AB 1e termijn fractie OGP
Tekst van het document
Eerste termijn Algemene Beschouwingen fractie OGP Midden-Delfland Navigeren in de mist Het college presenteert de begroting als “navigeren in de mist”. Vooral omdat nog niet duidelijk is wat er na 2025 gaat gebeuren met het geld dat we als gemeente van de Rijksoverheid krijgen om ons werk te kunnen doen. Met een mogelijk tekort van 1,2 en 0,8 miljoen in 2026 en 2027. Varen in de mist, waar kies je dan voor als college: Zeilen strijken? Motor uitzetten? Koers bijstellen? Of gewoon doorgaan op de ingezette koers? Het advies van de VNG is om ook voor de jaren 2026 en 2027 realistisch te begroten. Vanuit het huidige takenpakket, met de noodzakelijke investeringen, inflatie en stijgende rente. Natuurlijk rekening houden met geschatte mee- en tegenvallers. En niet onbelangrijk: de ambities uit het coalitieakkoord. Advies is dus met gezond verstand doorgaan op de ingezette koers. Om op basis daarvan goed met het Rijk in gesprek te gaan in de tijd die er nog is. Wij lezen in deze begroting echter wat anders: geen structurele beleidsintensivering of nieuw beleid. Ook niet als dat vanuit maatschappelijke ontwikkelingen gewoon nodig is. En een aangepast ambitieniveau voor 2026 en verder. Onze vraag is of dat op termijn onze inwoners wel helpt en de positie van Midden-Delfland wel versterkt.
Vanuit die vraag hebben wij vanuit OGP de begroting bekeken op de aandachtpunten die wij voor 2024 en daarna belangrijk vinden. Algemeen/financieel: Hierbij hebben we een aantal vragen aan het college: - Gesteld wordt dat vooruitlopend op de reactie van het Rijk over de bijdrage vanaf 2026 het college de mogelijkheden onderzoekt voor verbetering van ons financieel perspectief. Vraag: wat gaat het college dan precies onderzoeken en wanneer kunnen wij als raad daar een voorstel of informatie van verwachten? - Vraag: Welke plannen, projecten of beleidsonderdelen zijn bij het college bekend waarbij incidenteel geld kan worden ingezet om langdurig geld te genereren en is zij bereid hier met een voorstel voor naar de raad te komen voor 1 februari 2024? - Gesproken wordt dat het college zijn inzet gaat richten op het versterken van de regionale positie van Midden-Delfland. Vraag: Hoe geeft het college hier concrete invulling aan naast de gebruikelijke bestuurlijke overleggen? Welke opdracht ziet het college hier voor zichzelf om hier projectmatig mee aan de slag te gaan? Voor OGP belangrijke speerpunten: 1. Ons buitengebied en Bijzonder Provinciaal Landschap blijft open en groen: Wij lezen in de begroting dat het beleid van gecontinueerd wordt ten aanzien van ons buitengebied en Bijzonder Provinciaal Landschap.
Dat betekent dat de koe in de wei symbool staat voor grondgebonden veehouderij en de grutto in de wei staat voor een natuurlijk landschap met kansen voor weidevolgels. Hier zijn we als OGP blij mee. Het afgelopen jaar heeft het college ons laten zien dat via de landschapstafel aan vele initiatieven wordt gewerkt die klaar liggen om voor subsidies in te dienen zodra de kans zich voordoet. Bijvoorbeeld via het Nationaal Programma Landelijk Gebied en de provinciale uitwerking daarvan. Vraag aan het college is welke kansen zij ziet voor 2024 en hoe daar gebruikt van kan worden gemaakt.
