CConstaterende datMidden-Delfland
Koppel je AI →
Document · PDF

A 029 Reactie college op prov rapport fin situatie gemeenten.pdf

Gemeenteraad 25 mei 2021, gemeente Midden-DelflandBij agendapunt: Brieven van het college1.658 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente Midden-Delfland

Anna van Raesfeltstraat 37, Postbus 1, 2636 ZG Schipluiden T (015) 380 41 11, F (015) 380 99 92 E gemeente@middendelfland.nl, I www.middendelfland.nl

Aan de leden van de gemeenteraad

Ons kenmerk Uw brief van Uw kenmerk Bijlagen

2021-10917 I 21Z.001171

Onderwerp Informatie provinciaal rapport financiële situatie gemeenten 'Roeien met te korte riemen'

Verzonden

28 APR 2021 Datum 20 april 2021

Geacht raadslid, De provincie Zuid-Holland is op basis van de Gemeentewet belast met financieel toezicht op gemeenten. In dat kader heeft de provincie opdracht gegeven tot het instellen van een onderzoek naar de financiële en beleidsvrije ruimte van gemeenten. Het rapport 'Roeien met te korte riemen' is het resultaat van dit onderzoek. In uw vergadering van 23 maart 2021 heeft u dit rapport om advies in handen van ons college gesteld.

Toezichthoudende taak provincie Wij waarderen in hoge mate de proactieve inzet van de provincie in haar toezichthoudende taak. Dit betreft de specifieke advisering aan de gemeente, maar zeker ook de wijze waarop men de financiële problematiek onder de aandacht brengt bij het Kabinet. In november 2019 is de zorgwekkende financiële situatie al onder de aandacht van ministers gebracht. Dit is op 25 juni 2020 nogmaals herhaald met een brief aan de minister-president om vanuit het Kabinet maatregelen te nemen die leiden tot een structureel beter meerjarenperspectief voor gemeenten. Het rapport 'Roeien met te korte riemen' bevestigt objectief dat er beperkende factoren zijn voor de financiële situatie en autonomie van gemeenten, die gemeenten niet zelfstandig kunnen oplossen. Wij herkennen ons in de conclusies uit het rapport. Waar mogelijk blijven wij betrokken bij gezamenlijke lobbytrajecten, zoals via de VNG, om in het Regeerakkoord structurele financiële compensatie te krijgen voor de uitvoering van medebewindstaken in het sociaal domein (o.a. Jeugdwet en inburgering) en het fysiek domein (o.a. Omgevingswet en Klimaatakkoord). Tegelijkertijd houden wij vast aan het wettelijk uitgangspunt een meerjarig structureel sluitende begroting te presenteren voor de periode 2022-2025, zoals wij ook voorgaande járen hebben gedaan.

Solvabiliteit Midden-Delfland als indicator van financiële gezondheid Uit de rapportage volgt dat de solvabiliteit van alle gemeenten afneemt. Als signaalwaarde wordt een percentage van Q-20% aangehouden. Het aantal gemeenten dat hieronder valt neemt toe. Uit het onderzoek blijkt dat de gemiddelde waarde is gedaald naar 26,l0Zo in 2022. Onze gemeente is financieel solide en scoort beter dan dit gemiddelde. Onze solvabiliteit bedraagt over 2011, 2015 en 2019 respectievelijk 790Zo, 690Zo en 390Zo. Deze percentages zijn hoger dan het gemiddelde in onze provincie en de omliggende gemeenten. De leningen die gekoppeld zijn aan erfpacht maken ook onderdeel uit van de opbouw van dit percentage. Tegenover de leningen staan erfpachtinkomsten, waarbij op het moment van de lening ook de erfpacht afloopt. Hierdoor is het risico voor de gemeente zeer gering. Als de leningen op de erfpachtgronden niet bij de berekening betrokken worden is het percentage 60oZo en scoort Midden-Delfland ruim boven het 'groene' risicoprofiel van 400Zo. Daarmee zijn we -nog steeds- een financieel zeer gezonde gemeente.

