CConstaterende datMidden-Delfland
Koppel je AI →
Document · PDF

Vsl raad 2021 m 04 d 20.docx

Gemeenteraad 25 mei 2021, gemeente Midden-DelflandBij agendapunt: Vaststellen van de notulen vorige vergadering9.863 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Notulen van het verhandelde in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Midden-Delfland, gehouden op dinsdag 20 april 2021, 19.30 uur. Voorzitter

: A.J. Rodenburg, burgemeester

Griffier

: A. de Vos

Aanwezig : de heer A. van den Berg (CDA), de heer T.A. Buitelaar (OGP Midden-Delfland), de heer J.G. Cornelissen (CDA), de heer J. van der Eijk (VVD), de heer A.J. Gebben (VVD), mevrouw M.E. Heutink (OGP Midden-Delfland) de heer J.G. Jongsma (OGP Midden-Delfland), de heer N.C. Knaap (OGP Midden-Delfland), mevrouw D. Langeveld (CDA), de heer F.J. van Lier (Mijn Partij!), de heer J.J.C. Moerman (VVD), de heer R.H.P. Ringeling (ChristenUnie), de heer E.N.H. Roeling (Mijn Partij!), mevrouw E.C. Snethlage-Barnard (PvdA), de heer R.E. Vieira (D66) en de heer R.H.G. Zwaard (CDA) Afwezig

: de heer J.P. van der Spek (Mijn Partij!)

Tevens aanwezig: de heer F.J.M. ten Have, mevrouw W. Renzen-van Leeuwen, mevrouw S. Smit, wethouders

1.

Opening van de vergadering

De voorzitter: Dames en heren, heel hartelijk welkom bij de vergadering van de gemeenteraad van Midden-Delfland. We hebben bericht van verhindering gekregen van de heer Van der Spek.

2.

Regeling der werkzaamheden

De voorzitter: We hebben Lijst A, Lijst B en Lijst C. Lijst A is de lijst met brieven die het college naar u heeft gestuurd. Het gaat over de wijze van afdoening. Lijst A, brieven van het college en de wijze van afdoening. Wie heeft hier een opmerking bij? De heer Cornelissen: We willen graag brief A-019 Ontwikkelingen in de Ouderenzorg in de volgende commissie aan de orde stellen. De motivatie daarbij is dat we graag met het college en met elkaar van gedachten willen wisselen over wat in die brief gesteld is en hoe het gestelde in de brief zich verhoudt tot de opgestelde woonagenda. De voorspelling is dat het aantal ouderen met dementie van 320 naar ongeveer 830 gaat. Dat betekent nogal wat voor onze voorzieningen. Dat is punt A. En B is de vraag hoe de kleinschalige opvang van mensen met dementie in Den Hoorn die genoemd wordt in de brief een plek kan krijgen op het Julianaplein en of we daar een rol bij kunnen spelen. Maar er zijn nog veel meer vragen te stellen over die brief. Die stellen we graag van tevoren. De voorzitter: Heel fijn als u wat extra motivatievragen van tevoren kunt toesturen, bedankt daarvoor. Ik stel voor dat het doorgaat naar de commissievoorzitters om het op de agenda te zetten. De heer Vieira: Graag zouden we brief A-016 agenderen, over het Centrumplan van Den Hoorn. De vragen die bij ons leven, kan ik sowieso delen met de griffier.

Onze behoefte zit er met name in, en dat hebben we eerder al een keer aangekaart, van gedachten te wisselen over de situatie in het centrum van Den Hoorn. Ik weet niet of dat bij de volgende commissie kan, ik denk dat daar iets anders voor geprikt zal worden. Maar bij dezen heb ik het in ieder geval aangekondigd en ik zal de vraagstelling naar de griffier sturen. De voorzitter: Ik heb uw vraag gehoord en u zegt 'mag ik dat in een commissie bespreken?', maar dat wordt volgens de afdoening al op een bepaalde manier besproken. Heb ik dat goed gelezen? De heer Vieira: Ik kon uit de brief… Misschien heb ik er overheen gekeken maar… De voorzitter: Maar bij de wijze van afdoening staat dat de brief in een besloten vergadering nader besproken wordt.

De heer Vieira: Dan is dat inderdaad het punt dat we wilden maken en benadrukken dat we dat belangrijk vinden, dan doen we het zo. De voorzitter: Dan is die afdoening prima gedaan. Ik zie wethouder Renzen nog reageren op dit punt, dat hoeft niet want het wordt allemaal besproken, maar is het belangrijk om toe te voegen? Wethouder Renzen: Ik denk dat het heel goed is om inderdaad in de eerstvolgende commissievergadering, een besloten commissie, het Centrumplan Den Hoorn te bespreken met elkaar. Dan kunnen we het over de brief hebben en over de gehele ontwikkeling. De voorzitter: U geeft een iets ruimere interpretatie aan de brief en dan komt dat in die vergadering aan de orde. Dat is genoteerd. Mevrouw Langeveld: Ik wil graag brief A-017 agenderen voor de volgende commissievergadering en daarbij wil ik vooral stilstaan bij de schuldhulpverlening en het armoedebeleid. De vragen die ik daarover heb, zal ik de griffier doen toekomen zodat ook andere fracties daarover beschikken. De voorzitter: Prima, dat is genoteerd, dus er komen twee zaken in de commissie. De heer Van der Eijk: Ik bespeur bij mevrouw Langeveld dat zij technische vragen heeft, wil zij discussie in de commissie daarover? Want dan moet zij ook de vragen stellen aan de collegacommissieleden want anders kunnen we er niet zoveel mee.

De voorzitter: Dat is een advies aan elkaar, heeft u het gehoord mevrouw Langeveld? Mevrouw Langeveld: Ja, ik heb het gehoord maar ik ben heel erg benieuwd hoe de heer Van der Eijk erbij komt dat ik technische vragen zou willen stellen want dat is zeker niet mijn bedoeling. Maar waar ik het over wil hebben, zal ik de griffier doen toekomen zoals afgesproken is als je een ingekomen brief op de agenda van de commissievergadering wilt zetten. De heer Van der Eijk: Dan had ik het verkeerd begrepen, ik begreep dat dat technische vragen werden, mijn excuses. De voorzitter: Dan is dit afgehandeld, dank u wel. Deze lijst is vastgesteld met twee wijzigingen. Twee zaken komen terug in de commissievergadering. De volgende lijst is de lijst met brieven van anderen dan het college. Wie wil daarover het woord? De heer De Vos: Ik doe een huishoudelijke mededeling dat de stream nu wel gestart is met een hapering. De voorzitter: Daarvan nemen we kennis maar we blijven wel goed opletten dat alles dat gezegd wordt ook opgeschreven kan worden. Dat is dan dat. Dan zijn we bij lijst B, ingekomen post van derden. Wil niemand daarover het woord? Dan is die lijst vastgesteld. Dan lijst C. Een vraag van de OGP Midden-Delflandfractie.

