CConstaterende datMidden-Delfland
Koppel je AI →
Document · PDF

2026 m 01 d 14 Vsl Commissie

Commissie 10 februari 2026, gemeente Midden-DelflandBij agendapunt: Verslag openbare vergadering d.d. 14 januari 20265.569 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Notulen van het verhandelde in de openbare vergadering van de commissie van de gemeente MiddenDelfland, gehouden op 14 januari 2026, 19.30 uur. Voorzitter

: de heer A.J. Gebben

Griffier

: de heer A. de Vos / mevrouw W. Tieman

Aanwezig : de heer J. van der Eijk (VVD), de heer J.G. Jongsma (OGP Midden-Delfland), mevrouw D. Langeveld (CDA), de heer F.J. van Lier (Mijn Partij), mevrouw A.C.A.J. Poels (CDA), de heer M.W. Renzen (VVD), de heer R.H.P. Ringeling (ChristenUnie), de heer H. Rodenburg (CDA), de heer P.W. Scholtes (D66), de heer J.P. van der Spek (Mijn Partij), de heer R.E. Vieira (D66), de heer R.H.G. Zwaard (CDA) Afwezig

:-

Tevens aanwezig: mevrouw F.I. Noordermeer-van Slageren (agendapunt 11.a), burgemeester; de heer M. Klijmij-van der Laan, mevrouw M. Oderwald-Ruijsbroek, de heer F.A. Voskamp, wethouders

0.

Heropening van de vergadering

De voorzitter heropent de commissievergadering en heet de commissie- en collegeleden, bezoekers en kijkers thuis welkom. Het agendapunt Bibob beleid en capaciteit wordt als eerste behandeld.

11.a

Bibob beleid en capaciteit (agendapunt 14 van de vergadering van 13-01-2026)

De voorzitter meldt dat het college voornemens is om het Bibob-beleid te actualiseren en de uitvoering ervan tijdelijk als project in te richten. Na 18 maanden zal op basis van een evaluatie een voorstel over het vervolg worden gedaan. De raad wordt voorgesteld kennis te nemen van de geactualiseerde beleidsregel Wet Bibob 2025 en € 69.000,00 beschikbaar te stellen voor de kosten. De heer Scholtes brengt naar voren dat voor D66 het BIBOB-beleid een belangrijke investering is. Juist in een gemeente als Midden-Delfland willen we voorkomen dat criminelen hier voet aan de grond krijgen. Dit beleid helpt ons om risico’s vroegtijdig te signaleren en te weren. Daarnaast vinden wij het essentieel dat we ook in de toekomst goed blijven samenwerken met omliggende gemeenten, zodat we gezamenlijk sterk staan tegen ondermijnende activiteiten en niet achter liggen. De heer Jongsma [eerste deel niet hoorbaar op geluidsbestand]. OGP Midden-Delfland vindt de investering van € 69.000,00 over twee jaar verstandig, omdat de kosten van herstel, juridische procedures en handhaving bij ondermijning vele malen hoger liggen. De fractie steunt het voorstel. De voorzitter concludeert dat er geen vragen aan het college zijn gesteld en vraagt of de commissie behoefte heeft aan een tweede termijn. De heer Van der Eijk stelt dat er voor gezagsondermijnende activiteiten geen plek is in MiddenDelfland.

De VVD steunt het beleid en complimenteert het college met het feit dat het voorstel eerst ter bespreking wordt aangeboden, alvorens het wordt opgenomen als periodieke begrotingswijziging. Portefeuillehouder Noordermeer dankt de commissie voor de steun. Het college zal de evaluatie zorgvuldig uitvoeren en de kennis en expertise inbedden in de organisatie. De voorzitter concludeert dat het voorstel als hamerstuk wordt geagendeerd voor de gemeenteraad.

1

12.

Regels omgevingsplan voor toepassen van grond in de Harnaschpolder, gemeente Midden-Delfland en bodemfunctieklassenkaart

De voorzitter meldt dat de raad wordt voorgesteld om de Regels voor toepassing van grond in de Harnaschpolder en de bodemfunctieklassenkaart vast te stellen, de oude bodemfunctieklassenkaart, de bodemkwaliteitskaart en de Nota bodembeheer in te trekken en de vaststelling van de wijziging van het omgevingsplan voor bodem te delegeren aan het college. De heer Van Lier stelt dat Mijn Partij geen problemen heeft met het aanpassen van het beleid. De fractie vraagt waarom gekozen wordt voor toepassing van schone grond op een industrieterrein, waar de ondergrond al klasse 'industrie' is, maar niet voor de klasse 'wonen', zoals onder andere wegen in Midden-Delfland. Is Midden-Delfland daarmee niet strenger voor de Harnaschpolder dan voor andere gebieden in de gemeente? De heer Jongsma had een technische vraag die volgens hem niet correct beantwoord is. Hij had gevraagd of de regels garanderen dat stoffen die nog niet beperkt gereguleerd zijn, niet ongemerkt in het gebied kunnen worden toegepast. Eerder was dat het geval van PFAS. Toen dat eenmaal meetbaar werd, bleek dat de gemeente veel grond had waarin PFAS aanwezig waren. Hoe kan de gemeente voorkomen dat dit opnieuw gebeurt met andere stoffen? De voorzitter geeft het college de gelegenheid om te reageren op de eerste termijn.

