A 23016 Voorstel evaluatie jeugdbeleid.PDF
Tekst van het document
" im Gemeente ” ÉÉÉ Midden-Delfland
Anna van Raesfeltstraat 37, Postbus 1, 2636 ZG Schipluiden T (015) 380 41 11, F (015) 380 99 92 E gemeente@middendelfland.nl, I www.middendelfland.nl
Aan de gemeenteraad
Ons kenmerk Uw brief van Bijlagen
2 8 MRT Öi23
0000337657 november 2022
óüjf Zul
Onderwerp
Datum
Voorstel evaluatie jeugdbeleid
16 maart 2023
Geachte raadsleden.
Leeswijzer Met deze brief willen wij uw raad informeren over een aantal ontwikkelingen rond het jeugd(zorg)beleid. Het bevat tevens een toelichting op het raadsvoorstel ter evaluatie van het jeugdbeleid. Achtereenvolgens komt in de brief aan bod: 1. 2. 3. 4. 5.
Inleiding, tefugblik en context Onderzoeksvoorstel evaluatie jeugdbeleid Stand van zaken versterking capaciteit maatschappelijk team Cijfermatige voortgang (dashboard) Financiële doorkijk
1. Inleiding, terugblik en context In 2018 heeft zich een grote stijging in de kosten op het gebied van jeugdhulp voorgedaan in de gemeente Midden-Delfland. Naar aanleiding van de kostenstijging heeft onze gemeente vanaf medio 2019 ingezet op kostenbeheersing en professionalisering in het jeugdveld. Het Plan van aanpak kostenbeheersing jeugdhulp 2019 (verder: het Plan van aanpak) vormde daartoe de aftrap. Daarnaast is in 2020, voortvloeiend uit het Plan van aanpak, het beleidskader jeugd 2020 - 2023 (verder: het beleidskader) door de raad vastgesteld. Wij constateerden namelijk bij de uitvoering van het Plan van aanpak, dat er behoefte was aan een actueel en integraal kader dat kon dienen als richtinggevende onderlegger voor ons jeugdbeleid. In het beleidskader is de gemeentelijke visie op het jeugdbeleid beschreven. Hiermee werd richting gegeven aan de benodigde transformatie op het gebied van jeugdhulp en de inhoudelijke en organisatorische (door)ontwikkeling en professionalisering van het maatschappelijk team. Het beleidskader is vastgesteld voor de periode 2020 - 2023 en dient later dit jaar geactualiseerd te worden. Er hebben zich de afgelopen jaren grote ontwikkelingen voorgedaan in het domein jeugd. Een aantal voorbeelden zijn landelijke ontwikkelingen, zoals de arbitragecommissie, de wijziging van het woonplaatsbeginsel en het vernieuwde berichtenverkeer.
Regionaal heeft het vernieuwde inkoopproces en de rechterlijke uitspraak ten aanzien van de tarieven voor jeugdhulp grote impact gehad. Ook heeft de sector te maken gekregen met aanzienlijke uitdagingen als gevolg van grotere maatschappelijke ontwikkelingen, waaronder de corona crisis (waarbij de zorgvraag onder jongeren toenam) en de situatie op de arbeidsmarkt met oplopende personeelstekorten tot gevolg. Tenslotte heeft de gemeente Midden-Delfland gedurende deze periode de vormgeving en werkwijze van het maatschappelijk team ingrijpend gewijzigd (mede voortvloeiend uit het Plan van aanpak en het daarop volgend vastgestelde beleidskader). Gelet op de grote ontwikkelingen in het domein jeugd en de ingrijpende lokale wijzigingen die zijn doorgevoerd naar aanleiding van het Plan van aanpak en het beleidskader, wil de
MIX FSC
Van verantwoorde herkomst
FSC*C001697
Gelet op de grote ontwikkelingen in het domein jeugd en de ingrijpende lokale wijzigingen die zijn doorgevoerd naar aanleiding van het Plan van aanpak en het beleidskader, wil de gemeente Midden-Delfland een gedegen evaluatie laten uitvoeren naar de opbrengsten en resultaten van de inzet van de gemeente op het domein jeugd in de periode 2019 - 2022. Een dergelijke evaluatie biedt naast inzicht in de opbrengsten en resultaten ook handvatten voor de actualisatie van het in 2020 door de raad vastgestelde beleidskader jeugd later dit jaar. De evaluatie is hiermee gericht op zowel het huidige als het toekomstige beleid. Ook de komende jaren zal het jeugdveld stevig in beweging blijven als gevolg van diverse landelijke ontwikkelingen en de rol van lokale teams hierin. In paragraaf 2 van deze notitie lichten wij ons evaluatievoorstel verder toe. 1.1 Beleidskader Jeugd 2020 - 2023 In 2020 is door de raad het beleidskader jeugd vastgesteld. Het beleidskader heeft een looptijd van 2020 tot en met 2023 met als titel 'Van zorgen vóór naar zorgen dat'. Hiermee is vastgehouden aan het scheppen van een positief perspectief voor de jeugdigen: uitgaan van de eigen kracht, talenten en inzet van jongeren en hun leefomgeving. Vanuit deze bewust gekozen positieve insteek is gekozen voor de titel: niet meer zorgen vóór jeugdigen maar zorgen dat de juiste (jeugd)hulp wordt ingezet.
Het beleidskader geeft invulling aan de verplichting vanuit de Jeugdwet om periodiek een beleidsplan op te stellen als kader voor de beleidsuitvoering. Daarnaast beschrijft het de visie van onze gemeente en welke maatschappelijke effecten wij willen bereiken. Met de beschrijving van deze maatschappelijke effecten staan wij stil bij de resultaten die wij als gemeente willen behalen voor onze jeugdigen. In het beleidskader is tevens aandacht besteed aan hoe wij deze maatschappelijke effecten willen bereiken. Hiervoor zijn een aantal uitgangspunten voor de praktijk beschreven, zoals een integrale benadering, effectiviteit, vraaggestuurd werken en prestatiegerichtheid. Daarnaast is beschreven hoe de inrichting van de toegang vormgegeven moet worden. Hier komt het maatschappelijk team aan bod en de verschillende rollen en expertises die in dit team zijn belegd. De gemeente Midden-Delfland heeft bewust de keuze gemaakt om de zorg dichtbij inwoners te organiseren en waar mogelijk de hulp aan jeugdigen en volwassenen zelf te bieden. De vragen kunnen met deze werkwijze snel, adequaat en licht worden opgepakt, waarmee geprobeerd wordt zwaardere hulp te voorkomen en de kosten beheersbaar te houden. Ook de samenwerking met andere partijen wordt beschreven.