Is er nog behoefte daar een punt bij te maken? De heer Buitelaar: Allereerst dank voor de beantwoording van de vragen aan de hand van de eerste winter met de winterregeling. We hadden deze vragen gesteld omdat we het toch wel lastig vonden want enerzijds willen we het natuurlijk zo makkelijk mogelijk maken voor onze inwoners om gft in te zamelen en anderzijds willen we natuurlijk efficiënt omgaan met de afvalstoffenheffingen. Dan past het erbij de frequentie aan te passen in de winter. We zijn blij met de toezegging om volgend jaar de communicatie wat eerder op te pakken en ook zeker met de suggestie die daar wordt gedaan om even te wachten met het onderhoud van de tuin, even het bladafval te laten liggen. Dat vinden we een goede, groene suggestie en daar past de periode van de winterregeling ook bij. We waren ook benieuwd naar het ophaalresultaat en dan zien we toch dat er zo'n 50 ton minder gft is opgehaald. Dat is toch een aardige slok op een borrel, zo'n 10% van wat we normaal via de containers ophalen. Wellicht is dan toch een deel van het gft-afval als restafval ingeleverd. Het is toch jammer als we organisch afval moeten verbranden, zowel voor het milieu als voor de portemonnee. Dan is de vraag hoe we onze inwoners kunnen verleiden om dit afval toch als gft in te leveren nu ze ook

weten dat de stank wel meevalt in de periode van zo'n vier weken tussen de ledigingen in. Maar zelfs als al deze 50 ton als restafval is ingeleverd, wat ik niet verwacht – want ik denk dat een deel nog wel volgt in maart en april, van mensen die wat later gaan opruimen – dan nog steeds is het een effectieve maatregel. Dus goed dat we die genomen hebben. Wat ons betreft, hebben we ook voldoende informatie gekregen om deze maatregel te beoordelen en nogmaals dank daarvoor. De voorzitter: Ik heb niet echt een vraag gehoord aan de wethouder, het zijn meer adhesiebetuigingen en u bent tevreden met het antwoord, als ik dat zo goed heb gehoord. En dat heb ik. Dank u wel. De wethouder zat al klaar om een reactie te geven maar dat hoefde helemaal niet. We gaan door naar het volgende punt en dat is het spreekrecht voor belangstellenden. Ik zie nog een handje van mevrouw Snethlage. Mevrouw Snethlage: Er zijn nog extra vragen ingediend door Mijn Partij! Krijgen we daar nog antwoorden op, krijgen we inderdaad nog de evaluatie? Want ik kan me wel voorstellen dat er toch nog wat vragen bij zijn. Te vroeg beginnen was voor een aantal mensen een probleem maar ik heb ook van een aantal mensen gehoord dat de winterperiode te lang doorging.

Dus ik zou graag die evaluatie willen zien waarnaar gevraagd is door de fractie Mijn Partij! Zou dat nog kunnen? De voorzitter: Dan kijk ik toch even naar de wethouder. Die zit wat dieper in de materie. Wethouder Ten Have: De antwoorden op de vragen van Mijn Partij! zijn volgens mij ook vandaag in iBabs verschenen en daaruit wordt duidelijk dat we geen schriftelijk evaluatierapport hebben. Dat hebben we ook niet afgesproken toen de raad in januari dit besluit nam. Toen is dat besluit gewoon verwerkt in de DVO, de dienstverleningsovereenkomst van Avalex, en die heeft u ter inzage gekregen en daarin is niet afgesproken dat we dat na een jaar evalueren of terugdraaien. We hebben natuurlijk wel helder geleerd van het afgelopen jaar, zoals de heer Buitelaar ook zegt, om de communicatie te verbeteren. Verder verwijs ik u naar de antwoorden die zijn geüpload op de vragen van Mijn Partij! De voorzitter: Dat is even goed om te zeggen, het staat inderdaad op iBabs onder 2.c.1. Dus dat is daarmee afgewikkeld Van Lijst A worden A-017 en A-019 doorgeleid naar behandeling in de commissie. Voor het overige worden de lijsten A, B en C ongewijzigd vastgesteld.

3.

Spreekrecht voor belangstellenden

De voorzitter: Er heeft zich niemand aangemeld.

4.

Vaststellen van de agenda

De voorzitter: Ik kijk de fracties rond, niemand heeft daar andere ideeën over, dan gaan we de agenda doen zoals die is vastgesteld. De agenda wordt vastgesteld.

5.

Hamerstukken

5.a. 5.b. 5.c. 5.d.

Vaststellen van de notulen vergadering d.d. 23 maart 2021 Voorstel vaststelling bestemmingsplan Zwethkade Zuid 54 Voorstel Wijziging subsidiëring WOS als overbrugging naar landelijk omroepbestel Voorstel tot vaststellen GREXEN per 1 januari 2021

Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming stelt de raad de hamerstukken vast.

6.

Voorstel budget investeringen Centrumplan Schipluiden

De voorzitter: Ik noteer wie het woord wensen te voeren, de heer Van Lier is de eerste. De heer Van Lier: Even terug naar het begin. In 2016 heeft de gemeenteraad de structuurvisie van het Centrumplan Schipluiden vastgesteld. Hierbij heeft het college in de gemeenteraad aangegeven, door toenmalig wethouder Houtenbos, per onderdeel verantwoording af te leggen aangezien de

financiële paragraaf toen erg mager was en het ging toen vooral over openbare ruimtes, parkeerterrein, het H.K. Pootplein, het tramstation en de kasteeltuin en daarvoor was toentertijd in 2016 € 100.000,00 gereserveerd. We hebben toen als Mijn Partij! ingestemd met het voorstel want er was een structuurplan, de structuur was goed en we wachtten de verdere uitwerking af. Bij dezen. Ik kan nu aangeven dat de VVD toen tegen het structuurplan was. Dus eigenlijk zijn we benieuwd waarom ze nu gedraaid zijn. En wat de VVD in de commissievergadering aangaf 'u wist waar we aan toe waren', klopt, maar we wisten niet dat het 3,5 keer zo hoog zou zijn als in 2016 afgesproken was. Ik wil twee punten nader benoemen, dat is ten eerste het H.K. Pootplein. In 2016 heeft het college aangegeven dat er een plan lag van de eigenaar van het oude stadhuis voor het plein. We nemen aan dat dit toen wel meegenomen was in die € 100.000,00 die we toen geoormerkt hadden. We weten tot de dag van vandaag alleen niet exact wat er zal komen. In deze tijd, als we nu naar de gemeente kijken, vinden we € 160.000,00 uitgeven plus een stukje klimaatadaptatie voor dit stukje terrein geen goed idee. Daar komen we zo op terug. Het andere puntje is het parkeerterrein achter de Albert Heijn. Meerdere partijen hadden daar wat vraagtekens bij. Dat hebben we even nagezocht.

In 2016 was het idee van de wethouder om op termijn aan te sluiten op de overige ontwikkelingen en niet, zoals de wethouder aangeeft, in een keer. Toen was het aanleiding om het plan aan te passen om de markt terug te brengen naar het plein, nu wordt gesproken over extra parkeren aan het plein, dat is ook een andere aanleiding. Terwijl de plannen van Albert Heijn nog erg prematuur zijn, wordt zelfs gesproken in het stuk over een noodwinkel voor Albert Heijn. Die komt dan misschien op dat terrein te staan, denk ik? Dus in dit stadium willen we eigenlijk voorstellen die posten tijdelijk te parkeren en misschien wel in de toekomst uit te geven, maar nu even niet. Daarvoor heb ik samen met een collega-partij een amendement ingediend. Kan ik dat voorlezen mijnheer de voorzitter? Ik zie dat het al in iBabs staat. De voorzitter: U stelde vraag aan mij of u het kon voorlezen en volgens mij gaat dat u lukken. Dus succes. Amendement A ingediend door Mijn Partij! en PvdA Niet over de balk "De raad van de gemeente Midden-Delfland, in vergadering bijeen op 20 april 2021; overwegende dat: • onduidelijkheid is over de definitieve ontwikkeling van het parkeerterrein achter de AH; • voor het H.K.

Pootplein er geen concreet plan bij de raad aanwezig is, er ook geen noodzaak gezien wordt voor aanpassing en er geen bijdrage vanuit initiatiefnemer is en het bedrag aanzienlijk hoger is dan in 2016 aangegeven; ondergetekende(n) stelt/stellen het volgende amendement voor: • het vervallen van het investeringsbudget voor Parkeerplein bij AH; • het vervallen van het investeringsbudget H.K. Pootplein; • het in verhouding reduceren van de post klimaatadaptatie van € 12.500,00; • daarmee de totale investering vast te stellen op € 177.600,00." De voorzitter: Het amendement maakt deel uit van de beraadslaging en krijgt letter A. Is er een interruptie binnengekomen? De heer Jongsma: Ik heb een vraag over het amendement, of eigenlijk twee. Punt A snap ik niet helemaal waarom het amendement Niet over de balk' heet, daar hoor ik graag een toelichting op. En B, er wordt gesteld dat er geen bijdrage van de initiatiefnemer is en dat dat blijkbaar wel moet. Op basis waarvan zou de initiatiefnemer een financiële bijdrage moeten leveren? De heer Van Lier: De eerste vraag, over de balk, dat komt eigenlijk van het parkeerterrein Albert Heijn.

