CConstaterende datMoerdijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording Technische vragen VVD 10.1 Nota Reserves en voorzieningen

Raadsvergadering 1 februari 2024, gemeente MoerdijkBij agendapunt: Nota reserves en voorzieningen 20241.110 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen VVD De heer B. Vos

Kenmerk Vergadering Datum

01133 TV 18 januari 2024 18 januari 2024

Onderwerp

Beantwoording technische vragen naar aanleiding van het raadsvoorstel Nota reserves en voorzieningen

Geachte heer Vos, Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Moerdijk biedt u hierbij de beantwoording van de volgende technische vragen aan. Vraag: Voorgesteld wordt een spaarreserve toekomstige investeringen in te stellen van € 8 miljoen. a) Hoe is dit bedrag bepaald? b) Waarop is dit bedrag gebaseerd? Antwoord: Er wordt voorgesteld om de middelen die op dit moment niet strikt noodzakelijk binnen de algemene reserve te hoeven worden aangehouden, te storten in de spaarreserve. Dit met als doel om over enkele jaren als raad over mogelijkheden (en dus middelen) te beschikken die kunnen bijdragen aan het verbeteren van de structurele ruimte binnen de begroting (zie ook de beantwoording bij vraag c). De voorgestelde storting van € 8 miljoen is daarbij afgeleid van de huidige ruimte binnen de algemene reserve. Met een storting van € 8 miljoen resteren in de algemene reserve voldoende middelen voor het benodigde weerstandsvermogen en is er daarnaast nog een vrije ruimte van ca. € 5 miljoen. Dat biedt ruimte om in de toekomst ook nog andere zaken/ voornemens uit de algemene reserve te kunnen dekken. In het raadsvoorstel is hierover toegelicht:

‘’ Rekening houdend met de raadsbesluiten t/m de raad van 14 december 2023 is de omvang van de algemene reserve ca. € 29,1 miljoen, waarbij ca. € 17,6 miljoen wordt aangehouden als benodigd weerstandsvermogen. Schematisch ziet dit er als volgt uit: -

Omvang algemene reserve

€ 29,1 miljoen

-

Aan te houden weerstandsvermogen € 17,6 miljoen

-

Vrije ruimte algemene reserve

€ 11,5 miljoen

Voorgesteld wordt om een bedrag van € 8 miljoen vanuit de algemene reserve over te hevelen naar de nieuwe spaarreserve toekomstige investeringen. Op deze manier resteren er in de algemene reserve voldoende middelen om de geïdentificeerde risico’s af te dekken en is er daarnaast ca. € 3,5 miljoen vrije ruimte beschikbaar. Dit is exclusief de effecten van dit raadsvoorstel waarbij voorgesteld wordt om enkele reserves op te heffen en de resterende middelen toe te voegen aan de algemene reserve. De algemene reserve neemt hierdoor met ca. € 1,5 miljoen toe, waardoor de vrije ruimte zou uitkomen op ca. € 5 miljoen.’’ Vraag: c)

Voor welke toekomstige investeringen voorziet u investeringsbijdragen te dekken uit deze spaarreserve?

afschrijvingslasten

en/of

Antwoord: Op dit moment zijn er nog geen specifieke investeringen aangemerkt die uit deze reserve gedekt zullen worden. Zoals in het raadsvoorstel is toegelicht zijn in de aanbiedingsnota bij de begroting 2024 een aantal grootschalige investeringen aangekondigd die pas hun beslag krijgen vanaf 2027. Hoewel er op dit moment geen noodzaak is tot acute bijstellingen of ombuigingen, is vanuit dat oogpunt wel aangegeven dat het goed is om te onderzoeken hoe de structurele ruimte binnen de begroting kan worden vergroot. Daarnaast is in het raadsvoorstel m.b.t. Zevenbergen Oost (raadsvergadering d.d. 28 september 2023), als optie benoemd om de komende jaren een reserve te gaan vormen zodat op termijn (een deel van) de bijdrage in het tracé van de Zuidrandtunnel daaruit zou kunnen worden voldaan. Het doel van de nieuwe spaarreserve toekomstige investeringen moet dan ook vooral gezien worden vanuit de wens om over enkele jaren over mogelijkheden (en dus middelen) te beschikken die kunnen bijdragen aan het verbeteren van de structurele ruimte binnen de begroting. Dit zodat we adequaat anticiperen op de ambities en investeringen die we als gemeente op ons af zien komen. Vraag: d)

Welke rol heeft de raad bij de inhoudelijke samenstelling en benutting van deze spaarreserve?

