CConstaterende datMidden-Delfland
Koppel je AI →
Document · PDF

A 23019 Inburgering.PDF

Gemeenteraad 23 mei 2023, gemeente Midden-DelflandBij agendapunt: Brieven van het college4.573 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

" im Gemeente " ÉÉÉ Midden-Delfland

Anna van Raesfeltstraat 37, Postbus 1, 2636 ZG Schipluiden T (015) 380 41 11, F (015) 380 99 92 E gemeente@middendelfland.nl, I www.middendelfland.nl

Aan de gemeenteraad

Ons kenmerk Uw brief van Bijlagen

0000394912 17 maart 2023

Onderwerp Raadsinformatiebrief inburgering

1 8 APR Datum 4 april 2023

Geachte raadsleden.

Sinds 1 januari 2022 is de Wet inburgering 2021 van kracht. Met ingang van deze wet hebben wij als gemeente wederom een centrale rol in het inburgeringstelsel gekregen. Als gemeente hebben we de regie over het gehele inburgeringstraject van statushouders die zich in onze gemeente vestigen. Het is tevens onze verantwoordelijkheid het aanbod van voorzieningen op orde te hebben. De nieuwe wet bracht een verhoging van de taaleis met zich mee en tevens kwam de nadruk te liggen op het duale karakter van inburgeringstrajecten. Op 25 januari 2021 bent u via het implementatieplan Wet Inburgering 2021 geïnformeerd over de inhoud van de wet en de wijze waarop wij hieraan invulling wilden geven. In deze raadsinformatiebrief blikken we op hoofdlijnen terug op het eerste jaar Wet inburgering 2021 en kijken we vooruit naar de komende jaren waarin we de uitvoering van deze wet verder willen optimaliseren. In de bijlage bij deze raadsinformatiebrief vindt u meer gedetailleerde informatie over de verschillende onderdelen van de wet. Met de komst van de klantmanager inburgering begin 2022 zijn we voortvarend van start gegaan met de uitvoering van de Wet inburgering 2021. In 2022 hebben we onze taakstelling (26 personen) op het gebied van plaatsen van statushouders gerealiseerd.

Hiervan waren er 7 statushouders inburgeringsplichtig onder de oude wet, zij zijn voor 2022 inburgeringsplichtig geworden, maar pas in 2022 in onze gemeente komen wonen. Daarnaast zijn 9 statushouders inburgeringsplichtig onder de nieuwe wet. De andere 10 statushouders waren minderjarig en daarom (nog) niet inburgeringsplichtig. Daarnaast zijn er in de gemeente in totaal 4 gezinsmigranten komen wonen, die ook onder de nieuwe wet vallen. Alle inburgeringsplichtige statushouders en de gezinsmigranten hebben de (verlengde) brede intake doorlopen, er is voor hen een PIP (persoonlijk plan inburgering en participatie) opgesteld, zij participeren allen in een leerroute en hebben een taalmaatje. Daarnaast ontvangen ze maatschappelijke begeleiding. Verder hebben ze regelmatig gesprekken met de klantmanager inburgering zodat er zicht blijft bestaan op de voortgang van hun inburgeringstraject. Ook de voortgang van de statushouders die in 2022 zijn gestart met inburgeren onder de oude wet wordt gevolgd. Als gemeente zijn we erin geslaagd alle statushouders die onder de nieuwe wet instroomden te bieden wat minimaal vanuit de wet nodig is. Daarnaast zijn we in samenwerking met onze taalaanbieder gaan werken met de een verlengde intake, hierdoor krijgen we beter inzicht in de (leer)mogelijkheden van de statushouder.

Door inzet van de verlengde intake zijn reeds twee nieuwe inwoners gestart op een hoger taalniveau dan op basis van de DUO leerbaarheidstoets werd geadviseerd. Voor de uitvoering van deze wet is samenwerking met veei verschiliende (lokaie) partijen essentieel. Het is hierbij van belang deze samenwerking zo vorm te geven, dat de partijen elkaar weten te vinden voor overleg en elkaar daardoor versterken en aanvullen. Naast heldere contractuele afspraken hebben wij ook met alle contractpartijen werkafspraken gemaakt. Er is regelmatig op uitvoerend en