Het is zonde om nu geld uit te geven aan een parkeerterrein als je nog niet weet hoe de Albert Heijn eruit gaat zien; waar komt de entree, hoe gaat het parkeren exact worden, komt er een noodwinkel op het terrein te staan? Dus dan gaan we nu misschien € 100.000,00 uitgeven en over drie jaar weer € 100.000,00. We kunnen beter zeggen 'we doen voor € 5.000,00 een noodmaatregel

en dan over drie jaar die € 100.000,00. Vandaar over de balk. En in 2016 is erover gesproken door wethouder Houtenbos om te kijken of partijen ook een duit in het zakje konden doen, onder andere ook het oude stadhuis. Die hadden ook een plan ingediend. Ik heb de wethouder er niet over gehoord en ook anderen niet. Er staat gewoon bij 'plein € 60.000,00' dus volgens mij hebben we dat overgeslagen de afgelopen drie jaar of gebeurt dat niet. De heer Jongsma: Ik ben wel benieuwd of de heer Van Lier mij kan vertellen van wie dat H.K. Pootplein eigenlijk is. De heer Van Lier: Het is van de gemeente, ik heb het in het kadaster nagetrokken en het is van de gemeente Midden-Delfland. De voorzitter: Dan bent u weer op de hoogte. Dan gaan we door naar de volgende die zich had aangemeld. Mevrouw Snethlage: Collega-raadsleden, dit raadsvoorstel is er wat ons betreft eentje waarvan vooral het proces ernaartoe geen schoonheidsprijs verdient. Sinds de structuurvisie door de meerderheid van de raad is aangenomen, zijn we slechts zeer summier van de voortgang van de verschillende plannen op de hoogte gehouden. De plannen voor het tramstation en de hofjeswoningen hebben we geregeld langs zien komen en we zijn ook zeer blij met de uitbreiding van het woningaanbod in Schipluiden.

Ondanks de toezegging van de wethouder in 2016 zijn we over de andere delen niet goed op de hoogte gehouden over wat nu de precieze plannen geworden zijn. Een structuurvisie is tenslotte niet een volledig plan. In 2016 heeft de PvdA haar bedenkingen al geuit over onder andere de parkeerplannen en we zijn nog steeds van mening dat parkeren door de eigen gebruikers geregeld moet worden. Dit was toen ook toegezegd door de wethouder. Hoe het in dit plan precies daarmee zit, is nog steeds onduidelijk. Verder zitten er onderdelen in dit voorstel die helemaal nooit in een meer uitgewerkte fase langs de raad zijn gekomen. En intussen is het plan meer dan drie keer zo duur als ons ten tijde van de structuurvisie is voorgeschoteld. Dat is natuurlijk een lastig iets in een tijd dat we zuinig moeten zijn. We hebben van de wethouder begrepen dat er voor dit plan niets uit de algemene reserve zal worden gehaald en dat betekent dat er of nog voldoende ruimte in het programma zelf zit, of dat er geld voor geleend moet worden, maar in ieder geval wordt de komende jaren een vast bedrag in rekening gebracht en dit geld kunnen we niet ergens anders aan uitgeven. Verder was er in de structuurvisie heel duidelijk aangegeven dat er gezocht zou worden naar externe gelden.

Ook daar zien we niets van terug, kan de wethouder ons iets meer vertellen over hoe het daarmee zit? Verder zijn we het natuurlijk eens met het amendement van de fractie Mijn Partij! – we hebben het mede-ingediend – dat zolang die onduidelijkheden er zijn voor bepaalde plannen, dit beter uitgesteld kan worden. De heer Jongsma: Laten we beginnen met zeggen dat we erg blij zijn met deze stap richting het nieuwe centrum van Schipluiden. We zijn blij dat er nu toch een integraal plan komt waarin wonen en parkeren, maar ook groen in een keer goed aangepakt worden en niet in stukjes want dat leidt uiteindelijk wel weer tot versnippering. Ik hoor inderdaad Mijn Partij! en PvdA zeggen in het amendement 'we weten helemaal niet wat er bij Albert Heijn gaat gebeuren en moet dat dan meteen nu?' Maar het is denk ik ook niet allemaal in een keer klaar, maar ik denk dat het wel goed is om daar nu wel in een keer het bedrag voor te reserveren en wel te kijken wat meteen kan. Misschien kunnen sommige dingen iets later. Maar om nu te zeggen 'we gaan het geld daar niet voor uitgeven', lijkt me gewoon niet slim. We hebben nu een plan en dat vraagt nu om aanpak en daar is nu eenmaal geld voor nodig. Het is zeker niet zo dat dat over de balk gegooid is. Er wordt geconstateerd dat er nu dingen worden gedaan die dan later weer anders moeten, maar volgens mij is dat niet aan de orde.

Dus wat dat aangaat, denk ik dat we hier zeker een goed voorstel hebben liggen. Er wordt veel gesproken over parkeren, moeilijk en lastig, op eigen terrein. Mijn oproep zou zijn… De voorzitter: U krijgt een interruptie van mevrouw Snethlage op dit punt. Ik dacht 'ik wacht even tot uw zin afgelopen is', maar die was zo lang! Mevrouw Snethlage: Mijnheer Jongsma, kunt u mij vertellen wat precies de plannen zijn voor bijvoorbeeld het H.K. Pootplein?

De heer Jongsma: Dat weet ik niet helemaal precies en dat hoef ik ook niet precies te weten omdat we naar een integraal plan gaan, waarbij inderdaad het H.K. Pootplein geïntegreerd wordt met de rest van het centrumplan. Dus hoe dat precies op elkaar afgestemd wordt, weet ik nu nog niet, maar daar hoef ik ook niet concreet invulling aan te geven want dat gaat het college doen. Maar dat daar geld voor nodig is, spreekt voor zich en dat de gemeente dat moet betalen, lijkt me logisch want het is ons terrein. Dus het is moeilijk om dan aan anderen te vragen 'knap ons plan op'. Wees blij dat het ons terrein is en dat wij ook bepalen hoe dat eruit gaat zien. Dus ja en nee. Ik was bezig met het parkeren achter het Albert Heijnterrein. Dat is niet alleen het parkeren achter het Albert Heijnterrein, dat is parkeren in het centrum van Schipluiden en als je het dan zo bekijkt, bekijk je het meteen weer integraal. Als daar inderdaad wat parkeerdruk is, zou ik met name het college willen oproepen, en ook de initiatiefnemers: wees supercreatief in met hoe je omgaat met de parkeerplaatsen! In de commissie hebben we aangegeven dat we op dit moment wonen zeker in kernen, in het centrum van Maasland, maar ook in Schipluiden belangrijker vinden dan het primair oplossen van parkeren. Maar wees alsjeblieft creatief en begin alsjeblieft met deelauto's, kijk daarnaar.

