CConstaterende datMidden-Delfland
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 9a - BEA Kasteellaan 30 Schipluiden 20250908

Gemeenteraad 16 december 2025, gemeente Midden-DelflandBij agendapunt: De Kroon: Ontwikkelvisie, strategisch plan van aanpak en ruimtelijk kader.7.084 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bomen Effect Analyse Kasteellaan 30 te Schipluiden

Martijn van der Spoel 8 september 2025

Colofon Titel van het rapport Bomen Effect Analyse Kasteellaan 30

Projectnummer AC-25-1299

Opdrachtgever Gemeente Midden Delfland T.a.v. de heer F. van Es Postbus 1 2636 ZG Schipluiden

Opdrachtnemer Arbor Consultancy BV Vroenhoutseweg 26 4703 SJ ROOSENDAAL

Adviseur Jeroen van Osselaer Junior consultant Boom en Bodem E: jeroen@arborconsultancy.nl T: 06-55280983

Kwaliteitscontrole Martijn van der Spoel European Tree Technician E: martijn@arborconsultancy.nl T: 06-22 692 485 Pagina 2 van 37

Inhoudsopgave 1.

Inleiding ........................................................................................................ 5

2.

Methode van onderzoek ................................................................................. 6

3.

Locatie .......................................................................................................... 7 3.1 Locatie........................................................................................................................ 7 3.2 Geplande werkzaamheden ....................................................................................... 8

4.

Resultaten ..................................................................................................... 9 4.1 Visuele controle ......................................................................................................... 9 4.2 Vakken ...................................................................................................................... 11 4.3 Bodem- en bewortelingsonderzoek ....................................................................... 12

5.

Conclusie......................................................................................................13 5.1 Conditie, kwaliteit en toekomstverwachting ......................................................... 13 5.2 Bodem en beworteling ............................................................................................ 13 5.3 Knelpunten analyse ................................................................................................. 13

6.

Advies ..........................................................................................................15 6.1 Niet inpasbare bomen ............................................................................................. 15 6.1.1 Boomnummer 19 ............................................................................................. 15 6.1.2 Boomnummer 25 ............................................................................................. 15 6.1.3 Boomnummer 38 ............................................................................................. 15 6.2 Handhaven bomen/vakken..................................................................................... 15 6.2.1 Boomnummers 1 t/m 19, 26, 28 t/m 46 ........................................................ 15 6.2.2 Boomnummers 4, 5, 6, 11, 14, 19, , 29, 30, 31 en 38....................................... 16 6.2.3 Boomnummer 29, 30, 33, 35 en 37 .................................................................. 16 6.2.4 Vak 1, 2 en 3...................................................................................................... 16 6.3 Onder voorwaarden/kanttekening te handhaven bomen/vakken ....................... 16 6.3.1 Boomnummer 21 .............................................................................................

16 6.3.2 Boomnummer 22 ............................................................................................. 17 6.3.3 Boomnummer 27 ............................................................................................. 17 6.3.4 Boomnummer 28 ............................................................................................. 17 6.3.5 Vak 4 en 5 ......................................................................................................... 18 6.5 Benaderbaarheid bomen ........................................................................................ 19 6.6 Opnemen verhardingen en herstraten ................................................................... 20 6.7 Omgang wortels ...................................................................................................... 20 6.9 Toezicht houden ...................................................................................................... 20

Pagina 3 van 37

Bijlagen: Bijlage 1: locatie met boomnummering .................................................................22 Bijlage 2: ontwerptekening ..................................................................................23 Bijlage 3: gegevens boomcontrole ........................................................................24 Bijlage 4: foto’s bodemprofielen ...........................................................................27 Bijlage 5: foto’s proefsleuven ...............................................................................28 Bijlage 6: boombeschermende maatregelen ..........................................................32 6.1 Aandachtspunten vóór de werkzaamheden .......................................................... 32 6.1.1 Snoeien ............................................................................................................ 32 6.1.2 Boombeschermende maatregelen in bestek ................................................. 32 6.1.3 Schouwen bomen ............................................................................................ 32 6.1.4 Instructie personeel......................................................................................... 33 6.1.5 Kabels en leidingen .........................................................................................

33 6.2 Aandachtpunten tijdens de werkzaamheden ........................................................ 33 6.2.1 Beschermd boomgebied ................................................................................. 33 6.2.2 Inzet boomtechnisch toezichthouder............................................................ 34 6.2.3 Ophangen poster ............................................................................................ 34 6.2.4 Ophogen of afgraven ...................................................................................... 34 6.3 Aandachtspunten na de werkzaamheden.............................................................. 35 6.3.1 Snoeien ............................................................................................................ 35 6.3.2 Verdichting opheffen ...................................................................................... 35 6.3.3 Dood hout verwijderen ................................................................................... 35 6.3.4 Schades beoordelen ....................................................................................... 35 Bijlage 7: methode van onderzoek ........................................................................36 7.1 Visuele boomcontrole .............................................................................................

36 7.2 Toekomstverwachting ............................................................................................ 36 7.3 Groeiplaatsonderzoek ............................................................................................. 36 7.4 Boom en werkzaamheden ...................................................................................... 37

Pagina 4 van 37

1. Inleiding In opdracht van gemeente Midden-Delfland is een Bomen Effect Analyse uitgevoerd bij de bomen en grotere heesters op het perceel Kasteellaan 30 te Schipluiden De gemeente Midden-Delfland is voornemens het perceel te reconstrueren. Hierbij zal de huidige bebouwing worden gesloopt, waarna nieuwbouw zal worden gerealiseerd. De planvorming bevindt zich in een verkennend stadium. Op het perceel staan diverse bomen en heesters. Doel van het onderzoek is de opdrachtgever te informeren over de vitaliteit, kwaliteit en handhaafbaarheid van de bomen, alsmede de gevolgen van de geplande werkzaamheden en daarnaast de benaderbaarheid van de bomen. Het onderzoek is uitgevoerd op 2 september 2025 door M.L. van der spoel, Consulent Boom en Bodem en J.F.S van Osselaer, Junior boomtechnisch adviseur. Beiden zijn werkzaam bij Arbor Consultancy BV.

Pagina 5 van 37

2. Methode van onderzoek Een uitgebreide beschrijving van de toegepaste onderzoeksmethodiek en een uitleg over de gebruikte parameters is opgenomen in bijlage 7. Onderstaand is een beknopte toelichting gegeven over de methode van onderzoek. Allereerst zijn de bomen visueel beoordeeld op conditie en mechanische kwaliteit. Wanneer een boom in een goede conditie verkeert, zal deze beter bestand zijn tegen eventuele schades of andere nadelige gevolgen van de werkzaamheden. Om te beoordelen of de boom schade gaat ondervinden van de voorgenomen plannen, is de boom bovengronds onderzocht conform de VTA-methodiek. Aanvullend is door middel van bodem- en wortelonderzoek de groeiplaats onderzocht om de beworteling, samenstelling van de bodem en de grondwaterstand in kaart te brengen. De bovenstaande aspecten vormen de basis voor de beoordeling of en wanneer de voorgenomen werkzaamheden negatieve effecten hebben op de kwaliteit voor de boom.

