CConstaterende datMidden-Delfland
Koppel je AI →
Document · PDF

A 035 Brief Schappen CollegeGS PZH.pdf

Gemeenteraad 22 juni 2021, gemeente Midden-DelflandBij agendapunt: Brieven van het college1.575 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bezoekadres Postadres Telefoon E-mail

Provincie Zuid Holland College van Gedeputeerde Staten Postbus 90602 2509 LP Den Haag

Contactpersoon

: Dhr. Ing. R.W. (Rick) van Keulen

Doorkiesnummer

: 06 11297367

Betreft

: Financiering recreatieschappen Zuid-Holland

Uw kenmerk

: PZH-2020-761688706DOS-2019-0008461

Ons kenmerk

Overschieseweg 310 3112 NC Schiedam Postbus 2 3800 AA Amersfoort (010) 298 10 10 r.vankeulen@staatsbosbeheer.nl Volg ons:

: 17 / 2867

Schiedam, 21 april 2021

Geachte leden van Gedeputeerde Staten, Namens de besturen van de natuur- en recreatieschappen IJsselmonde, Voorne-Putten, Groenalliantie Midden-Holland e.o. en het Coöperatief Beheer Groengebieden Midden-Delfland (hierna aangeduid als “de natuur- en recreatieschappen” of “schappen”) schrijven wij u deze brief om het volgende. Provinciale Staten en Gedeputeerde Staten hebben besloten om per 1 januari 2018 uit de diverse gemeenschappelijke regelingen te treden. Om dit ordentelijk te regelen is de Provincie met de verschillende schappen zogenaamde uittreed(- danwel financierings-)overeenkomsten overeengekomen. Voor de volledigheid: per schap kan de benaming hiervan verschillen. In de uittreedovereenkomsten heeft de Provincie benadrukt de intentie te hebben om ook na haar uittreding uit de recreatieschappen haar middelen ten behoeve van recreatiebeheer en ontwikkeling beschikbaar te houden, zoals opgenomen in de provinciale begroting 2016 onder Doel 1.3 (”Groenblauwe structuur versterkt samenhang stad-land en recreatieve gebruiks- en belevingswaarde landschap”). De Provincie is tevens voornemens om vanaf 2022 een deel van haar voor recreatiebeheer beschikbare middelen afhankelijk te maken van een vierjaarlijkse evaluatie en strategische (her-)prioritering ten aanzien van ontwikkeling en beheer van recreatiegebieden in heel Zuid-Holland.

Voor de periode na 2025 stelt de Provincie voor dat de partijen overleg gaan voeren over de behartiging van de belangen van natuur, landschap en openluchtrecreatie en het beheer, het onderhoud en de ontwikkeling van natuur- en recreatiegebieden. Met als doel tot een verantwoorde invulling hiervan te komen. Nieuwe situatie Het Covid-19 virus heeft naast hele nare gevolgen, wel een positieve bijdrage geleverd aan het meer naar buiten gaan en intensiever bewegen van burgers. De aantallen zijn zelfs zo groot dat ze elk beleidsplan om meer sport en recreatie te bewerkstelligen voorbij zijn gestreefd. De schappen zijn verheugd over de toenemende belangstelling in de gebieden. Tegelijkertijd signaleren de schappen ook de keerzijde van de recreatieve druk. De druk op de gebieden in de provincie is enorm en de verwachting is dat deze de komende jaren alleen maar toeneemt, mede vanwege toenemende verstedelijking. Als gevolg van het toegenomen bezoek en gebruik van deze gebieden zijn ook de handhavings- en beheerkosten toegenomen. Het is mooi dat de gebieden goed gevonden en gebruikt worden, alleen de extra kosten komen voor rekening van de deelnemers. Tegelijkertijd overweegt u als provincie om de schappen verder te korten op de uittreedvergoedingen. Dat is een dubbele financiële tegenslag voor de recreatieschappen en deelnemende gemeenten.

