COMM RV MRDH fin stukken.docx
Tekst van het document
Datum
21 april 2022
Nummer
2022-05-
Datum commissievergadering
10 mei 2022
Datum raadvergadering
24 mei 2022
OPLEGGER Registratienummer
000035114
Onderwerp
Zienswijze begroting MRDH 2023, meerjarenbegroting 2024-2026
Portefeuillehouder
Frank ten Have
Uiterste behandeldatum (+reden)
24 mei 2022 Uiterste datum indienen zienswijze is 26 mei 2022. (termijn is gebaseerd op bepalingen Wet gemeenschappelijke regelingen)
Eerdere besluitvorming Samenvatting voorstel
Besluit De gemeenteraad besluit om: 1. In te stemmen met de conceptbegroting 2023 en meerjarenbegroting 2024-2026 Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH); 2. In te stemmen met de inflatiecorrectie voor de inwonersbijdrage met 5 cent tot € 2,82; 3. Bijgevoegde instemmende zienswijze op de conceptbegroting vast te stellen en deze met toevoeging van deze oplegger toe te sturen aan de MRDH; 4. De (voorlopige) jaarstukken MRDH 2021 voor kennisgeving aan te nemen. Argumenten 1.1 Regionale samenwerking heeft meerwaarde Belangrijkste uitgangspunt bij de oprichting van de MRDH in 2014 was het beter benutten van de economische groeipotentie. Hiertoe is de gemeenschappelijke regeling (GR) door de deelnemende gemeenten belast met het versterken van het economisch vestigingsklimaat. Vanuit het Rijk is daar de taak van de Vervoersautoriteit aan toegevoegd. Dit is een wettelijke taak die door de GR wordt uitgevoerd en vanuit de brede doeluitkering verkeer (BDU) door het Rijk wordt gefinancierd. Beide taken zijn gemeentegrens overstijgend en kunnen efficiënter in nauwe samenwerking met de provincie worden uitgevoerd. Deze samenwerking krijgt inhoudelijk vorm vanuit de Groeiagenda Zuid-Holland en de Strategische Agenda MRDH.
De groeiagenda is een strategisch document waar overheden, bedrijven en kennisinstellingen nauw samenwerken, waarbij de inhoud wordt gebruikt als input voor het Nationaal Groeifonds en basis is voor de samenwerking bij de uitvoering van het regeerakkoord. De MRDH is bij de uitwerking van deze groeiagenda een belangrijke strategische partner. 1.2 Financiering OV en herstel na coronamaatregelen werken door
Voor 2023 is de begroting verdeeld in de programma's Exploitatie ov (421,7 miljoen), infrastructuur verkeer en ov (141,7 miljoen) en economisch vestigingsklimaat (5,9 miljoen). De vrije bestedingsruimte is zeer beperkt. Meeste bedragen liggen vast in concessies ov, onderhoud en infrastructurele projecten verkeer. De afgelopen jaren en vooralsnog doorlopend tot eind 2022 zijn de ov-bedrijven gedeeltelijk gecompenseerd en heeft de MRDH de ondersteuning op peil gehouden. Vanuit de vervoersregio’s is bij het Rijk nadrukkelijk gevraagd deze ondersteuning ook in 2023 te continueren om op die wijze een ondersteunend ov-aanbod in stand te houden. Prioriteitstelling kan met de nieuwe strategische agenda wijzigen, maar is vooralsnog gebaseerd op vijf hoofddoelen. Die zijn geformuleerd vanuit het vergroten van de leefbaarheid (brede welvaart) en de ambitie de agglomeratiekracht en concurrentiepositie te vergroten (zie tabel blz. 14 conceptbegroting): 1. concurrerende economie: bereiken economische toplocaties en betrouwbaarheid reistijd belangrijkste verbinding in het bijzonder goederenvervoer; 2. kansen voor mensen: arbeidsplaatsen en voorzieningen bereikbaar vanuit woongebieden; 3. kwaliteit van plekken: gebruikswaardering stedenbaanknopen; 4. duurzame regio: uitstootreductie vervoersysteem; 5. efficiënt en rendabel: reductie beheer- en exploitatielasten ov.