Een voorbeeld hiervan zijn de huisartsen die op grond van de Jeugdwet jeugdigen zonder tussenkomst van de gemeente kunnen doorverwijzen naar een individuele voorziening. Door de samenwerking te intensiveren, beogen wij meer grip te krijgen op de j-ggz verwijzingen en herindicaties. In het maatschappelijk team is j-ggz (diagnostiek en begeleiding) expertise aanwezig, waardoor dit vanuit het team zelf aangeboden kan worden. Ook het onderwijs is een partner waarbij blijvend wordt ingezet op de samenwerking. De ontwikkeling van (passend) onderwijs laat veel overeenkomsten zien met de veranderingen in het jeugddomein: ook hier gaat het over 'van curatie naar preventie', van 'indiceren naar arrangeren' en van 'sectoraal' naar'integraal en intersectoraal'. Die parallelle bewegingen en aan elkaar gelieerde opdrachten vragen om een goede verbinding. Voor iedere school is daarom een vast aanspreekpunt aanwezig vanuit het maatschappelijk team. Ook de verbinding met Zorg en Veiligheid wordt in het beleidskader beschreven. Aan het maatschappelijk team is een regisseur Zorg en Veiligheid toegevoegd om die verbinding te realiseren. Tot slot is er de problematiek van jeugdigen in complexe gezinssituaties waarbij de veiligheid van de jeugdige in het geding is. Dit raakt de kern van het werk van de jeugdbeschermers werkzaam bij de Gecertificeerde Instellingen (GI's). De samenwerking in 2
dergelijke complexe gezinssituaties tussen de jeugdbeschermers en de lokale teams zijn nog geen vanzelfsprekendheid. Om hen waar nodig eerder aan elkaar te kunnen verbinden voor een gezamenlijke analyse, gebruik te maken van eikaars expertise en gezamenlijk met het hele gezin de interventies en hulpverlening af te stemmen, is het programma Beter Samenspel ontwikkeld. Binnen het programma Beter Samenspel worden de transformatiedoelen van de jeugdhulp op de werkvloer concreet en uitvoerbaar gemaakt. Er wordt vooral ingezet op de samenwerking tussen de lokale teams en de drie gecertificeerde instellingen (GI's) in de regio. Om de implementatie te bevorderen, is Beter Samenspel opgenomen in de Regiovisie en ons lokale beleidskader en daarnaast verbonden aan toekomstige ontwikkelingen in de jeugdbescherming (Toekomstscenario Kind- en gezinsbescherming). Het programma vraagt om grotere inzet vanuit het maatschappelijk team, doordat de professionals voorafgaand, tijdens en na de maatregel samenwerken met de professionals van de GI's.
Hiermee wordt blijvende betrokkenheid en dus continuïteit gevraagd vanuit het maatschappelijk team, met als doel de inzet van zwaardere jeugdhulp te voorkomen (met eerdere inzet van GI expertise worden escalaties voorkomen), jeugdbeschermingsmaatregelen eerder af te kunnen sluiten en het in beeld houden van het hele gezin tijdens de maatregel (waarbij het bereiken van een duurzame gezinssituatie waarin de jeugdigen veilig kunnen opgroeien het uitgangspunt is). Al deze beschreven activiteiten dragen concreet bij aan het behalen van de in het beleidskader beschreven maatschappelijke effecten. Gedurende de looptijd van het huidige beleidskader hebben de acties uit het plan van aanpak en het herijkingsplan voor het maatschappelijk team prioriteit gehad om de benodigde transformatie te realiseren. Daarnaast is het beleidskader leidend (geweest) in de subsidieafspraken met de door ons gesubsidieerde organisaties. 1.2 Plan van aanpak kostenbeheersing jeugdhulp 2019 Het Plan van aanpak is eind 2018 ambtelijk voorbereid en daarna bestuurlijk vastgesteld in de raad van maart 2019. De directe aanleiding was de grote stijging van de jeugdhulpkosten in onze gemeente, die zich medio 2018 had voorgedaan.
Het Plan van aanpak is gericht op de volgende vier doelstellingen: Nadere analyses in het kader van kostenbeheersing; Versterken Maatschappelijk Team; Kantelen naar preventie; Extra inzet op controle en kwaliteit. Met dit plan, dat in geamendeerde vorm werd vastgesteld, maakte de toenmalige raad incidenteel budget vrij om de vier genoemde doelstellingen op te pakken. In de nadere onderbouwing van het Plan van Aanpak is een concreet overzicht gegeven van de bijbehorende taken. Over de voortgang en resultaten van het plan van aanpak is de raad in 2019 op verschillende momenten meegenomen. Op 27 juni en 28 november 2019 zijn presentaties gegeven aan de raadswerkgroep. Daarnaast is met de raadsbrief Voortgang plan van aanpak (20 november 2019, kenmerk 2019-36531/19Z.005946) een voortgangsrapportage gegeven met daarin de resultaten en de destijds nog te realiseren opgaves. In bijlage 1 vindt u een overzicht van deze opgaves en de huidige stand van zaken. 1.3 Motie evaluatie van het Plan van aanpak kostenbeheersing jeugdhulp 2019 Uw raad heeft in november 2022 bij motie gevraagd om een evaluatie van het Plan van aanpak kostenbeheersing jeugdhulp 2019. In de motie beschrijft u dat het budget voor de uitvoering van het Plan van Aanpak eindigt in 2023.
De middelen voor het plan van aanpak (€ 155.000) heeft de raad echter incidenteel beschikbaar gesteld in de begroting van 2019 met een doorloop in 2020. Deze middelen zijn dus al eerder beëindigd.
