A 065 Beantw bijlage 2 Memo decembercirculaire.docx
Tekst van het document
Memo Van
:
Lieselot Lauwaars
Aan
:
Gemeenteraad
Datum
:
24 januari 2022
Onderwerp
:
Decembercirculaire 2021
Gemeenten ontvangen in principe op drie tijdstippen in het jaar de informatie over de gemeentefondsuitkeringen: in mei op basis van de Voorjaarsnota, in september op basis van de Miljoenennota en in december, ter afronding van het lopende jaar, op basis van de Najaarsnota. De mededelingen zijn steeds onder het voorbehoud van parlementaire goedkeuring. Samenvattend levert de decembercirculaire de volgende uitkomsten;
Septembercirculaire 2021 Decembercirculaire 2021 Verschil
2021 € 22.531.920 € 22.804.613 € 272.693
2022 € 23.747.002 € 23.994.888 € 247.886
De extra ontvangst over 2021 zal verwerkt worden in de jaarrekening 2021. Vanwege de late verschijningsdatum in het jaar van deze circulaire kan van een aantal onderwerpen voorgesteld worden het extra beschikbare bedrag door te schuiven bij de jaarrekening 2021 naar het jaar 2022. De extra ontvangst over 2022 zal worden opgenomen in de eerstvolgende periodieke begrotingswijziging in 2022.
Jaar 2021 Versterking dienstverlening gemeenten In de reactie van het kabinet van 15 januari 2021 op het rapport Ongekend onrecht van de Parlementaire Ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag (POK) is toegelicht dat naast de hersteloperatie voor getroffen ouders en kinderen, ook maatregelen nodig zijn die structureel tot brede verbeteringen in beleid en uitvoering moeten leiden. Onderdeel hiervan is het versterken van de dienstverlening bij alle onderdelen van de overheid, waaronder de gemeenten. Het kabinet heeft besloten voor het versterken van de dienstverlening bij gemeenten en het extra ondersteunen van mensen in kwetsbare posities voor de periode tot en met 2027 € 150 miljoen per jaar beschikbaar te stellen. Het Rijk kan zich voorstellen dat de transitie niet in deze periode kan worden voltooid en zal daarom vroegtijdig met de VNG het gesprek aangaan over de periode na 2027. Om de dienstverlening bij gemeenten te versterken en mensen in kwetsbare posities extra te ondersteunen heeft de VNG een visiedocument opgesteld met daarin activiteiten die met name inzetten op het vergroten van de menselijke maat in de dienstverlening, ontwikkeling van professionals en systematisch leren, zodat waar nodig structurele verbeteringen op zowel rijksniveau als gemeentelijk niveau worden doorgevoerd. Het visiedocument van de VNG is langs acht actielijnen uitgewerkt.
De acht actielijnen zijn: 1. Digitale dienstverlening: voor 2021 en 2022 geen middelen via het gemeentefonds. Voor de jaren daarna wordt de uitkeringswijze nog bezien. 2. Robuust rechtsbeschermingssysteem: € 23 miljoen via de algemene-uitkering. 3. Systeemleren en stedelijke vernieuwing: € 5 miljoen via de algemene-uitkering voor systeemleren tot en met 2027 en € 5 miljoen via een decentralisatie-uitkering aan de stedelijke vernieuwingsgebieden voor de jaren 2021 en 2022. 4. Versterking ondersteuning wijkteams: € 45 miljoen via de algemene-uitkering. 5. Impuls integraal werken: € 36 miljoen via de algemene-uitkering. 6. Toekomstscenario’s Kind- en gezinsbescherming: geen middelen in 2021. Meer informatie over de verdeling van de middelen voor 2022 en verder volgt in de meicirculaire 2022. 7. Risicovol verward gedrag: € 10 miljoen via een decentralisatie-uitkering. 8. Programmatische ondersteuning van gemeenten: De middelen worden via de begroting van het ministerie van BZK aan de VNG ter beschikking gesteld. De VNG bepaalt samen met gemeentelijke dienstverleningskoepels en andere partijen de besteding van de middelen voor de collectieve ondersteuning van gemeenten. ad 2 Robuust rechtsbeschermingssysteem Het is belangrijk dat mensen dichtbij ondersteuning hebben om de weg te vinden en hun recht te kunnen halen, bijvoorbeeld wanneer ze verdwalen tussen uitvoeringsinstanties.