Er zijn genoeg mensen in het centrum van Schipluiden die wellicht inderdaad gebruik willen gaan maken van een deelauto. Maar omdat dat er nu niet is, kun je er ook geen gebruik van maken. Ik wil met name ook het college vragen: willen jullie alsjeblieft in gesprek gaan met de initiatiefnemers om te komen tot een paar plekken waar die deelauto's komen te staan want daarmee kun je ook veel parkeerdruk voorkomen. Dat was mijn eerste bijdrage namens de OGP MiddenDelfland. De heer Gebben: Ik zal eerst even antwoord geven op de vraag van de heer Van Lier. Het klopt inderdaad dat de VVD altijd kritisch is geweest op de structuurvisie. We hebben veel vragen gesteld bij het parkeren en hoe we daarmee om zouden gaan en dat heeft ertoe geleid dat we in eerste instantie inderdaad tegen hebben gestemd. Die discussie kwam tijdens het vaststellen van het bestemmingsplan weer terug en toen hebben we weer met de raad daar uitgebreid over gesproken. Uiteindelijk hebben we als raad volgens mij unaniem ingestemd met het bestemmingsplan voor Schipluiden zoals het er nu ligt. Iedereen was daar zeer over te spreken. Maar ik vind het een beetje flauw om die discussie over parkeren weer opnieuw te beginnen. Want daar gaat het niet om, het gaat hier nu om de… De voorzitter: Ik zie dat mevrouw Snethlage wil interrumperen en ook de heer Van Lier.

Mevrouw Snethlage: Mijnheer Gebben, ik neem aan dat u vergeten bent terug te kijken naar vorige besluiten of er werkelijk unaniem met dingen ingestemd is en dat u ervan uitgaat dat alles unaniem was. Bent u dat met mij eens? De heer Gebben: Nou, niet alles was unaniem en zeker de structuurvisie niet. Volgens mij, maar dan moet u mij misschien corrigeren, was iedereen heel erg te spreken over het bestemmingsplan, maar misschien u niet. Maar dat laat onverlet dat ik het een beetje flauw vind om die discussie over het parkeren nu te herhalen want we staan aan de lat voor de uitvoering en het is mooi dat het integraal wordt opgelost dus wat mij betreft, gaan we daarmee door. Maar volgens mij had de heer Van Lier nog een vraag. De heer Van Lier: Is mijnheer Gebben het met mij eens dat ik het niet over het parkeren gehad heb? Het gaat mij om de termijn van het geld uitgeven en ik heb het niet over parkeren. Bent u dat met mij eens? De heer Gebben: Daar ben ik het mee eens, maar ik leg even uit waarom wij in eerste instantie vrij kritisch zijn geweest op deze ontwikkeling. Maar er is met een bestemmingsplan gewoon een besluit over gevallen en dan zijn we nu toe aan de uitvoering. Daar staan we als gemeente aan de lat voor de openbare ruimte en het lijkt mij heel goed om dat integraal aan te pakken.

Het is vervelend dat er inderdaad weer geld bij moet, en dat ben ik met de heer Van Lier eens. Dat heeft misschien wel met de magere financiële paragraaf te maken van helemaal in het begin. Daarom denk ik dat we als raad lering daaruit moeten trekken. Wat ons betreft, lijkt ons het weer opsplitsen in twee fasen wat Mijn Partij! wil geen goed plan want dat leidt eigenlijk altijd weer tot inefficiëntie en van inefficiëntie weet je een ding zeker: dat gaat nog meer kosten. Ik denk ook niet dat een dorp als Schipluiden er echt op zit te wachten om dat weer in tweeën te knippen. Dus ik denk dat we dat amendement in

ieder geval niet steunen. We vinden het wel een beetje jammer dat de ontwikkeling in de kasteeltuin niet helemaal parallel is meegelopen nu. Dus de kans bestaat dat de kasteeltuin straks als alles klaar is nog niet geheel is afgerond. Dus we willen de wethouder oproepen om het particuliere initiatief dat daar ligt ook een beetje aan te sporen om misschien ook met meer plannen te komen. Ik weet niet of dat mogelijk is, maar dat kan de wethouder ons vast vertellen. De heer Ringeling: Zoals in de commissie aangegeven, kunnen we instemmen met het plan vanwege het integrale karakter, dat spreekt ons vooral aan. We hebben ook in de commissie vragen gesteld over het investeringsbudget voor het parkeerterrein bij Albert Heijn en gezien de antwoorden die daarop gekomen zijn, gaan we ervan uit dat er geen geld over de balk gegooid zal worden en dat er niet meer geld uitgegeven zal worden dan strikt noodzakelijk. Daarom staan we nog steeds achter dit voorstel. De heer Van den Berg: Ten tijde van het tramstation hebben we al gevraagd om een integraal plan. 'Als je dan toch die buitenruimte doet, kijk dan ook naar het hele Centrumplan van Schipluiden'. We vinden ook dat ca. 50 woningen ook rechtvaardigen om te investeren in de buitenruimte straks. Dat moeten we ook meenemen in die hele gedachte erachter.

Dus we vertrouwen erop dat er een mooi integraal plan komt straks en we denken dat het mooi is voor Schipluiden om dat ook in een keer in zijn geheel te kunnen uitvoeren. Daarom steunen we dit plan. De voorzitter: Daarmee hebben we de eerste ronde van de raad gehad en ga ik naar het college. Wethouder Renzen: In 2016 heeft de gemeenteraad de Structuurvisie Centrumplan Schipluiden al vastgesteld. En het college heeft daarbij steeds benadrukt dat de openbare ruimte een verbindende factor is. Zoals het woord al aangeeft, die structuurvisie uit 2016, was een visie en als we op enig moment die visie willen omzetten in concrete plannen, zullen we dus daar werk voor moeten verrichten. Daar vragen we u dus als raad nu een budget voor. Er is budget nodig om de plannen verder concreet te maken. Dan kunnen we ook duidelijk maken hoe bijvoorbeeld een H.K. Pootplein wordt aangepast, beetgepakt en weer mooier wordt gemaakt als we dus een concreet plan hebben voor de hele openbare ruimte tussen tramstation, richting de singel en het parkeerplein achter de Albert Heijn. Daar kunnen we pas een concreet plan voor laten zien wanneer we daar dus aan gewerkt hebben. Daarom is dat budget nodig. De heer Van Lier merkte terecht op dat in 2016 nog een magere paragraaf was en dat er toen werd gesproken over een budget van € 100.000,00.

Dat budget hebben we nog, maar dat is natuurlijk bij lange na niet genoeg om deze hele centrumplanpontwikkeling van te bekostigen. Het is gewoon niet genoeg. De heer Van Lier maakte ook een opmerking ten aanzien van het parkeerplein dat het juist belangrijk is als dat… De voorzitter: Ik zie een interruptie van mevrouw Snethlage. Mevrouw Snethlage: Mevrouw Renzen, u had het over het budget van € 100.000,00 en dat dat niet genoeg zou zijn om het hele plan te doen. Is dat budget al opgegaan aan het nu plannen maken? Want u heeft het er ook over dat de plannen nog concreet gemaakt moeten worden. Wethouder Renzen: Dat budget wordt meegenomen voor de verdere ontwikkeling, maar we hebben niet genoeg aan € 100.000,00 en dat kunt u ook lezen in het stuk dat nu voorligt. We hebben aanvullende gelden nodig om alles te kunnen uitvoeren. Dus om het plan te maken, een integraal plan voor het hele centrum en we hebben een investeringsbudget nodig om verdere plannen te kunnen uitvoeren. De heer Van Lier: Even helderheid, vraagt de wethouder dan die € 100.000,00 die we hebben plus € 355.000,00, of vraagt de wethouder € 355.000,00 min € 100.000,00 dus € 255.000,00? Wat is nu het budget? Wethouder Renzen: Ja, we vragen een investeringsbudget van € 355.000,00 en dat is dus naast die € 100.000,00 en dat budget is geen budget om ineens te besteden, maar we gaan hier ook meerdere jaren over doen.

Het zal een jaarlijkse kapitaalslast worden van € 17.255,00 gedurende twintig jaar die dan start en die dus opgenomen moet worden in de begroting, na realisatie vanaf 2023.