1.3 Projecten Va en EV van (in)direct belang inwoners Midden-Delfland Het werkingsgebied van de MRDH is vrij omvangrijk. Daarnaast is in de praktijk niet altijd sprake van 'betonnen' grenzen. Opgaven overstijgen regelmatig deze grenzen en oplossingen worden beter bereikbaar in samenwerking met aangrenzende regio's en overkoepelend de provincie. De abstract geformuleerde opgaven vernieuwen economie en verbeteren bereikbaarheid zijn van direct belang voor alle inwoners van onze gemeente en de regio. Wonen, werken, onderwijs en gebruik maken van voorzieningen beperkt zich niet tot de eigen directe woonomgeving, maar tot een breder daily urban system. Zonder limitatief te zijn is Midden-Delfland direct betrokken bij een aantal projecten: vanuit de innovatieprogramma's, het programma Agritech (greenport); campusontwikkeling gericht op MBO-HBO, zoals Equestrum, WHC en FIA; gebiedsuitwerking Greenport 3.0 in Westland (ontsluiting goederenvervoer); aansluiting bovenliggend wegennet, zoals A4 en A20; realisatie 4-sporigheid Oude Lijn, gedeelte Delft-Schiedam; studie Leerstoel gebiedsontwikkeling TU Delft naar structurele financiering groenblauwe leefomgeving, mede in relatie tot ontwikkeling infrastructuur; verduurzaming vervoer, zoals nationaal fietsnetwerk; programma vrije tijdseconomie. Kanttekeningen 2.1 Brede welvaart inclusief landschap dient te landen in strategische agenda
2
De vijf pijlers van de groeiagenda hebben als doel het regionale verdienvermogen te vergroten en brede welvaart te realiseren. Het gaat hierbij om kennis- en innovatiesystemen, versterken waardeketens bedrijfsleven, vernieuwen energie-infrastructuur, mobiliteitstransitie en intensivering leven lang ontwikkelen. De groenblauwe leefomgeving, waaronder het BPL Midden-Delfland in het hart van de MRDH, is noodzakelijk voor het versterken van het economisch vestigingsklimaat en brede welvaart. Binnen de regio wordt verschillend gedacht over de taakverantwoordelijkheden die de MRDH heeft. De formele taken EV en Va kunnen inhoudelijk niet los gekoppeld worden van de maatschappelijke opgaven rondom verstedelijking, groenblauwe leefomgeving en klimaat, energietransitie, onderwijs en arbeidsmarkt. Binnen die thema’s vervult de MRDH al een netwerkfunctie die binnen de nieuwe strategische agenda nadrukkelijker benoemd dient te worden. Tegelijkertijd vraagt dit van de gemeenten een eigen ambtelijke inzet. In de zienswijzebrief is dit als thema opgenomen. 2.2 Regionaal agenderen met provincie blijft nodig voor financiering mobiliteit Het financieel meerjarenbeeld laat zien dat de een beperkte investeringsruimte aanwezig is.
Dit staat haaks op de ambities die in hoofdzaak zijn gebaseerd op maatschappelijke opgaven: bijvoorbeeld autonome bevolkingsgroei en groei verstedelijking, ontsluiting goederenvervoer, verduurzaming en daaraan gekoppelde ov-behoefte en realisatie fietsnetwerk. Extra, bij voorkeur structureel, financiering vanuit het Rijk blijft nodig. Hiertoe wordt gezamenlijk opgetrokken. Voor de groeiagenda is vanuit het Nationaal Groeifonds een bijdrage toegezegd voor het versterken van de Oude Lijn (railverbinding LeidenDordrecht, waaronder Delft-Schiedam). Bij het stellen van prioriteiten is het van belang niet direct te investeren in meer asfalt, maar ondersteuning van alternatieven voor autoverkeer. Bij het versterken van de fietsverbindingen ligt momenteel de focus nog sterk op het stedelijk gebied en stationslocaties. Het gebruik van de groenblauwe leefomgeving, mede ook in relatie tot recreatieve routes, kan gebruikt worden om de fietsverbinding tussen stedelijke woonwijken en werklocaties te versterken. Dit draagt bij aan de verduurzaming van de mobiliteit, economisch vestigingsklimaat en brede welvaart voor de inwoners. Een tweede aspect dat bij het stellen van prioriteiten aandacht dient te krijgen is een kwalitatief goede inpassing van infrastructuur.