Er is bij het ministerie van J en V een programma rechtsbijstand waarin met partners wordt gewerkt aan een stelselvernieuwing. Mede in opvolging van de POK wordt gewerkt aan een robuust rechtsbeschermingsstelsel dicht bij de burger. Gemeenten zijn daarin belangrijke partners. De resultaten van de aanpak door gemeenten zijn: 1. Toegang versnellen: inwoners hebben sneller en makkelijker toegang tot voorzieningen en rechtsbescherming en verdwalen niet langer tussen uitvoeringsinstanties. 2. Betere gemeentelijke juridische dienstverlening: voor inwoners is voldoende juridische ondersteuning beschikbaar, zowel in de vorm van eerstelijns juridische ondersteuning als in de versterking van de gemeentelijke ombudsfunctie. 3. Pilots robuuste rechtsbescherming: kennis over effectieve rechtsbescherming wordt door gemeenten hergebruikt. Gemeenten hoeven niet elk het wiel zelf uit te vinden. In pilots zijn effectieve (nieuwe) werkwijzen voor rechtsbescherming ontwikkeld, gemeenten zijn ondersteund in het in gebruik nemen van die werkwijzen en gemeenten leren van elkaar. Om gemeenten in staat te stellen om, langs bovenstaande lijnen samen met juridische partners, meer robuuste rechtsbescherming voor hun inwoners te organiseren, stelt het kabinet voor zowel 2021 als 2022 een bedrag van € 23 miljoen beschikbaar. ➢ Voor onze gemeente gaat het om een bedrag van € 19.534 voor 2021.
Ad 3 Systeemleren Om de dienstverlening in gemeenten daadwerkelijk en structureel te kunnen verbeteren is het van belang dat de dienstverlening plaatsvindt in een ‘lerende uitvoeringspraktijk’. Binnen de gemeentelijke uitvoering moet er ruimte zijn om te reflecteren op het eigen handelen in de dienstverlening aan inwoners. 2
Gemeenten moeten kunnen leren van de fouten en knelpunten in hun uitvoeringspraktijk en kunnen leren van elkaar, zodat de gemeentelijke dienstverlening aan inwoners in kwetsbare posities continu kan worden verbeterd. Het uiteindelijke doel daarbij is de kwaliteit van de dienstverlening aan de meest kwetsbare burgers te verhogen en zo in de gemeente een betere en veiligere leefomgeving te laten ontstaan. De projectmatige capaciteit om de ‘lerende uitvoeringspraktijk’ in de gemeente vorm te geven, is nog niet in alle gemeenten beschikbaar. Het is wenselijk dat er in alle gemeenten ruimte is om het systeemleren in te richten. Deze capaciteit kan worden aangewend om aan te sluiten bij het kennis- en leernetwerk van het programma Leefbaarheid en Veiligheid en de lessen uit dat programma te vertalen naar de eigen gemeente. Hiervoor stelt het kabinet voor 2021 tot en met 2027 € 5 miljoen per jaar beschikbaar. ➢ Voor onze gemeente gaat het in 2021 om een bedrag van € 5.270.