De voorzitter: Helder, gaat u nog verder met uw betoog, wethouder. Wethouder Renzen: De heer Van Lier merkte op 'een parkeerplein moet juist aansluiten op de andere ontwikkelingen' en het college is het daar natuurlijk volkomen mee eens. Het is belangrijk dat alles naadloos op elkaar past. Dat is de reden dat we nu graag willen beginnen met de planvorming van het openbare gebied. We zijn natuurlijk ook in contact met de verschillende initiatiefnemers om juist ervoor te zorgen dat we met elkaar de verschillende onderdelen uit die structuurvisie naadloos op elkaar laten passen. Natuurlijk weten we dan waar de ingang van de Albert Heijn precies zal komen en wat precies de ruimtelijke inpassing zal worden en hoeveel parkeerplekken er nodig zijn. Waarmee ik nog maar eens wil herhalen dat wanneer we voor initiatiefnemers in het openbare gebied extra parkeerplekken moeten aanleggen, dat natuurlijk voor rekening komt van de initiatiefnemers. Alleen de initiatiefnemers hebben soms gewoon onvoldoende ruimte op hun eigen plot om die parkeerplekken aan te leggen.

Wij als college zijn van mening dat we in de openbare ruimte op maaiveldniveau echt nog wel mogelijkheden zien om extra parkeerplekken aan te leggen en we zijn ook bereid om dat mee te nemen in het hele plan voor het openbare gebied, maar dan natuurlijk wel met de afspraak dat als we die extra parkeerplekken aanleggen, de initiatiefnemers daarvoor betalen. Mevrouw Snethlage merkte nog op dat we als college de raad meerdere keren hebben geïnformeerd over het tramstation en de hofjeswoningen en dat we een bestemmingsplan hebben neergelegd, maar dat er nog niet zo veel bekend was over verbouwing van de Albert Heijn en de opstopping aan woningen aldaar. Dat komt gewoon omdat die initiatiefnemers nog niet zover waren. Inmiddels hebben ze grote stappen gezet en is er wel degelijk veel voortgang en dat is dus ook de reden dat we als college en als gemeente nu echt ook vaart moeten gaan maken met betrekking tot die openbare ruimte zodat als de initiatiefnemers overgaan tot realisatie van hun plannen, we als gemeente ook zover zijn dat we het af kunnen maken met elkaar. Mevrouw Snethlage vroeg ook 'hoe zit het nu met de gelden die extern zouden worden aangetrokken?' Dat hebben we bijvoorbeeld gedaan bij het tramstation, daar zijn externe gelden ter beschikking gesteld door het Omgevingsfonds.

Met betrekking tot de kasteeltuin is er een Stichting Beleving Kasteel Keenenburg die bij allerlei fondsen en op allerlei andere creatieve mogelijkheden zoekt naar extra gelden om daar de beleving van het kasteel levend te maken. En met betrekking tot parkeren zullen we natuurlijk een bijdrage vragen van de initiatiefnemers. Ten aanzien van ons eigen openbare gebied kunnen we geen externe gelden aantrekken, dat is logisch. Als gemeente ben je ook verantwoordelijk voor het openbare gebied en dat moet je gewoon zelf aanleggen. De heer Jongsma deed eigenlijk een oproepje aan het college 'breng nog eens onder de aandacht bij de initiatiefnemers of ze aan de slag willen met deelauto's?' Dat wil ik zeker doen. Ik denk dat dat een mooie ontwikkeling zou zijn en ik ga zeker bespreken of dat tot de mogelijkheden behoort. De heer Gebben riep nog op 'doe navraag bij de Stichting Beleving Kasteel Keenenburg en vraag hoever zij zijn met de planvorming'. Ik ben het met hem eens dat het zonde zou zijn als we op enig moment een supermooi nieuw centrum van Schipluiden hebben liggen en dat die tuin dan nog net niet is meegenomen. Het zou fijn zijn als de verschillende aspecten uit die oorspronkelijke structuurvisie straks ook echt tegelijkertijd gerealiseerd worden.

Ik denk dat we daarmee echt een kwaliteitsboost geven aan Schipluiden, zowel voor de vitaliteit door het toevoegen van woningen, maar ook een kwalitatief mooi openbaar gebied. Dus ik ben alleen maar enthousiast als ik daaraan mag verder werken. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dan kom ik bij de inventarisatie voor de tweede termijn. De heer Vieira: Dank aan het college voor de extra toelichting na de vragen die zojuist zijn gesteld. We hebben in de commissie al ons licht hierover laten schijnen. Wij zijn enthousiast omdat je integraal moet kijken en met extra groen echt wel kwaliteit geeft aan de leefomgeving, maar ook omdat bij het karkater van Schipluiden met zijn recreatieve functie gewoon hoort dat je mooie zichtlijnen behoudt, mooi groen behoudt en een historische functie. Dus in die zin onderstrepen we dit plan. We denken wel degelijk dat er een knip moet zitten tussen de plannen nu en straks de uitvoering. Dat heeft de wethouder ook zojuist gezegd. Ik ben het ook eens met de wethouder over parkeren. Het voornemen was natuurlijk 'doe het op eigen terrein', maar we zien initiatieven met vijf woningen hier en drie woningen daar bovenop dus dan wordt het per definitie al lastig om als die plannen uitgekristalliseerd zijn te zeggen 'doe dan ook nog een parkeerterrein precies voor dat pand'.

Dat is lastig, dus vandaar dat je ook integraal in de omgeving moet gaan kijken. Daarbij wil ik wel aanhaken op het initiatief deelauto. Op het moment dat je morgenochtend om 09.00 uur een deelauto zou willen gebruiken in Schipluiden, kun je die gewoon afhalen. Er zijn meerdere initiatieven van MyWheels en SnappCar en nog wat initiatieven. Dus je kunt zo een auto halen en naar de bouwmarkt of naar de markt of weet ik veel waarheen rijden. Die initiatieven zijn er al dus er zijn al mensen, inwoners in Schipluiden en trouwens in andere kernen ook, die zeggen 'ik heb een auto maar ik heb hem niet alle dagen nodig, maak daar gebruik van'. Dus als meer mensen dat doen en als sommige mensen zeggen 'ik heb hem maar een dag nodig', dan zou je er al gebruik van kunnen maken. Dus dat is er en daar hoeven we niet nog een extra initiatief per definitie voor af te wachten voordat je überhaupt gebruik kunt maken van een deelauto. Dat als toevoeging op de discussie. Maar wij stemmen in met het plan. De heer Van Lier: Even een samenvatting, eigenlijk hebben we de investering van het Centrumplan van Schipluiden van op dit moment € 455.000,00. Ik hoorde de wethouder zeggen 'het is een budget, nog geen plan'. Eigenlijk zegt ze wat ik ook zeg 'laten we eerst de boel gereed hebben en dan kun je er een prijs aan hangen en doen we niets dubbel'.

Eigenlijk zeg ik hetzelfde, alleen ik zeg 'wacht even', en de wethouder zegt 'nee, nu'. Dat is denk ik de nuance. Ze geeft aan 'we hebben toch al € 100.000,00 gereserveerd', had die dan uitgegeven aan de verdere uitwerking, dan hadden we over twee jaar een heel mooi Albert Heijnplan en dan konden we dat verder uitwerken. Want volgens mij hebben we van het Albert Heijnplan – en dan moet de wethouder mij maar corrigeren als het niet klopt – nog nooit een haalbaarheidsstudie gezien. De wethouder zei dat ze in een vergevorderd stadium zijn, maar ik heb dat niet gezien. Dan heb ik het meeste wel genoemd. U kent ons standpunt verder dus ik wacht de reactie van mijn mederaadsleden af. De heer Jongsma: Allereerst wil ik het college en de wethouder bedanken voor de extra toelichting en toevoeging op heel veel argumenten en dingen die besproken zijn. Dat heeft ons in elk geval wat meer duidelijkheid gegeven. Fijn dat D66 voor mij was want die heeft het grootste gedeelte van wat ik op papier had staan al vast meegeven. Ik vind het fijn om te horen dat er wel al deelautoinitiatieven zijn en bij mij zijn ze niet allemaal even bekend. Ik wil ook weer niet zeggen dat ik elke dag met een deelauto rijd.