Bij grote investeringsprojecten kan een meerwaarde voor de omgeving bereikt worden door het combineren van maatschappelijke opgaven door het financieren en combineren van werk met werk. In de zienswijzenbrief is hiervoor aandacht gevraagd ten aanzien van fietsverbindingen en inpassing van de viersporigheid in het BPL Midden-Delfland. 2.3 Regionale inzet Midden-Delfland is gericht op bestuurlijke opdracht landschap De beperkte ambtelijke capaciteit op de onderdelen verkeer en economie maakt het noodzakelijk om prioriteiten te stellen. De gemeente Midden-Delfland hanteert hierbij als uitgangspunt dat vanuit de meerwaarde van de samenwerking vanuit een positief-kritische ondersteuning van de regionale projecten meerwaarde ontstaat voor de
3
Bijlagen
regio en de gemeente. Hierbij dient wel regionale aandacht te blijven bestaan voor het specifieke verschil tussen dorpen en landschap en het grootstedelijk gebied. Bereikbaarheid en brede welvaart zijn voor alle inwoners van belang, waarbij differentiatie in oplossingen en gemeentelijke bijdragen verschillend moeten kunnen zijn. Specifiek gaat het hierbij om maatregelen om het fietsnetwerk te versterken, ontsluiting van de dorpen en inpassing van infrastructurele projecten in de groenblauwe leefomgeving. Dit laatste aspect sluit direct aan op onze bestuurlijke opdracht voor het landschap. Vanuit versterken economisch vestigingsklimaat vragen wij hiervoor altijd specifiek aandacht. Hieraan draagt Midden-Delfland ook (pro)actief aan bij. In de zienswijzebrief is hier nader op ingegaan. 1. Aanbiedingsbrief zienswijze ontwerpbegroting MRDH 2023; 2. Concept ontwerp MRDH-begroting 2023 en meerjarenbegroting 2024-2026; 3. IPVa 2023 (bijlage 3 MRDH-begroting 2023); 4. Infographic MRDH-begroting 2023 in één oogopslag; 5. Kadernota MRDH-begroting 2023; 6. (concept) Zienswijze concept MRDH-begroting 2023 en meerjarenbegroting 2024-2026; 7. Aanbiedingsbrief jaarstukken MRDH 2021 (brief 14 april 2022, kenmerk 90618); 8. MRDH-jaarstukken 2021 (document 14 april 2022, kenmerk eDocs 88260); 9. Controleverklaring accountant (14 april 2022, kenmerk GAD/2022.33.1); 10.
Accountantsrapport bij de jaarrekening 2021 MRDH (document 14 april 2022, kenmerk GAD/2022.33).
Advies commissie
Raadsbesluit
o Akkoord / o Niet akkoord opmerking:
Arjan de Vos griffier
Arnoud Rodenburg voorzitter
4
Advies Het college van burgemeester en wethouders adviseert de gemeenteraad om: 1. In te stemmen met de conceptbegroting 2023 en meerjarenbegroting 2024-2026 Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH); 2. In te stemmen met de inflatiecorrectie voor de inwonersbijdrage met 5 cent tot € 2,82; 3. Bijgevoegde instemmende zienswijze op de conceptbegroting vast te stellen en deze met toevoeging van deze oplegger toe te sturen aan de MRDH; 4. De voorlopige jaarstukken MRDH 2021 voor kennisgeving aan te nemen.