MIX

FSC

Van verantwoorde herkomst

FSC* C001697

beleidsniveau overleg tussen de partijen. In 2022 vond er eens in de zes weken een 'breed overleg statushouders' plaats waarin alle partijen vertegenwoordigd zijn, die in meer of mindere mate betrokken zijn bij de statushouders in onze gemeente. De overleggen worden goed bezocht en zorgen onder andere voor korte lijntjes tussen de verschillende organisaties, wat de begeleiding van de statushouders ten goede komt. Bij het breed overleg zijn de volgende partijen betrokken: Taalschool Rijswijk, Participe, SWMD, Wonen Midden-Delfland, Work 8, Schuldhulpmaatje en Bibliotheek de Plataan. Vanuit de gemeente sluiten naast de beleidsmedewerker ook de klantmanager inburgering en de kwaliteitsmedewerkers van het maatschappelijke team en team werk & inkomen aan. In 2023 starten we naast het breed overleg met een casusoverleg. Om te zorgen dat de visie en de werkwijze van de gemeente bekend is bij de vrijwilligers die met onze statushouders werken is het streven één tot twee keer per jaar een vrijwilligersbijeenkomst te organiseren. De eerste bijeenkomst heeft in september 2022 plaatsgevonden, deze werd door ruim twintig aanwezigen bijgewoond en als zeer positief geëvalueerd. In 2023 organiseren we wederom een dergelijke bijeenkomst met als doel kennis en netwerk vergroten.

In 2022 hebben we met alle betrokken partijen gewerkt aan de verbetering van de dienstverlening, waarbij een lokale, integrale aanpak met als doel duurzame participatie centraal stond. In 2023 werken we hier verder aan, we hebben daartoe met alle partijen de samenwerking geëvalueerd en bekeken waar verbetering mogelijk is. Zo gaan we in 2023 meer de focus leggen op het duale deel van de leerroutes en kijken we naar de mogelijkheden van huisbezoeken en het werken met sleutelpersonen. De uitvoering van de nieuwe wet paste in 2022 binnen de opgestelde begroting. Voor 2023 is de taakstelling voor het eerste halfjaar verdubbeld. Met de verhoging van de taakstelling volgt voor de meeste onderdelen van de wet ook extra financiering vanuit het rijk middels een specifieke uitkering, zoals bijvoorbeeld voor de maatschappelijke begeleiding en leerroutes. Voor de extra uitvoeringskosten worden gemeenten via het gemeentefonds gecompenseerd. Vooralsnog is er geen gebruik gemaakt van dit budget voor het uitbreiden van het aantal uur van de klantmanager inburgering of extra administratieve ondersteuning. De verhoging van de taakstelling zorgt voor extra werkdruk bij de klantmanager. We sluiten niet uit dat het nodig is onze capaciteit op deze plek in de organisatie uit te breiden.

Mocht dit het geval zijn dan komen we daar op een later moment bij de raad op terug, inclusief een voorstel voor financiering. Wij hopen u op deze manier voldoende te hebben geïnformeerd over de voortgang van de Wet Inburgering 2021. Mochten er in de toekomst bijzonderheden zijn rondom de uitvoering van de wet dan informeren we u wederom middels een raadsinformatiebrief. In de jaarverantwoording vindt u in ieder geval jaarlijks informatie over de gehuisveste statushouders en hun resultaten met betrekking tot inburgering.

Met vriendelijke groet, het college van burgemeester en wethouders.

drs. gem

2

Bijlage: rapportage bij raadsinformatiebrief De Wet inburgering 2021 De Wet inburgering 2021 op hoofdlijnen Het doel van de nieuwe wet is door het Rijk als volgt geformuleerd:

Inburgeraars doen zo snel mogelijk naar eigen kunnen mee in de maatschappij, het liefst via betaald werk. Hiervoor bereiken ze een zo hoog mogelijke beheersing van de Nederlandse taai, het liefst op Bl-niveau. De doelgroep blijft vanaf 1 januari 2022 hetzelfde als in de oude wet: vreemdelingen die in het bezit zijn van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd en die anders dan voor een tijdelijk doel in Nederland verblijven zijn inburgeringsplichtig. Deze groep omvat zowel statushouders als gezins- en overige migranten. Statushouders o Asielstatushouders: dit zijn asielzoekers die zelfstandig naar Nederland zijn gekomen om asiel aan te vragen. Zij komen in het Asielzoekerscentrum (AZC) terecht waar gekeken wordt of zij in aanmerking komen voor een verblijfsvergunning. Zodra ze deze krijgen, spreken we over een asielstatushouder. o Hervestigers: dit zijn statushouders die in buurlanden van hun oorspronkelijke land van herkomst beland zijn in vluchtelingenkampen. Nederland heeft ervoor gekozen om jaarlijks 500 hervestigers op te nemen. Hervestigers krijgen direct een status en komen niet in een AZC terecht maar worden direct gehuisvest in een gemeente, o Nareizigers: echtgenoten, partners en minderjarige (of afhankelijke meerderjarige) kinderen van een statushouder die na inwilliging van de gezinsherenigingsaanvraag in Nederland mogen verblijven.