Maar ik wil in dat geval ook nog eens naar het college kijken en vragen het dan niet alleen bij de initiatiefnemers neer te leggen, maar die initiatieven misschien binnen Midden-Delfland wat meer onder de aandacht te brengen zodat ze wat meer bekend worden en er op die manier ook wat meer gestimuleerd wordt. Dat hoor ik nog graag van de wethouder. Voor wat betreft het amendement, krijg ik langzaam maar zeker wel het idee – en dat zegt de heer Van Lier ook al – dat het geld niet echt over de balk gesmeten wordt omdat er nog wel over nagedacht wordt waar het aan besteed wordt. Verder vind ik dat het amendement wel heel erg gaat over het parkeerterrein van Albert Heijn en het Albert Heijninitiatief. We hebben het nog steeds over een integraal plan voor heel het centrum van Schipluiden en als je daar dan naar kijkt, vinden we dat dit een goede investering is die nu gedaan moet worden om dat ook meteen naar de toekomst voor het centrum van Schipluiden helder te hebben. We stemmen daarmee in en we stemmen niet in met het amendement. De heer Van den Berg: Wij stemmen natuurlijk in met de besluiten die genomen moeten worden, maar we steunen ook wel de oproep van de heer Vieira om nog eens goed te kijken hoe je met deelauto's omgaat.

Want deelauto's is een ding, maar je kunt ook nog wel eens specifiek kijken hoe je dat dan in zo'n specifieke situatie als in het centrum van Schipluiden kunt doen. Het is best interessant om daar goed naar te kijken, waar we hier toch niets nieuws maken, om gelijk mee te nemen of af te wegen valt om daar speciale zaken in op te nemen. We steunen het amendement niet. Mevrouw Snethlage: Ik ben erg blij te horen dat iedereen is voor een integrale aanpak en voor mooie plannen. Alleen verbaast het me dan in hoge mate dat er dan meteen geld vastgelegd wordt voor die plannen, voordat die plannen bekend zijn. We hadden graag gezien dat we die plannen allemaal al hadden gehad. We hebben daar sinds 2016 de tijd voor gehad en een aantal onderdelen is inderdaad nog niet bekend, waardoor je inderdaad voor bepaalde dingen alleen maar ten dele kunt zeggen waar je heen wilt gaan. Als je nog niet weet wat er met de Albert Heijn gebeurt, weet je ook nog niet 100% wat je met het parkeren zou moeten doen.

De heer Gebben: Is mevrouw Snethlage het met mij eens dat we als raad gaan over de kaders en niet over de norm specifieke invulling waar u nu naar vraagt? Mevrouw Snethlage: Ja zeker gaan we over de kaders en meestal zien we eerst de kaders voor we het geld uitgeven. Dat is de heer Gebben vast ook wel met mij eens. Meestal hebben we concrete plannen en dan gaan we bepalen welk geld daarvoor nodig is en nu hebben we een investeringsbudget dat we als vrijbrief aan het college geven waarbij het zelf een uiteindelijke invulling kan maken en dat theoretisch gezien niet meer bij ons terug hoeft te komen. Daar zijn we van de PvdA, in deze financiële situatie die toch nog steeds moeizaam is, het niet mee eens. De heer Gebben: Dank voor de toezegging van de wethouder om toch ook met de initiatiefgroep van de kasteeltuin even het gesprek aan te gaan en te kijken hoever ze zijn en of ze met concretere plannen kunnen komen en hopelijk een beetje gelijk op kunnen lopen. Daar zijn we blij mee. We zijn het niet met de PvdA eens dat er eigenlijk geen plan ligt, volgens mij ligt er een best stevig plan. Er ligt in ieder geval een bestemmingsplan en daar hoort openbare ruimte bij en dat dat nog niet concreet is ingevuld, vind ik ook logisch. We zien er niet zo het probleem in dat we daar nu al een budget voor geven. Het budget kan uiteindelijk ook altijd nog meevallen.

Dan komt het misschien weer naar ons terug. Dat is misschien wishful thinking maar we vinden het uiteindelijk een mooi voorstel dat er ligt en we vinden het zeker geen over de balk gegooid geld. Het is een plan dat bijdraagt aan de vitaliteit van Schipluiden en het maakt Schipluiden mooier dus het is zeker geen verloren geld, maar een goede investering, denken wij. Zoals al gezegd, het amendement steunen we niet, maar daar heb ik in de vorige termijn al mijn argumentatie voor gegeven. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Ik kijk nog even naar het college of er nog behoefte is om op nog een klein puntje reactie te geven. Wethouder Renzen: Het plan van Albert Heijn is een particulier initiatief en ik juich dat initiatief enorm toe, want de Albert Heijn is echt wel aan een verbetering toe. Het is een verouderd pand en het siert de ondernemers daar dat ze naar de toekomst toe daar een veel mooier gebouw willen neerzetten en dat ze ook woningen willen toevoegen. Nu kunnen die woningen niet allemaal worden toegevoegd wanneer we als gemeente niet bereid zijn om ook met dit initiatief mee te denken op het gebied van parkeren. We denken ook bij de andere initiatiefnemer mee op het gebied van parkeren want ook daar komen woningen. Ik herhaal het nog maar een keertje: er kunnen 55 woningen toegevoegd worden aan het centrum van Schipluiden.

Woningen waar we natuurlijk op termijn ook weer ozb voor gaan vangen en via het Gemeentefonds ook weer geld voor gaan vangen dus naar de toekomst toe levert het ons ook geld op. Maar de initiatiefnemers steken hier ook hun nek natuurlijk wel mee uit. Het gaat wel voor hun rekening en risico. Dan zou het heel vervelend zijn wanneer wij als gemeente achterover zouden leunen en met betrekking tot het openbaar gebied totaal niet verdergaan met het concreet maken van de plannen en het… De voorzitter: Ik zie heel snel achter elkaar twee interrupties. De eerste van mevrouw Snethlage. Mevrouw Snethlage: Dan begrijp ik nog steeds niet waarom we na vier jaar nog steeds geen concretere plannen hebben, maar dat kan wethouder Renzen me vast uitleggen. Wethouder Renzen: Ik ben eigenlijk gewoon een beetje verbaasd dat mevrouw Snethlage deze vraag stelt want volgens mij is er al heel veel voorbijgekomen en volgens mij zijn we flink op dreef met de verbouwing van het tramstation, we hebben een heel bestemmingsplan aan u voorgelegd en we vragen nu budget om de openbare ruimte – die heel erg belangrijk is als verbindende factor in die hele structuurvisie – verder te mogen uitwerken in een concreet plan. Het plan waar u naar vraagt.

Ik denk dat mevrouw Snethlage dan gaat vragen 'waarom knipt u dat niet op?' De voorzitter: Dat zou bijna de vraag kunnen zijn, maar kunt u het even afronden? Want mevrouw Snethlage heeft opnieuw geïnterrumpeerd maar de heer Van Lier is eigenlijk eerder aan de beurt. Dus ik wil even vragen of u uw punt even wilt maken want anders raakt dat zoek.