Inleiding Zienswijze begroting 2023 Gemeenschappelijke regelingen zijn wettelijk verplicht hun (meerjaren)begroting voor een zienswijzenprocedure aan de gemeenteraad aan te bieden. Het AB stelt met in acht name van de zienswijzen de begroting definitief vast. Jaarrekening 2021 Gemeenschappelijke regelingen bieden de gemeenteraad ter kennisname de jaarrekening aan. Vaststelling gebeurt door het AB.
Beoogd effect Bestuurlijk doel van de MRDH is het versterken van de agglomeratiekracht door het vernieuwen van de economie en het verbeteren van de bereikbaarheid. Uit internationaal onderzoek (OESO) blijkt dat bij het ontbreken van samenhang in bestuur en uitvoering kansen op innovatie en economische groei onbenut blijven. Welvaart en welzijn voor alle inwoners kan door samenwerking op het 'daily urban system' verbeteren door meer als één stedelijke regio te functioneren. Naast de formele taken economisch vestigingsklimaat (EV) en vervoersautoriteit (Va) horen daar in de visie van MiddenDelfland ook de informele netwerkfunctie en de samenwerking met de provincie Zuid-Holland bij. Gezamenlijk ambitie is het realiseren van een duurzame en internationaal concurrerende metropoolregio. Een grootstedelijk gebied met een netwerk van woonkernen, werklocaties, voorzieningen en landschappen dat met infrastructuur onderling verbonden is. De ambities hiervoor zijn o.a. benoemd in de Groeiagenda Zuid-Holland en worden dit jaar geactualiseerd in de strategische agenda MRDH. De MRDH-begroting 2023 is hieraan ondersteunend.
Argumenten 1.1 Regionale samenwerking heeft meerwaarde Belangrijkste uitgangspunt bij de oprichting van de MRDH in 2014 was het beter benutten van de economische groeipotentie. Hiertoe is de gemeenschappelijke regeling (GR) door de deelnemende gemeenten belast met het versterken van het economisch vestigingsklimaat. Vanuit het Rijk is daar de taak van de Vervoersautoriteit aan toegevoegd. Dit is een wettelijke taak die door de GR wordt uitgevoerd en vanuit de brede doeluitkering verkeer (BDU) door het Rijk wordt gefinancierd. Beide taken zijn gemeentegrens overstijgend en kunnen efficiënter in nauwe samenwerking met de provincie worden uitgevoerd. Deze samenwerking krijgt inhoudelijk vorm vanuit de Groeiagenda ZuidHolland en de Strategische Agenda MRDH. De groeiagenda is een strategisch document waar overheden, bedrijven en kennisinstellingen nauw samenwerken, waarbij de inhoud wordt gebruikt als input voor het Nationaal Groeifonds en basis is voor de samenwerking bij de uitvoering van het regeerakkoord. De MRDH is bij de uitwerking van deze groeiagenda een belangrijke strategische partner. 1.2 Financiering OV en herstel na coronamaatregelen werken door Voor 2023 is de begroting verdeeld in de programma's Exploitatie ov (421,7 miljoen), infrastructuur verkeer en ov (141,7 miljoen) en economisch vestigingsklimaat (5,9 miljoen). De vrije bestedingsruimte is zeer beperkt.
Meeste bedragen liggen vast in concessies ov, onderhoud en infrastructurele projecten verkeer. De afgelopen jaren en vooralsnog doorlopend tot eind 2022 zijn de ov-bedrijven gedeeltelijk gecompenseerd en heeft de MRDH de ondersteuning op peil gehouden.
