Beantwoording Technische vragen BBM: Geluidscontouren
Tekst van het document
AANBIEDINGSBRIEF TECHNISCHE VRAGEN [agendapunt + onderwerp]
Zaaknummer
:
BI-nummer
: 00961 TV
Aan de leden van de gemeenteraad, Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Moerdijk biedt u hierbij de beantwoording van de volgende technische vragen aan. Vergadering Vraagsteller Datum vergadering
: Informatiebijeenkomst Pilot omgevingsplan Molengors : De heer P. Stehouwer : 7-1-2021
Naar aanleiding van deze informatiebijeenkomst over de stand van zaken in de Pilot voor het Omgevingsplan Molengors, stelt u een aantal technische vragen die tijdens de avond voor uw onvoldoende beantwoord bleven. •
In de presentatie werd veelvuldig gesproken over geluidscontouren en -normering. Onduidelijk bleef of de vermelde waarden gezien dienen te worden als een maximum geluidspiek die geproduceerd mag worden op een bepaald moment, of dat dit een gemiddelde waarde is gemeten over een bepaalde periode. Graag toelichting waar dit maximum aan geluidsbelasting gemeten wordt (bijv. afstand van de gevel, erfscheiding), of dit een piek of gemiddelde betreft (hoe berekend), of omgevingsgeluid (andere bronnen) cumulatief meegerekend wordt, kortom verduidelijking waar men zich vanaf 2022 aan dient te houden. Reactie: In de presentatie zijn in hoofdlijnen de uitgangspunten voor het bestemmingsplan toegelicht. Deze uitgangspunten worden nu uitgewerkt in een concept bestemmingsplan. In de voorbereiding van dit plan is onder andere de Staalkaart ‘bedrijfsmatige activiteiten’ gebruikt, die als voorbeeldregeling is opgesteld in opdracht van het Programma aan de slag met de Omgevingswet (https://aandeslagmetdeomgevingswet.nl/implementatie/ondersteuning/voorbeeldentools/staalkaarten-casco-omgevingsplan/). In de conceptregels voor het aspect geluid is opgenomen, dat bij het verrichten van bedrijfsmatige activiteiten op de locatie met de bestemming ‘Bedrijventerrein’ voldaan moet worden aan de grenswaarden voor het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT.
Het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAR,LT) is het gemiddelde van de afwisselende niveaus van het ter plaatse optredende geluid, gemeten in een bepaalde periode en vastgesteld en beoordeeld overeenkomstig de ‘Handleiding meten en rekenen industrielawaai’. De geluidsgrenswaarden zoals die nu de conceptregeling zijn opgenomen, zijn dus gemiddelde waarde gemeten in een bepaalde periode. De grenswaarde voor geluid wordt gemeten op verschillende plekken. Waar de grenswaarde wordt gemeten, is afhankelijk van de geluidszone waarin het bedrijf zich bevindt. In totaal zijn er vier geluidzones opgenomen in het concept bestemmingsplan. In de zones ‘’Geluidzone - 50 dB(A)’’, ‘’Geluidzone - 55 dB(A)’’ & ‘’Geluidzone - 45 dB(A) – Rotako’’ wordt de grenswaarde voor geluid gemeten op de aanduidingsgrens van de betreffende geluidszone.