Pagina 6 van 37

3. Locatie 3.1 Locatie De onderzoekslocatie betreft de Kasteellaan 30 te Schipluiden De projectlocatie is weergegeven op de onderstaande tekening (blauw omkadert) en in bijlage 1.

Afbeelding 1: het projectgebied (blauw omkadert)

Pagina 7 van 37

3.2 Geplande werkzaamheden De Gemeente Midden-Delfland is voornemens het bestaande pand te slopen en hier nieuwbouw te realiseren. De planvorming bevindt zich in een orienterend stadium. De BEA is uitgevoerd aan de hand van onderstaande, aan ons beschikbaar gestelde, ontwerptekening . Een grotere weergave is bijgevoegd in bijlage 2.

Afbeelding 2: ontwerptekening

Pagina 8 van 37

4. Resultaten 4.1 Visuele controle Ten behoeve van het onderzoek zijn de bomen visueel beoordeeld op conditie, mechanische kwaliteit en toekomstverwachting. Het betreft hier een opname van de huidige conditie, kwaliteit en toekomstverwachting, zonder de effecten van de werkzaamheden hierin mee te wegen. Om een goede afweging te kunnen maken is het immers van belang de kwaliteit en toekomstverwachting van de bomen te kennen. Hieronder zijn de belangrijkste resultaten weergegeven. Een volledig overzicht van de visuele controle is opgenomen in bijlage 3. Binnen het project staan 45 bomen van diverse boomsoorten: Conditie: • 23 bomen verkeren in een goede conditie; • 15 bomen verkeren in een redelijke conditie; • 6 bomen verkeren in een matige conditie (boomnr. 8, 13, 19, 22, 27 en 30); • 1 boom is dood (boomnr. 38). Mechanische kwaliteit: • 28 bomen hebben een goede mechanische kwaliteit; • 16 bomen hebben een redelijke mechanische kwaliteit. Toekomstverwachting op basis van gelijkblijvende omstandigheden: • 36 bomen hebben een goede toekomstverwachting, wat inhoudt dat uitval van de bomen binnen 15 jaar niet wordt verwacht; • 7 bomen hebben een redelijke toekomstverwachting, wat inhoudt dat uitval van de boom binnen 10 jaar niet wordt verwacht (boomnr.

8, 13, 22, 23, 27, 29 en 30; • 1 boom heeft een matige toekomstverwachting, wat inhoudt dat uitval van de boom binnen 5 jaar niet wordt verwacht (boomnr. 19); • 1 boom is dood en heeft geen toekomst (boomnr. 38). Bijzonderheden: • 11 bomen (boomnr. : 4, 5, 6, 11, 14, 19, 22, 22, 29, 30 en 31 ) hebben dood hout in de kroon, dit kan bij breuk leiden tot (letsel)schade; • 7 bomen (boomnr. : 1, 9, 21, 22, 33, 35 en 37) hebben laaghangende takken in het loop- of rijprofiel. • 4 bomen (boomnummers : 7, 31, 36 en 45) hebben een plakoksel in de kroon, waarbij deze bij twee bomen nog verwijderd kan worden (boomnr. 7 en 31 ) • 1 boom is dood (boomnr. 38 ) • 1 boom (boomnr. 3 ) hangt scheef richting voetpad.

Pagina 9 van 37

Foto 1: boomnummer 3

Foto 2: boomnummer 21 en 22

Pagina 10 van 37

Foto 3: boomnummer 36

4.2 Vakken Binnen het perceel zijn 5 vakken ingemeten. Het betreft bosschages/heestervakken en twee hagen. Deze vakken zijn roze/rood aangegeven op de tekening (zie bijlage 1) en voorzien van een nummering (blauw op de tekening). Onderstaand zijn de opgenomen parameters van de vakken weergegeven. Tabel 1: vakken

Nr. Type Oppervlakte Hoofdboomsoort Mengsoort_1 Mengsoort_2 Beheer Onderbegroeiing

Opmerking

1 2 3 4 5 Bosplantsoen Haag Haag Bosplantsoen Bosplantsoen 23 m2 2 m2 31 m2 127 m2 62 m2 Corylus Carpinus Chamaecyparis Cornus mas Cornus mas avellana betulus Taxus baccata Corylus avellana Ilex aquifolium Magnolia soulangeana Randensnoei intensief intensief Snoei Snoei beheer beheer Eleagnus Viburnum ebbingei, opulus, Sambucus nigra, Viburnum Cotoneaster rhytidophyllum, Sambucus nigra. Bosschage Haag Haag van 5 m Bosschage is Bosschage is van 2,5 hoog circa 5 meter circa 6 meter m hoog hoog. hoog.

Foto 4: vaknr. 2 (Carpinushaag)

Pagina 11 van 37

Foto 5: vaknr. 3 (Leylandiihaag)

4.3 Bodem- en bewortelingsonderzoek Bij de bomen zijn steekproefsgewijs proefsleuven gegraven en grondboringen verricht. De proefsleuven zijn gegraven om inzicht te verkrijgen in de bodemopbouw, wortelintensiteit en diameter van wortels op de rand van de werkgrens. De boom- en sleufnummering is weergegeven in bijlage 1. De foto’s van de proefsleuven en boringen zijn bijgevoegd in bijlage 4 & 5. Tabel 2: bodemopbouw en beworteling

Sleuf

Beschrijving bodem

Beschrijving beworteling

1

Boom -nr. 21

0 0-25 >25

Graszode Zanderige klei lichte klei

2

22

0 0-40

Graszode Zanderige klei Humus arm zand

In de bovenste 60 cm van de bodem is de beworteling matig Intensief met wortels tot 2 cm in diameter. Vanaf 60 cm wordt de beworteling extensief. De beworteling is aangetroffen tot 110 cm diepte. In de bovenste 60 cm van de bodem is de beworteling matig extensief met wortels tot 10 cm in diameter. Vanaf 60 cm wordt de beworteling extensief. De beworteling is aangetroffen tot 110 cm diepte. In de bovenste 35 cm van de bodem is de beworteling matig extensief met wortels tot 3 cm in diameter. Vanaf 35 cm diepte is de beworteling extensief. De beworteling is aangetroffen tot 110 cm diepte. In de bovenste 40 cm van de bodem is de beworteling matig extensief met wortels tot 8 cm in diameter. Vanaf 40 cm diepte is de beworteling extensief.

>40 3

27

0 0-35

Graszode Zanderige klei lichte klei

>35 4

25

0 0-40 >40

Pagina 12 van 37

Graszode zanderige klei lichte klei

5. Conclusie 5.1 Conditie, kwaliteit en toekomstverwachting Geconcludeerd kan worden dat de bomen overwegend in een redelijke (15 stuks) tot goede (23 stuks) conditie verkeren, een redelijke (16 stuks) tot goede (28 stuks) mechanische kwaliteit hebben en hierdoor een redelijke (7 stuks) tot goede (36 stuks) toekomstverwachting hebben. Uitzondering hierop vormen boomnummers 3, 5, 8, 9 en 14. • Boomnummer 19 verkeert in een matige conditie en heeft een matige toekomstverwachting. Dit houdt in dat uitval niet wordt verwacht binnen 5 jaar; • Boomnummers 8, 13, 22, 27 en 30 verkeren in een matig conditie en hebben een redelijke toekomstverwachting. Dit houdt in dat uitval niet wordt verwacht binnen 10 jaar. • Boomnummer 38 is dood en heeft derhalve geen toekomst.

