Beantwoording Technische vragen Onafhankelijk Moerdijk meerjarenbegroting 2025-2028
Tekst van het document
Technische vragen Onafhankelijk Moerdijk De heer J. van Brenkelen
Kenmerk Vergadering Datum
1081956 Raadsvergadering 7 november 2024 29 oktober 2024
Onderwerp
Vragen meerjarenbegroting 2025-2028
Geachte heer van Brenkelen, Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Moerdijk biedt u hierbij de beantwoording van de volgende technische vragen aan. Vraag 1: Blz 4: In de inleiding Meerjarenbegroting 2025-2028 wordt een structureel begrotingsresultaat 2025 verwacht van € 3,2 miljoen terwijl op blz 6 van de Aanbiedingsnota een structureel begrotingsresultaat 2025 van € 3,8 miljoen wordt verwacht. Wat is nu juist? Antwoord 1: Het structurele begrotingsresultaat 2025 zoals dat op pag. 6 van de aanbiedingsnota is geschetst (€ 3,8 miljoen) betreft het structurele begrotingsresultaat zoals dat ten tijde van de Kadernota 2025-2028 (raadsvergadering 27 juni 2024) werd verwacht. In de aanbiedingsnota wordt u stap voor stap meegenomen in de wijze waarop de begroting tot stand is gekomen en welke stappen sindsdien zijn gezet. Uiteindelijk levert dat het financiële perspectief op zoals dat op pag. 19 van de aanbiedingsnota is geschetst. Daarbij is te zien dat het verwachte structurele begrotingsresultaat 2025 uitkomt op € 3,2 miljoen. Vraag 2: Blz 6: Wat bedoelt u met “klantreis en klantbeleving”? Antwoord 2: Klantreis is de weg die wordt doorlopen (alle contactmomenten) van aanvraag tot levering tussen de aanvrager van het product/dienst en de gemeente.
Klantbeleving is het gevoel dat de inwoner heeft op basis van de contactmomenten met de gemeente bij de doorlopen klantreis, van aanvraag tot het leveren van een product of dienst. Vraag 3: Blz 14: Kunt u aangeven wat u verstaat onder 3-30-300-principe m.b.t. het gemeentelijk groenbeleid?
Antwoord 3: De richtlijn 3-30-300 regel staat voor 3 bomen zichtbaar vanuit iedere woning, 30% schaduw bedekking in de openbare ruimte en een groene verblijfplaats op 300 meter afstand van iedere woning. Deze richtlijn is onderdeel van het Focusdocument GWP en wordt nu toegepast in het opstellen van de vergroeningsplannen en geeft een duidelijk beeld op welke plaatsen meer of anders groen moet worden gerealiseerd om zo een goed en evenwichtig leefklimaat te realiseren. Dus in andere bewoording is deze richtlijn een maatlat om de noodzaak tot vergroenen op diverse plaatsen aan te duiden. Het huidige groenbeleid is vooral gericht op structuren, ook belangrijk, echter geeft de richtlijn meer inzicht in waar vergroend moet worden om hiermee het optimale effect te behalen. Vraag 4: Blz 14: In 2024 is als organisatie besloten de Sustainable Development Goals (SDG) van de Verenigde Naties te omarmen. Kunt u concreet aangeven wat dit inhoudt voor Moerdijk en kunt u een voorbeeld geven? Antwoord 4: De Sustainable Development Goals (SDG’s), zijn zeventien doelen om van de wereld een betere plek te maken in 2030. In 2015 hebben alle 193 landen die lid zijn van de Verenigde Naties (VN) de doelen aangenomen. De doelen zijn een mondiaal kompas voor uitdagingen als armoede, onderwijs en de klimaatcrisis. SDG-Nederland is het netwerk van iedereen die in ons land aan de doelen wil bijdragen.