Ad 4 Versterking ondersteuning wijkteams Voor de versterking ondersteuning wijkteams heeft het kabinet voor de jaren 2021 tot en met 2025 € 45 miljoen per jaar en voor de jaren 2026 en 2027 een bedrag van € 50 miljoen per jaar beschikbaar gesteld ter compensatie van de extra uitgaven die gemaakt worden om de toegang van cliënten tot de gemeentelijke dienstverlening en ondersteuning in de komende jaren stap voor stap structureel te verbeteren. Dit betekent dat voor de sociale wijkteams extra uitvoeringscapaciteit beschikbaar komt, om de coördinatie tussen de verschillende soorten van hulpverlening in het sociaal domein te verbeteren. ➢ Voor onze gemeente gaat het om een bedrag van € 33.414 voor 2021. ad 5 Impuls integraal werken Als onderdeel van het versterken van de gemeentelijke dienstverlening stelt het kabinet € 36 miljoen in 2021, € 6 miljoen in 2022 en € 3 miljoen in 2023 beschikbaar, waarmee gemeenten een impuls kunnen geven aan het ontwikkelen van een integrale dienstverlening. Voor de aanpak van meervoudige problematiek in het sociaal domein krijgen gemeenten incidenteel deze extra middelen om methoden voor integraal werken te ontwikkelen en geleerde lessen beter met elkaar te delen. ➢ Voor 2021 gaat het voor onze gemeente om een bedrag van € 26.200.
Continuïteit van zorg; meerkosten jeugd en Wmo De VNG en het Rijk hebben afgesproken dat meerkosten binnen het sociaal domein (Jeugdwet en Wmo) als gevolg van de coronapandemie in 2021 door het Rijk worden gecompenseerd. In opdracht van de ministeries van VWS, FIN, BZK en de VNG is een onderzoek naar de omvang van de totale meerkosten in het sociaal domein uitgevoerd. Op basis van dit onderzoek is de totale hoogte van de compensatie met betrekking tot de Jeugdwet en Wmo 2015 in het bestuurlijk overleg tussen VWS en VNG van 7 oktober jl. gezamenlijk vastgesteld op € 136,1 miljoen. Deze compensatie betreft een afrondende afspraak voor meerkosten over 2021. € 47 miljoen van dit bedrag is toegevoegd aan de algemene uitkering van het gemeentefonds. ➢ Voor onze gemeente een bedrag van € 16.993 voor jeugdkosten en € 14.715 voor Wmo. De overige € 89,1 miljoen wordt verdeeld over de decentralisatie-uitkeringen Maatschappelijke opvang en Vrouwenopvang en de integratie-uitkering Beschermd wonen aan centrumgemeenten. Ook komt er een regeling voor de meerkosten in de Jeugdwet en Wmo 2015 in 2022. Op het moment van de vaststelling van de compensatie voor 2021 was echter niet voorzien in nieuwe beperkende maatregelen, welke 12 november jl. zijn aangekondigd. Het Rijk en de VNG hebben afgesproken de eventuele extra meerkosten die hieruit voortvloeien te betrekken bij de compensatie 2022.
Kwaliteitsborging bouw- en woningtoezicht Op 1 juli 2022 treedt naar verwachting de nieuwe Wet kwaliteitsborging (Wkb) voor het bouwen in werking. De wet gaat gefaseerd in. Er wordt gestart met de eenvoudigere bouwprojecten, daarna volgen eventueel de meer complexere projecten. De Wkb heeft als doel de bouwkwaliteit en het bouwtoezicht te verbeteren door inschakeling van private kwaliteitsborgers. Onder de Wkb zullen kwaliteitsborgers zorgdragen voor het voldoen aan de bouwtechnische regels. Deze taken vervallen hiermee bij gemeenten die overigens wel het bevoegd gezag blijven houden. Tegelijkertijd wijzigen bepaalde taken en krijgen gemeenten er extra taken bij, zoals registratie en beoordeling van de Wkb-meldingen. Hieronder vallen onder andere bouwmeldingen en gereed meldingen en informatieverstrekking van de start en einde van bouwwerkzaamheden. Voor de noodzakelijke 3
voorbereidingen die de gemeenten nog moeten treffen tot de inwerkingtreding van de Wkb ontvangen gemeenten in 2021 een initiële bijdrage van € 10 miljoen. ➢ Voor onze gemeente gaat het om een bedrag van € 9.136. Lokaal cultuuraanbod De gemeenten ontvangen € 41,6 miljoen voor het in stand houden van de lokale en regionale cultuur in 2021. De verdeling van deze middelen over de gemeenten is in deze circulaire verwerkt. Dit komt bovenop de aan de gemeenten voor de eerste helft van 2021 verstrekte € 50 miljoen voor de instandhouding van de lokale en regionale cultuur. ➢ Voor onze gemeente gaat het om een bedrag van € 29.214. Compensatie inkomstenverlies door corona In het Bestuurlijk overleg financiële verhoudingen van 7 april jl. afgesproken dat gemeenten reële compensatie ontvangen voor de derving van inkomsten door covid-19 in 2020. ➢ Voor onze gemeente gaat het om een bedrag van € 13.000 over 2020. Gemeenten zullen ook over 2021 compensatie van de inkomstenderving ontvangen. Daarover ontvangen wij in de eerste helft van volgend jaar meer informatie.