3
De gelden die wel eindigen eind 2023, zijn de middelen die bij de vaststelling van de begroting 2022 gedurende twee jaar zijn toegekend ter versterking van de capaciteit van het maatschappelijk team. De aanleiding daarvoor lag in de toegenomen complexiteit van de vragen, waardoor het niet meer opportuun was om de capaciteit van het maatschappelijk team verder af te bouwen. Hierover was in mei 2021 uitvoerig gesproken met de raadswerkgroep op basis van een brief aan de raad van 25 mei 2021. In de motie verzoekt u het college: - Te evalueren of de beoogde effecten uit het raadsvoorstel zijn behaald; Dekking voor de evaluatie te zoeken binnen taakveld Jeugd; - De raad voor het zomerreces te informeren over de resultaten, zodat dit kan worden meegenomen in de kaderstelling van de raad met betrekking tot de begroting van 2024. In bijlage 1 wordt een vervolg gegeven aan de raadsbrief Voortgang Plan van aanpak (20 november 2019, kenmerk 2019-36531/19Z.005946) door de opgaves uit het Plan van aanpak te beschrijven met daarbij de huidige stand van zaken op de destijds nog te realiseren opgaves. Hoewel deze rapportage nog geen evaluatie naar effecten is, biedt het wel inzicht in de uitvoering en de daarmee bereikte resultaten van het plan van aanpak. 2.
Onderzoeksvoorstel evaluatie jeugdbeleid Gelet op het overzicht (bijlage 1) van de ondernomen acties en behaalde resultaten uit het Plan van aanpak, de cijfermatige ontwikkelingen in de jeugdhulpkosten (bijlage 2) en het reeds in 2019 verlopen budget, acht het college het minder zinvol om het Plan van aanpak vier jaar na de vaststelling en driejaar na afronding, afzonderlijk te evalueren. Om tegemoet te komen aan de vraag die wij menen te horen vanuit de raad stellen wij voor om de evaluatie op een langere periode toe te passen dan alleen 2019 en daarnaast breder af te bakenen naar de gehele inzet op het jeugdbeleid. Met deze bredere scope die niet alleen gericht is op het Plan van aanpak, verwachten wij dat de evaluatie meer relevantie biedt voor zowel huidig als toekomstig beleid. Hieronder valt ook de inzet van de middelen die eind 2023 aflopen en waarnaar in de motie vermoedelijk wordt verwezen. Daarnaast verwachten wij hiermee uitvoering te geven aan de door u gevraagde evaluatie van het Plan van aanpak. Het doel van de evaluatie is in kaart brengen waar wij als gemeente Midden-Delfland staan in ons jeugdbeleid, welke resultaten worden behaald ten behoeve van onze jeugdigen en welke aanbevelingen er zijn voor het toekomstige beleid. De resultaten willen wij vertalen naar een nieuw beleidskader Jeugd.
Vooruitlopend op overeenstemming tussen Rijk en gemeenten over de Hervormingsagenda Jeugd welke wij willen betrekken in het nieuwe beleidskader, zijn de resultaten en aanbevelingen uit de evaluatie een goed vertrekpunt voor de actualisatie van het beleidskader. Wij stellen voor om het onderzoek extern en daarmee onafhankelijk uit te zetten. De volgende onderzoeksvraag en deelvragen zijn opgesteld om tot de voorgestelde evaluatie te komen. Onderzoeksvraag: Wat kunnen we leren uit de achterliggende beleidsperiode en welke uitspraken kunnen wij doen over de effectiviteit van het gevoerde jeugdbeleid op de jeugdigen in Midden-Delfland? Deelvragen: 1. Heeft de gemeente Midden-Delfland de juiste inspanningen verricht kijkend naar de gestelde ambities en beoogde effecten in het beleidskader en het plan van aanpak? 2. Wat is de effectiviteit van de verrichte inspanningen op de jeugdigen in MiddenDelfland? 4
3. Welke aanbevelingen zijn er voor het toekomstige jeugdbeleid van de gemeente Midden-Delfland? Na vaststelling van het onderzoeksvoorstel door de raad, kunnen wij het onderzoek laten uitwerken en uitvoeren door een hiertoe geëquipeerd bureau. We streven de resultaten hiervan in het derde kwartaal te kunnen verkrijgen. 3 Stand van zaken versterking capaciteit maatschappeiijk team Bij de vaststelling van de begroting 2022 is voor twee jaar budget toegekend ter versterking van de capaciteit van het maatschappelijk team. Onder andere uit het Plan van aanpak kwam voort dat de gemeente Midden-Delfland moet inzetten op versterking van het maatschappelijk team en het kantelen naar preventie. Ook de inzet van deze middelen maakt in de voorgestelde onderzoeksafbakening deel uit van de evaluatie. Vooruitlopend op de evaluatie bieden wij u in deze paragraaf, aanvullend op de presentaties die hierover gegeven zijn in verschillende bijeenkomsten van de raadswerkgroep, een overzicht van de stand van zaken. 3.1 Versterking maatschappelijk team De directe aanleiding voor het versterken van de capaciteit was gelegen in de toenemende werkdruk bij het lokale team in combinatie met een personele taakstelling en oplopende kosten aan geïndiceerde zorg. Hierdoor dreigde een situatie waarbij we jeugdigen niet meer de zorg konden bieden waarop zij waren aangewezen.