Deze personen zitten vaak relatief kort in een AZC. Gezinsmigranten (niet zijnde nareizigers) en overige migranten (hierna gezinsmigrant): personen die hier voor gezinshereniging of gezinsvorming zijn, bijvoorbeeld omdat zij een Nederlandse echtgeno(o)t(e) of partner hebben. Ook geestelijk bedienaren en vreemdelingen met een verblijfsvergunning voor een niet­ tijdelijk verblijfsdoel, zoals bijvoorbeeld voortgezet verblijf nadat zij eerder een verblijfsvergunning voor een tijdelijk doel hadden. Deze groep inburgeringsplichtigen is niet afhankelijk van een bijstandsuitkering.

Om het doel van de Wet inburgering 2021 te kunnen bereiken bestaat de wet uit verschillende onderdelen:

1. Brede intake 2. Persoonlijk plan inburgering en participatie (PIP) en voortgangsgesprekken 3. Het aanbieden van een passende (duale) leerroute: a. Onderwijsroute b. Bl-route c. Zelfredzaamheidsroute (Z-route) 4. Module Kennis van de Nederlandse Maatschappij (KNM) 5. Financieel ontzorgen 6. Financiële zelfredzaamheid 7. Maatschappelijke begeleiding 8. Participatieverklaringstraject (PVT) 9. Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP)

Als gemeente zijn we voor al deze onderdelen verantwoordelijk voor alle statushouders. Voor de gezins- en overige migranten zijn we verantwoordelijk voor de brede intake, een PIP en voortgangsgesprekken. Ook de PVT en MAP bieden we deze groep aan. Zij zijn echter zelf verantwoordelijk voor de inkoop van een leerroute, zij kunnen hiervoor een lening afsluiten bij DUO. Om te voldoen aan de inburgeringsplicht moet de inburgeraar binnen drie jaar de volgende onderdelen met goed gevolg hebben doorlopen: 1. Een leerroute (inclusief module Kennis van de Nederlandse Maatschappij) 2. Het Participatieverklaringstraject (PVT) 3. De module Arbeidsmarkt & Participatie (MAP) Naast de verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van de nieuwe wet hebben gemeenten ook de inspanningsverplichting om statushouders die gestart zijn met hun inburgeringstraject onder de oude wet en deze nog niet hebben afgerond, de zogenaamde ondertussengroep, te begeleiden in de geest van de nieuwe wet. Tevens kwam daar in 2022 de verplichting bij om vluchtelingen uit de Oekraïne op te vangen en te zorgen voor registratie in de Basisregistratie Personen, leefgeld te verstrekken en te zorgen voor onderwijs en zorg. De doelgroep in Midden-Delfland De instroom van het aantal statushouders en het aantal gezinsmigranten fluctueert per jaar.

In onderstaande tabel is de taakstelling van de door onze gemeente op te nemen statushouders weergegeven van 2017 tot en met de eerste helft van 2023. Tabel 1: Taakstelling huisvesting statushouders afgelopen jaren Taakstelling

