COMM Verordening Jeugdhulp vanaf 2026
Tekst van het document
Datum
18 december 2025
Nummer
2026-01-
Datum commissievergadering 13 januari 2026 Datum raadsvergadering
27 januari 2026
Oplegger Zaaknummer
968229
Onderwerp
Aanpassing Verordening Jeugdhulp vanaf 2026
Portefeuillehouder
M. Oderwald - Ruijsbroek
Uiterste behandeldatum (met toelichting)
16-12-2025 De uiterste datum is: 16-12-2025.
Eerdere besluitvorming Samenvatting voorstel
De huidige verordening "Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp Midden-Delfland 2024" is aan actualisatie en opsplitsing toe. Door vanaf 1 januari 2026 twee afzonderlijke verordeningen te hanteren kan er beter worden aangesloten op specifieke wettelijke eisen en worden toekomstige noodzakelijke wijzigingen in de verordening eenvoudiger gemaakt. Daarbij is het werken met twee afzonderlijke verordeningen duidelijker voor zowel de inwoners als de aanbieders. De raad wordt gevraagd om de geactualiseerde verordening Jeugdhulp vast te stellen.
Beslispunten
De gemeenteraad besluit om: 1. De verordening Jeugdhulp Midden-Delfland vast te stellen en deze in te laten gaan op 1 januari 2026. De volledige verordening Jeugdhulp is opgenomen in bijlage 1; 2. De huidige verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp Midden-Delfland 2024 in te trekken per 1 januari 2026.
Bijlage(n)
Bijlage 1: Concept verordening Jeugdhulp. Bijlage 2: Overzicht wijzigingen verordening Jeugdhulp. Bijlage 3: Brief Adviesraad Sociaal Domein. Bijlage 4: Reactiebrief op advies van de Adviesraad Sociaal Domein.
Advies commissie
Raadsbesluit
o Akkoord / o Niet akkoord Opmerking:
Datum van besluit gemeenteraad: 27 januari 2026
A. de Vos griffier
F.I. Noordermeer – van Slageren voorzitter
2
Inleiding In de huidige verordening "Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp MiddenDelfland 2024" zijn twee wetten binnen het sociaal domein samengebracht, Jeugd en Wmo. Het samenvoegen van de beide verordeningen is gebeurd om een integrale benadering van het sociaal domein mogelijk te maken. Met als uitkomst een duidelijker en efficiënter beleid voor hulpvragen voor zowel jeugdigen als volwassenen en beter aansluiten op de uitvoeringspraktijk. In de praktijk blijkt dat echter niet handig, omdat de behoefte aan actualisatie van beide onderwerpen niet tegelijkertijd is. Door uiteenlopende ontwikkelingen komen de wetten inhoudelijk en uitvoeringsmatig steeds verder uit elkaar te liggen. Voorbeelden hiervan zijn: 1. De jeugdwet brengt steeds meer focus op tijdelijkheid en de Wmo op structurele compensatie. 2. De jeugdwet stuurt op afbouw en de Wmo op vereenvoudiging. 3. De jeugdwet zet in op vroegsignalering en voorkomen van jeugdzorg en de Wmo blijft een compensatiewet die langdurige beperking moet oplossen. 4. Toegang tot de jeugdwet wordt strenger gereguleerd en bij de Wmo is er lokaal beleidsvrijheid via keukentafelgesprek. Daarom hebben we toegewerkt naar twee afzonderlijke verordeningen: een verordening Jeugd en een verordening Wmo.
Met deze splitsing willen we beter uitvoering geven aan specifieke wettelijk eisen, eenvoudiger wijzigingen kunnen doorvoeren en toetsing doen, rechtszekerheid en transparantie bieden en meer duidelijkheid bieden aan inwoners en aanbieders. Ook worden er nadere regels opgesteld, die samenhangen met de geactualiseerde verordeningen. Dit raadsvoorstel gaat echter enkel om de verordening Jeugdhulp. Landelijk wordt een stijging van de kosten voor jeugdhulp waargenomen. Dit geeft aanleiding om in te zetten op doelmatige inzet van middelen en het versterken van preventie. Bij het opstellen én actualiseren van de verordening Jeugdhulp is o.a. rekening gehouden met de hervormingsagenda jeugd, een sterkere afbakening jeugdhulp en ontwikkelingen/wijzigingen zoals bijvoorbeeld de CRvB uitspraken van 29 mei 2024 over de eigen mogelijkheden en probleemoplossend vermogen. De belangrijkste inhoudelijke wijzigingen in de verordening, los van de opsplitsing, zijn: • Het toevoegen van draagkracht (eigen mogelijkheden en probleemoplossend vermogen) en draaglast. • Meer aandacht voor het normaliseren. Door normale uitdagingen, volgens het levensloopmodel “Opgroeien en opvoeden”, die passen bij de leeftijd mee te nemen in de afbakening jeugdhulp.