Bij de inzet van de beschikbare middelen, is niet alleen ingezet op het op orde brengen van de capaciteit, maar vooral ook naar het versterken van de kwaliteit en effectiviteit van inzet. Hierbij zijn de uitgangspunten van het beleidskader gevolgd. Het beleidskader beschrijft de noodzakelijke inzet op de inrichting van de toegang om de zorg dichtbij inwoners te organiseren en waar mogelijk de hulp aan jeugdigen en volwassenen zelf te bieden. Dit betreft kwalitatief hoogstaande, snel en flexibel te bieden begeleiding en zorg, welke tot doel heeft zwaardere door externe zorgorganisaties te bieden jeugdhulp te voorkomen en daarmee de kosten beheersbaar te houden. Hieruit voortvloeiend hebben wij de versterking vormgegeven langs drie lijnen: De uitvoerende capaciteit aan jeugdprofessionals is uitgebreid, deels ter tijdelijke compensatie van de eerder opgelegde taakstelling. We hebben ingezet op versterking van de kwaliteit, enerzijds door het toevoegen van de functie gedragswetenschapper aan het team en anderzijds door het tijdelijk uitbreiden van de functie van kwaliteitsmedewerker. We hebben ingezet op efficiency door externe inhuur (subsidie/detachering) te vervangen voor medewerkers met een (tijdelijke) gemeentelijke aanstelling. De kosten per fte zijn hierdoor afgenomen.
Met de versterking van de uitvoeringscapaciteit hebben wij meer kinderen en gezinnen zelf kunnen helpen, waar wij zonder deze extra inspanning juist personeel hadden moeten afstoten. Met de inzet van de gedragswetenschapper bevorderen we de inhoudelijke deskundigheid en handelingsbekwaamheid van de medewerkers in het maatschappelijk team door middel van inhoudelijke begeleiding, consultatie en leeractiviteiten. Met de inzet van de kwaliteitsmedewerker borgen we kwaliteit door coaching en ondersteuning van de toegang, het verbeteren van werkprocessen en het opstellen van een Kwaliteitshandboek. Hoewel de causaliteit met deze inzet (nog) niet cijfermatig hard valt te maken, is het bemoedigend te constateren dat het beroep op de geïndiceerde zorg in 2022 (zie bijlage 2) aanmerkelijk is teruggelopen ten opzichte van 2021. De ervaringen met het team zijn positief, zo blijkt ook uit de samenwerking met scholen en huisartsen.
5
In de vastgestelde Regiovisie Jeugdzorg Haaglanden wordt daarnaast de ambitie van het gewone opvoeden en opgroeien beschreven waar normaliseren, eigen kracht en demedicaliseren belangrijke begrippen zijn. Om deze doelstellingen en ambities te bereiken hebben we een sterk maatschappelijk team met voldoende capaciteit nodig om dit lokaal vorm te kunnen geven. Integraliteit en goede contacten met lokale partners en verwijzers zijn hierbij essentieel en het maatschappelijk team heeft hierin al de nodige stappen gezet. 3.2 Risico's De tijdelijkheid van de inzet kent ook risico's. Zonder structurele beschikbaarheid van de gelden kan de genoemde inzet niet worden voortgezet. De genoemde taken kunnen dan niet of nog maar beperkt worden uitgevoerd. Dit houdt in dat er minder preventieve inzet vanuit het maatschappelijk team mogelijk is, met als risico dat de kosten voor zwaardere jeugdhulp weer gaan toenemend Het betekent ook dat de inzet op kwaliteit (doorontwikkelen van lokale data, werkprocessen, kwaliteitshandboek en inzet gedragsdeskundige) wordt teruggebracht, met als risico dat hogere indicaties worden afgegeven of beperkter gebruik wordt gemaakt van voorliggende voorzieningen of andere wetgeving. Een personeel risico is dat we door de tijdelijkheid van de financiering een deel van onze medewerkers nog geen zekerheid kunnen geven over hun aanstelling na 2023.
Voor de continuïteit van het team, het kunnen vasthouden van medewerkers en de transparantie naar medewerkers, is het van groot belang om hier spoedig helderheid over te hebben. Tenslotte voorzien we dat de aankomende (landelijke) ontwikkelingen en taakuitbreidingen, voortvloeiend uit de Hervormingsagenda Jeugd, het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming en de implementatie van Beter Samenspel, ook de komende jaren nog extra beslag zullen leggen op onze capaciteit. 4. Cijfermatige voortgang (dashboard) In bijlage 2 is het nieuwe overzicht met de cijfermatige ontwikkeling Jeugd (dashboard) toegevoegd. Positief is te constateren dat het gebruik van de geïndiceerde jeugdhulp in 2022 ten opzichte van het voorgaande jaar aanzienlijk afneemt. Separaat hebben wij ook de ontwikkelingen voor het Pgb jeugd toegevoegd om het beeld van de uitgaven completer te maken. Al een aantal jaren neemt het gebruik van Pgb's af. Tot slot zijn de financiële ontwikkelingen als gevolg van de invoering van het Woonplaatsbeginsel toegevoegd. Het woonplaatsbeginsel verklaart ten dele de afname in de jeugdzorguitgaven in 2022. De causaliteit dat de ontwikkeling in de afname van het gebruik van geïndiceerde jeugdhulp het gevolg is van de versterking van het maatschappelijk team, is moeilijk en zeker in dit stadium niet hard te maken.
Daarvoor is de ingezette aanpak nog te kort van kracht, missen we nog goede managementinformatie over de lokale inzet, en zijn de uitgaven over de verschillende jaren nog te grillig om hier een patroon uit af te leiden. Wel kunnen wij cijfermatig inzicht geven en een aantal oorzaken uitslulten zoals een verschuiving naar Pgb's of de invoering van het Woonplaatsbeginsel. We werken momenteel aan het realiseren van een dashboard met data over de lokale inzet (lees: aantallen, doorlooptijden en duur van de begeleiding door het maatschappelijk team) en beogen deze gegevens met ingang van het opleveren van het volgende dashboard voor de eerste keer te kunnen presenteren. ^ Wanneer we spreken over preventie door het maatschappelijk team, dan gaat het om inzet die onze medewerkers zelf bieden aan jeugdigen, zoais maatschappelijk werk, schooimaatschappelijk werk/schoolcontactpersonen en vroegtijdige en preventieve inzet. Deze vroegtijdige inzet heeft tot doei zwaardere jeugdhulp te voorkomen en/of te beperken. De inzet valt onder het reguliere takenpakket en de flexibele schil rondom het maatschappelijk team.
