kan daarom niet met een exact aantal worden beantwoord. 6. Welke specifieke maatregelen neemt de gemeente om fraude met persoonsgebonden budgetten (PGB) te voorkomen, aangezien dit landelijk als een groot risico wordt gezien? Antwoord: De maatregelen richten zich onder andere op toetsing aan de voorkant, controle op de besteding en verantwoording van het budget en het gebruik van landelijke uitvoeringsstructuren, zoals de Sociale Verzekeringsbank. Ook bij PGB’s is het belangrijk dat signalen vanuit de uitvoering tijdig worden herkend en doorgezet. 7. Op welke manier werkt de gemeente Moerdijk samen met regionale partners om signalen van ‘spookzorg’ of malafide organisaties die in meerdere gemeenten actief zijn, te delen? Antwoord: De gemeente werkt samen met andere gemeenten, het regionale contractmanagement, toezichthoudende instanties, zorgkantoren en Stichting Informatieknooppunt Zorgfraude. Sinds 1 januari 2025 zijn gemeenten verplicht aangesloten bij het Informatie Knooppunt Zorgfraude. Signalen van mogelijke zorgfraude kunnen daar worden gedeeld, gebundeld en verrijkt met informatie van andere partners. Regionale en landelijke partners kunnen alleen gericht handelen wanneer signalen lokaal worden herkend, geregistreerd en doorgezet.

Deze aansluiting wordt daarom verder versterkt.

8. In hoeverre kan bij onderzoek naar zorgfraude al gebruik worden gemaakt van kunstmatige intelligentie? Antwoord: Op dit moment wordt binnen de gemeente geen gebruikgemaakt van kunstmatige intelligentie bij het signaleren of onderzoeken van mogelijke zorgfraude. Wel wordt verkend hoe datagedreven en risicogericht toezicht kan worden versterkt. Kunstmatige intelligentie kan ondersteunen bij het herkennen van afwijkende patronen, maar kan niet zelfstandig fraude vaststellen. 9. In hoeverre zijn de huidige overschrijdingen geanalyseerd op mogelijke onrechtmatigheden of fraude als onderliggende oorzaak? Antwoord: De huidige overschrijdingen worden primair verklaard door ontwikkelingen in de zorgvraag en het volume. Er zijn geen aanwijzingen dat vastgestelde fraude een structurele oorzaak is. Mogelijke onrechtmatigheden zijn echter nog niet voldoende systematisch gemonitord om deze volledig uit te sluiten. Dit wordt meegenomen bij de verdere ontwikkeling van toezicht en contractmanagement. 10. Welk bedrag is er in de kadernota opgenomen voor de bestrijding van zorgfraude? Antwoord: In de kadernota is geen afzonderlijk budget opgenomen voor de bestrijding van zorgfraude. De inzet vindt plaats binnen de bestaande middelen voor contractmanagement, toezicht en handhaving. Het ontbreken van vastgestelde fraudegevallen betekent niet dat risico’s afwezig zijn.

Zorgfraude kan zich bijvoorbeeld voordoen in de vorm van onjuiste declaraties, het leveren van minder of andere zorg dan is afgesproken, of het bewust misleiden van de gemeente over de aard en omvang van de geleverde ondersteuning. De gemeente heeft deze risico’s op het netvlies, maar moet de bewustwording, signalering en monitoring verder versterken om dergelijke situaties eerder te herkennen en aan te pakken. De landelijke contractstandaarden van het Ketenbureau i-Sociaal Domein kunnen hierbij helpen. Deze standaarden bevatten uniforme afspraken over onder andere rechtmatigheid, controle, toezicht en handhaving. Door deze eenduidig toe te passen ontstaat meer duidelijkheid richting zorgaanbieders over wat van hen wordt verwacht en wordt het voor gemeenten eenvoudiger om afwijkingen te signaleren en daarop te acteren. Daarnaast bevordert het gebruik van deze standaarden de samenwerking met andere gemeenten, omdat werkwijzen en eisen beter op elkaar aansluiten. In combinatie met regionale samenwerking vormt dit een belangrijke basis voor het versterken van het toezicht en het beperken van frauderisico’s. Met vriendelijke groet,

S. Elseman Gemeentesecretaris

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Moerdijk&id=59907f20-9af8-4e35-8f25-eb564ee8c1eb