5
Vanuit de vervoersregio’s is bij het Rijk nadrukkelijk gevraagd deze ondersteuning ook in 2023 te continueren om op die wijze een ondersteunend ov-aanbod in stand te houden. Prioriteitstelling kan met de nieuwe strategische agenda wijzigen, maar is vooralsnog gebaseerd op vijf hoofddoelen. Die zijn geformuleerd vanuit het vergroten van de leefbaarheid (brede welvaart) en de ambitie de agglomeratiekracht en concurrentiepositie te vergroten (zie tabel blz. 14 conceptbegroting): 1. concurrerende economie: bereiken economische toplocaties en betrouwbaarheid reistijd belangrijkste verbinding in het bijzonder goederenvervoer; 2. kansen voor mensen: arbeidsplaatsen en voorzieningen bereikbaar vanuit woongebieden; 3. kwaliteit van plekken: gebruikswaardering stedenbaanknopen; 4. duurzame regio: uitstootreductie vervoersysteem; 5. efficiënt en rendabel: reductie beheer- en exploitatielasten ov. 1.3 Projecten Va en EV van (in)direct belang inwoners Midden-Delfland Het werkingsgebied van de MRDH is vrij omvangrijk. Daarnaast is in de praktijk niet altijd sprake van 'betonnen' grenzen. Opgaven overstijgen regelmatig deze grenzen en oplossingen worden beter bereikbaar in samenwerking met aangrenzende regio's en overkoepelend de provincie.
De abstract geformuleerde opgaven vernieuwen economie en verbeteren bereikbaarheid zijn van direct belang voor alle inwoners van onze gemeente en de regio. Wonen, werken, onderwijs en gebruik maken van voorzieningen beperkt zich niet tot de eigen directe woonomgeving, maar tot een breder daily urban system. Zonder limitatief te zijn is Midden-Delfland direct betrokken bij een aantal projecten: vanuit de innovatieprogramma's, het programma Agritech (greenport); campusontwikkeling gericht op MBO-HBO, zoals Equestrum, WHC en FIA; Gebiedsuitwerking Greenport 3.0 in Westland (ontsluiting goederenvervoer); aansluiting bovenliggend wegennet, zoals A4 en A20; realisatie 4-sporigheid Oude Lijn, gedeelte Delft-Schiedam; studie Leerstoel gebiedsontwikkeling TU Delft naar structurele financiering groenblauwe leefomgeving, mede in relatie tot ontwikkeling infrastructuur; verduurzaming vervoer, zoals nationaal fietsnetwerk; programma vrije tijdseconomie.
Kanttekeningen 2.1 Brede welvaart inclusief landschap dient te landen in strategische agenda De vijf pijlers van de groeiagenda hebben als doel het regionale verdienvermogen te vergroten en brede welvaart te realiseren. Het gaat hierbij om kennis- en innovatiesystemen, versterken waardeketens bedrijfsleven, vernieuwen energie-infrastructuur, mobiliteitstransitie en intensivering leven lang ontwikkelen. De groenblauwe leefomgeving, waaronder het BPL Midden-Delfland in het hart van de MRDH, is noodzakelijk voor het versterken van het economisch vestigingsklimaat en brede welvaart. Binnen de regio wordt verschillend gedacht over de taakverantwoordelijkheden die de MRDH heeft. De formele taken EV en Va kunnen inhoudelijk niet los gekoppeld worden van de maatschappelijke opgaven rondom verstedelijking, groenblauwe leefomgeving en klimaat, energietransitie, onderwijs en arbeidsmarkt. Binnen die thema’s vervult de MRDH al een netwerkfunctie die binnen de nieuwe strategische agenda nadrukkelijker benoemd dient te worden. Tegelijkertijd vraagt dit van de gemeenten een eigen ambtelijke inzet. In de zienswijzebrief is dit als thema opgenomen. 2.2 Regionaal agenderen met provincie blijft nodig voor financiering mobiliteit Het financieel meerjarenbeeld laat zien dat de een beperkte investeringsruimte aanwezig is.
