CConstaterende datMoerdijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Aanvullende notitie bij de kadernota 2024-2027

Commissievergadering 7 juni 2023, gemeente Moerdijk1.418 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aanvullende notitie bij de Kadernota 2024-2027 Overige financiële ontwikkelingen voor 2024-2027 en daarna In hoofdstuk 4 van de concept-kadernota 2024 is het financieel perspectief geschetst voor de jaren 2024-2027. Hierin is alle input vanuit de organisatie verwerkt m.b.t. nieuwe ontwikkelingen 2024 e.v. en verwachte grote budgetafwijkingen. Ook zijn de effecten meegenomen van herziening/bijstelling van ontwikkelingen die tot en met de begroting 2023 al zijn ingecalculeerd. De laatste jaren geven we bij de begroting ook altijd al een doorkijk van effecten van investeringen die zich pas voordoen na de laatste jaarschijf van de meerjarenbegroting, t.w. in dit geval 2027. Dit beeld verstrekken we nu al bij deze kadernota. Verder wordt in dit onderdeel ingegaan op investeringen die al op vrije korte termijn aan de gemeenteraad worden voorgelegd, maar waarvan de effecten niet zijn meegenomen in deze kadernota. a. Investeringen in tijdsbestek meerjarenbegroting 2024-2027 die niet zijn meegenomen De lasten van deze investeringen zijn nog niet meegenomen in de gepresenteerde cijfers omdat op dit moment nog niet geheel duidelijk is welke gemeentelijke inzet nodig is. Verder is nog niet duidelijk of de gemeentelijke inzet leidt tot structurele kapitaallasten voor de komende jaren of dat sprake is van een bijdrage ten laste van de algemene reserve.

Voor enkele van de hieronder genoemde investeringen zal nog een voorstel worden voorgelegd in 2023. De inzet van gemeentelijke middelen zal bij deze investeringen vermoedelijk niet eerder optreden dan vanaf 2027. Het betreft de volgende onderwerpen: • Zevenbergen-Oost • Zevenbergen-Noord • Zevenbergen-Noord Industrieterrein • Permanente Voorziening N285 Gelet op alle onzekerheid op dit moment vinden wij het wel goed om toch een indicatie te geven. Wij schatten dat de jaarlijkse gemeentelijke last voor deze investeringen in omvang zal variëren tussen de € 750.000 en € 1,2 mln. Naast bovengenoemde investeringen loopt op dit moment al een aantal projecten, waarbij het nog niet duidelijk is of de gemeente in deze projecten financieel moet participeren. Zonder uitputtend te zijn gaat het om: • Stationsgebied Lage Zwaluwe • Ontsluiting LPM-terrein in combinatie met Stationsgebied Lage Zwaluwe • Afbouw Steenpad/Kloosterblokje • Entree Klundert na aanleg randweg • Woningbouw Willemstad Oost • Foodcourt Kanters • Truckparking A16 • Huisvesting arbeidsmigranten • Uitvoering nog op te stellen Mobiliteitsplan b. Investeringen na 2027

1

Het betreft onderstaande investeringen met de bijbehorende kapitaallast. Voor enkele investeringen geldt dat in 2027 al rekening is gehouden met de helft van de kapitaallast. Voor 2028 en volgende jaren zijn deze dan opgehoogd naar de volledige kapitaallast. Het nu verwachte investeringsbedrag is een globale inschatting. Voor nagenoeg al deze bedragen geldt dat hier nog geen uitgewerkte kostenraming voor is opgesteld. De bedragen nu zijn gebaseerd op normbedragen (o.a. onderwijsgebouwen) en ervaringen uit het verleden. De definitieve voorstellen zullen worden gebaseerd op specifiek opgestelde kostenramingen. Ook daarna is het nog afwachten of uit de te volgen aanbestedingsprocedure inderdaad een aanneemsom komt die ligt in de lijn van de opgestelde kostenramingen.

omschrijving

investeringsbedrag

kapitaallast

gemeenschapshuis Willemstad

4.550.000

131.000

school en gymzaal Willemstad

8.450.000

211.000

scholen Fijnaart

10.300.000

258.000

scholen Klundert

10.625.000

531.000

2e gymzaal Zevenbergen

2.770.000

145.000

nieuwbouw Niervaert

19.700.000

567.000

scholen Zevenbergen

7.812.000

391.000

totaal

64.207.000

2.234.000

Het totaalbedrag van € 2.234.000 komt niet in 2028 al volledig in de begroting. Voor 2028 zal het gaan om een bedrag van ca. € 1,9 miljoen, en vanaf 2030 het volledige bedrag. Nogmaals wordt benadrukt dat deze lasten zijn gebaseerd op globale indicaties op dit moment. De kans dat de uiteindelijke lasten hoger zullen uitkomen is reëel. c.