We hebben het hier niet over preventieve voorzieningen weike door ketenpartners worden geboden en waarover in bijlage 1 (onder punt 7) wordt gerapporteerd en waarover de raad in de brief Beantwoording raadsvragen 'wat doen we aliemaal in de jeugdzorg' op 25 januari 2022 meer uitgebreid is geïnformeerd.
6
5. Financiële doorkijk Gedurende 2022 en 2023 is extra capaciteit beschikbaar voor het maatschappelijk team. De kosten daarvoor bedragen €200.000. Met de extra middelen is de eerdere taakstelling op de capaciteit van het team tijdelijk gecompenseerd en is het mogelijk geworden om steviger in te zetten op kwaliteit in ruime zin (werkprocessen, toegang, coaching, sturen op normaliseren, data versterken). We zien in 2022 een daling van de kosten van geïndiceerde zorg van circa €680.000. Hoewel de causaliteit tussen deze afname en onze inzet niet één op één te leggen is, kan in elk geval worden vastgesteld dat de kostendaling voor de geïndiceerde zorg aanmerkelijk hoger is dan de investering in het lokale team. Het college heeft vertrouwen in de ontwikkeling in het team en ziet voorzetting van de huidige capaciteit en inzet vooralsnog als noodzakelijk en onvermijdelijk. Op basis van de evaluatie en de verdere dóórontwikkeling en het gebruik van dashboards, blijven wij onze aanpak steeds aanscherpen. Voor de continuïteit en rechtspositionele situatie voorzien we dat we de huidige capaciteit, stabiliteit en expertise in het maatschappelijk team moeten behouden, weilicht structureel maar ten minste voor 2024.
Ter voorkoming van het vertrek van medewerkers door de onzekere situatie, kondigen wij met dit voorstel aan dat wij de beschikbaarheid van budget meenemen in de kadernota en aan u voorleggen ter besluitvorming.
Hoogachtend, het college van bu
meester en wethouders.
V
dre. ge
y.k.\. Born hntesecretaris
drs^ Vi fg PT7 ster
emmen
ly
7
Bijlage 1 Overzicht huidige stand van zaken resultaten en opgaves Plan van aanpak__________________________________________________________________ 1. De vrije verwijzers (zoais huisartsen) zo'n 50% van de verwijzingen voor haar rekening neemt richting gespecialiseerde jeugdhulp. Nog te realiseren: Iedere huisarts krijgt vanuit het maatschappelijk team een vast aanspreekpunt, zodat huisartsen en het maatschappelijk team nog sneller kunnen overleggen over een melding bij de huisarts en de inzet van passende jeugdhulp. Uiteindelijk willen we daar waar mogelijk voorkomen dat dure gespecialiseerde jeugdhulp wordt Ingezet door voorafgaand overleg tussen de huisarts en contactpersoon van het maatschappelijk team; Een samenwerkingsovereenkomst sluiten tussen de huisartsen en de gemeente om de samenwerking te formaliseren in heldere procesmatige afspraken.
Stand van zaken 2023: Medio 2019 is gestart met de inzet van jeugdhulpexpertise bij de huisarts. Vanuit het maatschappelijk team is één medewerker met expertise j-ggz gekoppeld aan alle huisartsenpraktijken en hiermee direct aanspreekpunt. De contacten zijn goed, er wordt regelmatig doorverwezen en de huisarts weet het maatschappelijk team te vinden. De uitgangspunten van deze samenwerking zijn preventie in plaats van reparatie, normaliseren in plaats van medicaliseren en integraal in plaats van versnipperd. Een samenwerkingsovereenkomst tussen de huisartsen en de gemeente is tot op heden niet tot stand gekomen. Inzet op het contact en de samenwerking is essentieel om een overeenkomst af te sluiten en procesafspraken te maken. Om die reden is hier de nadruk op gelegd en inzet op gepleegd. Met de ontstane goede samenwerking was er geen directe noodzaak voor een samenwerkingsovereenkomst. Daarnaast werd in samenwerking met zorgverzekeraar DSW en de overige samenwerkende gemeenten nog aan een evaluatie van de inzet bij de huisarts gewerkt. Onder andere de landelijke ontwikkelingen met betrekking tot het Integraal Zorgakkoord (IZA) hebben ons doen concluderen dat de samenwerking verder vormgegeven moet worden en het op dit moment niet meer zinvol is om een samenwerkingsovereenkomst met procesafspraken af te sluiten alvorens hierover meer helderheid is.
Voor de verdere uitwerking van het IZA en de samenwerking met onder andere de huisartsen, wachten wij de landelijke ontwikkelingen af alvorens wij hier verder vorm aan kunnen geven.
2. Aangezien scholen mede-opvoeders zijn, is het van belang dat de samenwerking tussen individuele scholen en de samenwerkingsverbanden wordt versterkt.
Nog te realiseren: Iedere school krijgt een vast aanspreekpunt vanuit het maatschappelijk team. De opdracht van het maatschappelijk team zal duidelijker worden gedefinieerd voor wat betreft de samenwerking met de scholen, zodat de wederzijdse verwachtingen helder(der) worden.
8
stand van zaken 2023: Iedere school in de gemeente Midden-Delfland heeft hedendaags een vast aanspreekpunt. Er zijn korte communicatieiijnen en heidere afspraken over wederzijdse verwachtingen. Het streefdoel is dat eike schooi een vast aanspreekpunt heeft bij het maatschappeiijk team. De huidige situatie is dat de helft van de scholen een contactpersoon heeft bij het maatschappelijk team en de andere helft een schoolmaatschappelijk werker vanuit Kwadraad. Het maatschappelijk team heeft momenteel niet de ruimte en tijd om bij iedere school vanuit het team zelf een contactpersoon te bieden.
3. Bij de decentralisatie in 2015 stond de uitvoering van jeugdhulp en de continuïteit van zorg centraal. Er moest door de gemeente snel worden geschakeld om alle kinderen passende jeugdhulp te kunnen bieden. Door de eerdergenoemde budgetoverschrijding moeten we nu kritisch aan de poort zijn, waarbij het uitgangspunt (van de Jeugdwet) is dat de primaire verantwoordelijkheid voor de opvoeding van een kind bij de ouders/verzorgers ligt. Nog te realiseren: De regierol steviger te verankeren in het maatschappelijk team door een aantal medewerkers vrij te maken voor deze specifieke functie.