2. De boeren in Midden-Delfland zijn de dragers en beheerders van ons gebied Onze boeren worden in toenemende mate ook gezien als ondernemers die in de huidige tijd van discussie over stikstof al laten zien dat ze veel kunnen bereiken met meer natuurbestendige bedrijfsvoering. Boerenbedrijven die naast melk en vleesproductie ook landschap en natuur creëren en beheren. Dat wordt al gezien door zowel regionale als landelijke politiek. Meerdere bestuurders en bewindspersonen zijn al bij onze boeren op bezoek geweest om zich te laten inspireren. Daar mogen we trots op zijn, tegelijk moeten we blijven werken om dit onder de aandacht te brengen. We zijn blij dat het college ervoor kiest om deze bedrijven in samenwerking met diverse stichtingen en CBG te blijven ondersteunen in het programma “Duurzaam Boer Blijven” en door subsidies te verstrekken. Vraag aan het college is hoe zij in 2024 er voor gaat zorgen dat de hierboven geschetste lijn wordt doorgezet? Hoe gaat het college helpen het goede en toekomstgerichte verhaal van onze boeren te vertalen naar concrete hulp en daarmee een versterking van hun toekomst in Midden-Delfland? 3. Verdere stappen naar een duurzaam Midden-Delfland: De afgelopen jaren zijn wat OGP betreft goede stappen gezet om Midden Delfland duurzamer te maken. Regionaal is een prima energiestrategie (RES1.0) afgesproken die past bij ons gebied.
We houden ons open gebied vrij van grote windturbines en zonnevelden en zetten in op het opwekken van duurzame energie op daken. Ook de eerder gemaakte keuzes in de transitievisie warmte zijn wat ons betreft prima. Met praktische hulp vanuit het energieloket worden onze inwoners geholpen in het maken van passende maatregelen die nu al helpen (isoleren, aanschaf hybride warmtepompen). We zijn blij dat het initiatiefvoorstel vanuit OGP om -passend in het landschap- ook zonnepanelen op en nabij woningen in het buitengebied mogelijk te maken is omgezet naar beleid. Wat OGP betreft gaan we door op de basis die er nu ligt. Waarbij onze inwoners en bedrijven verder geholpen worden met alle stappen die er de komende jaren nog gezet moeten worden. Vraag aan het college is of zij bereid is om in 2024 onderzoek te doen naar opwek-, verbruik en opslag van energie te onderzoeken in samenwerking met bedrijven op industriegebied Harnaschpolder? 4. Woningen in de dorpskernen: Wij zijn blij dat de gemeenteraad vorig jaar op initiatief van OGP heeft ingestemd met voortaan bouwen van 30% sociale huurwoningen en geen sociale koopwoningen meer te realiseren. Die laatste zijn een eenmalig cadeau aan de eerste bewoner en stijgen daarna naar een onbetaalbare prijs voor starters en jonge gezinnen.
Wat daarin jammer is, is dat het college geen enkele moeite doet om alsnog sociale woningen toe te voegen. Het afgelopen jaar is vooral toestemming gegeven voor de bouw van vooral dure woningen. Hiermee is het percentage sociale huurwoningen aan het dalen in plaats van aan het stijgen. Vraag aan het college is wat ze het komende jaar gaan doen om het percentage sociale huurwoningen weer te laten stijgen. Welke projecten gaan er zorgen voor woningen in het middenhuur-segment en wanneer komen die woningen beschikbaar? Daarnaast zien we dat bestaande woningbouwprojecten worden uitgevoerd, maar er lijken geen nieuwe bij te komen. En dat terwijl in de begroting staat dat voor de hele looptijd van deze meerjarenbegroting gemiddeld 75 tot 100 woningen per jaar worden gerealiseerd. Vraag aan het college is hoe ze er voor gaan zorgen dat ook na 2026 er weer locaties voor woningbouw beschikbaar komen. Welke initiatieven neemt het college op dit gebied? 5. Levendige dorpen:
OPG ziet graag levendige dorpscentra, met een rijk winkelaanbod, gezellige horeca, een gevarieerd verenigingsleven. In de praktijk zien we dat de ontwikkeling van de centra in alle drie onze dorpskernen zeer moeizaam verloopt. Vraag aan het college is wat er nog in elk van de dorpskernen van Maasland, Schipluiden en Den Hoorn in de weg staat om daadwerkelijk te beginnen met de realisatie van de al lang geleden gemaakte plannen? OGP vindt het belangrijk dat we verbindende culturele activiteiten ook in 2024 blijven ondersteunen. Vraag aan het college is welke verbindende culturele activiteiten in 2023 zijn ondersteund en welke activiteiten zijn voor 2024 voorzien? Wat is het beoogde doel van de voorgenomen herijking van de subsidieregeling voor Kunst, Cultuur en Sociale verbinding? 6. Bestuur dichtbij onze inwoners: Het college heeft de ambitie om een benaderbaar en laagdrempelig toegankelijk bestuur ter zijn. Niet meer via dorpswethouders als hiervoor, maar via spreekuren en “de gewone contacten die er altijd wel zijn”. Afgelopen jaar is een nieuwe dienstverleningsvisie vastgesteld die vol staat met ambitieuze termen over het contact tussen onze inwoners en de dienstverlening vanuit de gemeente. Niet bekend is hoe de inwoners dit nu zelf ervaren, wat het uitgangspunt is voor het verbeteren van de dienstverlening en op welke punten die nu wanneer verbeterd moet zijn.
Een eerste nulmeting zou dit meer inzichtelijk moeten maken, terwijl wij vinden dat je dat eerst doet en daarna pas een visie gaat maken. Tegelijk zien we in diverse dossiers dat onze inwoners niet goed geïnformeerd worden over hoe het loopt met hun zienswijzen of bezwaren en ze daardoor zelf achter informatie moeten aangaan. Het echte contact ontbreekt en de achterdocht naar de gemeente groeit. Dat vinden wij een zorgelijke ontwikkeling. Vooral omdat het collegewerkprogramma spreekt over “we zien dienstverlening als een kerntaak en het verbeteren hiervan als een belangrijke opgave” Vraag aan het college is welke concrete zaken in 2024 worden opgepakt om de dienstverlening te verbeteren en de communicatie met inwoners goed invulling te geven? De Omgevingswet gaat op 1 januari 2024 dan echt van start met het motto “ja, tenzij’ waarbij vanuit de gemeente meegedacht moet worden op initiatieven vanuit kansen en mogelijkheden. In de beantwoording van onze technische vraag hierover lezen wij dat ambtelijk alles op orde is. Vraag aan het college is of onze inwoners straks ook voldoende bekend zijn met alle veranderingen en is de dienstverlening hierop toegerust? 7.
Zorg dichtbij: Kijkend naar het coalitie-akkoord en het collegewerkprogramma zien wij een mooie ambitie: werken aan een sterke sociale cohesie waar mensen naar elkaar omzien met persoonlijke ondersteuning voor wie dat nodig heeft”. Vraag aan het college is hoe dat er concreet in 2024 uit ziet, wat gaat al goed en waar en hoe wil het college in 2024 nog zaken tastbaar verbeteren? Zoal u weet vindt OGP volgende stappen om ook echt wat te gaan doen in onze status als Dementievriendelijke gemeente belangrijk omdat we nu maatregelen moeten treffen die we over een aantal jaar echt nodig hebben. We gaan hier binnenkort met raad en het college graag mee aan de slag. Het college heeft de ambitie om incidentele gelden in te zetten om structurele uitgaven te voorkomen of te verminderen. In dat kader is bekend dat het helpt als mensen eenmalig hun schuld wordt kwijtgescholden en ze een nieuwe start kunnen maken waardoor ze niet langjarig een beroep hoeven doen op allerlei voorzieningen. Vraag aan het college is of zij in beeld heeft hoeveel mensen in onze gemeente in armoede leven, hoe groot de schulden zijn en welk effect het kan hebben als de gemeente deze schulden saneert? 8.
