B 22122 MRDH.pdf
Tekst van het document
Postbus 21012 3001 AA Rotterdam Telefoon 088 5445 100 E-mail: informatie@mrdh.nl Internet: www.mrdh.nl
Het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Midden-Delfland
KvK nummer: 62288024 Bankrekeningnummer NL96 BNGH 0285 1651 43 contactpersoon J.C. Wassens e-mail j.wassens@mrdh.nl
Datum
28 juni 2022
telefoonnummer 06 1143 7672
Onderwerp
uw kenmerk 2021-33481
Tweede tussenevaluatie Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag Geacht college,
ons kenmerk 92470 projectnummer
aantal bijlage(n)
Op 11 maart 2022 heeft het Algemeen Bestuur van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag de tweede tussenevaluatie van de Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag vastgesteld. Daarbij is ook besloten om elke gemeente een afzonderlijke reactie te geven op de door haar geleverde bijdrage. Met deze brief geven wij invulling aan dit besluit. Allereerst willen wij u hartelijk danken voor uw reactie. Het is voor de MRDH van groot belang om vanuit de gemeenten te horen hoe zij de (samen)werking van en in de Gemeenschappelijke Regeling (verder: GR) ervaren en hoe gemeenten kijken naar mogelijkheden om de eigen inbreng in de MRDH te versterken. Daarnaast zijn we blij met aanbevelingen om de (samen)werking van en in de GR MRDH te versterken. In deze brief gaan wij nader in op uw reactie. Terugblik op de aanbevelingen We zijn blij te lezen dat de aanbevelingen naar uw mening zijn opgepakt en in uitvoering zijn gebracht. Met u delen wij het beeld dat het hierbij vaak gaat om een langdurig proces en dat het even duurt voor de effecten in de praktijk merkbaar zijn. De beperkingen van corona zijn daarin ook niet behulpzaam geweest. In uw brief zien we een aantal mooie resultaten terug die rechtstreeks te herleiden zijn naar de aanbevelingen uit de vorige tussenevaluatie.
In uw reactie geeft u aan dat de regionale schaal steeds belangrijker wordt en dat de informele netwerkfunctie van de MRDH daarbij een belangrijke rol kan spelen. U koppelt dit met name aan het thema Groenblauwe Leefomgeving. Met u zijn we het eens dat dit thema en de waardering van het onderwerp steeds belangrijker wordt. In het kader van de totstandkoming van de nieuwe Strategische Agenda voeren wij met onze gemeenten het gesprek over de rol die de MRDH bij dit thema zou kunnen pakken. Hoewel u over het algemeen tevreden bent over de verbeteringen die zijn doorgevoerd in het besluitvormingsproces, geeft u aan dat gemeenten die in het Presidium zitten een informatievoorsprong hebben en (met name in langdurige processen) houden. Wij kunnen ons daar niet geheel in vinden. Zowel de Presidia als de Bestuurscommissies beschikken over dezelfde informatie. Daarnaast zijn het uiteindelijk altijd de Bestuurscommissies
Albrandswaard, Barendrecht, Brielle, Capelle aan den IJssel, Delft, Den Haag, Hellevoetsluis, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland, Leidschendam-Voorburg, Maassluis, Midden-Delfland, Nissewaard, Pijnacker-Nootdorp, Ridderkerk, Rijswijk, Rotterdam, Schiedam, Vlaardingen, Wassenaar, Westland, Westvoorne, Zoetermeer.
waar de besluiten zijn genomen, Inmiddels zijn er al initiatieven genomen om de wisselwerking te versterken, we gaan er van uit dat daarmee de afstand verkleind zal worden. U geeft aan dat, hoewel de besluitvormingscyclus verbeterd is, de informatievoorziening voor niet direct betrokken raadsleden lastig blijft om processen en actualiteiten te volgen. U doet een aantal suggesties die we mee zullen nemen bij de uitwerking van de aanbeveling om het besluitvormingsproces en de stukkenstroom verder te verbeteren en verduidelijken. Eigen inbreng U heeft ervoor gekozen om de inbreng van uw gemeente te koppelen aan de bestuurlijke opdracht die de gemeente bij de vorming in 2004 heeft gekregen. Wij herkennen deze opdracht in de wijze waarop uw bestuurders en raadsleden betrokken zijn bij de MRDH. Uw positief kritische houding wordt zeer gewaardeerd en we gaan ervan uit dat deze houding ook in de nieuwe raadsperiode onverminderd zal worden voortgezet. Helderheid van het governancemodel U (en met u diverse andere gemeenten) geeft aan dat de posities, rollen en verantwoordelijkheden voor direct betrokkenen helder zijn maar voor bestuurders en raadsleden op afstand minder. Dit wordt versterkt door de toename van het aantal hulpstructuren en de bijbehorende wisselende coalities.
Hoewel u nut en noodzaak niet ter discussie stelt, geeft u onzes inziens terecht aan dat het nodig is om deze hulpstructuren beter te verbinden aan de formele gremia binnen de MRDH (bijvoorbeeld door het delen van agenda’s en notulen van deze vergaderingen en daarmee het organiseren van collectief overzicht en sturing). De wijzigingen van de werkwijze binnen de Adviescommissies zijn voor u zichtbaar. Als aandachtspunt geeft u mee dat het nuttig kan zijn om Adviescommissies proactief en meer vanuit een eigen agenda te laten werken, zodat beter invulling kan worden gegeven aan de kaderstellende rol. Wij zien hierin zeker toegevoegde waarde en zullen deze suggestie meenemen bij het inwerken van de nieuwe Adviescommissies. Tenslotte merkt u op dat nieuwe werkvormen bij bepaalde trajecten zinvol kunnen zijn. Daarbij geeft u terecht aan dat er een scherp onderscheid moet zijn en blijven tussen informatieve bijeenkomsten en adviserende bijeenkomsten. Daarnaast doet u suggesties om ook andere werkvormen in te zetten, zoals begeleiden van bijeenkomsten door derden. Wij vinden dit een interessante suggestie die we graag nader onderzoeken. Tot slot Wij danken u nogmaals hartelijk voor uw reactie.
In de vergadering van het Algemeen Bestuur van 16 december 2022 wordt u nader geïnformeerd over hoe het staat met de uitvoering van de aanbevelingen uit de tweede tussenevaluatie, waarbij we ook in zullen gaan op de bovenstaande specifieke punten. Met vriendelijke groet, Het dagelijks bestuur van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag,
Ahmed Aboutaleb
Jan van Zanen
2