COMM rv Implementatie Omgevingswet.docx
Tekst van het document
Datum
22 april 2021
Nummer
2021-05-
Datum commissievergadering
11 mei 2021
Datum raadvergadering
25 mei 2021
OPLEGGER Registratienummer
2021-10929 / 21Z.001987
Onderwerp
Implementatie Omgevingswet
Portefeuillehouder
Sonja Smit
Uiterste behandeldatum (+reden)
8 april 2021
Eerdere besluitvorming Samenvatting
Voor de (minimale) implementatie van de Omgevingswet is budget benodigd. Het budget is eenmalig nodig voor de incidentele inhuur van additionele capaciteit en het ter beschikking stellen van de out of pocket middelen. Deze inzet en uitgaven zijn nodig voor met name de volgende beleidsvelden: ICT/Informatievoorziening, Ruimtelijke Ordening & Milieu, Bouw- en Woningtoezicht en Financiën. Uitgangspunt bij het ramen van de kosten is de minimale variant. Voor de benodigde incidentele capaciteit wordt voorgesteld dit uit de algemene reserve te dekken. Argumenten Op 1 januari 2022 treedt de Omgevingswet in werking, op dat moment moeten we kunnen werken volgens deze nieuwe wet. Voor de implementatie van de Omgevingswet is binnen de huidige formatie onvoldoende capaciteit. Er is geen dekking voor extra inhuur, ook niet vanuit het reguliere inhuurbudget. Uitbesteden van (onderdelen) van de implementatie is niet mogelijk. De eisen die de nieuwe Omgevingswet aan de gemeente stelt, waaronder de aansluiting op het DSO, vragen om aanpassingen op het gebied van automatisering.
Te nemen besluit
Kanttekeningen De invoeringsdatum voor de Omgevingswet van 1-1-2022 is nog niet definitief. Voor gemeenten die niet op tijd klaar zijn werkt het Rijk aan een plan B. Alleen het beschikbaar stellen van financiële middelen is geen garantie voor het tijdig in kunnen zetten van capaciteit. Het gevraagde budget is bedoeld voor dekking voor de eerste fase van de implementatie tot aan 1 januari 2022. 1. De benodigde middelen voor de implementatie van de Omgevingswet en uitvoering van het Plan van Aanpak Implementatie Omgevingswet Midden-Delfland beschikbaar te stellen. 2. Een éénmalig bedrag van € 498.540,- beschikbaar te stellen voor incidentele personele capaciteit, te dekken uit de algemene reserve.
*2021-10929*
3.
Bijlagen
Een krediet van € 52.400,- ter beschikking en open te stellen voor de benodigde investeringen voor éénmalige aanschaf software. Dit betekent jaarlijkse kapitaallasten van € 10.480,gedurende 5 jaar, die starten na realisatie in 2021 en vanaf 2022 in de meerjarenbegroting worden opgenomen. 4. De structurele software kosten van € 17.500,- vanaf 2022 op te nemen in de begroting. 5. Het krediet “Koppeling DSO Omgevingswet” open te stellen. Genoemde onder besluiten 2 t/m 4 op te nemen in de meerjarenbegroting, middels de periodieke begrotingswijziging 2. Bijlage 1: Plan van Aanpak Implementatie Omgevingswet MiddenDelfland (2021-10787)
Advies commissie
Raadsbesluit
o Akkoord / o Niet akkoord opmerking:
Arjan de Vos griffier
Arnoud Rodenburg voorzitter
2
Inleiding De Omgevingswet is aangenomen in de Eerste en de Tweede Kamer. Het kabinet heeft de Eerste Kamer tot het voorjaar de tijd gegeven om over de invoeringsdatum een definitief besluit te nemen. De wet gaat definitief in op 1 januari 2022, tenzij het parlement voor de zomer anders besluit. Vanaf 1 januari 2022 zijn gemeenten verplicht omgevingsvergunningen te verlenen conform de nieuwe Omgevingswet. Van belang is daarbij dat er duidelijke afspraken worden gemaakt over de gewenste verdeling van bevoegdheden tussen gemeenteraad en college. De benodigde acties hiervoor zijn opgenomen in bijgevoegd Plan van Aanpak. Voor het maken van de andere instrumenten (de Omgevingsvisie en het Omgevingsplan) hebben gemeenten nog tot eind 2029 de tijd. De focus van dit voorstel ligt op de werkzaamheden die minimaal nodig zijn om op de invoeringsdatum van 1 januari 2022 volgens de nieuwe wet te kunnen werken. Het bijgevoegde Plan van Aanpak voorziet in de implementatie daarvan voor onze gemeente. We volgen hiervoor de minimale actielijst van de VNG. Een van de cruciale randvoorwaarden om na 1 januari 2022 vergunningen te kunnen verlenen en ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving mogelijk houden is het tijdig aansluiten op het landelijke Digitale Stelsel Omgevingswet (DSO). Streven daarbij is om de dienstverlening aan inwoners en ondernemers op niveau te houden.