Wethouder Oderwald wil niet de vraag beantwoorden of de gemeente in Harnaschpolder strenger is dan op andere plekken in de gemeente. De vraag is namelijk: is het schoon genoeg? In de afweging kan de gemeente zich permitteren om de bodem verder schoon te maken dan puur voor de functionaliteit nodig is. De gemeente bepaalt niet zelf wat gevaarlijke of giftige stoffen zijn. Dat gebeurt op landelijk of Europees niveau. Midden-Delfland zorgt ervoor dat er nooit grond wordt toegepast zonder dat deze onderzocht is. Zodra een stof als risico wordt aangemerkt, werken alle kaders automatisch door in de toetsing. Dat was zo bij PFAS en zo zal het ook gaan bij schadelijke stoffen die nu nog niet bekend zijn. Het milieubeleid is erop gericht om schade te voorkomen. Daarom kan alleen onderzochte grond gestort worden. De voorzitter geeft de commissie de gelegenheid tot een tweede termijn. De heer Jongsma zegt dat OGP Midden-Delfland het voorstel zal steunen, met name het regime dat alleen grond van klasse 'landbouw/natuur' wordt toegestaan om de bodemkwaliteit op lange termijn te beschermen. Ook de beperkte versoepeling van doorgaande wegen acht OGP verantwoord. Met het delegeren van de besluitvorming aan het college gaat OGP Midden-Delfland akkoord, mits de raad goed geïnformeerd blijft worden over de uitwerking in het omgevingsplan. De heer Zwaard noemt het een helder voorstel.

Het CDA zal instemmen en adviseert om het als hamerstuk te agenderen. De voorzitter concludeert dat het voorstel als hamerstuk wordt geagendeerd voor de gemeenteraad.

13.

Actualiseren speelbeleid

De voorzitter meldt dat de raad wordt voorgesteld om het speelbeleid 2025 vast te stellen. Hieraan voorafgaand is er een inventarisatie en inspectie van alle speelplekken en -toestellen uitgevoerd. In het speelbeleid is per kern aangegeven wat er nodig is om de beleidsambities waar te maken. De raad wordt verzocht om vanaf 2028 de benodigde kredieten in de Kadernota 20272030 op te nemen. Mevrouw Poels betoogt dat het voorstel goed aansluit bij de moties van het CDA uit november 2024 en 2025. Het CDA heeft nog de volgende vragen en opmerkingen. Over inclusie vraagt zij of er een plan is om de huidige speeltuinen in 2026 inclusiever en toegankelijker te maken en hoe de toegankelijkheid wordt beoordeeld. Over veiligheid vraagt ze of het college heeft onderzocht aan welke voorwaarden grotere speelplekken moeten voldoen om uitnodigend te zijn voor jong en oud, 2

terwijl dit ook veilig blijft voelen. Ook vraagt ze of de veiligheid van wandelroutes buiten de kernen wordt meegenomen in het nieuwe beleid. Bij communicatie wil het CDA iets toevoegen, namelijk een actieve verbinding tussen de bestaande speelplekken om de saamhorigheid te bevorderen. Dat kan door herkenbare tegels die wijzen naar de volgende speelplek, of tegels met tekeningen door de kinderen zelf. Zo ontdekken kinderen en hun ouders gemakkelijker nieuwe speelplekken. Hoe gaat de gemeente bewoners bij het beleid betrekken en hoe kunnen zij participeren? Hoe wordt de doelgroep 12-18 jaar bij het speelbeleid betrokken? Wat komt er terug op de plekken waar speeltuintjes worden opgeheven? Hebben de direct omwonenden hier een stem in? Over financiën vraagt het CDA of het college de financiële planning kan waarmaken en of het budget in het nieuwe beleid in- of exclusief groenbeheer is in de speeltuinen. De heer Renzen geeft een compliment voor de nota. De VVD ziet kwaliteit van de leefomgeving als een speerpunt. Buitenspelen is goed voor de jeugd, maar ook voor ouderen. Daarom wil de VVD graag dat in elke kern ook een beweegplek met fitnessapparatuur komt voor volwassenen. De VVD kiest daarom voor scenario 4 met een ruim budget. Verder moeten er veel meer waterpunten komen in en rondom de kernen ten behoeve van wandelaars en fietsers.

