Beantwoording Technische vragen BBM-BBB meerjarenbegroting 2025-2028
Tekst van het document
Technische vragen Burger Belangen Moerdijk/BBB Bondgenoot De heer P. Stehouwer
Kenmerk Vergadering Datum
1081956 Raadsvergadering 7 november 2024 29 oktober 2024
Onderwerp
Vragen meerjarenbegroting 2025-2028
Geachte heer Stehouwer, Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Moerdijk biedt u hierbij de beantwoording van de volgende technische vragen aan. Vraag 1: Blz 19 Hoe lang lopen de huidige contracten nog t.a.v. het ophalen van (huis)afval en in hoeverre oriënteren wij ons al op de situatie na afloop, waaronder na-scheiding? Antwoord 1: De samenwerking met Afvalservice Breda loopt nog tot eind 2026. Zij doen voor ons de inzameling van het huishoudelijk afval. Bij nascheiding kunnen alleen plastic verpakkingen, blik en drankenkartons (PBD) uit het restafval gehaald worden. Andere grondstofstromen als papier, glas, gft en textiel zijn niet geschikt voor nascheiding. Op dit moment oriënteren wij ons niet op nascheiding, maar we volgen de ontwikkelingen op de markt wel. Vraag 2: Blz 26 Wat is de status van het idee om mid- en long stay arbeidsmigranten op te nemen in de Gemeentelijke Basis Administratie, waardoor zij inwoner worden van Moerdijk en meetellen in het inwonertal? Antwoord 2: Officieel moeten arbeidsmigranten die langer dan 4 maanden blijven, zich registreren in ons BRP. Hiermee worden ze inwoners van de gemeente en tellen ze dus mee in het inwoneraantal. Inmiddels is het intern proces voor een goede registratie BRP voor arbeidsmigranten geïmplementeerd in reguliere processen. Registratie is overigens voor arbeidsmigranten zelf ook positief.
Pas als zij geregistreerd zijn, gaan zij rechten opbouwen en kunnen ze zich bijvoorbeeld inschrijven bij een huisarts. Arbeidsmigranten weten deze regel veelal niet en registratie wordt regelmatig ook niet toegestaan door de verhuurder omdat de kamergewijze huisvesting illegaal is. We nemen deel aan de regionale themagerichte aanpak arbeidsmigratie om hier beter inzicht in te krijgen en mogelijk handhaving op te kunnen starten. We proberen verder om registratie in BRP te bevorderen door de huisvesters toeristenbelasting op te leggen voor de arbeidsmigranten die niet geregistreerd staan in BRP.
Vraag 3: Blz 28. RWB heeft bereikbaarheid/mobiliteit niet meer in beheer/coördinatie voor de regio vanaf 2025. De bedoeling is dat dit wordt ondergebracht bij de SR’s. Vraag: hebben we garantie/zekerheid dat de beschikbare middelen voor de RMP’s via SR’s voor Moerdijk er komen? Antwoord 3: De Regionale mobiliteitsprogramma’s (RMP’s) lopen inderdaad vanaf 2025 via de Stedelijke Regio’s (SR’s) en zijn in de basis gelden die moeten bijdragen aan mobiliteitsinterventies op systeemniveau. Dit is een bedrag van € 120 miljoen voor 3 SR’s. Wat betreft ons aandeel daarin zijn we nog aan het lobby’en bij diverse SR’s, maar daarvoor hebben we op gemeentelijk niveau (nog) geen garantie. In het verleden waren mensgerichte-/ en infra maatregelen, (voornamelijk) gericht op verkeersveiligheid, onderdeel van het RMP. Dat is vanaf 2025 niet meer zo, dat is losgetrokken. De provincie heeft hiervoor apart geld uitgetrokken voor de periode 2025-2027 om te verdelen per SR. Als gemeente Moerdijk doen we hierbij mee in Stedelijke Regio West-Brabant-West (SRWBW) en heb je de garantie dat je een evenredig deel ontvangt als onderdeel binnen een SR. De verdeling vindt plaats op basis van aantal km gemeentelijke wegen en fietspaden in een SR, dus het is niet dat iedere SR evenveel ontvangt.