5.2 Bodem en beworteling De aanwezige bodem is van voldoende kwaliteit en kwantiteit voor een duurzame groei van de bomen. De bomen staan in ruime gazons en plantvakken. De bodem bestaat in de bovenste 30 cm uit een relatief rijke toplaag van zanderige klei wat overgaat in lichte klei. De aangetroffen beworteling is overwegend extensief, vrij oppervlakkig en reikt tot circa 110 cm diepte.

5.3 Knelpunten analyse Op basis van het bodem- en bewortelingsonderzoek zijn enkele (potentiële) knelpunten naar voren gekomen. Onderstaand zijn deze knelpunten beschreven. Tabel 3: knelpunten

Boomnr. 20, 23 en 24

Knelpunt Slopen/bouwen binnen kroonprojectie

21

Slopen/bouwen binnen kroonprojectie

22

Slopen/bouwen binnen kroonprojectie

Pagina 13 van 37

Gevolg Kans op kroonschade. Beperking toekomstige ontwikkeling boom. Kans op kroonschade. Beperking toekomstige ontwikkeling boom. Kans op kroonschade. Beperking toekomstige ontwikkeling boom.

Vervolg tabel 3: knelpunten

Boomnr. 25 27 Vak 4 en 5 Alle bomen

Knelpunt Slopen/bouwen binnen kroonprojectie Slopen/bouwen binnen kroonprojectie Bouwen nabij/binnen kroonprojectie Werken rondom bomen

Pagina 14 van 37

Gevolg Kans op kroonschade en wortelschade Beperking toekomstige ontwikkeling boom. Kans op kroonschade en wortelschade Beperking toekomstige ontwikkeling boom. Kans op schade aan bovengrondse delen. Kans op schade aan onder- en bovengrondse boomdelen

6. Advies 6.1 Niet inpasbare bomen 6.1.1 Boomnummer 19 Deze boom heeft een matige conditie en een matige toekomstverwachting. Overwogen kan worden deze boom te verwijderen en in een later stadium te compenseren binnen het nieuwbouwplan.

6.1.2 Boomnummer 25 In de huidige planvorming komt het nieuwe te bouwen appartementen complex binnen (circa 1,5 m) de huidige kroonprojectie. Voor het realiseren van het complex zal de kroon voor bijna 40% moeten worden verwijderd voor het plaatsen van een steiger ten behoeve van de nieuwbouw. Tevens zal enige wortelschade ontstaan aan wortels tot circa 8 cm dikte. Op basis van de huidige planvorming kan de boom niet duurzaam behouden blijven.

6.1.3 Boomnummer 38 Boomnummer 38 is dood. Het advies is de boom binnen 6 maanden te vellen.

6.2 Handhaven bomen/vakken Het advies is onderstaande bomen te handhaven en te verzorgen met een snoeibeurt. Hierbij moet de nadruk liggen op het wegnemen van laaghangende takken (welke beschadigd kunnen raken tijdens de werkzaamheden) en het verwijderen van het eventueel aanwezige dode hout om (letsel)schade te voorkomen. Tevens wordt geadviseerd de bomen te beschermen tijdens de verschillende fasen van de werkzaamheden. Hoe de bomen beschermd kunnen worden, staat omschreven in dit hoofdstuk en in bijlage 6. Tevens wordt geadviseerd om bij het graven rondom deze bomen, een hiertoe bevoegd toezichthouder aan te stellen (zie paragraaf 6.9).

6.2.1 Boomnummers 1 t/m 19, 26, 28 t/m 46 Volgens de huidige planvorming zal er niks veranderen in nabije omgeving van deze bomen. De bomen kunnen worden behouden binnen de planvorming, mits de adviezen uit dit hoofdstuk en bijlage 6 worden nageleefd. Pagina 15 van 37

6.2.2 Boomnummers 4, 5, 6, 11, 14, 19, , 29, 30, 31 en 38 Deze bomen hebben dood hout in de kroon, dit kan bij breuk leiden tot (letsel)schade. Het advies is het dode hout binnen 6 maanden te verwijderen.

6.2.3 Boomnummer 29, 30, 33, 35 en 37 Deze bomen hebben laaghangende takken binnen het rij- en/of loopprofiel. Deze kunnen beschadigd raken tijdens werkzaamheden rond de bomen en geven hinder. Het advies is deze bomen te voorzien van een snoeibeurt, waarbij de nadruk licht op het verwijderen en/of innemen van deze takken. .

6.2.4 Vak 1, 2 en 3 Het betreft twee hagen (vak 2 en 3) en opslag van hazelaar (vak 1). Binnen de planvorming worden deze elementen niet dicht genaderd, waardoor deze handhaafbaar zijn.

6.3 Onder voorwaarden/kanttekening te handhaven bomen/vakken 6.3.1 Boomnummer 21 De boom hangt deels over het dag van de huidige bebouwing. Bij de sloop kan hierdoor eenvoudig schade aan de kroon ontstaan. In de huidige planvorming komt het nieuw te bouwen appartementen complex op de rand van de huidige kroonprojectie. In verband met werkruimte en plaatsing steiger, zal de boom naar verwachting met 2 meter moeten worden ingenomen. De boom zal hier relatief weinig hinder van ondervinden. Echter zal de kroon dichter worden door deze snoeiactie. Indien zich aan deze zijde raampartijen bevinden, zal hier slechts beperkt lichtintreding plaatsvinden in het vegetatieve seizoen. Hier moet rekening mee worden gehouden in de ontwikkeling. Tevens zal het kroonvolume van de boom toe blijven nemen, waardoor de boom vaker gesnoeid zal moeten worden aan deze zijde om de gevel vrij te houden van takken.

Pagina 16 van 37

6.3.2 Boomnummer 22 De boom hangt deels over het dag van de huidige bebouwing. Bij de sloop kan hierdoor eenvoudig schade aan de kroon ontstaan. In de huidige planvorming komt het nieuw te bouwen appartementen complex op de rand van de huidige kroonprojectie. In verband met werkruimte en plaatsing steiger, zal de boom naar verwachting met 2 meter moeten worden ingenomen. De boom zal hier relatief weinig hinder van ondervinden. Echter zal de kroon dichter worden door deze snoeiactie. Indien zich aan deze zijde raampartijen bevinden, zal hier slechts beperkt lichtintreding plaatsvinden in het vegetatieve seizoen. Hier moet rekening mee worden gehouden in de ontwikkeling. Tevens zal het kroonvolume van de boom toe blijven nemen, waardoor de boom vaker gesnoeid zal moeten worden aan deze zijde om de gevel vrij te houden van takken. De boom heeft dood hout in de kroon. Bij uitbreken kan dit leiden tot letselschade. Het advies is het dode hout te verwijderen binnen 6 maanden.