Groen en water in de kernen: Wij ervaren dat het verder vergroenen van onze woonkernen meer afhankelijk is van enthousiaste initiatieven van inwoners die zelf iets willen veranderen dan vanuit een ambitie van het college. Alleen als er een straat wordt heringericht zien we daarvoor bijvoorbeeld groene parkeerplaatsen
terugkomen. Vraag aan het college is hoe zij er voor gaan zorgen dat ze meer regie gaan nemen en gaan stimuleren dat er meer initiatieven van de grond gaan komen. Zowel vanuit inwoners als vanuit de gemeente zelf? Welke middelen stelt de gemeente hiervoor beschikbaar zowel in geld als in capaciteit? Verder vragen wij het college hoe zij ervoor gaat zorgen dat in de toekomst er meer sedum- daken worden aangelegd, tuinen meer klimaatbestendig worden ingericht, bijvoorbeeld door een % dat groen moet blijven en de opvang van regenwater voor beregening in plaats van lozing op het riool? Zeker gelet op de kostenstijging voor rioolbeheer. Daarnaast heeft het college het over dat “binnen de kaders van wat financieel mogelijk is handhaven van een onderhoudsniveau van de openbare ruimte waarbij inwoners zich prettig voelen”. Vraag aan het college is wat dan financieel mogelijk is en bij welk onderhoudsniveau voelen inwoners zich dan prettig? 9. Stilte als kwaliteit van ons gebied: We zijn blij dat op OGP-initiatief de regels in de APV zijn aangepast om (geluids)overlast door zuipschuiten in onze kernen te voorkomen. En dat er aandacht is voor toezicht en handhaving op het water in ons buitengebied. Wij gaan er vanuit dat dit ook in 2024 zal worden voortgezet.
Vraag aan het college is welke inspanning zij gaat doen om de geluidsoverlast in het buitengebied te verminderen? Wat ons zorgen baart is de besluitvorming rondom de uitbreiding van Rotterdam-The Hague Airport (RTDH). In 2024 gaat de minister besluiten over de toekomst van het vliegveld en de ambities vanuit het vliegveld zijn duidelijk: meer vluchten, ook over ons stiltegebied. We zien nu al dat de vliegbewegingen over ons stiltegebied toenemen. We hebben als gemeente een zienswijze ingediend bij het ministerie, maar aandacht blijft nodig. Vraag aan het college is welke acties er lopen om te voorkomen dat RTDH-Airport gaat uitbreiden? Hoe staat het college tegenover een mogelijke uitbreiding en hoe is zij aangehaakt op de besluitvorming? Waar hebben wij als gemeente(raad) nog invloed op? 10. Bereikbaarheid en mobiliteit: In 2022 hebben we tijdens de begrotingsbehandeling uitvoerig gehad over het ontmoedigen van sluipverkeer door de dorpskern van Schipluiden en Maasland. Daar is toen geld voor in de begroting opgenomen en heeft het college aangegeven met omwonenden in gesprek te zijn en er een uitgewerkt pakket aan maatregelen te liggen. Tot op heden lijkt het dat deze maatregelen nog niet genomen zijn. We zijn nu een jaar verder, het budget wordt doorgeschoven.
Vraag aan het college is hoe dit uitgewerkte pakket maatregelen er uit ziet? Verder vragen wij het college, hoe concreet zij in 2024 nu echt werk gaan maken van dit voornemen om sluipverkeer te weren en verkeersoverlast tegen te gaan? Zoals bij u bekend, is al jaren sprake van overlast van zwaar verkeer in de Dorpsstraat in Schipluiden. Vraag aan het college is wat zij gaat doen om deze overlast te verminderen? Daarnaast is al jaren sprake van overlast en een verkeersonveilige situatie bij de Maassluisseweg. Ook hier is weer het budget doorgeschoven naar een volgend jaar. Vraag aan het college is welke garanties zij kan geven dat dit in 2024 nu eindelijk eens echt wordt gerealiseerd? Mocht een vraag al zijn gesteld, dan hebben wij het antwoord waarschijnlijk geMIST.