A 24072 bijlage 2 Bestuurlijke oplegnotitie BO-BPL MD, van propositie naar integraal gebiedsadvies (aangepast)
Tekst van het document
Oplegnotitie Aan
:
Landschapstafel BPL Midden-Delfland
Van
:
Fenneke van der Vegte, procesmanager Plus voor het Landschap
Betreft
:
Uitwerking Gebiedsgerichte Opgave BPL en voortgang proces
Datum
:
16 september 2024
Opdracht vanuit de vorige Landschapstafel In het bestuurlijk overleg van 13 september was er consensus over de gezamenlijke ambitie en integrale uitgangspunten, zoals in het document Gebiedsgerichte Opgave BPL Midden Delfland verwoord is. Het rapport bouwt voort op de ambities en doelen uit het eerder geformuleerde uitvoeringsagenda. Het document geeft voor de zone rondom het spoor Delft-Schiedam aan welke maatregelen nodig zijn om de landschappelijke kwaliteit te borgen bij baanverbetering en spoorverdubbeling. Hiervoor zijn de ontwerpprincipes slank, verbindend en poreus gebruikt. In het overleg bleek dat u een duidelijke gezamenlijke ambitie heeft maar dat de formulering van de besluitpunten hier niet goed bij aansloot. U heeft gevraagd om de besluitpunten te herformuleren, waarbij er consensus was over punten 1 en 2. Daarnaast is een toelichting toegevoegd aan de punten. Voorstel geherformuleerde besluiten: 1. De Landschapstafel stemt in met het concept-rapport “Gebiedsgerichte Opgave BPL Midden-Delfland” als gemeenschappelijke ambitie van de Landschapstafel voor de verdere ontwikkeling van het BPL. (geen nieuwe formulering noodzakelijk) Consensus in BO over dit punt. Toelichting: De ambitie en integrale uitgangspunten zijn voor het gehele BPL in het document verwoord en sluiten aan bij de ambitie en de doelen van het uitvoeringsprogramma.
De uitgangspunten zijn: landschap als voortuin, ruim baan voor het cultuurlandschap, zonering van het gebied, water is de toekomst en het gebied als bestemming. Voor de spoorzone is gewerkt met 3 ontwerpprincipes: slank, poreus en verbindend. In combinatie met de ambitie en integrale uitgangspunten zijn gewenste ontwikkelingen in meer detail uitgewerkt voor de spoorzone (i.v.m. met urgentie door spoorse ontwikkelingen en besluitvorming in BO-MIRT). 2. De Landschapstafel stemt in met de naam ‘Gebiedsgerichte Opgave BPL Midden-Delfland’ als naam voor het integrale proces dat de komende periode wordt ontwikkeld en uitgerold. (geen nieuwe formulering noodzakelijk). Consensus in BO over dit punt. 3. De Landschapstafel draagt de werkgroep Plus voor het Landschap op om te onderzoeken hoe aan GO-BPL Midden Delfland uitvoering gegeven kan worden. Hiervoor wordt gekeken naar verschillende tafels en programma’s , waaronder de besluitvormingstafel van de spoorse maatregelen. Waar nodig wordt er lobby gevoerd. Toelichting: Concreet houdt dit in dat de werkgroep: a) zich bij de spoorse opgaven actief inzet om de benodigde landschappelijke inpassing van verschillende oplossingsrichtingen in besluitvorming op te nemen (incl. investeringsvolume/ prijskaartje).
De benodigde inpassing wordt gevormd door de ontwerpprincipes die de Landschapstafel heeft vastgesteld (slank, poreus, verbindend) in GO-BPL MD. Hiervoor zijn de volgende stappen nodig: 1
1. behouden van impactanalyse op het thema inpasbaarheid in spoorse projecten. 2. blijvend inzetten voor gekoppelde besluitvorming baanverbetering en Oude Lijn- blijven benadrukken. 3. Inzet op het op kosten kunnen zetten van de inpasbaarheidsmaatregelen door ProRail (prijskaartje landschappelijke inpassing van oplossingsrichtingen in NKO mee laten wegen in besluitvorming). 4. Aandringen op scope verruiming voor ProRail bij I&W en bij BO MIRT. Eventueel bij de Tweede Kamer aanhangig maken. b) zich bij de spoorse opgaven actief inzet om meekoppelkansen (gewenste ontwikkelingen die geen mitigerende- of compenserende maatregelen zijn) haalbaar te maken. Hiervoor zijn de volgende stappen nodig: 1. meekoppelkansen in Oude Lijn documenten op laten nemen 2. meekoppelkansen inbrengen in de uitwerking van de investeringsstrategie NOVEX Zuidelijke Randstad en ze daar ook koppelen aan groei van bewoners, ingrepen in het landschap (zoals de spoorse projecten) en autonome ontwikkelingen (zoals klimaatverandering). c) een voorstel voor verdere inbedding op rijks- of provinciaal niveau maakt op basis van gesprekken met de verschillende leden en ontwikkelingen op rijksniveau(o.b.v. regeerprogramma) 4. De Landschapstafel (haar leden) zetten zich bestuurlijk in om de GO-BPL Midden Delfland ambitie op rijks- en provinciaal niveau te borgen en voeren hiervoor een gezamenlijke lobby.
Toelichting: Om te ambitie te borgen is een ambtelijk-bestuurlijk samenspel nodig. Bestuurders agenderen integrale ontwikkeling van het gebied: GO-BPL Midden Delfland ontwikkelt zich in samenhang met woningbouw en mobiliteit. GO-BPL Midden Delfland is dan een concreet voorbeeld hoe verschillende opgaven in samenhang met elkaar opgepakt moeten worden. Dit is vergelijkbaar met Groen Groeit Mee in provincie Utrecht. Hierin kan samen opgetrokken worden. Bestuurders wordt gevraagd hier actief op te handelen naast de voorstellen vanuit de werkgroep. 5. Alle partijen informeren hun achterban actief over het lopende proces. Toelichting: De gemeenteraden, staten en het algemeen bestuur worden geïnformeerd over het proces en de inzet van de landschapstafel. Ook kunnen zij geconsulteerd worden over vervolginzet (zie besluitpunt 6). Ook de overige partijen informeren hun achterban over het proces. De werkgroep bereidt dit gezamenlijk voor (gezamenlijke boodschap). 6. De Landschapstafel zet de bestaande -maar beperkte- middelen in om eind 2024 te kunnen besluiten over een adequate vervolginzet van de Landschapstafel (incl. benodigde bemensing en middelen). Toelichting: Met de huidige middelen kan de werkgroep een voorstel maken hoe zij na 2025 verder gaat en welke mensen en middelen daarvoor beschikbaar zijn.
Hoe dit er exact uitziet hangt af van de leden van de Landschapstafel en in hoeverre en op welke termijn GO-BPL Midden Delfland gekoppeld kan worden aan andere programma’s. Komend najaar wordt dit duidelijker met o.a. de afspraken over de uitvoeringsagenda NOVEX Zuidelijke Randstad.
2