Bijlage 2 - Aanvullende Werkafspraken V Midden-Delfland definitief
Tekst van het document
Aanvullende Werkafspraken behorende bij de Bestuursovereenkomst [ datum ] tussen het COA en de gemeente x inzake de opvanglocatie aan x te x. Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) hierbij vertegenwoordigd door de regiomanager Opvang & Begeleiding Midden-Zuid, mevrouw Jeike van der Ziel. en De gemeente x gevestigd aan x, hierbij vertegenwoordigd door de heer/mevrouw x in de functie van x hebben ter uitwerking van bovengenoemde Bestuursovereenkomst de volgende afspraken gemaakt. 1. Wettelijke taak COA 1. Het COA zorgt voor een adequate aanpassing, inrichting en instandhouding van de opvanglocatie in overeenstemming met de ter zake geldende wettelijke en gemeentelijke regelgeving. Hiervoor dient het COA voor de opvanglocatie in het bezit te zijn van de benodigde vergunningen. 2. Het COA vraagt de benodigde vergunningen aan. De gemeente zal de aanvragen binnen de vigerende termijnen behandelen 3. Het COA zal een anterieure overeenkomst sluiten met daarin afspraken over volledige dekking van de kosten die de gemeente maakt voor deze opvang. Dit betreft het vergunning traject maar ook het bouw en woonrijp maken van de locatie. Kosten die de gemeente heeft gemaakt voor het opwerken van het raadsvoorstel (onderzoek, advies en communicatie) zullen voor zover deze niet op een andere wijze worden vergoed ook door het COA worden vergoed. 4.
Het COA zal de gemeente een passende huur betalen voor het perceel. Deze huur dekt in ieder geval de kosten die de gemeente voor deze 5 jaar maakt voor het perceel. 5. Onderdeel van deze overeenkomst is ook dat de buitenruimte van de locatie op kosten van het COA met planten en andere nader uit te werken elementen aantrekkelijk wordt ingericht 2. Communicatie 1. Tot de datum van ingebruikname van de opvanglocatie is de gemeente verantwoordelijk voor communicatie en informatievoorziening over de opvanglocatie naar de inwoners van de gemeente en andere betrokkenen. Het COA zal de gemeente hierin ondersteunen, wanneer de gemeente dit vraagt. 2. Vanaf de datum van ingebruikname van de opvanglocatie draagt het COA, in overleg met de gemeente, zorg voor de informatie aan de inwoners van de gemeente over de opvanglocatie, de ontwikkelingen en over de te volgen procedures.
3. 4. 5.
Voorafgaand en na ingebruikname van de opvanglocatie spant het COA zich in om omwonenden van de opvanglocatie kennis te laten maken met de opvanglocatie. Het COA en de gemeente verstrekken elkaar informatie die van belang is voor de uitvoering van de taken van de gemeente of het COA, die verband houden met de aanwezigheid van de opvanglocatie in de gemeente. Het COA is telefonisch en per e-mail bereikbaar voor vragen en klachten uit de wijk en stelt daartoe een vast lokaal aanspreekpunt aan.
3. Overleg COA en gemeente 1. Op ambtelijk niveau zal ten minste één keer per kwartaal overleg plaatsvinden tussen het COA en de gemeente. 2. Op bestuurlijk niveau zal ten minste één keer per jaar overleg plaatsvinden tussen het COA en de gemeente. 3. Het COA en de gemeente stellen gezamenlijk een overlegcommissie in ter bevordering van de relatie tussen de bewoners van de opvanglocatie en de omwonenden. 4. Veiligheid 1. Het COA stelt, na overleg met de gemeente, een bedrijfsnoodplan vast voor de opvanglocatie zodat in voorkomende gevallen hulporganisaties adequaat kunnen handelen. 2. Het COA garandeert 24 uur per dag, 7 dagen per week begeleiding, cameratoezicht, aanwezigheid van beveiligers en bedrijfshulpverleners op de opvanglocatie. 3. Het COA meldt calamiteiten die plaatsvinden in de opvanglocatie in eerste instantie aan de politie en zonodig aan de burgemeester. Er wordt actief informatie gedeeld tussen COA, politie en gemeente. 4. Politie en boa zijn regelmatig en zichtbaar aanwezig voor laagdrempelige verbinding en contact. 5. Bij een eventuele beëindiging van de opvangvoorziening voor een asielzoeker wordt door het COA – conform de werkwijze en procedure beschreven in de Leidraad Terugkeer & Vertrek - de burgemeester ten minste twee weken van te voren op de hoogte gebracht. 5 Begeleiding 1. COA richt een informatiebalie in waar asielzoekers vragen kunnen stellen. 2.