6.3.3 Boomnummer 27 In de huidige planvorming komt het nieuw te bouwen appartementen complex net (1 m) binnen de huidige kroonprojectie. In verband met werkruimte en plaatsing steiger, zal de boom naar verwachting met 2 meter moeten worden ingenomen. De boom zal hier relatief weinig hinder van ondervinden, al zal de snoei naar schatting circa 20% van het kroonvolume bedragen. Echter zal de kroon dichter worden door deze snoeiactie. Indien zich aan deze zijde raampartijen bevinden, zal hier slechts beperkt lichtintreding plaatsvinden in het vegetatieve seizoen. Hier moet rekening mee worden gehouden in de ontwikkeling. Tevens zal het kroonvolume van de boom toe blijven nemen, waardoor de boom vaker gesnoeid zal moeten worden aan deze zijde om de gevel vrij te houden van takken. De boom heeft dood hout in de kroon. Bij uitbreken kan dit leiden tot letselschade. Het advies is het dode hout te verwijderen binnen 6 maanden.

6.3.4 Boomnummer 28 In de huidige planvorming komt het nieuw te bouwen appartementen complex net binnen de huidige kroonprojectie. In de huidige planvorming komt het nieuw te bouwen appartementen complex op de rand van de huidige kroonprojectie. In verband met werkruimte en plaatsing steiger, zal de boom naar verwachting met 2 meter moeten worden ingenomen.

Pagina 17 van 37

De boom zal hier relatief weinig hinder van ondervinden. Echter zal de kroon dichter worden door deze snoeiactie. Indien zich aan deze zijde raampartijen bevinden, zal hier slechts beperkt lichtintreding plaatsvinden in het vegetatieve seizoen. Hier moet rekening mee worden gehouden in de ontwikkeling. Tevens zal het kroonvolume van de boom toe blijven nemen, waardoor de boom vaker gesnoeid zal moeten worden aan deze zijde om de gevel vrij te houden van takken. De boom heeft dood hout in de kroon. Bij uitbreken kan dit leiden tot letselschade. Het advies is het dode hout te verwijderen binnen 6 maanden.

6.3.5 Vak 4 en 5 Deze vakken staan aan de zuidzijde van het perceel. Vak 4 heeft een breedte van circa 5 m. De nieuwbouw is gepland op 4 m. Inclusief de verwachte werkruimte van 2 m (o.a. voor steiger), zal drie meter van de bosschade verwijderd moeten worden. Hierdoor kan een strook van 2 m aan de waterzijde behouden blijven. Binnen het te behouden deel zal enige snoei/dunning/afzetten nodig zijn. Vak 5 heeft een breedte van circa 6 m. De nieuwbouw is gepland op 4 m. Inclusief de verwachte werkruimte van 2 m (o.a. voor steiger), zal vier meter van de bosschade verwijderd moeten worden. Hierdoor kan een strook van 2 m aan de waterzijde behouden blijven. Binnen het te behouden deel zal enige snoei/dunning/afzetten nodig zijn.

6.4 Potentieel verplantbare bomen Aan de hand van onder andere de boomsoort, conditie, toekomstverwachting, grootte en standplaats wordt een indicatie gegeven van potentiële verplantbaarheid. Indien besloten wordt de bomen daadwerkelijk te verplanten, wordt aangeraden een aanvullend verplantbaarheidsonderzoek uit te laten voeren. Onderstaande bomen kunnen potentieel verplant worden: Boomnummers.2, 7, 11, 21, 24, 28, 31, 32, 34, 35, 36, 37, 39, 40, 41, 42, 43, 44 en 45 Deze bomen zijn in redelijke conditie en hebben een redelijke tot goede toekomstverwachting, wat wil zeggen dat uitval binnen 15 jaar niet wordt verwacht. Wel moet hier ruimte zijn in de planvorming om de bomen te verplanten naar hun definitieve locatie. Deze soorten beschikken over een redelijk regeneratief vermogen. Hierdoor herstellen deze over het algemeen relatief snel na verplanten.

Pagina 18 van 37

6.5 Benaderbaarheid bomen De benaderbaarheid is gestaafd aan de hand van de proefsleuven en grondboringen. Het kan echter voorkomen dat zich bij een enkele boom een dikkere wortel bevindt. De boomtechnisch toezichthouder kan bepalen of de wortels verwijderd kunnen worden of behouden moeten blijven. (zie ook paragraaf 6.7 en 6.9). De onderstaande, ondergrondse benaderbaarheid geldt vanuit midden stamvoet en wanneer tot de gehele doorwortelde diepte wordt ontgraven. Wanneer minder diep wordt ontgraven, kan plaatselijk mogelijk dichter bij de betreffende boom worden gewerkt. In het veld moet per boom worden bepaald of men dichter naar de boom toe kan werken. Zie ook paragraaf 6.7 voor de omgang met boomwortels. De bovengrondse benaderbaarheid betreft de straal van de kroon +1,5 m en geldt wanneer met materieel gewerkt wordt welke tot binnen de hoogte van de kroon reikt. Tabel 3: benaderbaarheid

Nr. 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 16 17 18 19 20 21 22 23 24

Benaderbaarheid bovengronds 5,5 m 2,5 m 6,5 m 5m 4m 5m 3m 4,5 m 3,5 m 4m 4,5 m 4m 3m 5m 4m 4m 4m 3,5 m 5m 7,5 m 7m 3m 2,5 m

Pagina 19 van 37

Benaderbaarheid ondergronds >1,5 m >1,25 m >1,5 m >1,5 m >1,5 m >1,5 m >1,25 m >1,25 m >1,25 m >1,25 m >1,5 m >1,25 m >1,25 m >1,5 m >1,25 m >1,25 m >1,25 m >1,25 m >1,25 m > 1,75 m > 1,75 m >1,25 m

Nr. 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46

Benaderbaarheid bovengronds 6m 5m 6m 4,5 m 6m 6,5 m 4,5 m 3,5 m 2,5 m 3m 4m 4,5 m 4,5 m 3,5 m 4m 4m 3,5 m 3m 3m 4m 4,5 m 3,5 m

Benaderbaarheid ondergronds >3 m > 2,5 m > 1,75 m >1,25 m > 1,75 m > 1,75 m >1,5 m >1,25 m >1,25 m >1,25 m >1,25 m >1,5 m >1,25 m >1,25 m >1,25 m >1,25 m >1,25 m >1,25 m >1,25 m >1,25 m >1,5 m >1,25 m

6.6 Opnemen verhardingen en herstraten Om wortelschade te voorkomen, moet het oprooien van de verhardingen rondom de bomen (met name op locaties waar opdruk zichtbaar is), zo veel als mogelijk handmatig worden uitgevoerd. Daar waar oppervlakkig groeiende wortels moeten worden verwijderd, kan de boomtechnisch toezichthouder hierin adviseren.