Hiervoor zou de VVD graag een amendement of een motie indienen. De heer Scholtes vindt het een duidelijk beleidsdocument. Er wordt niet alleen gesproken over speelplekken voor kinderen, maar ook over ontmoetingsplekken voor ouderen. De leeftijdsgroep 12-18 jaar is moeilijk bereikbaar. Deze groep heeft behoefte aan een skatepark, maar daarover wordt in het beleid geen expliciete uitspraak gedaan. D66 heeft voorkeur voor scenario 3. De heer Renzen adviseert om voor scenario 4 te gaan, want dan is het mogelijk om twee skateplekken in te richten, bijvoorbeeld samen met fitnessapparatuur voor ouderen. De heer Scholtes staat niet negatief tegenover dit scenario, maar er wordt niet concreet gesteld dat er een skatepark komt. De toezegging dat de mogelijkheden worden onderzocht, staat ook in scenario 3. D66 vindt het aan de volgende gemeenteraad om budget vrij te spelen voor dergelijke plannen. De heer Van Lier zegt dat Mijn Partij het een goed doordacht speelbeleid vindt. Er is ook goed nagedacht over hergebruik en behoud van speeltoestellen. De gemeente zou nog gebruik kunnen maken van platforms voor gebruikte speeltoestellen voor zowel het afstoten als aanschaffen van speeltoestellen. Mijn Partij sluit zich aan bij de VVD omtrent onderzoek naar extra mogelijkheden voor speelplaatsen. Het plaatsen van fitnesstoestellen vindt Mijn Partij een goed idee.

Een motie voor meer waterpunten zou Mijn Partij ook steunen. De heer Jongsma zegt dat OGP Midden-Delfland ook content is met het nieuwe speelbeleid. Wel heeft de fractie nog wat vragen. In het beleid wordt onderscheid gemaakt tussen formele speelplekken en vrije speelruimte. Vrije speelruimte wordt echter niet verder uitgewerkt in het beleid. OGP Midden-Delfland vraagt waarom dat zo is, omdat deze ruimte juist laagdrempelig en waardevol is voor kinderen. Speelpleinen blijven ook buiten beschouwing, omdat ze vaak bij scholen horen en niet openbaar toegankelijk zijn. Dat vindt OGP Midden-Delfland een gemiste kans. Deze pleinen kunnen een prima aanvulling zijn op de speelplekken. De fractie vraagt wat ervoor nodig is om deze pleinen onderdeel te maken van het speelbeleid. In de vijf ambities van een beweegvriendelijke leefomgeving is er vooral aandacht voor de jeugd. Plekken voor ouderen lijken minder zichtbaar. OGP Midden-Delfland vraagt wat er nodig is om deze doelgroep nadrukkelijker te bedienen. Het voorstel van de VVD zou OGP Midden-Delfland waarschijnlijk steunen. De fractie is blij met de aandacht voor toegankelijkheid en inclusie, maar vraagt zich af waarom er per dorpskern maar één inclusieve speelplek wordt benoemd. Hij vraagt wat ervoor nodig is om alle speelplekken inclusief te maken.

OGP Midden-Delfland complimenteert het college voor de sterke nadruk op participatie. De fractie vraagt nog welke twee dorpskernen worden bedoeld waar het gaat om mogelijk extra speelplekken in scenario 4. Om een verbinding tussen speelplaatsen te creëren vindt OGP Midden-Delfland een interessant 3

idee. Het verzoek om meer waterpunten is voor OGP bespreekbaar. De voorzitter geeft het college de gelegenheid om te reageren op de eerste termijn. Wethouder Klijmij is zeer te spreken over het speelbeleid van gemeente Midden-Delfland. De gemeente zou prima kunnen meedingen naar de prijs van Jantje Beton voor de meest speelvriendelijke gemeente. Hij gaat in op de vragen van de commissie. In het beleid is opgenomen dat speelplekken bij vervanging inclusiever worden gemaakt. Het college vindt het zonde om speeltoestellen al eerder te vervangen. Inclusiviteit bij speeltuinen is best ingewikkeld, want er moet aan veel voorwaarden worden voldaan. Daarom is participatie belangrijk, zodat de gemeente kan achterhalen voor welke kinderen iets extra’s moet worden gedaan. Beplanting rondom speeltuinen is ook een manier om het inclusiever te maken, bijvoorbeeld voor kinderen met een visuele beperking of met autisme. Er werd aandacht gevraagd voor de veiligheid. Speeltoestellen moeten altijd veilig zijn. Daarom worden ze regelmatig geïnspecteerd. Wandelroutes buiten de kernen vallen niet onder het speelbeleid. De gemeente is bezig met toerisme- en recreatiebeleid, waarin wandelroutes opgenomen kunnen worden. In het beleid zijn verbindingstegels naar andere speelplekken niet opgenomen. Het college hoort graag van de raad of hiervoor een voorstel gewenst is.