Antwoord: Vanuit het budgetrecht van de raad dient aan iedere instelling, opheffing en mutatie (storting/onttrekking) van een reserve een raadsbesluit ten grondslag te liggen. Zoals bij antwoord c is toegelicht zijn er op dit moment nog geen specifieke investeringen aangemerkt die uit deze reserve gedekt zullen worden. Aan de raad zal op termijn expliciet voorgesteld worden voor welke investeringen deze spaarreserve ingezet zal worden om de afschrijvingslasten en/of investeringsbijdragen van deze investeringen te gaan dekken. Daarnaast kan ook alleen de raad besluiten om de komende jaren eventueel aanvullende stortingen te doen in deze spaarreserve. Tot het moment dat de raad deze middelen voor een concreet onderwerp/investering inzet, blijven deze middelen vrij besteedbaar voor de raad. Indien gewenst zou de raad deze middelen op enig moment ook weer terug over kunnen hevelen naar de algemene reserve.

Kortom, deze spaarreserve is vooral bedoeld om de raad nog beter inzicht te geven in reservepositie van de gemeente en de vrije ruimte binnen de algemene reserve. En uiteindelijk is het in alle gevallen aan de raad om te besluiten over de uiteindelijke inzet van reserves. Vraag: In bepaling 11 en 12 wordt gesteld dat een onderhoudsvoorziening wordt gevormd op basis van een recent beheerplan respectievelijk dat de jaarlijkse storting wordt berekend over een periode die gelijk is aan het onderliggende beheerplan. a)

Hoe worden dotaties verwerkt in de lasten in de begroting?

b)

Hoe vinden dotaties aan voorzieningen plaats ingeval van achterstallig onderhoud?

Antwoord: De jaarlijkse dotatie aan een onderhoudsvoorziening wordt bepaald op basis van een actueel beheerplan waarbij de jaarlijkse dotatie gelijk is aan het gemiddeld jaarlijks bedrag aan onderhoud gezien over een periode van 10 jaar. Hierbij dient rekening te worden gehouden dat op geen enkel moment de voorziening een negatieve stand mag hebben. Een dergelijke voorziening heeft daarmee een egaliserend karakter, waarbij de jaarlijkse dotatie (storting in de voorziening) als een structurele exploitatielast in de begroting wordt verwerkt door deze op het betreffende taakveld in de exploitatie te boeken. Zo wordt bijvoorbeeld de jaarlijkse dotatie aan de voorziening onderhoud wegen op het taakveld verkeer en vervoer geboekt. In het geval van achterstallig onderhoud geldt dat als er sprake is van onveilige situaties of kapitaalvernietiging, dit zo spoedig mogelijk hersteld dient te worden. Op basis van BBVwetgeving moet daartoe direct een voorziening worden gevormd in het jaar waarin dit geconstateerd wordt waarbij ook direct een storting in deze voorziening moet plaats vinden ter hoogte van het benodigde bedrag om het achterstallig onderhoud te herstellen. De storting in een dergelijke voorziening vormt een (eenmalige) exploitatielast in het betreffende begrotingsjaar, waarbij de raad kan besluiten om die eenmalige last te dekken uit de algemene reserve.

De kosten die gemoeid gaan met het wegwerken van het achterstallig onderhoud worden vervolgens ten laste van deze voorziening gebracht. Aan de vorming van een onderhoudsvoorziening zijn vanuit de BBV wetgeving regels verbonden. In paragraaf 7.5 en 7.6 van de Notitie onderhoud materiele vaste activa van de commissie BBV is indien gewenst meer informatie te vinden over dit onderwerp.

Met vriendelijke groet, de gemeentesecretaris,

ir. J.C. Slagboom

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Moerdijk&id=41289714-0506-4a78-bab0-68dd5fcc8a3f