De heer Van Lier: Ik heb mijn vraag niet meer helemaal scherp, het was eigenlijk ongeveer hetzelfde. Er is geen goed plan van het parkeerterrein, wethouder Renzen zegt 'het plan is helder', maar het is niet helder. Het laatste dat we van Albert Heijn weten, is een schetsje van de vorige eigenaar met vier appartementen op een hoekje. Meer weten we niet van de Albert Heijn. Komen er woningen aan de winkelstraat, komen er woningen aan het plein? Is de wethouder het met me eens dat het plan nog niet uitgewerkt is? Misschien bij u, maar niet bij de raad? De voorzitter: Dat is een beetje in het verlengde van wat mevrouw Snethlage zei, zullen we dan weer teruggaan naar de wethouder om daar meteen een reactie op te vragen? Wethouder Renzen: Ja, het is natuurlijk een beetje een kip-eiverhaal. Voordat de plannen ook concreet aan u kunnen worden voorgelegd, wil de initiatiefnemer natuurlijk ook weten waartoe wij bereid zijn met het openbare gebied en of we dus ook een plan maken voor het openbare gebied. Nogmaals, de initiatiefnemers lopen ook veel risico en dat gaat voor hun eigen rekening en risico. Dus we zijn daarover in overleg en als er concreet plannen aan u voorgelegd kunnen worden, als we zover zijn, in dat stadium, dan komen die vanzelf naar u toe.

Het voorstel dat nu voorligt is 'mag het college verder de structuurvisie omzetten in concrete plannen zodat u ook kunt zien hoe het centrum er dan in zijn totaliteit uit komt te zien?' Ik denk dat het logisch is wanneer we daar een kostenraming voor de aanleg bij toevoegen want anders stelt u mij terecht de vraag 'er wordt een plan opgesteld, maar wat kost het de raad dan in het vervolg?' Om die reden hebben we u een compleet voorstel gedaan. De voorzitter: Helder, dank u wel voor de reactie in tweede termijn. Ik kijk even rond, we hebben een amendement liggen dat is ingediend. Het heeft niet echt algemene steun, heb ik ontdekt. Maar ik kijk nog eventjes want we moeten eerst over het amendement stemmen en daarna over het voorstel. De beraadslagingen zijn bij dezen eigenlijk afgerond in twee termijnen. Ik kijk even naar de initiatiefnemers. Dat zijn er twee, de heer Van Lier en mevrouw Snethlage, u heeft dat samen gedaan. De heer Van Lier: We houden het amendement in ere, breng het maar in stemming. Mevrouw Snethlage: Dat geldt ook voor de PvdA. De voorzitter: Precies. En u wilt ook met het systeem zo stemmen? Dan kijk ik of de griffier dat kan verzorgen voor de stemming. U heeft het allemaal al een keertje gedaan en weet hoe het werkt, maar ik heb nog geen beeld en geluid bij de griffier. De heer De Vos: Er kan gestemd worden.

De voorzitter: Gaat uw gang, over het amendement A. de heer Van den Berg: Ik zie het niet. De voorzitter: Het amendement is toegevoegd. De heer De Vos: Als het goed is, is bij sommige mensen in beeld een blauwe balk verschenen waarmee je kunt stemmen. De heer Van den Berg: Ik zie het niet. De voorzitter: Misschien even verversen, mijnheer Van den Berg? De heer De Vos: Als u even aangeeft wat u stemt, dan komt het ook goed. De heer Van den Berg: Ik ben tegen het amendement. De heer De Vos: Dan kan ik de voorzitter melden dat er 3 voor zijn en 13 tegen.

De voorzitter: En dan concludeer ik voor u dat het amendement niet is aangenomen. Dus gaan we door naar het voorstel. Is er behoefte aan stemming over het voorstel of gaan we het voorstel overnemen? Mevrouw Snethlage: Stemmen. De voorzitter: Ook over het voorstel stemmen? Als u dat wilt, kan dat. Dan vragen we de griffier die stemming ook klaar te zetten en horen we wanneer we kunnen stemmen. De heer De Vos: Nu. Ik mis nog twee stemmen. Ik neem aan dat mijnheer Van den Berg het mondeling aangeeft. Mevrouw Snethlage: Ik kan niet stemmen op dit moment. De heer Van den Berg: Ik ben voor. Mevrouw Snethlage: Tegen. De heer De Vos: In dat geval is de verdeling ook nu 13 voor en 3 tegen. De voorzitter: Daarmee is het voorstel aangenomen. Het raadsvoorstel wordt aangenomen met stemmen tegen van de fracties van Mijn Partij! en de PvdA.

7.

Mogelijkheid tot het stellen van vragen

De voorzitter: Ik heb drie vragen. De eerste vraag is van mevrouw Snethlage over de provinciale subsidiemogelijkheden bij de woningbouw voor huurwoningen, de tweede is een vraag van mevrouw Heutink over een brief van de BOK-gelden voor culturele zaken en 7.3 is van twee leden die gezamenlijk een vraag hebben over het gemeentelijk antennebeleid. Mevrouw Snethlage: Ik vraag me af of het zinvol is om de vraag nog een keer te stellen terwijl iedereen het antwoord van het college al kan lezen, ik denk dat dat in verband met efficiënt vergaderen niet handig is. Ik wil dus een vervolgvraag stellen zoals we gewend zijn te doen. De PvdA is benieuwd welke discussiepunten er zijn met de provincie over de verschillende nieuwbouwplannen en gelden deze discussiepunten dan ook voor de lopende en toekomstige projecten? We zijn het college alvast dankbaar voor de eerste beantwoording. De voorzitter: Dit zijn wel heel uitgebreide punten waar u naar vraagt, maar ik ga meteen naar de wethouder. Wethouder Renzen: Het gaat te ver om nu even de discussiepunten met de provincie te bespreken. Op dit moment lopen er geen projecten waar we echt discussie over voeren dus misschien dat mevrouw Snethlage haar vraag nog iets concreter kan maken. Ik kan hier niet echt een antwoord op geven. De voorzitter: Dat vermoeden had ik al. Mevrouw Snethlage, uw vraag is wel erg wijd uiteenlopend.

Mevrouw Snethlage: Het college kwam in het antwoord zelf ermee dat er discussiepunten waren: 'Het zou voor de provincie niet consequent zijn als zij een project waarover nog een ruimtelijke discussie tussen gemeente en provincie aan de orde is, al van financiële middelen zouden voorzien'. Op dat antwoord was mijn vraag: welke discussiepunten zijn er? Wethouder Renzen: Ik begrijp de vraag nu iets beter. Als je het hebt over de knelpuntenpot of de subsidie die zit aan de vliegende brigade van de provincie, hebben we met de provincie al een hele poos geleden weer gesproken over 'goh, zouden we misschien gebruik kunnen maken van de vliegende brigade en dan met name – we spreken daar niet met elkaar in openbaarheid over – voor projecten waar we onderzoeken of daar woningbouw mogelijk is, maar die geen bestemming

woningbouw hebben?' Daarvan heeft de provincie toen gezegd 'dat gaat niet, in ieder geval niet met subsidie voor die vliegende brigade, omdat dat gaat over projecten waar de provincie nog geen goedkeuring aan heeft gegeven.' Wij wilden eigenlijk die vliegende brigade gebruiken om allerlei complexe mogelijkheden en onmogelijkheden die mogelijk kleven aan bepaalde locaties op te laten lossen. Daar is dat op misgegaan. Dus moesten we toen ook constateren dat we voor nu niet zo veel hebben aan die vliegende brigade. De voorzitter: Kunt u het hiermee doen voor vandaag, mevrouw Snethlage? Mevrouw Snethlage: Voor vanavond is dat een prima antwoord. De voorzitter: Dan gaan we naar de vraag van mevrouw Heutink. Mevrouw Heutink: Dank aan het college voor alle antwoorden. Het ging ons om het geld dat de overheid beschikbaar heeft gesteld voor culturele activiteiten in deze ingewikkelde coronatijd. Dus we zijn blij te zien dat de culturele organisaties verder ondersteund worden en dat er ook deze zomer nieuwe initiatieven plaats kunnen vinden waarschijnlijk met dat geld. We vermoeden dat er wel wat geld over zal zijn en dat niet alles besteed zal zijn. Dus de vraag aan de wethouder is: is dat ook zo? En de tweede vraag: wordt er geld gereserveerd als er geld over is? De voorzitter: Kan de wethouder daar een reactie op geven? Wethouder Renzen: Ja, ik kan daar wat over zeggen.