Overigens blijft het overeind staan dat je als gemeente altijd een deel zelf moet betalen voor mensgerichte en infra maatregelen en dat de PNB aanvult vanuit deze gelden. Maar dit was in het verleden ook al zo. Vraag 4: Blz 31 Slagen wij erin om opbrengsten (leges) en kosten (toezicht, controle, herstel) in evenwicht te houden m.b.t. het steeds vaker openbreken van trottoirs en wegen en op basis van welke methodiek passen wij deze aan de immer stijgende kosten? Antwoord 4: De leges voor het behandelen van aanvragen en meldingen op basis van de Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuur worden jaarlijks aangepast met het inflatiepercentage zoals vastgelegd in de Kadernota. De zogenaamde degeneratievergoeding wordt berekend op basis van de tarieven zoals vastgesteld door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Daaraan hebben veruit de meeste gemeenten in Nederland zich geconformeerd. Ook deze tarieven worden jaarlijks geïndexeerd. In geval van speciale projecten, zoals de aanleg van glasvezelnetwerken, worden overeenkomsten met de initiatiefnemer gesloten waarin een vergoeding wordt vastgelegd voor bijvoorbeeld extra personele inzet. Vraag 5: Blz 44 Hoe borgt SRBT de zorgen van dorpen over draagvlak voor voorzieningen zoals zorgaanbod en mogelijke mobiliteitsarmoede? Antwoord 5: Op dit moment is de dorpenstrategie nog in ontwikkeling d.m.v.
samenwerking tussen 3 pilots in Noord-Brabant. Het is nog niet bekend wat de dorpenstrategie precies gaat worden. De verwachting is dat het helpt bij bijvoorbeeld inzicht in het achterblijven van voorzieningen en eventuele bereikbaarheid daarvan en eventuele praktijkvoorbeelden voor oplossingen, mogelijkheden voor ontwikkelaars en financiering. Dit helpt bij het maken van keuzes bij en over de ontwikkeling van vitale centra en dorpen.
Vraag 6: Blz 47 Afhankelijkheid naar derden zoals operationeel hebben en houden van waterverbindingen. Wat en hoe groot zijn de risico’s? Antwoord 6: Het operationeel hebben en houden van waterverbindingen doen we niet alleen. De waterverbindingen hebben een aanmeerplek aan de Moerdijkse zijde, maar ook altijd een aanmeerplek aan de overkant, een andere gemeente. Afspraken over de verbindingen maken we samen met die partnergemeentes. Daarnaast zijn we voor de uitvoering afhankelijk van weer andere partijen. En zeker voor het watervervoer is die markt niet groot. De risico’s die we lopen kunnen we dus verdelen in twee groepen. We komen wel/geen afspraken overeen met de andere oevergemeentes. Dit risico is, op dit moment, klein. De partnergemeentes hebben dezelfde wensen als wij wat betreft waterverbindingen. Het risico bij de uitvoering van de diensten is groter. Vanwege het kleine aantal aanbieders is dit namelijk erg kwetsbaar. Dit hebben we afgelopen jaren bijvoorbeeld gemerkt met de invulling van de pontverbinding Willemstad – Numansdorp en het operationeel krijgen van de Expeditie Haringvliet. De pontverbinding hebben we uiteindelijk toch in kunnen vullen, maar van de expeditie hebben we in 2024 afscheid genomen. De verwachting is wel dat samenwerking over het algemeen een sterker product met zich meebrengt.
Dus hoewel we risico lopen door samenwerkingen aan te gaan, is de verwachting dat dit uiteindelijk meer opbrengt in de zin van kwaliteit en toegevoegde waarde voor het gebied. Vraag 7: Blz 51 Genoemde risico’s kunnen grote impact hebben op de meerjarenbegroting. Wat als? Antwoord 7: In het kader van de lokale bedrijventerreinenvisie worden deze risico's ook nader onderzocht en wordt er een aanpak opgesteld om deze risico's te verkleinen. Vaststelling hiervan zal in 2024 zijn. Vraag 8: Blz 52 Op het vlak van fysieke veiligheid en aanpak ondermijning zijn tot op heden geen effectindicatoren vastgesteld. Wanneer komen die er wel? Antwoord 8: De effectindicatoren worden in de tweede helft van 2025 vastgesteld. Vraag 9: Blz 59 Inning van eigen bijdrage Oekraïners wordt voorbereid. Wanneer gereed en welk bedrag zal dat zijn? Antwoord 9: Op 1 juli 2024 is door het Rijk de meest recente versie van de Regeling Opvang Ontheemden Oekraïne (ROOO) vastgesteld. Hierin staat de nieuwe regeling om een eigen bijdrage voor gas, water en elektriciteit te gaan innen bij de Oekraïense ontheemden die in een gemeentelijke opvanglocatie verblijven.