6.7 Omgang wortels Om wortelschade te voorkomen, wordt geadviseerd de wortels te behandelen alsof het kabels en leidingen betreffen. Dit houdt in dat bij het graven altijd wordt voorgestoken. De aangetroffen wortels worden met een snoeischaar/snoeitang afgeknipt. Wortels dikker dan 5 cm worden met een scherpe zaag, haaks op de groeirichting afgezaagd. Hierdoor blijft het wondoppervlak zo klein mogelijk en wordt de kans op inrotting en/of de vorming van wortelopschot zo veel als mogelijk beperkt.

6.8 Ophogen Een beperkte ophoging welke beperkt blijft tot circa 10 tot 20 cm zal voor de bomen nauwelijks gevolgen hebben, mits graszoden en vers organisch materiaal voorafgaand aan de ophoging wordt verwijderd. Indien meer opgehoogd wordt, wordt geadviseerd beluchtingsbuizen te plaatsen om zo de wortels van voldoende zuurstof te blijven voorzien. Geadviseerd wordt de stamvoet (bast/schors) zo veel als mogelijk vrij te houden van ophoging.

6.9 Toezicht houden Het is van groot belang dat de werkzaamheden rondom de boom worden begeleid door een deskundige. Hiervoor kan een boomtechnisch toezichthouder worden ingezet. Dit is een persoon met aantoonbare boomtechnische kennis (niveau European Tree Technician), die ingezet kan worden om werkzaamheden rondom de boom te begeleiden en te controleren. Deze toezichthouder moet sturend optreden en controleert op het naleven van de hier beschreven voorschriften om eventuele problemen tijdig te signaleren en (ondergrondse of bovengrondse) schade aan de boom te voorkomen. Daarnaast kan de toezichthouder zorgen voor vaktechnische input en beoordelen, bij knelpunten, welke wortels wel of niet verwijderd kunnen worden. Door zelf, indien nodig, deze wortels deskundig af te zetten, wordt onnodige schade aan wortels voorkomen, wat een goede hergroei na afronding van de werkzaamheden bevorderd.

Pagina 20 van 37

Nadrukkelijk wordt gesteld dat de bevoegdheid van de boomtechnisch toezichthouder in het bestek van de civiele aannemer moet worden vastgelegd. Tot de bevoegdheden kunnen horen: het stil leggen van het werk en instructie aan personeel geven.

Pagina 21 van 37

Bijlage 1: locatie met boomnummering

Pagina 22 van 37

Bijlage 2: ontwerptekening

Pagina 23 van 37

Bijlage 3: gegevens boomcontrole Nr. Boomsoort 1 Fraxinus excelsior 2 Crataegus x persimilis 3 Crataegus x persimilis 4 Pyrus calleryana 'Chanticleer' 5 Pyrus calleryana 'Chanticleer' 6 Pyrus calleryana 'Chanticleer' 7 Prunus cerasifera 8 Sorbus intermedia 9 Prunus cerasifera 10 Prunus cerasifera 11 Pyrus calleryana 'Chanticleer' 12 Fraxinus angustifolia 'Raywood' 13 Fraxinus angustifolia 'Raywood' 14 Pyrus calleryana 'Chanticleer'

Pagina 24 van 37

Standplaats Bomen in verharding Bomen in beplanting Bomen in beplanting Bomen in beplanting

StamKroonBoom- Conditie Mechanische Toekomstdiameter diameter hoogte kwaliteit verwachting 25 cm 8 m 6-12 m Goed Goed Goed (>15 jaar)

Conclusie Boombeeld

Snoeifase

Urgentie

Opmerkingen

Onderhoudssnoei

Opdruk Potentieel verplantbaar? Ernstig Nee (>1,5 (boomsoort) cm) Nee Ja

Veilige Boom

Regulier boombeeld

Onderhoudssnoei

Binnen 1 jaar

Veilige Boom Attentie boom Risico Boom

Aanvaard boombeeld Aanvaard boombeeld Regulier boombeeld

Onderhoudssnoei

Nee

Ja

Boom hangt scheef

Onderhoudssnoei

Binnen 3 Nee maanden

Nee (conditie)

Dood hout.

Laaghangende takken wegprofiel.

7 cm

2 m tot 6 m

Redelijk

Goed

Goed (>15 jaar)

27 cm

10 m tot 6 m

Goed

Redelijk

Goed (>15 jaar)

27 cm

7 m 6-12 m

Redelijk

Redelijk

Goed (>15 jaar)

Bomen in beplanting

26 cm

5 m 6-12 m

Redelijk

Redelijk

Goed (>15 jaar)

Risico Boom

Regulier boombeeld

Onderhoudssnoei

Binnen 3 Nee maanden

Nee (conditie)

Dood hout.

Bomen in beplanting

30 cm

7 m 6-12 m

Redelijk

Redelijk

Goed (>15 jaar)

Risico Boom

Regulier boombeeld

Onderhoudssnoei

Binnen 3 Nee maanden

Nee (conditie)

Dood hout.

Bomen in gazon Bomen in gazon Bomen in gazon Bomen in gazon Bomen in beplanting

6 cm

3 m tot 6 m

Goed

Goed

Goed (>15 jaar)

Binnen 1 jaar

Ja

6 m tot 6 m

Matig

Goed

Redelijk (10-15 jaar)

5 cm

4 m tot 6 m

Redelijk

Goed

Goed (>15 jaar)

Plakoksel (kan nog verwijderd worden) Oude maaischade stamvoet. Takken in loop profiel.

8 cm

5 m tot 6 m

Redelijk

Goed

Goed (>15 jaar)

25 cm

6 m 6-12 m

Redelijk

Redelijk

Goed (>15 jaar)

Regulier boombeeld Aanvaard boombeeld Regulier boombeeld Aanvaard boombeeld Regulier boombeeld

Begeleidingssnoei

19 cm

Veilige Boom Veilige Boom Veilige Boom Veilige Boom Risico Boom

Bomen in beplanting

19 cm

5 m 6-12 m

Goed

Goed

Goed (>15 jaar)

Veilige Boom

Bomen in beplanting

11 cm

3 m 6-12 m

Matig

Goed

Redelijk (10-15 jaar)

Bomen in beplanting

28 cm

7 m 6-12 m

Goed

Redelijk

Goed (>15 jaar)

Onderhoudssnoei Begeleidingssnoei

Binnen 1 jaar

Nee

Beperkt Nee (conditie) ( Nee Ja

Begeleidingssnoei

Nee

Ja

Onderhoudssnoei

Binnen 3 Beperkt Ja maanden (

Aanvaard boombeeld

Begeleidingssnoei

Nee

Ja

Veilige Boom

Aanvaard boombeeld

Begeleidingssnoei

Nee

Nee (conditie)

Risico Boom

Regulier boombeeld

Onderhoudssnoei

Binnen 3 Beperkt Ja maanden (

Dood hout.

Dood hout.