Het COA spant zich in zoveel mogelijk dagbestedingsactiviteiten binnen de opvanglocatie aan te bieden, zoals bijvoorbeeld recreatieve activiteiten en (basale) Nederlandse taalles door vrijwilligers. Het COA werkt hierin samen met lokale organisaties. 3. Het COA is bereid voor elke inwoner van de opvang de lidmaatschapskosten voor een lokale vereniging namens de betrokkene rechtstreeks te voldoen aan de vereniging. 4. Voor statushouders die in de opvanglocatie verblijven organiseert het COA een programma Voorbereiding op inburgering, waaronder lessen NT2, KNM2/4
5.
training, introMAP, individuele begeleiding en persoonlijk dossier en het opbouwen van een digitaal klantendossier Het COA voorziet de opvanglocatie van Wifi.
6. Vrijwilligers 1. De gemeente en het COA werven samen vrijwilligers. Het COA begeleidt vrijwilligers die actief willen zijn op de opvanglocatie en sluit met deze personen een vrijwilligerscontract 2. De gemeente realiseert flexwoningen op of nabij de locatie waar de opvang plaatsvindt. Het COA zal, eventueel via een derde partij, de toewijzing aan de huurders verzorgen. Het COA maakt met de huurders afspraken over hun inzet voor de opvang. 3. De gemeente is bereid de contacten met de derde partij namens het COA te onderhouden 7. Bedrijfsvoering 1. Voor zover (Europese) aanbestedingsregels dit toestaan, spant het COA zich in, diensten en producten die nodig zijn voor de uitvoering van de werkzaamheden, zoveel mogelijk vanuit de gemeente en de regio aan te trekken. Dit betreft al de diensten en producten waar het COA op het moment van het ondertekenen van de bestuursovereenkomst geen centrale inkoop voor heeft ingeregeld, zodat lokaal kan worden ingekocht. 8. Onderwijs 1. De gemeente neemt maatregelen die voorzien in onderwijs aan de leerplichtige kinderen die in de opvanglocatie verblijven 2. Het COA neemt de kosten voor het realiseren van de benodigde lokalen op zich. Mocht de gemeente hiertoe via de algemene uitkering of anderszins een extra vergoeding krijgen dan vloeit deze naar het COA. 9. Gezondheidszorg 1.
De verantwoordelijkheid voor het onderkennen en bestrijden van besmettelijke ziekten in de opvanglocatie en de overige preventieve gezondheidszorgtaken ten behoeve van de bewoners, heeft het COA contractueel belegd bij GGD-GHOR Nederland. De gemeente heeft krachtens de Wet Publieke gezondheid haar eigen verantwoordelijkheid hierin. 2. De verantwoordelijkheid van het eerste- en tweedelijns zorgaanbod heeft het COA contractueel belegd bij GZA. Het COA biedt deze zorg aan en voorkomt dat de lokale zorgaanbieders dit aanbod moeten leveren. Indien dat onverhoopt anders loopt investeert het COA in het mogelijk maken van het lokale aanbod. 3. De gemeente is verantwoordelijk voor het verstrekken van voorzieningen in het kader van de Jeugdwet aan alle kinderen tot 18 jaar die in de gemeente verblijven, ongeacht hun verblijfstatus. Het COA vergoedt deze inzet voor zover dat niet al vanuit andere middelen wordt vergoed. 10 Flexwoningen 1) Het Rijksvastgoedbedrijf (RVB), het COA en de gemeente kunnen afspraken maken over de aanschaf en de exploitatie van flexwoningen. Het uitwerken van die 3/4
2) 3)
4)
5)
6)
afspraken vergt tijd. Het COA en de gemeente bevestigen deze afspraken te willen maken. Het COA en de gemeente spreken voor dit proces het volgende af: Het COA werkt mee aan de mogelijkheid om flexwoningen geleverd te krijgen vanuit het RVB en daartoe aan het RVB de afspraken in deze overeenkomst te bevestigen De gemeente hanteerde als uitgangspunt om een gelijk aantal units te realiseren voor opvang en flexwonen. Doordat het aanbod dat vanuit de RVB gedaan kan worden in eenheden van 48 woonunits verloopt is dat niet haalbaar binnen dat aanbod. Het COA en de gemeente zijn bereid nu tot een andere verhouding te komen waarbij het COA in aanvang meer units benut. Het COA is bereid om hierbij in te zetten op het aankopen van 96 flexwoningen. Het RVB betaalt op voorspraak van het COA bij aanvang 30 van deze flexwoningen voor de gemeente Midden-Delfland. Midden-Delfland kan in deze woningen direct lokale doelgroepen huisvesten. De overige 66 woningen worden 5 jaar door het COA gebruikt om de opvang van 225 vluchtelingen in te realiseren. Na 5 jaar kunnen deze woningen door de gemeente voor 50% van de aanschafwaarde en vrij van andere voorwaarden worden gekocht. De gemeente spant zich maximaal in om de afspraken te maken en de uitvoering te realiseren.
11. Slotbepaling 1. Voor situaties waarin deze overeenkomst niet voorziet, vindt er overleg plaats tussen de gemeente en het COA. Ondertekening: [ plaats ]
[ plaats ]
[ datum ] gemeente [ naam ]
[ datum ] Centraal Orgaan opvang asielzoekers
[ naam ] burgemeester/wethouder
[ naam ] regiomanager Opvang & Begeleiding [ naam regio ]
4/4