A 25022 Bijlage 1 Concept leervragen Spiegeltraject Midden-Delfland
Tekst van het document
Bijlage 1 Concept leervragen Spiegeltraject Midden-Delfland
Opbrengst van de reflectiesessie in Midden-Delfland op 18 februari 2025 met een afvaardiging van raadsleden, collegeleden en het directieteam. Werkwijze Op basis van onderstaande hoofddoelstelling werden aanwezigen uitgenodigd om (per tafelgroep: 3 tafels raadsleden, 1 tafel college en 1 tafel organisatie) twee leervragen te formuleren die vanuit hun eigen perspectief belangrijk waren om de hoofddoelstelling naar hun praktijk te vertalen. Daarna volgde een plenair gesprek waarin leervragen werden toegelicht, geclusterd en geherformuleerd. Hoofddoelstellina De avond is gestart vanuit de hoofddoelstelling van het Spiegeltraject Midden-Delfland en luidt: In het bestuurlijk samenspel tussen college en gemeenteraad komen tot het versterken van onze regionale rol in relatie tot het Bijzonder provinciaal landschap Midden-Delfland
Leervragen Het gesprek leverde de volgende thema's en leervragen op:
Wederkerige betrokkenheid binnen en buiten de gemeente: 1. Hoe versterken we de betrokkenheid van inwoners bij Midden-Delfland? 2. Hoe om te gaan met de afhankelijkheid van de regio en ons omliggende gemeenten, waar niet dezelfde cultuur en taal geldt? Toelichting: Vragen 1 en 2 vertegenwoordigen twee zijden van dezelfde medaille. •
•
Binnen de gemeente: hoe versterk je de betrokkenheid van inwoners bij de gemeente en hoe verstevig je vanuit de gemeente de relatie met inwoners. De kracht van het Bijzonder provinciaal landschap (als ruimtelijk kader én breder, namelijk in de ervaring van betrokkenen) zit in de kwaliteit die het landschap biedt voor inwoners en 'gebruikers'. De dorpen en hun inwoners zijn onderdeel van het landschap. De betrokkenheid is niet aitijd vanzelfsprekend, want er zijn ook dilemma's (Wat past wel en wat niet? Hoe (be)houd je dorpen en het landschap leefbaar en aantrekkelijk?). Één ding is zeker: als inwoners en gebruikers de toegevoegde waarde van het bijzondere landschap niet ervaren en steunen, dan is het ook lastig om als gemeente een stevige regionale rol te pakken. Buiten de gemeente: het bovenstaande geldt ook regionaal, bij de regio en omliggende gemeenten. Hoe agendeer en voer je het gesprek over de kwaliteit van het bijzondere landschap met omliggende gemeenten? Ook hier kan er sprake zijn van het behouden en versterken van de onderlinge relaties en betrokkenheid van de landschappelijke opgaven. Dat gesprek kan gaan over cultuur en taal, maar ook over een goede verdeling (en bekostiging?) van regionale functies voorbij deelbelangen. Dit vraagt het e.e.a. van een fijnschalige gemeente ais Midden-Delfland (zie ook de andere leervragen).
Concrete gemeentelijke thema's die hierin genoemd worden (en waar voor de zelfevaluatie casuïstiek aan ontleend kan worden) zijn: de implementatie van de Omgevingswet, dienstverlening, woningbouw en leefbaarheid.
Organiseren van kaders en iegitimiteit, vergroten slagkracht 3. Hoe leren we als college kaders te vragen? 4. Hoe houden we als raad vast aan reeds gestelde kaders? 5. Hoe vergroten we de slagkracht (die bij het college ligt) ook voor de gemeenteraad?
1
Toelichting: De samenhang tussen deze leervragen is als volgt: •
•
•
Om de kwaliteit van leven voor inwoners te versterken en beter uitvoering te geven aan de bestuurlijke opdracht voor het landschep heeft het college de wens om zich verder te bekwamen in het structureel vragen en ophalen van kaders bij de gemeenteraad. Het politiek verankeren en legitimeren van het regionaal opereren van het college kan een manier zijn om regionaal een sterkere en strategische rol te spelen. Een stevig democratisch kader of richtinggevende uitspraak van de gemeenteraad kan daarbij een steun in de rug zijn en inhoudelijk mandaat aan het college geven. Dit democratisch samenspel biedt naar verwachting kansen dat de gemeenteraad zichzelf daarmee eerder en sterker in positie brengt. Hoe kan in het samenspel bij het uitwerken van de kaders gezorgd worden dat deze duidelijk zijn, blijven en richtinggevend zijn. Hoe kan het invullen van de bestuurlijke rol in de regio en naar inwoners niet alleen sterk(er), maar ook strategisch worden (d.w.z. anticiperend op ontwikkelingen, met toekomstbestendige lijn). Daarbij dient ook de vraag beantwoord te worden welke eigen speelruimte spelers {college/organisatie en raad) zien binnen die kaders. Met het uitwerken van dat proces kan ook echt op situaties ingespeeld worden.
Dit betekent dat binnen deze leervraag ook verkend kan worden welke verschillende soorten kaders er eigenlijk zijn (verordeningen, beleidskaders, moties, meer informeel in het samenspel tot stand gekomen legitimatie) en hoe die in de context van Midden-Delfland hun effectieve werking kunnen hebben. Het thema 'slagkrachtige raad' hangt nauw met het bovenstaande samen. In de praktijk ligt slagkracht in de uitvoering bij het college: daar zijn het college en de organisatie ook voor. Hoe kan de gemeenteraad door het gebruik maken van de organisatie en college vanuit zijn eigen rollen de slagkracht vergroten. Kunnen door het stellen van stevige, toekomstbestendige kaders met passende ruimte voor een ieders rol (zoals bij de voorgaande bullet al benoemd), ook de controlerende en in de vertegenwoordigende rol concreter worden ingevuld. Deze laatste rol is gekoppeld aan de eerste leervraag ('inwoners betrekken').
Omgang met informatie en onzekerheid 6. Hoe zorgen we voor informatie op een abstractieniveau dat past bij de verschillende rollen? 7. Hoe creëren we vertrouwen tijdens het niet-weten? a. Welke interactie tussen spelers is dan nodig en hoe organiseren we die? b. Welke informatie kunnen we dan alsnog/wèl organiseren? c. Hoe richten we het proces dan in en hoe communiceren we daarover? Toelichting: •
•
Deze leervragen zijn ingebracht door de organisatie als facilitator van het samenspel van college en raad. Dit komt duidelijk tot uitdrukking in leervraag 6. De organisatie is ook zelf een belangrijke gebruiker van informatie, op een ander abstractieniveau dan college en raad. Welke soort Informatie past waar, hoe filter die je voor een effectief gebruik door gemeenteraad en college? Hoe zit dat nu, hoe werkt dat uit en hoe kan dat beter? In het samenspel van de complexe vraagstukken rondom de regionale samenwerking en in specifiek ten aanzien van het Bijzonder provinciaal landschap is ongetwijfeld ook sprake van niet-weten. Bijvoorbeeld omdat informatie (nog) niet voorhanden is. Dan zijn er mogelijk andere manieren om tóch aan vertrouwen en/of houvast te werken. Leervraag 7 noemt er drie, maar er zijn er in het Spiegeltraject vast nog meer te verkennen. Deze leervraag heeft raakvlakken met leervragen 3 tot en met 5. 2