Nr. Boomsoort 16 Salix alba

17 Salix alba

StandStamKroonplaats diameter diameter Bomen in 24 cm 5m ruw gras/bermen Bomen in 21 cm 5m ruw gras/bermen Bomen in 19 cm 5m ruw gras/bermen Bomen in 21 cm 4m beplanting

Boom- Conditie Mechanische Toekomsthoogte kwaliteit verwachting 6-12 m Goed Redelijk Goed (>15 jaar)

Conclusie Boombeeld

Snoeifase

Urgentie

Risico Boom

Achterstallige Knotten snoei

Binnen 1 jaar

Opdruk Potentieel Opmerkingen verplantbaar? Nee Ja Terug snoeien op knot.

6-12 m

Goed

Redelijk

Goed (>15 jaar)

Risico Boom

Achterstallige Knotten snoei

Binnen 1 jaar

Nee

Ja

Terug snoeien op knot.

6-12 m

Goed

Redelijk

Goed (>15 jaar)

Risico Boom

Achterstallige Knotten snoei

Binnen 1 jaar

Nee

Ja

Terug snoeien op knot.

6-12 m

Matig

Redelijk

Matig (5-10 jaar)

Risico Boom

Regulier boombeeld

Onderhoudssnoei

Binnen 3 Nee maanden

Nee (conditie)

Dood hout.

9 cm

7 m tot 6 m

Goed

Goed

Goed (>15 jaar)

Nee

Nee (boomsoort)

Meerstammig.

12 m 6-12 m

Redelijk

Goed

Goed (>15 jaar)

Onderhoudssnoei

11 m 6-12 m

Matig

Redelijk

Redelijk (10-15 jaar)

Binnen 3 Nee maanden Binnen 3 Nee maanden

Ja

37 cm

Aanvaard boombeeld Regulier boombeeld Regulier boombeeld

Onderhoudssnoei

43 cm

Veilige Boom Veilige Boom Risico Boom

Laaghangende takken in rijprofiel. Dood hout. Laaghangende takken in rijprofiel.

Bomen in beplanting Bomen in gazon Bomen in beplanting

11 cm

3 m tot 6 m

Redelijk

Goed

Redelijk (10-15 jaar)

Nee

Nee (conditie)

2 m tot 6 m

Goed

Goed

Goed (>15 jaar)

Vormsnoei

Nee

Ja

78 cm

9 m 6-12 m

Goed

Goed

Goed (>15 jaar)

Aanvaard boombeeld Aanvaard boombeeld Regulier boombeeld

Onderhoudssnoei

10 cm

Veilige Boom Veilige Boom Veilige Boom

Knotten

Binnen 1 jaar

Nee

Nee (boomsoort)

60 cm

7 m 6-12 m

Goed

Goed

Goed (>15 jaar)

9 m 6-12 m

Matig

Redelijk

Redelijk (10-15 jaar)

Regulier boombeeld Regulier boombeeld

Binnen 1 Nee jaar Binnen 3 Nee maanden

Nee (boomsoort)

45 cm

Veilige Boom Risico Boom

Knotten

27 Cedrus libani 'Glauca'

Bomen in beplanting Bomen in gazon

28 Larix kaempferi 29 Prunus yedoensis 30 Prunus yedoensis 31 Carpinus betulus 32 Carpinus betulus

Bomen in beplanting Bomen in gazon Bomen in gazon Bomen in beplanting Bomen in beplanting

19 cm

6 m 6-12 m

Goed

Goed

Goed (>15 jaar)

Nee

9 m tot 6 m

Redelijk

Redelijk

Redelijk (10-15 jaar)

Onderhoudssnoei

41 cm

10 m tot 6 m

Matig

Redelijk

Redelijk (10-15 jaar)

27 cm

6 m 6-12 m

Redelijk

Redelijk

Goed (>15 jaar)

13 cm

4 m tot 6 m

Goed

Goed

Goed (>15 jaar)

Aanvaard boombeeld Regulier boombeeld Regulier boombeeld Regulier boombeeld Aanvaard boombeeld

Onderhoudssnoei

42 cm

Veilige Boom Risico Boom Risico Boom Risico Boom Veilige Boom

Binnen 3 Nee maanden Binnen 3 Nee maanden Binnen 3 Nee maanden Nee

18 Salix alba

19 Pyrus calleryana 'Chanticleer' 20 Corylus Bomen in avellana gazon 21 Juglans regia Bomen in gazon 22 Juglans regia Bomen in gazon 23 Ilex aquifolium 24 Thuja occidentalis 25 Salix sepulcralis 'Chrysocoma' 26 Salix alba

Pagina 25 van 37

Onderhoudssnoei

Onderhoudssnoei

Onderhoudssnoei Onderhoudssnoei Onderhoudssnoei

Nee (conditie)

Nee (conditie)

Bolvorm circa 1.80 m hoog.

Dood hout. Verminderde bladbezetting.

Ja Nee (conditie)

Dood hout.

Nee (conditie)

Dood hout.

Ja

Dood hout. Plakoksel, is nog te verwijderen.

Ja

Nr. Boomsoort 33 Corylus avellana

Standplaats Bomen in beplanting

34 Carpinus betulus 35 Carpinus betulus 36 Carpinus betulus

Bomen in beplanting Bomen in beplanting Bomen in beplanting

16 cm

3 m 6-12 m

Goed

Goed

Goed (>15 jaar)

16 cm

5 m 6-12 m

Goed

Goed

Goed (>15 jaar)

28 cm

6 m 6-12 m

Goed

Redelijk

Goed (>15 jaar)

37 Carpinus betulus 38 Carpinus betulus

Bomen in beplanting Bomen in beplanting

24 cm

6 m 6-12 m

Goed

Goed

Goed (>15 jaar)

22 cm

4 m 6-12 m

Dood

Matig

Geen

39 Carpinus betulus 40 Carpinus betulus 41 Carpinus betulus 42 Carpinus betulus 43 Carpinus betulus 44 Carpinus betulus 45 Pyrus calleryana 'Chanticleer' 46 Fraxinus excelsior

Bomen in beplanting Bomen in beplanting Bomen in beplanting Bomen in beplanting Bomen in beplanting Bomen in beplanting Bomen in beplanting

24 cm

5 m 6-12 m

Redelijk

Goed

Goed (>15 jaar)

19 cm

5 m 6-12 m

Redelijk

Goed

Goed (>15 jaar)

19 cm

4 m 6-12 m

Goed

Goed

Goed (>15 jaar)

12 cm

3 m 6-12 m

Goed

Goed

Goed (>15 jaar)

5 cm

3 m tot 6 m

Redelijk

Goed

Goed (>15 jaar)

7 cm

5 m tot 6 m

Goed

Goed

Goed (>15 jaar)

33 cm

6 m 6-12 m

Redelijk

Goed

Goed (>15 jaar)

Bomen in beplanting

5 cm

4 m tot 6 m

Goed

Goed

Goed (>15 jaar)

Pagina 26 van 37

StamKroonBoom- Conditie Mechanische Toekomstdiameter diameter hoogte kwaliteit verwachting 8 cm 2 m tot 6 m Goed Goed Goed (>15 jaar)