Wij werken als gemeente Moerdijk elke dag aan deze 17 doelen en willen dit graag zichtbaarder maken. Voorbeelden zijn: - Samenwerking met de Klimaatburgemeesters (SDG 17: partnerschap om doelstellingen te bereiken.) - Sportakkoord (SDG 3: goede gezondheid en welzijn) - Aanleg natuur en ecologische verbindingszones (SDG 14: leven in water & SDG 15: leven op het land) Op dit moment betekent dit voornemen geen koerswijziging voor de gemeente Moerdijk. Wel wil de gemeente aansluiten bij een kennisnetwerk vanuit de Vereniging Nederlandse Gemeenten: SDGNederland. Zie ook: Home - SDG Nederland
Vraag 5: Blz 18: Kunt u de term “Circulaire economie” nader definiëren? Alsmede wat is bij het strategisch doel het evenredig aandeel van de gemeente naar een circulaire economie en hoe? Antwoord 5: De term circulaire economie is een verzamelbegrip dat voor elk vakgebied een andere betekenis kan hebben, maar niet vrijblijvend is op langere termijn. Centraal staat het hergebruiken van grondstoffen, dat is per 2050 voor de industrie verplicht. Vanuit de overheid hebben we vanuit verschillende taakvelden hier een rol in. Hierbij kunt u denken aan het voorzien in ruimte voor circulaire bedrijvigheid, het lokale afvalbeleid, maar ook het aansturen op gebruik van circulair bouwmateriaal bij lokale woningbouw of infrastructuur. Met evenredig aandeel wordt bedoeld dat wij een bijdrage willen leveren aan de transitie tot een circulaire economie die in verhouding staat tot onze verantwoordelijkheid en de sturingsmogelijkheden die wij als gemeente hebben. Wat dit concreet omvat zal in 2025 uitgewerkt worden in het op te stellen lokale beleid op dit onderwerp. Uiteraard informeren en betrekken wij de raad hierbij.
Vraag 6: Blz 19: Bij de prestaties geeft u aan Onderzoek naar effectiever inzet milieustraat. Wat wilt u bereiken? In de tekst lees ik hier niets over. Van onze inwoners horen wij alleen maar positieve berichten over de huidige uitvoering van de milieustraat. Antwoord 6: Op de milieustraat kunnen inwoners hun afval en grondstoffen gescheiden aanbieden. Het aanbieden van grondstofstromen moet zo makkelijk mogelijk zijn, zodat we hergebruik stimuleren en minder restafval overhouden. De huidige milieustraat draagt daar deels al aan bij, maar is op onderdelen gedateerd en we willen onderzoeken hoe dit slimmer en effectiever kan. Ook vraagt de circulaire markt steeds meer om zuivere stromen van een specifieke grondstof. Zo zijn er milieustraten die bijvoorbeeld al 3 verschillende houtstromen hebben, zodat afnemers die beter kunnen hergebruiken. Ook kan een betere routing afvalscheiding stimuleren. Daar hebben we nu geen ruimte voor. Er wordt nog steeds relatief veel in de restafvalcontainers gedeponeerd, terwijl dat niet nodig is. Vraag 7: Blz 23: Bij het Strategische doel geeft u aan het bevorderen van het woningaanbod voor zowel de huidige als nieuwe inwoners. Voor Onafhankelijke Moerdijk is het gezien de druk op de woningmarkt van belang dat onze inwoners, die een woning zoeken, voorrang krijgen bij het toewijzen van een woning. Alsmede jongeren van 18-30 jaar.
Kunt u dit strategische doel aanpassen? Antwoord 7: Dit betreft geen technische vraag maar een politiek standpunt, waarbij het aan de gemeenteraad is om in de begroting de strategische doelstellingen voor het komende jaar vast te stellen. Los daarvan is het woningmarkt vraagstuk complexe materie. Het is bijvoorbeeld de vraag of het vaker verlenen van voorrang aan bewoners of specifieke doelgroepen in een bepaalde kern bijdraagt aan kortere zoektijden indien er tegelijkertijd onvoldoende passend aanbod is voor de huidige bewoners van een woning. Vraag 8: Blz 25: Wat wordt verstaan onder “uitvraag”? Antwoord 8: Eind 2020 is de integrale aanpak arbeidsmigratie vastgesteld waarin een groot aantal beleidskeuzes zijn vastgesteld voor de economische, volkshuisvestelijke en sociaal-maatschappelijke perspectieven. Onder het volkshuisvestelijk perspectief is vastgesteld dat de gemeente Moerdijk een flinke opgave heeft in de huisvesting van arbeidsmigranten. We hebben daarom in 2022 de regie genomen en een uitvraag naar de markt uitgezet naar goede initiatieven voor de huisvesting van 1.500 arbeidsmigranten. De 5 initiatieven met de hoogste scores zijn als kansrijk aangemerkt en zijn hun initiatieven aan het uitwerken. Zie hierover ook de raadsinformatiebrief d.d. 25 mei 2024.