Dit staat haaks op de ambities die in hoofdzaak zijn gebaseerd op maatschappelijke opgaven: bijvoorbeeld autonome bevolkingsgroei en groei verstedelijking, ontsluiting goederenvervoer, verduurzaming en daaraan gekoppelde ov-behoefte en realisatie fietsnetwerk. Extra, bij voorkeur structureel, financiering vanuit het Rijk blijft nodig. Hiertoe wordt gezamenlijk opgetrokken. Voor de groeiagenda
6
is vanuit het Nationaal Groeifonds een bijdrage toegezegd voor het versterken van de Oude Lijn (railverbinding Leiden-Dordrecht, waaronder Delft-Schiedam). Bij het stellen van prioriteiten is het van belang niet direct te investeren in meer asfalt, maar ondersteuning van alternatieven voor autoverkeer. Bij het versterken van de fietsverbindingen ligt momenteel de focus nog sterk op het stedelijk gebied en stationslocaties. Het gebruik van de groenblauwe leefomgeving, mede ook in relatie tot recreatieve routes, kan gebruikt worden om de fietsverbinding tussen stedelijke woonwijken en werklocaties te versterken. Dit draagt bij aan de verduurzaming van de mobiliteit, economisch vestigingsklimaat en brede welvaart voor de inwoners. Een tweede aspect dat bij het stellen van prioriteiten aandacht dient te krijgen is een kwalitatief goede inpassing van infrastructuur. Bij grote investeringsprojecten kan een meerwaarde voor de omgeving bereikt worden door het combineren van maatschappelijke opgaven door het financieren en combineren van werk met werk. In de zienswijzenbrief is hiervoor aandacht gevraagd ten aanzien van fietsverbindingen en inpassing van de viersporigheid in het BPL Midden-Delfland.
2.3 Regionale inzet Midden-Delfland is gericht op bestuurlijke opdracht landschap De beperkte ambtelijke capaciteit op de onderdelen verkeer en economie maakt het noodzakelijk om prioriteiten te stellen. De gemeente Midden-Delfland hanteert hierbij als uitgangspunt dat vanuit de meerwaarde van de samenwerking vanuit een positief-kritische ondersteuning van de regionale projecten meerwaarde ontstaat voor de regio en de gemeente. Hierbij dient wel regionale aandacht te blijven bestaan voor het specifieke verschil tussen dorpen en landschap en het grootstedelijk gebied. Bereikbaarheid en brede welvaart zijn voor alle inwoners van belang, waarbij differentiatie in oplossingen en gemeentelijke bijdragen verschillend moeten kunnen zijn. Specifiek gaat het hierbij om maatregelen om het fietsnetwerk te versterken, ontsluiting van de dorpen en inpassing van infrastructurele projecten in de groenblauwe leefomgeving. Dit laatste aspect sluit direct aan op onze bestuurlijke opdracht voor het landschap. Vanuit versterken economisch vestigingsklimaat vragen wij hiervoor altijd specifiek aandacht. Hieraan draagt Midden-Delfland ook (pro)actief aan bij. In de zienswijzebrief is hier nader op ingegaan.
Financiën De gemeentelijke bijdrage aan de MRDH bestaat uit een inwonersbijdrage voor de versterking van het economisch vestigingsklimaat. De taken van de Vervoersautoriteit worden bekostigd vanuit de Rijksbijdrage BDU-verkeer en vervoer. Overeenkomstig het provinciaal toezicht hanteert de MRDH het principe dat in een jaar een tekort op de dekking van de BDU-uitgaven mag zijn, mits dit binnen een periode van vier jaar weer een positief saldo is. De aangeboden begroting voldoet hieraan. Inwonersbijdrage economisch vestigingsklimaat De inwonerbijdrage stijgt met € 0,05 naar € 2,82 per inwoner. Deze bijdrage is gebaseerd op het aantal inwoners van Midden-Delfland per 1 januari 2022 van 19.480. Hiermee is de bijdrage 2023 aan de MRDH € 54.934,-. Ten opzichte van 2022 is dat een stijging met € 1.171,-. Om de huidige werkzaamheden te continueren stellen wij u voor in te stemmen met de indexatie van de inwonersbijdrage. In het ontwerp van de gemeentelijke begroting 2022-2025 verwerken wij deze uitgave. Afspraak voor de dekking van de kosten voor de bedrijfsvoering is dat maximaal 20% van de centrale directiefunctie ten laste van de Inwonersbijdrage EV wordt gebracht. De overige 80% komt ten laste van de BDU Va. Van de inwonersbijdrage EV mag maximaal € 1,15 worden ingezet voor personele lasten. In de conceptbegroting is dat € 1,02.