Conclusie Boombeeld

Snoeifase

Urgentie

Veilige Boom

Regulier boombeeld

Onderhoudssnoei

Binnen 3 maanden

Veilige Boom Veilige Boom Attentie boom

Aanvaard boombeeld Regulier boombeeld Aanvaard boombeeld

Onderhoudssnoei

Nee

Ja

Onderhoudssnoei

Binnen 3 Nee maanden Binnen 1 Nee jaar

Ja

Veilige Boom Risico Boom

Regulier boombeeld Niet relevant

Onderhoudssnoei

Binnen 3 Nee maanden

Ja

Veilige Boom Veilige Boom Veilige Boom Veilige Boom Veilige Boom Veilige Boom Attentie boom

Aanvaard boombeeld Aanvaard boombeeld Aanvaard boombeeld Aanvaard boombeeld Aanvaard boombeeld Aanvaard boombeeld Aanvaard boombeeld

Onderhoudssnoei

Nee

Ja

Onderhoudssnoei

Nee

Ja

Onderhoudssnoei

Nee

Ja

Onderhoudssnoei

Nee

Ja

Begeleidingssnoei

Nee

Ja

Begeleidingssnoei

Nee

Ja

Meerstammig

Nee

Ja

Veilige Boom

Aanvaard boombeeld

Begeleidingssnoei

Nee

Ja

Plakoksel, niet meer te verwijderen. Hercontrole 1 jaar. Meerstammig.

Onderhoudssnoei

Opdruk Potentieel verplantbaar? Nee Ja

Ja

Specifieke snoei

Onderhoudssnoei

Binnen 1 jaar

Opmerkingen Laaghangende takken in loop profiel. Onderstandig.

Laaghangende takken in loop profiel. Plakoksel, niet meer te verwijderen. Hercontrole 1 jaar. Laaghangende takken in loop profiel. Dode boom z.s.m. verwijder i.v.m. omgeving.

Bijlage 4: foto’s bodemprofielen

Foto 6: bodemprofiel 1, boomnummer 21

Foto 7: bodemprofiel 3, boomnummer 27

Pagina 27 van 37

Bijlage 5: foto’s proefsleuven

Foto 8: proefsleuf 1, boomnummer 21

Foto 9: bovenaanzicht proefsleuf

Pagina 28 van 37

Foto 10: doorzicht proefsleuf

Foto 11: proefsleuf 2, boomnummer 22

Foto 12: bovenaanzicht proefsleuf

Pagina 29 van 37

Foto 3: doorzicht proefsleuf

Foto 14: proefsleuf 3, boomnummer 27

Foto 15: bovenaanzicht proefsleuf

Pagina 30 van 37

Foto 16: doorzicht proefsleuf

Foto 17: proefsleuf 4, boomnummer 28

Foto 18: bovenaanzicht proefsleuf

Pagina 31 van 37

Foto 19: doorzicht proefsleuf

Bijlage 6: boombeschermende maatregelen Geadviseerd wordt de te handhaven boom gedurende de werkzaamheden adequaat te beschermen. Om de boom duurzaam te behouden dienen onderstaande boombeschermende maatregelen onveranderd in acht te worden genomen! Wanneer dit onvoldoende wordt gewaarborgd, zullen de werkzaamheden leiden tot (snelle) conditievermindering van de boom, met als uiteindelijk gevolg het geheel afsterven.

6.1 Aandachtspunten vóór de werkzaamheden 6.1.1 Snoeien Geadviseerd wordt om te beoordelen in hoeverre het zinvol is de boom voor de werkzaamheden te snoeien. De snoei zal gericht zijn op het verwijderen/inkorten van laaghangende takken die mogelijk schade op kunnen lopen door het werken met machines. Tevens kan dan het dode hout worden verwijderd. Snoeien dient uitgevoerd te worden door een ervaren boomspecialist (European Treeworker) omdat gesnoeid dient te worden met gevoel voor evenwicht binnen de kroon. Er wordt steeds gesnoeid tot op een goede zijtak waarbij geen snoeiwonden gemaakt mogen worden met een diameter groter dan 10 centimeter. Grotere wonden overgroeien niet of nauwelijks en vormen invalspoorten voor (houtparasitaire) schimmels.

6.1.2 Boombeschermende maatregelen in bestek Het is sterk aan te bevelen de in dit hoofdstuk beschreven eisen, randvoorwaarden en boombeschermende maatregelen in het bestek op te nemen en sancties te treffen bij het niet houden hieraan.

6.1.3 Schouwen bomen Voorafgaande aan de werkzaamheden wordt geadviseerd de bomen nogmaals te schouwen waarbij de nadruk ligt op het noteren van alle al aanwezige schades en afwijkingen. Op deze wijze ontstaat er een nulopname die getoetst kan worden aan de situatie na werkzaamheden.

Pagina 32 van 37

6.1.4 Instructie personeel Ondanks de inzet van een boomtechnisch toezichthouder (zie paragraaf 6.2.2) tijdens het werk moet het uitvoerende personeel in eerste instantie op de hoogte te zijn van de “speciale” regels die gelden met betrekking tot werken rondom bomen.

6.1.5 Kabels en leidingen Geadviseerd wordt om van tevoren de ligging en mogelijkheden tot vervanging en onderhoud van kabels en leidingen duidelijk in kaart te brengen. Bij voorkeur dienen kabels en leidingen zover mogelijk bij de wortelkluit vandaan te liggen zodat wortelschade bij onderhoud in de toekomst voorkomen kan worden. Geadviseerd wordt om gebruik te maken van zogenaamde mantelbuizen.

6.2 Aandachtpunten tijdens de werkzaamheden 6.2.1 Beschermd boomgebied Het is ongewenst om op de doorwortelde bodem acties uit te voeren die de bodem onevenredig sterk verdichten. Hierbij moet men denken aan acties als het storten van grond, het rijden met zwaar materieel en het opslaan van materialen op de doorwortelde bodem. Om te voorkomen dat tijdens de bouwwerkzaamheden toch ongewenste situaties ontstaan, wordt geadviseerd tussen de boom en het werkgebied een stevig bouwhek van 2 meter hoog te plaatsen en het gebied met de bomen tot "Beschermd boomgebied" te benoemen. Dit is om boven- en ondergrondse beschadigingen van de boom zo veel mogelijk te voorkomen. Aandachtspunt bij de afgezette boomgebieden is zwerfvuil te verwijderen en eventueel onderhoud te blijven plegen aan het gras en onderbeplantingen. Een verzorgd uiterlijk geeft minder aanleiding tot het overtreden van bovengenoemde reglementen. Indien bij enkele bomen het gebied niet afgezet kan worden, kan gebruik worden gemaakt van stamommanteling.