1

De schappen voorzien elk voor zich, op voor hun specifieke wijze in de verschillende behoeftes van bewoners. Of dit nu wandelen, spelen, sporten of tot rustkomen is. Daarnaast faciliteren de schappen, middels de recreatieve gebieden, de Provincie bij het realiseren van haar beleidsdoelen op het gebied van sport en recreatie. Bij monde van gedeputeerde Koning, onder andere in een gesprek met de schapsbesturen d.d. 18 maart jl., heeft u aangegeven bij uw eerdere standpunt te blijven om het zogenaamde flexibele deel vanaf 2022 breed beschikbaar te willen stellen voor het beheer van natuur- en recreatiegebieden in Zuid Holland. Destijds tijdens de onderhandelingen is altijd gesproken over het beschikbaar houden van de middelen voor de schappen. In uw besluit van juni 2016, nummer 6917, verwoordt u dit als volgt: “De inzet van de overige middelen per schap (maximaal 30%) wordt in gezamenlijkheid bepaald, mede op basis van de prioriteiten voor (door)ontwikkeling van recreatiegebieden die in overleg met regiegroepen Groen&Recreatie worden opgesteld. Dit onder de voorwaarde dat de deelnemende gemeenten hun bijdragen niet verlagen”. De samenwerking hierin dient te worden opgezocht en versterkt. Tevens vinden er in 2020 en 2024 evaluatiemomenten plaats.

Daarnaast heeft u ook in uw eerste subsidiebesluit (verzonden 7 februari 2018, met kenmerk PZH-2018635374940 DOS-2017-0007933 onder het kopje Overwegingen) het volgende opgenomen: “Met het ondertekenen van de financieringsovereenkomst met betrekking tot de door uw organisatie beheerde gebieden op 9 maart 2017 hebben wij de intentie vastgelegd ook na onze uittreding uit de betreffende gemeenschappelijke regeling per 1 januari 2018 onze middelen ten behoeve van recreatiebeheer beschikbaar te houden”. Zoals verwoord in het voornoemde gesprek d.d. 18 maart jl. hebben de schapsbestuurders aangegeven er altijd vanuit te zijn gegaan dat de middelen weliswaar flexibel maar wel voor de schappen beschikbaar blijven. De koerswijziging van de Gedeputeerde komt als een verrassing. Door de middelen zoals nu voorgesteld middels projectsubsidies provincie breed beschikbaar te stellen komt er per schap minder beschikbaar en vindt er een onevenredige verdeling plaats. Daarnaast ontstaat er ook een grote administratieve last aan beide kanten en niet onbelangrijk, ontstaat er een situatie van concurrentie, dit kan nooit de bedoeling zijn. Daarnaast speelt voor een aantal schappen dat de middelen als beheergeld worden ingezet en bij andere, onderdeel zijn van ontwikkelbudgetten.

Wanneer de Provincie de middelen middels ontwikkelbudget beschikbaar stelt voor de natuur- en recreatiegebieden van Zuid-Holland, dienen de organisaties zelf de extra beheermiddelen ter beschikking te stellen. Doen zij dit niet, dan is het weggooien van geld, omdat de voorzieningen dan niet worden onderhouden en ook niet worden afgeschreven. Een goed voorbeeld hiervan is het project in de jaren ’70 waarbij er in heel Nederland honderden zogenoemde trimtoestellen zijn geplaatst om de inwoners in de natuur aan het bewegen te krijgen. Deze werden door gebrek aan beheerfinanciering niet onderhouden en uiteindelijk moesten ze worden verwijderd. Voorkomen dient te worden dat met de kennis van nu een vergelijkbare situatie ontstaat en op de investeringen van vandaag over een aantal jaar bezuinigd moet worden. Daarnaast is het mede vanuit het oogpunt van de financiële posities van de gemeenten niet reëel hun bijdrage te verhogen voor een bovenregionale taak. Wij zijn ons er terdege van bewust dat de gedeputeerde binnen haar portefeuille geen beschikking heeft over dezelfde middelen als een aantal jaren geleden. Uw coalitieakkoord is echter ambitieus en de portefeuilleverdeling binnen uw college divers. Mogelijk kunnen opgaves gecombineerd worden. Uw coalitieakkoord bevat veel ambities om natuur, landschap, leefbaarheid, recreatie en biodiversiteit te versterken.