1
Voor de geluidzone ‘’Geluidzone - 45 dB(A)’’ (waarbinnen lichte bedrijvigheid is toegestaan) wordt de grenswaarde voor geluid gemeten op een afstand van maximaal 30 meter gemeten vanaf de grens van de locatie waar de bedrijfsmatige activiteit wordt verricht. De totaal beschikbare geluidsruimte wordt begrensd door deze geluidzone. Op dit moment wordt door de Omgevingsdienst een cumulatie onderzoek geluid uitgevoerd, omdat omgevingsgeluid cumulatief meegewogen moet worden in de totale geluidsbelasting die het bedrijventerreinen produceert. Aan de hand van dit onderzoek wordt nader beoordeeld of een verdere specificatie van de regels nodig is. Samenvattend: de gemiddelde geluidswaarde wordt gemeten op de grens van de betreffende geluidzone of op een afstand van maximaal 30 meter gemeten vanaf de grens van de locatie waar de bedrijfsmatige activiteit wordt verricht. De plek waar gemeten wordt is dus afhankelijk van de betreffende geluidzone. Er wordt nader onderzoek gedaan naar de cumulatie van geluid met andere geluidbronnen. Als de uitkomsten van het onderzoek daartoe aanleiding geven, worden regels op dit onderdeel nader gespecifieerd. •
In het nieuwe bouwbesluit is BENG (Bijna Energie Neutrale Nieuwbouw) toegevoegd met als bijzondere voorwaarde dat vanaf 1 januari -uitgesteld naar 1 april- aan nieuwbouw (woningbouw en utiliteit) scherpere eisen worden gesteld m.b.t. het geluid dat warmtepompen of airco units mogen produceren. Deze scherpere geluidseis houdt in dat de buiten-unit overdag 45 dB aan geluid mag produceren. In de avond en ’s nachts mag het geluid niet harder zijn dan 40 dB. Voor buiten-units die vanaf 1 april in de bestaande bouw worden geplaatst, gelden dezelfde eisen. Hoe laat dit zich verhouden tot de maximale waarden zoals gesteld in de presentatie, zeker gezien het feit dat zo’n systeem met de energietransitie (“van het gas af”) voor velen de enige reële optie wordt als alternatieve verwarmingsbron voor een aardgas CV ketel? Reactie: De geluidswaarden die in het plan worden opgenomen, gelden alleen voor het geluid ten gevolge van bedrijfsmatige activiteiten. De geluidsgrenswaarden voor duurzame installaties zoals opgenomen in het Bouwbesluit, vormen een aparte eis die op grond van het Bouwbesluit wordt gesteld als dergelijke installaties bij een bedrijf worden geplaatst. De geluidsregels voor bedrijven en de eisen voor het Bouwbesluit zijn dus beide aparte wet- en regelgeving waar een bedrijf aan moet voldoen.
Voor het concept bestemmingsplan wordt nader onderzocht of bepaalde eisen (zoals de eisen voor duurzame installaties) nog van invloed zijn op de concept regeling geluid. Als de uitkomsten van het onderzoek daartoe aanleiding geven, worden regels op dit onderdeel nader gespecifieerd.
•
In de presentatie werd zijdelings een opmerking gemaakt over in hoeverre de combinatie woonhuis en bedrijfspand wenslijk is op een bedrijfsterrein zoals Molengors. Volgens ons is dit een politieke vraag en heeft dit inhoudelijk weinig met de omgevingswet en de consequenties daarvan van doen. In hoeverre moeten we dus waarde en/of gevolgen toekennen aan deze opmerking? Reactie: Deze vraag is inderdaad geen gevolg van de Omgevingswet, maar is een beleidsmatige keuze, die wij in de voorbereiding van dit nieuwe bestemmingsplan hebben gemaakt. Wij hebben er voor gekozen voor het hele plangebied geen nieuwe bedrijfswoningen meer toe te staan, met uitzondering van één ontwikkeling aan de Huizersdijk waarvoor eerder een principeverzoek is ingediend en inmiddels een nieuw bestemmingsplan in voorbereiding is.
2
De redenen voor deze keuze zijn onder andere gelegen in de Paraplunota Leefomgeving, waarin het streven is de kwaliteit van de leefomgeving permanent te beschermen of verbeteren. Het wonen op een bedrijventerrein past niet binnen dit streven. In de Paraplunota Economisch Klimaat is daarnaast het beleidsdoel opgenomen om samen met de ondernemers de slag te maken om de bedrijventerreinen beter te benutten. Bedrijfswoningen op een bedrijventerrein werpen mogelijk vanuit milieutechnisch oogpunt belemmeringen op voor bedrijven. Deze beleidskeuze zullen wij aan u voorleggen bij de besluitvorming over het in voorbereiding zijnde bestemmingsplan.
Met vriendelijke groet, namens burgemeester en wethouders van Moerdijk d.d. 18 januari 2021 de gemeentesecretaris
ir. J.C. Slagboom
3