Daarom vragen we de benodigde middelen beschikbaar te stellen voor de uitvoering van het Plan van Aanpak implementatie Omgevingswet. Deze middelen worden aangewend voor de incidentele inhuur van additionele capaciteit en het ter beschikking stellen van de benodigde out of pocket middelen specifiek ten behoeve van de implementatie van de omgevingswet op het gebied van met name de volgende beleidsvelden: ICT, Ruimtelijke Ordening & Milieu, Bouw- en Woningtoezicht en Financiën, waarbij uitgangspunt de minimale variant is.
Beoogd effect De omgevingswet treedt op 1 januari 2022 in werking. Vanaf dat moment moeten we omgevingsvergunningen kunnen verlenen en werken volgens de nieuwe wet.
Argumenten 1.1 De omgevingswet is vastgesteld en treedt op 1 januari 2022 in werking. Op dat moment moeten we kunnen werken volgens de nieuwe wet. Wanneer wij als gemeente niet tijdig gereed zijn, dan is de eerste consequentie dat we per 1 januari geen omgevingsvergunningen kunnen afgeven en daarmee niet aan wettelijke taken kunnen voldoen. Dit betekent ook dat gewenste ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving, die niet passen binnen de huidige regelgeving (vastgelegd in vigerende bestemmingsplannen) op termijn niet meer kunnen worden gerealiseerd. 1.2 Voor de uitvoering van het Plan van Aanpak is binnen de huidige formatie onvoldoende capaciteit beschikbaar. Binnen de huidige formatie hebben wij reeds een capaciteitsprobleem bij de benodigde beleidsvelden ICT/IV, ROM, BWT en Financiën. 1.3 Dekking vanuit het reguliere inhuurbudget is geen oplossing. Het reguliere inhuurbudget is bedoeld voor tijdelijke knelpunten als vervanging bij ziekte en zwangerschap, bovendien is het ontoereikend. 1.4 Uitbesteden van (onderdelen van) de implementatie is binnen de huidige contracten niet mogelijk. ICT Westland ondersteunt puur op beheertaken en heeft geen contracturen beschikbaar voor implementatie van systemen en ook in het contract met de Omgevingsdienst Haaglanden (ODH) zijn hiervoor geen uren geraamd. Het aanvullend regelen daarvan kost ook geld en tijd.
Bovendien heeft dat tot gevolg dat dit ook na implementatie structureel geld blijft kosten, omdat die extra werkzaamheden ook structureel betaald moeten worden. Tot slot willen we zoveel mogelijk werk met werk maken en alleen die taken uitbesteden die niet na vertrek externe inzet leiden tot een kennislek. 3
1.5 De eisen die de nieuwe Omgevingswet aan de gemeente stelt, waaronder de aansluiting op het DSO, vragen om aanpassingen op het gebied van automatisering. Het aanschaffen, aanpassen en implementeren van software en koppelingen kost geld, voor deze out of pocket kosten is onvoldoende dekking binnen de huidige begroting.
Kanttekeningen 1.
2.
3.
De invoeringsdatum voor de Omgevingswet van 1-1-2022 is nog niet definitief. De Eerste en Tweede Kamer stellen de invoeringsdatum naar verwachting bij Koninklijk Besluit medio 2021 definitief vast. Hoewel uitstel niet is uitgesloten kunnen we het ons niet permitteren op uitsluitsel te wachten omdat er dan te weinig tijd over blijft voor de implementatie. Voor gemeenten die niet op tijd klaar zijn werkt het Rijk aan een plan B. Op basis van de periodieke monitor bepaalt het Rijk of alternatieve ondersteuning nodig is voor gemeenten die niet tijdig aan de digitale vereisten kunnen voldoen. Hoe dit plan B er uit gaat zien en wat daarvan de gevolgen zijn is op dit moment nog niet in te schatten. Bovendien betreft het een tijdelijke oplossing voor stappen die toch gezet moeten worden. Hierop wachten is, mede vanwege eventuele imagoschade en mogelijke gevolgen voor de dienstverlening, niet aan te raden. Alleen het beschikbaar stellen van financiële middelen is geen garantie voor het tijdig in kunnen zetten van capaciteit. Door de krapte op de markt is het lastig op korte termijn de benodigde (tijdelijke) medewerkers te vinden. Om de beoogde medewerkers voor deze taken in te zetten is daarom op korte termijn budget nodig.