Het restant aan inkomsten wordt gebruikt voor projecten die het economisch vestigingsklimaat versterken. Uitgangspunt van de samenwerking binnen de MRDH is dat gemeenten ook inhoudelijk capaciteit beschikbaar stellen. Deze capaciteit is in het bijzonder bestemd voor de ambities voor het versterken van het Economisch vestigingsklimaat. Vanuit Midden-Delfland is de regionale inzet gericht op behoud en versterken van het landschap. Concreet zetten wij capaciteit voor de Bestuurlijke Tafel Groenblauwe Leefomgeving en een regionaal onderzoek naar de financiering van de groenblauwe leefomgeving. Andere specifieke inzet is beschikbaar voor de Vrije tijdseconomie, het Innovatieprogramma Agritech, Campusontwikkeling (in het bijzonder Equestrum, World Horti Campus en Food Inspiration Academy) en versterking infrastructuur fietsen.
7
Resultaat jaarrekening 2021 Het jaar 2021 wordt afgesloten met een voordelig saldo van baten en lasten van € 2.301.580,-. Conform de begroting is een bedrag van € 1.126.723,- van de renteopslag (marktconformiteitsopslag leningen) op de uitgeleende gelden aan de ov-bedrijven toegevoegd aan de Risicoreserve financieringen en is een bedrag van € 285.000,- onttrokken aan de Egalisatiereserve EV. Na de mutaties in de reserves bedraagt het nog te bestemmen resultaat € 1.459.857,-. Dit resultaat heeft in zijn geheel betrekking op onderbesteding in het programma EV. Op basis van dat programma wordt de concrete bestemming door de Bestuurscommissie EV op 19 mei uitgewerkt in voorstellen waarover het AB bij de vaststelling van de jaarrekening op 8 juli besluitvorming pleegt. Met deze resultaatbestemming kan worden ingestemd. Verhoging van de risicoreserve is gebaseerd op eerdere externe adviezen en besluitvorming hierover door het AB. Bedragen voor projecten EV zijn grotendeels al vastgelegd in eerder aangegane verplichtingen. Een voorbeeld hiervan is de bijdrage voor de campusontwikkeling Equestrum die mede door de coronamaatregelen vertraagd is en pas april 2022 is afgerond.
Vervolgstappen Vervolg regionaal besluitvormingsproces Op basis van de termijnen uit de Wet gemeenschappelijke regelingen dienen de 23 gemeenteraden uiterlijk 26 mei 2022 hun zienswijzen in bij het DB MRDH. Deze zienswijzen worden op 15 juni besproken met de Adviescommissies EV en Va. Op basis van die zienswijzen wordt een voorstel gemaakt voor het AB MRDH van 8 juli. De vastgestelde jaarrekening moet uiterlijk 1 augustus voor goedkeuring bij gedeputeerde staten zijn ingediend. Communicatie De begroting 2023 en de meerjarenbegroting 2024-2026 zijn gezamenlijk één van de kaders voor de regionale samenwerking op het terrein van de bereikbaarheid en economisch vestigingsklimaat. Dit richt zich vooral op bovengemeentelijke maatschappelijke opgaven op die beleidsterreinen en de uitvoering van de strategische agenda. Vanuit de gemeente is een actieve vorm van communicatie niet noodzakelijk. De gemeentelijke communicatie is wenselijk bij concrete projecten om op die manier de meerwaarde van de regionale samenwerking voor inwoners en ondernemers zichtbaar te maken. Na vaststelling van de begroting vindt vanuit de MRDH communicatie plaats.
Consequenties De begroting 2023 en meerjarenbegroting 2024-2026 zijn noodzakelijk voor de GR om de afgesproken werkzaamheden voor Va en EV uit te kunnen voeren. De programmabegroting bevat de inhoudelijke kaders daarvoor. Deze kaders vloeien voort uit regionale documenten, zoals de Groeiagenda Zuid-Holland en per raadsperiode vast te stellen strategische agenda. Bij het inhoudelijk proces voor de nieuwe strategische agenda worden gemeenteraden betrokken en kan begin 2023 een zienswijze worden ingediend.
Reactie college op commissiebehandeling
8