• Medewerkingsplicht is opgenomen in de verordening waardoor ouder(s) en-/of jeugdige verplicht zijn om, binnen hun mogelijkheden, mee te werken aan onderzoek gericht op de doelmatige inzet van jeugdhulp. • Meer aandacht voor doelmatigheid, doeltreffendheid en effectiviteit van de hulp waarbij bijvoorbeeld nooit een bewezen niet effectieve interventie zal worden ingezet. • Duidelijkere criteria voor de aanvraag en verantwoording van jeugdwetvervoer, complexe scheidingsproblematiek, vaktherapie en dyslexie. • Het toevoegen van bepalingen gericht op de afstemming met andere wetten en voorzieningen, kwaliteitseisen PGB en misbruik en oneigenlijk gebruik. In bijlage 2 vindt u een overzicht met de belangrijkste inhoudelijke wijzigingen. Tevens wordt hierin een toelichting gegeven over de onderwerpen met een strengere afbakening dan in de wet is geformuleerd. In de raadwerkgroep d.d. 25 september zijn de raadsleden over de belangrijkste wijzigingen geïnformeerd, waarbij er ook ruimte was om vragen te stellen. Op 11 november hebben wij het advies van de Adviesraad Sociaal Domein ontvangen, zie bijlage 3. De volgende aanpassingen zijn na het overleg én na het ontvangen van de adviesbrief doorgevoerd: • Het toevoegen van een beschrijving van de functies die binnen het maatschappelijk team aanwezig zijn. 3
•
Het toevoegen van de mogelijkheid om een beroep te doen op de onafhankelijke clientondersteuning. • Een aanpassing in de volgorde van de onderdelen in artikel 6. • Het toevoegen van een omschrijving bij artikel 8.1.2 welke gaat over wanneer de budgethouder of budgetbeheerder in beginsel niet PGB vaardig is. • Het opnemen van de bepaling dat het college de Adviesraad Sociaal Domein Midden-Delfland heeft aangewezen, in artikel 11.1. • Er is een artikel toegevoegd over hoe er gehandeld wordt bij verschillende leeftijdsgroepen. • Definitie pleegzorg is aangepast waardoor duidelijk wordt dat de hulp voor pleegjongeren ook na het 18e levensjaar kan doorlopen. In bijlage 4 treft u de reactie brief van het college op de adviezen van de Adviesraad Sociaal Domein.
Beoogd maatschappelijk effect De verscherpte en geactualiseerde verordening Jeugdhulp helpt Midden-Delfland richting te geven aan het bevorderen van een veilige, gezonde en kansrijke ontwikkeling van jeugdigen.
Argumenten 1.1 Door de invoer van de nieuwe geactualiseerde verordening Jeugdhulp voldoen we aan de aangepaste wet- en regelgeving. 1.2 Door de invoer van de verordening voldoen we aan de afspraken zoals regionaal overeengekomen. 1.3 De nieuwe geactualiseerde verordening bevordert kostenbeheersing dankzij de grotere focus op normaliseren en een scherpere afbakening van de omstandigheden waarin een individuele voorziening wordt ingezet. 2.1 Door de invoer van de nieuwe geactualiseerde verordening Jeugdhulp dient de vorige verordening te worden ingetrokken om overlap te voorkomen.
Kanttekeningen Niet van toepassing
Financiën Er zijn geen directe financiële consequenties verbonden aan de implementatie van deze verordening. Indirect zal de implementatie naar verwachting echter wel leiden tot kostenbesparingen. Dit wordt verwacht vanwege de grotere focus op normaliseren en een scherpere afbakening van de omstandigheden waarin een individuele voorziening wordt ingezet.
Communicatie en participatie Na vaststelling van de verordening communiceren wij de bekendmaking.
Vervolgstappen Nadat uw raad heeft ingestemd zal ambtelijk worden gezorgd voor de bekendmaking van de verordening.
Reactie college op commissiebehandeling
4