Jaar 2022 Salarislasten zorgdomein De Tweede Kamer heeft op 16 september 2021 de motie Hijink/Bikker aangenomen over het vrijmaken van extra financiële middelen voor zorgsalarissen. Bij de brief van 23 september jl.17 heeft het kabinet aangegeven een bedrag van € 675 miljoen beschikbaar te stellen om de zorgsalarissen in het midden van het loongebouw extra te verhogen. Het kabinet stelt vanaf 2022 structureel € 94 miljoen beschikbaar aan gemeenten, opdat zij de financiële middelen hebben om de stijging van de zorgsalarissen in het sociaal domein mogelijk te kunnen maken. Het grootste deel van deze € 94 miljoen, € 80 miljoen, landt in de algemene uitkering. ➢ Voor onze gemeente gaat het om een bedrag van € 26.290 voor jeugd en € 28.195 voor Wmo. Het overige structurele bedrag van € 14 miljoen zullen gemeenten in het voorjaar bij de verwerking van de reguliere loon- en prijsbijstelling voor Beschermd Wonen ontvangen. Gemeenteraadsverkiezingen Verder stelt het kabinet via een decentralisatie-uitkering € 30,38 miljoen beschikbaar om gemeenten te compenseren voor de extra kosten die zij moeten maken bij het organiseren van de gemeenteraadsverkiezingen in maart 2022 gezien de huidige epidemiologische situatie. ➢ Voor onze gemeente gaat het om een bedrag van € 39.615. Herverdeling gemeentefonds Op 19 oktober jl.
heeft de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) advies uitgebracht over het voorstel voor de nieuwe verdeling van het gemeentefonds. De ROB constateert in zijn advies dat de nieuwe verdeling een verbetering is ten opzichte van de huidige verdeling, maar stelt wel dat de nieuwe verdeling niet ongeclausuleerd kan worden ingevoerd. Op 1 november jl. heeft de VNG het ministerie van BZK om een reactie op het ROB-advies gevraagd. In de brief van 13 december zijn de fondsbeheerders ingegaan op het advies en de aanbevelingen van de ROB. De fondsbeheerders vinden het advies van de ROB zeer belangrijk en waarderen het. Dit advies helpt de fondsbeheerders om de nieuwe verdeling van het gemeentefonds op een verantwoorde wijze in te voeren. De ROB concludeert dat het voorliggende voorstel een verbetering is vergeleken met de huidige verdeling en een aantal knelpunten daarvan aanpakt, maar niet het eindstation kan zijn. De ROB verwijst daarbij onder andere naar de ontwikkelingen in het sociaal domein. Dit zijn de fondsbeheerders met de ROB eens. Conform het ROB-advies stellen de fondsbeheerders daarom een stapsgewijze invoering voor en het maximeren van het bedrag van de herverdeeleffecten.
4
Ook ondersteunen de fondsbeheerders het voorstel van de ROB om in aanloop naar en na de invoering onderzoek uit te voeren en de effecten te blijven monitoren om de verdeling stapsgewijs verder te verbeteren. De verwachting is dat de bestuurlijke consultatie aan de kant van de VNG begin 2022 is afgerond. Deze consultatie betreft het nieuwe verdeelmodel voor de algemene uitkering. Vooruitlopend daarop is de VNG reeds gestart met de consultatie van gemeenten over het nieuwe verdeelmodel voor beschermd wonen, een afzonderlijk onderdeel van het gemeentefonds. Besluitvorming over de invoering van de integrale nieuwe verdeling is aan het nieuwe kabinet
5