MIX FSC

Van verantwoorde herkomst

FSC* C017135

àttašfaw

Sociaal domein Het grootste deel van het gemeentelijk begrotingsbudget is bestemd voor het sociaal domein. Voor Zuid-Holland is dat gemiddeld 4107o. Midden-Delfland heeft respectievelijk over de járen 2011, 2015 en 2019 een percentage van 1507o, 260Zo en 260Zo. De stijging in 2015 wordt veroorzaakt door de decentralisaties. Verhoudingsgewijs besteden de grootstedelijke gemeenten een hoger percentage aan het sociaal domein, waardoor het percentage van Midden-Delfland beneden het provinciaal gemiddelde ligt. Hier staan ook lagere inkomsten tegenover, zoals uit de BUIG-uitkering. Voor onze gemeente is herkenbaar dat het grootste deel van de uitgaven is bestemd voor inkomensregelingen en de grootste stijging wordt veroorzaakt door de kosten voor jeugdzorg. Uit de rapportage blijkt dat de toegenomen hogere uitgaven in het sociaal domein deels worden gecompenseerd door inkomsten op andere taakvelden. Een hogere uitkering uit het Gemeentefonds is hier een voorbeeld van. Dit zijn inkomsten die bestemd hadden kunnen worden voor andere taakvelden en/of autonome gemeentelijke taken. Ook blijkt dat sprake is van opvallende verschillen tussen begroting en werkelijkheid. Op maatwerkdienstverlening (18- en 18+) was dat in 2019 in ZuidHolland 296 miljoen euro.

Wij verwachten dat als gevolg van de COVID-19 crisis en compenserende maatregelen vanuit het Rijk over 2020 sprake zal zijn van een incidenteel voordeel. De provincie heeft in de brief aan het Kabinet aangegeven dat de huidige coronacrisis in potentie een extra risico is. Deze crisis kan op termijn tot een economische neergang leiden, waardoor meer inwoners een beroep op een inkomensvoorziening gaan doen. Dit onderwerp is onder andere nader toegelicht in de recente raadsinformatiebrieven over het sociaal domein. Uit de analyserapportage blijkt dat alle gemeenten in Zuid-Holland maatregelen buiten het sociaal domein nodig hebben om de begroting sluitend te krijgen. Voorbeelden zijn de verhoging van belastingen, inzet van reserves en bezuinigingen op diverse beleidsvelden.

Fysiek domein De provincie constateert dat nieuwe maatschappelijke opgaven rondom klimaat en energie, circulaire economie en de Omgevingswet in de praktijk financieel gedekt worden vanuit incidentele middelen of op basis van (Rijks)subsidies met cofinanciering. In onze gemeente is dit in enkele gevallen ook van toepassing. Feítelijk doen deze maatschappelijke opgaven zich structureel voor en moeten deze ook structureel gedekt worden. Voor de Omgevingswet zijn op nationaal niveau monitoringsafspraken gemaakt over baten en kosten. Hierbij is nog onvoldoende rekening gehouden met de impact op de gemeentelijke begrotingen. Een eerste ijkmoment hiervoor is in 2022. Voor de implementatie van de Omgevingswet ontvangt de gemeenteraad separate voorstellen. Voor de uitvoering van het Klimaatakkoord is onderzoek gedaan naar de kosten voor gemeenten. Op basis van onderzoek van de Raad voor het Openbaar Bestuur blijkt dat de kosten voor de uitvoering van het Klimaatakkoord voor gemeenten in 2022 450 miljoen euro zijn, oplopend naar 599 miljoen euro in 2024. Het Kabinet heeft nog geen besluit genomen over de financiële compensatie. Tot op heden zijn deze taken in Midden-Delfland vanuit incidentele budgetten en subsidies gefinancierd. In lijn met het VNG-standpunt zijn wij van mening dat voor een structurele uitvoering ook een structurele financiering vanuit het Rijk beschikbaar moet komen.

Onze verwachting is dat in een nieuw Regeerakkoord hierover meer informatie beschikbaar komt. Tegelijkertijd moeten wij zorgen dat in ieder geval voor de korte termijn voldoende financiële middelen en ambtelijke capaciteit beschikbaar blijft om de huidige processen te continueren. Budgettaire consequenties hiervan nemen wij mee in de P&C-cyclus.