Zelf denkt hij dat het belangrijker is dat bewoners de speelplekken weten te vinden en dat kan vooral via goede communicatie tot stand komen. De groep 12-18 jaar is inderdaad lastig bereikbaar. In het beleid zijn wel maatregelen opgenomen voor deze doelgroep, zoals de fitnesstoestellen. Extra mogelijkheden kunnen onderzocht worden. De gemeente gaat sowieso meer publiciteit geven aan de speelplekken, om inwoners te motiveren om meer te bewegen. De kosten voor de groenvoorzieningen zijn niet opgenomen in het budget voor het speelbeleid, maar in het budget groenbeheer. Het college gaat ervan uit dat het de financiële planning kan waarmaken, want anders was het niet op deze manier voorgesteld. Scenario 3 is haalbaar en betaalbaar. Als gekozen wordt voor scenario 4, dan zal de raad extra geld beschikbaar moeten stellen. De heer Renzen noemt het verschil van € 7.000,00 tussen de scenario’s 3 en 4 te verwaarlozen. Hij zou graag een skatepark en een fitnesspark willen toevoegen aan de speelplekken en vraagt of de wethouder het ermee eens is dat scenario 4 slechts € 7.000,00 kost. Wethouder Klijmij antwoordt dat voor dat geld geen skatebaan kan worden gerealiseerd. Achter die € 7.000,00 zit een investering van € 100.000,00 die over een lange periode moet worden afgelost. De gemeente heeft een raamovereenkomst met een leverancier van speeltoestellen. Zo blijft de aanschaf betaalbaar.

Het heeft niet de voorkeur om tweedehandsapparatuur aan te schaffen, tenzij er misschien onverwachts iets moet worden vervangen. De vrije speelruimte wordt ook uitgewerkt, maar minder expliciet. Als kleine speelplekken met bijvoorbeeld één speeltoestel, verouderd raken, worden ze omgezet in een vrije speelplek, zodat er in elke kern een goede mix ontstaat van verschillende speelmogelijkheden. De gemeente gaat niet over de schoolpleinen. Scholen mogen de pleinen afsluiten en doen dat graag om vandalisme en hangjeugd te voorkomen. De gemeente staat er altijd voor open om schoolpleinen openbaar te maken, maar heeft dit niet in het speelbeleid opgenomen. Plekken voor ouderen zijn voldoende goed zichtbaar, maar vallen wat minder op dan speeltuintjes. Elke kern krijgt minimaal één inclusieve speelplek. Het is lastig om alle speeltuinen inclusief te maken. Uiteindelijk moeten ze wel allemaal toegankelijk zijn. De suggestie om meer waterpunten te maken nabij speeltuintjes, vindt hij een goede. Hij kan niet toezeggen dat het overal kan en financieel haalbaar is, maar het zal worden meegenomen in de uitvoering. De voorzitter geeft de commissie de gelegenheid tot een tweede termijn. 4

De heer Renzen merkt op dat de commissie het op veel punten eens is. Het zal scenario 3 worden, hoewel er ook wel animo is voor het concreter maken van scenario 4. Dat is misschien een mooie opdracht voor na de gemeenteraadsverkiezingen. Voor de VVD mag het voorstel worden geagendeerd als hamerstuk. De heer Jongsma dankt de wethouder voor de toezegging om met scholen in gesprek te treden over het gebruik van schoolpleinen. OGP Midden-Delfland vindt scenario 3 het meest passend, maar wil nog wel nadenken over de suggestie van de VVD over het plaatsen van fitnessapparatuur. Wellicht komt het tot een motie. OGP Midden-Delfland weet nog niet of ze het als hamerstuk of bespreekstuk wil agenderen. Mevrouw Poels steunt het voorstel van de VVD voor het plaatsen van fitnessapparatuur, maar heeft de indruk dat dit al is opgenomen in het voorstel. Ze is nog niet tevreden over de beantwoording van haar vraag hoe het college speeltuinen toegankelijker gaat maken. Sommige speeltuinen hebben bijvoorbeeld een toegangspoortje waar geen rolstoel doorheen kan. Het CDA hoort graag hoe de toegankelijkheid wordt beoordeeld en wat er vervolgens met die beoordeling wordt gedaan. Ook het antwoord over veiligheid vond ze wat beperkt. Veiligheid betekent ook voldoende verlichting en zichtbaarheid. Een skatebaan zou mooi zijn, maar de gemeente kan beter vragen wat de 12- tot 18-jarigen zelf willen.

Hoe kunnen zij input geven in het beleid? Tot slot vraagt ze om haar voorstel over de tegels tussen de speeltuintjes te overwegen. Het kost wat geld, maar maakt veel impact in de kernen. Het CDA vindt dat bewoners meer betrokken moeten worden bij het beleid. De gemeente moet hier een actieve rol in hebben en niet verwachten dat omwonenden zelf op zoek gaan naar informatie. De voorzitter geeft het college de gelegenheid om te reageren op de tweede termijn. Wethouder Klijmij antwoordt dat participatie juist een van de speerpunten in het beleid is. In het voorstel staat een opsomming van verschillende vormen van participatie, want die hangt af van de situatie. Als een speelplek wordt omgevormd, worden direct omwonenden bijvoorbeeld gevraagd naar wensen en ideeën. De gemeente zoekt de betrokkenen op om te horen wat zij graag willen. Niet alleen ouders wordt gevraagd wat zij willen, maar ook de kinderen zelf. Mevrouw Poels vraagt of het college kan toezeggen om de participatie voor de hele gemeente te organiseren in plaats van per wijk of per speelplek. Wethouder Klijmij legt uit dat de meeste kinderen binnen hun eigen wijk spelen. Het lijkt hem zinniger om de participatie te organiseren per buurt en wijk, op het moment dat er mogelijkheden zijn om een nieuwe speelvoorziening in te richten. Bij vervanging of omvorming worden inclusiviteit en toegankelijkheid meteen meegenomen.