Eerste halfjaar

Tweede halfjaar

Totaal

2017 2018 2019

15 15 7

11 13 7

2020

6

8

2021

15

2022

11 24

13 15

26 28 14 14 28 26

2023

Landelijk gezien is op dit moment 70% van de totale instroom 18 jaar of ouder en daarmee in principe inburgeringsplichtig. In 2022 is onze taakstelling behaald en zijn uiteindelijk 26 statushouders ingestroomd, waarvan er 16 inburgeringsplicht hebben. De overigen waren op het moment van instroom minderjarig. Daarnaast zijn nog 4 gezinsmigranten ingestroomd. Een deel van de instroom vond aan het eind van 2022 plaats, waardoor nog niet iedereen in 2022 is gestart met een leerroute. De inburgeringsplichtigen moeten het inburgeringstraject binnen drie jaar afronden. Begin 2022 zijn er 35 Oekraïense vluchtelingen, waaronder vijf kinderen, opgevangen door particulieren in onze gemeente. De klantmanager inburgering heeft aan 18 van hen leefgeld verstrekt. Op dit moment ontvangen nog 12 personen leefgeld. Daar waar nodig heeft de klantmanager ook via diverse kanalen contact met hen onderhouden. Onderwerpen die bij deze contactmomenten aan de orde kwamen, waren bijvoorbeeld taallessen, gezondheidszorg en woonruimte. Ook is daar waar nodig ondersteuning geboden aan de zogenaamde 'ondertussengroep'. Een deel van deze groep is pas in 2022 in onze gemeente ingestroomd, 7

inburgeringsplichtigen. Echter er zijn ook personen die al langer in onze gemeente wonen en nog niet aan hun inburgeringsplicht hebben voldaan. Personen die behoren tot deze groep en waarvan het einde van hun inburgeringsperiode nadert krijgen vanuit DUO een brief waarin staat aangegeven dat zij, indien nodig, voor ondersteuning terecht kunnen bij de gemeente. Binnen onze gemeente gaat het vooralsnog om een beperkt aantal. Niet alleen op deze manier bereiken wij deze groep, ook via collega's en onze samenwerkingspartners worden contacten gelegd. Op het moment dat er extra ondersteuning nodig is, is dat bijvoorbeeld mogelijk vanuit ons maatwerkbudget inburgering. Op dit moment is een van de taken de klantmanager inburgering het in kaart brengen van deze doelgroep.

De Wet inburgering 2021 in de praktijk Om de nieuwe inburgeringswet handen en voeten te geven zijn in 2021 met verschiilende partijen contracten afgesloten en is een klantmanager inburgering aangenomen. In deze paragraaf schetsen we de uitvoering van de wet op onderdelen. 1. Brede intake, persoonlijk plan inburgering en participatie (PIP) en voortgangsgesprekken Onze klantmanager inburgering is verantwoordelijk voor het uitvoeren van de brede intake, het opstellen van het PIP en het voeren van voortgangsgesprekken. Op het moment dat er een nieuwe statushouder aan onze gemeente wordt gekoppeld, legt de klantmanager reeds contact met de statushouders in het ACZ. Tijdens dit contact wordt aandacht besteed aan wat de statushouder na vestiging in onze gemeente kan verwachten. Nadat de statushouder zich in onze gemeente heeft gevestigd, vindt er een gesprek plaats met de klantmanager inburgering en wordt er een landelijk verplichte leerbaarheidstoets afgenomen. Deze leerbaarheidstoets geeft een advies over de leerroute die het beste past bij de betreffende statushouder. In 2022 zijn 13 brede intake gesprekken gevoerd met statushouders die vallen onder de nieuwe wet finclusief de aezinsmiarantenl en 11 leerbaarheidstoetsen afoenomen. Daarnaast ziin er met 19 statushouders, die nog inburaerinasplichtia ziin en onder de oude wet vallen, één of meerdere gesprekken gevoerd.

Om te zorgen dat we de juiste leerroute inzetten voor een statushouder maken we voorafgaand aan de keuze voor een leerroute gebruik van de expertise van onze aanbieder van taal (Taalschool Rijswijk), dit noemen we een verlengde intake. In de periode die we als gemeente hebben om een brede intake uit te voeren en een PIP op te stellen (10 weken), gaat de statushouder ook een aantal keer langs bij Taalschool Rijswijk. Zij volgen daar een beperkt aantal proeflessen, maken een of meerdere assessments om het taalniveau te bepalen. Ook wordt inzicht verkregen in de competenties, denkkracht, persoonlijkheid, interesses en motivatie van een individuele inburgeraar. Al deze bevindingen worden meegenomen in de uiteindelijke keuze voor het meest passende leertraject. De klantmanager inburgering en Taalschool Rijswijk overleggen over de keuze voor de beste leerroute, uiteindelijk neemt de klantmanager het besluit. Dit heeft ertoe geleid dat in twee gevallen is gekozen om af te wijken van de uitslag van de DUO leerbaarheidstoets en het advies van Taalschool Rijswijk op te volgen. De betreffende statushouders is een leerroute op een hoger taalniveau aangeboden (Bl-route). In 2022 hebben 8 statushouders een verlengde intake oevolod bii Taalschool Riiswilk.