Pagina 33 van 37

6.2.2 Inzet boomtechnisch toezichthouder Het is van groot belang dat de werkzaamheden rondom de boom worden begeleid door een deskundige. Hiervoor kan een boomtechnisch toezichthouder worden ingezet. Dit is een persoon met aantoonbare boomtechnische kennis (niveau European Tree Technician), die ingezet kan worden om werkzaamheden rondom de boom te begeleiden en te controleren. Deze toezichthouder moet sturend optreden en controleert op het naleven van de hier beschreven voorschriften om eventuele problemen tijdig te signaleren en (ondergrondse of bovengrondse) schade aan de boom te voorkomen. Daarnaast kan de toezichthouder zorgen voor vaktechnische input en beoordelen, bij knelpunten, welke wortels wel of niet verwijderd kunnen worden. Door zelf, indien nodig, deze wortels deskundig af te zetten, wordt onnodige schade aan wortels voorkomen, wat een goede hergroei na afronding van de werkzaamheden bevorderd. Nadrukkelijk wordt gesteld dat de bevoegdheid van de boomtechnisch toezichthouder in het bestek van de civiele aannemer moet worden vastgelegd. Tot de bevoegdheden kunnen horen: het stil leggen van het werk en instructie aan personeel geven.

6.2.3 Ophangen poster Ondanks de inzet van een bomenwacht tijdens het werk moet het uitvoerende personeel in eerste instantie op de hoogte te zijn van de “speciale” regels die gelden met betrekking op werken rondom de boom. Daarom wordt geadviseerd posters op te hangen in de directiekeet en in de bouwkeet, met aandachtspunten voor het behoud van bomen op bouwlocaties, zodat iedereen die op de bouwplaats werkt, hier kennis van kan nemen zodat de maatregelen onderbouwd en “gedragen worden” door de uitvoering. De posters "Boombescherming op bouwlocaties" zijn op te vragen bij vereniging stadswerk.

6.2.4 Ophogen of afgraven Ophogen van de bodem onder de kronen van de bomen moet in principe worden voorkomen. Door ophogen wordt de gaswisseling met de ondergrond belemmerd, waardoor zuurstofgebrek in de bodem optreedt. De wortels zijn aangepast aan het op een bepaalde diepte heersende zuurstofpercentage en zullen afsterven indien dit abrupt verandert. Hierdoor treedt conditieverlies op. Afgraven binnen de geadviseerde ontgravingafstand heeft wortel- en conditieverlies, mogelijk zelfs instabiliteit van de bomen tot gevolg.

Pagina 34 van 37

6.3 Aandachtspunten na de werkzaamheden 6.3.1 Snoeien Indien, ondanks zorgvuldige omgang met de bomen, naderhand breuk in de kronen is opgetreden, zal dit door middel van snoei moeten worden gecorrigeerd.

6.3.2 Verdichting opheffen Doordat de meeste wortels in de bovenste lagen van de bodem groeien, zijn deze relatief kwetsbaar. Bovendien zijn de over het algemeen open groeiplaatsen van de bomen gevoelig voor verdichting en verslemping, wat gemakkelijk optreedt door gebruik van machines, opslag van materiaal en materieel en opslag van grond op de (toekomstig) doorwortelde bodem. Door verdichting treedt zuurstofgebrek op in de bodem, omdat de gaswisseling tussen bodem en buitenlucht wordt belemmerd, met als gevolg het verminderen van de wortelactiviteit, het afsterven van bodemleven gevolgd door wortelsterfte. Hierdoor kan de conditie van de boom sterk verminderen en kan de boom in het ergste geval afsterven. Deze verdichting is te verhelpen door middel van pneumatisch losbreken van de grond (het zogenaamde ploffen) met het tegelijkertijd injecteren van organische meststoffen. Ook voor de bomen welke geen hinder ondervinden van de voorgenomen werkzaamheden, kan deze maatregel als groeiplaatsverbetering worden ingezet.

6.3.3 Dood hout verwijderen Er zal blijvend gecontroleerd moeten worden op het ontstaan van dood hout, dit om veiligheidsrisico’s voor de omgeving zo klein mogelijk te houden. Diverse boomsoorten kunnen meer dood hout gaan vormen als er ingrepen in de groeiplaats hebben plaats gevonden.

6.3.4 Schades beoordelen Tijdens de werkzaamheden kunnen schades optreden. Geadviseerd wordt voor de oplevering van de werkzaamheden de boom en de groeiplaats (i.v.m. verdichting) nogmaals te schouwen en te vergelijken met de nul-opname zodat de aannemer bij grote schades aansprakelijk gesteld kan worden.

Pagina 35 van 37

Bijlage 7: methode van onderzoek 7.1 Visuele boomcontrole Voor de visuele controle wordt op volgens een vastgesteld systeem gewerkt. Dit systeem bestaat uit een biologische en een mechanische component. De biologische component omvat een visuele inspectie van de conditie van de boom. Arbor Consultancy heeft hiervoor een gestandaardiseerde beoordelingsmethode. Naast de conditie van de boom wordt binnen de biologische component gekeken naar de aanwezigheid van vruchtlichamen van schimmels op stam en wortels. De mechanische component omvat een boomveiligheidsbeoordeling volgens de Visual Tree Assessment methodiek (V.T.A.-methode). In geval van twijfel wordt geavanceerde meetapparatuur ingezet.

7.2 Toekomstverwachting De toekomstverwachting is gebaseerd op de huidige conditie van de boom, de huidige mechanische kwaliteit en op eventuele aanwezigheid van (houtparasitaire) schimmelsoorten en aantastingen hierdoor. Het betreft een momentopname en geldt bij gelijkblijvende (groeiplaats) omstandigheden. Uit de toekomstverwachting kan geen maximale restlevensduur worden afgeleid. Diverse complexe processen voor de boom die invloed hebben op het verdere levensverloop van een boom, spelen een rol. Mede daarom kan Arbor Consultancy geen uitspraken doen over een termijn langer dan 15 jaar. Binnen dit tijdsbestek kunnen wij wel een classificering geven van de toekomstverwachting.

7.3 Groeiplaatsonderzoek Door graven van proefsleuven binnen de kroonprojectie wordt de opbouw en samenstelling van de bodem, grondwaterstand en de omvang en reikwijdte van de wortelkluit in beeld gebracht. Vooral de opbouw en samenstelling van de bodem en de grondwaterstand vormen de basis voor de beoordeling van de kwaliteit van de groeiplaats. De reikwijdte van de wortelgestellen wordt in hoofdlijnen bepaald door de kwaliteit van de groeiplaats.

Pagina 36 van 37

7.4 Boom en werkzaamheden Werkzaamheden in de nabijheid van bomen hebben meestal negatieve gevolgen voor bomen; er kan schade ontstaan aan bovengrondse boomdelen (kroon, stam, wortelaanzetten), maar er kan ook schade ontstaan aan de wortels, bijvoorbeeld tijdens graafwerkzaamheden. Bij het ontstaan van grote wonden is een aantasting door houtparasitaire schimmels vaak het gevolg. Hierdoor zal de boom op den duur breukgevaarlijk worden. Bovendien kunnen bomen bij ernstige wortelschade direct instabiel worden. Daarnaast kan de kwaliteit van de groeiplaats nadelig worden beïnvloed door bijvoorbeeld verdichting, waardoor wortels het door zuurstofgebrek moeilijk krijgen en afsterven. Om een uitspraak te kunnen doen over de mate waarin de boom bestand is tegen ingrepen in de groeiplaats is de boomsoort en leeftijd van de boom van groot belang.

Pagina 37 van 37

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=middendelfland&id=6491fa92-ebcb-4f94-b365-576073eaedeb