Financiën Het Plan van Aanpak brengt in kaart hoe de Omgevingswet voor Midden Delfland te implementeren is met als uitgangspunt dat we het minimaal noodzakelijk uitvoeren. Daarin is ook in beeld gebracht hoeveel personele inzet nodig is. Deze capaciteit is momenteel binnen de bestaande formatie niet beschikbaar. Voor de benodigde extra capaciteit is aanvullend budget nodig. Bij de berekening daarvan gaan we uit van een gemiddeld uurtarief van € 105,- voor externe en interne uren. Met de komst van de Omgevingswet zijn drie soorten kosten te onderscheiden: 1. De kosten van de implementatie tot 2022 (Transitie); 2. De kosten van implementatie en de doorontwikkeling ná 2022 (Transitie en Transformatie); 3. De exploitatiekosten vanaf 2022. Op dit moment zijn de kosten voor punt 1, de implementatie, in beeld gebracht. Hiervoor zijn nu middelen nodig. Het in beeld brengen en beschikbaar stellen van de kosten voor punten 2 en 3 is onderdeel van het implementatietraject. Hiervoor is vanaf 2023 budget opgenomen in de begroting, eind 2021 weten we of dit budget toereikend is. Kosten implementatie tot 2022 (transitie) Voor de projectleiding ten behoeve van de implementatie van de omgevingswet is voor 2021 en 2022 reeds € 130.000 per jaar opgenomen in de begroting. Er is een beschikbaar krediet voor de koppelingen van (nieuwe) software € 33.500.
Voor de overige implementatiekosten is nog geen dekking, het gaat daarbij om extra capaciteit en aanschaf/aanpassing van software. Voor de implementatie (2021 en mogelijk start 2022) is aan capaciteit benodigd: Projectsturing: 1208 uur Inhoud en instrumenten: 1620 uur Werken volgens de Omgevingswet: 818 uur Strategie en financiën: 720 uur Informatievoorziening: 1620 uur Totaal benodigd: 5986 uur Reeds toegekend en gedekt (projectleiding): 1238 uur Totaal ongedekt: 4748 uur Benodigd budget: 4748 uur à € 105,- = € 498.540,4
Het Plan van Aanpak Implementatie Omgevingswet geeft inzicht in de werkzaamheden die met deze uren door de verschillende afdelingen verricht kunnen worden. Voor de implementatie is aan out of pocket kosten voor software éénmalig € 85.900,- nodig en structureel (extra) € 17.500,- nodig. Als volgt gespecificeerd: VTH software Roxit1 eenmalig: € 40.000,structureel (extra): € 5.000,Plansoftware eenmalig: € 25.000,structureel (extra): € 0 Software toepasbare regels eenmalig: € 12.500,structureel (extra): € 12.500,Inzet leveranciers t.b.v. koppelingen eenmalig: € 8.400,structureel (extra): € 0 De totale out of pocket kosten voor software bedragen daarmee 103.400,1.
2. 3.
Dekking voor de éénmalige software kosten van € 85.900 wordt deels gevonden in het beschikbare krediet “Koppeling DSO Omgevingswet” en “Informatiebeleidsplan” voor totaal € 33.500. Wij vragen u aanvullend investeringskrediet ter beschikking te stellen voor de benodigde restantsom van € 52.400,-. De jaarlijkse kapitaallasten bedragen € 10.480 voor een periode van 5 jaar. Deze gaan in na realisatie in 2021 en worden vanaf 2022 in de meerjarenbegroting opgenomen middels de 2e periodieke begrotingswijziging. Tevens opname in de 2e periodieke begrotingswijziging, van de structurele software kosten van € 17.500 ingaande per 2022. Voor het benodigde budget voor capaciteit van € 498.540,- wordt dekking gevraagd vanuit de algemene reserve.
Kosten van implementatie en de doorontwikkeling ná 2022 en exploitatiekosten vanaf 2022 De Omgevingswet heeft ook gevolgen voor de structurele (exploitatie) kosten van de gemeente. Of er sprake zal zijn van een verhoging van de kosten of van een besparing zal mede afhangen van de keuzes die een gemeente maakt. Onderdeel van de implementatie en het plan van aanpak is daarom ook dat we de volgende kosten in beeld brengen: a. De kosten van implementatie en de doorontwikkeling ná 2022. b. De exploitatiekosten vanaf 2022. Deze zijn naar verwachting in oktober 2021 inzichtelijk en worden dan voorgelegd aan het college en de raad.
Communicatie De raadswerkgroep Omgevingsvisie en Omgevingsplan heeft in het Plan van Aanpak een rol als klankbordgroep gekregen. Deze raadswerkgroep wordt op 22 april 2021 geïnformeerd over het Plan van Aanpak en dit voorstel. Tijdens de uitvoering van het Plan van Aanpak wordt de raad periodiek geïnformeerd over de voortgang.
Vervolgstappen Nadat de benodigde middelen zijn vrijgegeven door de gemeenteraad wordt het budget ingezet voor de inhuur van capaciteit zodat interne medewerkers ruimte krijgen om de implementatie van de Omgevingswet op te pakken. Tevens worden afspraken vastgelegd met de softwareleveranciers.
Reactie college op commissiebehandeling
1 Nieuwe versie/nieuw pakket van huidige leverancier. Structurele kosten zijn opgenomen in meerjarenbegroting,
er zijn echter aanvullende structurele kosten voor nieuw te realiseren koppelingen.
5