In het PIP wordt vastgelegd op welke manier de inburgeraar het totale inburgeringstraject gaat doorlopen om de gestelde doelen te bereiken. Het PIP heeft het karakter van een beschikking, omdat er rechten en plichten aan verbonden zijn. Het verwijtbaar niet voldoen aan de inburgeringsplicht leidt tot een boete. Tevens bevat het PIP een bijlage waarin dieper wordt ingegaan op hoe de gestelde doelen bereikt kunnen worden. In het PIP wordt niet alleen aandacht besteed aan het leren van taal maar ook aan participatie. In 2022 zijn 4 PIP's opoesteld voor statushouders en 2 PIP's opaesteld voor oezinsmioranten. Voor de overige personen geldt dat zij nog in de (verlengde) brede intake zaten. Voor hen is inmiddels in 2023 de PIP vastgesteld. Gemeenten zijn verplicht regelmatig voortgangsgesprekken te voeren met diegenen voor wie een PIP is opgesteld om op deze manier de voortgang te bewaken en indien nodig bij te sturen en het PIP bij te stellen. Gemeenten zijn verplicht in het eerste jaar minimaal twee voortgangsgesprekken te voeren. De ervaring leert dat bij sommige statushouders meer dan twee voortgangsgesprekken in een jaar nodig zijn, onze klantmanager gaat hier flexibel mee om. In 2022 zijn 6 voortgangsgesprekken gevoerd met 4 statushouders die onder de nieuwe wet vallen. Tevens ziin met 19 personen, die onder de oude wet vallen één of meerdere gesprekken gevoerd.

Terugblik en aandachtspunten voor de toekomst De uitvoering van de brede intake, het opstellen van de PIP's en het uitvoeren van de voortgangsgesprekken verloopt op dit moment naar tevredenheid. We monitoren of het aantal ingezette voortgangsgesprekken voldoende is om daadwerkelijk de regie te behouden als gemeente. Ook de samenwerking met Taalschool Rijswijk voor de verlengde intake verloopt naar tevredenheid. De verlengde intake richt zich echter nu nog uitsluitend op taal, In de toekomst zouden we hier ook participatie in willen verweven. Op deze manier participeren statushouders ook direct na vestiging in onze gemeente en is beter zichtbaar wat hun mogelijkheden op dit gebied zijn. 2. Inzet leerroutes Uitgangspunt van de nieuwe wet is dat iedereen op een zo hoog mogelijk taalniveau inburgert. Daartoe zijn er drie leerroutes ontwikkeld: Onderwijsroute: een taalschakeltraject, waarin de inburgeringsplichtige niet alleen de Nederlandse taal leert op minimaal Bl-niveau, maar tegelijkertijd zo goed mogelijk wordt voorbereid op instroom in het Nederlandse beroeps- of wetenschappelijk onderwijs. 2. Bl-route: binnen deze leerroute wordt het leren van taal gecombineerd met (vrijwilligers)werk. Doel van deze route is dat inburgeraars zo snel mogelijk, maar binnen maximaal drie jaar, taalniveau BI behalen en hun perspectief op de arbeidsmarkt vergroten.

Voor het participatiedeel van de Bl-route geldt geen uren verplichting. 3. Zelfredzaamheidsroute (Z-route): voor mensen voor wie de onderwijs- of Blroute buiten bereik ligt, is er een leerroute waarbij iedereen leert zich in de maatschappij te redden. Deze route bestaat uit 800 uur taalonderwijs en 800 uur participatie. Ook het alfabetiseringstraject is opgenomen in de Z-route. 1.