Stand van zaken 2023: In het maatschappelijk team zijn een aantal medewerkers aangewezen om roulerend bureaudienst te draaien. Bij deze bureaudienst komt de eerste hulpvraag binnen en wordt deze hulpvraag concreet gemaakt. Hierbij wordt kritisch gekeken naar de daaropvolgende inzet met als uitgangspunt dat de primaire verantwoordelijkheid voor de opvoeding bij de ouders/verzorgers ligt.
4. De afgelopen maanden hebben we ook ingezet op de zogenaamde voorliggende voorzieningen (andere wetten zoals passend onderwijs, wet langdurige zorg en de zorgverzekeringswet) bij de beoordeling of jeugdhulp moet worden ingezet.
Nog te realiseren: Er is een trainingsprogramma in voorbereiding voor de medewerkers van het maatschappelijk team inzake voorliggende voorzieningen en persoonsgebonden budgetten, zodat het kennisniveau van medewerkers wordt verhoogd.
Stand van zaken 2023: Sinds 2019 is er een kwaliteitsmedewerker Jeugd en Wmo in dienst die het maatschappelijk team en het cluster Wmo coacht en ondersteunt in de toegangsrol die zij hebben. Deze functie heeft zich de afgelopen jaren ontwikkeld tot een belangrijke schakel en een expertisepunt voor het team. Vanuit deze rol is er speciale aandacht voor voorliggende voorzieningen, afbakening met andere wetgeving (Wlz, Zvw en Wmo) en wordt bijvoorbeeld iedere voorgenomen toewijzing voor een persoonsgebonden budget door de kwaliteitsmedewerker getoetst aan de bestaande wet- en regelgeving. Met de kennis die is opgedaan heeft een gerichte training plaats kunnen vinden door de kwaliteitsmedewerker op specifiek deze onderwerpen, om het 9
kennisniveau te versterken. Daarnaast is training en coaching van de medewerkers door de kwaliteitsmedewerker een continue proces geworden binnen het maatschappelijk team. 5. Jeugdhulp aanvragen worden kritisch onderzocht door middel van vraagverheldering aan de poort. Indien dit leidt tot een aanvraag voor een zorgverwijzing (zorg in natura of een persoonsgebonden budget) voor dure, gespecialiseerde jeugdhulp, dan wordt kritisch beoordeeld of de inzet van deze jeugdhulp noodzakelijk is.
Nog te realiseren: Een uniform proces en ondersteuningsplan met ingang van 1 januari 2020, waardoor het uitgangspunt 1 gezin, 1 plan, 1 regisseur concreet vorm krijgt. De eerder genoemde regisseurs worden verantwoordelijk voor deze aanpak daar waar nu nog alle medewerkers van het maatschappelijk team zowel de rol van casusregisseur als ambulant hulpverlener hebben. Stand van zaken 2023: De genoemde ambitie voor 1 gezin, 1 plan, 1 regisseur is landelijk en ook in onze gemeente een lang gekoesterde wens is, die moeizaam tot realisatie komt. Ook de onlangs bij de Tweede Kamer ingediende Wet aanpak meervoudige problematiek (Wams) onderschrijft deze uitdaging. De verschillende wetgeving binnen het sociaal domein, de privacywetgeving (AVG) en de verscheidene functies en achtergronden met daarbij behorende beroepscodes, zorgen ervoor dat de integrale benadering in één integraal plan niet tot stand is gekomen in Midden-Delfland. Wel voorzien wij in onze werkwijze in één regisseur vanuit het maatschappelijk team, waarbij de integraliteit wordt gezocht met de andere domeinen. Om dit praktisch vorm te geven is er op casusniveau nauw contact tussen onze zorgregisseurs en klantmanagers voor bijvoorbeeld Wmo of schuldenproblematiek. De inrichting van onze organisatie, waarbij klantmanagers en zorgprofessionals voor alle domeinen, in één afdeling werkzaam zijn is hierin een groot voordeel.
6. Door middel van het bijgevoegde beleidskader jeugd willen we voor de periode 2020 - 2023 richting geven aan betaalbare jeugdhulp. Het beleidskader geeft helderheid over de kaders waarbinnen wij de Jeugdwet willen uitvoeren en biedt daarmee houvast voor zowel de beoordeling van zorgvragen, de interne organisatie en werkprocessen van het maatschappelijk team, als de te maken vervolgafspraken met netwerkpartners. Nog te realiseren: Na vaststelling zal het kader richtinggevend zijn voor de vormgeving en uitwerking van het jeugdbeleid in brede zin in de komende jaren. Dit zal tot uiting komen in de samenwerkingsafspraken die wij maken met ketenpartners en gesubsidieerde instellingen, de herijking binnen onze organisatie van het maatschappelijk team en de samenwerking met aanpalende terreinen zoals passend onderwijs en zorg en veiligheid. - Ons voornemen is om hiertoe in het voorjaar van 2020 een startconferentie jeugdbeleid te organiseren met maatschappelijke partners.
10
stand van zaken 2023: Het beleidskader Jeugd is in maart 2020 vastgesteld. Dit was middenin de eerste iock down. Hierdoor was het niet mogelijk een startconferentie te organiseren en zijn wij zonder grootschalig startevenement aan de slag gegaan met de uitvoering. Het beleidskader is sindsdien richtinggevend geweest voor de afspraken die wij maken met onze ketenpartners en geven de kaders weer waarbinnen de zorgvragen worden beoordeeld. Dit is een continue proces waarin nog steeds stappen worden gemaakt. Een voorbeeid hiervan is het verbeteren van werkprocessen.