Het is niet zo dat er een ronde komt waarin elke speeltuin toegankelijk wordt gemaakt. Speeltuintjes waar de toegang een probleem is, kunnen gemeld worden bij de gemeente. Dan wordt gekeken of het mogelijk is om een hek aan te passen of te verwijderen. Door de schaal van de gemeente zijn er weinig inwoners met een beperking die als klankbord gebruikt kunnen worden. De gemeente wil echter wel graag de aanwezige ervaringsdeskundigheid inzetten om voorzieningen beter toegankelijk te maken. Bij veiligheid ging het ook vooral om het gevoel van veiligheid. Dat is lastig te meten. De gemeente beoordeelt of speelplekken fysiek veilig zijn. Door het karakter van de speeltuintjes komen er vooral mensen uit de directe omgeving op af. Er zijn maar weinig momenten dat men van speeltuin naar speeltuin gaat. Hij is er niet van overtuigd dat een speeltuinroute met tegels veel meerwaarde heeft. De heer Jongsma overweegt een motie, waarin het college wordt verzocht om een concreet voorstel te maken voor waterputten bij speeltuinen en voor één of meerdere fitnessparken. Mevrouw Poels zou het voorstel willen agenderen als hamerstuk nu toegezegd is dat het toegangshek zal worden aangepakt. 5

De voorzitter concludeert dat het voorstel als bespreekstuk wordt geagendeerd voor de gemeenteraad.

15.

Ontheffing ingezetenschap wethouder F.A. Voskamp

De voorzitter meldt dat de heer Voskamp, woonachtig in Maassluis, de raad heeft verzocht om opnieuw ontheffing te verlenen van het woonplaatsvereiste. De huidige ontheffing loopt op 20 februari 2026 af. De heer Renzen meldt dat de VVD van mening is dat wethouders moeten wonen in de gemeente waarin zij werken. De VVD meent ook dat het tegen de wet indruist als er externe wethouders worden gezocht. Bij voorkeur zijn wethouders goed sociaal geworteld in de gemeente waarin ze werken, doordat ze daar al een fors aantal jaren wonen. In de Gemeentewet wordt er nog steeds van uitgegaan dat wethouders in de gemeente wonen, tenzij er ontheffing wordt verleend. De VVD vraagt of de andere fracties in de nieuwe bestuursperiode een lokale wethouder zouden leveren als zij in de coalitie komen. Zo nee, waarom niet? Dit gezegd hebbende, ziet de VVD geen enkele reden om niet in te stemmen met het voorstel, zodat het als hamerstuk kan worden geagendeerd en wethouder Voskamp zijn termijn kan afmaken. De heer Zwaard zegt dat het CDA zal instemmen met het voorstel. Na het betoog van de heer Renzen hoopt hij dat gemeente Papendrecht, waar mevrouw Renzen wethouder is, ook voor een lokale wethouder zal kiezen. De heer Renzen meldt dat de VVD vindt dat het woonplaatsvereiste voor elke gemeente geldt. Hij is benieuwd of het CDA dat ook vindt.

De heer Jongsma zegt dat OGP Midden-Delfland als lokale partij ook voorstander is van lokale bestuurders. Als een kandidaat van buiten de gemeente meer geschikt is dan lokale kandidaten, kan echter gebruik gemaakt worden van ontheffing. OGP vindt het geen probleem om voor wethouder Voskamp nog een keer ontheffing te verlenen. De voorzitter geeft de commissie de gelegenheid tot een tweede termijn. De heer Zwaard zegt dat het CDA uiteraard bij voorkeur een wethouder kiest uit de eigen gemeente. Als het CDA na de verkiezing in de coalitie komt, hoopt de fractie een wethouder uit Midden-Delfland te kunnen presenteren. De heer Van der Spek zegt dat Mijn Partij graag een wethouder ziet uit een van de eigen kernen. Voor wethouder Voskamp stemt Mijn Partij in met ontheffing, gelet op de aanstaande verkiezingen. De voorzitter concludeert dat het voorstel als hamerstuk wordt geagendeerd voor de gemeenteraad.

16.