Het onderdeel Kennis van de Nederlandse Maatschappij (KNM) maakt integraal onderdeel uit van de taalcursussen. De taalonderdelen en KNM worden voor de Bl-route en de onderwijsroute centraal getoetst. De Z-route wordt afgesloten met een eindgesprek. Ad 1. De inkoop van de verschillende onderwijsroutes heeft regionaal plaatsgevonden. Onze statushouders hebben de mogelijkheid leerroutes te volgen die hen voorbereiden op een opleiding op MBO-, HBO- en WO-niveau. De gemeente Den Haag heeft het voortouw genomen bij de aanbesteding van deze routes in de regio Haaglanden. Voor onze inwoners uit Maasland is er de mogelijkheid in te stromen in leerroutes die door de gemeente Rotterdam zijn ingekocht. In 2022 ziln er geen statushouders de onderwijsroute inoestroomd. Ad 2. en ad 3. De Bl-route en de Z-route zijn ingekocht bij Taalschool Rijswijk^ Taalschool Rijswijk heeft het door het Rijk verplicht gestelde Blik op Werk keurmerk. In 2022 is er 1 statushouders inoestroomd in de Z-route en 3 in de Bl-route. Noo 4 statushouders ziin in 2022 aanaemeld bii Taalschool Rijswijk en starten in 2023 met taallessen. Alle deelnemers liggen op schema met betrekking tot hun inburgeringstraject. Ook de duale componenten van de BI- en de Z-route zijn ingekocht bij Taalschool Rijswijk. In 2022 zijn twee van de vier statushouders daadwerkelijk gestart met vrijwilligerswerk.

Met de andere twee statushouders is Taalschool Rijswijk hierover in gesprek. Om de Nederlandse taal te leren is oefenen in de praktijk van belang, daarom wordt elke statushouder die zich in onze gemeente vestigt gekoppeld aan een taalmaatje vanuit het Taalhuis Midden-Delfland.

Terugblik en aandachtspunten voor de toekomst De samenwerking met Taalschool Rijswijk verloopt naar tevredenheid. De klantmanager inburgering heeft frequent contact met Taalschool Rijswijk over individuele inburgeraars. Ook op beleidsniveau is er regelmatig overleg over bijvoorbeeld werkprocessen. Op dit moment is het vormgeven van de duale component van de leerroutes nog een aandachtspunt. Met Taalschool Rijswijk is afgesproken dat vanaf 2023 alle statushouders zo snel als mogelijk, maar uiterlijk binnen twee maanden naast hun taallessen ook participeren, bijvoorbeeld in vrijwilligerswerk of in een opstapbaan. Wij gaan er vanuit dat iemand in principe minimaal 30 uur actief is in de week inclusief het aantal uren taalonderwijs, tenzij dit om medische redenen niet mogelijk is. Afgesproken is dat Taalschool Rijswijk bij aanvang van elk inburgeringstraject een persoonlijk plan opstelt waar ook het participatiedeel in is uitgewerkt. 3. Financieel ontzorgen en financiële zelfredzaamheid Gemeenten zijn verplicht asielstatushouders financieel te ontzorgen. Dit houdt in dat vaste lasten (huur, gas, water en licht en zorgverzekering) gedurende een verplichte periode van 6 maanden worden betaald vanuit de bijstandsuitkering. De verplichte ontzorging eindigt binnen de periode van 6 maanden of als het recht op bijstand eindigt.

Aan het einde van de verplichte periode van 6 maanden kan de gemeente op basis van maatwerk ervoor kiezen om de ontzorgde periode te verlengen. Door in te zetten op financieel ontzorgen wordt voorkomen dat onzekerheid over de financiële positie in de beginfase afleidt van de integratieverplichtingen. Daarnaast worden schulden voorkomen, die makkelijk kunnen ontstaan omdat statushouders op het moment van vestiging in de 1 Zij hebben de aanbesteding die door de gemeenten Delft, Rijswijk en Midden-Delfland is uitgezet voor het taaldeel van de Z-route gewonnen. De B1-route en de participatiedeel van de Z-route is onderhands aanbesteed aan Taalschool Rijswijk.