7. Preventie is een beiangrijk onderdeei van de jeugdhuip. Dat wordt onder andere bereikt door de eerdergenoemde samenwerking met huisartsen en scholen. Daarnaast hebben we kritisch gekeken naar de geboekte resultaten van alle preventieve instrumenten die door het maatschappelijk team worden ingezet. Nog te realiseren: Daar waar de toegevoegde waarde van een instrument in het kader van preventie niet/onvoldoende blijkt, zai het betreffende instrument worden afgebouwd/gestopt. Stand van zaken 2023: Per brief van 25 januari 2022 is de raad geïnformeerd over alle inzet binnen de gemeente Midden-Delfiand die zich richt op vroegsignalering en inzet die zich op de grens tussen preventie en hulpverlening begeeft. We hebben goed in beeld welke interventies worden ingezet, en we volgen de ontwikkelingen ten aanzien van de beoordeiing van interventies door kennisinstituten. Daarnaast blijven we het aanbod ontwikkelen op basis van zowel nieuwe inzichten ais ook bijvoorbeeld nieuwe iandeiijke opdrachten en taken zoals een lokale coalitie Kansrijke Start.
8. Met alle moederorganisaties van het maatschappelijk team worden gesprekken gevoerd over de subsidies/beschikkingen voor 2020. Uitgangspunt voor deze gesprekken is dat we met een kleiner^ slagvaardiger maatschappelijk team een heldere opdracht hebben uit te voeren. Nog te reaiiseren: Gemaakte afspraken vastleggen in de subsidie/beschikkingen 2020. - Op de middeliange termijn wiilen we met de moederorganisaties in gesprek om een deei van de medewerkers van het maatschappelijk team in dienst te laten treden bij de gemeente. Uit onder andere bezoeken bij het SKT in Westland en Delft Support in Delft, is gebleken dat grip op uitgaven in de jeugdhuip makkelijker kan worden gerealiseerd als medewerkers in dienst zijn bij de gemeente. Stand van zaken 2022: Voor de medewerkers die nog vanuit een moederorganisatie in het maatschappelijk team werkzaam zijn, worden de gemaakte afspraken vastgeiegd in de subsidie 11
beschikking. Ook voorgaande jaren zijn de gemaakte afspraken hierin vastgelegd. Hiernaast is er ook sprake van voortgangsgesprekken minimaal eens per zes maanden. In deze gesprekken wordt onder andere besproken of de inzet conform de vastgelegde afspraken is. Op dit moment is het grootste deel van het maatschappelijk team in dienst bij de gemeente. Er zijn drie medewerkers vanuit een moederorganisatie werkzaam. Met één van deze medewerkers worden gesprekken gevoerd voor een dienstverband bij de gemeente. Een andere medewerker is op korte termijn gepensioneerd en wordt overwogen om met de beschikbare gelden eveneens een medewerker in dienst te nemen. Bij de laatste medewerker betreft het een bewuste keuze om niet in dienst te komen van de gemeente, omdat deze medewerker nog deels bij de moederorganisatie werkzaam is en dit wil behouden.
9. ICT en managementinformatie is beiangrijk voor de gemeenteraad^ coiiege en management om tijdig inzicht te hebben in de kostenontwikkeling en daar waar nodig bij te kunnen sturen. Nog te realiseren: De duiding van de managementinformatie van het HIO Inkoopbureau is een verbeterpunt, zodat we nog beter inzicht krijgen in de redenen dat kosten stijgen per aanbieder, kostensoort e.d. De aangeschafte koppeling tussen applicaties moet nog worden gerealiseerd door onze externe leverancier. De inrichting van de ICT-systemen zal verder worden verbeterd, zodat de benodigde informatie nog toegankelijker wordt voor de uitvoering van de jeugdhulp. Stand van zaken 2022: Het verkrijgen van inzicht in de managementinformatie vanuit het Servicebureau Jeugdhulp HIO had hierin prioriteit. Zonder dit inzicht kan immers geen analyse worden gedaan naar de oorzaken/redenen in de kostenontwikkeling. Het inzicht is er nu, waardoor verdere data-analyse mogelijk is en opgepakt wordt. De eerste cijfers (dashboard) zijn gepresenteerd tijdens de raadswerkgroep jeugd op 17 november 2022 en het vervolg is toegevoegd aan in bijlage 2 van dit raadsvoorstel. Op dit moment wordt gewerkt aan de volgende stap, namelijk het ontsluiten van onze lokale data in het dashboard. De aangeschafte koppeling en gebruiksvriendelijkere inrichting van de ICT-systemen (Suite) zijn gerealiseerd.
12
Bijlage 2 Cijfermatige ontwikkeling Jeugd (dashboard) Het college is verzocht om twee keer per jaar een overzicht te geven van: • Het aantal jongeren geholpen door het maatschappelijk team • Het aantal jongeren met specialistische jeugdhulp • De meest voorkomende problematiek • De verwijzers • De wachtlijsten • Een prognose van tot dan gemaakte kosten • Het aantal ionaeren oehoioen door het maatschappeilik team We missen nog goede managementinformatie over de iokale inzet. Momenteel werken we aan het realiseren van een dashboard met data over de iokaie inzet (lees: aantallen, doorlooptijden en duur van de begeieiding door het maatschappeiijk team) en beogen deze gegevens met ingang van het opleveren van het volgende dashboard voor de eerste keer te kunnen presenteren. • Het aantal ionaeren met specialistische ieuadhulp. Onderstaand staafdiagram is gebaseerd op het regionale dashboard van het Servicebureau Jeugdhulp Haaglanden en geeft het aantal unieke cliënten met speciaiistische jeugdhulp (zorg in natura) weer. In januari 2023 is een nieuw dashboard gelanceerd. We gaan uit van de getrouwheid van dit nieuwe dashboard. Wei zien wij een verschil in 2020 van het aantai unieke cliënten ten opzichte van het voorgaande gepresenteerde dashboard. Er is navraag gedaan bij het Servicebureau Jeugdhuip Haaglanden waar de oorzaak van dit verschil ligt. Op dit moment wordt dit uitgezocht.