Brief college – Ontwikkelingen regionale inkoop jeugd 2027

De voorzitter meldt dat de raad met de brief wordt geïnformeerd over de stand van zaken van de doorontwikkeling van de regionale jeugdhulp en over een aanpassing in de fasering. Mevrouw Langeveld geeft een korte toelichting. In de raad van juni 2025 heeft het CDA haar zorgen uitgesproken over de regionale inkoop van jeugdhulp. De fractie maakt zich zorgen over het proces. Voor de zomer 2025 is de raad akkoord gegaan met de regionale inkoop. Zes maanden later kan de planning al niet meer worden gehaald. De gemeenteraad heeft toch aangegeven dat het essentieel is dat eerst de financiële impactanalyse helder moet zijn? Nu blijkt dat de financiële impact nog niet duidelijk is en dat dit vertraging oplevert. De vertraging heeft financiële consequenties voor Midden-Delfland, maar hoe hoog de extra kosten worden, is onbekend. In de begroting staat een besparing ingeboekt voor de nieuwe inkoop, maar die wordt waarschijnlijk niet gerealiseerd. Midden-Delfland zal niet zoveel invloed hebben op de regionale ontwikkelingen, maar het CDA hoort graag van de wethouder hoe het proces vanaf juni 2025 is verlopen. Op 6 december 2025 is 6

de bijeenkomst van de raadswerkgroep Sociaal domein geannuleerd door gebrek aan bespreekpunten. Was dit geen onderwerp geweest om de raad goed te informeren? De heer Ringeling had verwacht dat het CDA vragen aan de commissie had, maar de fractie heeft nu vragen aan het college gesteld. De ChristenUnie gaat ervan uit dat de wethouder de commissie meteen heeft geïnformeerd zodra bekend was dat er vertraging optrad. De wethouder zal deels verantwoordelijk zijn voor het uitlopen van de planning bij het extern ingehuurde bureau, maar de commissie kan de wethouder er moeilijk op afrekenen. De ChristenUnie is wel benieuwd wat de wethouder weet over de oorzaken van de vertraging. De heer Vieira waardeert het dat het CDA snel technische vragen heeft gesteld over de vertraging en mogelijke budgetoverschrijding. D66 ziet echter liever dat er zorgvuldig wordt gewerkt, dan dat alles op alles wordt gezet om alles voor 1 januari klaar te hebben. Uit de beantwoording door het college heeft hij begrepen dat de projectorganisatie € 2,9 miljoen kost en dat Midden-Delfland hiervan € 46.000,00 moet betalen, verdeeld over twee jaar. Hij vraagt of dit klopt, of dat de gemeente meer kosten moet betalen. Ook hoort D66 graag of de gemeente de komende tijd nog meer vertraging verwacht.

De heer Jongsma stelt dat de gemeente afgelopen zomer snel heeft moeten instemmen met het voorstel, omdat het inkooptraject anders vertraging zou oplopen, wat de gemeente geld zou kosten. Inmiddels werd aangegeven dat de gezamenlijke inkoop een jaar later start dan gepland, namelijk op 1 januari 2028. OGP Midden-Delfland is van mening dat bij het voorstel voor regionale inkoop van jeugdhulp afgelopen zomer snelheid boven kwaliteit is gegaan. Nu moeten de plannen alsnog worden getoetst op zorgvuldigheid, wat de vertraging veroorzaakt. OGP Midden-Delfland vraagt het college om een impactanalyse, waarin wordt gereflecteerd op het doorlopen proces, met aandacht voor de planning en voorzien van een financiële onderbouwing. Deze impactanalyse wil de fractie nog deze raadsperiode ontvangen en bespreken. De heer Van der Eijk is altijd kritisch op kosten voor jeugdzorg en wil dat het budget vooral wordt besteed aan kinderen die de zorg echt nodig hebben, terwijl de ouders er niet in kunnen voorzien. Er lag een voorstel met duidelijke deadlines voor de projectorganisatie. Hoe is het dan mogelijk dat deze organisatie na vijf maanden al zegt de planning niet te halen? Hoe realistisch was het oorspronkelijke voorstel? De VVD is zeer ongerust over het vervolgproces. De heer Van der Spek zegt dat Mijn Partij ook zorgen heeft over de regionale inkoop.

Hij hoort graag van de wethouder hoe het proces verlopen is en of de andere gemeenten al een reactie hebben gegeven op het uitstel tot 2028. De voorzitter geeft het college de gelegenheid om te reageren op de eerste termijn. Wethouder Oderwald benadrukt dat er geen sprake is van uitstel, maar van herfasering door te besluiten om meer tijd te nemen voor de voorbereiding en de uitvoering naar voren te halen. De streefdatum wordt niet gehaald. Dat is op 27 november in het regionale overleg besloten en op 3 december is de gemeenteraad daarover geïnformeerd. Op dat moment waren nog niet alle consequenties bekend van het uitstel. Hierover wordt de raad later nog geïnformeerd, want de gemeenten in de regio reflecteren gezamenlijk op dit proces. De ingezette koers wordt echter voortgezet en de visie en uitgangspunten zijn ongewijzigd gebleven. Als de oorspronkelijke planning was aangehouden, waren er onvoldoende uitgewerkte uitvoeringstoetsen geweest en was er onvoldoende zicht op de gevolgen in de uitvoeringspraktijk. Dat zou geleid hebben tot risico’s voor de kwaliteit, uitvoerbaarheid en rechtmatigheid. Mevrouw Langeveld vraagt wat het college heeft gedaan met de zorgen die de gemeenteraad afgelopen zomer heeft geuit. Wethouder Oderwald antwoordt dat de geuite zorgen uitvoerig zijn meegenomen in het regionale overleg. De overlegpartners kennen elkaars moties en zorgpunten.