Vraag 9: Blz 40: Kunt u uitleggen hoe economie een vitaal (gemeente) Moerdijk kan versnellen? Antwoord 9: De economie zorgt voor werkgelegenheid voor de inwoners van Moerdijk en het aantrekken van nieuwe inwoners om de leefbaarheid te versterken en onze voorzieningen op peil te houden.
Vraag 10: Blz 40: Wat is de economische betekenis van gemeente Moerdijk op regionaal en nationaal niveau? Wat levert de Port of Moerdijk jaarlijks op voor de gemeente Moerdijk, alsmede voor de lokale economie van Moerdijk? Kunt u ons een beeld geven van: a) Hoeveel mensen er werken op Port of Moerdijk? b) Hoeveel daarvan zijn arbeidsmigranten? c) Hoeveel mensen uit onze gemeente werken op Port of Moerdijk? Antwoord 10: In 2023 is door het havenbedrijf een werkgelegenheidsonderzoek uitgevoerd. Hieruit blijkt: a) In totaal werken er in 2023 12.510 mensen. Daarvan werken er 10.600 mensen direct voor de bedrijven in de haven werken en ca. 1.910 mensen werken er indirect zoals ZZP’ers, uitzend-, detachering-, interim-krachten en dienstverleners zoals beveiliging en schoonmaak. In dit onderzoek is de toeleveringsindirecte werkgelegenheid geschat op ca. 7.500 werkzame personen buiten de haven. b) Dit is niet te herleiden uit het onderzoek. Er is onderzoek naar de woonplaats/regio gedaan voor de directe werkgelegenheid en er is onderzoek gedaan naar verdeling in etniciteit van medewerkers in vast en tijdelijk dienstverband. Op basis daarvan is niet te herleiden hoeveel mensen arbeidsmigrant zijn. Uit de cijfers blijkt wel dat in 2022 93.5% van alle medewerkers in het havenen industriegebied in vaste dienst is.
c) Uit het onderzoek blijkt dat van de directe werkgelegenheid 1.982 mensen wonen in de gemeente Moerdijk. 3.233 mensen wonen in de overige gemeenten in de Regio West-Brabant en 1.855 mensen elders in Brabant.
Vraag 11: Blz 49: Wat wordt onder hybride leren verstaan? Antwoord 11: Over het algemeen hebben we het bij hybride leren over een combinatie van de locatie waar geleerd wordt. Dit kan zijn op de onderwijslocatie, op locatie bij een werkgever of digitaal plaats onafhankelijk. Vraag 12: Blz 52: Bij de aanpak van ondermijnende activiteiten geeft u aan “beleid op diverse terreinen”. Op welke terreinen? Antwoord 12: Dit betreft beleid op ondermijning voor enerzijds het haven- en industriegebied, waarbij Moerdijk aanhaakt op de reeds bestaande Mainportaanpak Zeeland- West Brabant en anderzijds beleid op ondermijning toegespitst op de kernen, het buitengebied en de overige bedrijventerreinen. Vraag 13: Blz 53: Bij de prestaties staat “Inzet op Awareness” twee keer vermeld. Kunt u dit vervangen door een Nederlands woord zodat duidelijk is wat wordt beoogd? Antwoord 13: Met de inzet op Awareness spreken we over de bewustwording van organisatie, samenleving, bedrijfsleven en agrarische sector op veiligheidsthema's en het herkennen van signalen van ondermijning.