gemeente vaak nog onvoldoende kennis hebben van de financiële verplichtingen die zij hebben. Het team Uitvoering Werk & Inkomen is verantwoordelijk voor het financieel ontzorgen van onze statushouders. In 2022 is de periode van financieel ontzoroen voor 6 statushouders gestart. In 2022 is voor 1 persoon het financieel ontzoroen na de termijn van zes maanden gestopt. Financieel ontzorgen is alleen zinvol als de persoon in kwestie gedurende deze periode ook daadwerkelijk financieel zelfredzaam wordt gemaakt. De opdracht hiervoor is neergelegd bij Participe. Zij voeren ook voor ons de maatschappelijke begeleiding uit, financiële zelfredzaamheid maakt onderdeel uit van dat traject. Ook bij de statushouders die onder de oude wet inburgeringsplichtig zijn geworden en nog in begeleiding zijn bij Participe wordt aandacht besteed aan financiële zelfredzaamheid. In 2022 ziin 6 personen gestart met een training financiële zelfredzaamheid. Aangezien onze aantallen laag zijn is het voor Participe niet mogelijk om groepstrainingen te verzorgen. Zij hebben daarom het vergroten van de zelfredzaamheid geïntegreerd in hun maatschappelijke begeleiding. Aandacht voor het vergroten van de zelfredzaamheid loopt door tot drie maanden na het stoppen van de financiële ontzorging.

Mocht het nodig zijn, dan brengt Participe de statushouder in contact met Schuldhulpmaatje die voor eventuele verdere ondersteuning kan zorgen.

Terugblik en aandachtspunten voor de toekomst Bij de uitvoering van het financieel ontzorgen zijn we tegen verschillende praktische uitdagingen aangelopen, waarvoor vooralsnog gepaste oplossingen zijn gevonden. Een van de uitdagingen is het feit dat sommige statushouders al financieel zelfredzaam zijn. Hierover is afgesproken dat als de drie betrokken professionals (klantmanager inburgering, klantmanager werk & inkomen en de maatschappelijk begeleider) allen van mening zijn dat financieel ontzorgen niet nodig is én de statushouder zelf akkoord is, er geen financiële ontzorging plaatsvindt. 4. Maatschappelijke begeleiding Maatschappelijk begeleiding start op het moment dat de statushouder zich inschrijft bij de gemeente en vindt gedurende een jaar plaats. Samen met de maatschappelijke begeleider vindt de statushouder de weg in zijn nieuwe woonplaats en in de Nederlandse samenleving. De begeleiding bestaat daarnaast uit hulp bij praktische regelzaken, zoals bijvoorbeeld het afsluiten van verzekeringen, het zoeken van artsen en scholen voor de kinderen. De zelfredzaamheid van de statushouder staat centraal. Dit betekent dat zaken niet worden overgenomen, maar dat de statushouder het of zelf kan of weet waar hij/zij terecht kan voor hulp. Participe voerde voor de gemeente Midden-Delfland ook reeds onder de oude wet de maatschappelijke begeleiding uit.

De toenmalige subsidierelatie is omgezet naar een contract voor twee jaar. Ook statushouders die voor aanvang van de Wet Inburgering 2021 in onze gemeente zijn komen wonen ontvangen maatschappelijke begeleiding van Participe. In 2022 heeft Participe 11 statushouders onder de nieuwe wet maatschappelijke begeleiding geboden en aan 7 statushouders die onder de oude wet ziin inaestroomd. Mocht het nodig zijn dan wordt naast de maatschappelijke begeleiding ook een sociaal maatje gekoppeld aan de statushouder, bijvoorbeeld via SWMD. Ook kan hier toe worden besloten als de maatschappelijke begeleiding is afgerond en er nog ondersteuning nodig

is. De klantmanager inburgering is diegene die hiertoe besluit en de koppeling in gang zet.

Terugblik en aandachtspunten voor de toekomst Er is regelmatig overleg tussen de klantmanager inburgering en de vrijwilligers en professional van Participe. Over het algemeen loopt de samenwerking naar tevredenheid, echter op sommige momenten lijken de visie op begeleiding van statushouders tussen de gemeente en Participe uit een te lopen. Hierover zijn we in gesprek. Tevens werken we aan een gezamenlijke visie door bijeenkomsten voor vrijwilligers te organiseren die betrokken zijn bij statushouders. In 2022 heeft in september een dergelijke bijeenkomst plaatsgevonden, waarin de verschillende partijen die betrokken zijn bij de begeleiding van statushouders zich aan elkaar hebben voorgesteld en er gezamenlijk een casus is besproken. De bijeenkomst werd positief geëvalueerd door de ruim twintig aanwezigen. Ook in 2023 wordt een dergelijke bijeenkomst door de gemeente georganiseerd.