Het Rijk geeft gemeentes zes maanden de tijd om de nieuwe regeling in te voeren. Deze tijd is nodig om het proces zorgvuldig in te richten. Het uitvoeren van de eigen bijdrageregeling voor gas, water en elektriciteit bij de Oekraïense ontheemden zal in Moerdijk ingaan per 1 januari 2025. Het maandelijkse bedrag is landelijk vastgesteld op €105 per volwassene, met een maximum van €210 per gezin. Vraag 10: Blz 63 Bijdrage van het Rijk 115 K is formeel nog niet toegewezen en niet in de begroting verwerkt. Wat als deze wordt toegewezen? Antwoord 10: Inmiddels is deze decentralisatie uitkering door het Rijk formeel toegewezen. Deze wordt via een subsidiebeschikking beschikbaar gesteld aan Bibliotheek West Brabant om de dienstverlening op peil te houden. Vraag 11: Blz 65. Onvoldoende personele capaciteit: tekort aan vrijwilligers en toenemende vergrijzing. Idee om middelen vrij te maken om vrijwilligers te werven? Antwoord 11: De tekst in begroting heeft betrekking op personele capaciteit in de zorg- en ondersteuningssector. Hierbij staat geen verwijzing naar tekort aan vrijwilligers en toenemende vergrijzing. Op dit moment wordt er gewerkt aan de gemeentelijke visie op de sociale basis als onderdeel van het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). Vrijwillige inzet en de rol die de gemeente daarin kan pakken is een belangrijk aspect van deze visie.
Via onder andere het gemeentelijk burgerpanel wordt onderzocht waar behoefte en kansen liggen. Het is aan de gemeenteraad om deze visie en uitvoeringsplan vast te stellen. Mocht er behoefte zijn aan extra financiële middelen, dan zal dit tevens onderdeel zijn van de besluitvorming. Bovenstaande vraag is dan ook een politieke vraag. Vraag 12: Blz 78 Afhankelijkheid van anderen in regionale samenwerking. Hoe meer grip te krijgen? Antwoord 12: De afhankelijkheid van anderen hebben we in de begroting benoemd bij de risico's van regionale samenwerking. De inzet van regionale samenwerking is het realiseren van doelen die de gemeente Moerdijk in het bestuursakkoord en haar programmabegroting heeft opgenomen. Grip krijgen op anderen en hun motivatie om een andere keuzes te maken is geen doel van de gemeente Moerdijk. Wel zetten we in op een open samenwerking waarin de doelen van de gemeente Moerdijk helder zijn en we deze met argumenten onderbouwen in het belang van Moerdijk en onze samenwerkingspartners en waarbij we ook oog hebben voor de belangen van onze samenwerkingspartners in de regio. Vraag 13: Blz 79 eind 2024 nieuwe afspraken met gebiedstafels over het samenwerken met de gemeente. En verdere uitwerking in 2025. Rol van de gemeenteraad in deze afspraken? Antwoord 13: De raadsleden worden geïnformeerd over deze afspraken via een raadsinformatiebrief.
Vraag 14: Blz 81 Hoe worden medewerkers en (burger)raadsleden meegenomen in informatiebeveiliging en maakt men gebruik (of is men voornemens gebruik te maken) van bijvoorbeeld Arda modules? Antwoord 14: Medewerkers maken gebruik van de E-learning modules in Arda, per 1 november zullen hierin ook de (burger)raadsleden worden meegenomen. Naast Arda worden medewerkers over actuele informatiebeveiliging ontwikkelingen geïnformeerd op intranet of door fysieke informatiesessies. Met vriendelijke groet, de gemeentesecretaris,
drs. M.E. de Groot