Vraag 14: Blz 59: U geeft aan met getallen dat de vergrijzing in Nederland enorm is. Hoe is de situatie in onze gemeente? Antwoord 14: De gemeente Moerdijk volgt de landelijke trend van vergrijzing, maar heeft een iets hoger percentage ouderen in vergelijking met het landelijk gemiddelde. In Nederland is momenteel ongeveer 20% van de bevolking 65 jaar of ouder, en dit percentage blijft toenemen. In Moerdijk is de vergrijzing echter sterker zichtbaar dan in grotere steden en het landelijke gemiddelde. In 2021 was al ongeveer 21% van de inwoners van kleine gemeenten, zoals Moerdijk, 65 jaar of ouder, en dit percentage zal naar verwachting toenemen tot ongeveer 28% in 2035. Vraag 15: Blz 62/63: Bij nieuwe ontwikkelingen geeft u aan in 2025 te starten met het 4-jarig implementatietraject van Opgroeien in een Kansrijke Omgeving (OKO). Wat is de rol van de ouders? Zij zijn immers verantwoordelijk om hun kinderen op te voeden. Antwoord 15: Met OKO werken we als gemeente en partners samen aan het vormen van een positieve leefomgeving voor jongeren op de volgende plekken: thuis (gezin), op school, in de vriendenkring (peergroep) en in de vrije tijd. Hieronder vallen dus ook de ouders. Tijdens het traject komt aan bod welke beschermende- of risicofactoren in het domein 'gezin' vallen en hoe we deze factoren respectievelijk kunnen behouden of verkleinen.
Ouders hebben al een rol en in het traject worden ouders meegenomen. Hoe dat precies vormgegeven wordt moet blijken als het traject van start gaat. Vraag 16: Blz 72 en 220: 6.3 Inkomensregelingen. Op blz 220 staat € 9.289.271,- aan lasten en € 9.958.322,- aan baten. Kunt u dit nader specificeren? Aangezien Toeslagen, Bijzondere bijstand en Kwijtschelding al apart staan vermeld. Antwoord 16: De circa € 9,3 miljoen aan lasten betreft de bijdrage aan de gemeenschappelijke regeling Werkplein Hart van West-Brabant voor het programma Inkomen en dan met name de uitkeringen op grond van de PW (Participatiewet), IOAW (Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers) en IOAZ (Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen). De circa € 10 miljoen aan baten betreft de bijdrage van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid voor de bekostiging van algemene bijstand (PW, IOAW, IOAZ en Bbz 2004) en het verstrekken van loonkostensubsidie. Deze gebundelde uitkering wordt ook wel het BUIG-budget genoemd. Vraag 17: Blz 86: Rechtmatigheidsverklaring: In 2025 komt u met een voorstel om de financiële verordening aan te passen zodat conform de modelverordening van de VNG aan de voorwaarde van het tijdig melden van baten en lasten aan de gemeenteraad is voldaan.
Kunt u dit dan toepassen voor de rechtmatigheidsverklaring 2024?
Antwoord 17: Bij de actualisatie van de Financiële verordening zal aan uw raad worden voorgesteld om de wijzigingen ook van toepassing te laten zijn op de verantwoording van de jaarrekening van het verslagjaar 2024. Vraag 18: Blz 203: Het percentage Jongeren tot 18 jaar met jeugdhulp is in Moerdijk 16,1 %. Landelijk ligt dit met een percentage van 13,5 % veel lager. Wat is de oorzaak dat de problematiek onder jongeren in onze gemeente hoger ligt? Zie ook blz. 201 de verwijzingen Halt zijn ook hoger dan landelijk. Wat is hiervan de oorzaak? Antwoord 18: Het is niet mogelijk om voor beide ontwikkelingen een causaal verband aan te tonen. Het percentage jongeren met jeugdhulp ligt in Moerdijk al meerdere jaren net iets hoger dan het landelijke percentage, maar vergeleken met de regiogemeenten komt ons aandeel overeen. We weten dat sommige problematiek een generationele factor heeft, echter weer andere problematiek, zoals grensoverschrijdend gedrag, kan afhankelijk zijn van omgevingsfactoren of de verkeerde vriendengroep. We monitoren het gebruik van (de soort) jeugdhulp nauwgezet en kijken naar zorgpaden om zo patronen te ontdekken. Hierdoor komen we steeds meer te weten over stijgingen van hulpvragen en het daarvoor meest passende aanbod. Met vriendelijke groet, de gemeentesecretaris,
drs. M.E. de Groot