Beantwoording Technische vragen CU Integraal Huisvestingsplan Primair en Voortgezet onderwijs
Tekst van het document
Technische vragen Christen Unie Mevrouw N.C.A. Tolenaars – den Braber Kenmerk Vergadering Datum
01254 TV Commissie 14 januari 2026
Onderwerp
agp. 9.2 Integraal Huisvestingsplan Primair en Voortgezet Onderwijs.
Geachte mevrouw Tolenaars, Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Moerdijk biedt u hierbij de beantwoording van de volgende technische vragen aan. De fractie van de ChristenUnie heeft de volgende technische vragen over het RV Integraal Huisvestingsplan Primair en Voortgezet onderwijs. 1. Voor de scholen in Fijnaart is door beide schoolbesturen aangegeven dat zij het niet eens
zijn met de aangegeven planning. Is bij het college bekend wat de MR'en van de scholen hiervan vinden? Op welke manier is het belang van de gebruikers, namelijk de basisschoolkinderen, afgewogen in de voorgestelde planning van de scholen in Fijnaart? Antwoord: Medezeggenschapsraden zijn een intern orgaan van scholen en schoolbesturen, die op grond van de ‘wet medezeggenschap op scholen’ adviseren naar de scholen en schoolbesturen. De medezeggenschapsraden spreken zowel voor ouders, personeel als leerlingen. De medezeggenschapsraden en de schoolbesturen zijn dus gesprekspartners. De medezeggenschapsraden zijn geen overleggremium voor de gemeente/het college. Het overlegorgaan voor de gemeente/het college is het schoolbestuur. Het is aan schoolbesturen zelf om met hun achterbannen te communiceren. In de voorgestelde planning is uitgegaan van een realistische planning, waarbij rekening is gehouden met het proces en de opeenvolgende fasen en benodigde procedures die een nieuwbouwproject doorloopt. Dit betreft o.a. locatieonderzoek, haalbaarheidsonderzoek, programma van eisen, aanbesteding architect, ontwerp, omgevingsplanwijziging, omgevingsvergunning, aanbesteding aannemer, realisatie bouw en daarbij behorende besluitvorming van de raad in verschillende fasen in het proces. Voor de planning van de projecten is daarom ook intern ambtelijk breed geconsulteerd.
2. In de prognose van het Markland College is te zien dat het aantal leerlingen eerst iets
stijgt en dan weer daalt. Hoe verhoudt zich dit tot de bouw van de wijk Zevenbergen Oost, waarin een extra basisschool nodig is in verband met toekomstige inwoners? Klopt het dat deze toekomstige scholieren niet zijn opgenomen in de leerlingenprognose van het Markland College en zo ja, waarom niet? Antwoord: De afgelopen jaren was sprake van een daling van het aantal leerlingen in het basisonderwijs (zie leerlingenprognose basisonderwijs). Deze daling vertaalt zich nu ook de komende jaren in de doelgroep 12-18 jarigen in het Voortgezet Onderwijs (zie leerlingenprognose VO blz. 4.) en voor het Markland College Zevenbergen in het aantal
van 1048 leerlingen in 2034. In de jaren na 2034 gaat het aantal leerlingen van het Markland College Zevenbergen weer stijgen richting de 1100 leerlingen en op termijn rond de 1130 leerlingen. De doelgroep voor het voortgezet onderwijs in Moerdijk neemt na 2034 weer toe als gevolg van m.n. de woningbouwontwikkelingen in Zevenbergen-Oost (1000 woningen) en Zevenbergen-Noord. De ontwikkelingen in dit gebied leveren op termijn 260 extra kinderen (met extra huisvestingsbehoefte voor basisonderwijs Zevenbergen-Oost) in de doelgroep op. Van deze doelgroep gaat na het basisonderwijs 35,5% naar het voortgezet onderwijs in de gemeente Moerdijk. 3. Wat is de reden dat de kwaliteit van de Neerhof op meerdere punten als matig of zelfs
slecht wordt ervaren, terwijl het gebouw net 10 jaar oud is? In het IHP wordt aangegeven dat het niet meer past bij de visie van de Waarden, echter een goede visie is jarenlang houdbaar. Hoe kan het dat de functionele kwaliteit dan nu al als "matig" wordt beoordeeld? Antwoord: In paragraaf ‘4.7.2 RKBS De Neerhof’ van het IHP is de volgende alinea opgenomen: “Op het gebied van functionele kwaliteit scoort het gebouw matig. Dit komt voornamelijk doordat het gebouw niet goed aansluit op de veranderende onderwijsvorm en visie van De Waarden. Daarnaast zijn er momenteel onvoldoende goed ingerichte werkplekken beschikbaar voor de staf.” Naar aanleiding van uw vraag is contact opgenomen met het college van bestuur van Stichting De Waarden. Deze heeft de volgende toelichting gegeven op voormelde alinea: “De lokalen zijn wat aan de kleine kant. De school groeit nog steeds en als er in groepen enkele leerlingen extra instromen, zijn dat te weinig leerlingen om de groep in twee kleinere groepen te kunnen splitsen. De lokalen zijn daardoor wat krap. Dit kan eventueel opgelost worden door de wanden van sommige lokalen te verplaatsen, waardoor er meer ruimte in het lokaal is en minder op de leerpleinen (de brede gangen). Overigens zijn de kosten daarvoor voor rekening van De Waarden zelf. De veranderende onderwijsvisie duidt op ‘inclusief onderwijs’.
Deze verandering komt niet bij De Waarden, maar bij de rijksoverheid vandaan. En dat vraagt meer vierkante meters buiten de lokalen om. Deze zijn in De Neerhof beperkt beschikbaar. Daarom is in het IHP ook opgenomen dat er bij voorkeur bij elke nieuwe school extra m2 komen voor inclusief onderwijs. De akoestiek in de gymzaal is niet goed en zorgt voor stemproblemen bij de docent.” N.B.: Voor wat betreft de laatste opmerking over de gymzaal door het college van bestuur van Stichting De Waarden, kan het college u informeren dat de werkzaamheden met betrekking tot het aanbrengen van de akoestische panelen in de gymzaal van de Neerhof al gepland zijn en plaats zullen vinden in de voorjaarsvakantie van 24 april t/m 4 mei 2026.
Met vriendelijke groet,
S. Elseman gemeentesecretaris