Renteontwikkeling Op dit moment is de renteomslag waarmee bij gemeentelijke investeringen rekening wordt gehouden 2%. In deze memo is voor nieuwe investeringen al gerekend met een renteomslag van 2,5%. De stijgende rente op de kapitaalmarkt gaat ook niet voorbij aan de gemeente Moerdijk en dit zal een opwaarts effect geven omdat gelet op de investeringsbedragen die gekoppeld zijn aan de ambities de komende jaren fors zijn. Om deze ambities te kunnen financieren zullen wij de komende jaren zo het zich nu laat aanzien geld aan moeten trekken op de kapitaalmarkt. De rente voor leningen t.b.v. de Nederlandse publieke sector bedraagt op dit moment ca. 3%. Deze zal mogelijk nog verder oplopen als de ECB de voorgenomen renteverhogingen voor 2023 ook daadwerkelijk zal doorvoeren. Naar het opstellen van de begroting toe zullen we een nieuwe renteomslag gaan berekenen en de effecten zullen dan worden meegenomen. Er moet rekening mee gehouden worden dat het aandeel van de rente in de totale kapitaallasten hoger uit gaat vallen dan waarmee tot op heden rekening is gehouden.

d. Algemene reserve en weerstandsvermogen Op dit moment is de omvang van de algemene reserve € 23,8 mln. Na het afzonderen van een bedrag van € 13,9 mln. t.b.v. het weerstandsvermogen (jaarrekening 2022) en € 340.000 t.b.v. aanpassingen diverse brandweerkazernes, resteert een vrije ruimte van € 9,6 mln.

2

Op basis van de voorlopige uitkomst van de jaarrekening 2022 zal de algemene reserve extra gevoed worden in 2023 met ca. € 5,5 mln. (resultaat € 7,8 mln. minus € 2,3 (inschatting) voor continuering activiteiten 2022). De totale vrije ruimte bedraagt op dit moment derhalve € 15,1 mln.

Effecten op de begrotingsuitkomsten van deze ontwikkelingen Onze huidige begrotingspositie is zeker goed. Hierdoor kunnen de talrijke ambities die wij hebben ook worden ingevuld. De investeringsomvang voor onze gemeente van de zaken die nu zijn verwoord in de ‘bijgestelde claims tot en met 2023’, de ‘nieuwe claims voor de begroting 2024’ en de zaken genoemd in deze notitie komt uit op een bedrag van ca. € 130 miljoen. Dit mogen we best als fors kwantificeren. Rekening houdend met hetgeen in deze notitie vermeld is, zal het beslag op begrotingsruimte voor de genoemde zaken een bedrag van tussen de € 3,5 en 4 mln. zijn. Het financieel beeld in de kadernota 2024-2027 geeft voor 2027 een structureel tekort aan van ruim € 800.000. Dit tekort zal in de jaren na 2027 verder oplopen tot een tekort van circa € 4,5 miljoen. Dit, nu verwachte, tekort wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door de terugval in rijksmiddelen (algemene uitkering). Zoals bekend heeft het huidig kabinet besloten geen toezeggingen te doen over de ontwikkeling van de algemene uitkering uit het gemeentefonds na haar eigen zittingsperiode. Een uitzondering betreft een verhoging van het gemeentefonds met € 1 miljard (voor onze gemeente gaat het om een bedrag van € 1,7 miljoen) om de terugval in 2026 enigszins te verlichten.

De terugval in gemeentefondsuitkering vanaf 2026 ten opzichte van 2025 is, ondanks de verhoging van het fonds vanaf 2026 met € 1 miljard, voor onze gemeente een kleine € 4 miljoen. Verder was een algehele herverdeling van het gemeentefonds voorzien per 2026. Dit is inmiddels doorgeschoven naar 2027. Inschatting is dat de gemeentefondsuitkering vanaf 2027 zeker niet lager gaat uitvallen. Dit met in het achterhoofd de discussie dat niet alleen herverdeeld moet worden, maar dat de omvang van het fonds in totaliteit verhoogd moet worden. Wat een mogelijke ‘plus’ zal zijn is op dit moment niet te voorzien. Ondanks het hier boven geschetste beeld zijn wij positief gestemd over de verwachtingen. Naarmate het jaar 2026 dichter bij komt, zal zeer zeker vanuit Den Haag meer duidelijkheid komen over de daadwerkelijke omvang van de gemeentefondsuitkering. Er zijn inmiddels meerdere rapporten/adviezen verschenen, zoals onlangs het advies van de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli), de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) en de Raad voor Volksgezondheid & Samenleving (RVS) “Elke regio telt? Een nieuwe aanpak van verschillen tussen regio’s”. In dit advies wordt aandacht gevraagd voor de financiële draagkracht van gemeenten. Genoemde adviesorganen concluderen dat de regionale verschillen in brede welvaart in Nederland groot zijn en toenemen.

Het beleid van het kabinet moet zich richten op het tegengaan van onwenselijke verschillen, het compenseren van achterstanden alleen is onvoldoende. Er moet overal in Nederland worden geïnvesteerd in regionale ontwikkeling op de lange termijn. Het kabinet moet bij beleidskeuzes niet alleen nadruk leggen op het economisch rendement, maar ook op de gevolgen voor de samenleving en de leefomgeving in elke regio van Nederland. Natuurlijk kan deze positieve kijk op de ontwikkelingen uiteindelijk anders uitpakken. Reden voor ons om niet te wachten tot absolute duidelijkheid ontstaat, maar ons nu al voor te bereiden op mogelijke maatregelen om de structurele begrotingspositie te verbeteren, dan wel de risico’s te beperken. De bevindingen van deze acties zullen wij natuurlijk met uw raad delen.

3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Moerdijk&id=6e8a50a0-a0dc-4f70-ada9-7e6cba931608