Daarnaast zien we in 2022 een toename in het aantal unieke cliënten. Deze toename zit sterk op goedkopere producten of producten met een laag volume. Gelijktijdig zijn er een aantai dure producten afgeschaald wat een verklaring geeft voor de afname van de totaie gedeciareerde kosten. m
Aantal unieke cliënten waarop declareerd is (2022 is niet afgerond) 404
ÈM k: 2019
2020
2021
2022
Tegenover de stijging van het aantai unieke ciiënten waarop jeugdhulp (Zorg in Natura / ZIN) is gedeclareerd, zien we ook dat de gemiddelde kosten per cliënt voor Midden-Delfiand fors zijn gedaaid ten opzichte van 2021. Waar Midden-Deifiand in 2021 daarnaast hogere gemiddelde kosten per cliënt had in vergelijking met het gemiddelde in de regio Haagianden, is dit voor 2022 een stuk lager. Dit heeft ermee te maken dat minder dure zorgtrajecten zijn ingezet.
13
Kosten per dient Midden-Delfland
r
& €10.473,00
! €8.999,00 €6.832,00
€7.699,00 €6.734,00
1 L
r 2018
L
2019
2020
2021
2022
Kosten per dient HIO regio
■V
C 9.994,00
€ 9.900,00
€ 9.972,00
*
€ 9.031,00
!S. € 8.595,00 .
E_
2018
•*
■mi
.?
i.
2019
2020
2021
2072
• De meest voorkomende problematiek GGZ jeugdhulp en ambulante jeugdhulp vertegenwoordigen ruim de helft van de meest voorkomende hulp. De verschillende vormen van jeugdhulp worden hier uitgedrukt in het percentage van de totale kosten. Dit geeft niet automatisch weer wat de meest voorkomende problematiek is. Hiervoor hebben we een extra weergave die de aantallen jeugdigen per categorie laat zien. Ook hierbij komt GGZ jeugdhulp als meest voorkomende problematiek naar voren. Daarnaast zien we dat jeugdhulp met verblijf een hoog aandeel (13%) in de totale kosten heeft, maar wel een beperkt aantal cliënten (4). Hieruit kunnen we concluderen dat bij een toename in deze groep, dat dus ook direct een aanzienlijk impact heeft op de totale kosten.
14
• De verwiizers We zien een verschuiving een verschuiving van verwijzingen door het medisch domein naar verwijzingen door de gemeente zelf. De gemeente verwijst volgens de laatste cijfers voor 47%, het medisch domein voor 48% en rechter/justitie voor 5%. Dit houdt in dat er meer grip ontstaat, doordat het binnen de invloed van het maatschappelijk team ligt naar welke jeugdhulp wordt verwezen en wat de omvang moet zijn. De inzet van de jeugdhulpexpertise bij de huisarts en de samenwerking tussen huisarts en maatschappelijk team, vormen hiertoe naar alle waarschijnlijkheid een belangrijke aanleiding.
15
• De wachtlijsten Zoals ook bij de raadswerkgroep op 17 november 2022 aangegeven is er een landelijke aanpak wachttijden in de vorm van het Ondersteuningsteam Zorg voor de Jeugd (OZJ) en tevens een regionale (HIO) werkgroep die zich richt op een meerjarige aanpak van wachttijden. De eerdere resultaten zijn nog steeds actueel. Deze laten zien dat de langste wachttijden bij de ambulante J-GGZ gevolgd door ambulante LVB te zien zijn. Met name bij Kinderdagcentra (KDC) is dit zichtbaar. De werkgroep werkt samen met het OZJ en hieruit blijkt dat het regionale beeld ook landelijk wordt herkend. Voor Midden-Delfland is het belangrijk om te vermelden dat er uit onze gemeente geen jeugdigen schadelijk wachten op dit moment. In de Regiomonitor wordt jaarlijks gerapporteerd op de wachtlijsten. Bij het maatschappelijk team is de situatie eveneens ongewijzigd. Nieuwe aanmeldingen worden binnen twee tot vier weken opgepakt en bij hogere urgentie is het mogelijk om op kortere termijn de aanmelding in behandeling te nemen. • Een prognose van tot dan gemaakte kosten De totale uitgaven voor jeugdhulp (ZIN) voor 2022 zijn ongeveer 18% lager ten opzichte van 2021. De kosten voor 2022 zijn gebaseerd op de binnengekomen en goedgekeurde declaraties tot en met 8 maart jl..
Er is een geprognotiseerd bedrag van €40.000,meegenomen voor nog te verwachten declaraties die het eindbedrag voor 2022 kunnen beïnvloeden.
Naast de gevraagde cijfermatige ontwikkeling door de raad in de Motie Sturing Zorg, hebben wij in de brief aangegeven voor de volledigheid ook de ontwikkelingen bij de Persoonsgebonden budgetten (Pgb) en de ontwikkelingen als gevolg van de invoering van het Woonplaatsbeginsel inzichtelijk te maken.
16
• Persoonsgebonden budget Jeuad In onderstaand staafdiagram is zichtbaar dat de uitgaven voor jeugdhulp met de leveringsvorm Pgb ten opzichte van 2019 met €175.000 zijn gedaald. Ook het aantal cliënten met een Pgb is afgenomen van 22 in 2019 naar 14 in 2022. Deze ontwikkeiing zet zich in 2023 naar verwachting verder door. Per 1 maart 2023 zijn er nog 5 ciiënten met een indicatie voor jeugdhulp Pgb en een totaal aan budget van €105.000. Een aanpassing van de verordening en de scholing en coaching van de kwaliteitsmedewerker binnen het maatschappelijk team, zijn met name de aanleiding geweest van de afname in jeugdhulp met de leveringsvorm Pgb.
Uitgaven jeugdhulp PGB's in € € 450.000 € 400.000 € 350.000 i € 300.000
€ 390.637 € 328.653 € 253.585
€ 250.000 € 200.000
€214.721
€ 150.000 € 100.000
€ 50.000 €0
2019
2020
wt 2021
2022
• Invoering Woonplaatsbeginsel De invoering van het Woonplaatsbeginsel heeft de gemeente Midden-Delfland een voordeel opgeleverd van circa €140.000. Hierbij maken wij wel de kanttekening dat de laatste maanden is gebleken dat dit financiële voordeel steeds kleiner wordt door achterstanden die bij andere gemeenten momenteei worden weggewerkt. Hier zit om die reden nog een onzekerheid in.
17