Dat gaat om de gelden die beschikbaar zijn gekomen via het Gemeentefonds. Als college reserveren we daar een beperkt deel van omdat we verwachten dat we niet het gehele bedrag nodig hebben om onze culturele basisinfrastructuur overeind te houden. Dus van het bedrag van ruim € 150.000,00 reserveren we een beperkt deel en de rest valt vrij in onze begroting. De voorzitter: Ik kijk even naar mevrouw Heutink, nog een kleine vraag. Mevrouw Heutink: Ja, graag, want mag ik er wel van uitgaan dat, als straks blijkt dat culturele instellingen of organisaties die verbonden zijn aan cultuur toch te kort hebben door de coronatijd, die ideeën of voorstellen welwillend behandeld zullen worden door het college en dat de raad daar misschien nog informatie over kan krijgen? Wethouder Renzen: Ja, kijk, het is een complexe tijd. We maken ook als college inschattingen van 'hoe zwaar hebben de organisaties op het gebied van sociale-culturele basisinfrastructuur het?' Hoe lastig hebben organisaties het? Om die reden hebben we vorig jaar een schade-inventarisatie gedaan en zijn we daar nu voor de tweede keer mee bezig. We verwachten dat we daarvoor niet alle rijksgelden nodig hebben, maar dat is een verwachting.

We hebben als college ook steeds gezegd 'het is heel belangrijk dat in deze tijd, als we het echt hebben over onze musea en onze muziekverenigingen, dus echt die basisinfrastructuur op cultureel gebied, overeind blijft en dat dat niet sneuvelt in zo'n coronatijd'. Dus ik hoop dat mijn mede-collegeleden en ook de raad er begrip voor hebben dat, mocht onze inschatting nu aan de voorkant onjuist zijn en bijvoorbeeld binnen nu en een halfjaar vitale culturele organisaties toch echt op omvallen blijken te staan, dat dan een ander verhaal is. Dan kom ik wel bij u terug. De voorzitter: Is dat voldoende? Mevrouw Heutink: Die verwachting houden we dan ook, dank. De voorzitter: Dan komen bij de laatste vraag, heeft u onderling een verdeling gemaakt wie als eerste het woord voert? De heer Gebben: Dank voor de beantwoording van de vragen. Mevrouw Snethlage en ik zitten samen in de Adviescommissie economisch vestigingsbeleid van de MRDH en daar is het antennebeleid aan de orde gekomen. We zouden dat zo veel mogelijk gezamenlijk op willen laten gaan, wat ons heel verstandig lijkt. En we waren benieuwd hoe de stand van zaken bij ons in de

gemeente was. Daar hebben we een goed antwoord op gekregen. We zijn nog niet begonnen, maar ik zie wel in de antwoorden dat er een goed idee is van wanneer we ermee gaan beginnen en wat het tijdpad zal zijn. Samen optrekken met andere gemeente van de MRDH is, denk ik heel verstandig. De MRDH heeft ook een expertiseteam op dit onderwerp gezet en er is ook een soort stappenplan ontwikkeld, maar dat weet de wethouder denk ik ook heel goed. Ik denk dat het ook goed komt, maar we zijn blij te lezen dat we over het beleid – waar het uiteindelijk toe zal leiden, want uiteindelijk moet het bij iedere gemeente individueel nog landen – op de hoogte gesteld worden. We vragen dit vooral omdat het voor het dorp belangrijk is, maar zeker voor het buitengebied zou het voor 5G nog wel eens heel belangrijk kunnen worden omdat glasvezel ook niet echt een optie lijkt en alleen 5G wel een goede oplossing lijkt. En het zou jammer zijn als we vertraging zouden oplopen als het beleid bij ons in de gemeente nog niet helemaal op orde zou zijn. Maar we zijn misschien wel in een heel vroeg stadium met onze vragen, maar we vonden het wel belangrijk om ze gesteld te hebben. De voorzitter: Heeft u daar nog iets aan toe te voegen mevrouw Snethlage? Mevrouw Snethlage: Nee, we hebben dit zo met elkaar besproken en dat is prima zo.

De voorzitter: Heel fijn en van het college hoeft er niet direct een reactie te komen. Het mag wel, maar het is meer een ondersteuning van u beiden. Ik zie dat de heer Jongsma en de heer Zwaard een nadere vraag willen stellen. De heer Jongsma: Ik wil even mijn complimenten uitspreken aan raadsleden Gebben en Snethlage dat ze een terugkoppeling geven. Ik en mijn fractie waarderen het sowieso dat er wat meer terugkoppeling is vanuit andere raden. Ik hoop dat dit een voorbeeld is voor anderen. Dat wilde ik eigenlijk zeggen, maar ik heb daar geen vragen over. Het leek me ook leuk om een keer complimenten uit te delen. De voorzitter: Dat mag ook hoor. Dank u wel. Dan de heer Zwaard. De heer Zwaard: Wat fijn dat de heer Jongsma al de complimenten uitdeelt, dan hoef ik dat niet meer te doen, maar die zouden wel gemeend zijn.

Van het CDA is de vraag: indien er vragen komen van partijen die voornemens zijn om zendmasten of iets dergelijks te plaatsen en daar onderzoek naar doen, ik denk bijvoorbeeld aan masten voor snel internet in het buitengebied, kan het college dan een toezegging doen dat belanghebbenden, mensen die erbij betrokken zijn en instanties die erbij betrokken zijn, vooraf worden geïnformeerd en tijdig meegenomen in het proces zodat ze niet voor verrassingen komen te staan? De voorzitter: Ik hoor ergens ook een stoorzender tussendoor, hoort u dat ook? Ik kan alleen niet zien waar het vandaan komt, maar is de vraag overgekomen? De heer Gebben: Mag ik daar wat op aanvullen, ik maai misschien het gras voor de wethouders' voeten weg, maar we hebben in de MRDH begrepen dat het heel complexe materie is want er zit heel veel regelgeving in die buiten gemeenten omgaat. Maar goed, dat zal de wethouder denk ik ook wel vertellen. De voorzitter: Daarvoor gaan we dan nog voor een afrondende bespiegeling naar de wethouder. Wethouder Renzen: Ja, zoals gezegd, het is een complexe regelgeving rond vergunningverstrekking omtrent dit soort antennes. Veel plaatsingen van zenders zijn ook vergunningvrij. Soms is dan eigenlijk alleen maar een vergunning nodig, als het om een monument gaat, voor het bouwwerkje waar de zender dan aan vast zit. Dan heb je daar een vergunning voor nodig.

Dus ik kan niet toezeggen dat we als gemeente overal bij aanwezig zijn in het proces. Ik kan wel toezeggen dat, mochten er initiatieven zijn om zenders op een van onze gemeentelijke gebouwen te plaatsen, waar we natuurlijk wel echt bij zijn, ik het dan belangrijk vind dat we de omgeving daarin kennen en dat we dat onderzoeken en dat we als we daar mogelijk toestemming aan willen verlenen, daar mensen bij zullen betrekken.

De voorzitter: Ik zie een duimpje omhooggaan bij de heer Zwaard. Daarmee hebben we alle vragen van een reactie voorzien.

8.

Sluiting

De voorzitter: Dan is er volgens mij niets meer aan de orde en wens ik u allen een genoeglijke avond. Ik sluit de vergadering en ik zou zeggen: tot de volgende keer. Blijf vooral gezond!

Aldus vastgesteld in de vergadering van de raad van de gemeente Midden-Delfland op 25 mei 2021. de griffier, A. de Vos

de voorzitter, A.J. Rodenburg

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=middendelfland&id=a0c05bab-7a18-4c01-96cc-06571f5d3c0a