Het is niet zo dat besloten is tot herfasering door exact de zorgen die in Midden-Delfland leefden. De zorgen gaan echt over kwaliteit, uitvoerbaarheid en rechtmatigheid. Het is immers belangrijk dat er contracten worden 7

opgesteld die juridisch houdbaar zijn. Vanuit het regionaal overleg zullen alle gemeenteraden zo snel mogelijk op de hoogte worden gesteld van de voortgang. Zodra er informatie beschikbaar is, wordt deze door het college aan de raad verstrekt. Er wordt hard gewerkt en er vindt veel afstemming plaats met alle stakeholders. Mevrouw Langeveld vraagt hoe het kan dat de gemeenteraad nu nog niet geïnformeerd is over zaken die niet goed zijn gegaan. Wethouder Oderwald antwoordt dat de regionale gesprekspartners nog met elkaar in overleg zijn. Er is geconcludeerd dat het nodig was om een pas op de plaats te maken, omdat er te veel risico’s aan het traject zaten. Waarom die risico’s op dat moment pas zijn aangekaart, moet nog verder besproken worden. Er was een strakke planning. Bepaalde mijlpalen móeten behaald worden om tot het eindresultaat te komen. Het is dus noodzakelijk om de projectorganisatie langer aan te houden, hoewel nog niet duidelijk is wat de kosten daarvan zijn. Het gaat echt om herfaseren, waarbij de uitvoering en implementatie naar voren worden gehaald. In de begroting is uitgebreid uitgewerkt hoe de kosten voor de regionale jeugdzorg over de jaren heen zijn verdeeld. Daar zullen zaken in wijzigen, maar het eindbeeld blijft hetzelfde. Midden-Delfland pakt haar positie in het regionaal overleg.

De gemeente was een van de eersten die aangaf dat taakgerichte financiering om andere afspraken vraagt. Daarover wordt het gesprek gevoerd in regionaal verband. Zodra dat tot uitkomsten leidt, zal de wethouder de raad hierover informeren. Mevrouw Langeveld vraagt of er een reële kans is dat de taakgerichte financiering niet doorgaat. Wethouder Oderwald wil niet op de zaken vooruitlopen. Mevrouw Langeveld voelt zich als raadslid niet serieus genomen. De raad krijgt een brief over uitstel. Er worden gerichte vragen gesteld over de gevolgen voor de gemeente. Ze heeft het idee dat de impact van het uitstel niet helder is. Ze verwacht dat het heel veel geld gaat kosten, waar geen kind mee geholpen is. Ze zou graag wat meer empathie zien voor waar de gemeenteraad voor staat: goede en betaalbare zorg voor de kinderen. Wethouder Oderwald stelt dat zij en mevrouw Langeveld verschillende rollen hebben en dat zij zich daartoe moeten verhouden. Het college acteert in een regionaal speelveld, waarin gezamenlijke afspraken worden gemaakt. Het is een heel belangrijke regionale samenwerking, waarin veel geld omgaat. Er wordt, zowel op lokaal als op regionaal niveau, hard gewerkt aan het beschikbaar houden van de juiste zorg voor kinderen. Het gaat in dit geval echter om zorgvuldigheid, zodat juridische procedures met jeugdzorgaanbieders voorkomen worden.

Zodra ze informatie heeft, deelt ze die met de raad. Dat het daarbij soms ook om een minder positieve boodschap gaat, toont volgens haar juist aan dat ze de raad serieus neemt. De wethouder verwacht dat de taakgerichte financiering zal voortgaan. Niet zozeer de taakgerichte financiering staat ter discussie, maar de verdeelsleutel. Daarover wordt de gemeenteraad binnenkort geïnformeerd. De besparingen worden ook geherfaseerd. Doordat de implementatie naar voren wordt gehaald, blijft het einddoel voor de besparingen onveranderd. Als er in het latere traject toch wijzigingen zijn, worden die via de begrotingssystematiek met de gemeenteraad gedeeld. De jeugdzorg is een openeinderegeling, dus de kosten fluctueren. De jaarlijkse schommelingen zijn overigens groter dan de extra kosten om het projectbureau in stand te houden. Er komt nog een duidelijke planning, maar het college wilde de raad nu alvast informeren over de ontwikkelingen. Dat heeft ertoe geleid dat nog niet alle consequenties in de brief konden worden opgenomen. Wat de commissie allemaal wil hebben, zal zij inbrengen in het bestuurlijk overleg. Ze kan echter niet beloven dat er nog deze bestuursperiode een impactanalyse ligt. Jeugdzorg is in alle gemeenten een heet hangijzer. Qua verdeelsleutel zitten niet alle gemeenten op één lijn, maar daarover wordt in het bestuurlijk overleg gediscussieerd.