Vrije beleidsruimte Uit de financiële analyse volgt ook de conclusie dat de vrije beleidsruimte in de begroting van gemeenten is afgenomen. Voor Midden-Delfland is deze vrije ruimte over de járen 2011, 2015 en 2019 respectievelijk 6,0oZo, 5,207o en 4,707o. In de praktijk houdt dit in dat steeds meer middelen worden ingezet voor taken die in medebewind moeten worden uitgevoerd, waarbij een gemeente geen of beperkte beleidsvrijheid heeft. Tegelijkertijd is voor de autonome gemeentelijke taken minder ruimte aanwezig. Dit beperkt de beleidsvrijheid en dus de keuzemogelijkheden voor gemeenteraden.

2

In de voorlichting interbestuurlijke verhoudingen van 24 maart 2021 van de Raad van State constateert dit adviesorgaan dat de oplossing van de huidige financiële spanningen tussen Rijk en decentrale overheden liggen bij een goede raming van de financiële middelen die nodig zijn om de toebedeelde taken uit te voeren. Gemeenten zijn voor hun inkomsten sterk afhankelijk van het Rijk. Deze afhankelijkheid is door de decentralisaties verder toegenomen. Meer dan 600Zo zijn inkomsten uit het Gemeentefonds. Belastingen en heffingen zijn minder dan 200Zo en de belastingdruk bij inwoners wordt voor 30Zo veroorzaakt door gemeentelijke belastingen. Bij de decentralisaties is te weinig aandacht voor de kosten van de uitvoering en de (verwachte) efficiencywinst is onvoldoende onderbouwd. Dit leidt er toe dat de middelen voor uitvoering structureel ontoereikend zijn. De autonome beleidsruimte is nodig om vanuit de lokale samenleving te werken aan de leefbaarheid en vitaliteit van dorpen en landschap. Gedeputeerde Staten constateren in hun brief aan het Kabinet dan ook terecht dat de structurele financiële disbalans er toe leidt dat de gemeentelijke autonomie beperkt blijft tot het maken van keuzes waarop bezuinigd kan/moet worden. Dit raakt de kern van de besluitvorming in onze en andere gemeenten.

Wij onderschrijven de constatering van Gedeputeerde Staten dat bezuinigingen leiden tot een verdere afkalving van het voorzieningenniveau en het niet kunnen geven van een passend antwoord op de verschillende maatschappelijke opgaven. Dit patroon raakt direct het welzijn van onze inwoners en zorgt ook voor een afname in het vertrouwen in de overheid en de lokale democratie.

Relatie met begrotingsproces 2022-2025 Wij vertrouwen er op dat de verschillende rapporten van nationale instituten, zoals de Raad van State en de Raad voor het Openbaar Bestuur en brieven zoals die van de VNG en de provincie Zuid-Holland, leiden tot het beschikbaar komen van incidentele en structurele financiële middelen. Deze bedragen nemen wij op in de voorstellen voor de begroting 2022-2025. We zijn daarbij afhankelijk van de voortgang van het proces van de Kabinetsformatie. Dit betekent mogelijk dat gedurende de P&Ccyclus aanvullende informatie beschikbaar komt. Naast de vaste P&C-producten informeren wij de gemeenteraad hier dan over. In het bijzonder geldt dit voor een toekomstig Regeerakkoord en vertaling daarvan naar de uitkering uit het Gemeentefonds.

Tot slot Wij herkennen de geschetste ontwikkelingen in het rapport. Door het ontbreken van structureel toereikende financiële middelen vanuit het Rijk is het realiseren van een structureel sluitende begroting een forse uitdaging. Wij onderschrijven de zorgen die door de VNG en de provincie ZuidHolland worden uitgesproken over de afgenomen vrije (financiële) beleidsruimte, zoals ook in de rapportage en de voorlichting van de Raad van State is geconstateerd, voor het uitvoeren van onze taken. Tegelijkertijd is onze gemeente in de basis zowel in absolute zin als relatieve zin (in vergelijking met andere gemeenten in Zuid-Holland) nog steeds financieel sterk en solide. Dit is het directe gevolg van onze gezonde vermogenspositie.

Met vriendelijke gro«, het çottegs van burgemeester en wethoudei

Martiëņ Bom gemeentesecretaris

Aŕnoud

3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=middendelfland&id=e6a81a5b-c3dd-4ac3-b6a0-09d7d9db629d