Het realiseren daarvan valt of staat met het behouden en versterken van de kwaliteit van de natuur- en recreatiegebieden. Maar ook voor andere ambities uit het coalitieakkoord is de kwaliteit van de gebieden onmisbaar, zoals klimaat, leefbaarheid en economie. Hierin is ook opgenomen de effort die u en diverse gemeenten steken in woningbouw en verstedelijking. Dit heeft groei van inwoneraantal tot gevolg waaruit voortkomt dat er nog meer druk op natuur-, en recreatiegebieden ontstaat. Een fijne en gezonde woonen werkomgeving is immers een belangrijke vestigingsfactor voor bedrijven en inwoners. Wij vertrouwen er dan ook op dat uw college het belang blijft zien van de bijdragen van de huidige natuur- en recreatieschappen aan uw provinciale doelen, doordat zij de afgelopen jaren er alles aan gedaan hebben schitterende gebieden te realiseren. Ook vertrouwen wij erop dat uw college, zoals toegezegd, betrokken blijft bij de natuur- en recreatiegebieden. Zonder uw financiële betrokkenheid, gaat de kwaliteit van de natuur- en recreatiegebieden, die reeds onder druk staat, achteruit.

2

Een belangrijke onderliggende voorwaarde voor het realiseren van de ambities is de beheerfinanciering. Hiervoor zijn structureel (beheer-)middelen nodig. De provincie kan hierin een belangrijke faciliterende rol spelen. Vooruitlopend op uitbreiding is het van belang om de bestaande gebieden goed op orde te houden. Met de coronadrukte zien wij dat de kosten voor het beheer zijn toegenomen. Daarnaast is het dringend nodig dat er naast bijdragen voor aanleg en ontwikkeling, recht wordt gedaan aan de instandhouding van recreatieve gebieden en voorzieningen. Wij vragen de provincie nadrukkelijk om hiervoor samen met de gemeenten ruimte te creëren en structurele budgetten beschikbaar te stellen om de financiering van bovengenoemde zaken te waarborgen. In het eerder genoemde besluit van het college van Gedeputeerde Staten is een van de voorwaarden dat de deelnemende gemeenten hun bijdragen niet verlagen. U zult begrijpen dat wij als gemeenten, 23 in totaal deelnemend in de schappen, bij een andere financiële werkelijkheid dan ook over moeten gaan tot het verlagen van de eigen gemeentelijke bijdragen. Dit gaat onherroepelijk leiden tot hervormingen binnen de organisatiestructuur en de kwaliteit van het huidige recreatieve landschap.

Een aanzienlijke oppervlakte van de provincie is in eigendom en/of beheer van de verschillende schappen waarbij wij benadrukken hier vooral uw voordeel mee te doen. Wij willen heel graag samen met de provincie een plan gaan maken hoe de natuur- en recreatiegebieden ook voor de toekomst behouden blijven, beheerd kunnen worden en kunnen blijven voldoen aan de behoeften van de gebruikers. Hieraan dient te worden gekoppeld dat het gesprek ook gevoerd moet kunnen worden of de financiële middelen wel volstaan om aan de opgaven en wensen te kunnen blijven voldoen. Wij zijn uiteraard graag bereid uw college persoonlijk een toelichting te geven en eventuele vragen te beantwoorden, vertrouwende op een goede samenwerking voor de komende jaren! Met vriendelijke groet, Namens de besturen van de natuur- en recreatieschappen IJsselmonde, Voorne-Putten, het Coöperatief Beheer Groengebieden Midden-Delfland en Groenalliantie Midden-Holland e.o.

Dhr. P. Luijendijk Wethouder

Dhr. R.M. van der Kooi Wethouder

Dhr. S.M. Brandligt Wethouder

Dhr. C.A. Oskam Wethouder

Voorzitter Natuur- en recreatieschap IJsselmonde

Voorzitter Recreatieschap Voorne-Putten

Voorzitter Coöperatief Beheer Groengebieden Midden-Delfland

Voorzitter Groenalliantie Midden-Holland e.o.

3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=middendelfland&id=b58216f7-4250-4c27-8c14-4624e1bebe87