5. Participatieverklaringen Via het participatieverklaringstraject maakt de inburgeraar in minimaal 12 uur tijdens verschillende workshops en activiteiten kennis met de Nederlandse kernwaarden vrijheid, gelijkwaardigheid, solidariteit en participatie. Hierbij kan gedacht worden aan gelijke rechten voor mannen en vrouwen, het recht om jezelf te ontplooien door onderwijs, het mogen kiezen van je partner en het recht om je eigen mening te uiten. Voor onze statushouders was de uitvoering van de participatieverklaringstrajecten belegd bij Participe. Zij hebben dit echter ondergebracht bij Taalschool Rijswijk. Voor 2023 hebben wij de overeenkomst met Taalschool Rijswijk uitgebreid met de participatieverklaringstrajecten. In 2022 hebben 2 personen die onder de nieuwe wet inburaerinasplichtia ziin geworden het Darticipatieverklarinastraiect succesvol doorlopen. Daarnaast hebben 8 personen die nog onder de oude wet inburgeren hun participatieverklarina behaald.

Terugblik en aandachtspunten voor de toekomst Doordat onze aantallen relatief laag zijn en instroom gedurende het gehele jaar plaatsvindt is het niet mogelijk om groepen te formeren met alleen inburgeraars uit Midden-Delfland. De deelnemers uit Midden-Delfland worden daarom toegevoegd aan de Delftse groepen. Dit verloopt naar tevredenheid, echter voor 2023 willen we graag een extra element toevoegen zodat het participatieverklaringstraject ook een lokaal tintje bevat. Wij denken hierbij aan een excursie in Midden-Delfland. We zijn hierover in gesprek met Taalschool Rijswijk.

6. Module arbeid en participatie (MAP) Vaak bestaan er grote verschillen tussen de arbeidsmarkt in Nederland en de arbeidsmarkt in het land van herkomst van inburgeringsplichtigen. Ook is het niet vanzelfsprekend dat alle inburgeringsplichtigen in het land van herkomst een opleiding hebben gevolgd of al hebben gewerkt. Dit bemoeilijkt hun kansen op de arbeidsmarkt. Om die reden is het belangrijk dat zij bekend raken met de Nederlandse arbeidsmarkt en dat zij de vaardigheden en capaciteiten eigen maken die benodigd zijn om te kunnen participeren. In de MAP brengt de inburgeringsplichtige de eigen competenties en arbeidskansen in beeld. Dit wordt gecombineerd met praktische inzet op de (lokale) arbeidsmarkt. Onderdeel van de MAP is een praktisch element van 40 uur, bijvoorbeeld

een stage. Taalschool Rijswijk is voor onze statushouders verantwoordelijk voor de uitvoering van de MAP. Afgesproken is dat de MAP wordt aangeboden als het taalniveau van de statushouder rond A2 niveau zit, zodat de statushouders bijvoorbeeld kunnen oefenen met een sollicitatiegesprek. Taalschool Rijswijk biedt de MAP aan vanaf april 2023. Maatwerkbudget Het met ingang van 2022 ingesteld maatwerkbudget voor statushouders is vooralsnog niet gebruikt. Overigens is niet-gebruik een landelijk bekend probleem bij maatwerkbudgetten. Medio 2023 brengen we het maatwerkbudget wederom onder de aandacht bij de organisaties die betrokken zijn bij de inburgering van onze statushouders. Tevens gaan we het gesprek aan met deze organisaties over waarom zij nog geen gebruik hebben gemaakt van dit budget en wat ze nodig hebben om dit wel te gaan doen.

Doelgroep maatwerkbudget Het maatwerkbudget is bedoeld voor inwoners uit Midden-Delfland die een uitkering ontvangen in het kader van de Participatiewet én in onze gemeente of een andere gemeente zijn komen wonen als statushouder. Het maatwerkbudget kan worden ingezet voor een individuele oplossing of voor een initiatief waarvan meerdere inwoners profiteren die onder de hiervoor beschreven doelgroep vallen. Doel maatwerkbudget Het maatwerkbudget heeft als doel het bevorderen van de inburgering/duurzame participatie in de breedste zin van het woord van onze inwoners die hier of elders zijn gestart als statushouder. Het kunnen bijvoorbeeld maatregelen zijn om de taal verder te verbeteren en/of het vinden of het behouden van werk te vergemakkelijken.______

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=middendelfland&id=d7968f18-3ecb-43a5-b3cc-3d95c5a53125