De motie over de verdeelsleutel is echter helder en alle raden hebben ermee ingestemd dat er bij de kostenverdeling rekening wordt gehouden met de aard van de gemeenten.

8

De voorzitter geeft de commissie de gelegenheid tot een tweede termijn. De heer Jongsma dankt de wethouder voor de toezegging dat er een impactanalyse komt, met aandacht voor de planning en financiële onderbouwing en een reflectie op het proces. Hij begrijpt dat deze er niet binnen een maand ligt, maar verwacht deze analyse wel in 2026, bij voorkeur voor de zomer. Bij de beantwoording over de verdeelsleutel werd het woord 'informeren' veel gebezigd, maar het is belangrijker om te overleggen wat de raad van Midden-Delfland wil en hoe de wethouder zich kan voorbereiden op het regionaal bestuurlijk overleg. De heer Van der Eijk vindt het vreemd dat er een projectorganisatie is aangesteld die blijkbaar de belangen van kwaliteit, uitvoerbaarheid en rechtmatigheid niet aankon. Het is helder dat de wijziging financiële gevolgen heeft voor de gemeente. De VVD had dat geld liever uitgegeven aan scenario 4 in het speelbeleid. Dat is immers ook jeugdzorg. De heer Ringeling vraagt of er al bestuurlijk overleg is ingepland om te reflecteren op het proces en op de activiteiten van het projectbureau. En zijn alle gemeenten nog steeds aan boord? De heer Vieira wil de discussie terugbrengen tot de verdeelsleutel. D66 wilde geen verdeelsleutel op basis van inwonersaantal omdat dit zeer nadelig uitpakte voor Midden-Delfland.

De fractie ziet liever dat er zorgvuldig wordt gekeken naar het historisch gebruik dan dat er snel een besluit wordt genomen. De heer Van der Spek is niet heel veel wijzer geworden van het betoog van de wethouder. Wel viel op dat de wethouder enige toezeggingen deed qua informatievoorziening. Mijn Partij vraagt om een opsomming van de zaken waarover de commissie geïnformeerd wordt en op welke termijn de commissie deze informatie kan verwachten. Mevrouw Langeveld zegt dat het CDA zich zorgen maakt over de huidige projectorganisatie. Natuurlijk moet alles goed onderbouwd zijn, maar als wordt overgegaan tot een geheel nieuwe inkoop, moet dit toch vooraf allemaal al onderzocht zijn? Ze hoopt dat de commissie de impactanalyse voor de zomer ontvangt, inclusief een reflectie op het doorlopen proces. Daarnaast stelt ze voor om voor het zomerreces het servicebureau uit te nodigen voor een raadsinformatiebijeenkomst of voor de raadswerkgroep Sociaal domein. De voorzitter geeft het college de gelegenheid om te reageren op de tweede termijn. Wethouder Oderwald antwoordt dat alle gemeenten nog steeds aan boord zijn. De gezamenlijke inkoopstrategie is door alle deelnemende gemeenteraden vastgesteld. Geen enkele gemeente kan de inkoop beter op lokaal niveau organiseren.

In de toegezegde brief worden de volgende onderwerpen opgenomen: planning, reflectie, verdeelsleutel, financiering van de projectorganisatie, financiële doorwerking op lange termijn, impactanalyse. In het regionale overleg zal besproken worden welke informatie gezamenlijk verstrekt kan worden en welke informatie op lokaal niveau verstrekt moet worden. Als de nieuwe gemeenteraad van start is gegaan, staan er diverse inwerkactiviteiten op de agenda en zal de raad in positie gebracht worden. De wethouder zal zich nog beraden op de vorm, want dat hangt nog af van de keuzes die in de regio worden gemaakt.

17.

Vaststellen verslag openbare vergaderingen

17.a Verslag besloten vergadering d.d. 2 december 2025 Het verslag van de besloten vergadering van 2 december 2025 wordt ongewijzigd vastgesteld. 17.b Verslag openbare vergadering d.d. 2 december 2025 Het verslag van de openbare vergadering van 2 december 2025 wordt ongewijzigd vastgesteld.

18.

Informatie van externe bestuursorganen

Er is geen informatie van de externe bestuursorganen.

19.

Sluiting van de vergadering 9

De voorzitter meldt dat dit zijn laatste commissievergadering was als voorzitter. Hij heeft het altijd met plezier gedaan en wenst zijn opvolger heel veel succes. De voorzitter sluit de vergadering om 21.35 uur. Aldus vastgesteld in de vergadering van de commissie van de gemeente Midden-Delfland op 10 februari 2026.

de griffier, A. de Vos

de voorzitter, A.J. Gebben

10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=middendelfland&id=30d1b616-4934-4057-983b-bc4ca8e6b7b9